GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

MOON BLOOM HIRAM GREEN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 12, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET M, NICHE. Getagd: Annindriya Perfume Lounge, tuberoos. Een reactie plaatsen

(WEER) EEN TUBEROOSPARFUM

ALLEEN HONDERD PROCENT NATUURLIJK

Jaar van lancering: 2013

Laatst aangepast: 12/02/14

Neus: Hiram Green (foto)

Concept & realisatie: Hiram Green

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE MOON BLOOM HIRAM GREEN BOTTLE‘Wel op blijven letten Geurengoeroe! De geur heet niet Hiram Green, het ‘huis’ niet Moon Bloom. Is precies andersom!’ Sprak ik mezelf streng toe. De verwarring komt waarschijnlijk omdat het een nieuw Nederlands niche-merk betreft. Met weliswaar een ‘buitenlandse’ invalshoek. Laat het Geert – ‘Ik hou alleen van Hollands’ – Wilders niet ruiken. Naar ik heb begrepen, runde Hiram Green Scent Systems, een parfumshop in Londen, vóór de liefde hem naar Nederland dreef. Gouda om precies te zijn.

Hier werkte hij in zijn laboratorium aan zijn eerste parfum. Daar mogen we alleen maar blij mee zijn. Nog een paar jaar en Nederland biedt zoveel Made in Holland-nicheparfummerken dat we niet meer de grens over moeten voor verfijnde geuren – zal Geert verdomde ‘doe is effe normaal’ vinden. Dit lees ik onder meer op zijn site: ‘Hiram learnt that most perfumes, even the best quality ones, are manufactured using synthetic materials. Wanting to offer a natural alternative to his customers, he was hard-pressed to find anything suitable’.

Een nobel streven, maar ook een beetje een open deur; dat wisten we al. En: zouden alle parfums die jaarlijks geproduceerd worden honderd procent natuurlijk zijn, dan zouden we een aantal aardbollekes tekort komen om dit te kunnen realiseren.

En: hij is niet de enige in de branche met deze gedachte: er bestaan inmiddels al een aantal puur natuur nichehuizen: Honoré des Prés en Rania J die verrassend interessante geuren maken. En op die gezellige, authentieke jaarmarktjes in Zuid Europa vind je ook vaak lokale puur natuur-parfumeurs. Nadeel van hun noeste arbeid: de geuren ruiken vaak eendimensionaal, zuiver en zo ongekunsteld. Op het saaie af. Lavendel blijft lavendel. Jasmijn blijft jasmijn.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE MOON BLOOM HIRAM GREEN (PERSON)Hier wacht nu juist de schone taak van de – haute – parfumerie al dit natuurlijks samen te brengen in een compositie die de afzonderlijke ingrediënten boven zichzelf laat uittillen. En daar heb je synthetische stoffen voor nodig, die vormen het geraamte van een compositie. Met andere woorden: een parfum maken van pure grondstoffen dat meer dan de som der delen is – daardoor gaat leven en je fantasie en herinneringen aan het werk zet – is minder eenvoudig dan je denkt.

Het is Hiram Green wel gelukt. Chapeau!  Moon Bloom slaat op de witte bloemen – in dit geval tuberoos en jasmijn – die ’s nachts ‘om het hardst’ ruiken om insecten te lokken voor bestuiving… en gecombineerd met de poëtische lading van de naam doet het precies wat een goed parfum moet doen: ‘zichzelf’ en daardoor de gebruiker vleugels geven.

Neem daarbij de, een beetje tutty vintage-feel waarin Moon Bloom zich hult (hoop wel dat de geur niet stiekem vervliegt via de peerverstuiver): Hiram Green is helemaal in sync met wat de iets meer fantasievolle niche-consument nu verwacht van een nichemerk. En het is de geur die direct in Tanja Deurloo opkwam (van de Annindriya Perfume Lounge in Amsterdam) toen ik haar vroeg welk parfum haar op dit moment het meest bekoorde.

WAT RUIK IK EIGENLIJK

ERIK ZWAGA SERGE LUTENS ERIK ZWAGA TUBEREUSEMoon Bloom is boterig, Moon Bloom is ‘banaanerig’, Moon Bloom is kokosnoot, Moon Bloom is vol, Moon Bloom is erotisch, Moon Bloom is enigszins geil. Maar heeft ook (heel even weliswaar) een lichtgroen randje, sprankelt, is vochtig (green house-effect). Alsof ook de bladeren zijn meegenomen in de compositie.

En heel mooi op de achtergrond (kan verbeelding zijn) een poederige nuance zwevend tussen cacao, karamel en amandel – zijn hier cistus labdanum en vanille voor verantwoordelijk? De tuberoos (foto) wordt vanzelfsprekend geflankeerd door jasmijn (maakt de tuberoos meer ‘bloemerig’) en ylang-ylang (voor de versterking van de ‘koppige’ erotiek van de tuberoos) en geschraagd door een lichte houtconstructie die mooi subtiel tot ontplooiing komt als Moon Bloom langer op de huid kleeft.

RUIK & VERGELIJK

In vergelijk met de ‘moeder der tuberoosparfums’ – Robert Piguets Fracas (zit op mijn rechterhand), lijkt Moon Flower voller ‘in bloem’, maar minder vol ‘in boter’ en minder scherp. In vergelijk met Annick Goutals Tubéreuse (op mijn linkerhand) is Moon Flower minder overrompelend en minder daadkrachtig in het prikkelen van de erogene zones. In vergelijk met Tubéreuse Criminelle (linker onderarm) van Serge Lutens: meer natuurlijk, helemaal niet scherp en absoluut niet ‘scheef’ – van die geur ga ik bijna loensen…

Zo kan ik nog wel even doorgaan met vergelijken. Dat brengt mij dus ook op het bezwaar: wéér een tuberoos-solifleur. Puur natuur, maar niet echt onderscheidend van the golden oldies. Ben benieuwd of bij een blindtest mensen Moon Flower er uit pikken als de geur die het meest natuurlijke overkomt. En wat ik een beetje mis: de echte geilheid, de echte broeierige sensualiteit die tuberoos in combinatie met de indolen van jasmijn kan oproepen… ’s nachts als de maan schijnt, het is volle maan, je kan maar aan één ding denken, wat te doen… gaan we op de versiertoer of toch maar onder de douche (beter zo)…

Nog één ding dat ik me afvraag: zou de geur aan onomkeerbare erotiek hebben gewonnen als er puur natuur ambergris was bijgedaan? Daar is vorig jaar nog een enorme klont (83 kilo) op het strand van Texel aangespoeld.

Robert Piguet Fracas (1949)

Annick Goutal Tubéreuse (1984)

Serge Lutens Tubéreuse Criminelle (1999)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE HIRAM GREEN LOGO

1899 HISTOIRES DE PARFUMS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 10, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET CIJFERS. Getagd: Gérald Ghislain, histoires de parfums. Een reactie plaatsen

HERINNERT U ZICH DEZE – SCHRIJVER – NOG?

Jaar van lancering: 2013

Laatst aangepast: 10/02/14

Neus: ‘Gérald Ghislain’

Ambassadeur: ‘Ernest Hemingway’

Concept & realisatie: Gérald Ghislain

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 1899 HISTOIRES DE PARFUMS MOODNog even en Gérald Ghislain stapt een magische grens over: loopt hij de twintigste eeuw binnen. En daar ‘zitten’ heel wat leden van ‘the famous dead society’ te wachten op het moment dat ze weer even een beetje uit de vergetelheid worden gehaald. Niet door wéér een biografie, niet door wéér een biopic – dat kennen ze nu wel. En alsjeblieft ook geen afrekening, in welke vorm dan ook, van een nazaat waarin hij/zij beschrijft dat het leven met een beroemde vader en /of moeder helemaal niet zo prettig was als die ‘ons’ hebben doen wil laten geloven.

Een geur dat is tenminste iets aparts. Is natuurlijk niet helemaal nieuw de olfactorische verering van twintigste eeuwse sterren. Grès – ja die van Cabochard (1959) – eerde in 2008, hoogstwaarschijnlijk geïnspireerd door Histoires de Parfums, Marlene Dietrich met een trio: My Dream, My Life, My Passion. En jaar later werd haar collega al parfumerend de hemel in geprezen met Mythos, Sphinx en Godess. Greta Gardo dus. Niet echt aangeslagen. De reden: meer marketing dan inspiratie. Dus ging Grès verder met waar het ‘goed’ in is: de ene na de andere variatie verzinnen op Cabotine (1990). Dertien stuks inmiddels.

Dat Gérald Ghislain meer moeite neemt, heeft hij al met zijn 18de en 19de eeuwse jaartallen (die staan voor het geboortejaar van een beroemdheid) duidelijk gemaakt. Maar die hadden allemaal hun wortels (zonder er allemaal geboren te zijn) in Frankrijk. Met 1899 steekt hij de Atlantische Oceaan over: is een ode op de Nobelprijswinnaar literatuur van 1954, Ernest Hemingway.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 1899 HISTOIRES DE PARFUMS FLACON

Een link met la douce France is er wel. Hemingway verbleef in Parijs alleen (1917) en met zijn vrouw (1922-1927) voor zijn literaire roem begon. De meeste kennen hem van de Engelse les: The Old man and The Sea uit 1954 prijkte op veel literatuurlijsten (ook die van mij) omdat het zo lekker kort was.

Ik heb later meer van hem gelezen doordat ik meer kwam te weten over zijn heftige levensstijl en amoureuze verhoudingen. En ik zag een paar jaar geleden in Berlijn in het filmmuseum de (permanente) expo over Marlene Dietrich. Zaten ook privéfilmpjes van haar bij. Zie je haar onder meer samen met Hemingway genieten.

Veel roken (paffen is beter op zijn plaats), veel drinken (zuipen is beter op zijn plaats) terwijl Dietrich aan het breien en het koken is – tijdens een zomer bij zijn vakantiehuis in Key West. Erg gezelli. Wat dat roken en drinken betreft: Hemingway was een notoir gebruiker (Dietrich kon er ook wat van) en dat gegeven heeft Gérald Ghislain ‘meegenomen’ in de geur volgens mij. Minder gezelli: Hemingway maakte met zijn favoriete geweer in 1961 een einde aan zijn leven, in het jaar dat Marlene Dietrich zich al zingende afvroeg: Sag mir wo die Blumen sind…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE JENEVERBESVoor een pure macho uit de tijd dat een man nog een man was, een vrouw nog een vrouw, is 1899 opvallend zoet en laid back. Zoals altijd bij Gérald Ghislain: de kwaliteit is onberispelijk, maar minder geprononceerd – mikt hij met deze geur op de Amerikaanse markt?

De sprankelende bergamot in de opening wordt direct de hoek ingeslagen door een stevige specerijnoot: rokerig en prikkelend deze zwarte peper en etherische jeneverbes (foto). Behoorlijk pittig dit verbond; die geven de oranjebloesem in het hart een ‘schaduw’. Maar het is met name de poederige iris zoet gemaakt door kaneel die de toon bepalen. De eerste wordt weliswaar in het hart ondergesneeuwd door de tweede… Hierachter verbergt zich een nuance die met een beetje fantasie doet denken aan whisky, door de sterke nadruk op vanille en ambernoten.

Even lijkt de geur te smelten, te verdrinken door deze zoetheid, maar gelukkig is daar de vetiver die zorgt dat 1899 rechtop blijft staan. Af en toe neem ik een beetje wierook waar, die voor mij het idee van de sigarenrook van een tevreden paffende Hemingway verbeeldt. Maar dat is wellicht de som van bepaalde onderdelen: jeneverbes en vetiver. De geur is voor hem en haar, maar het zal me niet verbazen dat het vooral mannen 1899 zullen aanschaffen. En ondertussen wacht ik vol spanning op 1901 – de nieuwe geur van Histoires de Parfums. Het officiële geboortejaar van Marlene Dietrich die zelf volhield dat ze ‘pas’ in 1906 het levenslicht zag.

RUIK&VERGELIJK

Histoire de Parfums heeft school gemaakt. Parfums d’Empire volgde in 2007 in zijn geurspoor. Maître Parfumeur et Gantier heeft Parfums Historiques en lanceerde in deze serie ondermeer Louis VX en Madame de Pompadour in 2008 – maar het oogt zo amateuristisch dat je je afvraagt of het geen neppers zijn.

Tocca eerde, net zoals Histoires de Parfums, ook Colette (in 2010) en dook nog verder de geschiedenis in met Cleopatra (2007). Etat Libre Orange plaatst liever levende celebs op het voetstuk (zoals Tilda Swinton). En Fueguia uit Argentinië laat zich leiden door Charles Darwin en Jean Louis Borges. Heel chic en verantwoord allemaal. Krijg hierdoor bijna zin Benny Hill en Tommy Cooper te gaan botttelen. Nu nog de namen verzinnen. Niet echt moeilijk. For Benny: A Dirty Mind Is A Joy Forever. For Tommy Cooper: Fez!

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 1899 HISTOIRES DE PARFUMS PROMO

ORUPURO LAURA TONNATO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 9, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET O, NICHE. 3 reacties

OUDERWETS PARFUMPRET MET CIVET

VIES MAAR CHIC, CHIC MAAR VIES?

Jaar van lancering: 2000

Laatst aangepast: 09/02/14

Neus: Laura Tonnato (foto)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE LAURA TONNATO FLACONS

Laat je wat parfums (én familie, én vrienden, én collega’s) niet misleiden door de presentatie. Het gaat om de inhoud, toch? Dat is iets wat ik me – val voor de zoveelste maal in herhaling ik weet het – vaak moet voorhouden als ik de strakke, saaie en ‘minimal’ presentatie zie van veel nichemerken – én de over, under en not gestylde ‘look’ van familie, vrienden en collega’s. Kan daar niets iets meer aan toegevoegd worden, iets ‘spannends’, iets eigens?

Een duidelijke handtekening misschien? Meestal not dus… Het gevolg hiervan kan zijn: je mist veel moois en interessants. Zoals bijvoorbeeld de geuren van Laura Tonnato – qua presentatie word ik er niet echt geil van. Dat had ik beter niet kunnen zeggen. Althans dat wreef Maria van Geuren me onlangs in mijn neus.  Terwijl de reden tamelijk onschuldig was. We kregen het toevallig over Tocade (1994) van Rochas, deze in vanille ondergedompelde bloemenweelde. Jammer vonden we het alle twee dat die ook al uit de roulatie was genomen. Maria zei dat ik niet hoefde te treuren, gezien ze een geur kende die als twee druppels er naar rook – eigenlijk beter was: Laura Tonnato’s Dama (1994).

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE LAURA TONNATO AT WORKEn verdomd: très Tocade, maar met nèt meer iets zoetfinesse (door het viooltje), net meer iets gedurfde, minder vlakke amberverfijning (door opoponax). Volgde vervolgens een ‘privétournee’ langs deze sinds 2000 actieve neus uit Italië met inmiddels meer dan 22 parfums op haar repertoire. Kreeg ondertussen een leuk verhaal van Maria van Geuren dat ‘weer eens’ aantoont, dat Nederland op het wereldpodium toch als belangrijk wordt gezien – ook in de parfumwereld. Re (2000), een geur die tot verbijstering van Maria van Geuren van de markt was gehaald vanwege gering succes, is na aandringen van haar door Laura Tonnato weer in productie genomen…

Voor mij was de keuze snel gemaakt: Oropuro (2000). De reden is simpel: eindelijk weer eens geur waarin het voor mij overheerlijke, maar volgens velen pis-poep stinkende civet niet zuinig wordt toegepast. Helemaal überheerlijk omdat voor Laura Tonnato deze geur een olfactorische vertaling is van puur goud. Oro: goud. Puro: goud. Dat doen en durven maar weinigen, ook in de nichesector waarin civet schittert door afwezigheid.

Oropuro is eigenlijk exemplarisch voor de huidige state of mind in mainstream parfumindustrie omdat het haaks staat op de cleane en ‘schoongewassen’ geuren die nu voornamelijk de toon bepalen. In gang gezet door het (terechte) verbod op de verwerking van dierlijke ingrediënten (gezien de manier van ‘oogsten’) vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw: musk, bevergeil en civet. Vreemd wel dat ambergris ook bij deze groep werd ondergebracht, gezien het feit dat dit excrement van de walvis meestal bij toeval op stranden belandt en dat daar niet doelbewust op werd/wordt gejaagd. Dat had een andere reden: vraag ‘Japan’ maar.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CIVETKAT HELPHet mooie voor de weinige civet-liefhebbers onder ons: de parfumindustrie is er in geslaagd een bijna identiek, natuurlijk getrouwe kopie te produceren. Maar dat weerhoudt – ook de nicheparfumerie – er niet van het níet te gebruiken. Daarom alleen al hulde voor Laura Tonnato. Heel veel geuren zouden opleven, aan karakter winnen door een miniscule tinctuur-toevoeging van dit ‘pure goud’. Trouwens: je kunt er op een nog andere manier van genieten, en wel met een bakkie leut: in bepaalde kringen is het nu très en vogue koffie te drinken waarvan de bonen van tevoren door het darmkanaal van de civetkat zijn geloosd… Ook dat gebeurt niet op een bepaald diervriendelijke manier. Daar rest een schone taak voor George – Nespresso – Clooney,

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik moet nu eigenlijk cleane bloemengeuren-fans zien te overtuigen. Where do I begin? Misschien met de ‘reversed psychology’-method. Stel je voor: je moet je lakens verschonen, want die liggen al een week, of zelfs twee weken. Maar telkens als je in je bed stapt, ruik je iets wat ‘best wel’ aangenaam is. Wat is het? Een gevoel van herkenning. Je eigen lichaaamsgeur (misschien wel vermengd met die van je partner). Je drukt je neus nog eens in het kussen, en wordt ‘overvallen’ door een gevoel van tevredenheid, comfort en ‘happinez’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE VANILLEDit vermogen heeft dus volgens mij civet… het heeft iets ‘vies’, versletens en tegelijkertijd vertrouwds. Het is in feite een voortzetting van je lichaamsparfum. En – wees gerustgesteld – Laura Tonnato verwerkt het gedoseerd. Ik ruik de bergamot niet (tussen de lakens), maar de civet openbaart zich stellig, niet in overdrive door het te wiegen in vanille (foto). Maakt het pure, animale effect net wat zachter en lieflijker…

Maar toch: het blijft animaal en dat komt op conto van die andere ‘dierplezier’-ingrediënten: musk en ambergris. Ook synthetisch van aard, maar versterken wel het weeïge, animaal-sensuele karakter. Ik weet dat Orupuro bij veel mensen ‘scares the shit out of them’. Maar, voor mij had het nog wat sterker gemogen. Misschien moet ik haar bellen, want bespoke-fragrances maakt ze ook.

RUIK & VERGELIJK

Kan eigenlijk maar aan één geur denken die ik, om mensen te laten schrikken, vaak full blown over me heen heb gesprayed, en die naar ik heb begrepen – gelukkig – weer in roulatie komt.

Mona di Orio Nuit Noire (2005)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE LAURA TONNATO LOGO

EXTATIC BALMAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 8, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET E, PORTET, TRENDANALYSE. Een reactie plaatsen

THE NEW BALMAIN WAY OF LIFE

Jaar van lancering: 2013

Laatst aangepast: 08/02/14

Neus: Emilie Copperman

Ambassadrice: Anna Selezneva

Fotografie: Karim Sadli

Concept & realisatie: Olivier Rousteing

Geen zin om over de nieuwe modekoers van Balmain te lezen, scroll door naar Extatic.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE EXTATIC BALMAIN FLACON 1Het lijkt een ongeschreven wet in de modewereld: om de vijf jaar graag een ‘nieuw’ label met geschiedenis die de media de hemel in kan prijzen. Na de ‘rebirthing’ van bijna alle luxelabels – Balenciaga, Celine, Dior, Givenchy, Gucci, Hermès, Rochas, Louis Vuitton – melden zich ook huizen en merken waarvan je dacht dat die de deuren voorgoed hadden gesloten.

Zoals Balmain anno 1945. Die kopieerde tien jaar geleden het wonderrecept dat het meest legendarische couturehuis – Chanel – dertig jaar geleden als eerste toepaste. Dat had midden jaren tachtig van de vorige eeuw een probleem. Het moederdagcadeau bij uitstek, N°5 uit 1921, verkocht minder. De oorzaak: het huis, decennialang toonaangevend werd na het overlijden van de oprichtster in 1971, minder spraakmakend en kwam daardoor minder in het nieuws.

De reddingsoperatie: het aantrekken van een ontwerper die met ‘respect voor het verleden’ het huis moest reanimeren – Karl Lagerfeld. Hij dokterde twee seizoenen, maar toen dat ook in 1987 niet meer dan beschaafd applaus opleverde, koos hij voor een nieuwe techniek. Lagerfeld brak het huis af. Alles waar Chanel voor stond, nam hij op de hak: ingetogen en understated chic maakte plaats voor couture met streatwear-allure.

Het werkte. Vooral de ijzersterke reclamecampagnes en accessoires die je niet direct met Chanel associeerde: surfplanken, Birkenstocks, visserslaarzen en – Kareltje, doe eens lekker gek – wijnkoelers, zorgden ervoor dat Chanel in plaats van ouderwets en trutti werd gezien als het toppunt van moderne chic.

Vraag nu op straat een vrouw die er modebewust ‘bijloopt’ of Balmain haar iets zegt. Grootste kans: ‘Niets’. Minder groot: ‘Is dat geen horlogemerk?’ Groter: ‘Parfum?’ Antwoordt een vrouw zelfverzekerd: ‘Dat was van de beste couturiers van de jaren vijftig en zestig’, dan heb je met een toevalstreffer te maken (misschien wel een modejournaliste).

BALMAIN LAY OUT 04 EDP-Ombre sur Logo.indd

Zonde vond Alain Hivelin, die het failliet verklaarde huis in 2004 overnam. Dus contracteerde hij Christophe Decarnin die zich niet liet inspireren door de ‘oude waarden’ van het huis, maar ging zijn eigen gang. Wil zeggen: een look meer in sync met de tijdsgeest die net zo goed onder zijn eigen naam gepresenteerd had kunnen worden had hij hiervoor de financiële middelen gehad: ‘versleten’ stonewashed jeans, ‘afgedankte’ leren motorjacks, breedgeschouderde militaire jassen en ‘kapotte’ T-shirts. Bijzonder? In die zin dat hij deze basisgarderobe-items opwaardeerde door ze te bewerken met ouderwetse couturedetails.

De modepers bewierookte de wedergeboorte. Kate Phelan (Britse Vogue): “Decarnin heeft het traditionele beeld van Balmain afgebroken en er een cool label van gemaakt. De collectie is  ‘trashy’ maar glamourous. Het is rock & roll, sexy – en daar ontbreekt het nu aan in de modewereld.” Ook de gevreesde Suzy Menkes (The Herald Tribune) was vol lof. Hoewel ze Ghesquière voor Balenciaga interessanter en innovatiever vond, begeep ze de koerswijziging. Menkes: “Veel van hetzelfde, maar vol energie en ruwe seksuele connotaties. Dat zie je zelden op de catwalks.”

Maar hoe zorg je ervoor dat mensen buiten de ‘mode-intimi’ op de hoogte worden gebracht van deze koerswijziging? Hiervoor paste Balmain een ander beproefd recept toe: vriendjes worden met sterren. Gwyneth Paltrow droeg het tijdens de première van de film Iron Man. Madonna ging in een van haar videoclips slechts gekleed in Balmain. Laten we Kate Moss niet vergeten. Als zij nonchalant in Balmain rondloopt…

ERIK ZWAGA GEURENGOEROR AMBRE GRIS BALMAIN

Het gevolg: de omzet van  jeans (rondom de 1000 euro) en jurken (rondom de 15.000 euro) verdubbelden. Decarnins’ visie, werkte aanstekelijk: zijn invloed zie je terug bij andere ontwerpers en keerde zelfs terug naar de plek waar de inspiratie vandaan kwam: de straat. Steeds meer (jonge) vrouwen en (jonge) mannen zijn ‘neo-punk-chic’.

Sad but true: de druk om te blijven presteren werd Decarnin te groot. Hij hing zijn couturetrash-naald aan de wilgen. Werd in 2011 opgevolgd Olivier Rousteing die hetzelfde parcours volgt, maar de streetcredibility-uitstraling met Balmain-sneakers, Balmainblingbling-sieraden versterkt. Noemt het nu aristo-rock en laat het onder meer promoten door een jong meisje die verdacht veel lijkt op Rihanna.

En misschien is ze het ook wel. Even googlelen, en ja hoor ze… Al die investeringen moeten natuurlijk terugverdiend worden. Het liefst snel en zonder al te veel moeite: geuren dus.

EXTATIC

Van de ene kant probeert Balmain zijn reputatie parfumgebied te handhaven – waarvan Ambre Gris (2009) en Carbone (2010) getuigen – en hiermee kenners te pleasen. Maar met de zoveelste nieuwe versie van Ivoire (2013) en Extatic, mikt het vooral op het grote en jonge publiek met weinig klassieke parfumervaring. In de ‘communicatie’ wordt een wereld opgeroepen die nu wordt geassocieerd met fashion & lifestyle, en door het luxemerk is omgedoopt tot ‘the Balmain way of life’. En die is ‘gedurfd en elegant, flirterig en provocerend’.

Wat motiveert de nieuwe Balmain-vrouw? Rousteing: ‘De extase van een spannend leven zonder regels en afspraken. Spannend en extreem, brutaal en vastberaden. In één woord: Extatic‘.  Meerdere woorden: ‘De geur reflecteert perfect de Balmain-mode en onthult de sensualiteit van de vrouw die het draagt’. De campagnefoto visualiseert dit extase-gevoel. Rousteings muze, Anna Selezneva, zit in een knieknikhouding die je niet veel ziet: niet in de modewereld, niet op straat. En ze draagt een short. Maar dat is natuurlijk niet zo maar een short; ‘minutieus handgeborduurd met parels en kristallen, een toonbeeld van de luxe Franse stijl’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Moeilijk. De reden: weet niet precies wat de bedoeling is. Als het doel is de jonge meid over te halen; dan zal dat niet al te veel problemen opleveren. Want Extatic loopt mee in de trend van fruity-gourmands… En dat is tegelijkertijd het probleem: Balmain is niet de enige. Bijna elke populaire masstigegeur heeft wel ‘iets met gourmand’. Dus verrassen doet de geur niet, maar misschien is deze herkenning, dit vertrouwde gevoel wel de reden van het – gehoopte en gedroomde – succes.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE SHARRY BABY ORCHIDEEDe opening: volgens de neus Emilie Copperman ‘een spoor van licht’ dat direct de sensuele toon zet: een heldere roos zoet-fruitig gemaakt door ‘Aziatische’ peer en het naar rozijn en rum ruikende osmanthus. Het bloemenhart is betoverend waarin de sharry baby-orchidee (met haar veronderstelde chocolade-nuance – op de foto) wordt gecombineerd met de zwoele noten van nachtjasmijn die poederachtig wordt ondersteund door iris. De nasleep versterkt de sensualiteit: amyris (een sandelhout-variatie) en kasjmierhout omhuld door een accent van barenia-leer (bekend van de Balmaincollecties). Het totaaleffect: ‘een alles omvattende elegantie’.

Eerlijk gezegd: ik ruik het niet allemaal. Zeker niet de osmanthus, zeker niet het leer. Wel de zoete peer in de opening die vervolgens overloopt in een bloemige sensatie, waarin je met veel moeite de klassieke combi (roos en jasmijn) ‘achter’ de orchidee ruikt. Want wat je ruikt is gourmand: iets wat lijkt op een toef van chocolademousse dat sensueel (niet houtachtig) geschraagd door zacht hout. In vraag me af hoe Extatic geroken zou hebben als die was gemaakt met de vroegere krachtige parfumsignatuur van Balmain.

RUIK&VERGELIJK

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE VENT VERT BALMAIN FLACON 2012Op parfumgebied heeft Pierre Balmain geschiedenis geschreven – het enige dat hier bij Extatic aan herinnert is de vierkante gouden dop en het lettertype van het logo. Zijn eerste parfum, het groener dan groen Vent Vert (1945), dat de ode op de vrede symboliseert.

Het geldt als standaard van een groen parfum door de sterke nadruk op galbanum, een hars met een ongelooflijk fris, maar sensueel geurspoor. Zijn gevoel voor humor toont Pierre Balmain met parfum nummer twee een jaar later: Elysée 64/83, eenvoudigweg genoemd naar het telefoonnummer van zijn couturehuis. Andere populaire geuren: Jolie Madame (1953), Miss Balmain (1967) en de mannengeur Monsieur (1964). De laatste grote geur die tijdens zijn leven werd gelanceerd was Ivoire (1979). En die zijn allemaal in de loop der jaren aangepast, veranderd of van de markt gehaald. Opvallend: zijn premièreparfum heeft de transformatie het best doorstaan. Nog steeds te koop:

Balmain Vent Vert (1945)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE I SPEAK BALMAIN

 

WHAT WE DO IN PARIS IS SECRET A LAB ON FIRE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 6, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET X, NICHE. Een reactie plaatsen

‘PARTI PRIS’ PARIS

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 06/02/13

Neus: Dominique Ropion

Concept & realisatie: Sacre Nobi

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE WHAT WE DO IN PARIS IS SECRET A LAB ON FIRE MOODIk ben in het diepst van mijn gedachten eigenlijk een bevooroordeelde – parti pris op z’n Frans – snob en grumpy zeikerd. Bij het horen van sommige woorden word ik helemaal allergisch. Lab bijvoorbeeld. Ik weet niet hoe het komt, maar in combinatie met parfum, denk ik: ‘Goh, wat zijn we weer überhip en now & wow! bezig’.

Dat aan parfum eigenlijk niets romantisch en poëtisch kleeft, dat het niet meer en niet minder een combinatie van geurmoleculen is die in een lab(oratorium) aan de lopende band wordt gemaakt, weet ik ook. Maar waarom moet het in de nichesector altijd zo clean, stofvrij en uniform gepresenteerd worden? Als een soort ‘garantiebewijs’ van goede kwaliteit, dat het toch echt alleen om de inhoud gaat?

Hou me ten goede: ik val meestal in slaap van het tegenovergestelde van een dergelijke ‘clinique’-benadering. Iets waar de masstige-sector in uitblinkt. Neem de promo en de ‘filosofische’ verantwoording van Lancôme’s La Vie est belle (2012). Dat werkt bij mij snel op de lachspieren: zo over the top, zo cliché, zo ouderwets: een moderne, onafhankelijke vrouw in al haar rijkdom toch ‘juweel-vastgeketend’. Is er geen gulden middenweg, vraag ik me dan af? Nee, eigenlijk niet.

Of toch wel? A Lab on Fire (anno 2011) misschien. Dit ‘indie’-lab uit New York is in presentatie ‘lab’ dus modern, in verbeelding romantisch, dus klassiek. Met name met de toch wel erg leuke naam What we do in Paris is secret. Komt uit de koker van Sacre Nobi uit New York die ook S-Perfume (anno 2005) heeft bedacht. Over de beweegredenen, laat hij weinig los. Op de site lees je alleen ‘who we are is what we do, and how we do it is a loosely guarded secret’. Tja.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE WHAT WE DO IN PARIS IS SECRET A LAB ON FIRE BOTTLEOver What we do in Paris is secret, weidt hij iets meer uit maar doet in feite niet onder voor La Vie est belle… neem een stokbrood onder je arm, zet je tanden in een punt brie, nibbel aan een croissant, sier je hoofd met een knoflookkrans, klok wat champagne naar binnen, flaneer over de boulevards, verdwaal in het metrolabyrint, laat je lokken door de zijstraatjes van Place Pigalle, zeg af en toe ‘oh la la’ en ‘Paris je t’aime’: het hedendaagse sprookje kan beginnen. ‘Rue des Petits Champs of rue Montorgueil? Place des Vosges of St. Germain? What we do in Paris is secret vangt elk aspect van de stad. De glamourkant, de edgy kant. Dominique Ropion laat je op virtuoze wijze iets nieuws ontdekken; hij verandert de betovering in realiteit, maakt de geheimen van Parijs voelbaar’.

Ik weet het niet, maar ik mis in ieder geval het ruwe aspect. Wil je als hip parfumlab Parijs op een modern-eigenzinnige manier parfumeren, dan verwacht ik ook op z’n minst de vieze, edgy kant van de Lichtstad. Die merkwaardige, onaangename van zuurstof ontdane lucht in de metro (kun je met civet benaderen), de geur van benzine (kun je met oud doen), van het over de boulevards voortjakkerende verkeer (wierook?). Maar ook de droge geur van rul zand (iris heeft dat vermogen) dat je opsnuift in Jardin des Tuileries en Jardin du Luxembourg opgefrist met de fijne dauwregen van de daar trots spuitende fonteinen (men neme wat calone of cascalone). Ik ruik het helaas niet. Wel…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE HELIOTROOP… een geur waar met name heliotroop (foto) in goed overleg met vanille de toon bepaalt. Het effect: poederig ‘amandelstof’ met gourmandondertoon. Roept voor mij associaties op met een ander aspect waarmee Parijs (van weleer) wordt geassocieerd: het boudoir, waar in dit geval een rococo-vaas staat met uitgebloeide rozen. De bewoonster – een gecorsetteerde courtisane, voor mij in mijn fantasie Glenn Close in haar rol als markiezin de Merteuil in Dangerous Liasions (1988) – weet niet of ze haar hulp in de huishouding – tevens haar ‘complice’ – zal vragen het bij het oud vuil te zetten. Of dat ze wacht tot een van haar amants – markies de Valmont (John Malkovich) of ‘ridder’ Raphael Danceny (Keenau Reeves) – haar verrast met een nieuw boeket dat – weer – heel even in den beginne een frisse, zoetfruitige geur prijsgeeft (bergamot, lychee).

Maar zijn finesse vooral dankt aan in de honing ondergedompelde Turks roos die zich maar wat graag, en heel snel, laat ondersneeuwen door het fijne harsschaafsel van tonkaboon en tolubalsem ondersteund door sandelhout en ambergris. Eindoordeel: What we do in Paris is secret is klassieker dan klassiek, er kleeft voor mij niets ‘lab’ – dus modern – aan. Vandaar mijn ‘parti pris’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE DANGEROUS LIAISONS CLOSE MALKOVICHl

RUIK&VERGELIJK

Nog meer ‘Parijsparfums’ gebottled voor u:

Bourjois Soir de Paris (1929)

Yves Saint Laurent Paris (1983)

Nina Ricci Love in Paris (2004)

Celine Dion Spring in Paris (2007)

Dawn Spencer Hurwitz Passport to Paris (2013)

En: hoewel een andere stad wordt opgeroepen, moet ik door de stevige heliotroop-noot ook denken aan:

Carner D600 (2010)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE WHAT WE DO IN PARIS IS SECRET A LAB ON FIRE PACKAGING

WOMAN III – THE ESSENTIALS – JIL SANDER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 6, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET W. Getagd: jil sander, THE CLASSICS. Een reactie plaatsen

EEN ECHO

Jaar van lancering: 1985/2012

Laatst aangepast: 06/02/14

Neus: Michel Almairac

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE WOMAN III - THE ESSENTIALS - JIL SANDERVintage komt steeds dichterbij. Wil zeggen: redelijk jonge merken die na 1975 hun eerste geuren lanceerden, kijken – geïnspireerd door de oude garde – vroeg in hun bestaan om in verwondering om te constateren dat een aantal geuren in perspectief eigenlijk verdomde goed waren; zelfs aanspraak kunnen maken op de kwalificatie ‘klassieker’.

Terwijl ik het eerder had verwacht van Calvin Klein en bijvoorbeeld Wolfgang Joop, doet juist een vakgeneratiegenoot van deze twee het: Jil Sander. Haar geuren die langzamerhand uit de parfumerie waren verdwenen, werden in 2012 in kleine kring voor het eerst verspreidt, vanaf nu iets breder onder de noemer The Essentials. Bath & Beauty uit 1982 en Pure Man uit 2004 (heette toen Pure for Man) heb ik al besproken. Woman III nog niet.

Het type parfum en het type vrouw dat Jil Sander in gedachten heeft/had: ‘Verfijnd, zelfverzekerd en klassiek. Een geur die ook nu perfect bij de zelfverzekerde, intuïtieve moderne vrouw past. Deze dame weet precies wat ze wil en volgt haar eigen pad, de unieke elegantie die zij onderweg achterlaat zal niet snel vergeten worden’. Ja, het staat er echt. Alsof je door een kasteelroman wandelt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik ben deze geur al een tijdje aan het ruiken, en snap het nog steeds niet – afgaande op de ingrediënten. Alsof er een andere geur in de flacon zit. Word er een beetje confuus van, ga aan mezelf twijfelen. Zo wordt Woman III nu omschreven: ‘Sprankelt met frisse, bittere noten van sinaasappel, die verwarmd worden door een elegant boeket van anjers en patchoeli’. Terwijl er dit allemaal ‘officieel’ in zit (zat) en er van uitgaande dat oranjebloesem (dat wordt geëxtraheerd uit de bittere sinaasappel) wordt bedoeld: aldehyden, bergamot, Braziliaans rozenhout, oranjebloessem, hyacint, nootmuskaat, koriander, laurier en peper in de opening. In het hart: honing, anjer (op de foto, maar ook in de geur?), tuberoos, iris, jasmijn, ylang-ylang, lelietje-van-dalen, roos, geranium.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ANJEREn sandel- en cederhout, amber, patchoeli, musk, benzoïne, kokosnoot, vanille, eikenmos, vetiver in de basis. In gedachten ruik ik de geur al: een krachtige chypre: dus een fristintelend begin dat in aura van pittige kruiden, de bloemen (met name de anjer; een typische ‘chyprebloem’) laten smeulen die vervolgens donker en bosachtig worden gemaakt in de basis. Een blonde versie van Paloma Picasso’s Mon Parfum (1984). Wat ik nu blind ruik: in een kruidige wolk van zeepachtige aldehyden, een geur die verwant lijkt aan Bath & Beauty, alleen dieper en gelaagder. Meer huidparfum, dan badparfum. Een chypre? Dat niet echt. Het lijkt wel of er per ongeluk te veel aldehyden bij zijn gedaan, dit om het gemis van eikenmos te maskeren.

Ik ruik niet de frisse schalksheid van de hyacint, ook niet echt de bloemenweelde in het hart: anjer gecombineerd met tuberoos en ylang-ylang – dat stuurt een geur echt op overrompelende wijze. Maar ik ervaar het niet in Woman III. Ik raak nu wel heel erg benieuwd naar de vintage-uitgave, want ik weet één ding zeker: The Essentials-versie moet een echo zijn van het origineel.

RUIK & VERGELIJKEN

Veel chypres zijn door het verplicht weglaten van eikenmos van toon veranderd, zelfs van karakter. Alsof ze een na een landurige coma als een ander persoon ontwaken. Maar dat wil niet zeggen dat je niet dat bosachtige effect met andere middelen kunt bereiken. Ja, het kost wat meer, maar daar krijg je dan ook weer een echte chypre voor terug. Waarvan onder meer de volgende geur getuigt, die ik binnenkort wil bespreken:

Oriza L Legrand Chypre Mousse (2013)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE WOMAN III JIL SANDER OLD AD

EAU DE LA MODE ARTEZ

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 5, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET E, NICHE, OPVALLEND PARFUMNIEUWS. 1 reactie

ZO RUIKT MODE… EN DAT IS ‘NIET VERKEERD’

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 05/02/14

Neus: geurexpert Tanja Deurloo

Concept & realisatie: ArtEZ

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE EAU DE LA MODE ARTEZ MOODDe modeafdeling van de ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem stelt zich ter gelegenheid van het zestigjarig bestaan een vraag die de meeste modehuizen, luxemerken, lifestylabels en ‘personalities’ over het algemeen niet stellen, maar waar ze wel honderden miljoenen (en nog meer) mee hebben verdiend: waar ruikt mode naar? Natuurlijk, veel parfums hebben een link met stof. Van masstige – Givenchy’s Organza uit 1996 – tot niche: Jersey van Chanel (2011). Van vintage – Crêpe de Chine van Millot (1925) tot neo-klassiek: Donna Karans Black Cashmere (2002). Van basic – neem alle jeansgeuren in gang gezet door Gianni Versace in 1994 – tot nóg meer basic: Cotton (2006) van Marc Jacobs.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE EAU DE LA MODE ARTEZ FLACONMaar dat waren meer stoffelijke geparfumeerde interpretaties in plaats van een poging mode in haar totaliteit te bottelen. Is wel gebeurd, maar of je het resultaat geslaagd kunt noemen: Hot Couture van Givenchy (2000) en Couture! (2004) van Moschino, en de grootste belediging denkbaar: Kylie Minogue’s very cheap Couture (2009). Dan heb ik het nog niet gehad over ‘het onmisbare onderdeel van de garderobe van de modebewuste vrouw’ niet tot leven gebracht door Chanel, maar door een van de meest prestigieuze parfumhuizen: La Petite Robe Noire van Guerlain in drie versies: twee niche (2009, 2011), een masstige in 2012.

Trouwens hulde aan de schrijver van het persbericht, zelden een ‘parfumpromopraatje’ gelezen, waar ik niets aan toe te voegen heb en waar ik me vragen bij stel. Lees de ‘geconcentreerde’ versie: Eau de la Mode (een uniseksparfum) is het antwoord op slechts één vraag die aan de honderden alumni (dit woord duikt plotseling tegenwoordig overal op) van de modeafdeling werd gesteld: ‘waar ruikt mode naar?’

De antwoorden liepen uiteen van katoen (veelvuldig gebruikt voor moulages) en sigarettenrook (in Arnhem is de verslaving van menig modeprofessional begonnen) tot een ‘ochtend in Parijs’. De combinatie van deze en andere ingrediënten vormden de inspiratie voor het parfum samengesteld door 22 studenten van Collectie Arnhem in samenwerking Tanja Deurloo.
 Zij zegt: ‘Eau de la Mode is eigenzinnig, roept rijke associaties met een nieuw begin en adrenaline. Het karakter is gelaagd en opgebouwd uit tegenstrijdige elementen: vertrouwde akkoorden als zacht leer, grapefruit en hout, worden gecombineerd met scherpe randjes van rabarber, saffraan en rook’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE EAU DE LA MODE ARTEZ PERFUME LOUNGEEau de la Mode is gebotteld in 60 flacons (80 ml, €100) met elk een gelaserde gesneden lint voorzien van een jaartal (van 1954 tot 2014) en werd afgelopen vrijdag in Amsterdam gepresenteerd – uw Geurengoeroe was niet present; hij fietste speciaal voor u naar Tanja Deurloo om de geur te ruiken – bij kunstgalerie Magazijn153 als onderdeel van het creatieve platform Salon. Eau de la Mode is te koop bij Coming Soon (Arnhem), Margreet Olsthoorn (Rotterdam), Perfume Lounge (van Tanja Deurloo Amsterdam) of bestel je via de website van Collectie Arnhem. Maar als ik ArtEz was zou ik de oplage vertwee- of drievoudigen: Eau de la Mode lijkt me ook interessant voor de Parijse winkel voor luie trendscanners, Colette. Of is dit winkelconcept niet meer early adapter en avant-garde genoeg? Dat weet ik als inmiddels parttime luie trendscanner (laat ik het zo zeggen: ik loop Colette nu voorbij) niet meer.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE COCO CHANEL ROKENDEen boeiend parfum. Met een beetje fantasie zie ik Coco Chanel met een sigaret in haar mond, een tailleur met haar handen ‘kneden’, tot ze de perfecte ‘flou’ heeft bereikt – doet ze op de foto met Romy Schneider. Door de frisse noten (klassiek grapefruit, ‘hip’ rabarber) ruik je een rokerige sensatie die zweeft tussen suède en sigarettenrook…

In de opening ruik ik meer grapefruit dan rabarber. Toch: mooi, slim en ‘helemaal nu’ is het gebruik van saffraan – dat het droge, beetje zoete aspect van leer en rook als het ware in zich draagt en verbindt. Eindresultaat: een droge, strakke ‘rokerige leergeur’ met verfijnde vintage-finish. Niet zo ‘aldehydenvet’ als Cuir de Russie (1924) van Chanel, niet zo omni-olfactief als Knize Ten (1924), niet zo suèdezacht-bloemig als Daim Blonde van Serge Lutens (2004), niet zo puur en streng ‘leer-rook-rook-leer’ als Cuir van Mona di Orio (2010).

Maar voor mij kan Eau de la Mode wel in één adem genoemd worden met deze niche en vintage geuren. Sterker, dit zou in feite de perfecte nieuwe geur van Viktor&Rolf – ook alumni van ArtEZ – zijn geweest, in plaats van het door L’Oréal ‘gedicteerde’ Bonbon (2014) als antwoord op het luxelabel dat zich met zijn parfums ook steeds meer laat leiden door commercieel-hysterische motieven (niets op tegen by the way) dan pogen het ware mysterie van mode olfactorisch te vertalen. Ja, ik heb het over Candy (2012) van Prada.

RUIK&VERGELIJK

Nederland is de ‘Boldoot-kar’ voorbij. Steeds meer ‘made in the Netherlands’-perfumes ontstijgen de ‘Ik hou van Holland’-landsgrenzen. Frank Govers, Fong Leng en Frans Molenaar bedankt voor jullie pionierswerk, maar – in alabetische volgorde – Hiram Green, Inez&Vinoodh (door Byredo), Mona di Orio, Nasamotto, People of the Labyrinths, Spiros Drosopoulos, Supertrash en Viktor&Rolf leggen ieder op hun eigen wijze de lat hoger én internationaler.

Binnenkort aangevuld met – u leest het goed – Hans Ubbink. En laat ik mijn eigen huis – le bienaimé anno 2005 – niet vergeten. Dat is bezig met een doorstart en heropent op de eerste lentedag zijn deuren… (een voorproefje: zie foto hieronder).

EAUBADES GUERLAIN

DARK SAPHIR AGONIST

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op februari 2, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET D, NICHE, PORTET. Een reactie plaatsen

EUROPESE BLOEMEN OP BEZOEK IN EEN ARABISCHE SOUK

Jaar van lancering: 2013

Laatst aangepast: 02/02/14

Neus: onbekend

Concept & realisatie: Christine Gustafsson, Niclas Lydeen (foto)

Flaconrealisatie: Kosta Boda

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE DARK SAPHIR AGONISTNichehuizen verrijzen wereldwijd als paddestoelen uit grond. En op plekken waar je het niet voor mogelijk had gehouden, waar het vestigingsklimaat ongunstig leek. Nog even en elk land – op dit moment telt de wereld er 197 – heeft op zijn minst één eigen huis – inclusief Vaticaanstad en Palestina.

Nu is het wel zo: voor de letterlijke inhoud en knowhow reizen de meeste initiatiefnemers toch naar Frankrijk om de juiste neuzen te vinden die hun filosofie en beweegredenen kunnen vertalen in olfactorische meesterwerken. Zo ook het door Christine Gustafsson en Niclas Lydeen in 2008 in Zweden opgerichte Agonist. Betekent: ‘signaalmolecuul dat bij binding aan een receptor een biologisch proces activeert’.

Hun inspiratie, het zal u misschien niet verbazen: het Scandinavische klimaat en de dito cultuur. ‘Raw materials and product give form to a Swedish but even more Nordic clarity – fresh with a vigourous weight and beautiful low tones’, schrijven ze op hun site. Alleen, slaat dat nu op geuren die – het zal u niet verbazen – worden gemaakt volgens de regels van de traditionele parfumkunst en – het zal u niet verbazen – honderd procent natuurlijk zijn? Of op de speciale flacons uit de sculpture-lijn? Die worden namelijk onder toeziend oog van glaskunstenaar Āsa Jungnelius ‘mondgeblazen’ door de specialisten van Kosta Boda: ‘het meest prestigieuze en oudste glasfabriek van Zweden anno 1742’.

Christine Gustafsson (studeerde mode bij Studio Bercot in Parijs, werkte voor Lidewij Edelkoort) en Niclas Lydeen (master visual arts universiteit van Gothenburg) lanceerden tot nu toe acht geuren. De gekozen namen verraden niet echt hun Scandinavische roots. Ik vind ze eerlijk gezegd saai, voorspelbaar en hadden door elk nieuw nichehuis waar ter wereld ook bedacht kunnen worden, behalve de eerste: The Infidels (2010), Liquid Crystal (2010), Onyx Pearl (2011), Artic Jade (2011), Vanille Marble (2011), Black Amber (2011) en Isis (2013). En dat terwijl de geschiedenis van hun geboortegrond een terra incognito is qua inspiratie. Denk aan de Vikingen. Wist je dat die tot aan Bagdad navigeerden met hun schepen… Denk aan de natuur, zoals het mysterieuze noorderlicht…

Geldt dus ook voor – gaap, gaap – Dark Saphir (2013). Gustafsson en Lydeen vinden het resultaat ‘beautifully balanced and captivating’ en gelijk de saffier ‘mooi, vasthoudend en sterk’. De kracht van de geur ligt hem in het feit – welkom parfumcliché – dat die een ‘verleidelijke impact heeft op de zowel drager als de ruimte die hem omringt’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE AGONIST FOUNDERS

De schoonheid van de geur – here we go again: ‘a complex and unique composition based on the purest and most exclusive raw materials, creating a beautiful addiction’ die heel, heel lang houdt en ‘evolves in a unique way and accompanies your actions’. Alsof dat niet voor ieder willekeurig parfum telt.

De geuren worden geleverd in een exclusieve sculpture line en een meer toegankelijke spray line. Leuk aan de laatste is dat (in navolging van Prada) de verwerkte ingrediënten – in orde van opkomst naar ik vermoed – op de flacon op origineel grafische wijze staan vermeld.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik lees dat Dark Saphir is geïnspireerd op het Noord Europese klimaat, maar ook op een harmonie van pure grondstoffen uit het Midden Oosten, het Middellandse Zeegebied en het Westen waarvan de ingrediënten ‘een blend van diverse schaduwen omringen die onze zintuigen van het donker naar het licht sturen’. Hoe het ook zij: dit is een typische klassieke nichegeur. Mooie, zuivere ingrediënten elegant verwerkt tot een kruidig parfum dat doet denken aan de eerste geurexercities van Comme des Garçons, maar dan iets veiliger.

Bij de eerste whiff, denk ik: ‘Alsof je een vruchtenlikeur opent’, bij de tweede whiff: ‘Bloemen gesmoord in kruiden’. Dat eerste komt door de duidelijk waarneembare perzik en framboos die in een aura van knisperend-frisse noten (viooltjesblad, gember en bergamot) terecht komen in een kruidige wolk van zwarte peper, komijn (foto), koriander, kaneel… die fungeren samen als een soort alternatieve iris: droog, warm, kruidig, stoffig.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE KOMIJNDe bloemen – roos, iris, jasmijn, geranium, anjer, orchidee, heliotroop – in het hart ruiken hierdoor minder uitbundig en ‘Europees’. Dus niet transparant en clean, maar eerder sensueel en ‘doorleefd’. En dat gevoel wordt naar de basis doorgetrokken.

Ik blijf met name roos, anjer en heliotroop ruiken en die krijgen iets versletens, iets van vergane glorie door de prominente hout- en harsnoten die samen een beetje viezig zijn: oud, patchoeli, guaiac, nagarmotha en cistus labdanum, copaiba. Zoet gemaakt door vanille en tonkaboon… En om dit alles meer exotiek en mysterie te geven kringelt wierook over en door de ingrediënten heen. Agonist beweert 100 procent natuurlijke geuren te maken.

Not! Of ze moeten de eersten zijn die een neus hebben aangezet om het aroma van perzik, framboos, heliotroop en anjer aan de respectievelijke vruchten en bloemen te onttrekken. Oh ja, de wortel (zoetmaker) en orchidee in het hart ruik ik niet.

RUIK&VERGELIJK

Ken je Wolfgang Joop nog? En wist je dat die een dochter heeft net zoveel veelzijdig als papa. Wist je ook dat deze Jette een paar jaar geleden in navolging van der liebste Vati ook een parfumhuis heeft geopend. Maar waarom spookt haar naam toch rond in mijn gedachten tijdens deze recensie… toen wist ik het weer:

Jette Joop Dark Sapphire (2008)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE AGONIST LOGO

CALYX CLINIQUE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 31, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET C, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Getagd: CLINIQUE, SOPHIA GROSJMAN. 3 reacties

PARFUM WISSELT VAN MERK. NIEUWE TREND?

EEN NIEUWE STANDAARD IN GEUR: FRESH FRUITY FLORAL

‘PRIKKELEND, WEELDERIG, BRUISEND’

Jaar van lancering: 1986/2013

Laatst aangepast: 31/01/14

Neus: Sophia Grosjman

Concept & realisatie: Prescriptives/Clinique

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CALYX CLINIQUEToen ik hoorde dat Calyx opnieuw in de parfumerie ging verschijnen, was ik oprecht blij. De reden: zie Ruik & Vergelijk. Ik was tegelijkertijd verbaasd. Want het parfum, gelanceerd in 1986 door Prescriptives, krijgt met de herlancering een nieuwe eigenaar, merknaam: Clinique.

Volgens mij voor het eerst dat een dergelijke switch gebeurt en… biedt mogelijkheden voor de toekomst. Stel – onvoorstelbaar I know – dat Yves Saint Laurent en/of Dior failliet gaan en dat de parfumformules aan de hoogst biedende worden verkocht.

Tom Ford koopt de eerste, Marc Jacobs de tweede omdat deze vertegenwoordigers van ‘luxebrands2.0’ niet willen dat deze schatten verloren gaan voor de mensheid en je in de parfumerie moet vragen naar Opium van Tom Ford en Marc Jacobs’ Miss Dior…

Maar voor alle duidelijkheid: zowel Prescriptives als Clinique zijn onderdeel van The Estée Lauder Companies, alleen heeft de eerste zijn in 1979 geopende deuren in 2009 gesloten. En Clinique, zou je kunnen zeggen, zat om een geur verlegen… Sinds Happy uit 1999 (en alle seasonal variaties daarop) heeft het geen geur met ‘moderne klassieker’-aspiraties weten te introduceren.

Waarom dan een nieuwe maken als er een ‘in de buurt’ zit die qua uitstraling en filosofie past in de filosofie van het huis en in parfumkringen nog steeds als revolutionair geldt. Het persbericht meldt dat Chandler Burr, voormalig parfumrecensent van The New York Times, Calyx beschouwt ‘als een van de weinige geuren die een vrouw haar leven lang kan blijven dragen’ – wat fijn om dat van een man te horen!

Maar wat betekent Calyx.. is de kelk van de bloem die de bloemknop beschermt, bestaande uit het gebladerte waarin de bloemblaadjes zijn ‘verpakt’ zijn tot ze bloeien. Calyx, als geur ‘vertegenwoordigt’ de hele plant: wortel, houtachtige stengel, blad, bloem en vrucht die ze draagt.

Wel vreemd: de gebruikte orchidee in de nieuwe campagne – die zit dus niet in de geur. Wel vreemd: de nadruk op roos door de styling en door Grosjman herself in de promotieclip. Calyx krijgt hierdoor een softfocus, feminine en romantische toets terwijl dat nou juist niet de ‘bedoeling’ van de compositie was.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CALYX PRESCRIPTIVES OLD AD 2Mensen die Calyx nog niet kennen, denken misschien vol overtuiging: ‘Heb ik eerder geroken, ruikt vertrouwd’. Dat komt omdat het – zogenaamd – vernieuwende uitgangspunt door zoveel merken daarna is opgepikt: zomers ruikende bloemen die vallen op een rijke gevulde fruitmand.

Niet dat je een, twee, drie de bloesems kunt plukken. Niet dat je een, twee, drie de pitten van de rijpe vruchten kunt uitspugen. Het is meer de sfeer, de stemming. Alleen, in mijn herinnering was de Prescriptives’ Calyx meer uitgesproken. Dus groener (denk galbanum) en meer scherp citrusachtig (denk aan de klassieke, puur natuur hesperide-opening). Daarnaast was de geur koeler door ook nadruk te leggen op het waterachtige aspect van het fruit.

Wat Calyx ooit was, wordt goed door Sophia Grosjman verwoord: ‘Het vormt voor mij de weerspiegeling van de natuur, een combinatie van het blad en de bloem die staat voor alles wat prikkelend, weelderig en bruisend is’. Vooral dat laatste is treffend, want dat doet de Clinique Calyx nog steeds: de geur mousseert als een vrolijke champagne met perzikaccent net geserveerd in een gekoeld glas verpakt in groen.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CALYX PRESCRIPTIVES OLD AD 3Ook merkt Grosjman in 1992 op (in Women’s Wear Daily) dat Prescriptives iets ‘sparkling, exhilarating and new’ zocht en deze opdracht samenviel met een door IFF net ontwikkelde complexe fruitnoot én haar bezoek aan Israël waar ze viel voor de frisse charme van het aroma dat ze rook van grapefruit- en sinaasappelbomen…

Wat je vooral ruikt is de parallele ontplooiing van frisse en groene noten (kelk en stam) en het fruit met de bloemen (vrucht en bloem) die ondersteund worden door een hele, hele zachte houtbasis van musk, mos and cederhout (symbool voor wortel en stengel). Interessant deze fruitnoot: rijk, niet te zoet maar wel honingachtig, ‘vloeibaar’, zonnig en toch fris.

Het is een melange van mandarijn, passiefruit, mango, guave, meloen en framboos die als een mist op de bloemen – lelietje-van-dalen, lelie, jasmijn, goudsbloem, roos, cyclaam – achterblijven. Nog even over de bloemen: roos, cyclaam en lelietje-van-dalen bepalen voor mij de toon, geven de rest van de bloemen de zoetige toets versterkt door het fruit.

Over het fruit gesproken: heeft een exotische, smeuïge toets (mango en passiefruit) die heel mooi fuseren met het andere fruit dat er voor mij ‘uitspringt’: meloen. Ook fris, waterachtig, maar ook lichtjes honingachtig en sensueel – alsof de zon maar blijft schijnen over deze fruitmand. Dat zonnige, doet vermoeden dat ook hedione is gebruikt (ook wel bekend als waterjasmijn).

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CALYX PRESCRIPTIVES OLD AD 1

En dat doet me weer denken aan Edmond Roudnitska en de (nu als vintage bekend staande) geuren die hij voor Dior maakte, met name Diorella uit 1972 met dezelfde moderne fruitig-bloemige toets overgoten met de ‘hedione-in-overdrive’-klassieker: Eau Sauvage uit 1966. En om aan te tonen dat veel geuren Calyx schatplichtig zijn, ruik eens aan Yves Saint Laurents Yvresse uit 1994 – met name de opening. Of Estée Lauders Pure White Linen Light Breeze uit 2008 met zijn duidelijke frisbloemige fruitmix. Tenslotte: terwijl de geur so natural overkomt heeft Calyx toch een duidelijke synthetische noot door het fruitige, ondefinieerbare aroma (met scherp randje) waarvan je de verschillende ‘soorten’ pas proeft als je de compositie lang hebt doorgrond – iets waar de meeste gebruikers zich logischerwijze niet op concentreren.

Maar zoals ik al vaker heb opgemerkt, synthetisch is voor mij niet negatief. Sophia Grojsman heeft er ook een leuke gedachte over: ‘Neuzen proberen altijd de natuur te imiteren. Maar wat is natuurlijk. God heeft Chanel N°5 (1921) niet geproduceerd. Een parfumeur heeft het gemaakt. Ik geloof dat de kunstmatigheid een gedeelte van de charme van Calyx bepaalt. Geregeld spray ik een nieuw parfum op dat ik diskwalificeer als te synthetisch. Maar ik geloof dat het probleem is dat de meeste geuren die ik probeer gewoonweg niet goed ruiken. Calyx ruikt wonderschoon’.

RUIK&VERGELIJK

Het bijzondere aan Calyx valt pas op als je de geur in zijn tijd plaatst. De parfumwereld van toen was in de ban van zware, oosterse melanges en volbloemige parfums.

Chanel Coco (1984)

Christian Dior Poison (1985)

Estée Lauder Beautiful (1985)

Calvin Klein Obsession (1986)

Paco Rabanne La Nuit (1985)

Cartier Panthère (1986)

Krizia Teatro alla Scala (1986)

Claude Montana Parfum de Peau (1986)

Cacharel Loulou (1987)

Joop! Femme (1987)

Rochas Byzance (1987)

Elizabeht Taylor Passion (1987)

Van Cleef & Arpel Gem (1987)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CLINIQUE LOGO

ROSABOTANICA BALENCIAGA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 30, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET R. Getagd: BALENCIAGA, FLORABOTANICA, ROZENPARFUM. Een reactie plaatsen

EEN ROOS BLOEIEND TUSSEN MASTTIGE EN NICHE

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 30/01/14

Neus: Jean Christophe Herault, Olivier Polge

Ambassadrice: Kristin Stewart

Fotografie: Craig McDean

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ROSABOTANICA MODELDe eerste indruk is voor mij teleurstellend. Komt door de verpakking: de grootte van de doos suggereert een grotere inhoudsmaat dan de flacon die er in zit. De 50m-flacon past twee keer! Vreemd in een tijd van de ‘vergroening en verduurzaming van de parfumindustrie’. Maar de flacon kan op veel goedkeuring rekenen: ‘links en rechts’ zijn gecharmeerd van deze, tja, hoe moet je deze stijl omschrijven?

Ruw-eclectisch? Minimal neo-barok? Neo-art-deco? In ieder geval een creatieve manier om met simpele middelen een saaie, vierkante flacon modern aan te kleden. Subtiel detail: de ‘geslepen’ hoeken aan de onderkant van de voorkant en de rechterzijde van de flacon is gekleurd. Opvallende discrepantie of – ik haat de omschrijving – spannend contrast: de inhoud is zo ouderwets door het beeld dat wordt opgeroepen. Balenciaga: ‘Ergens in een uitzonderlijke tuin met bijzondere planten, waarvan de geur versmelt tot één uniek parfum, heersen de mooiste rozen waaruit bekwame vaklieden de kostbaarste onder alle parfums destilleren’.

Bekwame vaklieden, destilleren… ‘ouderwetse’ woorden, waarmee Balenciaga een sfeer oproept alsof de geur ergens in een ver verleden werd gecreëerd – ik hou het op de renaissance gezien de naam Rosabotanica… toen in Europa botanisten (nog zo’n ouderwets woord) voor vorsten en andere groten der aarde de mooiste tuinen aanlegden, orangeriëen bouwden en hortus botanica’s openden, waar de meest exotische flora afkomstig uit ‘overzeese rijksdelen’ door vakbekwame tuinmannen werd gekweekt en geteeld.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ROSABOTANICA BALENCIAGA 1Nog ouderwetser, om niet te zeggen supertrutty is de Rosabotanica-vrouw. Ja hoor, daar gaan we weer: ‘Spontaan en natuurlijk. Ze is niet bang haar emoties te tonen. Ze straalt een natuurlijk aura uit dat de aandacht trekt en de mensen om haar heen fascineert’. Toch vreemd, gezien deze ‘karakterschets’ voor mij haaks straalt op de mode en het beeld van de vrouw dat Balenciaga de laatste jaren tentoonspreidt en Kirsten Stewart – ambassadrice in kwestie – uitstraalt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

En de geur zelf: ook bijzonder om te zien dat pure rozengeuren lange tijd werden gezien als trutty, beschaafd en oerdegelijk – typisch iets voor ‘vrouwen van een zekere leeftijd’ – nu als modern en jong worden gepresenteerd. Komt door de nichesector, die heeft ‘ons’ weer laten kennismaken met de roos niet als elegant-klassieke metgezel van de jasmijn, niet als een eenvoudig rozenwatertje, maar als een superieure bloem die haar intens, zoet-fruitige karakter voluptueus verspreidt. En deze kijk is overgenomen door de luxemerken in de ketenparfumerie die hun reputatie op parfumgebied wat willen opvijzelen en hiermee aantonen dat je voor ‘de betere geuren’ niet direct de nichehoek in hoeft te verdwijnen.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE BLAUWE HYACINTRuik je ook in Rosabotanica – deze roos zweeft tussen masstige en niche. Vol maar niet te. Zoet maar niet te. En toch een zekere eigenzinnigheid. Hiervoor zorgt allereerst roze peper die omringd door grapefruit en vijgenblad (laatste twee ervaar je maar heel even) in de opening de fruitig ruikende roos een omfloerste, maar pittige nuance geeft. Op de tweede plaats door de hyacint (foto). Deze ‘bosbloeier’ die door de nicheparfumerie ook is herontdekt, versterkt deze omfloerste stemming.

Wil zeggen: geeft aan de roos een groen- en bloemachtige diepte. ‘De met kamfer doortrokken kardemon’ die tegelijkertijd met de roos speelt, ruik ik eerlijk gezegd niet. Of het moet – wederom – de omfloerste afronding zijn, want het ‘witte hout’ (cederhout en vetiver) maakt geen gladstrijkende en gelakte indruk. Wel alsof het is ondergedompeld in amber en een kamferachtige noot die heel lichtjes doet denken aan ‘ouderwetse’ patchoeli.

Maar deze roos blijft vooral elegant en ‘anders’ ruiken door het feit dat twee ingrediënten juist niet zijn gebruikt: witte musk en vanille. Maar om nu te beweren, zoals Balenciaga doet, dat met Rosabotanica ‘het meest kostbare onder alle parfums is gedestilleerd’, is meer een kwestie van preken voor eigen parfumparochie dan de waarheid verkondigen. Waarheid in de parfumerie bestaat natuurlijk niet, maar als je bijvoorbeeld aan Rosa Gallica – bespreek ik binnenkort – ruikt van Brécourt (alleen te verkrijgen als parfumextract) van vorig jaar, dan moet je toegeven dat deze roos kostbaarder ruikt…

RUIK&VERGELIJK

In de ketenparfumerie waren het decennialang de rozen van Yves Saint Laurent (Paris uit 1983) en Calvin Klein (Eternity 1988) die de toon en ‘ons’ idee van pure rozengeuren bepaalden. Is inmiddels veranderd, en de roos van nu is voller, zoeter en fruitiger die geknipt lijkt uit het zachtste fluweel. Pluk ook eens:

Chloé Roses  (2013)

Escada Especially Elixir (2013)

Trussardi Delicate Rose (2013)

Estée Lauder – Aerin – Evening Rose (2013)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ROSABOTANICA BALENCIAGA 2

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....