GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

MONDAY MICHELLE VISAGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 9, 2026
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENT. Getagd: blog, english, geen-categorie, travel, writing. Een reactie plaatsen

‘OMG! AMAZING! ONE OF MY ALL TIME FAVORITES!’

DE – VERONDERSTELDE – INVLOED VAN TIKTOK

In een van de vorige posts beloofd: een verkenning / onderzoek naar de relatie tussen Tiktok en parfum. Niet echt zin in, gezien de hysterie waarmee alles wordt aangeprezen op dit kippenhokportaal: ‘OMG!’ dit, ‘OMG’ dat, ‘amazing’ en ander nietszeggend geheig dat doorgaan moet gaan voor wat. Ja voor wat eigenlijk?

Kennisoverdracht? Informatieuitwisseling? Kweenie. Door de überdrijving is het niet makkelijk de geurbespreking van een influencer te laten zinken als het bij esclamaties blijft, en by the way: geuren omschrijven is niet echt makkelijk tenminste als je verder wilt gaan dan adjectieven in overdrive met denkbeeldige uitroeptekens in drievoud. 

Is het dan alleen infotainment die verkooppraatjes koppelt aan commercie wat TikTok zo populair maakt? Dat zeker. Maar hoe dat nu precies werkt, is me nog onduidelijk. Ik bedoel: als, let wel, áls Chanel je als influencer een doos geuren toestuurt wat doe je dan? Na eerst ‘the unpacking’ – evenaart vaak de spanningsboog van porno inclusief gegil; ‘what’s behind the zipper?’ – volgen the usual suspects van superlatieven.

De pech / het toeval / het lot wilde dat ik via een artikel in van Perfumer & Flavorist (een onlinevakblad over ontwikkelingen en trends in parfum en smaak) op de hoogte werd gebracht van de parfumpremière van Michelle Visage. Afgaande op de bijgeleverde foto dacht ik: travestiet die zijn beste dagen heeft gehad en met loads of make-up nog een beste überversie van zichzelf poogt neer te zetten. Waardoor ik níet direct doorklikte: het bijschrift van de geur, genaamd Monday, anti vanilla.

Benieuwd. Leuk. Michelle Visage googelen. Staat van dienst: vijftignogwat televisiepersoonlijkheid, zangeres, broadcaster, producer en actrice. 

Ik zat er niet ver naast, haar naam en faam dankt ze grotendeels aan Ru Pauls Dragrace Show – Visage zat/zit in de jury. Nu ik een keer: ‘OMG!’ Als er iemand is die ik niet kan waarderen dan is ‘zij’ het wel. Hou me ten goede: ik heb niets-nada-niente tegen travestieten – heb zelf ook wel eens gezongen als Marlene Dietrich, in smoking welteverstaan – maar dat xxxl-en van alles bij Ru Paul (vooral dat valse-bitchy verondersteld lollige afzeiken) bezorgt me the creeps. 

‘Geurengoeroe, zit je in neerwaatse spiraal? Kan het niet wat optimistischer, zo van ‘Jeetje, fantastic, wat fijn dat iemand de moeite doet om parfum op huis-, tuin- en keukenniveau uit te leggen, het te doen ontdoen van zijn ‘onbereikbare’ status?’

Spijt me, lukt me niet: ik wil niet door zo’n perfume personality geadviseerd worden. Blijkbaar honderduizenden anderen wel. Want Michelle Visage’s laatste bijdrage aan het economisch bestel: perfumeinfluencer op TikTok met 557,7 K volgers en 5,1 miljoen likes. I bow to her!

Haar eerste geur wordt echter nog niet echt über-bejubeld door anderen: 468, 964 en 3607 likes zie ik in de snelligheid. De laatste ‘shower’ is van Arielle Shoshana, eigenaar van nicheparfumerie Scented Luxuries in Washington (anno 2015) die ook de producent van de geur is die valt in een serie die de dagen van de week vult. Voor elke dag een ander parfum – Wednesday en Thursday zijn nog niet ingevuld.

Ik dus naar Michelle Visage op TikTok. Het eerste filmpje dat ik aanklik gebeurt volgens mij in samenwerking met Penhaligon’s. Geblinddoekt haalt ze een stopper omhoog, op het plateautje ligt… ‘pistachios, my god I love pistachios’. Ze zegt, schreeuwt dat ‘pistachios fragrances just have to smell like that!’ Gôh, wat toevallig Penhaligon’s Fortuitous Finley loopt ‘fortuitous’ over van pistache. Dus vraag ik op z’n Keuringsdienstvanwaarde-wantrouwig: heeft dit merk (dat goedkoop meelift op dierenkoppen-trend ingezet door Zoologist) haar de zijden blinddoek (Hermès?) voor of na het zien van de nu zo hippe, maar steeds duurder wordende noten omgedaan? Anyway: 195.6k keer geliket. 

Volgende filmpje. Geurengoeroe in zichzelf: ‘No, amazing, this can’t be true!’ TikTok deelt mee dat Michelle Visage is overleden. Zou het echt? Ik vraag Google. AI antwoordt: ‘No, she’s is not dead; she is actively working as a judge on RuPaul’s Drag Race and posting on her social media, with her latest posts from late 2025 promoting Season 18 of Drag Race. Rumors of her death are false, likely confused with tributes she’s made for others in the Drag Race family.’ 

Gewoon verder: ‘Hé, babies, mama is here!’  – ik wil niet zo aangesproken worden. Visage is bezig met haar favorite thing: smelling perfume. Dat wisten we nog niet. Wederom mogelijk gemaakt door Penhaligon’s. Zo interessant: ze ontdekte de winkel toen ze een keer in Londen was. Vervolgens na veel promotieparfumgepruttel eindigend met dat ze verliefd is op het merk en het ging kopen. Ze heeft er al tien! ‘It’s so unapologetically Brittish’ – blablabla. 8205 likes. 

Nog eentje. Drie geuren van Lush (waarvan de flacons wel érg lijken op ByRedo). Sticky Dates gaat Visage blenden met Brazilian Crush van Cheirosa 71 (een mist van gekaramelliseerde vanille & macadamia). Haar conclusie: ‘That’s so good, that’s so delicious!’ Gevolgd door: ‘What a smart girl I am’, omdat ze het in een spray-flacon weet te gieten. 105.5K likes. Maar ze was toch anti vanilla? 

Omdat het uit journalistiek oogpunt ( ;->) echt moet: toch maar naar haar eigen TikTok-pagina. Even scrollen: op de kapstoel – terwijl vloeibare pancake rijkelijk over haar gezicht wordt gesmeerd – bespreekt ze een geur, meegebracht door haar hairdresser Stephen – ‘Where did you get them, the Scent Room?’ En toen was ze weg. In ieder geval niets gezegd over de geur. 

Nog een keer. 2755 likes dit keer. Terwijl ze weer wordt verzorgd door in dit geval twee ervaren make-upartiesten – lachen en gillen met elkaar, she’s so involved with the hairdressers community! – vindt Michelle Visage dat er een lekker ruikt. ‘You smell so good! It smells horny. And you know what it is? Chanel Le lion.’

Nu thuis in haar perfume closet: omdat ze een gek is, zoals ze zelf zegt, koopt ze nog steeds geuren die niet lang houden. Zoals Nightclubbing 200ml van Céline. Sigaretten, sigaren, alochol. ‘I like smelling like I’ve been partying all the time. It’s one of my favorite fragances of all time’ – hoe lang is die rij die dan wel niet? Ik ga het niet rechercheren – ik zelf kan er ook wel 200 noemen als het moet.

Anyway, het moet haar van het hart: ‘There’s no sillage, there’s no stay. But I’m obsessed with it.’ Niemand ruikt het op haar, ook zo iets, maar ze is zo stom om telkens weer een flacon te kopen. Ondanks dat ze weet dat By he Fireplace en Jazz Club (Replica Margiela) misschien beter zijn – they seem cliché but they are two of my favorites – komt ze steeds terug bij Nightclubbing.

Nu een openbaring met 3417 likes: ‘I think I’m a closeted rose fan!’ De geur in kwestie: Reine de Nuit van ByRedo. ‘Which I love. It’s a rose bomb. It’s a weird thing, this is the shocker of the day: I don’t hate it. It’s a dark rose. I even sprayed it on myself. It’s actually gorgeous! If you’re a rose lover, this is for you. If you’re a rose hater, like me, I love this – mind blown!’

Ik wou bijna afhaken, tot dat Visage vertelt dat ze proefjes heeft besteld bij Lucky Scent en dat ze van sommige merken de hype niet begrijpt en dat ze van andere juist direct een flacon wil kopen. Maar vermoeiend vind ik het wel om het allemaal aan te horen. Uiteindelijk is alles geweldig, buitengwoon, marvelous, one of my favorites of all the time en ga zo maar. Drie op een dag. Max. En dat beschouw ik als straf. 

De pech / het toeval / het lot: door haar volgend, kom ik ook andere hysterische parfumpromoters tegen die, hoewel in eerste instantie weerstand oproepend, toch soort van prikkelen. Ben benieuwd of ik ooit nog een serieuze analist zie die zonder opgeklopte slagroomvlokken, ‘über-stated’ make-up en glitterregens, kan vertellen waarom een geur goed is, en mocht die slecht zijn, dan ook. Nou, zo kan-ie wel weer. 

FRICTION OUD FCUK

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 15, 2025
Geplaatst in: AANBIEDINGENBAK, ENTERTAINMENT, GEURENALFABET F, ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?. Een reactie plaatsen

ACHTER IN DE RIJ AANSLUITEN GRAAG

OUD? FCUK YOU!

Soms zie je bij dumpshops merken waarvan je denkt: ‘Gôh, bestaan die nog?’ En: ‘Maken ze nog steeds geuren? Ik heb het in dit geval over French Connection United Kingdom (anno 1972). Afgekort beter bekend: FCUK. Ik droeg tijdens mijn onschuldige jaren prachtige, strakke lichtblauwe jeans met twee hippe ritsen op de kontzakken toen het merk zijn naam nog voluit schreef. Mijn eerste kennismaking. Mijn tweede: de lancering van hun eerste, tweede of derde geurduo. Weet het niet meer. 

Wel de slogan: ‘scent to bed’. Gecombineerd met de merknaam die velen echter lazen als fuck – waaronder ik. Dat pastte zo 2003, 2004, 2005 goed-geil in de porno-chictrend (aangewakkerd door Tom Ford ten tijde van Gucci). Ik had tot voor kort een tastbaar bewijs van de geuren: het kdootje bij het persbericht: twee groot uitgevallen kussenslopen met op de een ‘scent to bed for him’ en op de ander ‘scent to bed for her’. Pas vorig jaar vanwege doorslijten in de textielbak gestopt. 

Bij die Grenze – filiaal Hoogeveen – zag ik dus FCUK Friction Oud. Lekker ouderwets: een voor hem, een voor haar. Prijs: ramsjcategorie. Vijf euro nog wat. 100 ml. Ik ruiken, ruiken en nog eens ruiken. De rij bij de kassa was lang genoeg om me erin te verdiepen – als je hiervan kunt spreken. Oud was in geen velden of wegen te bekennen. Ik rook iets vaags donker dat op hout lijkt begeleidt door veel synthetisch, iets groens, iets kruidigs en iets oosters (want oud). 

De klassieke, overrompelende sensatie die ook mainstream-oudh kan hebben – denk Montale – dat niet. Ik moest aan een eenpersoons uitgelekt theezakje denken dat de smaak van zijn inhoud al lang heeft prijsgegeven en dat je nog een keer – uit pure armoe – in een mok met heet water dompelt hopende dat…  

Zijn mijn neusgaten verstopt? Want ik lees op www.beautybase.com dat ‘geïnspireerd door de rijkdom van oud, het diepe, houtachtige, kruidige en oriëntaalse noten combineert voor een warm en sensueel aroma’. Voorafgegaan door een ‘pittige kick van zwarte peper en citrus, gevolgd door aromatische lavendel en aards oud. De basis is rijk en verleidelijk met warm amber, musk en romige vanille’. Volgens mij moet ik met parfumpensioen. 

Komt niet vaak voor dat Fragrantica een geur niet vermeldt. Ik vermoed dat de lancering zo rond 2020 zal zijn geweest. Want FCUK is en/of was altijd een merk dat wat parfums betreft altijd achter de laatste trends aanholt. Dat dan weer wel: de eerste geur van FCUK die Friction heet, stamt uit 2012. Bij het zien vraag je je wel af waar Dries van Noten ter inspiratie is gegaan voor zijn parfumflacon. 

In ieder geval: de geur is waardeloos, als luchtverfrisser op het toilet nog te dulden. Dit is een ‘oud’ die achter in de rij moet gaan staan en eigenlijk uit schaamte ongezien moet verdwijnen. U zult het begrijpen dat ik me me hierdoor niet aangespoord voelde FCUK Friction Oud Her te proberen. 

TIKTOK, TIKTOK, TIKTOK

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 5, 2025
Geplaatst in: EDUCATIE, ENTERTAINMENT, TRENDANALYSE. Een reactie plaatsen

AI, AI, AI

LEKKER LUCHTJE, LEKKER LUCHTJE, LEKKER LUCHTJE

TIKTOK, TIKTOK, TIKTOK

AI, AI, AI

LEKKER LUCHTJE, LEKKER LUCHTJE, LEKKER LUCHTJE

DEEL 1

Erg? Ik bespeur een groeiend wantrouwen in mij. Met name sinds AI in opmars is en online info en kennis nóg meer onderbouwd wordt weggegeven: in hoeverre komt het gratis opgediende materiaal (ja, ik weet dat mijn dagelijkse zoektocht op www wordt gebruikt voor whatever door de Big Tech) overeen met ‘de waarheid’ – een steeds meer rekbaar wordend begrip. 

Ik voel deze ‘alternative facts’ in mijn research naar de link tussen parfum en TikTok. Dit online platvorm uit China schijnt voor een revolutie te zorgen wat dat betreft. De Franse krant Le Monde rapporteerde er dit voorjaar ook over. Kort door de bocht: ‘investeerden’ les mamans van de Gen Z-generatie in designertassen, leurs filles spenderen al hun ‘overgebleven’ geld nu in geuren (geloof ik ook niet echt; hoeveel tassen kun je hebben?). 

Wat is de oorzaak van dit gek-zot-fol-crazy zijn op geuren onder de jongste lichting gebruikers? Volgens AI door TikTok. En waarom TikTok? Eerst wat cijfers geleverd door AI: sinds covid is de parfumindustrie exponentieel gegroeid (is de pandemie toch nog ergens goed voor geweest). De verkoop van prestigeparfums steeg in 2021 met 49, de verkoop van massaparfums met 45 procent. Tendens stijgend: de mondiale markt bereikt in 2027 een omzet van 47,6 miljard dollar.

Waarom toen, waarom een week geleden en waarom as we speak? AI zegt: de pandemie zou een sterk verlangen naar luxe met zich mee hebben gebracht (in de periode daarvoor niet?). Thuis opgesloten, starend door de lens van hun Zoom-camera’s, zochten consumenten (AI vertelt niet wie deze consumenten zijn) naar kleine luxe-items voor zichzelf. Voor sommigen was dat kleding, voor velen was dat parfum.

Waar vonden ze deze producten? Yep, op TikTok. De reden: ‘de parfumcommunity’, die zich daar in veel verschijningsvormen razendsnel heeft gemanisfesteerd, is enorm divers en enorm gepassioneerd. Men neme: pr-unboxings (de meest mallotige ‘parfumpassie’ naar mijn idee). Men neme: aanbevelingen door gewone consumenten (die zich vaak influencer wanen). Men neme: ‘echte’ influencers (door merken betaald om te delen waarom iets exceptioneels is). Men neme: de lol die wordt beleefd aan dupes. 

Populaire hashtags binnen de community: #perfume (12 miljard views) en #perfumetok (1,4 miljoen posts). Niet zonder gevolgen: door zijn ongelooflijke bereik heeft TikTok de verkoop enorm gestimuleerd: in 2022 was TikTok goed voor 45 procent van alle via sociale media verkochte parfums in de VS. Aldus AI. 

De vraag blijft: waarom TikTok? Volgens AI straalt het platform eerlijkheid en authenticiteit uit dat consumenten aanspreekt: influencers (sommigen met een enorme aanhang) kunnen hun volgers direct en ‘openhartig’ benaderen (kan ook op YouTube en Facebook). 

Daarnaast leent TikToks trendfunnel – analyseert hoe een gebruiker door verschillende fasen van een proces beweegt gedurende een specifieke periode – zich uitstekend voor de parfumindustrie. Sterker, voor TikTok zijn exclusieve parfums gecreëerd. In no time ‘uitverkocht’ – zoals Lost Cherry van Tom Ford uit 2018 (nog steeds te koop). Met een onverwacht, ‘merkwaardig’ gevolg: de meest onafhankelijke nichemerken groeiden uit tot wereldwijde fenomenen.

Zoals Zoologist met hun op dieren geïnspireerde geuren en met in zijn kielzog ‘good old’ Penhaligon’s die plotseling ook zijn doppen versierd met exemplaren uit het hertenkamp. Vreemd in deze dierenrijk-trend: ik had een ‘re-hausse’ op TikTok verwacht van Kenzo’s Jungle Elephant en Jungle Tigre, maar nee hoor – die kun je op verschillende sites gewoon uit de aanbiedingenbak vissen.

TikTok specifiek gericht op Gen Z aldus AI: de ‘liefde voor esthetiek’ (wat moet ik me hierbij voorstellen?) is cruciaal geweest voor de ontwikkeling van parfum zoals het nu is op het platform; TikTok herbergt honderden nichecommunity’s met ieder hun specifieke voorkeuren. Overkoepelend raakvlak vaak: de gebruikers kunnen zich vinden in de omschrijving ‘alt grunge fairy core’.

Alt staat voor alternatief. Grunge voor het verwerpen van doorsneemodestijl. Fairy core voor de esthetiek die feeën en dergelijke droomcreaturen romantiseert. En daar horen dus speciale parfums bij. Ik zeg: alsof die er al niet plenty waren: Lolita Lempicka, Nina Ricci, Vera Wang, Mugler die grossieren in dit soort droomgeuren.

Come to think of it: misschien is Viktor & Rolfs Good Fortune (2022) speciaal voor deze ‘fairies’ in de markt gezet. Maar ik vraag me af of deze geur niet aan te slepen was. Ik heb er in ieder geval niet veel over vernomen (niet dat ik er na op zoek was). 

Het meest opvallende volgens trendanalisten: TikTok heeft het traditionele model van één kenmerkende geur door de consument de deur gewezen. De Gen Z’s passen dagelijks hun geur op hun stemming af. Wat een gezwets weer AI: Chanel bijvoorbeeld sprak in 2000 over de ‘geurengarderobe’ van gebruikers. 

Een ander dingetje: wil je als ‘serieus’ parfumhuis deze groep binnenhalen aldus AI, dan kun je niet meer leunen op sleetse, uitgekouwde formules: de wereld van (pop)sterren, seks, status, rijkdom, verweg stranden en oh-la-la Parijs (als ultiem droomdecor, als ultiem symbool voor de liefde). Gen-Z-ers zijn niet geïnteresseerd in deze wereld met  hun protagonisten. 

Nee, zegt AI, tegenwoordig draait het bij de parfumverkoop minder om beroemdheden, meer om influencers. Zou het echt? Zit er onder de honderden miljoenen Swifties niet één ‘fairy core’ . Taylors geuren passen trouwens perfect bij de belevingswereld van deze bewitching Gen Z-ers: Incredible, Things, Wonderstruck, Made of Starlight. 

En Arianne Grande? Moonlight, Cloud, Plush Vanille? Ik vermeld laatste geur specifiek even omdat (jonge) meisjes verzot zijn op gourmand. 

En waar worden al deze honderden, duizenden, miljoenen exemplaren (van één geur) verkocht? Sephora schijnt een steeds belangrijker rol te spelen – de keten die het in Nederland niet heeft gered. Het grossiert inmiddels in de kleinste indy labels hopende dat die de volgende hit op TikTok worden.

Geurengoeroe valt wel een ding op: in geen velden of wegen wordt in deze door AI geleverde trendanalyses de mannelijke gebruiker vermeld. AI luister: de jongeman kan er inmiddels ook wat van!

En in hoeverre de jongste generatie gebruikers zich laten hinderen door de etiketten Pour Femme en Pour Homme en dus wel of niet ‘beyond gender’ denken, is door AI ook niet gefilterd uit alle berichten op internet die het huidige parfumgebruik analyseren. 

Ik wil geen oude miep en/of gemankeerde geurzeur lijken, maar een beetje scrollen op TikTok met de hashtags #fragrance en #niche perfume levert een nogal een monotoon beeld en dito vocubalaire op. Men wil allemaal op elkaar lijken en allemaal hetzelfde ruiken lijkt het wel.

Maar miscchien ben ik bevooroordeeld (‘dacht ut wel’). Dus ik ga me binnenkort een avond verdiepen in de gebruikers en de wandelende reclameborden van parfum op Tiktok. Wish me luck.

UN JARDIN À CYTHÈRE HERMÈS 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 15, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET U. Getagd: christine nagel, HERMES, warm freshness. Een reactie plaatsen

EEN TUIN HOEFT NIET PERSÉ FRIS OF VERKOELEND TE ZIJN

KYTHERA: GEBOORTEPLAATS VAN APHRODITE

VINTAGE-ALLURE

Ik vind Christine Nagel een van de meest interessante neuzen van deze tijd. Helemaal sinds ze ‘in da house’-neus is bij Hermès (2014). In navolging van haar voorganger – Jean Claude Ellena – lijkt de zoektocht naar nieuwe ingrediënten (wel of niet afkomstig uit de natuur, maar toch in negen van de tien gevallen daarop geïnspireerd) en hoe die slim te gebruiken haar voornaamste inspiratiebron.

Het verhaal, de storytelling, het narratief rond om een geur: zal wel. Dat verzinnen de marketeers van Hermès er wel omheen. En als ze dan een verhaaltje voor de camera moet opdreunen, doet ze dat. Stond in het contract.

Moet gezegd: Hermès geeft haar vrij baan olfactorisch te jongleren. Het luxemerk moet wel: het is feitelijk een van de weinige manieren om je te nog te onderscheiden van je directe concurrenten. Ik bedoel: de geuren van Louis Vuitton zijn chique variaties op populaire concepten en naar verhouding absurd duur. En dan die ‘middelmatige’ namen; maar dat is een ander onderwerp

Het knappe: haar composities zijn ‘uiteindelijk’ klassiek, wil zeggen likeable, aangenaam. Maar voor je zover bent, neemt Nagel je vaak aan de neus mee naar nieuwe, vaak niet eerder opgedane geurimpressies. Je kunt stellen: net zoals Jean Claude Ellena benadert ze het metier op een intellectueel-instinctief niveau.

Ben benieuwd of de door haar gemaakte geuren voor Hermès een hogere omzet halen, want je moet er even doorheen (en je snobisme dan wel onwetendheid opzijzetten).

De klassieke opbouw van geuren laat ze vaak achterwege. Ze gaat meer meanderend te werk. Ruik je mooi in Un Jardin à Cythère. Op www.hermes.com vertelt Nagel plichtmatig een verhaal (moeilijk te verstaan omdat de Engelse ‘voice over’ de stem van Nagel een beetje mee laat praten) over een imaginaire geur. Omdat ze niet naar Griekenland (uitgangspunt voor de nieuwe tuin) kon vanwege corona liet ze zich leiden door herinneringen: haar eerste reis ooit naar de Peloponnesos. Het moest een tuin worden zonder grenzen en belemmeringen. Een ‘droge, blonde, dichtbij de grond’-tuin, zo blauw als de lucht, zo wit als de weerspiegeling van licht op water, zo goudkleurig als de zon. Warmte verzacht door de wind. 

Vertaald in geur dacht Nagel aan graan-achtige noten, het hout van de olijfboom en de nog niet gerijpte pistachenoot. Ik weet niet hoe de laatste ruikt, en dus ook niet of deze noot de geur zijn body geeft. Wat ik wél ruik: een zalig-frisse opening met een soort hesperiden-éclat in het klein met rode toetsen. Grappig: Nagel omschrijft de frisse, roze pistachenoot als ‘levendige, fris vruchtvlees’. Zou het dan echt…

Dit wordt direct begeleid door die graan-achtige noot (ik vermoed een sierlijke coumarine, dus hooi) die zowel droog als warm is. En het lijkt of Aeolus de wind laat golven over de tuin. Zwoel, droog gevuld met tig geurnuances. Terzijde: ik moet af en toe denken aan het gouden wonderparfum van Mona di Orio – Orio uit 2006 – waar de jasmijn in brand lijkt gestoken met hooi. 

Ik neem ook een lichte gourmandnoot waar van gesuikerde amandel, heel sierlijk verweven met de hooiachtige noten – korenaren beplakt met stuifamandel. Maar dit kan ook weer de groene pistachenoot zijn. Ja, en dan olijfboomschors… is meer het idee en het gevoel dat je wilt voelen en ervaren omdat je wordt gestuurd door het narratief van Nagel. Voor mij: stroef, droog, aards, oud, groen, kurk en eeuwenoud; een dichtbij-de-natuur-gevoel.

Aphrodite. Fréjus Museum voor de Schone Kunsten Boedapest

Het mooie: met Un Jardin à Cythère kom je eerder op de gedroomde bestemming terecht in plaats van al die andere op tuinen geïnspireerde geuren die zogenaamd een deur openen naar een imaginaire tuin. Met andere woorden: Un Jardin à Cythère geeft je het gevoel er daadwerkelijk te zijn. 

Vreemd maar waar: toen ik voor het eerst aan deze tuin rook, werd ik via een time warp teruggevoerd naar begin jaren tachtig. Een vriendin van mij was in een van banlieus van Parijs aan het aupairen. De lui waren een paar dagen weg – ik in de buurt, mocht langskomen. Wat ik altijd doe als ik bij vreemden ben en de kans krijg: het huis inspecteren op parfums. Ik was nogal teleurgesteld: ik had me een kaptafel voorgesteld met een keur aan. Stond daar zielig en alleen op het plankje onder de badkamerspiegel een flacon (een kloeke inhoudsmaat dat wel) van Diors Eau Fraîche. 

Ik rook zon, ik rook zomer, ik rook een frisse droogheid die me altijd is bijgebleven (kon er niet vanaf blijven, stond op het punt om de door mijn via de splasmethoude gebruikte hoeveelheid aan te vullen met water, toch maar niet gedaan) en ik later pas ben gaan begrijpen: ‘oude’ colognes hebben vaak een houtbasis (ceder en patchoeli) en dat geeft warmte aan de frisheid – een genot dat ‘tegenwoordigs’ teniet wordt gedaan door allerlei variaties op witte musk toe te voegen. Een som der delen-geval: verschillende ingrediënten voor twee verschillende geuren met hetzelfde olfatorische resultaat als uitkomst. Eau Fraîche lijkt op Un Jardin à Cythère en vice versa.

Mijn favorieten van Christine Nagel (buiten beschouwing haar Hermès-bijdrages)

24 Old Bond Street Triple Extraxt Atkinsons

Ambre Soie Armani Privé

Chypre Fatal Guerlain

Femme Lagerfeld (wonderlijk geflopt, zal de flacon wel zijn geweest)

John Galliano (idem, ook wat flacon betreft)

Histoire d’Eau Mauboussin

Mille et Une Roses Lancôme

RHUBARB, RHUBARB!

Speciale vermelding verdient B*Men van Mugler: een  van de eerste geuren waarin Nagel (samen met Jacques Huclier) overtuigend op zoek ging naar een alternatieve frisheid. Het moest niet zoet, niet bitter, maar zuur zijn. Werd rabarber. Geslaagd! Heeft ze later sort of herhaald voor Hermès met Eau de Rhubarbe Écarlate. 

PARADIGME PRADA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 31, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET P. Een reactie plaatsen

BEPROEFD RECEPT

VADERDAGVEILIGHEID EN -BRAAFHEID

Kun je depressief worden van een geur of een merk? Of op zijn minst teleurgesteld raken door? Ik heb het, het zal je niet verbazen, met héél véél huizen, maar met Prada in het bijzonder. I know, Miuccia zal er niet wakker van liggen. Maar toch: van de bewust elitair The Exclusive Collection (vanaf 2003), via het overtuigende, maar geflopte Prada Parfum (2004), via de soms prachtige, soms ‘gaat wel’ Les Infusions (vanaf 2007), naar voorspelbare middelmaat (laten we haar absurd  vernieuwde nichelijn Olfactories uit 2015 even buiten beschouwing). 

Begonnen met L’Homme en La Femme (2016), voortkabbelend met Paradoxe (2022) en Paradigme (2022) voor de vrouw, nu aangevuld met de mannelijke versie. Laatste twee zijn interessante namen, maar om de betekenis en de invulling ervan door Miuccia uit te zoeken en toe te lichten…. Ik kan het niet meer, het interesseert me niet meer. Ik denk dat het haar ook niet echt meer boeit dat ze helemaal niet meer betrokken is bij haar geuren. Maar dat haar licentiehouder (Puig) een paar jaar geleden heeft gezegd: ‘Het gaat niet zo lekker, zullen we een doorstart maken en gewoon voor de big bucks gaan, net zoals je directe concurrenten?’ Zou ze geantwoord hebben, gelijk Giorgio Armani’s topseller, ‘Sì!’

Wat ik jammer vind: Miuccia is al tig keer miljardair, waarom dan niet een paar parfums presenteren die écht afwijken, zowel qua prijs als olfactorisch. Genoeg geurgezeurd, maar toch: Paradigme is vraiment een brave invuloefening van een beproefd recept dat voor mijn gevoel in no time door AI voorgesteld had kunnen worden. Maar nee hoor, maar liefst (dat zeg je als je iets enige importantie wil geven) door drie neuzen: Marie Salamagne, Bruno Jovanovic en Nicolas Bonneville. 

Bij de opening word je overvallen door een wolk van ambroxan en musk die zoveel (tax free)parfumerieën kenmerkt, waar iets te kwistig met geuren van diverse pluimage wordt gespoten. Hier doorheen ruik je geleidelijk een injectie van bergamot die – dat is dan wel weer grappig en verklaart misschien de wolkbreuk bij de opening – wordt gekoppeld aan musk.

Vervolgens een zoetbloemige noot opgeroepen met twee geraniumvariëteiten, geliefd om hun stoer-frisse rozengeur met stevige groene ondertoon. De afronding, we hebben te maken met een oriëntaalse geur, is een melange van benzoïne en guaiac. Denk lichtjes zwoel, denk hout. Wat de geur onderscheidt is het gebruik van Perusbalsem, dat zorgt voor een ‘kaneelkruidig’ accent, maar dat maakt de geur niet echt onderscheidend. Misschien verwacht ik te veel van Prada, maar Paradigme valt voor mij in de categorie veilige Vaderdaggeur en dat heeft Prada al in het assortiment: zie de talloze variaties op Luna Rossa. 

Prada denkt er natuurlijk anders over: ‘Sinds 1913 daagt Prada voortdurend conventies uit en creëert nieuwe ideeën door middel van creativiteit en experimenten. Met Prada Paradigme krijgt die erfenis een gedurfde nieuwe vorm: een geur die ons uitnodigt om te heroverwegen wat we weten en identiteit vanuit een ander perspectief te verkennen. Paradigme is meer dan alleen een geur; het is een vraag: wat als er een andere manier is? Geworteld in individualiteit en beweging, spreekt het degenen aan die hun verhaal vormgeven door middel van verkenning’. 

PUR DÉSIR DE LILAS YVES ROCHER 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 30, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET P, MASSNICHE. Een reactie plaatsen

OUDH OP STRAAT

GEWOON EEN NICHE-SERING

LAYER-TIP 

Leuke geurgewaarwordingen begin deze week in Amsterdam. Drie keer ongevraagd oudh op een rij. Maandagavond: in de Albert Heijn rond een uur of acht laat ik me leiden door een sterk spoor in de winkel: achtergelaten door een dertignogwat-man. Paf! Dat komt binnen (in je neusgaten). Volgende dag word ik ’s ochtends fietsend ingehaald door een fatbike: alsof aangedreven door oudh. Third time lucky: ’s middags een stevig gezette man met ‘slick appearance’ stapt uit zijn vette BMW. Oink! Wou bijna vragen: ‘Loopt uw auto op oudh?’ Overeenkomst tussen de mannen: in Opsporing Verzocht zouden deze medelanders karakteristiek worden gelabeld met: ‘met een getinte huidskleur’. 

Ik was dus op weg naar mijn ‘perfume pal’ die me telefonisch al enthousiast had verteld over een geur van Rochas die hij bij een tweedehands had gekocht. Ik zag de flacon en dacht: ‘Ik wist dat Rochas ver is afgegleden, maar zo ver?’ Wat een parfumprullaria. Het bleek dus een Yves Rocher: Pur Désir de Lilas. Yves Rocher was niet te zien op de flacon, alleen op de onderkant in miniscule letters. En dan begrijp ik wel dat je zonder bril Rochas leest.

Rochas of Rocher, maakt niet uit: het is een goede geur (gelanceerd in 2002). Zoals bijna alle Rochergeuren dat zijn (heb ze niet allemaal geroken), behalve de flacons dan, die hebben vaak een dumpstore-allure. Het grappige: als ik een bepaald soort solifleur een tijdje niet heb geroken, dan word ik altijd blij bij een onverwachte ontmoeting. Nou, en dat word ik van Pur Désir de Lilas. Zo moet sering ruiken.

Diffuus-bloemig geschakeerd (alsof je verschillende bloemen tegelijkertijd ruikt) met een groene ondertoon die geleidelijk poederiger wordt, zonder richtig boudoir af te glijden. Blind geroken zou ik’m als niche inschalen. De reden: de ondertoon is zo goed, geraffineerd en houdt verdomde lang aan: houtig, poederig, ‘streng’ en zonder ‘tuttig vrouwelijk’ te worden.

Nadat de sering lang gebloeid heeft op de huid, ruik je subtiele kruidige noten die mooi verstrengelen met amandel. Nog wat: ik vind’m beter dan de laatste solofleur-sering die ik heb besproken: Lilas Exquis van Fath. Die is koud en kaal vergeleken met Pur Désir de Lilas.

Pur Désir blijkt de naam van een lijn, waarin mimosa en gardenia eveneens tegen het licht werden gehouden. Die had ik ook graag een keer willen ruiken, zijn me toen (begin nieuwe millennium) helemaal ontgaan. 

Ik lees dat de neus Annick Ménardo is. Verbaast me eigenlijk niet. Die heeft bijna een patent op dit soort ‘andere’ basissen in geuren. Ruik je ook zo goed en mooi in haar Bulgari Black (eerste versie), Diors Hypnotic Poison (eerste versie) en natuurlijk de vele geuren die ze voor Lolita Lempicka samenstelde. Ik ging trouwens de deur uit met een mix die mijn ‘perfume bro’ als een tijdje bezighoudt: Yves Saint Laurents Rive Gauche (vintageversie) gelayerd met een pure patchoeli. Not bad, not bad at all.

ALAIN DELON CLASSIC

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 23, 2025
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, GEURENALFABET C. Een reactie plaatsen

ZOU NU ALS NICHE ERVAREN WORDEN

KRACHTIG-SIERLIJKE OOSTERSE FOUGÈRE ZONDER TESTOSTERON

Je moet bij het ouder worden oppassen dat je niet ‘transitioneert’ naar een grumpy old man die roeptoetert dat vroeger alles beter was. Na zoveel jaren weer ruikende aan de eerste geur van Alain Delon uit 1980, kom ik in verleiding het toch te beweren.

Sterker, de geur die inmiddels Classic heet (ik kocht onlangs een aftershave-versie bij een tweedehands), zou bij een blindtest zo maar door velen als niche worden geclassificeerd. 

De vorig jaar overleden acteur (waarmee ik, by the way, ooit een glas whisky heb gedronken in de business lounge van KLM op Schiphol) is een van de eerste ‘echte’ celebrities die zijn naam aan geuren verbond (geproduceerd door de Lalique-groep). Ongeveer gelijktijdig met het parfum-charmeoffensief voor de gewone burgerman door luxemerken. Denk aan: Van Cleef & Arpels Pour Homme en Azzaro Pour Homme (beide 1978). Verder: Cartier (Santos), Chanel (Antaeus), Yves Saint Laurent (Kouros) en Oscar de la Renta (Pour Lui). Alle vier 1981. Laten we die andere kassakraker niet vergeten: Drakkar Noir (1982) van Guy Laroche. Nu we het er toch over hebben: de eerste geuren voor de man van Gianni Versace en Giorgio Armani rondom dezelfde tijd. 

Delon heeft zich een aantal jaren goed staande weten te houden tussen deze merken en werd serieus genomen. Wil zeggen: hij stond qua ‘beleving’ bijna op een lijn met de bovengenoemde prestigemerken (al was hij iets goedkoper). En hij nam zichzelf als zodanig als parfumnaam ook een aantal jaren serieus, waarvan getuigen Le Temps d’Aimer (voor de vrouw uit 1981), Iquitos (uit 1987 in lijn met Antaeus, Kouros én Xeryus – klinkt als Kouros – van Givenchy (1986), Lyra (voor de vrouw uit 1991) en Samouraï (1995). 

Donder maar op Delon…

Met Shogun (2001) dacht ik: laat maar. Donder maar op met geuren die te cliché voor woorden zijn, en eigenlijk niet in het prestigesegment thuishoren: Champion, Hommage, Rendez-Vous sur la Seine (‘oh-la-la’… echt iets voor Celine Dion of Lancôme) en Séducteur (geen zin de jaartallen op te zoeken). En daar hoort Alain Delon – over de doden niets dan goeds – inmiddels ook niet meer thuis; hij is verworden tot massmarket, parfumoutlets. Een lot dat vele parfummerken treft, of moedwillig met zich laten gebeuren.

Terug naar Classic. Wat een lekkere, ingewikkelde geur is dat toch. Minder overrompelend en minder dierlijk als Antaeus en Kouros, maar toch gebeurt er veel. Doet me denken aan de klassieke vintage mannenfougères van Clive Christian, Le Gallion en Nina Ricci. Toch is Classic een echt een kind van zijn tijd, vooral door het gebruik van aldehyden, wat de geur ietwat wazig en iriserend maakt mooi samengaand met de lavendel en de ‘medicinale’ jeneverbes en dennenhars. Vervolgens iets fruitigs-bloemigs, als een snoepachtige zoetheid, als een soort ‘zij-noot’ in het hart van geranium, anjer en kaneel. 

De basis is droog-mossig-kruidig, nijgend naar een chypre met cederhout, ‘droge’ amber en hooiachtige tonkaboon, maar overtreft in deze niet de bovengenoemde concurrenten. Wel leuk: ondanks die complexiteit tijdens het verloop van de geur, heeft de geur een mooie, duidelijke cleane, zeepachtige finish. 

Niet overdreven macho, dus perfect passend bij de zacht-verfijnde, gentleman-uitstraling van Alain Delon als acteur. Grappig: Delon begon met zijn geuren toen hij carrièretechnisch over zijn hoogtepunt heen was, en dat hij voornamelijk wordt herinnerd om zijn jonge brutale bravoure. Iets waar Dior dankbaar gebruik van maakte toen het creatief gezien geen ‘modern’ imago wist te verzinnen voor Eau Sauvage: het gebruikte diverse ‘iconische’ foto’s van de acteur uit zijn golden years-periode ter promotie van deze Diorklassieker.

VERBORGEN NICHE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 18, 2025
Geplaatst in: Uncategorized. Een reactie plaatsen

DANIEL HECHTERS COUTURELIJN POUR HOMME

GOED ÉN SPOTGOEDKOOP

‘TUSSENDOORTJES’ VAN FRANCIS KURKDJIAN

WWW.PARFUMCENTER.NL

Een van mijn vreemdste ontdekkingen van de laatste tijd: de couturelijn ‘in geuren’ van Daniël Hechter – gelanceerd tussen 2013 en 2018. Wie of wat was hij ook alweer? Een bedachte naam of een real life person? Het laatste. Hij was ooit invloedrijk, want met zijn sportieve casual wear geldt hij – inmiddels 87 – in de jaren zestig als de uitvinder (nee, niet Pierre Cardin, nee, niet Yves Saint Laurent) van de prêt-â-porter uiteindelijk bij hem uitmondend in oerdegelijke, slaapverwekkende confectie in de jaren zeventig, tachtig, negentig en ga zo maar door. You want proof. Zie: www.hechter.com.

Terzijde: hij was eveneens president van Paris Saint-Germain (1974-1978) waarvoor hij eveneens het beroemde thuisshirt ontwierp.

In parfumkringen kan hij zich op een ander wapenfeit roemen: leverancier van, volgens mij de eerste, chique designer ‘Vaderdagsgeur’ voor een spotprijs: Caractère. Gelanceerd in een tijd – 1989 – toen de ‘verluxing’ van parfum nog in de kinderschoenen stond. In ieder geval bij producent L’Oréal. Sloeg in als een bom. Drie jaar later deed L’Oréal het dunnetjes over, maar dan voor vrouwen met Maroussia (gemaakt door de Nederlandse neus Martin Gras die ook verantwoordelijk was voor Vivienne Westwoods Boudoir) van die ‘vage’ couturier uit Rusland: Slava Zaitsev. 

Maar hoe kom ik anno nu bij Hechter terecht? Zal wel te maken hebben met mijn groeiende weerstand tegen de overproductie van geuren in alle denkbare categorieën (met name niche). Deze frustratie voert me de laatste tijd naar ‘dump’-verkoopsites waar eens met veel bombast geïntroduceerde geuren, uit de gratie geraakte ‘dromen in flacon’, creaties die niet aan de verwachtingen konden voldoen of geuren gewoon zonder al te veel verwachtingen gelanceerd (ofwel, de we-zien-wel-categorie) spotgoedkoop worden aangeboden. 

Enter de couture-lijn van Daniel Hechter. Ik kon mijn ogen eerst niet geloven, moest lachen. Helemaal toen ik de ramsjprijzen op www.parfumcenter.nl zag. Met name Cuir Sensuel (niet te verwarren met de gelijknamige geur van The Merchant of Venice) trok mijn aandacht gezien leer mijn favoriete tak aan de parfumboom is: 100 ml van € 19,95 voor € 14,95. Gemaakt voor niemand minder dan Francis Kurkdjian. In dezelfde lijn: Indigo Blue (neus: Bruno Jovanovic), Sport (een duo-performance van niet de minsten: Mark Buxton en Olivier Cresp), Black (heb je hem weer: Francis Kurkdjian nu in samenwerking met Jérôme di Marino) en Cotton Chic (leuke, slimme naam by the way en bedacht door, heb je’m nog één keer, Francis Kurkdjian). 

De eerste drie besteld plus 30 ml Green Tea Scent van Elizabeth Arden (alsof de duvel ermee speelt, want ook made by Francis Kurkdjian) ook voor een weggeefprijs, plus wat afgeprijsde douchegels.  

Vreemd alleen is dat ik geen info van de ‘officiële’ presentatie kan vinden. Niet in woord, niet in beeld. Misschien viel het samen met de Hechter Premium Line die – aldus www.worthpoint.com – ‘haute couture met bijpassende prijskaartjes aanbood’. 

Wat geeft het. Wel misschien hoe je deze couturelijn moet classificeren. Niche, net-echt-niche, net-niet-niche, instapniche, maakt-niet-uit-niche? Hoe het ook zij: de geuren zijn goed, zeker met de prijs in gedachten, en daarvoor zijn nog steeds heel veel Nederlanders te porren. Ben trouwens wel benieuwd wat de prijzen waren bij de lancering óf ze dat direct tegen deze bodemprijs werden aangeboden (de we-zien-wel-categorie dus). 

Grappig, of hoe je het ook wel noemen, de dop van de couture-lijn zat ook al op de geur XXL (1997). En die vond ik toen eigenlijk niet passen. Te chic voor mijn gevoel met zijn Brancusi-achtige vorm. Op de Couture-lijn past hij beter. 

Nu de geuren. Cuir Sensuel. Een eau de toilette. Elegant en robuust tegelijkertijd. Niet echt heavy leer, meer – inderdaad zoals de naam het al zegt – sensueel leer. Zéér klassiek in opbouw: dus bergamot in de opening vermengd met citroen, sinaasappel en petitgrain. Lekker dat vleugje lavendel erbij. Vervolgens komt het leer, op de achtergrond sterk begeleid door patchoeli, voorzichtig op gang. Hat gaat vervolgens niet roken en ronken. Ik vermoed ook cistus labdanum in de basis maar die wordt niet vermeld.

Indigo Blue (eau de parfum) lijkt wel een klassieke Kenzo-mannengeur. Eerste indruk: een aquatische en spetterende golf op fougère-basis waarin citroen, munt, bloemen en kruiden aan het jongleren zijn. Gevoel: groenig-blauw, algachtig, onder water. Niet makkelijk om de bloemen er specifiek uit te plukken, zal wel weer zo’n totale bloemenformule zijn geleverd door de ingrediëntenproducent.

Geldt idem voor de kruiden (ik meen een vleug van rozemarijn te bespeuren). Geeft een fris na-douche-effect zonder dat de cleane witte musk het wint van het warme hout. De geur doet op een bepaalde manier vintage aan, want sterk leunend sterk op de aquagolf uit de jaren negentig onder aanvoering van Davidoffs Cool Water (1988) die onlangs ook met een indigo-variant (2025) werd uitgebreid.

Sport (eau de parfum) is volgens mij een oude formule uit 1999 gepromoveerd tot ‘couture-geur’. Heeft in ieder geval, iets wat je niet zou verwachten, meer diepgang dan Indigo Blue. En is eigenlijk geen sportgeur voor mijn gevoel. Komt door a: een opvallende lactone-noot die de geur een sluier van zachtheid geeft en b: het bredere van palet aan ingrediënten. Meer extra’s in alle lagen. Dus in de verplichte opening van citroen, bergamot en munt, ruik je ook de kamferachtige, licht zoet-groenige noot van alsem. In het hart geeft een specerijeninjectie van kruidnagel en peper de bekende bloemencombi jasmijn en roos een pittige opwaardering die in basis naast sandelhout en patchoeli extra accenten krijgt door leer, eikenmos, patchouli en vetiver. Maar alles in bescheiden verhoudingen. Geen niche, maar wel verrassend. 

Ik ben zelf uitgekeken op dit soort geuren, maar de gemiddelde ‘Vaderdagman’ zal het weten te waarderen, vooral ook omdat de geur Sport heet en dat geeft het iets casuals, maakt het minder ‘arrogant’ dan bijvoorbeeld een oudh-elixer. In de Couture-collectie verder nog Jeans Brut (inderdaad door Francis Kurkdjian) en Velours Intense (neus onbekend), maar ik vermoed…

OUDE & NIEUWE NICHE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 3, 2025
Geplaatst in: EDUCATIE, ENTERTAINMENT, NICHE. Een reactie plaatsen

WHAT WOULD YOU DO FOR LOVE?

PAS OP: LONG READ

Hiermee eindigde ik mijn laatste post: ‘Hoe mainstream zich nu in deze ‘best wel’ verwarrende tijden verhoudt tot niche, hoe ze elkaar wel of niet beïnvloeden, lees je in een volgende post’.

Hier een poging. Ervan uitgaande dat de niet afhoudende stroom aan nieuwkomers feitelijk niets meer dan oude wijn in nieuwe zakken is – ondanks hun beloften – blijft het voor de gemiddelde consument en zelfs voor Geurengoeroe nauwelijks te bevatten. Waarvan mijn recente bezoek aan de site van Pitti-parfumbeurs (vond drie weken geleden plaats) getuigt. Ik was benieuwd naar de exposanten. Zoals de Duitsers zeggen: Qual der Wahl, ofwel, ‘keuzekwaal’. Ofwel, mag het ietsje minder?

Van de 100 nogwat merken, kende ik alleen ‘maar’ (dit zegt natuurlijk meer over mij): Aether Parfums, The Different Company, Frapin, Hiram Green, Obvious, Molinard Parfums, Les Bains Guerbois, Floris, Comptoir Sud Pacifique, Caron, Teo Cabanel, Lorenzo Villoressi, Maison Incens, Rook, Jovoy, Eau d’Italie, Tauer, Olfactive Studio, Miller et Bertaux, Santi Burgas, Aedes de Venustas, Jacques Fath, Hunq, Pierre Guillaume, Ella K, Miller Harris, L. T. Piver, Farmacia SS Annunziata dal 1561 en Atelier des Ors.

Ook bij de overige participanten constateer ik al scrollende: in al hun verschillende creativiteit toch meestal ‘van hetzelfde laken een pak’. Dit is niet vanuit een negatief perspectief genoteerd; ik heb feitelijk bewondering voor mensen die het proberen met een nieuw parfumhuis. Terwijl ik tegelijkertijd denk: ‘Moet dit nu?’ De wereld gaat aan vlijt ten onder. En er zitten weinig merken bij waarvan je kunt zeggen: ‘Écht een andere kijk op het metier’. Gevaar daarvan is wel dat een dergelijk merk het moeilijk zal krijgen, want de gemiddelde consument, ook de niche, koopt wat het al kent, koopt wat in de algemene smaakbeleving als lekker wordt ervaren. 

Dat bewijzen de Nederlandse standhouders op de Pitti: Atelier Vesper, Blndr Grphy, Hunq en MMoire. Ik lees over Vesper: ‘We vertalen herinneringen, emoties en ervaringen in onze geuren. We hebben de ambitie om de markt positief te verstoren door betekenisvoller, inspirerender en waardevoller te zijn in het leven van mensen’. Eerder gehoord?

Dan de eerste woorden van Blndr Grphy op hun site: ‘Overstijgt de traditionele parfumerie door geur, visie en herinneringen te combineren en geuren te transformeren tot levende, ademende kunstwerken. Elk parfum is een ambachtelijke mix van emoties, plaatsen en connecties, geïnspireerd door cocktails die de essentie van unieke ervaringen en momenten vastleggen’. Eerder gehoord? Grappig in dit geval: de vermelding van ambachtelijk. 

Ligt het aan mij, maar Hunq heeft een behoorlijk gay-gehalte. Of ben ik nu ouderwets? Of doet het merk aan ‘queerbaiting’? Wil zeggen: de marketingtechniek waarbij wordt gehint op relaties van hetzelfde geslacht of andere vormen van LGBTQ+-representatie, maar dit niet uitbeelden (geldt dit ook voor Atelier Vesper? – zie foto). Echt geur-geil word ik er niet van want: kennen we nu wel de verheerlijking van het mannelijke lichaam in beeldtaal van geuren. MMoire heb ik al besproken in mijn post Gaap & Gaap. 

Zou er iemand van LVMH hebben rondgelopen op de beurs om nieuw parfumpotentieel te spotten? Iets wat natuurlijk de uiteindelijke droom van veel starters is, al zullen ze dat nooit hardop zeggen. Is het niet LVMH dan wel een van de andere giganten. Ze doen het af en toe wel maar alleen dan wanneer het merk een veelbelovende groeipotentie heeft en het zonder support van een geurgigant ook wel gered zou hebben, zij het minder snel. 

Queerbaiting by Hunq?

Let wel: LVMH (lees: oprichter Bernard Arnault) is, contrary to popular belief en zoals al eerder vermeld, erg conservatief in zijn aankoopbeleid, ook op parfumgebied. Zijn meest recente aankopen: Maison Francis Kurkdjian (die nu ook de Diorparfums erbij doet) en Officine Universelle Buly (een soort ‘après la lettre’ Santa Maria Novella).

Ooit verraste Arnault de couturewereld door Christian Lacroix’ huis in 1987 te backen, juist in een periode toen haute couture met uitsterven werd bedreigd. Maar directe winst was in geen velden of wegen te bekennen. Het beproefde antwoord bij korte termijnpolitiek: een (snel in elkaar geflanst) parfum. C’est la Vie, gelanceerd in 1990, flopperdeflopte en lag in no time bij de Etos als afdankertje omdat Madame Tout le Monde (in Nederland ook wel bekend als Jannie met de Pet) nog nooit van hem had gehoord. Kortom, Lacroix werd door LVMH verkocht (verliezen waren opgelopen boven veertig miljoen). En meneer Lacroix himself doet sindsdien allerlei vage opdrachten en wist Avon (!) te verleiden geuren onder zijn naam op de markt te zetten.

Als ik Arnaults adviseur was, zou ik hem twee voorstellen doen. Uit de Pitti-participanten die ik ken zou ik Pierre Guillaume kiezen. Gaat als ‘levende’ parfumeur – hij is geen gereanimeerd vintage parfumhuis – al een tijdje mee en maakt in ieder geval uitdagender geuren dan Francis Kurkdjian. Daarnaast (klasssiek-veiliger wordt het niet): Jacques Fath.

Dat begrijpt Arnault. Want Fath was ooit een, zoals dat heet, legendarisch couturehuis met dito geuren (ik bezat een vintage Canasta, en natuurlijk het parfum omringd met zoveel mysterie: Iris Gris). Na een tournee langs diverse eigenaren is  www.panouge.com nu de licentiehouder, en de nieuwe geuren schijnen het redelijk te doen.

Alleen kan de presentatie prestigieuzer (ik heb Lilas Exquis besproken). Als Arnault echt slim is heropent hij Jacques Fath ook als couturehuis onder auspiciën van LVMH naturellement. As we speak, LVMH is nu aan het oefenen met Jean Patou. Eveneens een legendarisch couturehuis met dito geuren. 

Wat zal het uiteindelijke creatieve resultaat zijn? Ik denk inwisselbare couture- en parfumchic die je inmiddels op elk legendarisch wakker gekust couturehuis kunt plakken. Want dat is de modus operandi van LVMH: aangekochte celebrities, mode- en couturemerken in een luxeblender stoppen, met als uitkomst: niet helemaal hetzelfde, niet helemaal anders, maar perfect passend wat op een bepaald moment als chic en modieus wordt gezien (hoewel dat bij Rihanna’s fashion brand Fenty niet helemaal is gelukt).

Zo kun je de parfumadvertenties van Dior zo een, twee, drie ook op die van Fath en Patou plakken. En Arnault weet dat zijn powerhouse Dior – waarmee het voor hem allemaal begon en hem multi-miljardair maakte – als merk niet het eeuwige leven heeft, en zo maar uit de gratie kan raken. Bernard Arnault en zijn kinderen (opvolgers) reageerden in ieder geval niet zichtbaar enthousiast op de eerste show van de net aangestelde Jonathan Anderson (voormalig ontwerper voor Loewe, ook onderdeel van LVMH).


Van links naar rechts: vrouw (ex-model) van zoon Arnault, Arnault, Brigitte Macron, dochter Arnault, Johnny Depp tijdens Jonathan Andersons Diorpremière

En dat Parfums Dior op marketinggebied alleen nog maar kan grossieren in clichés, bewijzen de nieuwe commercials. Voor de man: stoer, mannelijk, ruig, ontheemde omgeving. Voor de vrouw, of zullen schrijven, voor het vrouwtje kinderdachtige, uitgekouwde Parijs-romantiek. Zie Johnny Depp – waarschijnlijk verplicht present bij de Andersons prêt-a-porterpremière – voor de nieuwe Sauvage Elixir-reclame.

Op de eerste plaats, hij bewijst dat veel celebs een parodie van zichzelf worden. My God, wat een treurnis. Doodserieus zonder een greintje zelfspot. In een desolaat Amerikaans decor – ik hoef de ‘making of’ niet te zien en het prijskaartje idem – zegt hij met een met liters alcohol doorwrochte stem dat ‘in the wild everything is in front of you’. Come again? And what’s behind? Vervolgens zoekt een puma (?) of een soort van wilde kat (lynx?) rust aan zijn voet – de woestheid getemd? Blablabla.

Nog meer blablabla presenteert tuthola Nathalie Portman met ‘haar’ nieuwe Miss Dior Essence. In een wervelend decor – lachend door een straat, duikend in het water, bibliotheekbezoekend, lekker rennend en vooral veel achteromkijkend over trappen en op het strand, want achtervolgt door een lover – word je geleid naar een dak (in Parijs natuurlijk) waar ze verliefd in de camera kijkt en aan de kijker vraagt ‘And you? What would you do for love?’

Mijn advies als je wilt dat je relatie niet aan een couture zijden draad komt te hangen: koop deze middelmaat niet. Misschien, als het echt niet anders kan, een geur uit La Collection, maar voor hetzelfde geld koop je een mooiere, lekkere en meer verfijnde geur bij een nichemerk. Happy hunting!

POLITIEKE CORRECTE EN/OF FOUTE PARFUMS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op september 14, 2025
Geplaatst in: Uncategorized. Getagd: art, china, donald-trump, travel. Een reactie plaatsen

BESTAAN DIE?

PLUS: THE BIG PERF

BESTAAN DIE? 

PLUS: HOE NICHE IS NICHE NOG?

Delphine en Alexandre Arnault met vader (fluisterend tegen zoon) bij de inauguratie president Trump

Soms vallen dingen decennia later op zijn plaats. Zoals deze – voorafgegaan door wat privé-opschepperij: Geurengoeroe heeft onder zijn ware naam – Erik Zwaga – in 1998 Bernard Arnault voor het eerst aan het Nederlandse volk gepresenteerd met een portret van hem in HP/De Tijd. Titel: Wolf in Kasjmier. 

Uit mijn research, kan ik me nog herinneren, bleek dat monsieur Arnault toen al behoorlijk rechts van het politieke midden stond. Dus toen François Mitterand in 1981 president werd, besloot Arnault te emigreren naar de Verenigde Staten omdat hij daar als beginnend zakenman niet gedwarsboomd zou worden door allerlei veronderstelde antikapitalistische maatregelen geïnitieerd door de nieuwe socialistische regering in Frankrijk. 

Een taxichauffeur in New York deed hem van mening veranderen – zo gaat het verhaal. Op Arnaults vraag: ‘Waar denk je aan bij Frankrijk?’, antwoordde die: ‘Dior!’ Als zo’n eenvoudige man deze naam – nog – kent, dat betekent dat het nog potentie heeft. Dacht Arnault. De rest is geschiedenis: Arnault is inmiddels algemeen directeur van LVMH, een jaarlijks te veel miljarden omzettend conglomeraat van luxebedrijven waaronder Dior. Terzijde: is Dior nog wel een luxemerk te noemen ondanks zijn haute couture, maar dat is een ander onderwerp.

Nu door naar de inauguratie van Donald Trump in 2025. Wie was een van de genodigden? Yep, Bernard Arnault, die en passant de Europese staats- en regeringsleiders opriep – nadat Trump zijn protectionistisch tariefoffensief was begonnen – de handelsspanningen met de Verenigde Staten op een ‘vriendschappelijke’ manier op te lossen. Niet zo vreemd dit verzoek: LVMH genereert 25 procent van zijn omzet in de Verenigde Staten en die zit behoorlijk in een neerwaartse spiraal, ondanks de overname van de juwelier Tiffany’s uit New York.

Lang verhaal kort: Arnault is al sinds de eerste ambtstermijn van Trump very intensief rubbing shoulders met hem – dochterlief Ivanka bedankte op haar socials Dior voor haar nieuwgemaakte fifties vintage haute couture deux pièces voor pappa’s tweede inauguratie-feestje. En monsieur Arnault blijft er alles aan doen om maar niet in ongenade te vallen. Zoals, een klein detail, maar toch: tijdens de renovatie van Louis Vuittons flagshipstore in New York huurde het een pand van de Trump Organization aan de overkant van 57th Street voor de tijdelijke winkel. 

Daarnaast belooft Arnault flink te investeren in de Verenigde Staten. Dit weer tot ongenoegen van de Franse president Macron, dit sinds de tweede verkiezing van Trump tot president heeft opgeroepen tot een stop op Amerikaanse investeringen door Franse en Europese bedrijven.

Waarom schrijf ik dit allemaal? Om een kwestie voor te leggen. Kan een parfum kopen een politieke of principiële keuze worden? Ik ga ervan uit – excusez volgend arrogante vermoeden – dat de meeste consumenten hier niet bij stilstaan (hoeven dat natuurlijk ook niet). Ik bedoel: ben je niet bepaald gecharmeerd van wat Tariff Trump allemaal al zo doet, dan kun je bijvoorbeeld stoppen – als symbool – met het kopen van producten – in ‘ons’ geval – parfums van Amerikaanse makelij. 

Bijvoorbeeld de merken die onder The Estée Lauder Companies vallen. Inmiddels meer dan je denkt: naast haar ‘eigen’ geuren ook Aerin (supertut-hola geuren van Estée’s kleindochter), Aramis (nieuwste geur, over creatieve armoede gesproken, Intuition, was dat ooit ook niet een geur van…?), By Kilian, Tom Ford, Le Labo, Frédéric Malle, en Jo Malone. Nieuwste acquisitie: Balmain Parfums. 

In plaats van America Fragrance First, ‘dan maar’ overstappen op geuren van Europese snit? Men neme die van Kenzo, Guerlain, Dior, Francis Kurkdjian, Givenchy, Bulgari, Celine, Officine Universelle Buly, Fresh, Marc Jacobs, Loewe en Acqua di Parma. Maar die vallen allemaal nou nèt weer onder LVMH, dus Bernard Arnault. Als SuperTrumper geraak je in ieder geval niet in gewetensnood: keuze te over. 

Wat ik me ondertussen wel afvraag: wat vinden de LVMH-labels met al die hippe, ‘inclusieve’ en ‘woke’ ontwerpers aan het hoofd zelf van deze hielenlikkerij, het belangen behartigen van hun baas der bazen? Men neme ‘celeb designer’ Pharell Williams voor Louis Vuitton. Heeft die een zwijgplicht, mag die geen politieke statements – meer – maken of interesseert het deze Afro American allemaal niet? 

Iets anders: als je alleen de parfummerken van LVMH en The Estée Lauder Companies optelt, dan heb je al een groot deel van de cake te pakken. Neem daarbij L’Oréal – heeft u even: Aesop, Giorgio Armani, Azzaro, Cacharel, Diesel, Kiehl’s, Lancôme, Ralph Lauren, Yves Saint Laurent, Maison Margiela, MiuMiu, Mugler, Prada, Valentino, Viktor & Rolf plus Atelier Cologne. 

Neem daarbij Puig met kassakrakers als Gaultier en Rabanne. Met klassiekers als Nina Ricci, Carolina Herrera (wat een baggergeuren lanceren die as we write), Alfredo Dominguez. Met nieuwkomers Dries van Noten en Christian Louboutin. Met nichers als L’Artisan Parfumeur en Byredo. 

Neem daarbij Coty. Neem gerust de tijd, ik noem alleen de high end-merken: Burberry, Calvin Klein, Chloé, Dolce & Gabbana, Gucci, Hugo Boss, Lacoste, Marc Jacobs, Tiffany & Co. Opvallend: inmiddels verdwenen uit deze portfolio: Alexander McQueen, Stella McCartney, Bottega Veneta  – waar zijn die gebleven?

Nog een kleintje, maar toch: EuroItalia. Produceert de geuren van Cavalli, Dsquared, Michael Kors, Missoni, Moschino, Elie Saab, Trussardi, Versace en – grappig! – Atkinsons.

Bijna vergeten Interparfums. Denk aan Boucheron, Ferragamo, Guess, Jimmy Choo, Donna Karan, Lagerfeld, Lacoste, Lanvin, MCM, Montblanc, Rochas, Van Cleef & Arpels en Oscar de la Rente.

Helemaal vergeten: Shiseido en zijn ‘subsidaries’ Issey Miyake, Narciso Rodriguez, Serge Lutens, Tory Burch en Zadig & Voltaire. En daarnaast nog zoveel kleinere producenten van mainstreamparfums over het hoofd gezien.

Maar bij elkaar opgeteld, kun je stellen dat deze Big Five, Six, Seven of Eight, The Big Perf vormen. En Chanel natuurlijk! In hun wereld zijn ze even machtig als The Big Tech. Mocht je je wel eens vragen waarom het aanbod in de ketenparfumerie zo monotoon en slaapverwekkend voorspelbaar is en weinig aandacht heeft voor nieuwkomers? En als het nieuwkomers zijn, dan voornamelijk geleverd door merken onderdeel van de Big Perf?

‘Maar Geurengoeroe, naast deze ‘hofleveranciers’ van de (inter)nationale parfumketens, heb je toch ook al sinds, pak’m beet, midden jaren negentig nichegeuren? En die hebben inmiddels toch een groot deel van de koek te pakken?’

Even wat cijfers – als je AI moet geloven: ‘Hoewel de specifieke marktomvang per rapport en tijdsbestek varieert, werd de wereldwijde nichemarkt in 2025 geschat op ongeveer 2,74 miljard dollar en zal naar verwachting in 2034 5,73 miljard dollar bereiken met een jaarlijks groeipercentage van 8,54 procent. Dat is dus nog steeds peanuts – AI wederom dank u wel – vergeleken met de globale markt van mainstreamparfums: in 2024 bij benadering 50,46 miljard dollar. 

Maar hoe mainstream zich nu in deze ‘best wel’ verwarrende tijden verhoudt tot niche, hoe ze elkaar wel of niet beïnvloeden, lees je in een volgende post. 

AAN DE ‘BIG SMELL’ ZIT EEN LUCHTJE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op september 4, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND. Een reactie plaatsen

GRONDSTOFLEVERANCIERS VERDACHT 

VAN PRIJSAFSPRAKEN & ANDER ONGEIN

Promo van dsm-firmenich

In mijn recente Facebookpost vergis ik me: ik dacht namelijk dat met de Big Smell de grote (mode)namen in de parfumwereld werden bedoeld, maar het blijkt te gaan om de producenten van de ingrediënten. The Economist meldde dat terwijl tijdens de Simppar-beurs – waar parfumeurs en ingrediëntenleveranciers topics behandelden zoals weersinvloeden en strengere regelgeving – er een ander onheil in de lucht hangt. Namelijk het antitrustonderzoek naar de vier wereldwijde parfumgiganten: IFF, Symrise, Givaudan en DSM-firmenich. 

Samen domineren ze 58 procent van de wereldwijde parfum- en smaakstoffenmarkt (die zowel leveren aan de luxe- als massamerken) met een gemiddelde jaaromzet van $ 60 miljard. Maar hun dominantie staat nu onder druk: de autoriteiten van de EU, Zwitserland, VK en de VS onderzoeken vermeende prijsafspraken en marktverdeling, wat kan leiden tot civiele en collectieve rechtszaken. 

Er zijn vermoedens dat deze bedrijven ‘hun prijsbeleid hebben gecoördineerd, hun concurrenten hebben verboden om aan bepaalde klanten te leveren en de productie van bepaalde geuren hebben beperkt’. Er is dan sprake van oligopolie.

Daarnaast wordt deze geurgiganten verweten dat ze niet als partners opereren – wel als poortwachters. Wanneer je aan hen ‘uitlevert’, koop je geen geur – je huurt toegang tot een black box die je nooit kunt openen. Onmogelijk bijvoorbeeld om te controleren of veranderingen in regelgeving worden nageleefd. Denk aan nieuwe gegevens wat betreft ingrediëntenveiligheid.

Grappig: zo kijk je toch anders naar de Instagram-pagina van Givaudan (die ik volg): wat hebben ze het toch allemaal leuk met elkaar bij de presentatie van de ‘teveelste’ flanker van Narciso Rodriquez.

Het tumult heeft inmiddels gevolgen: één invloedrijke CPG (Consumer Packaged Goods)-klant, Unilever, heeft drie van de giganten aangeklaagd en investeert tegelijkertijd € 100 miljoen in de ontwikkeling van eigen parfums. Dat laatste op zich is interessant: Unilever bezat ooit een bloeiende parfumtak (Calvin Klein, Nino Cerruti, Karl Lagerfeld, Elizabeth Taylor) maar verkocht die rond de millenniumwissel. Altijd een voorbeeld van kortetermijnpolitiek gevonden.

Los van de financiële consequenties, is er volgens The Economist ook sprake van reputatieschade: ‘De juridische problemen kunnen het merkvertrouwen schaden vooral omdat Generatie Z de vraag naar parfum aanwakkert’. Dat laatste snap ik niet. Hoe moet die generatie daar dan op reageren? Door geuren te kopen samengesteld door kleine onafhankelijke ingrediëntproducenten terwijl Generation Z over het algemeen gaat voor de grote namen – de Diors, de Chanels, de Gucci’s. 

Gelukkig komt The Economist met een oplossing: steek als producent meer energie in customer experience-programma’s, implementeer NetPromoter-statistieken (maatstaf voor klantloyaliteit gebaseerd op ‘hoe waarschijnlijk is het dat u dit bedrijf aanbeveelt aan een vriend of collega?’ op een schaal van 0 tot 10), vergroot de transparantie en streef meer ethische innovatie na (iets wat merken/personen in gewetensnood wel vaker doen). Zal allemaal wel, want je vraagt je af of mensen (consumenten en opdrachtverleners) hierin echt geïnteresseerd zijn). 

Wat The Economist niet vermeldt: het landschap verandert al. Transparantie wordt een concurrentievoordeel voor producenten die prioriteit geven aan gelijkgestemde partners, hun veiligheidsclaims valideren en parfum behandelen als een strategische asset – niet als een leveranciersrelatie. Veel nichemerken betrekken trouwens hun ingrediënten al van kleinere producenten en sommigen beginnen al hun eigen ingrediënten te kweken.

Trouwens, ik ben me ook in het verdiepen in de Big Frag – want je kunt je inmiddels afvragen of de klanten – L’Oréal, Shiseido, LVMH, The Estée Lauder Companies, Chanel, Coty, Puig – van deze vier geurgiganten inmiddels niet een te groot marktaandeel hebben. En net zoals Google het de concurrentie extra moeilijk maakt een gezond marktaandeel te krijgen. Zie het monotone en ‘monopolistische’ aanbod van Ici Paris XL en Douglas, en je weet eigenlijk genoeg. Wordt vervolgd.

MOETEN PARFUMS DE-KOLONISEREN? 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 10, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET C, OPVALLEND PARFUMNIEUWS, VINTAGE, ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?. Een reactie plaatsen

COLONY JEAN PATOU

MET TERUGWERKENDE KRACHT

PARFUMNAAM GELINKT AAN ‘FOUTE’ GESCHIEDENIS

Ongeveer een jaar geleden kreeg ik ongevraagd mail van een blijkbaar nieuw parfumblog. De naam: A Hundred Million Bottles. Wie erachter zit, weet ik niet en interesseerde me eigenlijk ook niet, gezien bij de mail een vriendelijke ‘koopverplichting’ zat. Het eerste verhaal was free, daarna moest ik lid worden voor meer. Doen we niet. Toch kreeg ik vervolgens het ene na het andere verhaal in mijn postbus. 

Een paar dingen stoorden me bij het lezen: het uitventen van zijn/haar/hen kennis plus de veronderstelde interessante en intellectuele invalshoeken die voor mijn gevoel de gemiddelde parfumliefhebber vermoeid doet afhaken (ervaring heeft me dat geleerd). 

Wat het meest irriteerde: geen humor. Alles vaardig geschreven dat wel, maar waarbij ik me toch bleef afvragen: ‘Wat wil je nu?’ Indruk maken bij con-cullega’s die met hetzelfde aplomb hun scherpzinnigheid zó (lees: té) literair weten te verwoorden op de internationale online parfumpodia?

Bij een recente post van hem/haar/hen werd het me te kwaad. Wat wil het geval: met terugwerkende kracht én met de kennis en het inzicht van nu een couturier schuld in de schoenen schuiven voor een ooit gelanceerd parfum. A Hundred Million Bottles vond de naam fout, want daarachter schuilde zoveel leed. Sterker, de dus verachtelijke naam verheerlijkte het koloniale verleden van Frankrijk. 

Couturier in kwestie: Jean Patou (een van de origineelste couturiers zeker op parfumgebied). Parfum in kwestie: Colony (nooit geroken dit ananas-chypre-leer-parfum). Het verwijt: ‘Toen Colony in 1938 uitkwam was het voor velen duidelijk dat oorlog dreigde in Europa. In die context kunnen Patou’s cocktails aan het strand opgevat worden als een olfactorische reclame voor de koloniale gebieden, waar degenen met geld een toevluchtsoord vonden tegen de naderende storm. Voor die niet konden vluchten, gaf Colony misschien op zijn minst een gevoel van optimisme, een zonnige cocktail van een geur om de naderende duisternis te verlichten’.

Dat is me nogal een, zeg maar ‘woke-verwijt’. De blogger gaat helemaal voorbij aan het feit dat tijdens het interbellum het verschil tussen de klassen nog (soort van) vanzelfsprekend was – ik durf te stellen – in heel de wereld. Dat je als land koloniën had, daar waren de meeste inwoners trots op. Was een vanzelfsprekendheid. ‘Bij ons’ gold toch ook: ‘Indië verloren, rampspoed geboren’.

Je kunt de elite van toen dus niet verwijten dat ze letterlijk vluchtgedrag vertoonden. Als ze dat al aan de dag legden en het konden – wat ik overigens betwijfel. Het feit dat de geabdiceerde Edward VIII met zijn Wallis Simpson in 1940 gouverneur van De Bahama’s werd – toen een niet bepaald te benijden positie – bevestigt onder meer mijn vermoeden in deze. 

Even doordenken: een vrouw die een couturejurk in 1938 koopt bij Jean Patou, wat verwijt je haar? Dat ze oppervlakkig is, geen kranten leest, geld in overvloed heeft, haar personeel misschien wel kleineert? Terzijde: wat zou de blogger denken van de Kardashian-clan in deze rumoerige, oorlogsdreigende tijden? 

De ‘J’accuse’-aanklacht is nog niet over: Jean Patou, nog beroemder vanwege zijn Joy (‘het duurste parfum ter wereld’ – door de International Fragrance Foundation in 2000 uitgeroepen tot het beste en mooiste parfum van de twintigste eeuw) lanceerde dit in 1930 toen de Grote Depressie toesloeg. A Hundred Million Bottles: ‘Dit kan worden gezien als een gebrek aan sociaal geweten. We zouden Colony in hetzelfde licht kunnen interpreteren; het beeldde een visie op koloniale luxe uit alleen toegankelijk voor de elite. En misschien de lakeien uit de middenklasse die ernaar streefden om als bestuurder of politieagent een stukje van het imperium te proeven’.

Tut. Tut. Tut. Ik stel hier tegenover: Jean Patou was niet wereldvreemd, hij wist dat er meer speelde buiten zijn ‘couture-coterie’ in het eerste arrondissement van Parijs – ik vermoed dat hij ook wel eens sprak met zijn modinettes. Hiervan getuigt – olfactorisch gesproken – het in 1936 gelanceerde Vacances dat de door de vakbonden bedongen doorbetaalde vakanties van werknemers vierde. 

Dit soort commitment/humor is tegenwoordig bij luxemerken ondenkbaar – Dior die ‘de gele hesjes’ sponsort met een parfum en hen aanmoedigt voort te gaan met de strijd?

Ondenkbaar. Luxemerken ondersteunen voornamelijk fotogenieke popsterren, modellen, acteurs, sporthelden en tot tranen toe sentimentele goede doelen die het qua ‘like’, ‘respect’, ‘humble’, ‘grateful’ verdomde goed doen op de socials.

Door filosoferend met het verwijt van A Hundred Million Bottles indachtig: zoveel parfums zijn terugblikkend zo verschrikkelijk fout. Open de patrijspoorten! Neem – we beginnen met de opkomst van de moderne parfumindustrie – Eau de Cologne Impériale van Guerlain. Uit 1853. Een ‘eaubade’ op de vrouw (keizerin Eugénie de Montijo) van Napoleon III die het jaar daarvoor middels een staatsgreep aan de macht was gekomen. Foei!

Of pak al die parfums op maat gemaakt door Guerlain, Creed, Houbigant, Atkinsons en andere huizen die voor leden van een koninklijk huis – driewerf foei! Zouden de onderdanen het beter hebben gehad als deze customized geuren níet waren geproduceerd?

Come to think of it: met Opium (1977) was ook heel veel mis. Daar moest zelfs een rechter ingeschakeld worden – kort door de bocht: de Chinese gemeenschap voelde zich beledigd – die uiteindelijk in het voordeel van Yves Saint Laurent besloot. 

Hoe te eindigen? Heb ik geen leuke uitsmijter? Misschien deze: hoe verder we verwijderd van het origineel raken, des te platter, armoediger (in lifestylekringen heet dat dan minimalistisch) klassieke geuren over het algemeen worden gepresenteerd. Zie de werdegang van Colony. 

Maar misschien ze we de geur (en andere Patou’s) binnenkort in al zijn (hun) oude glorie (of treurige ‘nieuwe zakelijkheid’) terug. Patou heeft zijn deuren als modemerk (onderdeel geworden van LVMH) weer geopend. Dan moeten de geuren ook wel volgen – daar wordt het geld uiteindelijk mee verdiend.

Patou presenteert zich nu nog bescheiden: de luxe consument wordt langzaam voorbereid. Het luxeconglomeraat heeft binnenkort wel een nieuwe ster nodig, aangezien Dior (heeft net de ontwerper van Loewe binnengehaald) nu wel over zijn hoogtepunt heen is en Loewe (ook LVMH) minder ‘Gucci’ schittert dan verwacht, en concurrenten als Valentino (daar heeft de ontwerper van Gucci net plaatsgenomen), Balenciaga (die is net verhuisd naar Gucci en die van Valentino is net binnengekomen) en met name Schiaparelli de meeste aandacht opeisen.

OLFACTORISCHE ILLUSIE VAN EEN LENTE-ZOMERWEI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 11, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, GEURENALFABET S. Een reactie plaatsen

SOMERSET MEADOW CRABTREE & EVELYN 

EAU DE COLOGNE ACOH

BALMAIN DOOR DE KIM KARDASHIAN-GLAM GEHAKTMOLEN

Ik dacht onlangs nog – hoe kom je er in hemelsnaam op, kun je je ook afvragen – hoe zou het met Crabtree & Evelyn gaan? Ik had ooit een mooie rozengeur van dit van oorsprong Amerikaanse merk (anno 1971).

Zoals: bevindt de winkel zich nog in de Kalverstraat? Check: Nee, zit nu op de Hogehilweg 7M in Amsterdam. Alleen kantoor vermoed ik. Dubbel check: maakt het nog geuren? Afgaande op hun huidige site: not really. Voornamelijk bodyproducten en allerhande ‘waarom-in-hemelsnaam’-accessoires. De werkelijkheid blijkt weer ernstiger: de oprichters verkochten de keten in 1996. Daarna meerdere malen doorverkocht, zoals aan de Nan Hai Corporation (Hongkong).

Parfumpech onderweg: de fysieke winkels werden minder winstgevend – talrijke sluitingen in 2009. In 2018 alle retail- en groothandelsactiviteiten stopgezet. En toen: in 2019 gelanceerd als online-only retailer. En toen: de Amerikaanse en Europese websites stopten 2022 met alle verkopen. Zo kan het dus gaan. Wat resteert is een vage ‘Aziatische’ verkoopsite: www.crabtree-evelyn.com. 

Next thing you know, sta ik bij de kassa in een tweedehandswinkel (Kampen), zie ik een aantal afgedankte geuren. Toch maar gekeken, toch maar gekocht. Comme une Evidence van Yves Rocher, 50ml edp € 3,50. Vintage (!) Vent Vert Balmain, 30ml edt €1,00. Deze twee waren te lezen zonder bril. 

Bij de andere twee zag ik alleen Somerset Meadow (60ml edt € 3,50) en Eau de Cologne (100ml € 2,95) op de flacons. Ik kon ter plekke dus alleen maar ruiken. Somerset Meadow: niet verkeerd zoals dat heet. Goede kwaliteit. Groen, voorjaar, knisperend, lentewei. Dat gevoel. Eau de Cologne: eerder een mist op basis van petitgrain en zoete sinaasappelachtige sensaties. 

Met de bril op thuis bleek de eerste dus van Crabtree & Evelyn, de tweede wéér een voor mij nog onbekende eau de cologne van Nederlandse makelij: Acoh Wijk bij Duurstede 100ml € 2,95. 

Somerset Meadow stamt uit 2013 en omschreven als een bloemig-fruitige geur voor vrouwen. Het is een soort van idylle. Stel je voor: ontspannen dwalend door met ‘wilde’ bloemen begroeide weiden en zachtgroene velden. De drie ijsheiligen hebben we gehad, de aarde is herboren. Opvallende noten: klimop, teder-ruw maar hardnekkig en zijdezachte waterlelie. Ze vormen de kern, het geraamte, present van begin tot eind waardoor het een licht maar toch verkwikkende, groen getinte bloemenstructuur krijgt.

Maar eerst een opening met pittige citrusvruchten; laat het groen sprankelen, terwijl braam fruitigheid toevoegt. Een briesje waait om ons heen terwijl we verder door het zachte gras lopen begroet door bloemige noten.

Klassiekers in dit geval: een robuuste roos barstend uit haar knop, vergezeld door jasmijn geaccentueerd met hints van sering en narcis. Mooi hoor. En als je het dieper op je laat inwerken bespeur je viooltje. Hoewel het groene gevoel blijft, met de bloemen die komen en gaan, is de afronding puur, licht. Een mooie balans tussen musk en hout zonder dat het grasachtige groen verloren gaat. 

Fascinerend om te zien dat sommige bedrijven/geuren toch voor altijd verloren gaan in het grote niets doordat ze niet door het www zijn opgenomen, vermeld, gesignaleerd. Geldt dus voor de Eau de Cologne van Acoh (Wijk bij Duurstede). Schakel je Google hiervoor in dan kom je bij de lokale Albert Heijn terecht, en AI Overview stelt: ‘Acoh staat waarschijnlijk voor ‘Algemeen Christelijk Onderwijs Hilversum’, maar dit is niet gevestigd in Wijk bij Duurstede. Wijk bij Duurstede is een gemeente in de provincie Utrecht, bekend om zijn rijke geschiedenis als Dorestad en de huidige trekpleisters zoals de vesting, de Kromme Rijn, en de omliggende dorpen Cothen en Langbroek’. Nou moet ik zeggen dat er niet veel verloren is gegaan met deze eau de cologne. Ik ben het bedrijf wel één keer tegengekomen op www.delper.nl.

Tenslotte de Vent Vert is goed gebleven, en hoe! De galbanum spettert je geweldig tegemoet – doet bijna pijn aan je ogen – verweeft zich duidelijk maar sierlijk met de bloemen. Is voor mij weer een bevestiging dat dit een van de beste parfums aller tijden is.

Scherp, niet aanstellerig-pleasing maar soort van op proef stellend, de gebruiker uitdagend. Ik durf alleen niet aan de nieuwste versie te ruiken. De hele parfumafdeling van Balmain is trouwens gerestyld.

Ziet me er allemaal te gelikt, te monotoon, te ‘Kim Kardashian’ uit. De drie key-notes van Vent Vert zijn nu: groene mandarijn, jasmijn, zwarte bes. Hellup! Come again? Absurde prijzen ook hier weer: 50ml € 190,00. Donder op! Refill 150ml € 400,00. Fuck you! Drie maal € 190,00 is € 570,00. € 170,00 korting! Joepie!

En de andere klassiekers – Jolie Madame, Monsieur Balmain, Miss Balmain – zijn in het vuilnisvat gestopt – Carbone, Ivoire, Ébène gelukkig niet maar zullen ook aangepast zijn – en vervangen door nieuwkomers met nietszeggende clichénamen: Rouge, Blue Infini en Sel d’Ambre. Niet zo vreemd: de licentie is in handen gekomen van The Estée Lauder Companies; deze naam is inmiddels helaas een garantiebewijs voor inwisselbare Kim Kardashian glam-esthetiek geworden. 

VAN REUKERWT NAAR HOLLANDS MUISJE 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 4, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, ENTERTAINMENT. Een reactie plaatsen

OF VICE VERSA?

EEN VERGETEN GESCHIEDENIS

Van reukerwt….

Ik heb een zwak voor uitdrukkingen en gezegden. Spitsvondig of dom, maakt me niet uit. Als er maar een soort levenswijsheid in zit verborgen. Neem deze, eeuwenoude uit het Duitse taalgebied die ik geregeld prevel wanneer ik iets verneem waarvan ik nog nooit eerder had gehoord: ‘Mann wird alt wie eine Kuh und lernt immer noch dazu’. Hoewel dat tegenwoordig voor de meeste koeien niet meer geldt, is de boodschap duidelijk. 

Ik had het onlangs met de siererwt/reukerwt (lathyrus). Een van mijn favoriete parfumblommekes: zacht, lieflijk met poederige ondertoon. Symbool voor zomer en sentimentaliteit. 

Zit zo: tot mijn stomme verbazing en oh heerlijke vreugd hebben sommige van de vorig jaar gezaaide lathyrus de winter overleefd. Opvallend: van de rijke diversiteit aan kleuren, resteren nu alleen wit en paars. En die zag ik reeds, enigszins jaloers, bij onze overburen jaar in, jaar uit terugkeren (ik woon dit jaar ‘al weer’ negen jaar op het platteland). Nu dus eindelijk in mijn eigen tuin. Hierbij moest ik een teleurstelling incasseren: deze overwinteraar ruikt niet noemenswaardig. Je ruikt iets vaags, maar niet echt de kenmerkende poederzachte bloemennoot. 

Naar Hollands muisje

Hoe kan dat nou? Ik begon een beetje te mijmeren en een beetje te googelen. Bracht me tot de volgende conclusie: als de lathyrus orodatus de winter overleeft dan transformeert hij tot de reukloze lathyrus tuberofus. En als je de laatste gaat googelen, dan kom je interessante ‘alte Kuh’-info (ofwel Aha-Erlebnis) tegen. 

Hiervoor gaan we terug in de tijd. ‘In de volksmond’ wordt de lathyrus tuberofus aardaker genoemd. Maar het zijn niet de bloemen waarom hij toen geliefd was, maar de knolletjes – die stonden eeuwen geleden al op het menu. Dat valt af te leiden uit de Nieuwe Herbarius van J. Fuchs (1543) en het Cruijdtboeck van Rembertus Dodonaeus of Dodoens (1608).

Hierin wordt de aardaker al vermeld, maar ook onder andere fantasievolle namen. Zoals eerdamandelen, muijsen met steerten, Zeeuwse castanien en eerdvijghen. In Zeeuws-Vlaanderen werd ze aardmuis genoemd, in Vlaanderen meisjes en jongens, en bloemkorfkens. In de Betuwe was ze bekend als muizen-met-staarten en aardnoot. De Van Dale neemt de aardaker voor het laatst in het Groot Woordenboek der Nederlandse Taal (8e druk, 1961) op, zij het ‘als onkruid in de bouwlanden en slechts bij uitzondering aangekweekt’. Het zij zo. 

Via www.permacultuur.org leer ik dat vroeger (zonder tijdspecificatie) de aardakker als groente werd gegeten en – we zijn weer thuis – er parfum uit werd gewonnen. Geteeld in de omstreken van Bergen op Zoom, op Overflakkee en de Zeeuwse eilanden, en geëxporteerd naar Frankrijk.

Je kunt je iets bij de naam voorstellen

Vandaar de naam: Hollands muisje. De knolletjes kook je als aardappels of pof je als tamme kastanjes. Daarnaast wordt vermeld dat de bolletjes tot plantaardige olie verwerkt kunnen worden. De bloemen, jonge scheuten en zaadpeultjes zijn ook eetbaar – dat verbaast me niets: ze zijn namelijk verwant aan peultjes/doperwten.

Ik moet volgens mij nog een paar seizoenen wachten eer ik zoveel knollen kan oogsten dat ik ze kan serveren. Maar de omschrijving van de smaak, maakt nieuwsgierig: zweemt naar die van amandelen. 

Terzijde: vertaal je Hollands muisje in het Frans dan krijg je ‘souris hollandaise’. Google je dat vervolgens dan begint de zoekmachine te haperen en verschijnt alleen maar ‘sauce hollandaise’ op het menu. Of… beschuit met muisjes. Als je dan er dieper op ingaat, kom je via de Franse Wikipedia erachter dat ‘souris de Hollande’ een ‘gesse tubéreuse’, dus een plantensoort is. Geen link met zijn rijke, voedzame verleden. 

WASANBON, IRIS HOMME PARFUM SATORI 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 26, 2025
Geplaatst in: MASSNICHE, NICHE. Een reactie plaatsen

SUBTIEL SUIKERTJE

C’EST SI BON

STOERE IRIS

GEMENE DELER MET VLEUGJE CHIC

Aangezien ik niet meer opsta en naar bed ga met parfum (nooit echt gedaan trouwens), www ik tegenwoordig altijd even of een merk nog wel in leven is. Vive Parfum Satori!  Mooi, kan ik nog twee geuren van haar bespreken (zie voor introductie Hana Hiraku): Wasanbon (2013) en Iris Homme (2010). Moet gezegd ten eerste: de oprichtster verdient de eerste prijs in de categorie Kleinste Proefje. Ik heb grote handen, I know, maar in deze xxs monstertjes – lees: lullige – zit misschien 1ml. Moet gezegd ten tweede: www voert je als niet-Japanner niet direct – zoekwoorden Parfum Satori – naar de meest voor de hand liggende site. Ik word verwezen naar waar de voertaal Japans is.

Na wat zoeken, kom ik bij een niet zo uitbundige en verzorgde Engelstalige site. Moet gezegd ten derde: ruikende aan Wasanbon en Iris Homme stel ik vast dat Satori Osawa minder authentiek Japans is dan gedacht. De subtiliteit die ze olfactorisch toepast wijkt niet veel af van de Europese niche-cultuur en haar filosofie/story telling zou geen enkel Frans parfumhuis misstaan. Zoals: ‘Geur heeft de kracht herinneringen vast te houden en te wekken’. Ze hoopt daarnaast dat haar creaties ‘het ritme van het leven van de gebruiker zal aanpassen, een moment van vrede zal brengen en een aanwijzing zal zijn bemoedigd te worden’. 

De teller bij Satori Osawa staat nu op 20. Iris Homme (2010) springt eruit qua naam: zo duidelijk Europees/Frans, ofwel internationaal direct te begrijpen. Staat in schril contrast met haar ‘mysterieuze’ Japanse namen. Het daarentegen al te duidelijke Musk Blue (2007) en Black Peony (2008) laat niets aan de verbeelding over. Vreemd deze mixmatch.

Iris Homme omschrijft ze als een ‘intelligente en elegante geur voor mannen die niet veel nodig hebben, die gewoon zorgvuldig geselecteerde, kwalitatief hoogwaardige spullen dicht bij zich willen hebben’. Nou, ik zeg: ‘Klopt’. Als je het gelooft. Voor hetzelfde geld: Iris Homme is très toegankelijk – de opening van citroen, kardemom en oranjebloesem leidt niet echt af, vervlogen eer je er erg in hebt (het knisperende viooltjesblad houdt iets langer aan).

Je ontmoet de poederige iris namelijk direct, maar niet zoals we hem kennen; maar stoer gemaakt, ingepakt door een stevige amber-musk-combinatie (met op de achtergrond een ‘bloemig verlangen’ van jasmijn). Als je de tijd neemt, bespeur je op het einde een soort van wierookwarmte, maar dat kan ook de som der delen zijn. Met andere woorden: best wel klassiek, best wel ‘Vaderdagachtig’. Ik heb op de een of andere manier associaties met Prada-geuren voor mannen: gemene deler met een vleugje chic. 

Wasanbon is van een andere orde. Komt wellicht door de inspiratie: een fijnkorrelige suiker traditioneel gemaakt in Shikoku. Bekend om zijn delicate zoetheid voornamelijk gebruikt in zoetigheden (wagashi). ‘Bedekt met een sprankelende, fijne glans, smelt het zachtjes in je mond als lichte sneeuw’.

De naam zou afkomstig zijn van de Japanse woorden ‘Japans’, ‘drie’ en ‘schalen’, verwijzend naar het proces waarbij de suiker drie dagen lang op schalen wordt gekneed. Nu komt er een woordspeling inhakend op de Europese markt, want het draagt ​​ook de betekenis van ‘Wa sent bon’, ofwel ‘de aangename geur van Japan’.

De eerste impressie bij mij: lijm, plastic, gelig. Alsof Rei Kawakubo van Comme des Garçons over de schouder heeft zitten meekijken. Vreemd, wierdo. Maar dan een en al vertrouwheid, een en al lieflijkheid, een en al gourmand. Heel mooi de honingachtige mimosa (die extra zoet en suikerachtig aanvoelt) in combinatie met lelietje-van-dalen.

Amandel garandeert het vertrouwde, het sentimentele in de geur die zalig-rustig neerdaalt op bedje van vanille en poederige iris (die garandeert dat het niet te zoet wordt en dus de gemiddelde ‘kermis-gourmandgeur’ ontstijgt). Mooi en fijn, dat je ondanks deze sentimentaliteit een zekere verankering ruikt in de hoedanigheid van guaiac. Ook wel bekend als verawood en palo santo met zijn ‘(wie)rokerige’, tabakachtige noten. Ruik je goed. Chic.   

LUCA ALTREVIDO COSMÉTIQUES DESIGN PARIS 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 25, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET L, MASSNICHE. Een reactie plaatsen

SENSUEEL HOUT

‘STOER ÉN TOCH CHIC’

CLICHÉ, TESTORONAANJAGENDE MANOSFEER-GEUR

SCHURENDE AAN NICHE

De ex-vriendin van een tijdens corona, maar niet door corona overleden zwager, was een paar dagen op bezoek. Ze is begiftigd met een zeer goede neus en neemt altijd de tijd om een of twee geuren die her en der door het huis staan te proberen; te onderzoeken. En brengt vervolgens verslag. 

Ik was nogal stupéfait toen ze Luca Altrevido (uit 2021) van Cosmétiques Design Paris (waar dit merk precies is gesitueerd en wat het exact doet wordt niet duidelijk op www) ruim complimenteerde. Ik zelf had de geur eigenlijk geen blik waardig gegund.

Hij was onderdeel van een (teleurstellende) ruil die ik een paar jaar geleden via Marktplaats (eens maar nooit weer) had gedaan. Paar keer aan geroken en dacht: weer zo’n goedkope net niet oudh of iets met wood, weer zo’n geur die je even een niche-feel geeft, maar weldra verdwijnt in een nietszeggend iets. Met andere woorden een vage, cliché-stoere, testoronaanjagende manosfeer-geur. 

Ze zei: ‘Grappig. Stoer en toch chic. Lekker warm’. Ik dacht: ‘Zou ze al een lichte vorm van dementia precox leiden? Toch maar weer eens proberen. En verdomd. Over mijn vooroordeel stappend – moeilijk; had Luca Altrevido inmiddels tot wc-eend gedegradeerd – rook ik ook meer. 

Wel moeilijk om echte finesses te ontdekken: de geur komt als ontplofte deur (trending topic afgaande op Opsporing Verzocht) binnen. Pats! Boem! Zoek dekking! Synthetische ambergrijs in overload in de aanval. 

Maar dan, heel langzaam, als het stof is nedergedaald, ruik ik een soort van citrus-vrije frisheid. Groenig. Moet kardemom met groene thee zijn. Dan: op een zeer sterke houtbasis (meer cederhout dan vetiver) vindt een transformatie plaats: van cliché stoer naar stoer-zwoel. Lots of vanille, lots of tonkaboon zonder dat het hout en de ‘mannelijkheid’ verdwijnt. Met dank aan een ‘scheut’ leer. Dit zorgt echter niet voor gelaagdheid, Luca Altrevido blijft erg horizontaal: ‘this is what you smell, this is what you get!’

Maar toch, ik maak het niet vaak mee dat een geur uit het ‘illegale’ circuit – ik vermoed dat het een dupe is, maar vindt niets op www – zo lang blijft hangen. Blind zou ik de geur als niche categoriseren, maar dan wel alledaags en voorspelbare mainstream-niche dat eigenlijk geen niche is, maar klanten het wil laten doen geloven door de smaakvolle geleverde toeters en bellen van het alsmaar om zich heen grijpende marketingmonster.

BARÉNIA HERMÈS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 16, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET B, MASSNICHE. Een reactie plaatsen

ECHT OP NEP?

GEDULD WORDT BELOOND

GEEN CROWDPLEASER

‘MINERAAL LEER’

Er speelt voor mijn gevoel een bewuste aangevoerde oorlog plaats as we speak. Nee, niet een van de vier – of waren het er nu vijf? – op het wereldtoneel. Nee, de strijd waar ik op doel woekert op de socials: echt versus nep in de luxesector. Onlangs een hot topic en dus veel gedeelde post: een Chinees atelier waar bijna niet van echt te onderscheiden Kelly’s en Birkins – voor de onwetenden: klassieke Hermèstassen – werden gemaakt. In no time, soort van lopende band werk.

Consternatie alom. Vooral bij consumenten die zich een, twee of drie of nog meer (wachtlijst ammehoela!) van de real ones kunnen veroorloven. Er is volgens mij geen ‘officiële’ reactie van Hermès gekomen, die naar het schijnt – dat dan weer wel – mensen in dienst heeft die 24/7 zoeken naar de bron van deze nepproducenten.

Ik snap de drukte van de luxemerken niet (Hermès is niet de enige). Maar het is natuurlijk vergeefse moeite. Stop met de gespeelde verontwaardiging en zorg ervoor dat je producten maakt die niet een, twee, drie door een achteraf-atelier zijn te kopiëren. Met andere woorden: doe iets meer moeite om je uitzonderlijkheid te bewijzen en je miljardenwinsten te ‘verantwoorden’, zoals dat een tijdlang vanzelfsprekend was. Maak geen collecties geïnspireerd op street wear, sport, het leger en andere bij de massa-is-kassa-klant al zo lang vanzelfsprekende stijlen: gooi je je eigen ruiten mee in.  

Wat geuren betreft: daag als opdrachtgever neuzen uit zodat die weer gaan creëren, grenzen op zoeken en verwarring losmaken. Geen inwisselbare ‘luchies’ die ook door kunstmatige intelligentie ‘gehatseflast’ kunnen worden.

Barénia is dus een voorbeeld hoe het dus moet. De naam ‘verwijst naar een specifiek type hoogwaardig, soepel kalfsleer, geproduceerd door Hermès, bekend om zijn gladde textuur en unieke geur, vaak gebruikt in zadels en andere luxe-artikelen’. Ik had er nog nooit van gehoord en het is onmogelijk er ‘buitenom’ Hermès meer over te komen weten. Of je moet scrollen tot je een ons weegt – doe ik niet – omdat Google barenia-leer alleen nog maar koppelt aan het luxemerk (vernauwing van algemene kennis so to speak). 

De opening zet je in ieder geval op het verkeerde been: een ‘retro’-citrussprankeling die doet denken aan een Guerlainklassieker – bergamot. ‘Nou, is dat alles’, denk ik in eerste instantie. Maar dan begint de ‘verwarring’. Barénia begint te ademen, onherkenbare noten maken zich vrij. Mijn eerste notities: groen, groente, fris, ijl, alg, kruidig (peper), aarde. Een soort zanderige, vochtige, kiezelstenen oprijlaan waarover het leer wordt gerold.

De frisse opening blijkt toch nèt weer anders als je doorsnuift. Komt op conto van de mirakelbes (voornamelijk gebruikt als zoet-en smaakstof voor dranken en voedingsmiddelen). Om de geur niet al te vreemd te maken, volgt een beetje een cliché-verleiding met bloemen. Hiervoor geplukt de witte gemberlelie – daar kan ‘iedereen’ zich wel iets bij voorstellen als je het in de parfumerie uitlegt. Frisbloemig met prikkelend-kruidige ondertoon.

Dan meer duidelijkheid. Ik ruik op de achtergrond hout met een duidelijke patchoeli-structuur. De geur wordt als een chypre omschreven. Maar dan wel 2.0. Want het klassieke bosgevoel – eikenmos, cistus labdanum – is vervangen door een groene, bruinige sfeer. Geldt ook voor de sensualiteit. Ook hier niet de klassieke harsen gelardeerd met vanille.

Gemberlelie

Het lijkt wel of de neus, Christine Nagel, een voorschot op de toekomst neemt – tekorten van natuurlijke ingrediënten dreigen op te lopen gezien de klimaatverandering – door inspiratie uit ‘nieuwe’, natuurlijke ingrediënten – gemberlelie, mirakelbes – te halen die ze synthetisch vertaald in haar geuratelier.

Dat geldt ook voor leer: dat je sowieso synthetisch moet omzetten; de geur kun je niet uit het leer zelf halen. In dit geval dus barenia-leer, dus kalfsleer. Volgens Christine Nagel ruikt dat dus zacht, huidachtig en een beetje stroef. Althans dat is wat ik ruik. 

Door alle ingrediënten heen ervaar je een aangename warmte, huidwarmte zoals je wilt. Met toch een ‘vreemde’, ongewone minerale toets. Mooi, modern en elegant, zoals de klassieke Hermèsklant, niet de zelfbenoemde influencers die Tiktokkend hun Kelly- en Birkincollecties (wachtlijst ammehoela!) tonen. 

Barénia is geen crowdpleaser, geen ‘een-twee-drie-klaar’-instantparfum. Je moet er moeite voor doen hem te begrijpen. Het is alleen de vraag of de gemiddelde klant hiervoor nog geduld heeft, gezien de gewenning van haar aan de doorsnee geleverd door de parfumerieketens. De niche-gebruiker daarentegen zal niet teleurgesteld zijn, of eerder verrast: het had ook een ‘Hermessence’ kunnen zijn.

Wat mij betreft in ieder geval qua flacon, want die vind ik wel erg kinderachtig en ‘kermis-blikkerig’ met die studs. Waarom de flacon niet in leer gewikkeld zoals de armbanden en/of hondenbanden op de foto? Zal wel weer te duur zijn. Het model kijkt trouwens erg ontevreden níet de camera in. Lachen blijft nog steeds verboden in de luxebranche, terwijl het vaak een grote komedie is.

LE SEL D’ISSEY

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 7, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET L. Een reactie plaatsen

ZAL WEL

VOORSPELBAARHEID TROEF

IK GA VOOR DE BASIS

Je weet dat ‘het’ al tientallen keren is gepresenteerd, je zou er in slaap van vallen. Toch doet een merk soms voorkomen alsof ze ‘het’ hebben uitgevonden. Waar heb ik het over? Zout in geuren. Ergens eind jaren negentig van de vorige eeuw voor het eerst gepresenteerd met name in het mannensegment. Was een nieuw soort van stoer. Want zout werd, mallotig genoeg, gelinkt aan een ander nieuw ingrediënt in geuren: drijfhout. Je ziet de macho-spartelende schipbreukeling voor je, die als een Robinson Crusoe 2.0, door de woeste baren heen doodgewaand aanspoelt op een strand omringd door algen en drijfhout. Was nieuw. Was ‘verfrissend’. 

Zout/zilt is een vaak een combinatie van synthetische ingrediënten. Men neme calone (denk water, ozon). Men neme zeewier, drijfhout. Om dit te laten verankeren, worden natuurlijke ingrediënten zoals vetiver, eikenmos of ambergrijs (in negen van de tien gevallen synthetisch) toegevoegd.

De eerste, en misschien wel de beste die mij te binnenschiet: Annick Goutals Eau du Fier uit 2000. Drie flacons (50 ml) leeggespoten. Godverdomme wat bijzonder, wat een andere sensatie, wat een andere kijk op geuren. Osmanthus, zwarte thee en oranjebloesem ondergedompeld in zout. Je zou er sentimenteel van worden.

En dan komt in 2024 (is me toen niet opgevallen) Issey Miyake er nog een keer achteraan gehuppeld. Hij die alleen door zijn naam en geurgeschiedenis eerst met water (L’Eau d’Issey – nog steeds een fantastische geur) daarna met vuur (Le Feux d’Issey) de illusie weet te wekken dat hij dus de eerste is die… zie intro.

Dit schrijft het merk: ‘Zee ontmoet hout: het contrast van de elementen vormt Le Sel d’Issey, een revitaliserende geur geboren tussen de oceaan en de aarde, als eerbetoon aan het zout van het leven. Ontdek een contrasterende geur die de interactie verkent tussen de frisheid van jodium, zilte noten met een sprankelend karakter en kruidige, houtachtige noten.’ 

En nu iets meer gespitst op de gebruiker: ‘Een moderne, maritieme mannelijke geur die je een levendig gevoel geeft’. Jammer en ouderwets: nu niche mainstream is geworden nog onderscheid maken tussen mannelijk en vrouwelijk… Heeft de marketingafdeling zitten slapen, of voorvoelde het de omkering van het tij in Amerika eerder aan dan wij doodgewone burgers?

Dan de geur. Tja. Tja. Tja. Alles klopt. De opening: de prikkeling van zout met gember. Lekker, hoewel de gember matig is gedoseerd. Het zilte traject wordt voortgezet met een vleug jodium (denk steriele ziekenhuisgeur), laminaria-zeewier (denk groenige waterachtige noten).

Zal wel. Niet echt interessant. Gewoon doorsneegeur met zilte ondertoon. De basis is spannender: het is hier – inderdaad – de vetiver en eikenmos die samen met cederhout voor een mooi warme gloed en ‘volharding’ zorgen. Toeval, deze afronding vertoont veel overeenkomsten met Hermès’ Barénia. Mijn volgende bespreking.

Oh ja, nog even dit: wat je allemaal in een flacon kunt zien als je het door een kunstenaar (Tokujin Yoshioka) laat designen: ‘de elliptische vorm vervaagt geleidelijk naar de bodem van het glas in perfecte vloeiende beweging. Het licht dat weerkaatst op de metalen dop geeft het ontwerp een indruk van energie en beweging. Het belichaamt het thema van zout door de sterke, transparante glazen vorm en de manier waarop licht ermee ‘inter-ageert’, waardoor de vorm wordt overstegen. Een prachtig object, gemaakt om lang mee te gaan’. Tot dat-ie leeg is. En dan. Aanbieden Marktplaats?

BDK PARFUMS PROFIEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 27, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, NICHE, PORTRET. Een reactie plaatsen

CHAT-GPT: WERK UIT HANDEN GEVEN

JE EIGEN GEURGRAF GRAVEN

INWISSELBAAR TAALGEBRUIK

CLICHÉ WORDT DE NORM

Op welk parfumhuis zijn deze kwalificaties van toepassing?

1: de kwaliteit van ingrediënten: het nog niet genoemde huis gebruikt hoogwaardige, vaak natuurlijke ingrediënten. Dit zorgt voor een rijkere geurbeleving en langere houdbaarheid op de huid. 

2: artistieke creaties: elk parfum is zorgvuldig samengesteld met een duidelijk verhaal of inspiratiebron, vaak gebaseerd op de Parijse levensstijl, kunst of emoties. Dit geeft elk parfum karakter en diepgang. 

3: unieke geurcomposities: het nog anonieme huis combineert klassieke parfumerie met een moderne twist. De geuren zijn vaak origineel en onderscheiden zich van mainstreamparfums, wat ze aantrekkelijk maakt voor niche-liefhebbers. 

4: langdurige sillage: de parfums blijven lang ruikbaar hebben vaak een goede projectie; anderen kunnen de geur ook goed waarnemen zonder overheersend te worden. 

5: esthetische presentatie: de flacons zijn strak, stijlvol en minimalistisch – iets wat past bij de luxe niche-ervaring.

David B(ene)D(e)K

Het betreft niet … (vul maar in), maar BDK. Echt waar? Yep. Het had natuurlijk ieder ander relatief nieuw parfumhuis kunnen zijn. Maar ik heb ChatGPT de boel dit keer laten uitzoeken. Geen zin. Waar ik nu volgens mij het meest voor moet vrezen, is dat lezers – gaan – denken, dat Geurengoeroe de tekst zelf heeft geschreven. Nog erger: het heel erg goed vinden. Als ik dan op deze manier zou doorgaan, en likes zou blijven krijgen, dan is mijn lot bezegeld. 

In de zin van: monotonie en clichés krijgen de bovenhand (want direct begrepen), ‘dure’ en ‘chique’ woorden worden verward met intelligent en creatief taalgebruik. Ik kan de deur sluiten. Terzijde: ik kreeg onlangs een opmerking waarom ik ‘zo moeilijk’ schreef? Nou daarom.

Voorspelbaarheid dreigt een must te worden, anders begrijpen de lezers het wellicht niet meer. Iets wat in de beautybranche sowieso al decennia schering en inslag is: die heeft voor zichzelf – zonder het te weten – al een AI gecreëerd door trouw decennialang persberichten – het liefst letterlijk – te copy en te pasten.

Moet gezegd: de volgende vraag die ik stelde, scheelde mij veel ‘eigenlijk-geen-zin-in-zal -wel’-zoekwerk: wie is de man achter BDK Parfums? Wat ChatGPT mij antwoordt, heb ik ingedikt (lees: standaardclichés weggelaten). Here we go: de man achter BDK Parfums is David Benedek, geboren in Parijs in 1989. Hij groeide op in een familie diepgeworteld in de parfumeriewereld. Zijn grootouders, afkomstig uit Transsylvanië, waren in de jaren 1950 pioniers in de distributie Worth en Dior in Parijs. Ze openden hun eerste parfumerie nabij het Palais-Royal in 1959.

Hoewel David aanvankelijk economie studeerde en ervaring opdeed in Beijing en New York, keerde hij terug naar Parijs in 2012 om aan het Institut Français de la Mode de specialisatie parfumerie & cosmetica te volgen. Gevolgd door studies bij Givaudan en Cinquième Sens. 2016: oprichting BDK Parfums eveneens gevestigd aan het Palais-Royal’. Terzijde: in de parfumerie van zijn familie? 

Het beauty brabbel-brabbel-idioom dat volgt, verdraag ik niet meer: ‘het merk staat bekend om zijn unieke geurcreaties die verhalen en emoties tot leven brengen. David beschouwt BDK Parfums als een moderne olfactorische bibliotheek, waarbij elke creatie verhalen bevat die de grenzen van interpretatie en verbeelding opzoeken’.

Het gaat maar door: ‘Benedek’s benadering van parfumerie is diep persoonlijk en artistiek. Hij beschouwt parfum als een onzichtbaar kledingstuk dat emoties en herinneringen oproept. Zijn creaties zijn geïnspireerd door de veelzijdigheid van Parijs en de rijke geschiedenis van zijn familie in de parfumeriewereld’. Terzijde: ‘Oh la la, la grande vie à Paris!’

De door mij niet gevraagde uitsmijter aan ChatGPT, meldt: ‘vandaag de dag wordt BDK Parfums wereldwijd erkend en is verkrijgbaar in meer dan 30 landen, verspreid over zo’n 200 exclusieve winkels. De meest recente geur van BDK Parfums is Impadia, uitgebracht in 2025. Deze uniseksgeur is een verfijnde combinatie van citrus, florale en houtachtige noten, geïnspireerd op de levendige Parijse tuinen. Italiaanse mandarijn, bergamot en peer openen de geur, gevolgd door een hart van roos- en oranjebloesemabsolu. De basis bestaat uit akigala, vanille-absolu en sandelhout, wat zorgt voor een warme en sensuele afronding.’

Dit kan er ook nog wel bij volgens ChatGPT: ‘een andere recente lancering is Rouge Smoking Extrait, uit 2024. Deze geur is een intensere en sensuelere versie van de originele Rouge Smoking. Met een concentratie van 30 procent combineert het de zoetheid van Napoleon-kers met de rijkdom van zwarte vanille, tonkaboon en witte musk, wat resulteert in een fluweelzachte en verslavende geurbeleving. Beide geuren illustreren de voortdurende innovatie en creativiteit van BDK Parfums in het creëren van unieke en boeiende geurcomposities’. Terzijde: tja. 

Mijn uitsmijter: hoeveel clichés bevat dit fantastische, unieke, diep gepassioneerde pioniersverhaal? Geen, 12, 138, 254?

TOEN WAS GEURGELUK HEEL GEWOON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 19, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET E, VINTAGE. Een reactie plaatsen

NÓG EEN NEDERLANDS EAU DE COLOGNEMERK

IEDERE STAD ZIJN EIGEN GEUR

OPIUM-DUPE VOOR DE DISCO

Kreeg ik vorige week cadeau van kennis uit het dorp op wiens hond – Rally, met de tred en de snuit van een vos – ik af en toe pas. Gekocht bij een tweedehands: Eau de Cologne Supérieure van het merk Valdelis. Slimme naam, want Frans ‘aan elkaar geplakt’: val de lis. Vertaald: dal der lelie. Helaas leeg.

Ik kwam wel leuke oer-Hollandse campagnes tegen van deze Eau de Cologne Supérieure. Lanceringsjaar: 1948. Wel wuft, zo vlak na de oorlog toen bijna alles op de bon was, aan nieuw Nederland werd gebouwd en geluk nog heel gewoon was. 

Ik had wel van het merk gehoord. Wist van de Nederlandse link. Dat Nederland ooit méér was dan Boldoot. Na intensief en gedegen Follow the Money-waardig speurwerk kom ik erachter dat het merk is opgericht in Schiedam. Oprichtingsjaar mij nog onbekend. Door de firma Janssen uit dezelfde plaats.

Dat internet, op zoek naar info, nog niet altijd voldoet aan de verwachtingen, en je daarvoor eigenlijk de archieven in moet, blijkt wel uit Valdelis: weinig concrete info present. Echt interessante achtergrondinformatie moet je bij elkaar harken uit berichten waarin miniem wordt gerefereerd aan het eau de cologne-merk (me ondertussen afvragend waarom ik dit soort lokale zijstraten van de parfumgeschiedenis zo interessant vind). 

Zoals deze scentimental herinnering van een vrouw (door mij ingedikt): ‘In de kapsalon van onze ouders aan de Korreweg in Groningen was een trapsgewijze stellage op een schoorsteenmantel. Hierop tal van producten voor de verkoop. Tabak, maar ook de nodige cosmetica. Valdelis was vooral belangrijk voor de verkoopcijfers. Soms waren er totaal nieuw artikelen. In 1959 een flesje met een roller erin: de introductie van Odorex (ook geproduceerd door Valdelis). 

De geur van je favoriete stad in je huis? De geurkaars is samengesteld door WIJCK. en bevat alle fijne geuren van de stad. Handgeblazen glas, 100% natuurlijke sojawas, tot wel 60 brandduur.

Volgend bericht kwam ik ook tegen – ik had ‘geur’ en ‘Schiedam’ ingetikt – heeft niets met Valdelis te maken, maar is een goed voorbeeld van citymarketing. Ofwel: iedere stad zijn eigen geur. Te bestellen bij www.wijck.com.

Daarna volgend bericht opgetekend door de kleinzoon van de man die een kwart eeuw meesterknecht was bij Valdelis. ‘Ondanks zijn voor de Rijnmond unieke stedenschoon is Schiedam een beetje grimmig. Dat geeft, om een drankterm te gebruiken, bouquet aan de weerspiegeling van de gevels in de havens. Anders zouden we hier maar een gesuikerd openluchtmuseum zijn en geen stad met een echt innerlijk leven. Die grimmigheid is een essentieel ingrediënt van ons collectieve karakter. Dat heb ik vrijdagavond geleerd. Ik werd met de neus op de feiten gedrukt’.



‘Daarvoor verantwoordelijk: twee studentes fotografie aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam, Maisey van Elmpt en Pamela van Rijswijk. Soms heb je buitenstaanders nodig om tot diepere inzichten te komen omtrent je geboortegrond. Ze werden door hun docenten naar Schiedam gestuurd om het wezen van onze stad in beeld te brengen. Toen ze door de straten liepen, kregen ze een beter idee. Wat je werkelijk intiem kent, kun je ruiken. Ze wilden de geur van Schiedam isoleren. Dan kom je al gauw bij ons beroemdste product uit: moutwijn’. 

Toen was geluk nog heel gewoon

‘Kun je op basis daarvan een parfum maken met de geur van Schiedam? Hier komt de grimmige Schiedammer naar voren die scherpte geeft aan het karakter van de stad. ‘Dat zal dan wel lekker stinken’, gromt hij. Zo niet Maisey en Pamela. Ze roken juist de charme. Ze schakelden jeneverexperts Rob van Klaarwater en Leo Fontijne in voor de broodnodige kennis en nog een parfumexpert. Ze voegden daar hun vrouwelijk (!) instinct voor het karakter en de kwaliteit van geuren aan toe. Daarmee bliezen zij een vergeten Schiedamse bedrijfstak een sprankje nieuw leven in: de distillatie van eau de cologne en aftershave. Het nog steeds bestaande Fresh Up – nu herinner ik me Valdelis weer! – is van oorsprong een Schiedams product’.


‘De dames ontwierpen geen eau de cologne, maar een parfum waaruit het karakter van Schiedam sprak. Het publiek mocht bij de presentatie de verschillende componenten ruiken voor ze het Schiedamse parfum onder de neus kregen. Allemaal scherpe geurtjes waarvan er een me terugbracht naar mijn jeugdjaren (opmerking Geurgoeroe: een keer wat anders dan de madeleine van Marcel Proust). Zo rook het als ik ‘s avonds van mijn schoolvriendje Bennie Beining naar huis liep over de Sint Anna Zusterstraat en de Noordvest. Zo roken de distilleerderijen’.

‘Toen kwam het echte parfum. Ik rook de totale stad: het verleden, het grimmige, het pittoreske, het graan, het gist, de herenhuizen en de branderijen, de afgebroken brandersknechtenwoninkjes van de Kinderbuurt en het Spinhuispad, het maanlicht dat glimt op natte keien, de minaretten onderaan de Vlaardingerdijk. Het was een krachtige combinatie dit parfum, verleidelijk voor wie karakter heeft. Deze geur trekt bijzondere mensen aan. Dat kan niet anders. Ik zou er wel mee over straat willen gaan. Je mag best ruiken dat ik afkomstig ben uit deze inspirerende stad. Ik ben er trots op’.

Jammer en merkwaardig dat over deze presentatie niets te vinden is op www. Zelfs niet op de Insta-pagina’s van deze twee ‘dames’. 

We zetten onze zoektocht naar de oorsprong van Valdelis voort, mocht ik er bij toeval op stuiten. Wel leuk, en soort van jeugdherinnering: Valdelis lanceerde in 1977 Fatal zo blijkt. De geur die ik – toen al – zag als een slechte dupe/fake van in hetzelfde jaar verschenen Opium (ik neem aan later). Fatal was volgens mij een slimme en bliksemsnelle reactie op het immense succes van Yves Saint Laurents schandaalparfum. Ik herinner me een ongepolijste kruidige en harde geur die eerder deed denken aan het een jaar later gelanceerde Magie van Lancôme.  

Heel veel meiden op de dansvloer in de lokale disco (Zodiac Enschede) roken ernaar. Dat het een nepper was, merkte je aan de Aziatische, meestal in een roes verkerende vaste bezoeker van dezelfde disco: het leek wel of hij zich overgoot met Opium-parfumconcentraat voor hij in ‘the best disco in Town’ ging dansen op Le freak c’est chic! Now freak! And freak!

NÉBLINA YVES ROCHER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 12, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET N, MASSNICHE. Een reactie plaatsen

NICHE VERPAKT ALS MASSA

FRUITIG GROEN PARFUMPLEZIER

SOPHIA GROSJMAN DIE KAN HET 

Parfumcliché: geurgeluk ligt soms in een klein hoekje. In mijn geval letterlijk: gevonden tijdens de opruiming van mijn geuratelier: een mini-flaconnetje (toch nog 7,5 ml) van Yves Rochers Néblina (nu aangeboden voor rond € 15,00 op Etsy, 50ml voor rond € 100,00). Gelanceerd in 2000.

Mijn gevoel (en een soort van afgaande op de flacon; in de zin hier is aandacht aan besteed ook al valt over de esthetiek te discussiëren) zei: dit moet een goede geur zijn. Groen. Niet te veel fruit. Fris. Wat zoete bloemetjes op mooi, stabiel houten fond. Trouwens: Yves Rocher maakt sowieso goede geuren; perfecte kwaliteit-prijsverhouding.

Zit er niet ver naast blijkt. Ben eigenlijk met neus in de boter gevallen. Want de geur is gemaakt door niemand minder dan – dat zeg je dan – Sophia Grojsman. Introductie overbodig. Voor de onwetenden: zij is ook de vrouw achter – nu volgen een paar van mijn favorieten van haar hand: Prescriptives (nu Clinique) Calyx (1987), Estée Lauder Spellbound (1991), Yves Saint Laurent Yvresse (1993), Karl Lagerfeld Sun Moon Stars (1994), Céline Magic en Laura Biagiotti Soto Voce (beide 1996). Haar meest recente bijdrage: Outrageous Frédéric Malle (2007).

Nog een door mij gebezigd cliché: geuren gemaakt door het prestigesegment voor en rond 2000 hebben vaak een niche-allure zonder dat het de bedoeling was omdat niche nog niet tot deze afdeling was doorgedrongen. Uitgangspunt: mooie geuren maken zonder dat marketing en kostenexperts al te veel over de rug van de neus meekijken.

Grosjman beklaagde zich er eens in een interview over in 1992 (Women’s Wear Daily): ‘Vroeger was parfum maken een kunst, nu is het business. Iedereen wil direct succes. Geuren worden getest door focusgroepen, waardoor de kans op ongewone geuren kleiner wordt’. Ik geloof dat Grosjman het meest uit een idee/voorstel/opdracht wist te halen, ook al waren de financiële middelen (lees: ingrediëntenbudget) beperkt. Ze was van alle markten thuis. Van verfijnde niche tot massaentertainment. 

Néblina valt in laatste categorie maar kan ook doorgaan voor de eerste – waardoor het een ongewone geur is met die typische Grosjman-touch. Fruitige noten in de opening (abrikoos, sinaasappel), volle bloemenexplosie in het hart (orchidee, witte bloemen, viooltje), krachtige basis (groen gras, houtachtige noten, eikenmos).

Opvallend: het lijkt wel of de geur zich in eerste instantie omgekeerd manifesteert. Eerst ruik je groene noten (vers geknipt gras-effect) en houtachtige nuances voor het fruit zich meldt. In dit geval fluweelzachte abrikoos zoet gemaakt door sinaasappel die de witte bloemen streelt. Vervolgens gaan ze allemaal met elkaar spelen – telkens springt er weer een noot uit – om weer groen, coumarine-achtig te eindigen. Interessant: hoe duidelijk het eikenmos blijft resoneren. Ongewoon voor een massamarktgeur. 

Er verscheen ook een nachtversie: La Nuit de Néblina, merkwaardigerwijze een jaar eerder. In een flacon (foto hieronder) die iets meer tot de verbeelding spreekt. Néblina betekent trouwens mist. Hierdoor kun je de geur wéér anders ervaren.

Nachtmist

IRIS, TUBÉREUSE LE GALION

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 8, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET I, GEURENALFABET L, GEURENALFABET T, MASSNICHE, VINTAGE. Een reactie plaatsen

VINTAGE SOLIFLORE: GEEN GARANTIE VOOR UITZONDERLIJKHEID

TE CHLOÉ- EN TE CÉLINE-ACHTIG

Waarom ik Le Galion zo’n prettig parfumhuis vind? A: de geschiedenis, b: de humor, c: de presentatie en d: de aan de naam gekoppelde faam. En niet te vergeten hun vroege slimme gevoel voor marketing (lees hier voor een aantal van mijn recensies op deze blog). Zo deed Le Galion tot mijn verbazing al in 1950 aan product placement.

In de nu nog steeds memorabele film All About Eve (1950) zie je de protagonisten – waaronder Bette Davis, Ann Baxter en Gary Merill – op een gegeven moment aan tafel in een chic nachtetablissement. Met op die tafel een sigarettenstandaard met daarop het logo van Le Galion. Zegt iets over de reputatie die het toen had – chic de Paris. 

Het huis sloot ooit zijn deuren, werd ooit heropend (zie mijn recensies). Blij mee! Alleen het ‘probleem’ in deze (iets wat eveneens geldt voor andere gereanimeerde huizen): het is moeilijker om voormalige soliflors uit de oorspronkelijke collectie in hun originele olfactiefe staat voor het voetlicht te brengen dan hun echte klassiekers van naam.

Want: onmogelijk. Redenen: sommige ingrediënten mogen niet meer gebruikt worden. Door de veranderende bodemgesteldheid, oogsttechnieken en verwerkingsprocessen (enfleurage toen, hydro-destillatie nu) ruiken ingrediënten anders dan voorheen, subtiel die verschillen daardoor maar toch. 

En, niet onbelangrijk, de ‘angst’ van de nieuwe eigenaren dat ‘een nieuwe generatie’ de oude formules niet begrijpt, ‘te moeilijk’, ‘te stoffig’ en ‘te oma-achtig’ vindt, waardoor die ‘aangevuld’ worden met ‘hippe’ en ‘eigentijdse’ ingrediënten.

Dat maakt Tubéreuse wel duidelijk. Ik kan me niet indenken dat de huidige versie (2014) enige overeenkomst vertoont met het origineel uit 1937. Die moet toen voller, ‘boteriger’ en geiler hebben geroken. Vergeet niet, parfum was toen echt nog een elitair ding en was een toonbeeld van smaak (hoe snob dan ook) als je een duidelijk, uitgesproken parfum droeg. Vergeet niet: de Chanel N° 5-versie uit 1921 ruikt echt anders dan wat je nu gewend bent. Ik denk dat de 1937-editie (wishful smelling) eerder lijkt op die van Annick Goutal (1986) – ook wel bekend als de G Spot-fragrance. 

Je ervaart de moderniteit, het nieuwe direct in de opening: je moet eerst door een groene plensbui op basis van mandarijn, galbanum, peer en roze peper heen. Leuk weetje: in 1937 werden de laatste twee nog niet gebruikt. Peer was toen nog niet synthetisch gekopieerd, roze peper nog niet ontdekt.

En dan ‘eindelijk’ iets dat op tuberoos lijkt, die zich alleen niet onderscheidt van de ‘getemde’ tuberozen die je de laatste jaren in het prestigesegment te veel kon ruiken. Met als ‘excuus’ dat een nieuwe generatie de ware aard van deze bloem te gevaarlijk, overrompelend vindt. Bla-bla-bla.

Hier wordt ze getemd door oranjebloesem, roos en framboos (dat toen als geur ook nog niet bestond). De afronding: tja. Braaf-sensueel een beproefde combi van cederhout, amber en musk. 

Dan Iris. Ook in 2014 opnieuw in de markt gezet. De homesite schrijft: ‘In 1937 was Le Galion een reeds gevestigd huis, waardoor Paul Vacher (de neus en een van de oprichters én maker van Arpège en Miss Dior) meer experimentele ideeën kon uitproberen. Hij begon te werken aan soliflore-variëteiten. Als knipoog naar de art-decoperiode, beeldhouwde Vacher deze iris in een symmetrie van mimosa en galbanum’. Oké.

Niet oké de uitsmijter: ‘Le Galion werd daarmee een referentie in de Franse parfumerie, met oog voor kunst en een tijdsgeest’. Snap ik niet. Ik krijg het gevoel dat er te veel op de productiekosten is gelet, dan de ambitie een fotokopie van het origineel te maken.

Als je over iris als soliflore praat, dan raken Serge Lutens met Iris silver Mist (1992) en Hiris van Hermès (1999) eerder de essentie van deze gefermenteerde wortel: aards, groen, fris met een moeilijk te definiëren, raadselachtige bloemigheid die zich lijkt te verstoppen in zijn poederigheid. 

Voorwaar, de symmetrie van Iris is aantrekkelijk. Wat een originele visie op ingrediënten! De poederige zonnigheid (met groene ondertonen) van mimosa en intens groen-prikkelend galbanum koppelen aan de klassiek-poederige noten van de iris, laat die anders resoneren. Maakt haar minder ‘vrouwelijk’, minder boudoir.

Maar had van mij wat sterker gemogen. En de klassieke spray in de opening van bergamot en citroen is eigenlijk onnodig; vraag me af of die te bespeuren was in de vintage-versie. Ook jammer: die niet-vrouwelijkheid wordt weer tenietgedaan door roos. Daarna wordt hoog opgespeeld met ambrette die ‘als musk werkt en een zijdezachte laag over de gehele geur legt’. Maar, dames en heren, wel een heel matte, brave ambrette. 

Eindconclusie: het was misschien beter geweest wanneer deze twee aangenaam-brave geuren als nieuw waren gelanceerd. De verwachtingen waren hierdoor minder hoog geweest omdat het referentiekader van de geschiedenis en storytelling ontbreekt. Wat me ook stoort is de prijs. € 200,00 per 100ml. Daarvoor zijn ze te mainstream, te, hoe zal ik het zeggen, te Chloé- en te Céline-achtig.

Toch even naar de site gegaan. Inmiddels staat de teller op 30 en zijn de geuren in een nieuwe flacon gestoken. Geeft ze meer allure en standing. Sommige ‘nieuwe’ zijn voor mij wel erg nieuwsgierig makend: Brumes (mooie inspiratie en naam voor een geur), Chypre, Cuir en Vetyver (laatste drie zijn voor mij vaak de maat der dingen). 

AMBRE D’ALEXANDRIE BOUCHERON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 25, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET A, MASSNICHE, NEO NICHE. Een reactie plaatsen

EEN RIJKE AMBER ZOALS BIJNA ALLE ANDER (NEO)NICHE AMBERS

INWISSELBARE CHIC

De geschiedenis van amber is rijk, daarover zijn boeken vol geschreven. Waarom? Het komt natuurlijk door de herkomst, de mythologie, de magie en de schoonheid (zowel puur als bewerkt) waarmee het is omringd en de veronderstelde helende werking als je het als sieraad/amulet draagt.

En natuurlijk amber als geur. Amber Alert: dat laatste doet barnsteen (het Nederlandse woord voor amber) dus niet. De miljoenen jaren geleden versteende hars van naaldbomen verspreiden een niet noemenswaardige geur. Alleen verwarmd en dan alleen onder de juiste omstandigheden, verwordt de steen tot olie die dan gecombineerd met salpeterzuur tot een ‘kunstmatige’ musk-parfumsensatie leidt. Althans zo gebeurde het in het oude China. 

Nu wordt met een amberparfum een geur bedoeld die rijk, vol, warm, aards, houtachtig, zoetig, kruidig richting zwoel is. De bedoeling: comfort, openhaard, security blanket. En daarmee word je tegenwoordig als het ware doodgegooid. Diegene die de huidige amberparfums in het nichesegment blind van elkaar weet te onderscheiden, die krijgt van mij de prijs die zich op hetzelfde niveau begeeft als de Oscar. 

Grappig, of boeiend zoals de je wilt: ik ben pas in de loop der jaren amber gaan waarderen als parfum. Het begon in 2004 met Giorgio Armani’s Ambre Soie. Een van zijn eerste, en een van de eerste house hold names die niche aan het grote publiek presenteerde. Ik was onder de indruk. En daardoor kwam ik erachter dat velen Armani waren voorgegaan – de echte nichemerken dus: Dyptique en L’Artisan Parfumeur. Over doodgooien gesproken: ik zie dat Armani zijn Ambre Soie heeft uitgebreid met met Ambre Orient (2010) en Ambre Eccentrico (2015).  

gefossiliseerd amber

Ambergeuren in het (mass)niche-segment onderscheiden zich door het pure, zeg maar basic gevoel. Dus bijna geen citrusfrisse intro en weinig bloemetjes in het hart; de basis wordt direct opgesoupeerd. Dat onderga je dus ook in Ambre d’Alexandrie.

Die onderscheidt zich toch enigszins door zijn licht animale ondertoon – grijze amber, musk en een lichte leernoot (styrax?) – die mooi contrasteert met de zoet-kruidige noten. Beter gezegd: de vanille (in toom gehouden door benzoë) zuigt alle kruidige nuances – ik meen kruidnagel, tabak en nootmuskaat te bespeuren – in zich op. Een hoofdrol is weggelegd voor cistus labdanum (dat eigenlijk synoniem staat voor amber). Die is hier donker, kruidig en aards met die merkwaardige lichte bloemige ondertoon.  

Mooi en zo, maar zoals gezegd inwisselbaar. Dit blijkt wel uit mijn Google-zoekerij: ik bleef maar Van Cleef & Arpels invullen in plaats van Boucheron. En eveneens uit de alternatieven die www.wikiparfum.com voorstelt (zie foto onder). Wel weer grappig: hoe ik ook google – nergens een toelichting van het juweliershuis zelf te bespeuren – ook niet op www.boucheron.com. Ergens één zinnetje: ‘geïnspireerd door de stad Alexandrië, een flamboyant en weelderig kruispunt van handel en cultuur’. Dat kun je natuurlijk zeggen van elke stad met een groots verleden. Ambre d’Allepo?

Vreemd: alleen verkrijgbaar in 125ml. Best wel veel. Net zoals de andere geuren uit The Collection. Eveneens – hoe origineel, hoe chic – vernoemd naar historische steden: Oud de Carthage, Cuir de Venise en Neroli Isaphan.

LEGAL SALLE PRIVÉE 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 23, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET L, MASSNICHE, MASSTIGE. Een reactie plaatsen

BRAAF, BRAVER, BRAAFST

VEEL TE DUUR

SALLE PRIVÉE HOORT NIET IN SKINS

Van sommige merken begrijp ik het succes niet. Ik weet: ik ben geen maatstaf, en is de gemiddelde klant op zoek naar iets nieuws nóg braver en conservatiever dan ik dacht. Salle Privée bijvoorbeeld. Heb in een vorige post – uit 2017 ‘alweer’ – mijn ‘ongenoegen’ erover uitgesproken.

En teruglezende neem ik niets terug – mijn ‘ongenoegen’ blijft resistent: te duur in verhouding tot het gebodene. Kwalificatie: parfumketengeur schurend aan niche (lees net dat de oprichter ook de man achter Scotch & Soda en Marie Stella Maris is). 

Geldt ook voor Legal (2021). Een proefje kwam ik van de week tegen tijdens opruimwerkzaamheden in mijn parfumatelier. Wat is er leuk aan de naam? Nou, de meeste merken zouden Illegal hebben gebruikt, gezien de ‘historische’ link tussen parfum en verboden verlangens. Dat is dus positief. Maar dan, het verhaal achter Legal…

We lezen: ‘Dat het legaal is, wil nog niet zeggen dat je je er geen zorgen over hoeft te maken. Legal is je go-to overdaggeur; van Clark Kent tot Superman of van Diana Prince (die kent Geurengoeroe niet) tot Wonder Woman. Legal lijkt misschien benaderbaar en vriendelijk, maar een blik op de onderbroeken (zo vertaalt Googletranslate ‘briefs’) onthult een brutale kant. Legal is een sociale, toegankelijke en uitnodigende uniseksgeur die volledig tot zijn recht komt wanneer je de hoogste rechter bent. We denken dat je verliefd zult worden op de goede kant van de wet, maar we laten het aan jou over om te oordelen’. Van dat laatste snap ik echt niets. 

Verder: ‘Legal kan ertoe leiden dat anderen in de omgeving van de drager hen als engelachtiger en rechtvaardiger ervaren dan ze in werkelijkheid zijn. Dragers kunnen een bereidheid ervaren om eerlijker en altruïstischer te zijn dan normaal. Over het algemeen kunnen ethische neigingen aanzienlijk worden versterkt. Het is ook mogelijk dat na het aanbrengen van de Legal-geur elk zondig gedrag van de drager wordt verhuld of anderszins onopgemerkt blijft voor het grote publiek, en zelfs onzichtbaar wordt voor wetshandhavers’. 

Wat een bla-bla, wat een gelul, en in de laatste zin wordt Legal toch een soort van Illegal… (zie net dat Salle Privée ook een geur met deze naam heeft. Tja.)

Salle Privée timmert ondertussen behoorlijk aan de weg: ik zag onlangs een aankondiging van de opening van een parfumerie (pop up?) aan de Jacob Obrechtstraat in Amsterdam – op hetzelfde adres waar eerst het parfumhuis Monsieur Layer Perfumes (geleid door Monsieur Civette) zich in 2022 zou vestigen.

Het heeft eveneens de eerste geur van RVDK geproduceerd. Skins verkoopt ze nu ook, én ze hebben samen een geur gemaakt. Maar wat zegt dat over Skins? Toch een soort van degradatie in uitstraling maar verbreding van de clientèle. Nog even en Skins wordt wat het niet wou worden: een ketenparfumerie à la… vul maar in. 

Dan de geur. Ik ga erg aan mijzelf twijfelen. Ik spray, spray en spray maar er is geen magie. Ik ruik saaie middelmaat. De ingrediënten? Zal wel. Roze peper, grapefruit en sandelhout. Samen zijn die al een soort van ondeugend, want ‘het ondeugende karakter wordt versterkt door een sensueel en warm hart van kaneel, styrax en rozemarijn’. Eindconclusie aldus Salle Privée: ‘Legal is perfect voor overdag, op kantoor, bij sociale en casual gelegenheden’.

Eindconclusie aldus Geurengoeroe: Legal is confectie. Wil zeggen: alle kenmerkende olfactorische eigenschappen van een bepaald ingrediënt wordt in een getemde versie toegepast. Daarom is de geur inderdaad perfect voor overdag enz. enz. Niemand schrikt van deze schoongeboende geur. Want Legal  is eigenlijk een ‘non perfume’ dat een gevoel van verfijning, clean en ‘lekker’ wil oproepen. 

Ik wou het hierbij laten, maar wacht, zie ik dat goed? Op www.salle-privee.com lees ik 100ml € 220,00. Dat kan toch niet. De inhoud is het gewoon niet waard. Een aardig geurtje voor hem en haar, meer niet. Voor hetzelfde geld, zou ik eerder aankloppen bij www.pnicolai.com. Meer kwaliteit, meer finesse, meer ambacht, meer eigenzinnigheid. 100ml gemiddeld € 150,00. Ook een leuke reminder: 100ml N°5 kost op de officiële Chanelsite € 168,00).

ART BRÜT

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 18, 2025
Geplaatst in: MASSNICHE, NEO NICHE, NIEUW! NIEUW! NIEUW!. Een reactie plaatsen

WEER EEN NIEUW LABEL BIJNA VERDRINKEND IN MARKETING EN STORYTELLING

HOE RUIKT EEN ‘OUTSIDER ART’-GEUR EIGENLIJK?

CONVENTIONELER DAN JE DENKT

HOE RUIKT EEN ‘OUTSIDER ART’-GEUR EIGENLIJK?

Het wordt steeds moeilijker om met een open, vooroordeelvrije blik een nieuw merk te beoordelen. Wijt het aan leeftijd, wijt het aan ervaring, wijt het aan de pret om nieuw opgelaten luchtballonen (gevuld met goede bedoelingen verpakt in marketingbla-bla-bla) door te prikken. 

Tegelijkertijd kan ik soms een vleugje bewondering niet onderdrukken vanwege de schaamteloosheid waarmee als smaakvol en ‘exclusief’ veronderstelde onderwerpen ‘parfumwaardig’ (lees: salonfähig) worden gemaakt. Dus toen ik Art Brüt zag voorbijkomen, dacht ik: ‘WTF, moet dat nu?’, ‘Shit, is dan ook niets meer heilig?’ 

Voor de nog onwetenden: Art Brut (niet te verwarren met Art Brutalisme) is geen stijl, maar zijn niet aan een bepaalde periode gebonden werken van meestal autodidacten (waarvan sommigen in inrichtingen verbleven; nee, Vincent van Gogh is een geval apart) die de regels van de conventionele kunstwereld negeren of afwijzen en buiten de marges daarvan min of meer geobsedeerd hun eigen vormentaal en thematiek verbeelden. Een meer populaire classificatie nu: outsider art.

Het was wijnhandelaar-kunstschilder Jean Dubuffet die het begrip Art Brut in 1948 met zijn Compagnie de l’Art Brut introduceerde in de kelders van de Galerie René Drouin op de Place Vendôme Parijs. Zijn bedoeling: ‘kunst (tekeningen, schilderijen, haakwerken, gemodelleerde of gesculpteerde figuren) met een spontaan en inventief karakter, die zo weinig mogelijk afhankelijk is van de gewone kunst of van culturele voorschriften en die komen van duistere personen vreemd aan de professionele artistieke milieus’. 

Is dit ook het uitgangspunt voor een nieuw parfumlabel, dan: alle remmen los. Dat ervaar je dus op de site van Art Brüt. De ronkende intro: ‘Onze parfums zijn manifestaties van momenten, zowel vluchtig als onvergetelijk. Ze vangen de essentie van het leven in al zijn facetten – van diepe melancholie tot extatische vreugde. Onze parfums zijn er om de onuitgesproken gevoelens die ons definiëren sensueel te consolideren en de wereld in te brengen. Elke geur vertelt een verhaal en is een unieke creatie waarvan het idee diep in de menselijke ziel graaft. Het gaat om de vrijheid om jezelf te uiten, indien mogelijk zonder compromissen, om jezelf te vinden’.

Echt, nog nooit gehoord: ‘vluchtig als onvergetelijk’, ‘elke geur vertelt een verhaal en is een unieke creatie’ en – hou je vast, nu het cliché der clichés – ‘de vrijheid om jezelf te uiten’.

Als je je echt in deze wereld wilt storten, prijs je dan gelukkig. Art Brüt is een totaalconcept: dus je kunt AI-kunst kopen (wat volgens mij haaks staat op de filosofie van Art Brut), is er een blog, FAQ en kun je het muzikaal ondergaan: Art Brüt werkt namelijk samen met de popgroep Tocotronic. 

Dat wordt toegelciht met nog zo’n parfumcliché: ‘In de muziek, net als in de parfumerie, spreken we van noten, akkoorden en composities. Beide kunstvormen streven naar een harmonieuze balans – een melodie voor de neus, een geur voor de oren. Net zoals een liedje zich langzaam ontvouwt, van de eerste noot tot de laatste echo, ontwikkelt een parfum zich over uren en laat een spoor achter dat nog lang nagalmt’.

Dit klinkt wel heel erg seventies Yves Rocherparfumromantiek. Dus moet het wat meer hard core: ‘Elke geur heeft zijn eigen soundscape – daarom creëren we voor elke geur een unieke soundtrack – een echo van wat het oproept wanneer het gedragen wordt’. Tuurlijk. 

Vraag van Geurengoeroe: ‘Het is me niet allemaal helemaal duidelijk, kun je nog iets meer over je drijfveren vertellen?’ Hij leest in ‘Who we Are: ‘Onze parfums zijn het resultaat van een ongebreidelde, bijna kinderlijke nieuwsgierigheid ontsnapt aan de conventieregels. We flirten met dilettantisme, die wonderlijke onvolledigheid die ons bevrijdt. We willen grenzen verleggen, niet creëren.’

Verder nog iets? ‘Luxe is voor ons geen vies woord. Onze parfums zijn niet elitair en bedoeld om toegang te bieden – een open deur voor iedereen die erdoorheen wil stappen. We streven naar een zintuiglijke ervaring die zich openbaart aan onafhankelijke persoonlijkheden zonder hen te verstikken in gelijkvormigheid. Ons doel: niet de loutere bevestiging van het verwachte, maar de onverwachte verbazing – een meedogenloos spel met het denkbare’.

Pffffff… bla-bla-bla. Het zal allemaal wel. Wat mij irriteert is dat de geuren – Angst, Disko Disko, Chasing Ghosts, Weltschmerz en Am I Jesus, Eau My God – worden gemaakt met de klassieke, conventionele ingrediënten: ik heb bij geen enkele geur een vreemd, gek of maf aroma gezien. Niks ‘buiten de marges’ of ‘geobsedeerde vormentaal en thematiek’. Er wordt braaf binnen de lijntjes gecomponeerd door de parfumeurs van Flair Paris. Dat is niet zomaar een samenwerking maar een uit ‘echte passie’ en ‘wederzijds respect’ met als ‘doel het perfecte parfum te creëren door het samenspel van expertise, creativiteit en een diepgaand begrip van de kunst van het parfum maken’. Ja, zo kan-ie wel weer. 

Niet zo vreemd dat Art Brüt mij doet denken aan Der Duft en J.F. Schwarloze Berlin: allemaal afkomstig uit Duitsland, en alle drie heel erg arty-farty geïnspireerd dat bijna verdrinkt in de marketing en storytelling. Ben benieuwd wat het gaat doen. Tenslotte: is 50ml vanaf € 60,00 en 100ml vanaf € 120,00 niet elitair en toegankelijk? 

 

CUIR D’IRIS 14.1 PIERRE GUILLAUME

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 4, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET C, NICHE, NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

TERECHT EEN NIEUWE KLASSIEKER

MET TERUGWERKENDE KRACHT GENIETEN

IN 2007 VERNIEUWEND, NU COURANT DOOR UBER-NICHEAANBOD

Ik schaam me bijna dat ik deze geur niet eerder een blik waardig heb gegund – het proefje dan. Moet te maken hebben gehad met een tijdelijk geurgeheugen-verlies in combinatie met ‘geurmoe’. Terwijl leer en iris tot mijn favoriete (tegenwoordig zeg je fetish) ingrediënten behoren. 

Terzijde: ik ga eens een top tien samenstellen van mijn fetish ingrediënten. Die zal waarschijnlijk constant transformeren, gezien smaak en voorkeur bij mij niet in marmer is gebeiteld. Zo vind ik de laatste tijd lavendel weer mooi en interessant; een tijd lang kon ik dit Provence-cliché wel door de wc spoelen. Altijd present in hoogste regionen zal galbanum zijn: de echte dan, niet de synthetisch versie (erg mat en tam zonder sprankeling).  

Cuir D’iris 14.1 dus. Toont goed de verfijning aan die de klassieke parfumerie de laatste dertig jaar heeft ondergaan. Hiervoor verantwoordelijk natuurlijk de eerste lichting van nichemerken die de klassieke parfumerie naar een hoger niveau hebben getild – waaronder Pierre Guillaume. Een leergeur werd in dit umfeld lange tijd geassocieerd met stoer, mannelijk en overrompelend. Of als een gedurfd statement wanneer gedragen door een vrouw. Gedenk in deze de klassieker Knize Ten (1924) en de vintagegeur Cuir de Russie (óók 1924) van Chanel. Als je moeite en tijd neemt voor deze krachtpatsers, dan ruik je achter deze stoerheid ook subtiel-bloemig raffinement.   

Pierre Guillaume zegt over Cuir D’iris 14.1 (klinkt nogal statig, vaak eigen aan het Frans, dat opgeblazene – de overdrijving een poëtische schijn geven): ‘Een oud en voornaam leer, gepoederd met weelderige oude zwarte iris met tonen van druiven en pure chocolade. Dit ‘irispoeder’ met leer opstijgend in een amberkleurige en kruidige sluierdamp, is sinds de lancering in 2007 een klassieker in de leerfamilie en toont tevens de unieke savoir-faire van Maison Pierre Guillaume Paris’.

Eerst dit: ik geloof zelf niet dat de kleur van de iris een andere geurnuance  oplevert, dit ‘praatje’ is volgens mij onderdeel van de mystificatie van het vak en storytelling. Met andere woorden: zwarte iris ruikt niet anders dan de witte of blauwe, of alle andere kleurvariëteiten die je nu hebt. Ik zeg het nog maar een keer: de gefermenteerde en gedroogde wortel is verantwoordelijk voor de poederige noot, die afhankelijk van de omringende bloemen en harsen zowel intens koel als ‘zwoel boudoir’ kan ruiken.

Dan dat: is dit nu ‘wishful smelling’ dat ik in eerste instantie meer druif en chocolade ruik dan de hoofdrolspelers? Hoe krijgt Guillaume het voor elkaar om je zo duidelijk druif te laten ruiken die voor mijn gevoel de hele geur lang op de achtergrond schittert? Een zachte citrusnoot met wat nog meer… raadselachtig die fris-gele zonnige noot gelardeerd met groene accenten.

Nu heb ik het niet meer zo op gourmand en boudoir, daarom moet je Cuir D’iris 14.1 eigenlijk nu met terugwerkende kracht ervaren. Alsof het 2007 is. Toen was de geur echt vernieuwend, juist door leer en iris (deze combi was toen onbekend). Alsof het leer door het irispoeder suède-achtig wordt, en door de gourmandnoot soepel: warme chocolade en houtachtige accenten. Zeg maar een zoete patchoeli-feel; vergeet niet dat Angel van Mugler (1992) ook op basis van patchoeli en chocolade is.

Interessant: hetzelfde jaar verscheen in de L’Art et La Matière-serie van Guerlain Iris Ganache. In deze geur wordt ook gezocht om gourmand (in dit geval witte chocolade en kaneel) met iris en hout te linken. Hoewel hierin leer/suède ontbreekt geeft de som der delen – iris, patchoeli, cederhout, vanille, amber, witte musk – voor mij enigszins hetzelfde gevoel. 

En terwijl ik dit allemaal opschrijf, ruik ik nu nog een keer – het was een gul proefje – aan Cuir D’iris 14.1, en weer slingert weer de verrassende druif met smeltende chocolade door mijn neus. Het leer en de iris glorieert minder heftig dan de naam doet vermoeden. Had voor mij wat indringender mogen zijn. 

De parfumeur

‘COMPROMISLOZE TOEWIJDING AAN UITMUNTENDHEID’ 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 1, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET M, NEO NICHE, NICHE. Een reactie plaatsen

MANDRAKE PARFUMS QUARTANA

BESCHEIDENHEID SIERT DE NEUS

FASCINEREND, ‘SCHEEL’, 

NICHE ZOALS NICHE NU HOORT TE ZIJN

Kan me niet herinneren dat ik deze geur eerder onder ogen heb gehad, maar kwam hem bij toeval tegen – op zoek naar een ander – proefje. Bij het bekijken van Parfums Quartana’s site vraag ik me inmiddels wel af: ben ik te oud en te wijs voor dit soort storytelling of is het narratief gewoon passé? Een serie ‘les potions fatales’ noemen, zet mijn gaapspieren direct in werking (twintig jaar geleden waarschijnlijk iets langzamer).

Want: hoezo cliché? Niet alleen in naam, maar eveneens in gedachte: het negental ‘fatale drankjes’ verkent aldus de oprichter ‘de verraderlijke schoonheid en intrigerende overlevering van ’s werelds giftigste bloemen. Verleidelijk en gevaarlijk, zijn ze door de geschiedenis heen voor duistere doeleinden gebruikt. Geef toe aan hun charmes, geef toe aan een geurige femme of homme fatale. Verleidelijk aan de buitenkant, maar uiteindelijk duister, sinister en dodelijk’.

Dat zijn dus volgens Parfums Quartana respectievelijk lelietje-van-dalen, alruin (mandrake), digitalis, wolfskers (belladonna), rode zijdeplant (bloodflower), wolfswortel of monnikskap (wolfbane), dolle kervel (hemlock), papaver (poppy) en datura. Ik heb ze allemaal wel eens voorbij zien komen, heb ze allemaal wel eens beschreven – in naam en in geur. 

Maar vergeet niet: het zijn het sap, de fijngewreven bessen, bladeren of wortels die de gevaarlijke stoffen bevatten met ieder zo hun eigen merkwaardige bijwerking (koeien lijken dronken na het eten van dolle kervel – ik gun ze deze afwisseling). Het is dus níet de geur; de meeste van deze giftige planten verspreiden sowieso geen of nauwelijks waarneembaar aroma. Dus wat krijg je? Negen fantasiegeuren die met een andere naam ook dezelfde olfactorische uitwerking zouden hebben gehad. Je vindt ze lekker, aangenaam, fascinerend, draagbaar of niet. 

Afgaande op site, kun je niet anders concluderen dat Parfums Quartana succesvol is, want overladen met prijzen en dus serieus genomen door de branche. De oprichter dwingt sowieso respect af door zijn nederigheid: ‘Na Six Scents, richtte ik in 2014 Parfums Quartana op voor het creëren van verbluffend unieke, meesterlijk gemengde conceptuele parfums van ’s werelds beste essentiële oliën en moleculen. Onze ethiek: eenvoudig en stevig. De parfumeur en ik brengen pas een geur uit wanneer die niet meer verder voor verbetering vatbaar is, of dat nu maanden of jaren duurt. Deze compromisloze toewijding aan uitmuntendheid heeft ons twee van prestigieuze awards opgeleverd: The Fragrance Foundation’s Perfume Extraordinaire (2017) voor Poppy Soma en de Art & Olfaction Independent Category Award voor Space-Age (2023)’.

Alruin in het wild

Jammer dan, en dus niet echt serieus te nemen (als grap vast niet bedoeld, gezien de ernst van de site) wanneer je op de ingrediëntenlijst van Mandrake onder meer een alruinbloem- én dodelijk verslavingsakkoord leest. Dat kan dus van alles zijn, of niets gezien deze twee akkoorden ‘stom’, reukloos zijn. En je weet dus niet wat deze twee toevoegen aan de verwerkte appel, berkenblad en -wortel, bergamot, patchoeli, rabarber, kardemom, suède, leer, vanille en sandelhout.

Neemt niet weg dat Mandrake fascinerend is. Ik noem het wel eens lekker scheel, wil zeggen de ingedriënten leveren een geur op die enigszins afwijkt van de norm. Niets hemelsbestormend, maar waarvan de doorsnee-ruiker toch even van opkijkt lijkt me. Scheel is hier volgens mij de combi van berkenblad en -wortel (zacht, zalvend, fris), appel (fris, zoet), rabarber (fris, zuur) en kardemom (fris groen). Ik wist niet dat berkenwortel iets olfactiefs oplevert, het zij zo.

Het geeft in ieder geval en groen-zurige opening die knispert en waar de zon overheen heeft geschenen. De overgang naar de basis is lekker langzaam en transformeert Mandrake tot een klassieke, ik zou bijna zeggen mannelijke houtgeur (een strakke patchoeli) met verzachtende ondertoon van suède, leer en sandelhout. Stoer-chique zonder testosteron-effect dankzij het achterwege blijven van welke synthetische variant op ambergrijs dan ook. 

In mijn achterhoofd ruik ik Mandragore (2004) van Annick Goutal. De Franse naam voor alruin. Die is voor mij – om maar een parfumcliché te gebruiken – mysterieuzer. Zonet ‘ter controle’ weer even geroken. Anders fris, anders luchtig, anders zoet – wrang, bitterzoet. Zonder grote woorden, zonder imponeren in alle bescheidenheid gelanceerd, maar vanzelfsprekend. Een prachtig parfum. Kan de maker van Mandrake, Joseph Quartana, nog wat van leren. 

De oprichter

GLYFOSAAT RUIKT LEKKER?

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 25, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENT, MASSNICHE, MASSTIGE, Uncategorized. Een reactie plaatsen

TOM FORD IS OVERAL

#VERWENDEKUTKINDEREN

SLECHT WINKELADVIES

COSTA AZZURA TOM FORD

Het is not done om als eerlijke natuur- en landbouwliefhebber te constateren: glyfosaat ruikt best lekker. Toch zeg ik het. Natuurlijk moet je ook ‘geen gezicht’ zeggen die kale landbouwakkers aanschouwend – bezaaid met wortelrestanten van maïs en andere niet voor de menselijke consumptie gebruikte groenten – bij ons om de hoek die, as we speak, door glyfosaat nu verkleuren.

Maar als je in alles schoonheid kunt zien (kan ik), dan zeg je met optimistische BinnensteBuiten-verwondering: ‘Prachtig dat Van Goghgeel (links op de sfeervideo), hoe sfeervol dat Rembrandt-roestbruin’ (rechts op de feel good-video). En dan die geur dus: heeft iets. Terpentijn-achtige scherpte, met vleugjes ozon, beetje stro-achtig en onbestemde zoete noten. Bottel het, label het met Comme des Garçons, et voilà: ‘Un nouveau parfum disruptif est né’.

Ik weet niet of Tom Ford het aandurft zijn stempel op iets dergelijks te zetten, maar als hij het Fucking Fabulous Part II zou noemen: zeg nooit, nooit. Want bijna alles wat Ford nu in geuren omzet, wordt succesvol. En opvallender: hij bedient niet alleen meer de verfijnde niche-consument (die haalt inmiddels zijn neus voor hem op). Tom Ford is er voor iedereen. Voorbeeld 1: onze schoorsteenveger gebruikt Oud Wood. Hij vroeg mij onlangs waarom het zo duur is. Ik antwoordde: ‘Omdat u het wil’. Hij keek me vol verwondering aan.

Zelfde ervaring met een ‘aangetrouwde’ neef: ‘Erik raad eens welke geur ik draag?’ Nou, de harde houttonen van Oud Wood kondigden zich aan voor hij binnen was. ‘Duur hè!’ Zei het trots. Maar toch ook hier: ‘Waarom Erik?’ Hetzelfde antwoord. Een zoon (16) van een vriendin van me kreeg Vanille Tobacco voor zijn verjaardag omdat al zijn vriendjes ook Tom Ford hebben. De moeder: ‘Maar de geur is dan ook erg lekker.’ Volgens haar is – op mijn navraag – Neroli Portefino onder zijn klasgenoten het populairst, maar let wel: al die Tom Fords zijn er voor speciale gelegenheden (inclusief 1 Million van Paco Rabanne). Voor daags is er Acqua di Giò. Ze eindigt haar Signalbericht met #verwendekutkinderen.

En dan nog even Tom Ford op de winkelvloer: een vriend van me kocht een nieuwe flacon (zijn derde) van Lalique’s Encre Noire – een van de beste donkere vetivers die ik ken (en goedkoopste). Even tussendoor: hoe ooit een sportversie van deze geur verscheen… Doet onrecht aan het concept, weer een treffend voorbeeld van domme marketing. Maar het ‘probleem’ nu: de geur is wederom goed. Encre Noire Sport heeft niets fladderdeflats citrus-sportiefs (behalve een sprits in de opening). Het is gewoon een light-versie die een beetje doet denken aan de slechte, geflopte 1999 Vetiver-versie van Guerlain (indertijd serieus gepresenteerd als de nieuwe update-versie van de klassieker uit 1959).

In ieder geval, die vriend kreeg van de ‘beauty-assistant’ twee proefjes mee. Hij werd toen hij verslag deed weer kwaad. ‘Koop je een donkere geur, vertel je over je voorkeuren, krijg je Guilty pour Homme van Gucci en Costa Azzura van Tom Ford mee… dan heb je toch niet geluisterd, en zo maar wat gedachteloos uit de lade gepakt. Kun je het net zo goed online kopen.’ Guilty deed hem denken aan de wc-verfrisser die bij hem op het toilet staat (een Hugo Boss) en Tom Ford gaf hij aan mij ter beoordeling. Want hij heeft niets met citrusgeuren. Ik wel.

Met Costa Azzura is niets mis. De sfeer: een en al cliché. De geur zelf: mooie heldere zonnige noten, gelardeerd met aromatisch groen en warme houtachtige ondertonen – geen witte musk-frisheid. Het persbericht: ‘Een zeebriesje mengt zoute lucht met de geur van duinen – een knapperige melange van cipres, eik en aromatische kruiden. Als zonlicht op een natte huid fleurt citrus de dennenappels en -naalden van de geur op. De amberkleurige facetten van cistus-absoluut maken de Costa Azzurra-ervaring compleet’. Ford zelf aan het woord: ‘Ik heb altijd van geuren gehouden met een transportieve kwaliteit’. Transportief… dat klinkt chic. ‘Costa Azzurra vangt de ontspannen en sexy sfeer van de  Middellandse Zee – voor mij voelt het als de ultieme ontsnapping’.

Alleen is Costa Azzura voor mij geen niche, eerder massniche of anders masstige. Dit recept is al zó vaak gebruikt voor de middelste regionen van de parfumerie. De ene keer wat droger, de andere keer wat frisser, de andere keer wat groener en ga zo maar door (check double check: ik heb zelf voor mijn minimerk Re-Arrange een drieliterflacon met eaux de cologne die ik bijvul als de verkoop goed gaat met nieuwe versies die ik krijg/koop – het effect van deze transformatieve / transportieve Re-Cologne is navenant). 

De ingrediënten van Costa Azzura mogen dan misschien duurder en exclusiever zijn dan het middensegment – selderijzaad, zeewier, mirte, mastiek, eik, olijfboom, oudh, wierook, ambrette – de uitkomst ontstijgt door de andere aroma’s – citroen, kardemom, lavendel, drijfhout, vetiver, vanille – het middensegment niet. 

De echte niche-kenner zou met Costa Azzura geen genoegen – moeten – nemen. De prijs staat niet in verhouding tot de kwaliteit. Lange niet. Maar dat geldt inmiddels voor zoveel nichegeuren. De beginnende Tom Ford-fans zullen het hoogstwaarschijnlijk blind kopen. Tom Ford heeft een andere aantrekkingskracht: Tom Ford is vet duur, voor een nieuwe generatie vaak de enige aanleiding tot koop. En pa lijkt hierdoor een beetje zieliger, met wéér een fles van Sauvage – let’s go crazy Sauvage Elixir – die hij voor Vaderdag kreeg.

Ik vraag me af hoe ik toen was. Geuren bestonden, toen opa in zijn adolescente jaren was, gewoon niet op het schoolplein, ook niet op de werkvloer. Ik kreeg Antaeus van Chanel toen ik achttien was, de eerste indruk en daarna algemene ontvangst was bij mij verpletterend! Wat een volle geur, zo gelaagd, zo geraffineerd. Brutaal en toch chic. Eén van de redenen om me serieus in geuren te verdiepen. 

GEUR IN JE MOERSTAAL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 23, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, TRENDS TOEGELICHT. Een reactie plaatsen

HEMA IN EEN POËTISCHE PARFUMSTEMMING

EN: EAU DE CAMION POUBELLE (‘DE BOLDOOTKAR’)

Geen zin in een linguïstieke overweging? Scroll twee alinea’s naar beneden. 

Het leidmotief van Boekenweek 2025 (en 1977): ‘in je moerstaal’. Dat is dus, als ik het goed heb begrepen, ‘de taal die je spreekt, waar je mee opgegroeid bent of de taal waar je je het meest thuis bij voelt. Een taal die je alleen thuis of bij je familie spreekt of een zelfverzonnen taal. De geheimtaal die je samen met je zus bedacht hebt of een taal van ver weg die je graag eens zou spreken of eentje die nog niet bestaat’. Lekker bezig zeg ik. Alle remmen los zeg ik.

Met terugwerkende kracht kun je je door dit boekenweekthema alsnog geslachtofferd voelen omdat je toen je klein was bijvoorbeeld thuis geen dialect mocht spreken (zoals bij ons). In het Algemeen Beschaafd Nederlands werd er ‘in den beginne’ nog gebeden ‘bie ons tuus’ voor het avondmaal. Maar als ik kwaad werd en ruzie kreeg met pa en/of ma, ik met Twentse tongval – vader was een Fries, moeder een Gelderlander – mijn frustraties uitschreeuwde: ‘Ik goa nie meer noar de kerk!’

Geuren in je moerstaal daar moeten we nog aan wennen. Een naam van een parfum in het Frans (denk Guerlain) geeft direct allure, in het Engels (denk Calvin Klein) geeft een vanzelfsprekende internationale feel. Maar die doen nu in ‘de nasleep van’ woke toch behoorlijk old school aan (even tussendoor: ben benieuwd of Donald Trump ook de omschrijving ‘beyond gender’ (‘woke’-aanduiding voor geuren voor haar en hem) gaat verbieden. 

Nederlands in dit geval, doet nog steeds vreemd aan: kaal en onpoëtisch. Baruti is een van de weinige nichemerken die het heeft gedaan met Onder de Linde. Ik weet niet meer of zijn limited edition geur geïnspireerd op Vermeers beroemdste schilderij Melkmeisje of Milkmaid heette. Hij heeft ook een geur met Duitse naam: Berlin in Winter. Hiermee loopt Burati in lijn met het nieuw leven ingeblazen J. F. Schwarzlose uit Berlijn. Viele Namen sind deutsch, einige davon werden auch auf Englisch verstanden wie Rausch und Zeitgeist. 

Parfumnamen in het Nederlands zijn ‘er altijd al geweest’, maar mikten nooit op het grote publiek. Mijn buurtkapper aan de Ferdinand Bolstraat rondde, toen ik er jaren tachtig, jaren negentig kwam, het knipritueel af met een haartonic genaamd Prettige Reis of Goede Vaart of zoiets. Ik herinner me een ronde halfliterflacon met een smaakvolle illustratie van twee personen die aan een waterkant zwaaien naar een bootje (eenvoudig van omvang; geen ‘Billionair Fair’-editie). Heb geen bewijs, het stamt uit de pre-smartphoneperiode. 

Maar er is verandering op til. Ik doe het zelf af en toe met mijn mini upcycle parfummerk Re-Arrange. Eén van mijn melanges heet Oud Amsterdam (melange van diverse oudh-geuren) die knipoogt naar die mallotig-sentimentele kaas Old Amsterdam. En ik liep van de week de Hema binnen – dat sinds een paar jaren om de haverklap nieuwe geurconcepten presenteert – en werd wat ‘ik hou van Hollands / in je moerstaal’ betreft op mijn wenken bediend. Drie geurlijnen – onder meer geurkaars, bodybutter, bodyscrub, bodylotion, handcrème – waar in het Nederlands parallel loopt met ‘la plus belle langue’. En, zoals dat heet: voor de prijs hoef je het niet te laten.

Zoals:

even het bos in                              fraîcheur de sous-bois

in de frisse lucht                           se ressourcer 

je hoofd                                          dans l’air frais 

helemaal leeg                                de la forêt

Ruikt naar: ‘bosrijk, met tonen van dennennaalden en cederhout’

Of:

tussen de bloemen                                   parmi les fleurs

in een fleurig                                             s’emerveiller

bloemenveld                                             dans un champ 

even opladen                                            de fleurs odorantes

Ruikt naar: ‘tonen van oranjebloesem en jasmijn’

Of: 

een hele dag strand                                  une journée à la plage 

met je tenen                                             se détendre

in het zand                                     les pieds

alles loslaten                                             dans le sable

Ruikt naar: ‘zwoel met tonen van peer en amandel’

Je kunt natuurlijk gaan kissebissen over de vertaling. Even het bos in wordt vrij vertaald met fraîcheur de sous-bois dat letterlijk eigenlijk ‘frisheid van kreupelhout’ is; se ressourcer letterlijk herbronnen. Maakt niet uit, want het idee overtuigt, is origineel en toont maar weer eens aan dat je als Hollandsche Eenheidsprijzen Maatschappij Amsterdam ook geuren met een niche-toets kunt produceren. Ik bedoel: dit is echt iets voor Hermès. Want om de indruk te maskeren dat het luxemerk feitelijk ook een massaproducent is, kan het wellicht een keer geuren in verschillende talen in een limited edition aanbieden. Ik bedoel maar: een tuin in hartje Amsterdam, un jardin au cœur d’Amsterdam. 

Iets anders. Taboe: de fascinatie die we voor stank hebben, maar het niet hardop durven te uiten. Als de gelegenheid zich voordoet, dan pakt de pers altijd breed uit met vette koppen bij ‘stankgerelateerde’ onderwerpen. Ik hou een lijst bij, wanneer er poep in een kop wordt vermeld; groeit de laatste tijd gestaag. En omdat we er uit ‘schaamte’ er lachering over doen, brengt ironie altijd uitkomst. Zo heette in die goed oude tijd de strontkar (die in de pre-rioleringsperiode menselijk uitwerpselen – ook zo’n lekker woord – op geregelde tijden kwam ophalen) de Boldootkar. Een verwijzing naar het gelijknamige én beroemdste (van oorsprong Amsterdamse) parfumhuis dat Nederland heeft voorgebracht. 

Van deze ‘geurhinder’ – vaak in ambtelijke stukken een eufemistische omschrijving voor stankoverlast – hebben we nu gelukkig geen last meer. Wat tegenwoordig nog wel de neuzen doet optrekken zijn vuilniswagens. De Volkskrant boog zich in een nieuwe wetenschapsrubriek – Altijd al willlen weten – over de lezersvraag waarom alle vuilniswagens hetzelfde ruiken. Wat een vraag en ik zou eerder zeggen stinken. Ik mag het dan fascinerend vinden wanneer bij parfums ‘mmmm lekker’ overgaat in ‘gadverdamme’ en andersom, de stank van vuilniswagens heeft mij nog nooit in vervoering gebracht. 

Eindconclusie van de Volkskrant: ‘de studie van het RIVM betrof als gezegd composteerbedrijven, en je kunt één opsomming op één pagina in een rapport van 73 kantjes niet veralgemeniseren naar alle vuilniswagens in de wereld. Maar een mengsel van rotte kool, een vleug knoflook, bijtende azijnlucht en een soort dikke grondtoon van zoete alcohol komt aardig in de richting van wat we hier toch maar samenvatten als ‘vuilniswagengeur’. En dat klinkt in Frans toch weer aangenamer, plus agréable: Eau de Camion Poubelle.

KYLIE JENNER COSMIC 2.O 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 15, 2025
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, ENTERTAINMENET, GEURENALFABET C. Een reactie plaatsen

IS DIT EEN GEUR?

V/S 

‘WIE RUIKT HIER ZO LEKKER?’

Pas op! Lange intro. Ik heb dus een soort van artistieke achtergrond met ooit een voorliefde voor haute couture en beeldhouwen. En dan specifiek de techniek. Hoewel mijn echte interesse zich inmiddels onder het NAP bevindt, kom ik er toch af en toe toch nog mee in aanraking. Ongewild weliswaar. Who to blame? Tiktok.

Heb daar mijn eigen plek en daardoor een paar keer wat namen opgezocht – ‘wat doen die merken dezer dagen zoal?’ Sindsdien stuurt het algoritme me in een fuik waar ik maar niet uitkom. Allemaal fashion, lifestyle, stuitende overspending wannabe’s en celebs. Soms een verdwaald beeldhouwwerk. Na vijf minuten scrollen word ik overvallen door treurnis. 

‘Mijn’ algoritme wekt de indruk dat er niets anders op de wereld bestaat dan aan zichzelf verslaafde celebs die elkaar doodconcurreren met hun steeds bizar wordende outfits – gesponsord door alle grote namen. Het is nu bijna onmogelijk serieus naar haute couture te kijken omdat het zicht daarop nu wordt verstoord door celebs die met pomp & circusstance hun entrée maken en de aan hun smartphones vastgeplakte overige genodigden.

Maar hun acte de presence beperkt zich niet tot de shows van Balenciaga, Balmain, Schiaparelli, Dior en noem ze maar op. Celebs zijn ook niet weg te slaan op filmpremières, galerie-openingen en museumexposities. Het zijn weer dezelfde celebs die – wel of niet tegen betaling, wel of niet gratis gekleed door the BF (Big Fashion) – alle (media)aandacht opeisen waardoor je je afvraagt of het te promoten product – film, kunstenaar, kleding, kunstwerk – de aandacht krijgt die het verdient. 

Behalve dan natuurlijk als ze een eigen product lanceren. Enter Kylie Jenner. Door Wikipedia omschreven als ‘media personality, socialite and businesswoman (jongste miljardair ooit alhoewel dat wordt betwist) en in de top drie met de meeste volgers op de socials. Zij levert meer likes op dan de haute couture die ze draagt. Ze is onderdeel van de Kardashian-clan. Hoe dat precies zit? Interesseert me niet.

Jenners eerste geur Cosmic

Een vriendin van me, meer dan de helft van haar leven in Amerika woonachtig, lichtte me een keer het verschijnsel van The Kardashians & close friends toe, op mijn opmerking dat ze (me) niets te zeggen hebben: ‘Maar Erik, dat is juist het fijne dat ze niets zeggen. En volgens kunnen ze ook helemaal niet praten. Hoeven ze niet. Hebben ze ook niet geleerd. Ze kunnen zichzelf alleen maar presenteren, face jobs ondergaan, bewonderd worden, ondeugend geil lachen, en vooral ‘likes’ krijgen van bakvissen en frustro housewives die ook dromen van de clichés en sprookjes die ze ingepeperd krijgen door de media: heel mooi zijn, dus topmodel en daardoor als vanzelfsprekend influencer en zakenvrouw worden. Allemaal kwaliteiten waar je niet veel voor hoeft te doen als je eenmaal enorm vermogend bent.’ 

Ze ging nog even met haar tirade door. Ik moest ondertussen denken aan de geuren van Kim Kardashian die een tijdje geleden in de ramsj (€ 5,00 per stuk volgens mij) lagen bij mijn favoriete uitdragerij/koopjesparadijs Gideon Italiaander. Eén heette Fleur Fatale volgens mij. Bang voor een acute attack van vage bloemen, vaag hout en witte musk de tester onaangeroerd gelaten.

Maar ik werd wel soort van kwaad. Waarom was die geur al zo fuckerdefuck goedkoop vóór de degradatie naar restpartijen? Dat je in het begin van je roem (en dus geld verdienen) afhankelijk bent van de onderste regionen van het koperspubliek (in dit geval Ingrid van Henk, of Henk die het Ingrid schenkt), snap ik. Maar als je roem ‘voorgoed’ gevestigd is, waarom dan niet inzetten op kwaliteit in plaats van op politiek correct ondergoed? En dat wil dan niet zeggen dat je door paparazzi wordt gespot met vijf, in grootte oplopende Hermès-tassen. 

Wat een lange intro om tot mijn punt te komen: Kylie Jenner neemt zichzelf serieuzer in dit opzicht: ze vraagt voor haar geuren normale prijzen – wil zeggen: ze zit ruim boven de prijs die celebs – herinnert u zich Kylie Minogue, Madonna, Rihanna, Cindy Crawford, Lady Gaga, Kate Moss, Jennifer Lopez, Hale Berry, Shakira, Jennifer Aniston, Celine Dion nog? – gemiddeld vroegen. Ongeschreven regel tot voor kort: midprice. 

In zeker opzicht krijg je met Cosmic 2.0 (haar tweede geur) voor een celeb-parfum waar voor je geld. Er is veel aandacht besteed aan de flacon (ligt ergonomisch lekker in de hand). Iets wat veel van de concurrentie nalaat te doen; vaak niet meer dan een ‘klassieke’ standaardflacon met onderscheidende dop (zoals Lady Gaga’s Fame) als aandachtstrekker.

Het persbericht heeft het over een ‘buitenaardse’ floriental die de drager hemels omhult: ‘peer-akkoord en roze peper roepen de frisheid van een nieuwe dag op. Hartnoten ontvouwen een verslavend vanilleorchidee-akkoord. Samen met lavendel krijgt Cosmic 2.0 hierdoor een zachte, schone, bloemige verfijning – denk aan het eerste licht dat door de horizon breekt. De sensualiteit en warmte van amber in de basis zorgen voor een betoverend aura dat lang op de huid blijft hangen nadat de dageraad is aangebroken’.

Ík heb het over een geur die me niets doet. Het lijkt wel of Cosmic 2.0 aan geurgeheugenverlies lijdt. Wil zeggen: het is allemaal zo magertjes, zo iel, zo bekaaid. Alsof Kylie, alsof marketing, alsof finance bang is om de draagster het gevoel te geven dat ze echt een echte geur draagt (terwijl ‘smellmaxxing’ – de olfactorische vorm van narcisme – een nieuwe trend in Amerika is). Ik bedoel, de compositie kun je bijna geen geur noemen, zo easy peasy is de samenstelling, zo mager de afzonderlijke ingrediënten. Er is een aanzet en daar blijft het bij voor mij.

En nog iets anders: er is niets extra-terrestrials aan de geur. Waarom anno 2.0 zo aan ‘aardse’ ingrediënten blijven kleven, wanneer je ook out of space geurervaringen kunt oproepen die toch vertrouwd aandoen? Er is tegenwoordig zoveel mogelijk wat ingrediënten betreft. Doet me denken aan een geflopte Davidoff-geur. Echo (2003) met die vreemde mix van aquatisch-kruidige noten, zuurstof, ‘metaal’, aldehyden and suede. Het kan wel.   

Maar ik ben natuurlijk geen maatstaf en val behoorlijk buiten de doelgroep. Dat viel me op toen ik Cosmic 2.0 meenam als presentje voor mijn tweelingzus in Het Thomashuis te Venhuizen. Iedereen, maar dan ook iedereen vond de geur lekker. Mijn zus, haar verzorgers, haar medebewoners. Zelfs de kok die even later binnenkwam, zei: ‘Wie ruikt hier zo lekker?’

Lijkt K Kardashian wel

ENTEREN! PARFUMPIRATERIJ 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 31, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, ENTERTAINMENT, ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?. Getagd: geen-categorie, GEUR, PARFUM, reizen, review. Een reactie plaatsen

EEN NIEUWE GEURGEWOONTE

KOOP DIRECT HET ORIGINEEL; BESPAART TIJD DUS GELD

Ik had een paar jaar geleden wat betalende klanten die ik adviseerde over geuren. Kwam erop neer dat ik voorstellen gaf wat betreft hun formules in ontwikkeling: beetje meer van dit, beetje minder van dat. Het waren veelal jonge entrepreneurs die, als je ze dieper in hun ziel keek, dollartekens in hun ogen kregen. Mee gestopt toen ik erachter kwam dat ze ‘uiteindelijk’ kopieën wilden van succesnummers in de parfumerie. WTF! Teleurgesteld? Nee, want origineel zijn de meeste beginners – en ook arrivés – niet bepaald; ze doen exact wat de prestigemerken sinds jaar en dag als vanzelfsprekend zijn gaan beschouwen: copycatten. 

Zodra er een weer nieuw parfum van een concurrerend luxeconglomeraat in de schappen ligt, koopt een producent een flesje – ‘Is het voor een cadeautje?’ – en laat die analyseren in zijn laboratoria. In no time heeft hij de lijst van gebruikte ingrediënten. Blijkt de aankoop ‘un succès fou’ (dus ‘het cadeautje’ doet het mondiaal niet verkeerd), wordt een ​​vergelijkbare – maar nèt niet-identieke kloon geprepareerd. Het door de marketingpiepeltjes – ‘Doe maar iets met een verboden liefde en die andere iets met een oude bibliotheek’ – goedgekeurde eindresultaat kan dan in licentie worden gegeven aan een merk dat vaak onder de paraplu van hetzelfde luxeconglomeraat valt, hopende op dito succes. 

Klonen is niets nieuws: Tosca (1921) van Muelhens werd beschouwd als de huishoudsterversie Chanel N° 5 (1921). Het beroemdste nummer werd vaker geïmiteerd, niet alleen in naam maar nog vaker in geur. Legendarisch voorbeeld: Arpège (1927) van Lanvin. Coco Chanels reactie hierop: ‘Gekopieerd worden is de mooiste vorm van vlijerij’.

Yves Saint Laurents Rive Gauche (1971) leek verdacht veel op Rabanne’s Calandre (1969) – grappig: gemaakt door dezelfde neus. Iets verderop: in 1980 klaagde Edmond Roudnitska dat parfums ‘schandalig en meerdere malen worden gekopieerd zodra ze op de markt komen’. Een van de redenen waarom het op steeds grotere schaal gebeurde: in 1975 oordeelde het Franse Hof van Cassatie (het hoogste rechtscollege) dat parfum, in tegenstelling tot muziek of literatuur, niet het werk is van een menselijke geest en dus niet onder het auteursrecht valt. Het gevolg: welkom in de wereld van vrije handel en jatterij: ‘Dit is onze Opium, dit is onze L’Eau d’Issey, dit is onze Pleasures’. Een tijdje ook wel een ‘me too’-er genoemd in vakkringen.

Ondertussen werden op parfumscholen leerlingen braaf getraind om klassieke parfums te recreëren. Vergelijkbaar met kunstacademiestudenten die je nog sporadisch in musea oude meesters ziet kopiëren om zodoende ‘het geheim van de meester’ te ontdekken. Maar toen GCMS (Gas chromatography–mass spectrometry) verscheen, dat een parfum kan opsplitsen in geurmoleculen en aangeven in een grafiek, was ontcijferen kinderspel; zo kon de sleutel van een formule in elk flesje worden gevonden. Het opsluiten in een kluis van je composities, zoals Jacques Guerlain begin van de twintigste eeuw deed, had geen zin meer. 

Deze kopiedrift had/heeft ook een nadeel: de prikkel nieuwe en originele werken te creëren neemt af. Interessant in dit opzicht: veel geuren van Tom Ford lijken heredities van bij het grote publiek niet bekende niche avant la lettre geuren. Bij Gucci had hij er al last van. Op weg naar de lancering van Gucci’s Envy for Men (1999) vroeg de importeur aan mij: ‘Hoe denk je dat die zal ruiken?’ Ik antwoord: ‘Als hij slim is, heeft hij zich laten inspireren door Jicky van Guerlain. Zij verbaasd: ‘Hoe weet jíj dat?’ Ik: ‘Tja… inlevingsvermogen’.

Neem je nog de moeite iets grensverleggend te maken dan staat de concurrentie direct klaar met een door GCMS geduide versie. M7 van Yves Saint Laurent bijvoorbeeld was het tijdens de lancering. Bedacht door dezelfde Ford die weliswaar op zijn beurt het idee had afgekeken van oudhparfums uit Arabië, denk Montale. 

Deze parfumpiraterij vindt niet alleen tussen de luxehuizen plaats, ook merken zelf – Armani, Gucci, Guerlain, Givenchy noem maar op – blijven aan de lopende band variaties op eigen succesnummers maken – en deze kopieën van kopieën van kopieën durven ze soms ook nog limited editions te noemen.

Dus de geur met de meeste hitpotentie is nu een kloon van een topper waaraan je je eigen toeters en bellen toevoegt die twee doelen dient. Ten eerste: het dient als vijgenblad om het plagiaat te verbergen. Ten tweede: het geeft de koper een reden jouw versie van dezelfde basisformule te kopen in plaats van het origineel omdat je nieuw in de parfumerie bent. 

De prijs speelt natuurlijk ook een rol en de naam die de originele versie na-aapt. Koop je the real stuff of een dupe (die je toch echt vaak van de echte kunt onderscheiden) van Baccarat Rouge 540 uit 2015 van Maison Francis Kurkdjian? Deze geur is een treffend voorbeeld dat het echt de spuigaten uitloopt wat bootlegs betreft.

Google je ‘dupes Baccarat Rouge 540’ dan volgen er tientallen namaakgeurensites – instapprijs van een GCMS-parfumplagiaatapparaat is $ 30,000 – die je voorstellen doen. Waar ze het allemaal over eens om zijn: Cloud van Ariana Grande (2018) die is goed. Monte Carlo van Noted Aromas schijnt ook niet verkeerd te zijn. Maar als kopiëren fout is, is Cloud dan minder erg dan Monte Carlo? Neem in je oordeel mee dat Noted Aromas het jatwerk ruiterlijk erkent, Grande niet. 

Niet vergeten: de klones die Zara en Lidl de wereld braaf instuurt. Je hebt nu een dagtaak aan om alle neppers met de echters te vergelijken. Je struikelt op Youtube over kanalen van die zich erin verdiepen. Mijn advies: koop direct het origineel – tijd is geld. 

Het gevolg van dit alles: de creativiteit wordt niet meer uitgedaagd – zie mijn artikel Overwegingen. Naast lef zijn ideeën noodzakelijk en die zijn moeilijk te vinden, iets wat blijkt uit het enorme hoeveelheid parfums dat in de aanbiedingenbak verdwijnt.

Ook de kwaliteit neemt ‘zienderogen’ af (dito). Geen nieuws natuurlijk voor wie voor vintageparfums kent; moderne parfums lijken hiermee vergeleken vaak deodorantversies. De jus zelf vormt een steeds kleiner onderdeel van het budget, nu gemiddeld 1 dollar op een budget van 100. De resterende miljoenen geeft de luxebranche uit liever uit aan promotie: neem de mallotige commercial van Miss Dior. Natalie Portman vraagt de kijker: ‘What would you do for love?’ ‘Bemoei je met je eigen zaken, moppie!’

De parfumindustrie is verslaafd aan celebs. Als ik nu de nieuwe uit de duim gezogen, marketing-storytelling van Lancôme’s Trésor hoor word ik bijna kwaad – ‘moven bitch’ verzin eens wat anders! Jeetje wat origineel: Penolope Cruz haalt – blablaba – jeugdherinneringen op aan de geur uit haar jeugd en bejubelt ondertussen in een andere reclame ook de voordelen van vliegtuigmaatschappij Emirates.

En dat terwijl er bijna niemand meer interesse heeft in dit soort storytelling, iets wat bij de grote spelers maar niet schijnt door te dringen. Het levert natuurlijk veel likes op, maar of het de verkoop daadwerkelijk omhoogstuwt blijft de vraag gezien bijna ieder ‘zichzelf respecterend’ merk om het seizoen wel een aankomend of gearriveerde ster inhuurt voor de promotie. Kate Moss is net 50 geworden, welk parfum is er dit jaar ook 50 jaar jong…

Moraal van het verhaal: het idee is niet om een ​​goede geur te maken, het idee is om goed geld te verdienen. Ook al doe je het zo bescheiden mogelijk – de indruk die nieuwe nichehuizen graag willen wekken – je hebt toch echt een goede backer nodig die gelooft in je tienjarenplan en alleen met je in zee gaat als je een variatie op een parfumhuis levert. En die vind je nog steeds gezien de potentie die het financieel heeft. 

Daarom respect voor de makers die geuren maken uit ware bezieling – de indie-parfumeurs over het algemeen. Zolang ze het meest geërodeerde begrip in lifestylekringen – passie – maar niet in hun promotiepraatjes hanteren.

Bij deze, zich ook maar alsmaar uitbreidende, groep lijkt geld slechts bijzaak, maar ondertussen zij zullen ook moeten onderkennen dat bezieling geen garantie is voor originaliteit en creativiteit: mallotige storytelling gaat ook een keer vervelen.

Daarnaast zijn ze over het algemeen afhankelijk van dezelfde ingrediënten. Voor je het weet ga je als klant – helemaal doorgedraaid van alles – weer op safe en koop je in plaats van de indie-geur, L’ambre trouvé dans une Poubelle, toch maar L’Eau Ambre Extrême van L’Artisan Parfumeur.

Het grootste compliment dat je nu kunt krijgen als parfumhuis is natuurlijk dat je níet wordt gekopieerd. Kan liggen aan het feit dat niemand je kent, of wilt leren kennen of je geuren niet begrepen worden of gewoon niet goed genoeg – Tiktokwaardig – zijn. 

MIGLOT FRAGRANCE LAB

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 17, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, MASSNICHE, MASSTIGE. Getagd: algemeen, geen-categorie, GEUR, PARFUM, verhalen. Een reactie plaatsen

DE MENSELIJKE FACTOR IN GEUR

VEILIGE, COMFORTABELE CHIC

Testing, testing, testing

Het zal de komende tijd, gezien de geplande bezuinigingen op het onderwijs en cultuur, niet gebeuren. Maar zou toch leuk zijn: wekelijkse les in parfum voor het voortgezet/secundair onderwijs. Niet facultatief, maar verplicht, net zoals filosofie dat eigenlijk zou moeten zijn. Dit is geen toppunt van decadentie, want net zoals wijsbegeerte leer je je zelf – als het goed is – beter kennen door parfum. Introspectie. Handig voor later. Je wordt er in ieder geval een plezieriger mens door als je ‘ervoor openstaat’. 

Ik heb hiervoor een bewijs dat ik regelmatig opvoer: een zwager oprecht geïnteresseerd in geuren (hij was een van weinigen die door mijn geschonken geuren vaak teruggaf en kon uitleggen waarom hij ze niet lekker vond). Met Gucci Pour Homme zaten we eindelijk in de goede richting; we kwamen erachter dat hij van leergeuren hield. Hij draagt nu onder meer Knize Ten, Cuir de Russie en Oud Leather. Sindsdien is hij een gelukkiger mens. ‘Ik doe het ’s ochtends op; ik voel me prettig. Als iedereen dat zou doen, dan zou de wereldvrede een stukje dichterbij zijn’. Een leuke gedachte. 

Ik wil maar zeggen: bij echte interesse, verdiep in je in geuren net zoals je dat ook met je favoriete hobby doet. Onderzoek, afvragen, verzamelen – je wordt een gelukkiger mens. Zolang het nog niet klassikaal verplicht wordt gegeven, volg dan een ‘masterclass’ bij een parfumeur. Kristof Lefebre – opgeleid aan de ISIPCA is volgens mij een geschikte docent. Hij is de man achter het parfumhuis Miglot (anno 2020) – een ‘verfransing’ van ‘my glow’. Want dat is de bedoeling: dat je door zijn geuren gaat glimlachen (iets wat volgens mij de meeste geuren doen, mits je ze aangenaam vindt).

De oprichter

Ik kreeg via via een perspakketje van hem en heb me er onlangs in verdiept. Ondanks de soms clichébenadering van zijn metier – ‘onze maisons zijn plekken om te ‘landen’, om de hectiek van de stad en de beslommeringen van alledag even te vergeten en je door je neus en je hart te laten leiden’ – vielen me twee dingen op. 

Ten eerste: hij is opgeleid als apotheker. Nu wil het toeval dat ik me in de geschiedenis van de apotheker als parfumeur aan het verdiepen ben. Ik lees bijvoorbeeld op www.musee.info dat ‘de basisprincipes van de kunsten afhankelijk zijn van de farmacie, zoals de kunst van het banketbakken en die van geurwaters en tafellikeuren’, aldus Antoine Baumé in Elementen van de Farmacie (1795).

Ten tweede: Lefebre’s benadering. Volgens hem wordt één op twee parfums in België niet gedragen (Miglot is een Belgisch parfumhuis met vestigingen in Gent en Antwerpen). In Nederland zal het niet veel anders zijn. Hoe komt dat? Ik denk onder andere: geuren worden nog te veel als cadeau-artikel gezien (ben ik geen voorstander van mits je hem/haar begeleid tijdens de zoektocht) zonder met de voorkeuren van de ontvanger rekening te houden. De reden volgens Lefebre: ‘Bij veel parfumhuizen is de reden van bestaan onduidelijk. Waarom maken ze parfum? Wat is hun drijfveer? Ze hebben afstandelijke logo’s, het kloppende hart zijn geldmachines (een bestaansreden volgens mij). Emoties hebben plaatsgemaakt voor lege marketingverhalen’.

Miglot doet het anders. Dus: geen afstand creëren tussen maker en drager van het parfum. Het ingrediënt: menselijkheid. Maison Miglot is een ‘plek waar Kristof met zijn team klanten persoonlijk en in huiselijke sfeer ontvangt voor een boeiende geurreis’. Lefebre ligt toe: ‘Bij het kiezen is empathie even belangrijk als vakmanschap. Klanten bieden we als het ware een wit canvas aan. En alles begint bij luisteren. Ik begrijp dat een parfum kiezen moeilijk is. Samen gaan we op zoek naar wat de klant raakt. In alle openheid en zonder hokjesdenken. We zijn nieuwsgierig en geven oprecht om hoe iemand zich voelt bij het dragen van een parfum’. 

Miglot-winkel

Origineel: om de klant nog dichter bij het vak van parfumeur te brengen, heeft Lefebre een Insiders-programma: tweemaal per jaar worden vijf personen geselecteerd, die gedurende vijf maanden aan vijf projecten binnen Miglot werken – een soort ‘open keuken’ – om het merk beter te leren kennen. Van nicheparfumkenners tot studenten; elke deelnemer is betrokken en geeft input wat betreft nieuwe formules tot feedback rond de verpakking.

Nu naar de geuren: in het kennismakingspakketje zitten 17 samples begeleid met kaartjes met ingrediëntenvermelding en op de voorkant een ‘sturende’ stemmingsfoto, katoenen proeflapjes (om de geuren op te spuiten) en categorie (green woody, fougère spicy, floral natural, floral musc, aquatic floral woody, balsamic woody enz. enz).  

Het is niet onmogelijk, maar ik ga alle 17 niet per stuk behandelen. Ik pak er lukraak wat voor een algemene indruk. Formula 07 Floral. Een allerlieflijke bloemengeur. De citrus-intro is ingehouden, de iris, jasmijn, lelietje-van-dalen gaan gelijk op en de afronding is zacht-zalvend richting oosters door amber, cederhout, tonkaboon. Formula 08 Green Woody springt er direct uit en tintelt: je ruikt de komkommer goed die wiegend door citrusnoten mooi samengaat met de groene thee in het hart. Als je heel goed ruikt neemt je de galbnum waar. Koriander zorgt voor een kruidig randje zonder dat dat echt invloed heeft op het cederhout in de basis – strak-zonnig; een mooie bodem voor het groene geheel.  

In het begeleidend boekwerk wordt iets dieper op elke geur ingegaan. Storytelling heet dat dan. Cliché ja of nee?Formula 28 Spicy Woody: ‘hiermee toon je je sterkste kant dankzij de kracht van peper en karaktervolle houtsoorten’. Meer voor mij. Een mooi-droge kruidige donkerte direct in de opening: inderdaad een flinke shot zwarte peper besprenkeld met kruidnagel. Snel dringt het hout zich op: oudh, kasjmier en cederhout sensueel gemaakt door labdanum, musk en tonkaboon.

Tien uur later, ik ruik nog een vaag-aangename nasleep van bovengenoemde geuren. Geen cleane finish gelukkig. Nog drie te gaan. Formula 16 Floral Musk. In alle opzichten elegant en sereen – zoals de groen-bloemige geranium zich door de heldere witte bloemennoot vlecht. Mooi zoet ondertoontje. Misschien is hier de lotus voor verantwoordelijk – meestal een synthetisch component met een aquatisch-zoete toon. Beetje verstilde Japan tuin, bepoederde geisha-impressie. Lefebre ziet het zo: ‘Een parfum dat de wereld van ballet oproept, vol gedrevenheid en elegantie met een vleugje poeder’.

Next: Formula 03 Balsamic Woody. Intrigerende opening van kruidige en ‘actuele’ frisheid: bergamot, kamille, gember en salie. Zomerse impressie, wandeling door een weide vrij van pesticiden waar kruiden en bloemen vrij spel hebben. Vooral de kamille springt eruit. Mooi om te ruiken hoe de iris dit alles in zich opzuigt en en daarna de oriëntaalse noten hun spel laten spelen terwijl de kruidigheid naresoneert.

De laatste: ik stop mijn hand in het door Miglot geleverde zakje en haal er – dat is toevallig – het hoogste nummer uit de collectie eruit: Formula 65 Citrus Floral Woody. Valt tegen in de zin dat ik dacht dat alles van Miglot erin samenkomt. Ook afgaande op de ingrediënten die hier in een soort niets verdwijnen. Het effect: een monotoon eindeffect die richting ambiancegeur gaat. 

Dat is geen leuke afsluiting. Nog een dan. En het is… Formula 32 Woody Fruity Floral. That’s better. Sprankelende opening met direct een exotische twist. Tropisch fruit (ik meen ‘iets’ van passiefruit en vijg te bespeuren) versterkt door Europees fruit: nectarine en perzik die garant voor een zoet voluptueus maar zijdezacht effect. Heerlijk die bloemencombi van frisse fresia en zoete roos. Harmoniëren elegant met de ‘tropicana’. De basis: stoer-zwoel zou ik willen zeggen. Contrasterende noten gaan goed samen in deze fruitige chypre: eikenmos, leder, patchoeli ‘versus’ amber, musk, sandel- en cederhout. 

Kristof Lefebre omschrijft zijn assortiment als affordable luxury. Ik denk ook: veilige chic, want de geuren zijn niet spectaculair, hebben geen pats-boem-effect en schrikken niet af. Eerder intiem en comfortabel. Toch mis ik er een die uitspringt – misschien zit die wel in nummers die ik niet heb besproken. Een meer uitdagende geur als statement dat je met een leuk verhaal naar de andere geuren leidt in het assortiment. Misschien kunnen nieuwe deelnemers aan het Insidersprogramma met wat extremere voorstellen komen. Niet tegenstaande: ik vind het knap dat iemand het in deze overvolle, door marketing verpeste markt toch nog een plek, een niche weet te creëren die mensen aanspreekt. Lefebre als rustpunt voor mensen nieuwsgierig en leergierig naar geuren en die niet willen afgaan op de cliché-glamour, cliché-verleiding en cliché-aanstellerigheid waarmee parfum meestal is omringd.

OUD KHÔL GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 10, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET O, KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST, MOET JE ECHT RUIKEN, NICHE. Een reactie plaatsen

OLFACTIEF JONGLEREN

MEESTERWERK! KLASSE! ZO HOORT HET!

‘ALTERNATIEF’ BROEÏRIG PARFUM LAAT JE OUDH NIEUW BELEVEN

Zwart gat

Ik bestelde met enig argwaan een proefje bij Guerlain. Want: het huis maakt zoveel geuren – ook in de L’Art et La Matière-serie – dat het steeds moeilijker wordt om ze op hun artistieke en creatieve merites te beoordelen. Daarnaast de naam: hopelijk geen link met de cosmetica, zoals Guerlain het eerder deed met een van de mooiste seventies chypres: Parure werd naam van een maquillage-lijn.

Dan de laatste horde: oudh. Ik vond het ‘altijd’ een soort van chic van Guerlain dat het zich verre hield van het adelaarshout, het niet in zijn geurpalet opnam (behalve ooit als een olie als ik me niet vergis). Als je je dan ‘alsnog’ in de kilometerslange oudh-rij aansluit, zorg dan wel voor wat ‘fracas’, opschudding en olfactief gejongleer. Nou, Thierry Wasser, doet het met Oud Khôl. Parfum als abstractie, parfum als kunst. 

Dit is wat je wil, wat ik wil ruiken: een onbestemde, een donker-ijl-ijzige minerale en rokerige (een flitsvlam van een lucifer die je aansteekt) opening die alle kanten opgaat. Wat ruik ik eigenlijk? Niets en alles! Je kunt je vinger er niet direct opleggen. Het is een soort van ‘historische’ opening: zo moet in de jaren twintig de eerste kennismaking met N° 5 zijn geweest: de vernieuwende magie van aldehyden die als een schitterende vuurpijl in de nacht zijn frisse fonkelingen prijsgeeft.

Alleen hier geen vuurwerk. Eerder een groenachtige sfeer in een kale ruimte met museale proporties waarin geuratomen aan het googelen zijn. Vervolgens ontwaar je meer: de groene noten worden mosachtiger krijgen een chypre-achtige constructie op basis van oudh. En dan: een schuring met leer met een animaal randje. Geeft warmte zonder dat de geur te zwaar wordt; het ijle, het ongrijpbare blijft gewaarborgd. 

Ik weet niet hoe houtskool echt ruikt, heb het natuurlijk wel eens in mijn handen gehad en ik weet ook dat de geur die tijdens de productie ervan vrijkomt wordt gebruikt voor het bbq-effect in sauzen. Het sterk-rokerige oudh-effect wordt in Oud Khôl in ieder geval getemperd door een subtiele praline-noot gelukkig zonder te karamelliserend effect. En dan heel langzaam, bijna ongemerkt bespeur je een bijna zichzelf verontschuldigende bloemennoot als een lichte streling. 

Als je al ruikende, je je toch niets bij dit meesterwerk kunt voorstellen, luister dan naar Thierry Wasser: ‘Als het een kleur was, zou dit de gitzwarte kleur voorstellen waar Anish Kapoor zo om bekendstaat, zwart pigment tot een absolute waarde verheven’. Als dat eenmaal in je hoofd zit, gaat het er niet meer uit. Zelfs Yves Klein-blauw – ook zo geliefd in artistieke parfumkringen laten mijn hersenen niet toe. Het donkerste groen denkbaar dan? Ook niet.

Ik heb ook literaire associaties: het mystieke L’Oeuvre au Noir van Marguerite Yourcenar. Maar ik moet vooral denken een kosmisch zwart gat, de plek in het heelal waar alle krachten samenkomen van ineengestorte zware sterren aan het einde van hun ‘levensloop’; een gewichtsloze en geluidsloze ruimte, waar alles niets is en niets alles. 

Het ‘Khôl-zwart’ van Anish Kapoor

Mensen met weinig parfumervaring en geur alleen zien als ‘iets lekkers’ (en romantisch en verleidingsmiddel) zullen misschien bij het ruiken denken ‘Is dit nu alles? Wanneer gebeurt er nu wat?’ Hun wacht nog een mooie olfactieve reis waar Oud Khôl het begin en het eindpunt kan zijn. 

Ook wel jammer: omdat we al een paar decennia in de fast forward fragrances-modus zitten, is de kans groot dat Oud Khôl aan de aandacht ontsnapt bij het grote publiek doordat die zich nog te veel door onzingeuren laat verleiden. Met andere woorden: had Oud Khôl de gelijke behandeling als Mon Guerlain gekregen, met alle marketingtoeters en -bellen incluis, dan hadden meer mensen met dit wonderbaarlijke werk kennis kunnen maken en gezegd: ‘Intrigerend, ik neem hem.’

Met nog andere woorden: had in Mon Guerlain Oud Khôl gezeten, dan was het misschien wel een groter succes geworden. En nog even over Guerlains alsmaar doordraaiende geurcarousel: moet ik nu ook aan de Oud Nude en Cherry Oud? Tegelijkertijd met Oud Khôl verschenen. Interessante ingrediëntenopgaaf zo op papier, maar voor mij iets te rood-fruitig gourmand. 

OVERWEGINGEN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 9, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, ENTERTAINMENT. Getagd: geen-categorie, GEUREN, herfst, PARFUM, seizoenen. Een reactie plaatsen

OVER DEVALUTIE VAN KWALITEIT

EN: NIEUWE KLANT BETAALT GRAAG EXTRA VOOR MEER MIDDELMATIGHEID

Grenzenloos geurplezier bij Parfumerie Die Grenze

Ik ben omringd door geuren. Sinds de poliepen in mijn neus noemenswaardig zijn geslonken, ruik ik voor twee. Elke dag weer. Een genot. Wat was het een gemis. Alleen lijkt het erop dat mijn olfactieve aandacht meer aan het verschuiven is richting culinair. Onlangs pruttelden geraspte citroenschillen (voor marmelade) en ‘home grown’ tamme kastanjes (voor kastanje-jam) in de pan. Deze twee smaken gebruikte ik als laagjes voor mijn basis vegancake (ik leef samen met een veganist; on s’adapte) voor Oudjaar.

Er kwamen nog twee laagjes bij. Eén met zelfgemaakte ’home grown’ zoete vijgenpickle (op basis van jalapeño-peper) en een met door onze Oekraïnse alleshulp gemaakte pompoenjam (‘home grown’ as well) met sinaasappel. Hij smaakte voortreffelijk volgens de gasten, maar ik dacht bij deze zoet-gepeperde fruitexplosie: kan altijd nog een dekkende laag cranberry’s bij (vergeten te koken tijdens de Kerst).   

Marmelade, zoete kastanje, vijg, peper, pompoen, sinaasappel en cranberry ondersteund door een klodder met vanille geïnjecteerde musk en je krijgt, voor je het weet, een verdomde originele kijk op een geurende gourmand – werktitel, laten we gek doen: Grandma’s Failed Christmas Pudding. Kan ‘zomaar’ een parfumprijs kan winnen van een blog, een krant, vereniging, influencer of een door onbekende krachten aangestuurde kunstmatige intelligentie. 

Laten we wel wezen: de wereld is in de war, de commercie is in de war, de luxe-industrie is in de war en de parfumindustrie is dat al veel langer. En net zoals bij zoveel menselijke activiteiten, keert ook deze in een verontrustende staat van ontkenning. Zou het komen doordat parfum ‘door de jaren heen’ een boodschap van positivisme, vreugde, blijdschap en (niet te vergeten) liefde heeft verkondigd, dat het daardoor geen rekening hoeft te houden, rekenschap hoeft af te leggen met klimaatverandering, voetafdrukken en ander door de mensheid veroorzaakt onheil… ‘Nee hè, pakken ze dit nu ook al van ons af!’ En: het is zo handig als Moeder- en Vaderdagscadeau!

Beyoncé Cé Lumière

Fascinerend: veel parfumbrands manifesteren zich als wereldverbeteraars en do-gooders die louter plezier brengen in dit aardse tranendal terwijl ze – klein of groot – toch onderdeel zijn van de mondiale marketingmachine met slechts een doel in het vizier: omzet. Niet erg. Het drijft de mens. Alleen: waarom verdrinken we in me too-ers (hoeveel nieuwe visies op een fruitgeur kan men verwerken) en worden deze als revolutionaire visies gepresenteerd. Er wordt zoveel (online) onzin verteld – onder het mom van storytelling – louter om de verkoop. 

Neem deze: www.parfumerie.nl vertelt dat Blonde Amber (2022) van Clive Christian (onderdeel van de Noble Collection afdeling XXL Art Deco) maar liefst 219 zeldzame ingrediënten bevat. We gaan het rijtje af: rum, wierook, bittere sinaasappel, kardemom, roze peper, gember, bergamot, grapefruit, gedroogd fruit, witte tabak, sandelhout, tuberoos, saffraan, osmanthus, iris, jasmijn, tonkaboon, mirre, vanille, labdanum, patchoeli, ceder, musk en vetiver. En dan moeten de 219 zeldzame ingrediënten nog blijkbaar komen…

www.parfumerie.nl neemt deze toegestuurde facts & figures (allemaal in het Engels tegenwoordig; ook niet erg) voor lief en denkt dat het allemaal wel goed zal zijn; het komt per slotte van rekening van een chic merk. Verbeteren en/of becommentariëren helpt niet (meer). Er wordt zelden gereageerd door potentiële klanten of de verkopende partij negeert het of lacht het uit onwetendheid weg: ‘Die maar doen dan?’

Dieptepunt vorig jaar in deze was voor mij het duidelijk door AI geschreven persbericht van Diors j’adore waarin Rihanna als ambassadrice werd gepresenteerd. De keuze voor haar is ‘bedenkelijk’ – zij draagt niets van de ‘waarden’ van het couturehuis uit tijdens de promoclip: slecht lopend door ik neem aan de Spiegelzaal van Versailles gekleed in gouden feestwinkel-couture. Waarom? Alle merken zijn druk ik de weer om de afro Americans olfactorisch in hun tuintje te harken. Helemaal nu Beyoncé die, na de bagger die bij Coty onder haam naam verscheen, een serieuze parfumcomeback wil maken. Best wel met een moeilijke naam Cé Lumière. Echt wel: ‘gemaakt in Frankrijk omhuld door kunst, en vervaardigd en ontworpen door de zangeres’ herself in een art deco geïnspireerde flacon. Gelukkig pittig geprijsd: 50ml 160,00 dollar. Gôh, wat origineel er is inmiddels ook een donkere versie: Cé Noir. Geurengoeroe waar maak je je druk om? Het is maar een lekker luchie. 

J’adore Rihanna

Iets anders: ik las onlangs een artikel in The New York Times dat beschreef dat de luxsector zijn reputatie niet meer waarmaakt (inclusief Dior). Kort door de bocht: verhoogde prijzen (tassen van Chanel bijna verdubbeld) tegenoven verlaagde kwaliteitsnormen (grappige bijwerking: fake is bijna niet meer te onderscheiden van echt) met het gevolg dat tassen en andere lederwaren, en dry only clean-kleren steeds vaker gerepareerd moeten. Alleen: eigenaren van ‘gouden scharen’ en ‘hakkenbars’ vinden vaak geen opvolgers: dus wat doe je dan? Ik kan het beamen: afgelopen zomer wou ik mijn veel gedragen Gucci’s (loafers 30 jaar geleden – ‘toen kwaliteit nog vanzelfsprekend was’ – gekocht in de opruiming in de PC Hooftstraat) voor de tweede keer in hun bestaan laten verzolen. Goddomme, blijkt mijn vaste adres in de Jordaan zijn deuren te hebben gesloten. Geen opvolger in de familie, geen vervanging gevonden.  

Terug naar de ‘normvervaging’. Die vindt ook al lang in de parfumsector plaats. Ik werd me er van de week weer van bewust. Ik was in Coevorden in Die Grenze – winkelketen gespecialiseerd in ‘over de datum’-producten. Daar eindigen ook geuren die zelfs op onderste plank bij Etos en D.A. geen indruk meer maken. Zoals de zoveelste remake van Grès’ Cabochard: 100 ml € 7,95. Tester weliswaar maar toch. Ik rook eraan en het leek wel een deodorantversie.

Dat viel me des te meer op omdat ik een tijdje geleden ook een vintage parfumextract van dezelfde geur op de kop had getikt: een donkere chypre-bom die onder je neus explodeert. Niets proefpanels, marketingplanning, puur inspiratie, puur parfum. Maar terwijl de ‘deodorantversie’ op mijn polsen zijn werk bleef doen op weg naar huis, viel me iets anders op: zelfs deze verwaterde versie – voor mijn gevoel een mix van vage patchoeli, vage amber en vage musk – zou nu ook als niche kunnen worden verkocht.

Want: een ‘nieuwe’ generatie gebruikers herkent de essentie van een goed parfum niet meer en neemt door marketing en slimme pr-campagnes alles voor waar aan. Het maakt ook niet uit. Is het duur is, dan is het lekker. Na het horloge is het bij veel mannen een show off-accessoire geworden. En de producenten voelen dat aan: de prijzen in de (niche)parfumerie zijn stijgende. Een goed voorbeeld Parfums De Marly. Opgericht in 2009. Doet minder moeilijk en elitair dan Amouage, maar het zijn duidelijk presente geuren. Inmiddels meer dan 40. De meest recente: Perseus uit 2024: € 200.00 (75ml), € 265.00 (125ml). 

Ingrediëntengraadmeter

Een van de excuses, behalve winstoogmerk: de alsmaar duurder wordende ingrediënten en grondstoffen. Geloof jij het? Ik heb alleen nog nergens gelezen dat door de verandering van het klimaat door wateroverlast of droogte, de oogst van populaire ingrediënten dramatisch is afgenomen (plus het feit dat 80 procent synthetisch wordt vervaardigd). Ik volg wat kleine parfumproducenten in India, en die hoor ik nooit klagen over misoogsten en meer parfumpech onderweg. Wat wel interessant is: veel parfums die nu worden gemaakt (ook niche) bestaan uit ingrediënten die eigenlijk het minst duur zijn en dat er – ook bij niche – minder wordt geëxperimenteerd. Dat blijkt uit een onderzoek (zie grafiek) van Fitz Chao Li (data en fragrance nerd op LinkedIn) over de populariteit van ingrediënten door de jaren heen. De parfumblogger – a hundred million bottles – trekt hier uit de conclusie dat ‘we leven in het tijdperk van de flanker, waarin herhalingen van beproefde formules de voorkeur krijgen boven nieuwe ideeën’. Onder andere namen schijnen er al 37 versions van La vie est belle in omloop te zijn. De dupes – mijn favo fragrances nu – niet eens meegerekend.

Ik sluit me hierbij aan. Alleen, niet zeuren, zo werkt de huidige markt nu eenmaal. Ik wil alleen aan toevoegen dat we ons zo langzamerhand moeten gaan realiseren dat de creativiteit aan het einde van zijn latijn is, want het aantal ingrediënten en de daarmee gemaakte combinaties niet oneindig. Elk parfum is een variatie op een thema, dat afhankelijk van een onverwachte combinatie op het juiste moment – ‘het hing in de lucht’ – een gevoelige snaar weet te raken (meestal niet). Eerst bij een kleine groep, dan langzaam doorsijpelend naar de massa.

Veel wordt er verwacht van AI, maar ik denk dat die ons wat creativiteit betreft niet echt kan helpen. Die mag dan sneller zijn in zijn voorstellen voor nieuwe geuren, maar loopt uiteindelijk tegen toch dezelfde grenzen op. Dat blijkt wel uit de kunst die AI tot nu toe heeft gegenereerd: more of the same. 

Grès

TWEET, TWEET, TWEET… IK BEN HET CHYPREVOGELTJE DEEL 1

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 19, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND, ENTERTAINMENT. Getagd: design, geen-categorie, geschiedenis, PARFUM, reizen. Een reactie plaatsen

GEURDIFFUSER AVANT LA LETTRE

Chyprevogeltje op basis van schetsen van Leonardo da Vinci

Stel je stapt Het Louvre in Parijs binnen om gebruiksvoorwerpen uit de Renaissance te bekijken. Je verbaast je over het vakmanschap, de inventiviteit, de juiste verhouding, de perfect kleurstelling, de ‘toch wel’ overdaad en meer van dit soort kwaliteiten. Wat ik me de laatste tijd vaker afvraag: waren er – toen deze artefacts werden gemaakt en gebruikt – ook mensen zoals nu uit het alternatief-progressief vooruitstrevende circuit, die niet onder de indruk waren en het allemaal te veel blingbling, overdreven en nouveau riche vonden?  

Want wat wel eens wordt vergeten: ‘oude spullen’ waardig genoeg om toe te voegen aan museumcollecties, hoeven per se niet alleen bewonderd te worden. Hoewel dat door de imposante presentatie (less is more kan ook intimiderend werken) bijna onmogelijk. Wat we nu mooi, grensverleggend ‘voor die tijd’ of van deze tijd vinden, kan over honderd jaar liggen te verstoffen in museumkelders. 

Deze overwegingen heb ik bij het zien van het ‘Chypre-vogeltje’. Waren er toen mensen die het maar opzichtige kitsch en uitermate decadent vonden? Anno 2024 denk ik: wat een vakmanschap, inventiviteit, wat een plezier en genot. Bij de eerste aanblik daalde terstond over mij een (geparfumeerde) wolk neder vol van gelukzalige tevredenheid.

Schets van Leonardo da Vinci

Maar dit bungelde ook tegelijkertijd door mijn gedachten: ondanks oorlogen, natuurrampen, akelige ziekten en ander trammelant, bestaat bij de mens de behoefte het dagelijkse te ontstijgen, zich te omringen met dingen die het leven veraangenamen, de fantasie prikkelen en je een blik gunnen op een ‘betere wereld’, een soort van paradijs binnen handbereik. 

Dit escapismegevoel valt lately steeds vaker neer op mijn gemoed, met name nu als je ziet hoe stuitende rijkdom zich schaamteloos manifesteert. Tiktok geeft, als je ernaar zoekt, een hallucinante tip van deze met diamanten en parels hand bestikte sluier. 

Het Chypre-vogeltje heeft geen link met de gelijknamige parfumformule. Het is, een assemblage van gegoten, geparfumeerde harsen in de vorm van een vogel die werd verbrand in een vaak rijk uitgevoerde vogelkooi die diende als ‘wierookvat’. Deze gekooide vogel symboliseert de deugden van de liefde en met het vermogen zieken te genezen met zijn blik. 

De vogel op de begeleidende foto’s is ontworpen door – nu volgt een cliché; in dit geval wel passend gezien de naam van de maker – niemand minder dan Leonardo da Vinci waarvan de originele schetsen zich bevinden in de Codex Atlanticus. De bolvormige kooi kon in het interieur worden geplaatst, maar afhankelijk van de grootte, ook aan een ceintuur worden bevestigd.

De Vinci is trouwens niet uitvinder van deze geurdiffuser avant la lettre – het duikt eind Middeleeuwen begin Renaissance voor het eerst op. De oorsprong van de naam met betrekking tot parfum gaat nog verder terug: in de 14e eeuw werd de naam Chypre voor het eerst aan een parfum gegeven, bestaande labdanum, storax, en kalmoes vermengd met tragacanth (gedroogde gom, denk: mastiek) en daarna gegoten in de vorm van een vogel. 

Waarom ontwierp Da Vinci het Chyprevogeltje? Nu betreden we het gebied van wishful thinking. Afgaande op de tentoonstelling ‘Léonard de Vinci et les parfums à la Renaissance’ – dit jaar te zien in Chateau du Clos Lucé (voormalige koninklijke zomerresidentie in de Loirestreek) waar deze l’uomo universalis van 1516 tot aan zijn dood in 1519 op uitnodiging van Francois I verbleef, was zijn moeder de reden.

Hij wou hiermee de wereld die zij als jonge vrouw had moeten verlaten, weer oproepen. Zit namelijk zo: oorspronkelijk afkomstig uit Circassia (regio ten westen van de Zwarte Zee), werd Caterina (voornaam moeder) ontvoerd en vervolgens als slaaf verkocht in Constantinopel. Ze kwam in Venetië en uiteindelijk Florence terecht, waar ze als vrijgelaten slaaf Leonardo’s vader ontmoette.

Rondom deze gedwongen reis werd een hele tentoonstelling opgetuigd. Verschillende thematische zalen tonen de handelscontacten tussen Constantinopel en met wat nu Italië heet…. Ik heb het niet bezocht, maar ik lees op de site: ‘Een multi-sensorische, reuk- en meeslepende reis naar de wereld van parfums en de historische reis van twee elkaar kruisende lotsbestemmingen, die van Leonardo da Vinci en zijn moeder. De tentoonstelling onderzoekt Leonardo’s interesse in parfums en het culturele erfgoed van Caterina’. Ik bespeur wat vleugjes woke versterkt door ‘in het eerste deel van de expo volg je de route van oosterse parfums van Constantinopel naar Venetië en Genua – identiek aan die van slaven’.

Dit wist ik niet: Leonardo da Vinci had een grote belangstelling voor geuren en parfums. Uit zijn geschriften blijkt de fascinatie voor ‘de wetenschap achter de reuk’ en zijn idee een ​​wetenschap te ontwikkelen gelijkwaardig aan die van het zicht of het gehoor. Hij noteert recepten op basis van enfleurage, maceratie en destillatie. Voor een nader niet toegelicht ‘innovatief reukapparaat’ had hij verschillende composities: ‘Leg schilloze amandel tussen bloemens van oranjebloesem, jasmijn, liguster of andere geurige bloemen’. Of: ‘Verwijder de schil die de sinaasappel bedekt, destilleer het in een ketel totdat kan worden gezegd dat het extract perfect is’. 

Veel van de voor de chyprevogeltjes noodzakelijke ‘klassieke’ ingrediënten – civet, ambergrijs, musk, wierook, mirre, hysop en specerijen (kaneel, peper, nootmuskaat) – vonden in de dogestad hun bestemming als laatste aanlegplaats van de Zijderoute. Maar ook de zogenaamde ‘Cypriotische poeders’ werden geïmporteerd: korstmossen voorkomend op bepaalde bomen als eiken, ceder en spar. Die poeders werden ook gestopt in geurzakjes om linnengoed, kleding, accessoires (handschoenen) in kisten opgeslagen te parfumeren. Zelfs paarden werden er mee besproeid wanneer hun (vanzelfsprekend rijke) eigenaren (vaak eveneens besproeid met) op bezoek gingen bij al even rijke zakenrelaties en familie.

En toen dacht ik: ‘Mooi, het verhaal zit erop’. Maar wat verder rechercherend, ging er nog een andere wereld voor me open – tweet, tweet, tweet. Cliffhanger: het Chyprevogeltje heeft zijn oorsprong in… Cyprus. Wordt vervolgd. 

Vogeltje als heupaccessoire

ALEXANDRIA II XERJOFF

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 7, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET A, MASSNICHE, NICHE. Een reactie plaatsen

OUDH ONTMOET LELIETJE-VAN-DALEN, TOCH MAAR NIET HELAAS

KLASSIEK-BRAAF RECEPT

‘OUDH ALEXANDRIË’

Namen vernoemd naar geliefde steden of straten was in het begin leuk en origineel in de parfumbusiness. Maar nu: als we niet oppassen is over een tijdje elke (hoofd)stad, dorp, gehucht, buurtschap en zijstraat olfactorisch in kaart gebracht: Mar-a-Lago the perfume that blends trad toxic masculinity with trad wife elegance. 

Om een parfum een chique cachet te geven en interessant te maken, kun je natuurlijk de geschiedenis induiken op zoek naar legendarische en roemruchte steden. Zijn er plenty. Maar is het werkelijk mogelijk het verleden op te roepen, en wat wil je oproepen? Hoe vertaal je dat in geur? Xerjoff was zo onder de indruk van Alexandrië (in 331 v Chr. gesticht door Alexander de Grote) dat ze er meerdere geuren naar hebben genoemd. Alexandria ging er niet aan vooraf, maar Alexandria II (uit 2012) werd gevolgd door Alexandria III. 

Alexandria II valt in de categorie Oud Stars. Wat er nu zo bijzonder was aan het oude Alexandrië volgens Xerjoff wordt me niet duidelijk, het beeld dat opgeroepen moet worden wel: ‘Als een verwezenlijkte parfumdroom. Wierook die brandt in het donker zoals ogen vol passie. Een liefdesbrief zolang dat hij een hele bibliotheek kan vullen. De intimiteit van een bloeiende roos, de ontbrekende helft van de appel, de zachte kracht van de ceder, de dodelijke verleiding van het lelietje-van-dalen. Het is een rivier van passie die stroomt in het midden van een stad. Cambodjaanse oud bereikt de neus zoals een koningin het hof betreedt; aangekondigd door het luiden van de gong, haar spoor kostbaarder dan goud’.

Nu weet ik weer waarom ik niet zoveel met het merk heb: de clichés die over je heen worden gestort. Slechts twee voorbeelden: de ellenlange liefdesbrief. Dan de quasi-dichterlijke, mallotige verwoorde aannames: de dodelijke verleiding van het lelietje-van-dalen. Come again? Dan de afsluiting van deze ode: ‘Welkom in Alexandrië: de mooiste belegering in de geschiedenis’. Tuttuttut… zal wel.

Moet gezegd: hoewel ik behoorlijk oudh-moe ben, verrast Alexandria II in eerste instantie door een niet vaak gemaakte combi: oudh en lelietje-van-dalen. Het tedere bloemke symboliseert voor mij geen dodelijke verleiding (bij niemand volgens mij), eerder een fris, pril, groen-knisperend voorjaarsgevoel.

En dat is nu het leuke: je ruikt dat op aangename wijze. Tenminste als je moeite neemt om niet alleen maar oudh te willen ruiken – dat willen zoveel mensen zo graag en zo snel. Want neem je wel die moeite dan ruik je ook de appel-kaneelcombi goed in de opening (ook aanwezig rozenhout en lavendel; ik niet echt). Het lelietje-van-dalen springt er in het hart uit: luchtig en vrolijk – zin in de lente. De roos ondersteunt hem, versterkt het bloemige effect. 

Dit alles gaat lekker langzaam, lekker langzaam onder in de basis: een beproefde mix van oosterse versierders: ceder- en sandelhout, musk, amber en vanille. Je kent het wel. En natuurlijk oudh. Uit Laos in dit geval. Je zou het bijna vergeten, de oudh, want die verdwijnt snel achter de andere aroma’s. Resultaat: gewoon een hele klassiek-brave oriëntaalse geur op hout-oudhbasis – waar je elke naam van een historische stad op kunt plakken. En waar Xerjoff iets royaler (gezien de prijs) met de oudh hadden mogen omspringen. 

Nog een nadeel: het lelietje-van-dalen redt het helaas niet tot de basis. Had me wel spannend geleken: oudh en lelietje-van-dalen kaal naast elkaar gezet. Wat je dan had gekregen? Frisse zwoelheid, zwoele frisheid? 

Grappig, zie ik net: als je 50 maal de beste keus bestelt bij http://www.parfumerie.nl moet je € 450,00 betalen voor 100 ml. Kost als hele 100mlfles € 545,00. Scheelt toch, maar zou de online winkel akkoord gaan met een dergelijke bestelling?

ZEITGEIST & RAUSCH J.F. SCHWARZLOSE BERLIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 26, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET R, GEURENALFABET Z, NEO NICHE, NICHE. Een reactie plaatsen

PRÊT-À-PORTER NICHE

AANGENAAM EN DUIDELIJK

Zeitgeist-sfeer

Misschien een vreemde associatie. Ik ben een groot van The X Files: surrealistische en bovennatuurlijke verhalen op intelligente en esthetische wijze aantrekkelijk uitgelegd. De titels van de afleveringen waren vaak verrassend, want vaak niet Engels – wat de mystiek en de vervreemding vergrootte. Vier waren Duits: en die verwoorden perfecte het unheimische gevoel van de inhoud: Unruhe, Sein und Zeit, Herrenvolk, Die Hand die Verletzt – heerlijk.

Dat zelfde gevoel ervaar ik ook, zij het minder sterk, bij sommige namen van J.F. Schwarzlose – zouden ook titels van The X Files kunnen zijn: Zeitgeist (2012) en Rausch bijvoorbeeld. Beide uit 2012 alweer (hebben die zolang in mijn  monstervoorraad gelegen?).  

Leuke geuren in de zin van très toegankelijk, très draagbaar maar toch duidelijk anders dan de mainstream middelmaat uit de ketenparfumerie. Dat komt op het conto van de ingrediënten, die zijn net was anders zijn ‘dan je gewend bent’, of ‘nieuw’. 

Onderga je goed in Zeitgeist. Het verhaal: ‘De frisse geur belichaamt de moderne kant van het verenigde Berlijn dat tegenstellingen samenbrengt. Denk de nieuwe architectuur van het voormalige grensgebied (zoals Potsdamer Platz), denk de bossen en parken’. J.F. Schwarzlose spreekt niet van top, hart en basis, maar classificeert in stemmingen. In Zeitgeist zijn dat dus respectievelijk ‘sexiness’, ‘variabiliteit’ en ‘avant garde’. Met een interessante uitkomst die ik typeer als aquatisch amber. 

‘Sexiness’ is warm door ‘extreem amber’ met daaronder een koele stroom van calone en algenabsoluut. Het effect geen koel helder fris water, maar een frisgroene sensatie dat naar de ‘variabiliteit’ doorstroomt – inspiratie: de uitgestrekte wateroppervlakten van de Wannsee en Müggelsee. Waar het zich mengt met een ‘moscomplex’ (wat het groene effect versterkt) en ‘huideigen’ musks. Met een synthetisch en toch weer niet synthetisch effect. Zit er tussenin : poederig, warm met een cleane finish zonder wasmiddel-effect. 

Dit gaat soepel over in – ‘avant garde’ – een donkere, warme noot opgeroepen met ‘leatherwood’. Slimme naam, want met wat fantasie ruik je leer en hout. En toch blijft de lichte toets bewaard. Dat snap ik dan weer niet, vooral het laatste woord: ‘Leatherwood staat voor puristisch en modern vanwege de symbiose van veranderlijkheid en duurzaamheid’. 

Rausch Stimmung

Maakt niet uit, goede geur. Voor hem, voor haar, maar ik denk – een vooroordeel onderweg naar u – dat Zeitgeist eerder de eerste zal bekoren. Want vrouwen hebben over het algemeen moeite met duidelijke houtgeuren, maar dan weer niet met oudh – voor velen het meest intense hout dat je je maar kunt voorstellen. 

En dat ruik je in Rausch: J.F. Schwarzlose Berlins eerste geur niet gebaseerd op een oude, ooit gebruikte naam als ik het goed heb begrepen. Ik ben er nooit geweest, maar ken uit tweede hand wel de wilde verhalen: de Berlijnse club Berghain waarin dingen gebeuren die het daglicht niet kan velen. 

Dezelfde neus van Zeitgeist, Véronique Nyberg, dook er ook in onder ter inspiratie. De uitkomst: een donkere geur cirkelend rondom een elegante variatie op oudh. Al vaker gedaan, maar het blijft fascinerend: peper in de opening. Geeft aan deze oudh een mooi ijl effect. Het zou zo maar kunnen zijn dat er geen enkele druppel gecertificeerde oudh in Raus voorkomt, want met een goede kwaliteit  cypriol, sandelhout en patchoeli kom je aardig in de buurt van een milde oudh-sensatie. 

Deze oudh wordt in toom gehouden, getemd door vanille en amber. Aangenaam, maar voor een ‘werkelijk bedwelmend resultaat’ (aldus Schwarloze) ontbreekt er voor mijn gevoel iets: zweet. En dat kun je zo makkelijk oproepen met komijn of met old fashioned dierlijke ingrediënten (in de synthetische variant weliswaar) als bevergeil en civet. 

Dan kom je werkelijk in Rausch-achtige sferen, iets wat Tom Ford voorstelde met zijn Engelse variant Rush – met name de For Men-versie uit 2000. De naam schijnt geïnspireerd te zijn op de klassieker onder de poppers die veel in het nachtcircuit wordt gesnuifd terwijl je je in het zweet danst. Nou dan weet je… 

51, ELIXER, DANGER ROJA DOVE 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 22, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET CIJFERS, GEURENALFABET D, GEURENALFABET E, NICHE. Een reactie plaatsen

DRIEWERF VEILIG

Het is persoonlijk: (wan)smaak, dus waarom zou je die opdringen aan deze en gene? Veel lifestyle-influencers hebben er hun businessmodel van gemaakt en die vinden alles – uit angst uit de gratie te raken bij sponsoren – geweldig, prachtig, uniek en gooi er nog maar een paar kilo aan aanprijzingen bovenop. 

Roja Dove schommelt voor mij tussen smaak en wansmaak. Laatste vooral door de presentatie, oubollige story telling en ‘levensvisie’ in het verlengde hiervan. Met andere woorden: zijn flacons hebben voor mij een kermisachtige attractie, zijn kijk op de mensheid/maatschappij is slaapverwekkend cliché. Niet dat je voor mij met parfum de wereld op zijn kop moet zetten – dat is absurd en dus liever niet; dat laten we ‘maar’ aan de politiek over – maar bij de beschrijvingen van Roja Dove begin ik te snurken.

Dan de namen, in mijn kennismakingspakketje zijn het Scandal, Reckless, Risqué, Danger en Enigma. Wat een hoog jaren tachtig-gehalte. Cliché en niet echt passend bij de ‘gemiddelde’ Roja Dove-klant voor mijn idee: ‘de typische uptown girl’. 

De minst hinderlijke naam dan maar: 51. Roja Dove zegt: ‘Welkom in Mayfair, de prestigieuze wijk van Londen waar je onze boetiek vindt op 51 Burlington Arcade’. Aha vandaar de naam.

‘Met een oog voor de mooiste sieraden en een neus voor de fijnste geuren, is luxueus leven de enige manier die de uptown girl kent’. Blablabla. En toen? Nou, ‘met een air van moeiteloze gratie, verguld met goud en versierd met parels, glijdt ze naar haar persoonlijke speeltuin: The Burlington Arcade’. Geurengoeroe wakker worden!

‘51 is afgestemd op de meest veeleisende smaak en draait om een ​​elegant boeket van roos, jasmijn en lelie, genesteld in een weelderig bed van vanille. Maar er zit nog meer in: bergamot, ylang-ylang, gardenia, framboos, tuberoos, jasmijn, roos, oranjebloesem, lelietje-van-dalen, vanille, kasjmierhout, sandelhout, benzoïne, iris, viooltjesblad, kaneel, anijs, patchoeli en kruidnagel.

Niet te doen: om alle ingrediënten stuk per stuk te identificeren. Hoeft ook niet. Wat je krijgt is een elegante zacht gestemde bloemengeur (denk zijde glijdend door je handen) waar niks mis mee is, maar die je niet echt op een identiteit kunt betrappen. Het is een veilige cadeau-geur, behalve voor diegene die meer verwacht van een nichemerk. 

Dan maar die andere meest neutrale geur qua naam in het pakketje: Elixir. Word ik ook niet echt geil van. Misschien brengt het promopraatje me op andere gedachten: ‘Etherisch met een mystieke, langdurige kracht, is Elixir een betovering van ingrediënten die ‘parfumerie’ overstijgt. Elke druppel geeft de magie van dit kostbare amulet vrij. Geeft je het vertrouwen een ​​kamer te verlichten en iedereen erin te betoveren. Als een tovenares van geur, wordt het onmogelijk je te vergeten – je wordt de meest stralende van allemaal’.

En dan volgt de uitsmijter die doorslaat in overdrijving: ‘Elixir ontgrendelt een buitenaardse ervaring’. Zal wel. Hiervoor verantwoordelijk: ‘noten van sensuele vanille, amber en musk nestelen zich dicht op de huid terwijl levendige roos, framboos en perzik een gewichtloos aura creëren’. 

Opvallend: 51 en Elixir hebben hetzelfde effect qua geurervaring, zij het dat de eerste veelzijdiger is door de grotere bloemendiversiteit. Het lijkt wel een som der delen: dat verschillende composities dezelfde uitkomst, effect hebben. Zacht, aangenaam met een natuurlijk aandoende over all-indruk.

Nog een om het af te leren: Danger. Ik ga de vrouw die Roja Dove in gedachten had niet opzoeken. Geloof het wel. De geur: iets sterkers; een krachtiger, rijkere basis. Maar wat ruik ik eigenlijk? Niets gevaarlijk in ieder geval. Ik vermoed een witte bloemensfeer uitgeleid door verzachtende noten. Klopt: meiroos begeleid door witte bloemen voorafgegaan door frisse noten in de basis voorzien van sandelhout, vanille, iris, tonkaboon, kruidnagel, musk en patchoeli. Toch even naar de ideale draagster kijken? Want ik heb zo’n vermoeden… en ja hoor, alleen zo krom Engels verwoord dat ik het niet door de vertaal-app durf te halen: ‘Femme Fatale, just remember: the forbidden is never off limits. A dare is a game she will always excel at’.

Hier laat ik het maar bij. Ik heb trouwens eerder een geur van hem beschreven Diaghilev. Opvallend: mijn vooroordelen/kritiek zijn blijkbaar niet echt aan (wan)smaak onderhevig. Ik heb gehoord dat zijn mannengeuren interessanter zijn. En hij heeft een vetiver in het assortiment. Hoop doet leven.  

IT’S $5.99

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 16, 2024
Geplaatst in: OPVALLEND PARFUMNIEUWS. Een reactie plaatsen

LEKKER LANGZAAM

In tegenstelling tot wat over het algemeen wordt aangenomen gaan veranderingen in mode, lifestyle en smaak lekker langzaam. Toen het begrip nog uitgevonden moest worden – ‘inclusiviteit’ – in de wereld van exclusiviteit, deed Calvin Klein het al 30 jaar geleden met ck One. 

Het enige (misschien nog  wel meer) dat lijkt veranderd, is de definitie: uniseks toen werd recent beyond gender. En het werkt nog steeds: zie de clip van The Dare. Zou bijna zeggen: zoek de verschillen. Erg leuk, deze gespeeld-verveelde discodance-act van Harrison Patrick Smith (formerly known as Turtlenecked). Met nog een leuk onderwerp ook: perfume. De tekst valt in de categorie ‘morbide uitdaging’ – met name op het eind. 

Hieronder zie je een illegaal filmpje door mij gemaakt, omdat ik de officiële clip niet van Youtube kan/mag overnemen

EXTRAIT DE PARFUM PAR THE DARE

Ik denk niet dat een mod parfummerk – Calvin Klein is als zodanig zo goed als dood; laat hij niet met een nichelijn komen! – Harrison zal strikken om deze song te gebruiken voor de lancering van een nieuwe geur gezien het marktsegment dat Harrison heeft gekozen: It’s $5.99. Of het moet Comme de Garçons zijn of ander marketing-subversief luxe label. 

I’ve got a new obsession of mine

It’s something that I found while shopping online (woo)

It’s something unassuming, sitting in my sock drawer (drawer)

It’s something that can make a bride out of a whore (what?)

When I walk in a room, everybody agrees

Something’s added to the air, but you can’t really see

Something so, so sexy, but you can’t really tell

All the boys and the girls ask me, “What is that smell?”

That’s my perfume

It’s $5.99 (woo)

I spray it in my mouth and it tastes just divine

It’s erotic, it’s from Paris too

White font on the front

C’est comme tomber amoureux

When I go for a kiss, everybody agrees

Something’s added to the mood, but you can’t really see

Something so seductive, but you can’t really tell

All the boys and the girls ask me, “What is that smell?”

That’s my perfume

Yeah (woo)

That’s my perfume, yeah (woo)

That’s my

You’ll have to pry it from my cold dead grip

In fact, spray it in my grave so the worms can get a whiff

I wanna smell real good while I’m burning in hell

‘Cause the fire makes you sweat, other people can tell

When I put it on myself, everybody agrees

A certain je-ne-sais-quoi starts coming for me

It’s a little bit different, but I don’t know why

They say it’s only for girls, but they’re too scared to try

That’s my

That’s my perfume (yeah, woo)

That’s my, yeah

That’s my perfume, yeah

Ow

MONA DI ORIO SLUIT HAAR DEUREN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 14, 2024
Geplaatst in: Uncategorized. Een reactie plaatsen

OLFACTIEVE OVERPEIZINGEN

Mijn privécollectie, 11 stuks waarvan sommige dubbel

Mona di Orio stopt. Voor altijd. I heard it through the grapevine, en zie het gisteren met een bericht op Facebook van Jeroen oude Sogtoen bevestigd. Eén van haar meest vurige aanhangers – Maria van Geuren – zei me onlangs telefonisch bij het horen van het vermoeden: ‘Dat mag niet, Erik. Wat kunnen we hiertegen doen. Moeten we niet naar de rechter stappen?’ Overdreven misschien, maar haar ongeveinsde verontwaardiging zeg iets over de indruk die Mona di Orio heeft gemaakt als parfumeur. 

En als persoonlijkheid. Ook op mij. Ze is een van de weinige, zo niet de enige voor zover ik weet (correct me if I’m wrong), die als kunstenaar naar haar metier keek. Volstrekt eigen, eigenzinnig, eigengereid en volledig clichévrij. Voorwaarden voor uitmuntendheid, maar ook voor argwaan. Gestuurd door haar eigen kompas creëerde ze indrukwekkende composities. 

Ik rook onlangs weer aan Oiro – zelden zo’n mooie, andere jasmijn geroken. En dat geldt voor meeste van haar creaties: het is tóch mogelijk een klassiek ingrediënt anders te laten schijnen. Haar Oudh met die wonderbaarlijke vermenging met osmanthus – de meest intrigerende oudh ever (had ik maar een extra flacon gekocht). Kon ze ook: een parfumfamilie anders laten schitteren: Nuit Noire. Chamarré – heb je ooit lavendel zo mooi in een opening geroken? Amyitus – wonder boven wonderlijk groen. 

Na haar overlijden, ging het huis door, maar het ware Mona-dna, het zuivere Di Orio-gevoel ontbrak voor mijn gevoel. Kan ook niet. Daarvoor was Mona te eigen, niet inwisselbaar. Het was voor Fredrik Dalman een onmogelijke taak. Daarnaast: het huis koos door de restyling naar mijn idee iets te veel voor glamour (zij het beschaafd), uiterlijk vertoon en storytelling.

Wat me altijd verwonderd heeft: dat consumenten zo’n moeite hadden met ‘vintage Mona’ – haar eerste vijf geuren dus. Mensen willen, verwachten eigenzinnigheid, maar dan moet het wel lijken op iets wat ze al kennen, more of the same. Laat je blik dwalen door een nicheparfumerie: voorspelbaarheid en ‘copycatisme’ troef. Mona antwoordde ‘hierop’ met Les Nombres d’Or – is het nog niet goed! Ik laat mensen die van vetiver houden, haar Vétyver wel eens ruiken – je ziet de verbazing en het ongeloof: ‘Zo kan het dus ook!’ 

Stel dat Nuit Noire in 2004 door Estée Lauder was gelanceerd, of 20 jaar later door Tom Ford? Was het dan wel een groot succes geworden? Ik schrijf dit omdat ‘tegenwoordig’ nog meer mensen – mede door social media – niet een geur kopen die ze lekker vinden, maar puur om de naam (een neef van mij gebruikt Tom Fords Oud Wood (2007) niet omdat hij’m echt lekker vindt maar omdat a: omdat het Tom Ford, b: die duur is en c: ‘al zijn vrienden’ hem ook dragen). Onderschat niet deze onbewuste invloed van groepsdruk en ook niet de ‘adviezen’ van ‘professionele’ infosites (Fragrantica, Osmoz) of influencers (ook wel bekend als online gesponsorde reclameborden). 

Wat ik nog steeds absurd vind: dat geen van de grote jongens uit de branche (LVMH, L’Oréal, Coty, The Kering Group), die artisticiteit en creativiteit zo hoog in het vaandel hebben staan, nooit in haar hebben geïnvesteerd. Zoals elke industrietak dat bijna vanzelfsprekend doet wanneer het uitzonderlijk talent herkent. Opvallend: Shiseido heeft het in dit geval wel aangedurfd met Serge Lutens – een van Mona’s grote voorbeelden – in zee te gaan en zijn introductie en groot maken zéér serieus genomen.

Had je Mona di Orio vanaf het begin als kunst gepresenteerd dan had ze met gemak aanspraak kunnen maken op overheids -en privéfondsen. Want veel wat nu in musea als nieuw en dus in eerste instantie als onbegrijpelijk wordt opgevat (en meestal gesponsord is) vindt in de nabije toekomst vaak pas weerklank, wordt later ‘pas’ begrepen.

Was ze haar tijd vooruit, is er sprake van een remmende voorsprong? Haar visie is in ieder geval zoveel interessanter dan al die kunstprojecten waarin parfum in een museale setting gepresenteerd wordt. Dan gaat het meestal over stank, bederf, identiteit en meer cliché-insteken die in moderne kunstkringen als geweldig disruptief dus grensverleggend gelden, maar waaraan je geen plezier en positieve verbazing aan ontleent.

Is er een parfumeur (eerlijkheid gebied: zit er nu minder bovenop, aanschouw parfum meer vanaf de zijlijn) die op gelijke voet staat met Mona? Simpel uitgelegd: krijgt Mona di Orio van mij op een schaal van 1 tot 10, een 10 dan krijgt Francis Kurkdjian een 7,5. Miguel Matos een 8 (hij kan nog groeien). Hilde Soliani vind ik ook nog steeds erg fascinerend (de New York Times has onlangs een groot interview), maar haar presentatie ziet er echt niet uit. Verder moeilijk. Ik sta open voor suggesties.

Ik vraag me wel eens af: ben ik niet te enthousiast, heb ik een blinde vlek voor haar ontwikkeld? Is het dat ik haar persoonlijk kende? Mona is bezig geweest om voor mij een parfum op maat te maken. Ik wou een schreeuwende leergeur in overdrive – ze begreep de woordspelingen direct bij de namen die ik in gedachten had: Cuirasse en Cuirrelant. Er volgden drie proeven. Bij de laatste keer gaf ze met het recept (zonder de hoeveelheid per ingrediënt) om mij duidelijk te maken wat er allemaal achter een geur stak. Tjonge, tjonge, wat rook het veelbelovend. Heel erg helaas is het er niet meer van gekomen. Ik bewaar het ‘manuscript’ bijna als een relikwie. 

Ter afsluiting, fantaseer ik wat ‘ins Blaue hinein’: het bestaat nog niet een ‘parfumveiling’, maar stel dat haar formules ooit – ‘door toeval gevonden op een zolder bij een inboedel’ – op een veiling zouden worden aangeboden. Hoeveel zouden ze opleveren? Ik wist het wel. Over 80 jaar bijvoorbeeld, zou ik – indien legaal mogelijk en indien nog levend – het huis heropenen. De gelegenheid? Dan is het 100 jaar geleden dat Maison Mona di Orio werd geopend. Het is nooit te laat om in de (nabije) toekomst de wereld kennis te laten maken met een vergeten kunstenaar, een vergeten geurgenie. 

En nu? Antoinette Beumer van Netflix Benelux contacteren? Wat ze vindt van een documentaire/biopic over het leven van Mona di Orio. Haar leven heeft alle ingrediënten in zich om er een streaming succes van te maken. Wie gaat haar spelen? Wat mij betreft: the one I love to hate. Lady Gaga. Kijk maar eens goed. 

PATCHOULI PARIS GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 9, 2024
Geplaatst in: NICHE. 2 reacties

GERAFFINEERDE PATCHOELI

PASSIE IN DE LICHTSTAD

Wat de geur van pure patchoeli betreft, heb je eigenlijk twee kampen zonder een redelijke middenweg. Of de geur van deze ‘groene bladeren’ (de naam voor patchoeli in Tamil; India is de oorspronkelijke habitat van ‘patchai elle’) bejubel je of doet je walgen. Donker, aards, herfst, sompig, zuur, rokerig met een licht zoete ondertoon nijgend naar chocola.

Ik hoor bij de bejubelaars, maar weet uit ervaring dat het niet makkelijk is om een echt onderscheidende variatie te maken: ben namelijk al een tijdje bezig met een upcycle-versie. Werktitel Patchoeli Patser. Men neme: de veertigjarige jubileumeditie van Reminiscence, een eco-essentiële olie, een vintageversie van Etro en Serge Lutens, een Lorenzo Villoresi, plus bij een drogisterij in Perpignan gekochte naamloze variatie.

Toch ben ik niet tevreden, mijn testpanel idem: bij een vriend en een oude schoolvriendin (beide in hun jeugd verliefd geworden op de patchoeli uit de Indiase toko), zie ik na een paar sprays qua gezichtsexpressie eerst niet zoveel veranderen, daarna wel: van hoopvol gestemd naar teleurstelling. We overwegen een shot van civet en oudh toe te voegen.

Het is ook niet makkelijk, zeg maar ronduit moeilijk een eigen, oorspronkelijke draai aan een puur patchoeliparfum te geven. Wat je ook toevoegt – bloemen, hout, harsen – het verdrinkt vaak in de almachtige patchoeli. Zelfs voor de geoefende neus blijft de algehele impressie ervan toch vaak gewoon patchoeli; niet makkelijk om de extra smaakmakers – bloemen, hout, harsen – te onderscheiden. 

Verklaart wellicht de reden waarom luxemerken het niet echt aandurven een puur patchoeliparfum aan hun (neo)nichelijn toe te voegen. Yves Saint Laurent, Dior en Dolce & Gabbana wel. Giorgio Armani en Chanel niet. 

Bij Guerlain is het daarentegen de tweede variant. De eerste verscheen in 2020 in de reeks Les Absolus d’Orient. Naam Patchouli Ardent door Thierry Wasser. In mijn herinnering is die smeuïger, voller en gladder en minder eendimensionaal dan de nieuwste Patchouli Paris (onlangs gelanceerd in de L’Art et La Matière-lijn). Inspiratiebron zal wel niet: Parijs. Niet echt origineel, ook niet wanneer je besluit de nachtelijke, donkere kant van de lichtstad te verkennen. Ik denk dan direct, vraag me niet hoe dat komt, aan Celine Dion met haar Paris Nights (2007). 

Delphine Jelk geeft er deze draai aan: ‘Een spel van contrasten: een frisse bries langs de blozende en pulserende Seine, de benevelende warmte van patchoeli als evocatie van Parijse nachten’ met in het bijzonder ‘de elegantie van een houtakkoord, dat doet denken aan het interieur van de prachtige Parijse theaters’. Maar ook: ‘De levendigheid van straten die op een feestelijke avond in vuur en vlam staan bruisend van muziek en vrijheid’.

Vraag aan Delphine Jelk: Patchouli Paris in kleur? ‘De rode gloed  van de artistieke bruisende Parijse nachten’. Ik denk dan direct Moulin Rouge. 

Vooropgesteld: Patchouli Paris houdt bijzonder lang aan. Eigen aan patchoeli trouwens. Uren kun je warm nagenieten (als je je neus naar de plek van aanbrengen brengt), zonder dat de geur eindigt in een kale, cleane finish (kenmerkend voor zoveel geuren, ook in de nichesector). 

De opening: een vreemde, onbestemde koelheid met bloemachtige facetten – we houden het op de aldehyden die tegelijkertijd ook iets glanzends oproepen waarmee de patchoeli zijn opwachting maakt. En dan krijg je patchoeli, patchoeli, patchoeli zoals de meeste mensen patchoeli kennen, zonder dat de geur ervan zich echt door ontwikkelt. Warm, licht sensueel, aangenaam. Ik geloof dat de iris voor een zekere stroefheid, ‘stoffigheid’ en droogte zorgt – samen goed voor de elegante houtnoot. 

Want dat is Patchouli Paris: elegant. Deze patchoeli ruikt geconfectioneerd, letterlijk geraffineerd, bewerkt (in de zin van ontdaan van zijn ruwe en herfstachtige kant) en daardoor consumentvriendelijker. Dat wordt nog eens versterkt door de afronding: een warm-sensuele melange van vanille, ambergris en musk. Present, maar niet overheersend wel ‘in dienst van’ de patchoeli. 

En dat terwijl voor de ware patchoeli passionato, juíst in het nichedepartement, een variatie alle kanten op moet geuren én meuren. Mijn all time favorite blijft die van Reminiscence. Zal voor een gedeelte met sentiment te maken hebben.

Iets anders: jammer dat Guerlain na de zoveelste restyling van L’Art et La Matière besloten heeft over te stappen van 50ml naar 100ml. En de prijs van € 140,00 – betaalde ik ooit per flacon uit de serie – naar € 325,00. Armani Privé deed hetzelfde. Jammer, het weerhoudt wellicht potentieel geïnteresseerden; die nemen vaak hun toevlucht tot decants. Chanel daarentegen bracht, na eerst alleen 200ml-flacons te hebben geleverd met Les Exclusifs, ook een 75ml op de markt. Zo kan het ook. 

LUSTRE HIRAM GREEN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 6, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET L, NICHE. Een reactie plaatsen

‘LUISTERRIJK’ & LUCHTIG

HEMELSE ROOS

Ben me nog steeds aan het verbazen over mijn olfactorische renaissance; dat ik geur nu weer tot in mijn poriën (even in overdrive: tot in het diepste van mijn ziel) ervaar. Eén van de geuren die ik ‘al een tijdje’ beter wou leren kennen en die ‘al een tijdje’ door mijn gedachten dwarrelt: Lustre.

Het is zo’n geur waarbij mijn fantasie ‘auf Flügeln des Gesanges’ geraakt – het houdt me bezig, ik wil het doorgronden met het risico op doordraven. Het ligt niet alleen aan de eenvoud van de compositie, maar ook aan iets nog veel mooiers: wat een geur door een naam weet op te roepen. Daar weet Hiram Green trouwens altijd goed raad mee. Als je goed zoekt, dan blijken er nog genoeg verbeeldingsvolle namen ‘beschikbaar’ die voorbij de clichés gaan die zo vaak aan parfumnamen kleven. 

Lustre is wat dat betreft een schot in de – in dit geval – roos. Het roept voor mij een wereld van raffinement en ‘rijke geschiedenis’ op. Lustre kun je ook zo breed interpreteren. Ouderwets vertaald betekent het luister, ofwel glans, flonkering en schittering. Maar ook aanzien, glorie, heerlijkheid, praal, pronk, opzien, roem, sier, opschik en zelfs ‘geurigheid’. 

En dan de compositie: knap om zo’n simpele geur te maken waarachter zich zo’n rijke wereld schuilhoudt. Is dat niet een kenmerk van luxe? Maar je moet ook durven, vooral als nicheparfumeur – de verwachtingen zijn vaak zo hooggespannen. Wat gaat hij of zij met de roos doen? En dan na een paar keer ruiken… ‘Is dit alles? Ik verwachtte zoveel meer!’ 

Advies: adem de geur nog een keer in en zoek het niet in bombast en drama, maar in subtiliteit. In Lustre straalt voor mij de zon die op een zomerse dag de huid streelt en af en toe achter de wolken verdwijnt. Hoe rijk is deze roos zonder onder haar gewicht te bezwijken. Deze vers geplukte Bulgaarse roos is zoet maar niet te. Luchtig, zwevend als een bedauwde sluier van rozenblaadjes, als zeepbelletjes door de lucht – zonder de connotatie met een wasverzachter-reclame uiteraard. Intrigerend ook, die ‘vreemde’ licht gepeperde aardse noot, die haar een soort vastigheid geeft – is dit de wierook, de iris of een mix van beide? Ik meen ook toefjes lavendel en sprietjes gras te bespeuren, zelfs een lactone-achtige en amandelachtige noot. 

Rozenplukker in Bulgarije

De geur wint alleen maar aan luister, als je je bedenkt dat Lustre puur natuur is mede mogelijk gemaakt zónder synthetische versterkers. Want dat had ik in het begin met Lustre. De uitbarsting, de sprankeling in de opening deed me denken aan een aqua-noot. Dat geldt ook voor de drydown, die is zo standvastig dat je je afvraagt of hier alleen de wierook voor verantwoordelijk is.  

Zo ziet Hiram Green Lustre zelf: ‘Stel je voor: een opkomende zon boven schijnbaar eindeloze rozenvelden in het hart van Bulgarije. Zachte, gouden zonnestralen moedigen de delicate roze bloemblaadjes aan hun heerlijke geur vrij te geven. Lustre is bedrieglijk eenvoudig, een elegante soliflore: roos van begin tot eind. Stralend en fris, glans gevend aan je dag. Life is golden’. En ik lig een paar velden verder, denk Drenthe, te genieten van deze – ik zeg het niet vaak vanwege de overdrijving – hemelse roos. 

Vergelijken? Doen me door hun luchtige eenvoud denken aan Rose Absolue van Annick Goutal en Étoile de Hollande van Mona di Orio en – hoe simpel kan het zijn – Rose, dat lekkere zeepje van Roger & Gallet. 

PS: ik ga net naar de site van Hiram Green, om te zien of Lustre ook in de nieuwe flacon zit, maar ze ‘schittert’ in dit geval door afwezigheid. Jammer. Heel erg jammer. Misschien wordt ze over een tijdje door Hiram Green opnieuw gebotteld.

PARFUM DE MAYONNAISE 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 31, 2024
Geplaatst in: ENTERTAINMENT, MOET JE ECHT RUIKEN, OPVALLEND PARFUMNIEUWS. Een reactie plaatsen

HELLMANN’S WILL LEVIS NO.8

DE KENMERKENDE GEUR VAN GROOTSHEID

Ik kondigde het al jaren geleden aan – ‘klop jezelf op de schouder Geurengoeroe!’ ;-> – toch laat de doorbraak van hartige gourmandparfums langer op zich wachten dan gedacht. Denk aan de aroma’s van kaas, vlees, bbq, groente, kruiden afgeblust met een vleugje wijn of whisky. Ik geloof er nog steeds in.

Maar niemand van de grote jongens durft het aan, ze houden elkaar allemaal in de gaten, kopiëren naar hartenlust. Dus veel overbruggende love, amour en sensuele uitstapjes naar het Nabije Oosten en dromenland. De laatste tijd uit een soort van onbegrijpelijke commitment van de luxe merken gelardeerd met stukjes realiteit, het echte leven om de herkenbaarheid te vergroten. 

En dat terwijl onverwachte en verrassende ingrediënten (in dit geval letterlijk bij introductie) vaak mega populaire, inmiddels klassieke geuren hebben opgeleverd. Op vanille, (groene) thee, brood, chocolade, cannabis, noten, zilt water, tomatengroen, koffie en rood fruit daar zat ook niemand op te wachten, toch? 

Het enige merk, voor zover ik weet, dat er af en toe speelt is Demeter. Je kunt het trouwens niet zo gek noemen of dit funny fragrance merk heeft het in zijn collectie. Neem je hun Churros, Tomato, Pizza, Condensed Milk dan kom je al aardig in de buurt van de geur waarmee een absolutely not parfummerk mooie sier wil maken, aandacht wil trekken, grappig wil zijn.

Boodschap: we zijn zoveel meer dan een voedselproducent – we zijn een beleving, een lifestyle. In navolging van Pepsi’s Colalogne presenteert Hellmann’s Parfum de Mayonnaise. Maar dat alleen is een beetje saai. Wat te doen? Huur een celebrity in. Kim Kardashian? Harry Styles? No way, José! Het werd Will Levis – bekend NFL-quarterback. Denk niet dat deze keuze absoluut willekeurig was. 

En nu volgt een marketingbabbeltje smakelijk vertelt door Chris Symmes, hoofd marketing, Dressings North America, Unilever: ‘De samenwerking kwam tot bloei na Levis’ X-bericht, waarin hij onthulde dat hij een klodder mayonaise in zijn ochtendkoffie doet’. Zou het echt? 

Toen ging het snel. Symmes: ‘Wij zijn het eerste kruidenmerk dat een parfum naar ons product heeft ontworpen – logisch dat Hellmann’s deze ruimte betreedt vanwege de veelzijdige manieren waarop mensen mayonaise gebruiken en hun liefde ervoor tonen’. To top it off: ‘Will Levis, kruidenicoon (staat er echt) en mayokenner, was de perfecte partner om ons te helpen dit unieke product te lanceren en de parfumwereld te betreden om zowel kruiden- als footballfans te verenigen’. Kan er ook nog wel bij: ‘Deze limited edition is gemaakt om ‘de verleidelijke geur van ’s werelds meest verleidelijke smaakmaker te benutten: mayonaise’.’

Heeft Will Levis ook nog wat te zeggen? You bet! ‘Met de lancering van mijn kenmerkende geur heb ik een levenslange droom vervuld. Samenwerken met Hellmann’s om een ​​parfum te creëren als geen ander, een die echt de kenmerkende geur van grootsheid belichaamt. Rijk en romig, Will Levis No. 8 is meer dan een door mayonaise geïnspireerde geur. Het is transformatief. Ik heb mayonaise gegeten, mayonaise gedronken en nu ruik ik naar mayonaise’. Transformatief… come again?

Waarom No. 8? Fans weten natuurlijk dat het nummer is afgeleid van het shirt dat Levis draagt ​​voor het American footballteam The Tennessee Titans.

Ik heb de geur proberen te bestellen via Hellmann’s site – voor de prijs hoef je het niet te laten – maar het blijkt uitverkocht, maar binnenkort zal ‘de kenmerkende geur van grootsheid’ opnieuw geproduceerd worden. Afgaande op de ingrediënten zit er weinig ‘mayonaiserigs’ aan/in. Het persbericht: ‘Een verfrissende en schone introductie met citroen. In het hart van de geur ligt het romige, gedurfde mayonaise-akkoord. Peterselie voegt een friskruidig accent toe, dat doet denken aan een goed bereid gerecht. En natuurlijk zou Will Levis No. 8 niet compleet zijn zonder subtiele koffieondertonen – Wills kenmerkende mayonaise-infused cafeïnedrankje. Een sensuele muskbasis weeft zich vervolgens door de compositie heen en roept fysiek en charisma op. We sluiten we af met een geruststellende romige vanille-afdronk – even uitnodigend als intrigerend’.

Ik wacht natuurlijk op de bodycreme… want rollen door mayonaise is een van mijn secret challenges die nog op mijn bucket list staan. 

Screenshot

OLFACTORISCH WONDER N0 1

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 29, 2024
Geplaatst in: KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

OLFACTORISCH WONDER N0 2

NAHEMA GUERLAIN

Waarschuwing: niet geïnteresseerd in een medisch relaas op privé-niveau? Scroll door naar Olfactorisch wonder no 2.

Olfactorisch wonder no 1: sinds een paar jaar hapert mijn neus. Te vaak verstopt. Ik ruik niets tot nauwelijks iets. Deze dysosmie komt in golven. Otrivin bracht vaak uitkomst (advies: niet te vaak gebruiken vanwege kans op ‘Otrivinitus’, ofwel eraan verslaafd raken terwijl de werking verloren gaat). Tot deze zomer. Gecombineerd met een eveneens bij vlagen voorbijkomende moeheid, dacht ik aan een milde vorm van long covid – door mij tot slow covid verbasterd. Onze Oekraïnse ‘major domus’ vergastte me op de ene na de alternatieve geneeswijze: voeten met mosterd insmeren, hete aardappelvocht inhaleren, een door midden gesneden ui onder je hoofdkussen. De biologische varkensteler in het dorp adviseerde de neus voor het slapen in te smeren met roomboter (haar dochter knikte instemmend). Niets hielp.

Het vreemde: ik miste geur eigenlijk niet zo. Misschien kwam dit op onderbewust niveau wel door mijn groeiende aversie tegen het doorgedraaide parfumcircus, het verlagen van de artistieke en kwalitative lat van de grootspelers. Ook niet uitnodigend tot een frisse blik: het aanstellerige zichzelf aanprijzende karakter van – nieuwe – nichemerken. 

Toch maar naar de dokter. Gaf me een spray. En verdomd: de reukzin kwam weer terug om… even snel weer te verdwijnen. Nog een keer naar dezelfde dokter, die ik tevens wou wijzen op een huidallergie. Een andere spray (met hogere concentratie ‘hulpmiddelen’ vergezeld van een crème (tegen de allergie). Plus bloedprik plus afspraak met kno-arts. 

Moet gezegd: door de sprays krijg ik weer lucht, beide luchtwegen zitten niet meer potdicht. Maar ruiken… ho maar. Wat blijkt uit de bloedtest: ik heb een allergie van a: hond (hoogst), b: pollen/hooi (gemiddeld) en c: huismijt (te verwaarlozen). Vandaar ook de allergie. Maar toch: de spray en crème (inmiddels vervangen door een tablet) beginnen te werken. Maar ruiken… ho maar. 

Op naar het ziekenhuis: de arts onderzoekt mijn neus met een spiegeltje en cameraatje en zegt droog alsof hij het elke dag meemaakt:  ‘Oh ik zie het al: poliepen. Ik geef je een kuur van twee weken,1 pilletje per dag, en zie je over een maand terug. Over een paar dagen kun je weer ruiken’. 

Zal me benieuwen. En verdomd: woensdag eerst vaag, donderdag duidelijker en sinds vrijdag ruik ik weer als vanouds…. de rijpe kweepeer in de tuin, de geur van herfst, aangebrande uien, de openhaard. En de (herfst)depressie is ook in lucht opgegaan. Nu check ik elke ochtend mijn olfactorische wedergeboorte met één geliefd, vertrouwd parfum: Nahéma. Ik dacht dat ik die al had besproken. Twee jaar geleden kreeg ik zelfs een ‘vintage’ parfum de toilette-versie ervan cadeau uit een erfenis: Nahéma van Guerlain. Nu de allergie nog definitief oplossen (wellicht  verantwoordelijk voor de voorholteonsteking) dan hoeven honden (inmiddels drie) de deur niet uit. 

Olfactorisch wonder no 2: Guerlains Nahéma dus. 

Ik ga naar de site van Guerlain. De wervende online teksten tonen maar weer eens aan hoe de parfumwereld veranderd is. Waren de omschrijvingen ooit subtiel, ingetogen en soort van poëtisch, nu is het overdrijving in overdrive en het teveel benadrukken van de historie van het huis, hier door mij enigszins ingedikt: ‘Nahéma maakt deel uit van Guerlain’s patrimoinecollectie: emblematische geuren samengesteld door vijf generaties parfumeurs. Deze mythische pioniersparfums vormen een unieke bibliotheek, die het huis Guerlain tracht te bewaren’. Patrimoine, emblematisch, mythisch, pionier, uniek… ik bedoel maar (ik dacht altijd dat het niet benoemen van vanzelfsprekende kwaliteit chic was). En: tracht te bewaren? Zo moeilijk is dat toch niet? Gewoon doen en volhouden.

Nahéma is de naam van een prinses uit de Vertellingen uit duizend en een nacht die samen met haar zus Mahané is ontvoerd. Ik ben de namen zelf nooit tegengekomen, of vergeten, in de diverse vertalingen die ik nog heb – even checken binnenkort. De inspiratiebron is eigenlijk niet zo interessant – de verhalen van Sheharazade hebben sowieso veel neuzen aangezet tot parfums. Wél de mare dat Jean Paul Guerlain Catherine Deneuve in gedachten had bij de creatie. Gefascineerd als hij door haar was. En nóg meer na het zien van de film Benjamin ou les Mémoires d’un Puceau uit 1968. Met name de beelden van Deneuve in een gouden volière met fladderende duiven. 

‘De geur verbeeldt het vurige karakter en de dualiteit van de vrouw. Nahéma is een fictieve heldin geregeerd door passie’ – Jean Paul had een nogal klassieke kijk op de vrouw die toen als leidend kon worden gezien, maar waar de laatste tijd steeds meer vragen bij gesteld worden (en die voor een gedeelte ‘onze’ cultuuroorlog verklaart’). 

Nu de geur. Gelanceerd in 1979. Ik blijf ‘wow!’ zeggen. Volgens www.guerlain.com kostte het de schepper (weer die overdrijving) vier jaar om deze weelderige geur te ontwikkelen. Je ruikt met terugwerkende kracht waarom het zijn tijd ver vooruit was (maar binnen het Guerlainrepertoire nooit zo succesvol is geworden). Je ruikt so to speak de toekomst van fruitige chypres (met een overload aan zoete rozen) die vanaf de jaren negentig succesvol zijn. Ik moet denken aan Lancôme’s Trésor (1990), Saint Laurents Champagne / Yvresse (1993), Ricci’s DeciDela (1994). 

Onder een sterrenregen van flitsende aldehyden bloeit een enorme rijk geschakeerde roos (volgens de originele formule een melange van rose de mai-absoluut en essentiële olie, Bulgaarse roosabsoluut en essentiële olie en damascenonen (toen net ontdekt; natuurlijke isolaten van de roos, die haar die echte rozige smaak geven). Vervolgens ruik je ‘iets’ van groene noten. Onbestemd maar present. Een groene border langs een rozenperk.

Om deze ‘spectrumroos’ meer glans te geven, wordt je onthaald op een boeket van ylang-ylang, jasmijn, lelietje-van-dalen en hyacint. Altijd fascinerend hoe deze beproefde combinatie altijd weer verschillend uitpakt. Ik ruik met name de laatste twee, maar nog meer de zoete weelde van perzik en passiefruit (het startschot voor de fruitige chypres die extra gevuld met rood fruit nu de toon bepaalt bij succesparfums, zoals Sì van Giorgio Armani). 

Niet brutaal en patsboem in het gezicht, maar chic en ingetogen. Zoals ook de langzame landing in de basis: sandelhout en vanille met een lichtkruidige ondertoon dankzij Perubalsem. Elegant en vloeiend – ben benieuwd naar het parfumextract.

Je zou kunnen zeggen dat Nahéma voor die tijd misschien te gestyleerd en te tuttig is – de wereld zit op dat moment nog in de nasleep van Saint Laurents Opium-roes (1977). En heeft pas tijd voor een zoete rozenweelde met Saint Laurents ultra-klassieke en burgertruttige vakantiesouvenir Paris (1983).

Wat ik niet snap is dat deze geur wordt geassocieerd met de Oriënt. Nahéma mag dan ‘dochter van het vuur heten’, ik moet eerder denken aan een zomernacht, zwoel dat wel maar eerder aan de Middellandse Zee, dan langs de stranden van het nieuwe nouveau riche new place to be vakantie-adres: Abu Dhabi en omstreken. 

Volgens mij is de omschrijving van de flacon op de Guerlain-site incorrect: ‘De flacon met een omgekeerd hart, ontworpen door Raymond Guerlain, wordt geaccentueerd met sierlijke krullen typisch voor art nouveau’. Ik zie althans Chamade voor me. Het parfum van Jean Paul Guerlain uit 1969 genoemd naar het gelijknamige boek La Chamade van Francoise Sagan, met, daar is ze weer, Catherine Deneuve in de hoofdrol van de gelijknamige film. 

‘WANT HIJ KLOPT EN HIJ VEEGT EN HIJ RUIKT’

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 2, 2024
Geplaatst in: ENTERTAINMENT, ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?. Een reactie plaatsen

PARFUMS IN DE PERIFERIE

STOFZUIGERGEUREN

Het is maar wat je hindert: de geur vrijkomend bij stofzuigen. Wij hebben zo’n semiprofessioneel geval van Nilfisk. Míj́ hinderen meer de decibellen van dit zich overal tegen opstotend monster en het te lange snoer dat zich niet automatisch terugtrekt na een druk op een daarvoor bestemde knop. Mijn partner daarentegen ergert zich meer aan de stoffige geur die zich vrijmaakt na het starten: muffig richting vies (zou zo maar de nieuwe geur van Balenciaga kunnen zijn). 

Dankzij onze fantastische consumptiemaatschappij heeft de industrie een oplossing bedacht voor dit olfactorisch euvel – wanneer de eerste het daglicht zag weet ik niet: anti-stank ‘geurkussentjes’ voor stofzuigers. Voorheen hadden we er een ruikend naar lelietje-van-dalen. Ik was niet onder de indruk. Voor mij toch eerder categorie ‘overbodige luxe’. Vooral vanwege het tijdelijke karakter van de ondervonden ergernis. 

Mijn partner denkt daar echt anders over: hij heeft volgens mij een stankfobie. Wij verschillen nogal van mening over wat lekker of vies ruikt – kaas bijvoorbeeld. Als hij het gevoel heeft dat er al een tijdje een lijk in de bijkeuken ligt, dan weet ik dat de natuurlijke opwaardering van mijn uitgezwete camembert zijn voltooiing heeft bereikt. Van nietszeggende plofcamembert van de buurtsuper naar schimmelschuimende Fauchon-delicatesse   

Pas op: lijken op mints

In ieder geval: hij wou een nieuw setje ‘geurzakjes’ voor de stofzuiger. Alsof de winkel het wist: bij het Onderdelenpaleis in Emmen pronkten op de toonbank ‘scented pellets’, ofwel ‘duftgranulat, ofwel ‘granulés parfumés’. Geen Nederlandse benaming. Google translate je het, dan krijg je geurkorrels. We kochten de citrusvariant.

Vervolgens even www-ent, ging er een wereld voor me open. Ik had het kunnen weten. Wat een über-aanbod aan stofzuigerparfumkorrels. De mooiste, de ‘lifestylste’, zo niet de geilste: het merk SøckMyBallz. Doet eerder denken aan een very niche kinky pornosite. Maar dit terzijde. Het beweert: ‘Met fijne geuren uit je stofzuiger wordt het schoonmaken weer een stukje leuker. We gebruiken gerecycled papier en verpakkingen’. 

Volgt nu een aanbeveling of een waarschuwing? ‘De ballz in Nederland zijn met de hand geproduceerd door mensen met een beperking’. Ik bedoel maar: wat voor een beperking (of uitdaging) wordt bedoeld? Anosmie? Afsluitend: ‘In de verpakking vind je 30 ballen, genoeg om heel erg lang van te genieten. Past in elke stofzuiger ook stofzakloze. Je zuigt een balletje op en de geur zal ontsnappen’.

Onderdelenpaleis Emmen

En wat een niche-aandoende variaties: ‘Black Tea een heerlijke oriëntaalse melange met tonen van hout, zwarte peper, luxe musk en jasmijn. Beleef een poederig zacht en schone omgeving’.

‘Happy spices: een ingetogen bloemige opening van Damascusroos met een hint van lavendel. Daarna in het hart een exclusieve warme kruidenmix van kaneelbast, kardemom en zwarte peper’. En ga zo maar door. Prijs: €18,95.

Ik eindig flauw. We wachten op de eerste stofzuigergeurzakjes van Hermès, Louis Vuitton, Prada, Fendi en vul uw ontbrekende favo luxelabel maar in. Remember: White Linen van Estée Lauder was ooit ook eenmalig te koop als waspoeder – vond ik toen een geweldige marketingstunt. Weliswaar met gevaar. Een luxeproduct degraderen tot huishoudartikel/schoonmaakmiddel kan door de ‘serieuze’ consument als belediging worden opgevat. Dat was in de jaren tachtig van de vorige eeuw, maar anno nu is het toch wel opvallend dat veel geuren uit de luxesector qua geursensatie inmiddels zijn verworden tot schoonmaakmiddel. Vooral sommige verkrachtingen – chique herinterpretaties genoemd – van eens populaire geuren. 

Maar… Océan Mystique Granulés Parfumés wordt vast en zeker nóg een verkoopsucces voor Dior. Het zal in ieder geval veel likes genereren op social media. En dat is nog het enige dat tegenwoordig telt zo lijkt het wel – sprak de oude geurzeur. 

BELANGRIJK PARFUMINGREDIËNT IN GEVAAR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 29, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENET. Een reactie plaatsen

MERKWAARDIG TOEGELICHT IN EEN RADIOPROGRAMMA

KRUIDNAGEL

Door klimaatsverandering wordt het voor de parfumindustrie moeilijker verzekerd te blijven van constante aanvoer van natuurlijke ingrediënten. Vandaar de zoektocht naar synthetische vervangers (al rond 1880 ingezet; alhoewel toen nog niet vanwege de verwachte schaarste) en nieuwe ‘oogsttechnieken’ (nu hoopgevend: met behulp van gist en schimmels). 

Daarnaast speelt er nog een andere factor. Zoals vorige week te lezen in een Volkskrantartikel over kruidnagelteler-problemen op de Molukken: ‘Boeren verkopen land om hun kinderen een hogere opleiding te kunnen bieden; zonen bedanken vriendelijk voor de plantage van hun ouders. Ze werken liever in een supermarkt of in een nikkelmijn dan te zwoegen in de zon voor een onzeker inkomen’.

Dit artikel werd opgepikt door het populaire radioprogramma Nieuwsweekend (gepresenteerd door Mieke van der Wey en Pieter van der Wielen). Logisch: de kruidnagelcrisis combineert ‘onze’ geschiedenis en cultuur met culinair. Zoiets doet het des zaterdagochtends altijd goed tijdens het scrollen/doorbladeren van je uitgebreide (digitale) krantje en (bijna niet van echt te onderscheiden) vegan croissantje. In ieder geval bij mij. Ben een ‘vast’ en enthousiast luisteraar die af en toe wel moe wordt, dus afhaakt vanwege het ons kent ons-circuitje en vaak politiekcorrecte gebabbel. Maar dat is een ander onderwerp.

Neerlandica en diëtiste Marleen Willebrands kwam het probleem toelichten. Een slimme keuze? Ze verwarde volgens mij tijdens haar kruidnagelmini-exposé de Middeleeuwen met de Renaissance (die in Italië rond 1300 begon). Tenminste Willebrands heeft het over het eerste Nederlandstalige kookboek: ‘Een notabel boecxken van cokeryen’. Gedrukt in 1514 in Brussel (toen de Renaissance al lang de Nederlanden had bereikt; ‘onze’ Erasmus was toen 46). Hierin worden 36 recepten vermeld met kruidnagel als smaakmaker én kleurmiddel zegt Willebrands.

Handmatige pluk

Zo kwam ze een gelei tegen bij vis: ‘Gelukkig staan er geen hoeveelheden in het recept’. Buitengewoon voorzichtig als ze is paste ze de receptuur aan naar ‘de smaak van nu’. Kruidnagel wordt voor de gelei vemengd met saffraan. Willebrands: ‘Die je er ook in moet gooien’. Terzijde: alsof je saffraan in een pan kiepert, meer een kwestie van voorzichtig doseren geziende fragiliteit van de gedroogde stampers. Ze vervolgt: ‘Dan wordt die saus bruinig-geel, want ‘de Middeleeuwen zijn buitengewoon kleurrijk, beetje oranje-achtig’. Ben benieuwd wat Johan Huizinga (schrijver van het vermaarde Herfstij der Middeleeuwen) van deze clichétypering zou vinden.

Maar: kleurrijk is wat anders dan ‘smaakrijk’ of ‘geurrijk’. Kruidnagel overmatig gebruikt, maskeert alle andere smaakmakers, wat trouwens voor alle overdosisen aan specerijen betreft. Saffraan heeft zijn eigen ‘straf-droge’, lichte zoete geur die bij teveel aan kruidnagel in hetzelfde recept kopje ondergaat.

Hierop werd in het nieuwsitem niet verder ingegaan, maar wel – en ja hoor, gaan we weer – op het feit dat kruidnagel ook werd gezien als afrodisiacum. Dat doet het nog steeds altijd goed. Maar dat gold ‘toen’ voor alle exotische, moeilijk te verkrijgen producten die meestal via de Zijderoute werden aangevoerd, eindigend in het Europese distributiecentrum van die tijd Venetië (inclusief saffraan). Het is meer een kwestie van schaarste, dus exclusief, dus duur, dus omringd met mysterie en geheim, dus vaak een seksuele connotatie.  

Interessant in dit geval: kruidnagel wordt tijdens het interview vanuit ‘ons’ perspectief benaderd, vanuit onze Gouden Eeuw, sorry Fouten Eeuw dus. En dat terwijl ver voor ‘onze’ overzeese veroveringstochten, kruidnagel buiten Europa al als een belangrijk product/geschenk werd beschouwd. Opgetekend: in 200 v.Chr. namen gezanten van Java naar het hof van de Han-dynastie in China kruidnagel mee; als geschenk en om de adem te parfumeren tijdens audiënties bij de ‘heilige’ keizer.

Hier wordt duidelijk dat kruidnagel toen ook als ‘schoonheidsgeheim’/geneesmiddel bekendstond. Interessant: kruidnagel verlichtte verondersteld eveneens het leed bij kiespijn; een nagel paste als het ware precies in een holle kies. Zit een kern van waarheid in, in de zin dat eugenol (naam voor de etherische olie onttrokken aan de kruidnagel) kalmeert. Het wordt tegenwoordig verwerkt in (zonnebrand)crème, balsem, was-  en reinigingsmiddelen, en – nu komen we bij de parfumlink – in wierook en etherische olie.

Daar eindigt ook het interview mee. Marleen Willebrands: ‘Nog een leuk ding. Wat ik toevallig gister las. Ook in parfums worden specerijen gebruikt, bijvoorbeeld, in parfum, moet misschien ook een beetje lustopwekkend zijn, je kunt het uitproberen. In Calvin Kleins Obsession daarin zit kruidnagel en nootmuskaat’. Gaan we weer. Mieke van der Wey: ‘Dat is een ontzettend leuk detail. Dat pikken we nog even mee, daarom alleen al zou de kruidnagelteelt overeind moeten blijven’.

Je voelt’m al aankomen: Marleen Willebrands, kruidnagel zit in heel, maar dan ook heel veel parfums. Als licht ondersteunend element van de compositie, of als belangrijke speler. Anjer geldt nog steeds als een onmisbaar ingrediënt in oosterse composities en is een melange van kruidnagel en roos. Duidelijk te ervaren in vintage Opium (1977) van Yves Saint Laurent. Grappig: in het Russisch is het woord een homoniem: dus hetzelfde woord voor anjer als kruidnagel.

Marleen Willebrands mag er dan ‘toevallig’ achtergekomen zijn: maar googelt zij ‘kruidnagel’ en ‘parfum’, dan zal zich voor haar een wereld ontsluiten. Ik weet niet of Mieke van der Wey van geuren houdt – iets zegt me van wel, en misschien wel van kruidnagel, dus oosterse parfums. Wat weliswaar tegen de ‘klassieke’ regel indruist (maar waar aan tijdens het interbellum nog werd gehecht): donkerharigen prefereren oosters, blondharigen witte bloemengeuren. Of zou ze geen natural blond zijn? Dan moet ze kennismaken met de volgende, in ieder geval mijn favoriete, parfums met overtuigende kruidnagelinjectie. Met dien verstande dat recente lanceringen zijn uitgesloten. Allemaal beschreven op deze blog.

Toevoeging, schoot me net te binnen: ook in het debuutparfum van Ronald van der Kemp, The Mind Machine, zit kruidnagel. Als een herinnering aan de gestoofde rode kool die zijn moeder of oma vroeger maakte – ach gossie.

Fougère Royale Houbigant (1882)

Tabac Blond Caron (1919)

Coco Chanel (1984)

New York Nicolaï (1989)

Jungle (Elephant) Kenzo  (1996)

Musc Ravageur Frédéric Malle (2000)

Black Dianthus Il Profvmo (2014)

SCHRALE OOGST

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 12, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND. Een reactie plaatsen

PARIJS = PARFUM, PARIJS = OLYMPISCHE SPELEN: 1 + 1 = 2?

PLUS: GEBAKKEN LUCHT OP EEN POSTZEGEL

De Olympische Spelen waren fantastique, incroyable, une merveille de temps en temps. Mais… het was ook extraordinaire, dans un sens négatif wat mij betreft. Ik bedoel: jaar in jaar uit zoveel onzin limited editions lanceren en nu zich een ‘uitzonderlijke’ gelegenheid voordoet laat de parfumwereld niets van zich horen, of op heel bescheiden, belachelijk aandoende wijze. Meer weten: ga naar de webpagina van Annick Goutal. 

Hoe simpel kan het zijn? Een gelegenheidsgeur met als thema Olympische Spelen. Parijs is parfum, Parijs huist dit jaar voor de derde keer de Olympische Spelen. 1 + 1 = 2. 

Mais non! Je suis stupéfait. Parfum is 90 procent marketing en dat weet LVMH als geen ander dat nota bene de hoofdsponsor – betaalde 175 miljoen euro – van het vierjaarlijkse sportevenement was. Dior valt daar onder, Givenchy ook. En Kenzo. En Céline. En Guerlain (dat een reputatie heeft betreffende speciale gelegenheidsgeuren). En Francis Kurkdjian. En inderdaad Louis Vuitton. Laten we Sephora niet vergeten. 

Je repète: hoe simpel kan het zijn. Zelfs Yves Rocher gedenkt niet mee, terwijl het dat wel bij vorige Belangrijke Jaren deed. Zoals bijvoorbeeld met Eau de Juillet – lekker zwoel-warme citrusgeur by the way op Parfums de Nicolaï-niveau – dat in 1989 stilstond bij de herdenking van de bestorming van de Bastille. 

Kat in het bakkie zou je denken bij Rabanne’s mallotige kermistractie-presentatie Invictus (2013). Invictus, the way to Victory. Of: Invictus, Citius, Altius, Fortius. Mais non, rien, niets, nada, niente. En what’s in a name Rabanne? Olympéa (2015). Zelfs het dit jaar gelanceerde extract refereert er niet aan. 

Een beetje verder googelen, leverde toch een echt Olympische geur op. Zelfs drie geproduceerd door Le Coq Sportif. In de kleuren van de Franse vlag. Rouge staat voor energie, Bleu voor optimisme, Blanc voor ontspanning. 

Laatste gunde Jean Patou de arbeidersklasse ook in 1936. Toen lanceerde deze couturier een van de meest vreemde ‘stilstaan-bij’-geuren ooit: Vacances vierde de door de vakbonden bedongen doorbetaalde vakanties van werknemers. Dit soort commitment is tegenwoordig bij de luxe merken ondenkbaar, die ondersteunen voornamelijk fotogenieke doelen die het op social media goed doen. Me like! You too?

Dat dan weer wel: zoekende naar olympisch waardige geurinformatie, kwam ik wel iets anders ‘typisch Frans’ tegen. De Franse post bracht afgelopen mei hulde aan het stokbrood door een postzegel naar brood te laten ruiken. En wel op 17 mei Sint-Honorédag.

En dat blijkt de patroonheilige van de bakkers te zijn. De zegel werd onthuld in drukkerij Philaposte in Boulazac (Dordogne). Oplage: 594.000 stuks. De pr-technische reden aldus de La Poste: ‘La baguette is een internationaal icoon, symbool van de Franse gastronomie, een juweel van onze cultuur en de belofte van een verrukkelijke zintuiglijke ervaring’. 

Nu herken ik de heerlijke overdrijving weer – de Fransen vaak eigen als ze hun geschiedenis, hun cultuur aan de wereld in volle glorie presenteren. Chapeau! Ook zo mooi en elegant gedaan tijdens de openings- en sluitingsceremonie. Lady Gaga en Tom Cruise hadden voor mij niet gehoeven. Maar wie is Geurengoeroe? Inderdaad!  

RUSSISCHE REVOLUTIE (DIE ANDERE)

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 12, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENT. Een reactie plaatsen

VAN OUDE COUTUREHUIZEN

& GEUREN DIE VOORBIJGAAN

DE ERFENIS VAN CHANEL WORDT MINDER BIJZONDER

Maison Irfé

Ik woonde een tijdje vanwege werk in Brussel. Door een rijkere ‘levenscultuur’ aldaar (ook wel Bourgondisch genoemd), wordt daar meer aandacht besteed aan dingen die het leven schoner en ‘plesanter’ maken – waaronder parfums.

Dat viel me niet alleen op tijdens gesprekken – geur & herinnering; bij gebrek aan beter altijd leuke social talk tijdens social events – maar ook in het aanbod van (tweedehands) boeken over parfum: talrijk. Bij inzage van sommige ging ik zelfs aan mijn kennis en inzicht twijfelen. Fact of life: hoe meer je weet, hoe minder je weet.  

Zo kocht ik ooit het fascinerende Beauty in Exile van Alexandre Vassiliev (gepubliceerd 2000). Kort door bocht: Russen op de vlucht voor de chaos volgend op de revolutie van 1917 namen een stijl mee die leidde tot een rage in West-Europa voor oosters-exotische kleding en design, overvloedig gedecoreerd met parels, pailletten, zijde, brokaat en borduur.

Deze overdadige kijk – in feite een artistieke Russische revolutie – beïnvloedde de westerse cultuur enorm. Niet alleen in de haute couture, maar ook in kostuums gedragen door kunstenaars afkomstig uit het ballet, dans en theater (denk aan de impresario Sergej Diaghilev die de gordijnen van de theaters waar zijn Ballets Russes optrad besprenkelde met Guerlains Mitsouko).

Alexandre Vassiliev, historicus en kostuum- en decorontwerper, brengt de geschiedenis en de invloed van de Russische émigrés – textiel-, decor en modeontwerpers, ambachtslui, grafische ontwerpers, aristocratie én Russische modellen in kaart. Niet alleen die van Parijs, maar ook van Russen uitgeweken naar Istanbul, Berlijn, New York, Sjanghai en de Oost-Russische havenstad Harbin. 

Ik had het boek eigenlijk alleen doorgebladerd (het lot van menig koffietafelboek) en gescand op illustraties. Onder de indruk was ik zeker bij de eerste kennismaking én nog meer toen ik het onlangs weer terugzag bij het afstoffen. 

Ik vraag me wel eens af: waar komt mijn fascinatie en die van anderen voor oude, vergeten parfumhuizen vandaan? Omdat ze in een notendop de essentie van een cultuur tot op een statige dan wel frivole en tongue in cheek tot uitdrukking brengen? Parfum is vaak, of beter gezegd was ooit, een heraut van een idee, een gedachte, een gecultiveerde en gepolijste manier om de l’air du temps van een tijdperk te sealen.

Wat had ik veel over het hoofd gezien! Met name mijn fetish: parfum. Fascinerend om te lezen dat veel ontheemde Russen een couturehuis openden – alsof tussen tijdens het interbellum de concurrentie op dat gebied al niet moordend genoeg was. En die Russische huizen brachten ook ‘gewoon’ parfums op de markt – alsof de concurrentie op dat gebied niet moordender was. 

Het schijnt dat Chanel via grootvorst Dimitri Pavlovitsj Romanov (een van haar lovers) in Biarritz (anderen beweren Grasse) werd voorgesteld aan de eveneens gevluchte neus van Russische oorsprong – Ernest Beaux – verantwoordelijk voor de interbellumparfums van Chanel. Trouwens, grootvorst Dimitri’s zus, grootvorstin Marie Paulowna Romanova, runde tot 1929 in Parijs een borduurstudio – Kitmir – en had Chanel als klant; veel van haar collecties toonden overduidelijk slavische invloeden. Hoe groot de Russische invloed op Chanel letterlijk in dit geval was, daarvan getuigt natuurlijk haar Cuir de Russie (1924). 

Mijn fantasie slaat op hol, zo vreemd is het eigenlijk niet, maar ik durf bijna te beweren dat al die gevluchte Russen die in no time een couturehuis met parfumlijnen wisten op te richten, haast wel contact met Ernest Beaux moeten hebben gehad – die emigranten kenden elkaar natuurlijk allemaal en hielpen natuurlijk elkaar daar waar het kon. Tenminste daar gaat mijn ‘Gutmensch’-kijk vanuit. 

My Own Valentina

Iets anders wat uit het boek naar voren komt: het monopolie dat Chanel zich door een exquise en uitmuntende marketing de afgelopen decennia op het gebied van mode, haute couture, levensfilosofie (wat het uitdragen van haar leven betreft afgezien van een paar flinke misstappen) heeft opgeëist, wordt al lezende dit boek twijfelachtiger. Hier is ze een van de vele bijzondere vrouwen (waarvan velen nog bij het grote publiek nog onbekend) die een succesvolle carrière in de modewereld wisten op te bouwen – Chanel was wel diegene waarin alle verworvenheden van de nieuwe moderne vrouw samenkwamen en dit in haar public relations uitmuntend wist uit te buiten.

Aanvulling 15 juli: ik heb toch een soort van aangevoeld wat Chanels ‘tanende’ invloed betreft. Ik lees gister toevallig een artikel in Le Monde over Augusta Bernard – onderdeel van een serie over vergeten vooroorlogse couturiers. Had ook nog nooit van haar gehoord; kende haar alleen van een beroemde foto van een jurk van haar hand.

De Russische couturehuizen en hun parfums die ik via Beauty in Exile heb ontdekt zijn: YTEB aan 14 de Rue Royale in Parijs. Maison Irfé – afkorting voor prinses Irina en prins Félix du Youissoupoff – was gevesigd 19 Rue Duphot (ook Parijs). Hun twee overgeleverde parfums heetten Blonde en Brunette – die de oude geurfilosofie aanhangen dat blondharige vrouwen andere soort parfums prefereren dan donkerharige. Vanuit New York opereerde couturier Valentina (Nicholaevna Sanina) – ik wist van haar bestaan. Juicy: haar man had een affaire met Greta Garbo (klant van haar en in hetzelfde appartementencomplex wonende). Haar parfum: My Own.

Moet gezegd: ik doe de bovengenoemde Russische couturehuizen en hun scene eigenlijk te kort; als je je erin verdiept val je van de ene verbazing in de andere. Maar dit is een parfumblog. 

Beauty in Exile

GAAP & GAAP

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 4, 2024
Geplaatst in: NIEUW! NIEUW! NIEUW!. Een reactie plaatsen

LANGS DIEPE UITGESLETEN & PLATGETREDEN PARFUMPADEN 

DANKZIJ BRANDED CONTENT IN DE NRC

NRC had vorig jaar een quasi-intellectuele special over geur. Wie dat heeft gelezen én iets heeft opgestoken van de sort of voorspelbare verhalen, zal schrikken van het ‘branded content’ parfumartikel getiteld De Franse finesse van Sophie van Balen. Nu in dezelfde kwaliteitskrant te lezen. 

Naast een portie inwisselbare KI-aandoende zelfpromotie van Van Balen wordt tegelijkertijd promotie gemaakt voor DS – ‘het luxe automerk dat voor Franse stijl, schoonheid en elegantie staat’. Twee vliegen in één klap waar DS voor betaalt en waar Van Balen mee profiteert. Je kunt je afvragen wat de lezer aan deze opeenstapeling van parfumclichés heeft? Ook waarom de ‘redactie’ niet voor een origineler narratief heeft gekozen die auto en parfum met elkaar verbinden.

Ik heb het artikel letterlijk overgenomen – hoop dat je er doorheen kunt komen. Courage! 

‘Alles begon te leven toen ik lavendel toevoegde. Daarna bergamot. Die topnoten zorgden ervoor dat ik ineens weer terugreisde naar Daumazan-sur-Arize. Lavendel heeft iets warms, kruidigs. Terwijl bergamot meer groen, citrus geeft. Ik dacht: dit is de herinnering die ik heb.’

‘Het eerste parfum dat ik zelf heb gemaakt, is geïnspireerd op dat dorpje in het zuiden van Frankrijk, aan de voet van de Pyreneeën. Ik kwam daar sinds mijn geboorte. Mijn opa en oma hadden een vakantiehuisje en de zus van mijn oma woonde er ook. Het voelde altijd als een verlaten plek, alsof de tijd er stilstond. Oude mensen die jeu de boules spelen. Een beekje, een houten bruggetje. Oude winkeltjes zoals een bakker, kapper en supermarktje. Een oude bar waar altijd dezelfde mensen zitten. Een restaurantje, La tomate du jardin, waar de kok af en toe de keuken uit kwam om rozemarijn of tijm uit de tuin te pukken. Karakteristieke, maar vervallen gebouwen.’

‘Fransen staan erom bekend dat ze wat bonkig kunnen zijn. Maar ik zag daar ook lieve, elegante, oude mensen die hun laatste dagen aan het spenderen zijn. Die opgedoft naar de weekendmarkt gaan. Op zaterdag is er een markt waar de lokale boeren hun producten verkopen. Kruiden, planten, vruchten. En ik herinner me een kraampje met etherische oliën in geknutselde potjes, een soort mini-parfumerie, maar dan allemaal lokaal gemaakt.’

‘Er wonen misschien zevenhonderd mensen, bijna allemaal grijs, maar ze zien er elegant uit. En ze leven van het land waar ze op wonen. Dat vind ik heel inspirerend uit het leven van mijn oma’s zus; ze was redelijk zelfvoorzienend, met een moestuin, boomgaard en kippen. Pruimen had ze ook altijd.’

‘Tijdens mijn studietijd aan de Amsterdamse mode-academie Amfi en de Universiteit van Amsterdam raakte ik geïntrigeerd door parfums. Ik vond dat parfummerken een heel onrealistisch beeld verkopen. Het gaat om statusmodellen, een perfect plaatje dat wordt neergezet.’

‘Toen ik dat ging onderzoeken, merkte ik dat ik wel geïnspireerd werd door het product zelf. Geur is zo sterk verbonden met herinnering, dat is een heel krachtige emotie. Ik wilde van een parfum weer een persoonlijke ervaring maken. Juist omdat geur altijd herinneringen ophaalt. Anderen zullen er iets anders bij voelen. Ik vind het belangrijk dat het merk je niets oplegt. Dat je de ruimte krijgt om je gedachten de loop te laten. Hoe vaak sta je eigenlijk stil bij wat je echt ruikt? Terwijl geur zo belangrijk is voor je ervaring, je herinnering.’

‘Daumazan-sur-Arize herinner ik me als oud, afgebrokkeld. Het dorpje is ook niet per se schoon. Dat verlaten aspect, dat onverfijnde, dat wilde ik ook vangen. Het moest rauw binnenkomen. In mijn parfum komt dat tot leven in een heftig eerste gevoel. Direct daarna wilde ik een balans of zelfs frictie creëren. Dat onafgemaakte werd gebalanceerd door het elegante Franse. De charme van de imperfectie. Al snel wordt de ervaring aromatisch, kruidig, meer lavendelveld. Dat aardse, dat groenige, maar ook het citrusachtige. Ik wilde traditionele Franse producten naar boven laten komen. Natuurlijk denken mensen dan aan lavendel, maar ik ruik ook oneindige grasvelden. En bergamot dus, voor de citrus. Daarna tonen van hout.’

Tijdens mijn afstudeeronderzoek was ik voor de laatste keer in Daumazan-sur-Arize. Daarna is het vakantiehuis verkocht. Het parfum werd een soort ode aan die herinnering. Aan de ene kant het verlaten dorp, de eenzaamheid, het verlangen naar nostalgie. Aan de andere kant ook de warme herinnering, het mooie Franse leven.’

Als ik dit parfum nu ruik, loop ik weer over dat Franse bospaadje. Ik zie groen, veel bos. Maar ook regen, asfalt dat opdroogt. Als je iets verder doorloopt, dat houten bruggetje en het bergbeekje, een rimpeling in het water. Iets verderop zit een oude man. Hij zat daar altijd, die oude man.’

‘Wanneer we de Pyreneeën in gingen, kwamen we langs eindeloze velden waar koeien stonden, gewassen groeiden, waar het rook naar hooi. Die geur is groenig. Afgewisseld met de geur van warm hout. De laatste keer dat ik er was, was op 13 mei 2021. Het was warm, maar ook nat. De zon brak af en toe door en overal rook je hoe de natuur opbloeide, hoe het hout opdroogde. Dat heb ik heel diep beleefd. Mijn ervaring van mijn jeugd zit daarin.’

Toevoeging van DS: ‘Geur en DS zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het luxe automerk staat voor Franse stijl, schoonheid en elegantie. Met Frankrijk als thuisbasis en inspiratie, heeft parfumeur Antoine Lie een exclusief huisparfum ontwikkeld. De subtiele geur op basis van sandelhout en iris geeft de bezoeker van de DS-showrooms een extra dimensie. Geur is naturellement een persoonlijke beleving, maar het effect is hoe dan ook een warm, luxe welkomstgevoel met de belofte verrast te worden door de betoverende ambiance van de DS-collectie, zoals de DS 7 Antoine de Saint Exupéry.’ 

Ik beperk me tot één opmerking. Marketeers all over the world: laat Saint Exupéry een keer met rust. Die man is commercieel nu wel genoeg mishandeld. 

Meer weten? Bekijk DS Dialogues op www.

BEL REBEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 4, 2024
Geplaatst in: MASSNICHE, MASSTIGE, NIEUW! NIEUW! NIEUW!. Een reactie plaatsen

THE COMPUTER SAYS NO

LEKKER GELIKT

Alvast anticiperend op mijn gisteren aangekondigde artikel over AI (deel 2 blijkt nu): ik hoop bijvoorbeeld dat ná de aan een kunstmatige intelligentie voorgelegde opdracht – creëer een parfum dat alle typische smaakmakers combineert van de moderne klassiekers tussen 1992 en 1996 – ‘the computer says no’. Want: dierbare geurgenieters u kent mijn mening inmiddels: er worden te veel parfums geproduceerd, veels te veel. Is iets om óók in deze door (cultuur)oorlogen geteisterde tijden depressief van te worden. 

Heel irritant: waar het de een van de meest lucratieve industrieën aan ontbreekt is zelfreflectie. Acht op de tien geuren flopperdefloppen. Maar er worden nauwelijks vragen gesteld over het hoe en waarom. Het is eerder een kwestie van: volgende geur.

Dat levert heel wat ‘afval’ op. Neem, afgezien van het footprint-unfriendly productieproces, ook mee: de vaak te duur betaalde fotograaf, dito regisseur, dito model en weet ik wat meer. Het houdt de creatieve sector in ieder geval aan het werk – maar ook hier ligt AI op de loer. 

Wat ik ook weet: voor de grote geurproducenten – Symrise, Givaudan, IFF, Takasago – geldt: u betaalt, wij produceren. Dat snap ik: ‘It’s the economy stupid!’ Ik zou, als virtuele én als levend adviseur/consultant van zo’n producent Bel Rebel – dat via een persbericht tot mij kwam – adviseren nog eens heel goed na te denken, want het concept rammelt nogal. 

De introductie en de naam: ‘Gemaakt in een rebellenstad door een rebellenpersoon met een rebellenteam. In Londen maakt het geuren net zo gedurfd en uniek als de stad die Bel Rebel inspireert. Duurzaamheid is hun credo, waarbij geüpcyclede materialen worden gebruikt voor papieren verpakkingen. De geuren bestaan ​​uit zowel organische als synthetische materialen om de hulpbronnen te compenseren’. 

Okidoki 1: ik kan het woord rebel niet meer horen. Maar doe je het, en je komt uit Londen, waarom David Bowie er niet bij gepakt? Zijn hit Rebel Rebel (1974) is helemaal nu, helemaal woke: ‘You’ve got your mother in a whirl. She’s not sure if you’re a boy or a girl’. Okidoki 2: met organisch wordt hopelijk natuurlijke materialen gebruikt, want organisch is: afgestorven materiaal van biologische oorsprong onderhevig aan verteringsprocessen.

Okidoki 3: ‘De krachtige geuren, gevuld in op maat gemaakte flessen van 69 ml, ontstonden tijdens pandemieën’. Dat flessen op maat gemaakt worden lijkt me meer dan logisch. Maar waarom gekozen voor 69ml, en geen courante maten? Markteting? 69, soixante neuf, oh la la? En hoeveel pandemieën zijn er recent over ons gekomen? 

Je moet dit maar van jezelf durven te beweren: ‘Het heeft alle verwachtingen overtroffen’. Met dien verstande dat je verwachtingen heel klein kunt houden. Gevolgd door wat marketingblablabla: ‘Ons ethos weerspiegelt een onbevreesde benadering van metamorfose, waarbij we voortdurend grenzen verleggen en normen verbreken’. Toe maar, go go go girl!

Nog wat clichés: ‘Durf, creativiteit, gedurfd, onbeschaamd, persoonlijk gebruik makend van een onderscheidend gevoel voor esthetiek bij gastronomische geuren – vaak tot buitengewone niveaus versterkt’. Pfff… 

Maar waarom werd Bel Rebel in gelanceerd? The answer: ‘In de hoop persoonlijk impact te maken op het publiek. Alles doet het met het principe van ondermijnende schoonheid, niveaus die gaandeweg worden bepaald’. Laatste vijf woorden: come again? 

De geuren: een sextet dat ‘grenzen opzoekt en overschrijdt, de norm verplettert en durf en creativiteit ademt’: Born to Rebel (doet denken aan van Zaldig & Voltaire’s Girls can do Anything), … & The Pea (doet denken aan Marc Jacobs Green), Bubble Gum, Peach Me, Stunned, Unrequited. ‘De norm verplettert’… wat is dat toch met die ‘rebellen’ die denken dat je met parfum de wereld op zijn kop kunt zetten, veranderingen kunt aanjagen, disruptief kunt zijn… 

Eerlijkheid gebied te zeggen: ik heb ze niet geroken; ga puur af op de ingrediënten. Maar bij alle zes moet ik denken aan reeds bestaande geuren (drie schoten me er direct binnen). Tuurlijk, er zitten interessante combi’s tussen, maar die ruik je tegenwoordig overal en nergens. 

Wel interessant om te zien is dat ‘vreemde’ interpretaties mainstream zijn geworden. Neem, Unrequited. Dat stelt ‘zich’ de vraag ‘hoe een roos zou ruiken als deze op plastic was geteeld?’ Uitzwaaiend met een waarschuwing: ‘Als we de natuur vernietigen, verdienen we dan haar geuren wel?’ Dit is dus een ‘klassieke’ Comme des Garçons kijk op het metier, en bij de ingrediënten ruik ik in de opening Yves Saint Laurents Parisienne (2009) met die eigenaardige metallic opening van roos met aldehyden. 

Jammer deel 1. Ik had graag geweten wie erachter dit concept zit, welk ‘rebellenpersoon’ met welk ‘rebellenteam’? Zou me niets verbazen dat Kate Moss in het idee heeft geïnvesteerd of die succesvolle, goedlachse alphaman van Obvious. Jammer deel 2: dat ook Bel Rebel vemeldt dat de geuren cruelty-free en overwegend vegan zijn. Iedereen tiktokt-kip-zonder-kop elkaar na.

Alle maar dan ook alle geuren zijn cruelty, behalve dan misschien die paar die het internationale IFRA-toezicht weten te ontwijken: civet van de civetkat wordt in Azië en Afrika verhandelt – kijk maar eens op YouTube als je durft.

Overweged vegan… vegan is nu hip dus noem je het maar voor de zekerheid, het suggereert betrokkenheid en ‘we  care’. Maar hier had ik graag geweten welke ingrediënten als niet vegan worden beschouwd. Gebrande karamel? Room? Deze twee worden ook synthetisch samengesteld.

De prijs is natuurlijk niet rebels, eerder pittig: 69ml 189,00 euro – Londen is afgezien van rebellenstad een van de duurste steden om te wonen – vandaar? 169,00 had ik passender gevonden. 69,00 nóg leuker, ‘toegankelijker’ en meer in verhouding tot het gebodene. 

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
  • Meest recente berichten

    • MONDAY MICHELLE VISAGE
    • FRICTION OUD FCUK
    • TIKTOK, TIKTOK, TIKTOK
    • UN JARDIN À CYTHÈRE HERMÈS 
    • PARADIGME PRADA
    • PUR DÉSIR DE LILAS YVES ROCHER 
    • ALAIN DELON CLASSIC
    • VERBORGEN NICHE
    • OUDE & NIEUWE NICHE
    • POLITIEKE CORRECTE EN/OF FOUTE PARFUMS
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen
 

Reacties laden....