GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

CUIR DE RUSSIE – LES EXCLUSIFS – PARFUMEXTRACT CHANEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 11, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET C, KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN, NICHE, PIEDESTAL POUR DES PARFUMS, VINTAGE. Een reactie plaatsen

VAN SUEDE (EDT) NAAR LEER (EXTRACT)

Jaar van lancering: 1924/1983

Laatst aangepast: 11/10/14

Neus: Ernest Beaux, Jacques Polge

Ambassadrice: ‘Mais oui, c’est… ‘

CUIR DE RUSSIE CHANEL PARFUM 3

Decennialang stond Chanel synoniem met parfum. Met name in Europa en de Verenigde Staten: ‘Whenever in doubt… Chanel’. Eigenlijk nog steeds volgens mij. Ondanks dat de markt enorm is gediversifieerd. Ik kan het ‘bewijzen’: ik ontmoette onlangs twee totaal verschillende 40+-vrouwen (beide modern, eigenzinnig en die anoniem wensen te blijven) in Brussel die me vol verbazing antwoorden op mijn vraag – ‘Welke geur gebruik je?’ – gedecideerd zeiden ‘N° 5‘. Geen discussie mogelijk. Dit had niets met ‘lekker veilig’ te maken, maar met een duidelijke voorkeur voor.

Volgens een recent rapport blijkt dat het couturehuis wereldwijd – ook in dé economische tijger van dit moment China – als de belangrijkste parfumspeler wordt gezien. Dat is knap. Terwijl je weet dat er miljoenen flacons over de toonbank gaan, geeft Chanel je toch dat exclusieve, special ‘alleen-voor-jou’-gevoel. Alleen betreft dit parfum in de breedste zin van het woord.

Maar ook in de ware zin – parfum als extract – zet Chanel de toon. Chanel is volgens mij de eerste en voor zover ik weet de enige die de nichelijn Les Exclusifs (eau de toilette qua sterkte) dit voorjaar heeft uitgebreid met een pure parfumversie. Te beginnen met: Beige (2008), Jersey (2011) en 1932 (2013). Bespreek ik binnenkort. Maar wat wellicht niet iedereen weet, ook de vooroorlogse minder bekende parfums van het huis kennen al sinds 1983 weer een parfumextract: N°22 (1922), Cuir de Russie (1924), Gardénia (1925) en Bois de Iles (1926).

De tweede is mijn favoriet en sinds ik het parfumextract ken nog meer. Waarom? Afgezien van de geur ook omdat het voor mij symbolisch het dichtst in de buurt komt van Gabrielle Chanels onorthodoxe karakter. Cuir de Russie is voor mij de beste ‘celebrity fragrance’ ever omdat inhoud en persoon één zijn: beide tegen de conventies is, spelend met clichés van mannelijk en vrouwelijk. Want het leerthema was in de jaren twintig van de vorige eeuw al populair, maar voornamelijk bij mannen. Het sloot naadloos aan bij haar ‘kleed-filosofie’: de klassieke mannelijke garberobe omzetten naar een draagbare collectie voor de vrouw. Een leergeur slot hier naadloos op aan.

Inmiddels een aantal nieuwe Chanel-biografieën verder, wordt mij steeds duidelijker dat Gabriëlle Chanel wellicht op drie manieren in contact is gekomen met Russisch leder. Op de eerste plaats door haar liasion met groot-hertog Dmitri Alexandrovich Pavolovich (neef van tsaar Nicolas II) die een tijdje haar boetiek in Biarritz runde. Op de tweede plaats door haar met liasion Igor Stravinsky (pure speculatie van mijn kant) en natuurlijk door haar ‘in house nose’ Ernest Beaux – van origine ook Rus.

CUIR DE RUSSIE CHANEL PARFUM 1De helaas overleden Mona di Orio vertelde mij ooit dat van het vintage-extract van Cuir de Russie de dierlijke intensiteit afspatte (hoop ik ooit nog eens te ervaren). En dat gevoel had ik dus niet met de eau de toilette-versie. Het extract daarentegen… niet echt über-dierlijk, maar wel ontzettend intens leer. Het laat je leer in al zijn diepte ervaren. Met name door zijn omringende ingrediënten die het laat leven, of eigenlijk laat floreren. Ruikend aan het parfumextract is alsof de revolutionaire vrouw uit de jaren twintig – met Coco Chanel als lichtend voorbeeld – tot leven komt, de bourgoisie én ‘the powers that be’-mannenwereld tartend.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het extract is jazz, is roken voor vrouwen in het openbaar, is je benen laten zien, het heeft een aanstekelijke f***-you moderniteit waar je bijna nostaligisch van wordt. En het is voor mij ook een ‘les in parfum’; Cuir de Russie laat je de essentie van puur parfum ervaren, dat geur meer dan is dan een ‘lekker luchie’. En, de geurengoden zij dank, gevrijwaard van alle marketingclichés (romantiek, liefde, dromen en meer van dit soort bla-bla) waaronder geur tegenwoordig zo gebukt gaat, er bijna onder bezwijkt. Je ruikt er aan en wordt stil. Althans ik.

Zo leuk, Chanels vooroorlogse DNA (‘vette en volle’ aldehyden) begeleidt door een subtiele hesperidennoot van oranjebloesem, bergamot en mandarijn, komen in de opening prachtige, maar droge opening naar voren. Ze preparen het leer, maken het soepel en klaar voor de bloemen zonder de ruige, animale kant (opgeroepen met isobutyl quinoline en styrax) op de achtergrond te duwen. Want leer zonder bloemen blijft ‘stom’. Sterker, de indolen van jasmijn en met name van ylang-ylang laten het leer resoneren, terwijl de roos de bloemennoot versterkt.

Maar een andere bloem verbindt de bloemen nog meer met het leer: een elegante iris die verpakt is in vol en warm ‘tabak-amber’ met een honing-vanille ondertoon. Sensualiteit verzekerd, zonder feminien te worden. Verankering verzekerd door hout: cederhout en vetiver. Zonder – zeg het nog een keer – dat het leer zijn stoere, vileine karakter verliest.

Zo hoort een extract te zijn: een natuurlijke verloop van het hoofdthema waarvan het ene akkoord als vanzelfsprekend in de andere overgaat. Determineren van ingrediënten is dan eigenlijk overbodig, wat telt is het ervaren van een euforie. In dit geval leer als stoer, kordaat maar bovenal als verfijnd statement van eigenzinnigheid.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CUIR DE RUSSIE CHANEL OLD AD 3

 

 

A*MEN PURE WOOD THIERRY MUGLER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 10, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET A, NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN. Getagd: thierry mugler. Een reactie plaatsen

IK HOU VAN HOUT, JIJ HOUDT VAN HOUT, HIJ HOUDT VAN HOUT

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 10/10/14

Neus: Jacques Huclier

A*MEN PURE WOODHet knappe aan Thierry Mugler: hij heeft als een van de weinige modeontwerpers zich helemaal weten te bevrijden van zijn ‘modeverleden’ (en wat voor een prachtige kleding heeft hij gemaakt). Zijn naam wordt nu op de eerste plaats geassocieerd met parfum. De reden: maar weinig designers van zijn generatie die parfum van de eerste geur (Angel uit 1992) zo serieus zijn blijven opvatten.

Natuurlijk is Thierry Mugler ook voornamelijk in it for the money, maar hij heeft zoals veel van zijn concullega’s van zijn parfumdivisie nooit een potje, nooit een zuivere melkkoe, nooit een marketingspeeltje gemaakt en daardoor al zijn geloofwaardigheid op het spel gezet. Hij sleurt je zijn extreme wereld in – ieder keer weer opnieuw. De reden waarom ik in ieder geval altijd benieuwd ben naar zijn nieuwe loten. En hoewel zelf niet meer actief betrokken, waart zijn geest er op een positieve manier nog rond.

Nou misschien niet helemaal in de promoclip (sex sells), wel in de compositie van A*Men Pure Wood: ‘de pure sensualiteit van een houtachtige, oriëntaalse geur’. Niet zo vreemd: ook hierin herken je duidelijk de signatuur van A*Men (1996) dat dit keer een klassiek-mannelijke verdieping krijgt door een overdosis aan ceder- en cipreshout, een typisch Mugler-ingrediënt. Uitermate geschikt voor mannen die A*Men – een gourmandervaring van patchoeli, koffie en vanille – net iets teveel van het zoete vinden. Het hout maakt de compositie strakker en droger. En dat gebeurt heel ingenieus waardoor je met A*Men Pure Wood een ‘bijna niche’-ervaring hebt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Soms heb ik het gevoel dat ik meer in een geur ruik dan bedoeling is, dat ik nuances meen waar te nemen die helemaal niet aanwezig zijn. Bij opening van A*Men Pure Wood lijkt het net alsof de flacon een tijdje in een schoenpoetsblik opgeslagen heeft gelegen. Ik ruik smeuïg schoensmeer, een licht terpentijnachtig en metaalachtige noot, en tegelijkertijd ook een alcoholische toets die richting cognac gaat. Wonderlijk en verrassend.

Het is volgens mij het effect van A*Men die eerst zijn noten vrijgeeft maar snel contact zoekt met het hout, alsof die eerste noten in eerste instantie dienen als ‘gourmandlak’ voor het heftige hout. Dat laklaagje verdwijnt geleidelijk (maar niet helemaal) om het ceder- en cipreshout ‘dubbel volop’ kans te geven zich te ontplooien. De eerste droog en zonnig, de tweede hetzelfde maar met een groen-vegetaal en zelfs rokerig, ‘verbrand’ randje. Eindresultaat: een chic-stoere mannengeur.

ERIK ZWAGA THIERRY MUGLER LOGO

WILD DSQUARED2

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 9, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET W. Getagd: dsquared2. Een reactie plaatsen

ONTKETENDE VERLATING

OF: HOE WILD IS WILD?

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 09/10/14

Neus: Daphné Bugey Annick Menardo

Ambassadeur: Silvester Ruck

Fotografie en videografie: Steven Klein

Flaconontwerp: Dean en Dan Caten?

WILD DSQUARED2 1Marketing: een behoefte latent aanwezig in de consument aanwakkeren, hem met een product het gevoel geven dat hij het heeft – early adopter – of dat hij alsnog moet hebben ter onderstreping van zijn identiteit: early adapter. Dus wordt de laatste tijd de man een oergevoel aangepraat die hoe meer urban en ‘verstedelijkt’ hij is, des te dieper hij het voelt. Of beter gezegd: het gemis er aan.

Kun je wel een baard laten staan, kun je je wel ongeciviliseerd gedragen (wild koken), kun je je wel ruig kleden (neem Raw van G-star), maar dat is alleen maar verpakking. Onder dit alles ‘is een vaag getrommel van rebellie hoorbaar dat diep van binnen komt. Dat drijft hem te zoeken naar zijn eigen vrijheid. Deze magnetische kracht trekt hem aan en brengt hem naar de plek waar hij eindelijk vrij is’. Dit beweren in ieder geval Dean en Dan Caten en koppelen dit verlangen naar puur, echt en ongerept aan Wild.

Klinkt heel geloofwaardig het volgende: ‘Voor ons heeft geur een emotionele connectie met wie we zijn, het onthult een gekoesterd verlangen of droom – de reden waarom Wild zo’n wezenlijke link vormt tussen ons en de Dsquared2-ideologie. Leven in complete vrijheid en geest is de meest ultieme en authentieke vorm van zelfexpressie – wij zijn er door gefascineerd’.

En dat zie je dus terug in de ‘wilde geest’ van de lange en transparante flacon die, heel eigenaardig in dit geval, het tegenovergestelde is van wild aldus het persbericht: ‘Elegant vormgegeven met zachte lijnen die langzaam overgaan in schouderrondingen, gedecoreerd met zwarte dop en voorzien van zwart leer geïnspireerd op paardenteugels en -zadels. Dit gedurfde ontwerp onderstreept het contrast van de in de flacon gevangen ongetemde geur en geeft de filosofie van Dsquared2 weer: ongeremde sexappeal chic en modern vertaald’.

En dat zie je dus terug in de campagne: ‘Als symbool van vrijheid wordt een ongezadelde zwarte hengst afgebeeld met glanzende, welgevormde spieren – een beeld van elegantie en kracht. De kracht van het paard gecompleteerd door de naakte torso Silvester Ruck. De intieme beelden zijn niet geposeerd (ha-ha-ha!), maar laten momenten van ontketende verlating zien’. Ontketende verlating… is dat het gevoel dat de man gevangen in zijn stedelijk korset nu zoekt…

Maar het is allemaal wel weer helemaal conform Dsquared2’s esthetiek: ‘Beelden die verder gaan dan de conventionele grenzen van de mode-industrie’. En die zijn in geval van Wild wel erg homoporno-cliché, bijna ouderwets. Zie foto’s van de lancering: http://www.thefashionisto.com/dsquared2-wilds-leather-harnesses-wild-celebration/. Hier is zeker geen sprake van Little Britains’ Davy Thomas’ ‘only gay in the village’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

SANTOLINA HEILIGENKRUIDEn dat ruik je dus in de geur: ‘Wild reflecteert de verlangens van de man en zijn connectie met de natuurlijke en stedelijke wereld rondom hem, en de vrijheid om zijn sensualiteit en diepste verlangens te uiten’. Wild is ‘een overweldigend parfum dat een vrije, wilde ziel aankondigt’.

Nou, heel heerlijk gezegd: dat valt nogal mee. Potion Royal Black (2013) was voor mijn gevoel heel wat krachtiger en meer ‘oer’. Wat ik eerder vind opvallen: de geur heeft die typische,transparante ‘frisse vrijheid’ kenmerkend voor Dsquared2-geuren (Potion Royal Black uitgezonderd) en die met een beetje fantasie de sensaties van de uitgestrekte wouden van Canada (het geboorteland van de tweeling) oproept.

Dat ruik je vooral in de opening, voorgesteld als een onverwachte rit. Die is groen, kruidig, waterig, hars en anders fris. En dat komt met name op conto van de heiligenbloem en/of cipressenkruid (foto). Nog minder bekend als santolina maar bekender als cotton lavender. Laatste verraadt een beetje de geur van deze laagbijdegrondse bodembedekker, is alleen donkerder, aardser door zijn kruidige harsnuance.

Daarna wordt het ‘zorgeloos rijden’ met twee ingrediënten die Geurengoeroe ‘van nature’ wild maken. Opoponax: van nature donker, honing-zwoel en kruidig met een bijna dierlijke beroering. Cistus labdanum is iets minder dierlijk, meer zwoel-musky en in zuivere vorm met aardse ondertoon. Dsquared2 spreekt van een mannelijk en krachtig effect. Maar ook hier: valt wel mee. Komt wellicht doordat in plaat van cistus labdanum neolabdanum is gebruikt.

In de basis wordt de passie ‘bevrijd’. Wil zeggen: het amberspoor van het hart wordt doorgetrokken met de sensualiteit van plantaardig amber – dat volgens mij niet bestaat en ‘de primitieve en diepe noten’ van humus. Denk aan verrot-vochtige, in ontbinding zijnde bladeren die uiteindelijk weer aarde worden. Maar dat ruik je niet echt, eerder een mineraal-vochtig effect. Het eindresultaat: ‘de ontdekking van het onverwachte’. Daar kan ik in meegaan: de ingrediënten klinken verrassend genoeg, alleen wordt het te ‘geciviliseerd’ uitgevoerd, het ruig-wilde aspect is er uitgefilterd. Was dit gebeurt, dan had je een echt nicheparfum gehad. Paard, zweet, naakt (model), huid schreeuwt eigenlijk om één aroma – leer.

DSQUARED WILD 2

 

DEAR ROSE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 7, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, GEURENALFABET I, GEURENALFABET L, GEURENALFABET S, NICHE, PORTET. Een reactie plaatsen

UIT NAAM VAN CHANTAL EN ALEXANDRA ROOS

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 07/10/14

Neus: Fabrice Pellegrin

DEAR ROSE LOGOIk wist dat ze een keer zou terugkomen. Wie? Chantal Roos. Roos who? Een nu fameuze parfumvrouw die door toeval het vak is ingerold. Tenminste als ik me het goed herinner: in ‘haar vorige leven’ – haar leeftijd is ondanks de openheid van internet nog steeds een goed bewaard geheim – was ze stewardess die werd ontdekt als model. Van het een kwam het ander. Eerst bij Coty, vervolgens hielp ze Yves Saint Laurent als parfumhuis groot, wat zeg ik mega, te maken: Opium (1977), Kouros (1981), Paris (1983), Jazz (1989).

Toen werd ze in 1992 door Shiseido gevraagd of ze een Europese tak (Beauté Prestige International) wou opzetten. Ze begon met een potlood en papier en schreef daarop twee namen: Jean Paul Gaultier en Issey Miyake. Do we need say more: nu bijna niet meer weg te denken in de parfumerie.

Haar slimme marketing- en trendgevoel zei haar dat zomer- en wintervariaties en andere eenmalige ‘teasers’ van een geur wel eens kans van slagen zou hebben. Gaultier en Miyake kwamen dus als eerste met zomergeuren – het zette de parfumwereld op zijn kop. Volgens sommigen for good, volgens anderen for worse. Het is een van de verklaringen voor aanhoudende parfumtsunami. Ze ging in 2000 weer terug naar Yves Saint Laurent dat inmiddels was overgenomen door de Gucci-groep. In 2008 werd Chantal Roos independent director of InterParfums – ontwikkelt de geuren voor Balmain, Boucheron, Jimmy Choo, Karl Lagerfeld, Lanvin, Montblanc, Paul Smith, Repetto, S. T. Dupont en Van Cleef & Arpels.

En nu werkt ze sinds kort, op uitnodiging van Nino Amadeo voor Reminiscence. Roos zorgde voor een upgrading van het parfumhuis resulterend in Love Rose en White Tubéreuse (beide 2014). Geheel toevallig is deze samenwerking niet. Roos’ haar dochter Alexandra was al ‘chef de produit parfum’ bij Reminiscence. Je voelt het waarschijnlijk al komen: zo ontstond het idee bij moeder- en dochterlief voor een eigen parfumlabel.

Nu nog een goed, geloofwaardig en ander marketingverhaal. Laat dat maar aan Chantal Roos over. Alexander: ‘We keken elkaar aan met een optimistische grijns en zagen duidelijk dat we een ontdekking hadden gedaan. Alsof alles altijd al zo was geweest, uitgedacht, begrepen. De muziek, de parfums, het talent, de kennis en de passie. We spraken over het geluk van samenwerken’.

Chantal&AlexandraRoos_2Dear Rose is parfum gemaakt door vrouwen voor vrouwen: ‘De tijdloze aanwezigheid van een vrouw in al haar bewegingen, woorden en wensen. De uitdrukking van een alledaagse vrouw, in regen en wind, in een taxi, ’s nachts op straat, tijdens de blanke ochtenden en de opgaande zon. Onuitgesproken aspecten van liefde in alles wat ze durft’.

Ik word bijna ‘overvrouwd’ door emoties… En het volgende snap ik niet, maakt het verhaal wel heel erg marketing-prozaïsch en voor elk wat wils: ‘Vijf parfums, vijf manieren om een hoed te dragen, om je benen over elkaar te kruisen, om te glimlachen’. Komt dat omdat ik een man ben?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Geen slechte geuren in mooie flacons (wel een beetje merkwaardig sfeerbeeld of ligt dat nu aan mij…). Sierlijk, vertrouwd, vrouwelijk met soms een, onverwachte stoere toets. Het kwintet houdt het voor mij midden tussen Etro en Reminiscence – toegankelijke niche dus. Chantal Roos ziet het zelf volgens een tv-interview op de Franse televisie – Paris est à Vous – als ‘parfums d’exceptions’ en geeft haar huis twee jaar zich te bewijzen en zal ondertussen met nieuwe geuren nieuwe verhalen vertellen…

Maar we beginnen met A Capella. De inspiratie: ‘De dag begint, terwijl het zonlicht me wakker maakt in een groot, wit bed spreid ik langzaam mijn vleugels en strek mijn hand naar je uit, naar de nieuwe dag die roept’. De geur: rozenknopabsolu met knisperend groene klimop op een basis van licht en wit hout. De rozenknop ruikt zoals je je rozenknop voorstelt: jong, groenig, beetje confiture met een dauwachtige impressie. Leuk is dat de klimop de groenigheid van de rozenknoop versterkt waardoor het meer een aquarelschets van een roos is dan in ‘olieverf’.

I LOVE MY MAN DEAR ROSEI Love my Man. De inspiratie: ‘Rood… verliefd op de liefde. Voor eeuwig verliefd. Ik zing hardop. Rozen zijn rood mijn liefde. Rozen zijn rood’. Ofwel: ‘Aangename, innemende Bulgaarse roos en centifoliaroos met een fluistering van kaneel omhuld door tonkaboon en sandelhout’.

Dit is een ‘boudoirroos’ die zich direct presenteert. Geen frisse opening – dat duurt veel te lang. Het verleiden begint direct: dus vanaf spray één heel veel zoete roos die eigenlijk direct wordt ingepakt als een snoepje want je ruikt ook snel de poederig-zoete noten van kaneel en tonkaboon die het geheel in een oosterse sfeer trekken.

Bloody Rose. Leuke naam. Je ziet als het ware de rode druppels van de rozenbladeren vallen. De inspiratie: ‘Vrijheid. Ik durf te kiezen van wie ik houd. Ik maak mijn keuze en ik hou van jou. En als je van me houdt, bescherm jezelf dan’. Een losse balans van ylang-ylang en oranjebloesem op een bed van wierook en patchoeli’.

De opening is heel zoet, maar tegelijkertijd ‘zurig’. Mooi gedaan. Heeft iets aangenaams ouderwets zonder tuttig te worden. Als je het geheel even op je huid laat rusten, ruik je vooral de ylang-ylang maar minder overrompelend zoals je van de ‘bloem der bloemen’ gewend bent. En door de poederige allure, ruik ik niet wat je je bij wierook en patchoeli voorstelt. Ze verankeren de geur maar heel licht, zonder een hoofdrol op te eisen, zonder donker en rokerig te worden… en ik blijf me verbazen over het poeder – doet met denken aan amandel, vanille en heliotroop.

Sympathy for the sun. De inspiratie: ‘Mijn voetafdruk in het zand weggespoeld door een golf. Mijn ogen verdwalen in het donkerblauwe water. Blootsvoets in de warme wind, onder de brandende zon wacht ik op jou – kom, vind me’. Opgeroepen met een ‘boeket van zonnige hespiriden op een duo van jasmijn en pioenrozen versterkt door een snufje zout’.

Mooi strak-klassieke, frisse opening zonder cologne te worden. Eerder een verfijnd-frisse sluier die bloemen van de citrusvruchten benadrukt. Leuk dat je eerst de jasmijn en daarna de pioenroos ruikt die vervolgens in elkaar opgaan en worden vastgehouden door eikenmos. De zouttoets is niet dissonant, geeft eerder het idee dat de bloemen in de buurt van een strand bloeien.

DEAR ROSE KWINTETLa Favorite – mijn favoriet. De reden: duidelijk, krachtigste en helemaal nu die je – eerst de inspiratie – ‘aan het einde van een grijze dag in slaap laat vallen, dromend van Sheherazade in een hotelbar waar een kruidenverkoper vertelt over zijn reizen, kostbare houtsoorten en onstuimige essenties. Als je wakker wordt, ben je onder invloed van hun betovering, en vertrekt’.

Ofwel, ‘Een exotische reis waarin roze peper en saffraan gecombineerd worden met de mysterieuze, dierlijke diepte van oud en patchoeli’. De meest interessant opening van het kwintet, het meest niche. Het lijkt alsof een vleugje likeur in de opening borrelt. En als je diep doorruikt ga je bijna niezen van de roze peper. Saffraan – zoet, stroevig, kruidig – geeft de roze peper een chic kader. Hier achter verbergt zich de kruidige, dierlijke diepte die echter  terughoudend is. niet te pushy, niet al te verzwelgend oosters maar wel present deze gladde mix van oud en patchoeli.

DEAR ROSE LOGO

 

PATCHOULI IMPERIAL – LA COLLECTION DE CHRISTIAN DIOR – DIOR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 7, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET P, NEO NICHE. Getagd: François Demachy, patchoeli. Een reactie plaatsen

PATCHOELI-PERFECTIE VOLGENS FRANÇOIS DEMACHY

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 07/10/14

Neus: François Demachy

PATCHOULI IMPERIAL DIOR

We blijven even in verheven sferen. Want de patchoeli van Dior voelt zich even verheven als de thee van By Kilian: keizerlijk. Dit zegt het persbericht – vrij vertaald vanuit het Engels: ‘Vol potentie, patchoeli is een belangrijk ingrediënt sinds de oprichting van het couturehuis in 1947. Overlopend van elegantie, François Demachy’s Patchouli Impérial, brengt een hommage aan dit legendarische, oriëntaalse ingrediënt met noten even zwoel als geraffineerd. Patchoeli is het meest animaal van alle plantennoten met een ongeëvenaarde verfijning’.

Alleen, zoals met zoveel andere ‘solo-patchoelies’, vind ik Patchouli Impérial geen volwaardige geur in de zin van dat het eerder voor mij een basisingrediënt is dat warmte, diepte en bosachtige broeïerigheid aan een compositie geeft.

De geur is goed, elegant en zal, moet door elke patchoeli-afficionado welwillend besnuffeld worden. Alleen voor een niche-editie had ik meer verwacht waardoor je de gefermenteerde bladeren van patchoelistruik in een ander, meet innovatief licht krijgt gepresenteerd. Ik kan me een patchoeli indenken die de animale noot ongehoord versterkt – denk civet, denk bevergeil. Of patchoeli als een verstikkende ‘bloemenmoesson’ – denk ylang-ylang, denk jasmijn overlopend van indolen. Hierop voortbordurend en om in de ‘Diorparfumerie’ te blijven, layer je Patchouli Impérial met Miss Dior Le Parfum (2012) dan merk je dat de vanillenoot van deze geur een stoer-krachtige verfijning krijgt. En dat geldt ook voor Addict (2002) die wordt hierdoor minder cliché oriëntaals.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

COLLECTIETROPENMUSEUM HET OOGSTEN VAN PATCHOELI OP BOUWLAND LADANG BIJ TENOM ATJEH NOORD SUMATRAMaar ook puur valt Patchouli Impérial best te pruimen. Dat ik laatste bijna gedachtenloos schrijf heeft te maken met het feit dat de geur een eigenaardig, verrassend likeureffect heeft die doet denken aan – inderdaad pruimen, geconfijt weliswaar. En ook moet ik denken aan pruimtabak – want de verwerkte Indonesische patchoeli (zie ‘vintage’-oogstfoto) heeft ook iets dat doet denken aan tabak – ‘verbrand-vanillezoet’. Eveneens aangenaam.

Dat ervaar je alleen niet direct en letterlijk. En is waarschijnlijk een kwestie van de som der delen aangezien deze twee geurnuances niet als ingrediënten worden opgevoerd. Eerst is er een licht-subtiele en zeer zuivere bergamotopening die doet denken aan Guerlains Shalimar (1925) voor de patchoeli in al zijn verhevenheid begint te broeien en te ‘zwoelen’.

Niet diep in het bos, maar meer in een open veld waar de zon vrij spel heeft en volbegroeid is met kruiden, met name koriander. Die maakt de patchoeli pittig. Maar toch, voor mij heeft François Demachy zijn taak iets te gedisciplineerd opgevat, heeft hij zijn strak-klassieke teugels niet kunnen, of willen laten vieren.

DIOR LOGO

 

IMPERIAL TEA – ASIAN TALES – BY KILIAN, ASIAN GREEN TEA – ACQUA ORIGINALE – CREED

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 6, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET A, GEURENALFABET I, NICHE. Getagd: By Kilian, CREED, thee. Een reactie plaatsen

JASMIJNTHEE & ‘VIOOLTJESTHEE’

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 05/010/14

Neus: Calice Becker, Olivier Creed

Concept & realisatie: Kilian Hennessy, Creed

THEEPOTNet zoals met Sacred Wood zijn door de naam en de producent verwachtingen hoog gespannen: Imperial Tea verscheen tegelijkertijd in de Asian Tales-lijn. Keizerlijke thee – hoger kun je niet reiken. Of je moet een theegeur willen creëren ter ere van de wel of niet bestaande entiteit ‘boven ons’ die miljarden mensen met verschillende religies aanhangen: Thé Divin.

Maar het is van Kilian Hennessy bekend: onbescheidenheid is een deugd niet eigen aan hem. Vind ik wel geinig en tegelijk irritant. Want zijn zogezegde over the top luxe – vind ik nog wel meevallen – omringd door een aura van parfum- en romantiekclichés doet hem en zijn fervente aanhangers wel eens vergeten dat het in de nicheparfumerie om de inhoud zou moeten gaan.

IMPERIAL TEA BY KILIANEn – Geurengoeroe gaat weer zeuren – thee in een geur, dat hebben we nu toch wel gehad? Van luxe (Bvlgari) tot very mainstream (Yves Rocher). En – Geurengoeroe wordt iets milder, komt door de thee – het lijkt er op dat theegeuren nu twintig jaar na de introductie pas echt worden begrepen. Want ‘uitvinder’ – Bvlgari – gaat zijn thee-extracten opnieuw in de etalage zetten (en werkt aan een nieuwe variatie).

In dit licht is Imperial Tea ‘vanzelfsprekend’ en de eerste theegeur van Creed ook: Asian Green Tea. Creed zegt: ‘Born from Olivier’s appreciation of Japanese art and culture of the Far East, Asian Green Tea opens with green, golden notes evoking the landscape of Malaysia, one of his favorite Eastern destinations’. Net zoals Imperial Tea is ook Asian Green Tea een zeer toegankelijk, om niet te zeggen gemakkelijk. Voor iedereen bekend met het theegeuren-concept een ‘feest der herkenning’ en – dus misschien – een teleurstelling.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Is Geurengoeroe dat ook? Nee, niet echt. Hij is mild gestemd door de thee… Alleen verrassend, dat is teveel gezegd. Maar schrik niet, Imperial Tea is heerlijk, licht, zonnig, dorstlessend en tegelijkertijd ‘warm’ met de onmiskenbare geur van jasmijn en thee. Op zijn site is Kilian Hennessy zeer kort en krachtig in de omschrijving: ‘The olfactive impression of an authentic Jasmine tea’. Ik vind die van Lucky Scent lichtelijk overdreven: ‘The result is an Oh-my-God-this-is-it!, jaw-droppingly realistic rendition of the steam rising from a fresh cup of the finest jasmine tea’.

Mijn onderkaak gaat er niet van hangen, mijn mindset glijdt wel direct in een soort van Happinez-flow. De opening is als een jasmijnregen die met bakken uit de hemel valt. Interessant: dit is een waterjasmijn maar geen hedione, daarvoor is de jasmijn te puur. Komt door de combinatie van jasmijn en bergamot die vervolgens een thee-toets krijgt die zweeft tussen groene thee en lapsang souchong.

ASIAN GREEN TEA CREED

Maar het knappe: Caliche Becker gebruikt om dit op te roepen niet deze ingrediënten maar maté – met zijn donkergroene, kruidige noot en linkt dit heel lichtjes met hout – guaiac. De heldere, crispy toon wordt in de basis voortgezet met witte musk die gelukkig niet te overheersend wordt doordat het verpakt is in viooltjes – en die hierdoor de zoetheid van de inmiddels jasmijnthee geworden geur versterkt.

Ook mooi: hoewel licht en sprankelend van toon heeft Imperial Tea geen cologne-effect. Daarvoor is de geur te ‘vol’ en te bloemig in zijn lichtheid. Alleen de geur is bijna te simpel voor de statuur van By Kilian. Als je Thé Vert (2003) van Yves Rocher layert – met bijvoorbeeld zijn Tendre Jasmin (2008) ervaar je hetzelfde gevoel. Kostentechnisch alleen een ander plaatje.

Bij het ruiken aan Asian Green Tea was mijn eerste reactie ‘citruswater’. En dat komt door de cologne-uitbarsting. Eén en al hesperide-vreugd: mandarijn, citroen, bergamot en petitgrain. Laatste twee met hun meer fris-bloemige noot gaan op in het hart van heliotroop waarvan de vanille-amandel zoetheid wordt versterkt door viooltje en roos. Leuk: de zwarte bes geeft het geheel een onverwachte sprankelende zoetige frisheid waardoor de groene thee, hoewel duidelijk present, minder thee wordt. Asian Green Tea is eigenlijk een zoete bloemengeur opgelicht door groene thee in plaats van andersom.

De basis van sandelhout, amber en witte musk houdt de compositie vast zonder dat je je het beseft. Het zoete bloemenhart blijft kloppen en niet ‘pruttelen’ iets waarmee je een theegeur eerder associeert. Maar ook hier: meng Yves Rochers Thé Vert met April Violets (2014) van Yardley of een eenvoudige Violettes de Parme-cologne en je creëert hetzelfde effect.

SACRED WOOD – ASIAN TALES – BY KILIAN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 4, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET S. Getagd: By Kilian, Caliche Becker, Sandelhout. Een reactie plaatsen

MILKWOOD

OFWEL, HET HEILIGE HOUT VERTAALD MET AL ZIJN BEPERKINGEN

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 04/10/14

Neus: Caliche Becker

Concept & realisatie: Kilian Hennessy

SACRED WOOD BY KILIANZo’n naam trekt natuurlijk de aandacht. En zonder me eerst in de achtergrond verdiept te hebben, vroeg ik me af: wat beschouwt Kilian Hennessy nu als heilig hout? Hars dat druipt van bomen (wierook, mirre), oudh (heeft-ie al meerdere malen gekapt), cederhout, guaiac?

Of toch, het meest voor hand liggende: sandelhout. Los daarvan: intense houtgeuren zijn nu een minitrend bij voornamelijk mannengeuren in de masstige-sector. Is dit een anti-reactie of juist een voorbereiding op oudh? Neem Intense He Wood van Dsquared (2014). Neem de eau de parfum-versie Chanels Blue (2014). Neem Thierry Muglers A*Men Pure Wood (2014).

We ruiken aan de geur. En het is – ik buig nederig in verering – sandelhout! Had ik natuurlijk wel verwacht door het adjectief Sacred. Flauw om te zeggen: ‘Alweer een!’ Ik heb me er inmiddels bij neergelegd dat elk goedlopend (neo)nichemerk zijn eigen variatie wenst te geven op klassieke (en dus nu) populaire soloparfumingrediënten.

Mijn probleem met Sacred Wood schuilt in de verantwoording van Kilian Hennessy. Calice Becker werkte al lang aan een noot die de complexiteit van dit heilige hout moest reproduceren: warm, roosachtig, rokerig, romig en met kruidige facetten. In principe voorzien als basis, had haar compositie zo’n mooi en perfect effect dat Kilian Hennessy het goed genoeg achtte voor zijn laatste uitgave in zijn Asian Tales-lijn.

De inspiratie: Hennessy werd meegesleept door het verhaal van Savitri en Satyan uit het Mahabharata-epos (betekent ‘India de Grote’). Dat staat diepzinnig en ‘intello’ zoals de Fransen het zeggen, want het is een enorm omvangrijk religieus/filosofisch werk uit de Indiaase literatuur. Het vormt samen met de Ramayana een belangrijke pijler van het hindoeïsme en bevat in zijn meest uitgebreide versie meer dan 100.000 verzen waardoor het bijna vier keer zo lang is als de bijbel en zeven keer zo lang als de Ilias en Odyssee. Zou hij het van a to z hebben gelezen…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

SANDELHOUT WORTEL

Er zijn veel discussies gaande op internet omtrent het nieuwe sandelhout. Ik zeg het nog maar een keer: de ‘neushoorn onder het hout’ uit India mag na decennia van illegale en ongecontroleerde kap alleen nog maar gebruikt worden voor religieuze ceremonieën en reli-houtsnijwerk (met name de wortelstelsels – zie foto). De bulk komt nu dus uit Australië.

Twee soorten: de uit India afkomstige echte sandelhoutbomen (Santalum album) die down under gekweekt worden en het originele Australische sandelhout (Santalum spicatum) in verschillende variëteiten. Het grote probleem: de bomen worden te vroeg gekapt waardoor het hout niet de zo intens gewenste, ‘godzalige’ diepte krijgt. En ondertussen hebben verschillende grote geurproducenten hun eigen synthetische soort ontwikkeld waarvan sommige very close to the real thing zijn. Polysantol (Firmenich), Ebanol (Givaudan) en Fleursandol (Symrise) en bijvoorbeeld Santaliff (IFF) die vaak worden gecombineerd met het echte Australische sandelhout.

Wat schenkt By Kilian ons? Ik kan niet anders zeggen: een romig, eerder melkachtig sandelhout dat voor mij alleen te blank en te transparant is. Niet echt af. Opvallend: de opening stemt hoopvol. De milky noten zijn verrijkt met een pittig-krachtige, duidelijk waarneembare komijngeur die eigenlijk nooit de compositie verlaat. Mooi. Boeiend: de toegevoegde (oranje) wortel die voor een lichte zoete toets zorgt.

En het sandelhout (of ‘sandelhout’?) krijgt versterking van cederhout en een fluweelzachte omlijsting door elimihars. Alleen, de mystieke sensatie – iets wat je door de naam en de ‘producent’ verwacht – ontbreekt. Zit de geur langer op de huid dan ervaar je meer melk dan hout, komt het in de buurt van de Indiase chai. Sacred Wood is een zeer zachte sandelhout-ervaring voor diegenen die ‘the real sacred thing’ nooit (ter plekke) hebben geroken.

Waarom zeg ik dit? Ik heb in India ooit een metalen flesje (5ml) gekocht met puur sandelhoutolie (een attar). Ik rook het op een lokale markt in Madurai. Echt of namaak? Who cares? Het leek het alsof ik werd ‘opgelicht’ – de intense, niet zwoele, maar eerder serene sfeer van intens zacht ‘gekneed’ hout, ‘room’, roos en een ondefinieerbare kruidensluier was overweldigend in al zijn ‘stilte’, bijna religieus.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE BY KILIAN LOGO

 

MYRRH CASATI – SIGNATURE COLLECTION – MONA DI ORIO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 1, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET M, NICHE. Een reactie plaatsen

LA GRIFFE DE MONA DI ORIO: MONAESQUE

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 01/10/14

Neus: Melanie Leroux

Flaconontwerp: Ateliers Dinand

Fotografie: Petrovsky & Ramone

Concept & realisatie: Jeroen oude Sogtoen

MYRRH CASATI MONA DI ORIO DETAILHet is volgens mij een van de meest vreselijke beslissingen die je moet nemen. Hoe als direct betrokkene – familie, vriend, collega, zakelijk leider, mecenas – verder te gaan na de plotselinge dood van een jong kunstenaar. Sluit je het atelier, richt je een stichting op met als doel zijn werk en ideeën levend te houden?

Jeroen oude Sogtoen was het bijna allemaal, en we weten inmiddels: hij ging verder zonder Mona di Orio. Eerst aarzelend: twee ‘nieuwe’ geuren – Violette Fumée en Eau Absolue (beide 2013 en onderdeel van Les Nombres d’Or) en geleidelijk meer vanzelfsprekend en uiteindelijk onontkoombaar. Het is nu tien jaar geleden dat hij met Mona di Orio begon. De lat werd hoog gelegd: het parfumhuis moest de Guerlain van de toekomst worden. En ondertussen kwam niche in een stroomversnelling.

Geen dag voorbij, zo lijkt het, of een nieuw nichehuis meldt zich, of een doodgewaand huis wordt gereanimeerd. Een goed en noodzakelijk moment voor Jeroen oude Sogtoen om Mona di Orio een nieuwe, onderscheidende ‘griffe’ te geven nog beter aansluitend bij de wereld waar ze zo van hield – het interbellum. De periode tussen de twee wereldoorlogen waarin het Europese parfum zijn eerste hoogtepunt bereikte mede geholpen door de art nouveau en art deco. Dat zie je terug in de nieuwe vormgeving: rond en sierlijk maar met een strak logo en een beeldtaal in zwartwit. En nu een nog duidelijker verwijzing naar de Hollandse wortels: ‘Amsterdam Paris Unconventional Parfum Traditions’.

CASATI MAN RAY

Om wat de geuren betreft niet alleen in verwondering terug te blijven kijken – weest verheugd Lux en Nuit Noire (beide 2004 en vallen nu in de Signature Collection) worden opnieuw en ongewijzigd uitgebracht; andere volgen – besloot Jeroen oude Sogtoen nieuwe te ontwikkelen met jonge neuzen die de filosofie van het huis onderschrijven – in één woord ‘Monaesque’, ofwel de handtekening, griffe, van Mona di Orio. De eerste proeve: Myrrh Casati, samengesteld door Melanie Leroux.

Casati verwijst naar de achternaam van Marchesa Casati (1881-1957). Volgens Wikipedia ‘an eccentric Italian heiress, muse and patroness of the arts in early 20th-century Europe. As the concept of dandy was expanded to include women, the marchesa Casati fitted the utmost female example by saying: ‘I want to be a living work of art’.’ Laatste is altijd een gevaarlijk en aanstellerig uitgangspunt – zie de handel en wandel van Lady Gaga. Maar dergelijke vrouwen zijn altijd een inspiratiebron voor kunstenaars: zo hebben velen Casati vereeuwigd. Niet de minsten: Giovanni Boldini, ‘onze’ Kees van Dongen, Man Ray (zie foto) en Augustus John. Interessant en logisch: excentriekelingen komen altijd one way or another met elkaar in contact. In de villa die Casati in 1910 in Venetië betrok – Palazzo Venier dei Leoni – is nu de Peggy Guggenheim Collection te bezichtigen.

Casati’s leven werd één keer verfilmd: A Matter of Time (1976) met Ingrid Bergman in de hoofdrol. Hoogste tijd dat het opnieuw wordt gedaan – haar dochter Isabella Rosselini? – om een nieuwe generatie kennis te laten maken met deze ravissante muze. Het volgende klinkt toch erg aanstekelijk voor een filmscene: ‘For a summer of drug abuse on the island of Capri, she packed a wardrobe of black Morticia gowns, dyed her hair green and paraded through the village streets with a crystal ball, followed by a retainer in gold body paint’ – Scot D. Ryersson, The Marchesa Casati: Portraits of a Muse.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

MONA DI ORIO MYRRH CASATIMyrrh Casati is helemaal in lijn met de gedachtenwereld van Mona di Orio: duister en excentriek. Laatste niet als excuus om op te vallen, maar wel om het krachtige karakter van de geur te symboliseren.

Maar Mona di Orio staat ook voor licht – garandeert dat geuren niet ‘dichtgeplakt’ raken, dat het de donkere onderlaag laat resoneren. Clair obscure dus. Moet toch gezegd: weinig licht te bespeuren als je de ingrediëntenlijst ziet: roze peper (Schinus molle), kardamon, safraan, zoethout, benzoïne, mirre (zie foto), wierook, patchoeli, cypriol, nagarmotha en guaiac. Eigenlijk alleen de eerste twee komen hiervoor ‘in aanmerking’ en als je het goed interpreteert: mirre. En toch… bij de eerste spray meen ik door de energieke roze peper en kardemon heen een whiff Cuir (2010) te ruiken met zijn nog steeds eigenaardige rokerig-ruwe noot met zeepachtige toets.

Het is dus wierook. Verschijnt voor mij als een dreigende, donkere wolk die langzaam aan zachter, vloeiender en melkachtig wordt – door mirre. Interessant: een light gourmandtoets, een light likeurtoets opgeroepen door zoethout veredeld door saffraan. Waarom spookt dit door mijn hoofd: ‘Myrrh, myrrh on the wall who’s the fairest of them all?’ In the end niet alleen mirre.

Myrrh tree oleo-resin Ethiopia. Ermias DagneWant deze hars wordt mooi ingepakt door benzoïne die de zoetige, melkachtige toets als het ware ‘verfluweelt’. Waarom spookt steeds door mijn hoofd: ‘Voor het zingen de kerk uitgaan?’ Het antwoord: wederom mirre. Garandeert dat de wierookwolk niet te ‘overwhelming’ wordt en het droge hout in de basis zich kan ontwikkelen, kan smelten.

Nu de – onmogelijke – vraag: wat zou Mona di Orio van deze exercitie hebben gevonden? Ik denk dat ze iets in deze ‘soft oriental skin scent’ gemist zou hebben. Een onverwacht ingrediënt – net zoals ze zelf met oud heeft gedaan en waar naar sinds kort dit parfum ook naar wordt vernoemd: Oudh Osmanthus (2011) – waardoor je mirre op een andere manier krijgt voorgeschoteld. Waardoor mirre onontkoombaar wordt. Onontkoombaar: een omschrijving zo passend bij Mona di Orio’s onorthodoxe eigengereidheid.

RUIK&VERGELIJK

Mirre, ‘pure’ mirre blijft een echt niche-ingrediënt met een legendarisch verleden (denk aan de drie wijzen die Maria en Jozef bezochten om de veronderstelde ‘king of peace’ te eren) en met een enorme olfactorische rijkdom. Vandaar dat ook:

Serge Lutens La Myrrhe (1995)

Keiko Mecheri Myrrhe & Merveilles (2002)

Annick Goutal – Les Orientals – Myrrhe Ardente (2007)

Parfums Générale – Huitième Art – Myrrhiad (2011)

Von Eusersdorff Classic Myrrh (2011)

Guerlain – L’Art et la Matière – Myrrhe et Délires (2012)

Giorgio Armani – Armani Privé – Myrrhe Impériale (2013)

NEW LOGO MONA DI ORIO

 

 

 

 

 

MAG EEN PARFUMEUR EEN POLITIEK INCORRECT PARFUM MAKEN?

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op september 30, 2014
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?. Getagd: Betrand Duchaufour. Een reactie plaatsen

PERFUME UGLY REARS ITS HEAD?

Misschien een rare vraag: kan een neus ook fout zijn? Niet in de zin dat hij bijvoorbeeld alleen maar baggergeuren produceert en die ‘doorverkoopt’ als luxe, maar dat hij die maakt in opdracht van ‘personalities’ waarvan op het moment dat hij beantwoordt aan het verzoek met een beetje googelen er snel zou achter komen dat de opdrachtgever niet helemaal zuivere koffie is. In dit geval: Gulnara Karimova.

Onder intimi bekend als Guli. Een – zogenaamd – veelzijdig talent: zakenvrouw, stijlicoon, juwelendesigner, modeontwerpster, diplomaat, professor, zangeres (haar alterego Googoosha), filantrope, goede doelen-beschermster en – laat ik het niet vergeten – dochter van de Oezbeekse dictator Islom Karimov. En in die hoedanigheid is ze afgezant voor de Verenigde Naties van haar land. Was dit niet haar ‘chèr pappi’ geweest dan hadden we van dit übermultitalent waarschijnlijk nooit gehoord.

MYSTERIEUSEVan Islom Karimov is onder meer bekend dat hij schoolgaande kinderen verplicht om enkele maanden per jaar katoen te plukken (een van de belangrijkste exportproducten van Oezbekistan) en mensen in de gevangenis flikkert (waaronder Maksim Popov; hij kreeg zeven jaar) omdat hij informatie zou hebben verspreid over het stoppen van hiv-aids. En dat terwijl ‘the first daughter’ van Oezbekistan haar opwachting maakte als celeb tijdens het Cannes Filmfestival in 2012 tijdens een Cinema Against Aids-fundraisinggala.

Het kon niet uitblijven, aan haar ketting van successen rijgde ze een nieuwe: parfum. Niet een, maar twee. Een voor haar, een voor hem. De eerste heet Mysterieuse. Samengesteld door Betrand Duchaufour die hiermee de vrouwelijkheid en sensualiteit van La Gulnara heeft gevangen zo hij in een interview toelichtte. Maar dat niet alleen: ‘Ik ben waarschijnlijk de eerste man in de parfumgeschiedenis die heeft geprobeerd Frankrijk en Oezbekistan door parfum met elkaar te verbinden’.

En over de compositie: ‘Mysterieuse heeft noten van elke bloem die je in de Oriënt kunt vinden’. Marokkaanse roos, jasmijn en ylang-ylang dus. De mannengeur heeft een hoog ‘Julio-Iglesias-the-eternal-womanizer’-gehalte en reflecteert wat zoveel mannen willen zijn, maar slechts enkele lukt: Victorious. Hier voor wist Karimova de in zijn land – Turkije – wereldberoemde acteur Halit Ergenç te strikken als ambassadeur.

Betrand Duchaufour is hiermee – voor zover ik weet – ook de eerste neus in de parfumgeschiedenis die met dit project de eerste vraiment ‘faux fragrance’ heeft gecomponeerd. Sommige dingen doe je niet. Niet als neus, niet als mens. Helaas kan Gulnara Karimova niet echt genieten van de opbrengsten. Ze is onder mysterieuze omstandigheden verdwenen… het schijnt zo te zijn dat papa genoeg heeft gekregen van het te westerse blingbling-gedrag van dochterlief. Islom Karimov heeft haar onder huisarrest geplaatst en La Gulnara verkeert aldaar in de meest deplorabele toestand denkbaar – afgaande op berichten die ze vanuit haar ballingsoord wist te verzenden.

Ik dacht dat het niet erger kon wat politiek incorrecte parfums betreft. Verschijnt op de Facebookpagina van een oude – in de zin van een lang geleden ontstane vriendschap – vriendin een foto van een geur waar ook zo’n onappetijtelijk luchtje aan kleeft: Nostalgia pour Homme, een hommage op… Il Duce, beter bekend als Benito Mussolini. Wordt vervolgd.

GULNARA KARIMOVA

KNOT BOTTEGA VENETA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op september 29, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET K. Getagd: BOTTEGA VENETA, DANIELA ANDRIER. Een reactie plaatsen

TERUG NAAR DE – ITALIAANSE – KUST

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 29/09/14

Neus: Daniela Andrier

Ambassadrice: Julia Nobis

Fotografie: David Armstrong

Flacon: ‘geïnspireerd op de traditionele karaf van Venetiaans glas’

KNOT BOTTEGA VENETA MODELIs gewoon waar: een vreemde naam voor een geur – Knot. Voor een Bottega Veneta-ingewijde niet: zo wordt ook een geliefde clutch (zie foto onder) van het ‘when-your-own-initials-are enough’-luxelabelmerk genoemd met zijn karakteristieke sluiting in de vorm van een knoop.

Er wordt met Knot zelfs gesproken van ‘een eerbetoon aan deze iconische sluiting’. Lijkt me een beetje-behoorlijk overdreven. Het resultaat is er niet minder om: ‘Een flacon met de luxueuze uitstraling van de meest verfijnde juwelen’. Zie ik niet echt.

De inhoud, zo lezen we in het persbericht, ‘roept het beeld op van een reis naar de Italiaanse Rivièra. Tussen de weelderige heuvels ligt een huis, een toevluchtsoord voor de realiteit, met uitzicht op de glinsterende zee. Het interieur wordt verlicht door zonlicht dat door de openstaande ramen valt en een verkwikkende bries van zoutwater binnenlaat. Vermengd met de geur van pioenroos uit de tuin en heerlijk ruikende clementinebomen uit de nabij en veraf gelegen heuvels, gecombineerd met de geur van fris gewassen linnen. In de slaapkamer zit een vrouw, ‘gevangen’ in het moment die zowel geniet van tijd als ruimte – een duidelijke herinnering aan bepaalde samensmeltende details die je niet snel zult vergeten. Een ogenblik van vervoering, zolang je dit toestaat’.

Ik sta het toe. Vreemd dan weer wel: de campagne is gefotografeerd op locatie in New York. De bedoeling in ieder geval: ‘Het terughoudend en tegelijkertijd intiem overbrengen van een tijdloze sfeer’. Gepersonifieerd door Julia Nobis wiens – here we go again – gevoelsvolle, vrouwelijke schoonheid vele facetten kent: ‘Sterk maar ook kwetsbaar door haar aangeboren aantrekkingskracht en terughoudendheid’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE TONKABOON

De geur is minder donker dan de kleur doet vermoeden. Het is volgens Tomas Maier een vertaling van ‘een meditatieve pauze aan de kust door een unieke olfactorische belevenis die de geur van de Italiaanse kustlijn oproept’.

Laat dat maar aan Daniela Andrier over. Voor mij een van de meest getalenteerde neuzen van het moment omdat zij over de gave beschikt synthetische ingrediënten – onontkoombaar ook bij nicheparfums – zo te verpakken in natuurlijke essences waardoor het totaaleffect heel puur en vanzelfsprekend is. Ruik je vanaf het begin. Je waant je in een Italiaanse ‘citroengaard’ vlakbij de kust die de verfrissende, fruitige en prikkelende sensaties van mandarijn, limette, neroli en oranjebloesem combineert, voorzien van een licht ziltige noot.

Loop je verder door deze citroengaard, dan zie je (en ruik je dus) dat er ook zoet-zonnige lavendel bloeit – symbolisch voor het idee van pas gewassen linnen. En deze ‘stoffelijke’ ervaring is dus minder clean en ‘schoongewassen’ dan gewoonlijk door de toevoeging van pioenroos en roos. Ze geven Knot een vrouwelijke bloemigheid – elegant en chic – die in de basis wordt vastgehouden door tonkaboon (foto) en witte musk.

En de gave van Andrier komt vooral hier tot uiting: witte musk kan vaak doorslaan in het streven van neuzen naar een ‘pas gewassen’-effect waardoor die te scherp en teveel een ‘net-uit-de-wasmachine-op-negentig-graden-gedraaid-programma’-effect heeft. Want ‘haar’ tonkaboon maakt de witte musk zachter, vanille-achtig, meer poederig. Neem met deze kennis Knot nog een keer in je op en sluit je ogen: een denkbeeldig venster opent zich met uitzicht op…

BOTTEGA VENETA CLUTCH

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....