GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

MISS DIOR ORIGINAL – LES EXTRAITS – DIOR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 9, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET M, PIEDESTAL POUR DES PARFUMS, VINTAGE. Getagd: chypre, galbanum. Een reactie plaatsen

HET EXTRACT VAN DIORS PARFUMDEBUUT OPNIEUW SAMENGESTELD

Jaar van lancering: 1947/2014

Laatst aangepast: 10/12/14

Neus: François Demachy

MISS DIOR EXTRAIT 1Ik geloof dat ik over Miss Dior (1947) een boek – werktitel Miss you – zou kunnen schrijven. Dat heeft natuurlijk met persoonlijke herinneringen te maken. Maar daarnaast biedt dit parfum nog zoveel meer stof omdat het voor mij ook een perfecte metafoor is voor het naoorlogse geluk in Europa dat gehuld ging in een sombere wolk. Hoe verder je er van verwijderd raakt, des te mooier en gekleurder de herinnering wordt.

In een tijd van armoede en gebrek, lanceert Christian Dior gelijktijdig met zijn eerste collectie een parfum dat licht en vrolijkheid schenkt. Misschien overbodig te vermelden: Miss Dior – bijnaam van Christians lievelingszus Catherine – was bij de lancering zeer exlusief en jaren daarna ook. Dat geldt voor de meeste parfums die toen verschenen – was een genot for the happy few.

In het zojuist verschenen boek Dior The Perfumes (text by Chandler Burr), is het leuk om te lezen hoe de geur tot stand kwam en het bewijst weer eens voor mij dat alle grote parfums in feite aan elkaar gelinkt zijn, een stamboom, een dna-structuur vormen van de moderne parfumindustrie. Voor het opzetten van zijn parfumtak, nam Christian Dior een jeugdvriend in dienst die hij nog kende uit de kustplaats waarhij opgroeide, Granville. Deze Serge Heftler-Louiche was op 27jarige leeftijd al commercieel manager bij Coty. Eén van zijn geliefde creaties van dit huis was Chypre (1917) waarmee de oprichter – François Coty – de parfumwereld een revolutionare en hierdoor inspirerende draai had gegeven, en door zijn vernieuwende samenstelling een nieuwe categorie werd: de chypre.

MISS DIOR EXTRAIT 2Het oergeheim: de dan toe nog onbekende donkere basisstructuur van eikenmos, patchoeli en in mindere mate cistus labdanum gelinkt aan een noot die het parfum voorziet van licht en lucht: bergamot. Daarnaast was Heftler-Louiche onder de indruk van het premièreparfum dat was gemaakt voor Christian Diors vriend/collega: Vent Vert (1945) van Pierre Balmain. Om beide geuren te begrijpen én om duidelijk te maken welke richting het eerste Diorparfum moest nemen, liet hij beide dragen door Christian Dior. Was Chypre bruin, Vent Vert was felgroen door de overdosis galbanum. In feite komen deze twee samen in het eerste parfum van Dior: Miss Dior. Lichtbruin niet in stof, maar in leer.

De geur werd samengesteld door een jonge neus, Paul Vacher, die sinds 1936 zijn eigen parfumhuis had: Le Galion. De compositie was eigenlijk snel geschreven: op 25 juli 1946 zond Vacher 25 gallons (94.64 liter) naar 30 avenue Montaigne. ‘Verbijsterend’ het volgende: Christian Dior liet hiervan een kwart verspreiden tijdens de presentatie op 12 februari 1947 van zijn eerste defilé dat hem wereldberoemd zou maken en bekend werd onder de naam New Look. Wat zal het er warm-zwoelbloemig hebben geroken. Op 17 december volgde de officiële presentatie voor clientèle en pers. De rest is geschiedenis. Zie Miss Dior Original.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

MISS DIOR EXTRAIT 3Misschien vreemd om te zeggen: bij de echte klassiekers is het eigenlijk onbelangrijk hoe inhoudelijk ze zijn opgebouwd. Wat op de eerste plaats telt is de emotionele impact die ze hebben en hoe ze in de geschiedenis ‘staan’. Wat je (als leek of kenner) wel direct vanaf de eerste sniff moet onderkennen is de vanzelfsprekende klasse en kwaliteit. Vergelijk het met een beroemd schilderij: je hoeft de boodschap niet direct te begrijpen en ‘ervoor geleerd te hebben’ om de impact te bevatten. Het is er gewoon.

Opvallend: in het boek wordt de bijdrage van Jean Carles niet vermeld. Parfumeur – van onder meer Elsa Schiaparelli’s Shocking (1937) – en oprichter van de Roure Parfumschool met onder meer Jacques Polge als leerling. Opvallend, omdat hiermee ‘de groene richting’ van Miss Dior nog duidelijker wordt verklaard. Want Carles was zelf ook in de ban van galbanum. Hij verwerkte het in een van zijn bekendste parfums die eigenlijk ook tot de grote klassiekers hoort, maar in de vergetelheid is geraakt en door de echte fans niet meer serieus genomen door de constante aanpassingen (eufemisme voor kwaliteitsvermindering) in de loop de jaren van Ma Griffe (1946).

Dat geldt in feite ook voor Miss Dior. De geur werd begin jaren negentig opnieuw gelanceerd en was er verplicht gesleuteld aan de formule, waardoor de compositie gladgestreken leek. De algemene indruk was er wel, alleen ontbrak het aan de typische vileine, ‘viezige’ diepte van het origineel: wat een tinctuur van civet met een parfum kan doen! En dat ontbreekt ook in de nieuwe versie van François Demachy. Is dat hinderlijk? Het is meer dat in mijn herinnering de geur (zelfs de vintage eau de toilette-versie) zonnig-zwoeler was.

Verder is het er allemaal: de prachtige groene opening van galbanum – knisperend en toch warm – met een ‘onderdrukte’ noot van bergamot. Het klassieke boeket in het hart – jasmijn, meiroos en oranjebloesem – dat door deze opening groen blijft ruiken, maar alleen zonniger wordt. Toch ruikt het anders door het ontbreken van één bloem uit het origineel: gardenia. Goed voor de fluweel-kruidige toets. Maar die mis je niet als je het origineel niet kent, omdat het voornamelijk om de link gaat tussen galbanum-opening met het eikenmos en de patchoeli in de basis. De bloemennoot dient hier voornamelijk als schakel tussen deze twee noten.

Maar toch: ruik ik aan dit nieuwe extract, dan worden mijn gedachten direct teruggebracht naar mijn jeugd. Ik zie mijn vader de badkamer uitlopen een spoor van Miss Dior verspreidend. Want hij was het die geur als aftershave gebruikte, omdat mijn moeder dit door hem geschonken Moederdagscadeau niet lekker vond. Bijna geen enkel parfum trouwens.

MISS DIOR EXTRAIT 4

 

 

ACQUA SANTA, FUOCO INFERNAL, PORTA DEL CIELO LINARI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 8, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET A, GEURENALFABET F, GEURENALFABET P, NICHE. Een reactie plaatsen

HEILIG WATER DRINKEND, AL KLOPPENDE OP DE HEMELPOORT OM VOOR EEUWIG TE BRANDEN IN HET VAGEVUUR

Jaar van lancering: 2010, 2012

Laatst aangepast: 08/12/14

Neus: Mark Buxton, Maurice Roucel, Egon Oelkers

Concept & realisatie: Rainer Diersche (foto)

LINARI INITIATOREr zijn van die merken die Geurengoeroe wel kent, maar eigenlijk ‘constant’ over het hoofd ziet. Linari bijvoorbeeld. De reden? Crucify me (door de Army of Lovers – niet de eendagsvliegpopgroep maar de gelijknamige geur van LM Parfums). Of toch maar niet direct. Ik weet het weer: Linari begon, zoals LM Parfums, met geurkaarsen – niet echt mijn ding – voor het zich in 2008 op ‘echte’ parfums ging concentreren.

Wat wel was blijven hangen: de topneuzen die de oprichter had weten te strikken en de sober-sierlijke flacon met noeste houten dop. Minimal niche-chic. Ik werd ‘onlangs’ weer op het merk geattendeerd tijdens de persdag van importeur IBS in het Amsterdams Vondelpark. Acht geuren werden aan me voorgesteld. Vanzelfsprekende kwaliteit. Niet zo vreemd, want Rainer Diersche engageerde hiervoor Maurice Roucel, Mark Buxton en de voor mij onbekende Egon Oelke. Eerlijk gezegd: de motivatie van deze Diersche blinkt niet echt uit door originaliteit: ‘Fragrances are able to create or influence an atmosphere, both consciously and subconsciously, they have the ability to affect our moods and impressions’.

Gaap. Maar we blijven wakker, want ‘they quicken our senses and form the character of sentiments’. Tis-nie-waar! Toch doorgaan: ‘On the route through the world of perfume creations, on the continual search for the ultimate scent few fascinating creations crossed our way which had a magical impact’. Zo dat klinkt lekker arrogant. Voorbeelden graag, want ‘their irrisistible character was determined due to the richness of facets and distinctive opulence’.

LINARI 3

En toen raakte Geurengoeroe het spoor bijster in deze beladen choreografie van woorden… en pakte het presentatiepakketje. In het octet vallen drie geuren op door hun religieuze connotatie. En niet met een knipoog maar très serieux zo lijkt het wel.

Alsof Rainer Diersche de zelfbedachte verhalen achter de geuren gelooft en echt gelooft in God, hemel en dus ook hel. Ik volg dit verheven traject in ‘chronologische’ volgorde; ik drink eerst van het heilige water die me op vleugels naar de hemelpoort brengt. Maar, wat blijkt, shit, ik mag de drempel niet over van Petrus – vermoedde ik eigenlijk al. Call it voorgevoel. Mij rest het eeuwig branden in het vagevuur. R.I.P. Rest In Perfume.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Acqua Santa (2010) mag dan door Maurice Roucel zijn samengesteld, het ruikt voor mij naar een herhalingsoefening. Wil zeggen: dit is de zoveelste variatie op Angel (1992) en misschien nog wel meer op Angel Innocence (1996) van Thierry Mugler. En dat is gezien het lanceringsjaar vreemd, zeker voor een nichehuis met zulke hoogdravende woorden. Niet dat de geur niet goed is. Sterker, qua kwaliteit zit het iets hoger, is de afronding minder ‘hard’ dan Mugler en krijgen de bloemen kans mooi door te bloeien. Maar vanaf het eerste zuchtje waan je je ‘Engelse’ kringen door de zoete gebaksnoten die je op de achtergrond ruikt.

Dat zuchtje is lieflijk: groen (onbestemde noten en koriander), fris (bergamot) en zoet-fruitig (zwarte bes) die op de een of andere manier direct al iets ‘aards’ hebben door patchoeli. Origineel gedaan. Het boeket is erg zoet en dat komt doordat de jasmijn, ylang-ylang en het lelietje-van-dalen is versierd met een guirlande van roos en met name cyclaam – met haar specifieke zoetbloemige toets. De afronding brengt je bij de banketbakker op de stoep: karamel en tonkaboon omringd door een poederige musk. Ik associeer de geur niet met heilig water, daarvoor is het te zoet naar mijn idee (ik heb dus nooit Lourdes-water gedronken) maar van de andere kant: iets waterigs en fris heeft Acqua Santa wel.

LINARI 2Geef mij maar Porta del Cielo (2012). Ook fruitig, maar zoveel interessanter. Thanks to Mark Buxton. En dat komt doordat het ‘hemelse’ fruit – bergamot, ananas, framboos – wiegt in een bad davanagras en fresia: groen-zoet, fris, maar ook een beetje droog waardoor de zoetigheid wordt getemperd.

Dat droge komt ook omdat het hart vol van zacht hout is: Australisch sandel- en kasjmierhout. En dat hout zorgt er ook voor dat de bloemen – lelietje-van-dalen, viooltje en oranjebloesem – niet al te uitbundig hun boodschap kunnen verkondigen. Ze zitten als het ware in het hout gegrift dat in de basis lijkt te worden verpulverd door witte musk, vanille, tonkaboon en benzoïne. Het effect: het fijnste poeder denkbaar met een stoer-erotische basis door een heel zuivere, mooi donkere cistus labdanum.

Eeuwig hoeft voor mij niet, maar het is wel aangenaam om in deze geur te branden en op te gaan: Fuoco Infernale (2010). En direct parfumpetje af voor Egon Oelkers. Wat een prachtig, eigenzinnig aaneenrijgen van duister-groene noten die contrasten met elkaar verbindt. Want zowel pittig als bitter, zowel strak als zacht, zowel aarde als lucht, zowel zeer zwoel als zeer etherisch. Je krijgt het allemaal.

In het begin lijkt het net alsof je een lucifer afsteekt – zo’n vreemd buskruitachtig zwavelluchtje. Ik heb geloof ik nog nooit zoveel alsem (waar absint van wordt gemaakt) in één geur geroken. En in dit geval extra droog, hooiachtig en droogzonnig gemaakt met mirte, marjoraan en gurjun (een warm-friskruidig balsem). Het effect: verschroeide aarde. Hier ‘tegenover’: een intens zwoel-dierlijke noot van leer (berkenteer), musk, cistus labdanum en amber die extra duister wordt gemaakt door sterk ronkend wierook.

Dit alles beweegt in verschillende banen om het hemellichaam van deze geur: een donkere, sterk ruikende anjer die bestuift lijkt met een ‘sterrenregen’ van iris-, kaneel- een tonkaboonpoeder die blijft kleven op de stengels van de anjers gemaakt van cederhout. Hoe dieper je in de geur zit, hoe meer je in de buurt van zijn naam komt.

LINARI 1

WOMAN CHRISTINA AGUILERA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 3, 2014
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, GEURENALFABET W, TRENDANALYSE. Een reactie plaatsen

VROUW MET EEN MISSIE

EN: HET BEELD VAN DE VROUW VAN NU IN DE PARFUMERIE

EN: ‘VERPAKKINGSBEDROG’ GEVAT IN GEUR

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 03/12/14

Neus: onbekend

Ambassadrice: inderdaad

Fotografie/fotoshopping: Mark Liddeil

Parfumclip: Mark Liddeil

WOMAN CHRISTINA AGUILERA 2Ik vroeg me af of ik Woman wel moest bespreken. Want er zijn geen celebgeuren meer die nog tot de verbeelding spreken. Maar ik werd aangetrokken door verpakking en dacht: ‘Daar zit een joekel van een flacon in, minstens 150ml!’ Ik woog de omdoos: te licht voor zoveel inhoud. Bij opening blijkt de 50ml-flacon letterlijk vast te zitten in een overbodig oversized plastic binnenverpakking van de minst denkbare kwaliteit. Wat blijkt: over dwars past de flacon er drie keer in.

Toen dacht ik ‘toch maar wel doen’, want even kijken hoe Christina Aguilera over het milieu denkt. Inmiddels ook een trending topic by influentials. Tussen de goede doelen die ze een warm hart toedraagt – waar haalt ze de tijd vandaan: abuse, animals, cancer, creative arts, gay/lesbian support, rape/sexual abuse, slavery/human trafficking, homelessness, poverty – is ook nog plekje voor enviroment. De schat. Wat ze precies op dit gebied doet, wordt duidelijk op http://www.examiner.com: Aguilera ondersteunt Defenders of Wildlife. Fijn dat ze de habitat van wilde dieren wil beschermen en ik geloof dat de bedreigde soorten niet direct hinder ondervinden van deze overbodige te xxl-verpakking, maar indirect wel. Enviroment friendly is het in ieder geval niet. Vreemd dat de licentiehouder van haar geuren – Procter & Gamble – niet heeft ingegrepen, want deze multinational cares a lot about the enviroment.

Op de Belgische site staat: ‘Duurzaamheid draait om het opnemen van verantwoordelijkheden om een betere levenskwaliteit te kunnen blijven garanderen voor mensen, met respect voor het milieu en de planeet. P&G streeft er naar om de ecologische voetafdruk te beperken in elk aspect van de levenscyclus van een product: te beginnen bij de grondstoffen – waarbij ook gekeken wordt naar hernieuwbare en gerecycleerde materialen – tot de productie, het gebruik bij de consument thuis en het punt waarop de gebruiker de lege verpakking weg gooit. Duurzame ontwikkeling is ook de motor achter meer compacte, energie-efficiënte producten en geoptimaliseerde verpakkingen die leiden tot minder afval en transport’. Juist.

WOMAN CHRISTINA AGUILERA 3Over de geur: als Christina een geur Woman noemt, nou dan… weet je het wel. En zij kan het weten, überwoman als ze is. Ze beslaat het hele scala van vrouwelijk lekkers: van vaudeville-boudoirpoes (Voulez-vous coucher avec moi?) tot kruisloos achterbuurtsletje met stijl (Dirrty). Van geblondeerde pin-up zwijmelvrouw for the boys overseas (Back to Basics) tot emphatische moeder met luisterend oor (Beautiful). She’s got it all en wil het met je delen in geuren. Woman ‘is voor de vrouw die zich zelfverzekerd genoeg wil voelen om haar ultieme vrouwelijkheid te tonen’. En Aguilera vervolgt: ‘Met de jaren realiseer ik em steeds meer wat het voor mij betekent vrouw te zijn. Wanneer een vrouw dicht bij zichzelf staat, straalt ze meer kracht, zelfvertrouwenen sensualiteit uit. En dat blijft niet onopgemerkt. Ik heb Woman gecreëerd als een ode aan de vrouw in ons allemaal. Ik wil ervoor zorgen dat vrouwen zich krachtig en sensueel voelen, want dan zijn ze immers op hun allervrouwelijkst’.

Volgt nog een lang relaas over de totstandkoming van de foto’s en de video-opnamen. In het kort: de samenwerking was geweldig inspirerend voor Aguilera: ‘Mark Liddeil heeft op de set een sfeer gecreëerd waarin ik me helemaal thuisvoelde en echt mezelf kon zijn als vrouw’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Maar wat is eigenlijk ware vrouwelijkheid gevat in een geur? Ga je af op het beeld of de inhoud? Op dit moment ‘regeren’ drie boegbeelden in de ketenparfumerie. Diors J’adore (1999), Chanels N° 5 (1921) en Lancôme’s La vie est belle (2011). Respectievelijk onbereikbare vrouwelijkheid met goddelijke aspiraties verbeeldt door Charlize Terzon. Ongelooflijke knappe, jaloezie bevorderende next door ‘buurvrouwelijkheid’ tot leven gebracht door Gisele Bundchen. Tweede feministische golf-bevrijde vrouwelijkheid met supersize me tandpasta-smile – Julia Roberts. Inhoudelijk betekent dat respectievelijk een keuze tussen een overvol klassiek bloemenboeket, diffuse onbestemde bloemenabstractie en iris verpakt door de banketbakker.

En hieronder bungelt een goedkope vrouwelijkheid. Goedkoop in de zin van prijs, presentatie en parfum waarvoor de betere parfumerie zich inmiddels schaamt die trots in de etalage of duidelijk zichtbaar in de winkel te zetten. Of het moet wel heel slecht met ze gaan… En in deze categorie valt – het zal u niet verbazen – Woman. Die voelt zich, net zoals de meeste celebgeuren, het meest thuis in de drogisterij tussen de door het grote publiek niet goedgekeurde designergeuren en via de parallelhandel verkregen ketenparfumerietoppers.

De geur een typisch voorbeeld van een fruitychouly: heel veel fruit in de opening die middels een zogenaamd bloemenboeket in de basis verdrinkt in een suikerzoetheid. Natuurlijk kan ik specifieke ingrediënten detecteren, maar ze maken zo’n doffe, ongeïnteresseerde indruk. Alsof ze zijn geplukt lang voor ze rijp waren. Er is geen ontplooiing. Eerst een mierzoete, maar scherpe (niet in de zin van pittig) peer omringd door roze peper en lychee. Aan de magnolia in het hart ontbreekt het aan de typische frisse tinteling die tegelijkertijd fluweelzacht is. Viooltjesblad, meestal goed voor een groen-energieke toets ontgaat me. In Woman draait het om de basis waarin je snel terecht komt: een honingachtige ambernoot smeuïg gemaakt door tonkaboon en sandelhout, en overgoten met Aguilera’s fetish-ingrediënt – witte musk.

WOMAN CHRISTINA AGUILERA 3

 

19 MARS 1957, 24 OCTOBRE 1985 POZZO DI BORGO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 2, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET CIJFERS. Een reactie plaatsen

NICHE VOOR BEGINNERS: MEET DI BORGO’S PART TWO

EN NOG TWAALDE LEVENDE FAMILIELEDEN TE GAAN!

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 02/12/14

Neus: Sonia Constant, Mathilde Bijaoui

Ambassadrice: Alexander en Chinzalée Sonami Pozzo di Borgo

Fotografie: een Di Borgo?

Flaconontwerp: Pierre Dinand

Concept & realisatie: Valentine di Borgo

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

MEET THE DI BORGO'SNog even en een van de hulpen in de huishouding van Karl Lagerfeld start haar eigen geurenlijn. Of het kleuterklasgenootje van Beyoncé. Misschien wel de buurman van Maria Callas in Athene toen ze nog niet la prima donna assoluta was. Ik bedoel: die nieuwe namen in de nichebranche moeten we daar nu zo blij mee zijn, waar houdt het op? Een verbetering: nieuwe namen zijn het niet echt. Het is meer verre ‘familie van’.

Achter-achter-kleinkinderen en soms nog verder verwijderd nageslacht, ontdekken al bladerend door familiealbums en op Wikipedia dat sommige van hun voorgangers eigenlijk nog steeds geliefd en/of berucht zijn, vooral bij de artistiek angehauchten. Kunnen we daar iets mee doen? Ja! Een definitieve biografie, een onthullende documentaire, een gezellige musical voor het hele gezin? Komen ze er tijdens de primordiale voorbereidingen achter dat het behoorlijk aanpoten is. Wat te doen? In bed blijven liggen? Of kijken of je je naam kunt vermarketen, verpatsen. Een auto werd al naar een dode kunstenaar genoemd. Maar deze (Pablo) Picasso kan nu niet echt meer. Gewoon fout.

FLACON-AMBRE-233x1024Een van zijn kleinkinderen – Marina – was trouwens een van de eerste die deze ‘family fragrance factory’ in gang zette. Ze noemde haar eerste geur Chapeau Bleu (1994), ontleend aan grootpapa’s schilderij Buste de Femme au Chapeau Bleu uit 1939. Het had een lange reeks kunnen worden, want om inspiratie op te doen kon Marina terecht bij de 240 originele Picasso’s die ze in haar bezit heeft. Kort duurde dit avontuur – gelukkig: een rechter besloot op aandrang van andere familieleden dat ze geen Picasso-parfums meer op de markt mocht brengen omdat de presentatie geen recht zou doen aan de ‘Artist of the century’ (volgens weekblad Time in 1971).

Een gewaarschuwd (familie)lid telt voor twee zou je denken. Alleen, dat kun je ook anders interpreteren moet Valentine Pozzo di Borgo gedacht hebben. Ze raakte niet uitgeteld toen ze zich in haar roemruchte, excentrieke familie ging verdiepen. Na dat ze eerst haar achter-achter-oudoom en daarna zichzelf had gewogen en niet te licht had bevonden voor een geur – zie: 8 Mars 1764, 23 Janvier 1984 – is het nu tijd voor minder illustere, meer gewone in het nu levende verwanten: Alexander en Chinzalée Sonami Pozzo di Borgo – de exacte familieverband met de oprichtster wordt niet vermeld in het persbericht.

Voor Alexander 19 Mars 1957: ‘De passies van deze avonturier zijn de natuur en extreme sporten. Een parfum voor sterke persoonlijkheden, voor zij die door hun eenvoudige aanwezigheid intrigeren en geruststellen’. Wil ik ook zijn. Voor Chinzalée 24 Octobre 1985: ‘Deze jonge vrouw met een pittige blik, met een eeuwige glimlach’. Wil ik ook zijn.

Bij het bekijken van het nu als smaakvol geziene familieportret (losjes en ontspannen zonder duidelijke hiërarchie), denken velen: ‘Was ik hier maar lid van, zo wil ik ook leven, zo wil ik ook wonen. Zo bon chic, zo bon genre. Zo style-glossy picture perfect’. Alsof je leeft in een film, alsof elke pas die je zet een bijzondere indruk nalaat en door miljoenen wordt gevolgd op Facebook, Twitter, Instantgram en/of in je eigen reality show. En dan neem je het jaarlijkse, altijd op een familieruzie uitlopende kerstdiner voor lief – kan ook verfilmd worden. Of ‘vergeurd’.

Maar laat Geurengoeroe geen slapende honden wakker maken. Maar toch: elk land heeft zijn eigen excentrieke, maar chique familie goed voor een parfumhuis. Met neme een van de national treasures van Groot-Brittanië: The Mitfords. De koninkijke familie van de Verenigde Staten: The Kennedy’s. Niet excentriek genoeg? Geen zorgen: kleinzoon Alexander van Diana Vreeland lanceerde onlangs een geurenlijn die de flamboyante smaakopvattingen van de legendarische styledictator van Harper’s Bazar en Vogue heeft gevangen in vijf geuren. Of waren het er nu zes?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

IMMORTELLEPozzo di Borgo is zeer toegankelijke niche, want elegante, niet-extreme variaties op geliefde geurconcepten. Met een aangename natuurlijke uitstraling. Zowel 19 Mai 1957 als 24 Octobre 1985 zijn daardoor vol zonder overweldigend te zijn. Eerste associaties met 19 Mai 1957 samengesteld door Sonia Constant: moderne variatie op de klassieke herengeur die zweeft tussen varen en oriëntaals. Ik moet denken aan de moderne interpretaties hiervan, hoewel minder zwoel toch dezelfde vanzelfsprekend chic: Eau de Gloire (2003) van Parfum d’Empire en Je suis un Homme (2006) van Etat Libre Orange.

19 Mai 1957 ‘dompelt je onder in het hart van het Corsicaanse maquis in de zomer, als de dennen naar warme steen ruiken en er zich als het ware een aroma van ontbijtkoek verspreidt’. Dat laatste komt met name door de strobloem in het hart (foto): ruikt zoet, beetje anijs-dropperig zonder te gourmand te worden en roept, als je wilt met, associaties op met koek en specerijen.

Dit wordt versterkt door een gulle dosis heliotroop met zijn accenten van amandel en vanille die een beetje bloemig wordt gemaakt door lavendel. Mooi en chic-stoer is dat deze zoete weelde, goed wordt gebalanceerd door een groene noot, die droog en schraal, beetje zoutig aandoet: alsof de zeewind door de koriander en oregano suist.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE MOJITO

Goed aan de geur is dat je de zwoele intensiteit van de cistus labdanum in een amberbad duidelijk waarneemt. Dit is een geur die je mannen gunt die een beetje ‘uit-ge-douglas-t’ en ‘uit-ge-ici-paris-xl-t’ – 19 Mai 1957 is gewoon verfijnd want gevrijwaard van de harde ‘io-E-super’-realiteit die mannengeuren vaak zo’n harde finish geven.

Dat is grappig. Niet alleen volgens de neus Mathilde Bijaoui heeft 24 Octobre 1985 een merkwaardige opening. Ook volgens mij. Beter gezegd: het heeft een – aangename – bittere groenheid die je tegenwoordig niet veel ruikt. Zeker in damesgeuren. En die net iets verder gaar dan de populaire mojito-cocktail (foto) in geuren: limoen, witte rum en munt dat ze in de opening wil oproepen.

Want de verkwikkende grapefruit krijgt door de munt en galbanum een zoals ik zei bittere groenheid, maakt de grapefruit minder citrusfris. Vervolgens gaat de geur meer richting drank, maar niet te sterk omdat de rum omringd wordt door peer en zwarte bes. En de rum geeft meer een warme dan een zwoele noot.

En op dit alles bloeit een roos: eerst groen-knisperend door de lang aanhoudende opening, dan fruitig-zoet (een tijdje bijgestaan door peer en cassis) om tot slot zeer poederig-sensueel (met dank aan ambrette) te worden met een kordate nasleep van hout waardoor de geur ook weer niet te ‘romantisch’ is.

De neus spreekt van een absolute wellust. Hiermee doet ze zichzelf en de geur te kort: de omschrijving is uit het oude boekje. De geur juist niet, want het is de vetiver die garandeert dat geur niet te cliché-vrouwelijk wordt. Dit is vrouwelijkheid (als je er in gelooft) op een moderne manier geïnterpreteerd. En ook hier geldt: perfect voor vrouwen die mainstreamgeurenmoe zijn.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE POZZO DI BORGO PRESENTATION

 

 

 

POISON – LES EXTRAITS – CHRISTIAN DIOR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 30, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET P, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. 1 reactie

PUUR VERGIF?

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 30/10/14

Fotografie: Tyen

Model: anoniem

Neus: François Demachy

Flaconontwerp: Véronique Monod

POISON CHRISTIAN DIOR OLD AD 1Ik ben geloof nog nooit zo huiverig geweest parfumextracten te openen. De reden? ‘Qual der Wahl’ zoals de Duitsers het zeggen: weet niet welke ik van het Diorkwintet het eerst ga proberen. Want er bestaat de – groot woord – angst dat de nieuwe interpretaties niet overeenkomen met de oerversies die in mijn geurgeheugen liggen opgeslagen. Dat geldt met name voor Miss Dior Original (1947) en Diorissimo (1957). Poison (1985), J’adore (1999) en Miss Dior (2004) treedt ik ‘angstvrij’ tegemoet omdat ik met deze geuren minder iets heb, maar wel de olfactorische charme en boodschap begrijp.

Blij ben in ik ieder geval wel met een nieuw extract van Poison. De reden: de geur is, hoewel nog steeds te koop, een beetje vergeten. En los van zijn legendarische status, zijn volgens mij veel mensen vergeten waarom de geur zelf bij de lancering zo’n olfactorische impact maakte. Na jaren van afwezigheid (remember: Fracas uit 1949 van Robert Piguet was toen op sterven na dood en bij het grote publiek geheel onbekend), presenteert Dior in 1985 een ‘full blown’-tuberoosparfum. Terugkijkende en terugruikende is het interessant te zien waarom toen wel en vanaf 2000 niet, tuberoos met open armen werd ontvangen in de ketenparfumerie.

In het zojuist verschenen coffeetable book Dior The Perfumes geschreven door Chandler Burr krijg je de ‘keiharde’ feiten en leuke weetjes over Poison opnieuw gepresenteerd. En zoals we het van Burr gewend dus met veel drama en het uitvergroten van gebeurtenissen die in professionele parfumkringen als vanzelfsprekend gelden, want eigen aan het vak. Zoals de doelstelling van Dior een parfum te lanceren met de potentie zich te scharen in de rij van de grote klassiekers. Inderdaad gelukt. Niet alleen inhoudelijk vernieuwend, maar een geur die in het bespelen van het publiek qua marketing een stap verder ging dan Opium (1977) van Yves Saint Laurent.

Dat wil zeggen: een shocking naam die door iedereen ter wereld met een beetje kennis werd begrepen. Detail: de naam werd bedacht door François-Marie Banier. Schrijver, designer, schilder en acteur die in een later stadium van zijn carrière berucht werd als amant van de rijkste vrouw van Frankrijk – L’Oréal-erfgename Liliane Bettencourt. Aan de ontwikkeling (de campagne was gebaseerd op Jean Cocteau’s film La Belle et la Bête met als regisseur Claude Chabrol – deze clip heb ik nooit gezien), de lancering tijdens een groot bal in kasteel Vaux le Vicomte (met als Poison-promotrice Isabelle Adjani) en wereldwijde promotie (zie de onorthodoxe, nieuwsgierig makende en nog steeds modern ogende parfumclip hierboven) hing tot dan toe het duurste prijskaartje ooit: 40 miljoen dollar. Was binnen een half jaar terugverdiend.

POISON CHRISTIAN DIOR OLD AD 2Ook niet onbelangrijk: nog meer dan de naam was Poison ook voor Dior zelf de schok van het nieuwe. Het couturehuis stond in de parfumerie voor poëzie en verfijning – trefzeker in tekeningen gevangen door René Gruau. Daar brak het nu resoluut mee. En vergeet niet dat het huis in de jaren tachtig was ingedut – een opschrikcampagne was dus noodzakelijk – en net zoals de andere huizen (Karl Lagerfeld was net voor Chanel begonnen) werd weggedrukt door een nieuwe generatie designers die met hun breedgeschouderde powerdressing de jaren tachtig hebben vormgegeven: Thierry Mugler, Claude Montana, Anne-Marie Baretta, France Andrevie, Gianni Versace, Gianfranco Ferré. En bij deze look paste het luide en schreeuwende Poison perfect..

Poison is eigenlijk als een ronkende Porsche Carrera. Net zoals de andere powerparfums uit dit decennium: Giorgio Beverly Hills (1981), de eerste van Niki de Saint Phalle (1982), Loulou (1987) van Cacharel en Knowing (1988) van Estée Lauder. Maar er wordt wel eens vergeten dat de behoefte aan romantiek in deze ‘we-are-only-in-it-for-the-money’-periode en ‘Reaganomics’ niet minder groot bleef. Waarvan getuigt: Paris (1983) van Yves Saint Laurent en Rose Absolue (1984) van Annick Goutal.

Wat voor indruk de ‘vintage’ Poison ooit maakte, kun je lezen op internationale parfum-infosites. Lachen hoor. Basenotes: ‘Spray this in Mumbai and it will climb Mount Everest’. ‘Wearing Poison is like being with a bold, abrasive best friend that you love anyway… Like this friend, just when Poison begins to annoy, it does something amazing and makes you fall in love with it again’.

Fragrantica: ‘Vomit worthy’. ‘Some people smell like pure sex wearing this – others smell like rotting fruit’. ‘It is the thickest, darkest, loudest, meanest, most devilish perfume I ever set my nose on. The juice was drained from the gigantic flower grown on a planet outside of our galaxy, where no other creature has set foot before… There is no antidote’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

TUBEROOSVreemd ik dacht dat ik Poison al lang, lang geleden heb besproken. Is weer even slikken: ook verloren gegaan tijdens de migratie van mijn blog van Sanoma naar WordPress. Opvallend: de tuberoos (f0t0) wordt minder kruidig-zoet, minder mysterieus geïntroduceerd: geen anijs, geen pruim, geen anjer zoals in de oorspronkelijke compositie.

En ze is er eigenlijk te direct. Zich aankondigend met een mentholachtige groene waas. Koriander gehuld in een lichte wolk van peper neemt het stokje over. Dit temt de tuberoos niet, maar geeft haar een eigenzinnige en onderscheidende kruidige noot. François Demachy heeft ervoor gekozen het zwavelachtige karakter van deze kruidige compositie te accentueren. Zou hij hiermee de ijle noot van menthol – ook eigen aan tuberoos – bedoelen die associaties oproept met de apotheker? Gewoonlijk kiezen neuzen meer voor de ghee-achtige, boterachtige en sensuele volheid.

En dan laat de tuberoos zich omarmen door een absolu van meiroos uit Grasse, afkomstig van de domeinen Domaine de Manon en Clos de Callian (waarover bij het volgende Diorextract meer). Ik vraag me af: was dit wel een juiste beslissing? Want het maakt de tuberoos zachter en sierlijker, maar wordt hierdoor ook minder ‘zwavel-krachtig’. Wat ik met name mis is het verradelijke, de verwarrende diepte, dat brute, luide jaren tachtig-‘geluid’. En dat komt ook omdat de basis nu minder gedifferentieerd is – de bladeren van de tuberoos krijgen alleen een vernislaagje van ‘honingzoet vanille’.

Het venijn zit’m niet meer in de staart van de geur: die, een beetje dierlijke noot van ambergris, cistus labdanum en opoponax zoals in de originele compositie. Als je het goed bekijkt is dit Poison-extract meer van deze tijd: dus meer een elegante nadruk op de bloemen dan op de ‘alomtegenwoordige’ uitstraling van de door de basis nog sensueler gemaakte tuberoos. Alleen kun je je afvragen of de ware Poison-addict hier blij mee is. ‘Vroeger’ rook je direct als een vrouw zich vergiftigd had met Poison: de geur kondigde zich aan lang voor de draagster in zicht was. Eén ding is zeker: met dit beschaafde tuberoosparfum op zal ze niet meer in sommige restaurants in Amerika geweigerd worden zoals in de jaren na de introductie het geval was: – No smoking, no Poison.

POISON PARFUMEXTRACT CHRISTIAN DIOR

BLACK DIANTHUS – OSMO LINE – IL PROFVMO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 27, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Getagd: ANJER, IL PROFVMO, OEUILLET. Een reactie plaatsen

ANJERCHIC

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 27/11/14

Neus: Silvana Casoli

BLACK DIANTHUS IL PROFVMOIk deed een paar jaar geleden een voorspelling die nu een wishful thinking blijkt te zijn. Of was ik toch nog te vroeg of gewoon eeuwig te laat: de transformatie van de anjer van trutty naar trendy bloem.

Is er nog niet echt van gekomen. Ik zag deze week wel een smaakvol boeket zoals dat heet – want geselecteerd op stemmig in elkaar overlopende kleuren – met daarin trosanjers verwerkt. Maar dat is niet het echte werk. Nee, zo’n mooie lange, rank-bleke, ijzig-groene steel met aan het einde een volle bol met gekerfde bloemblaadjes.

Solo – gepromoot door wijlen prins Bernard die altijd een vers wit geknipte in het knoopsgat van zijn revers droeg – of een flinke bos, dat maakt me niet uit. Want mooier zou zijn als anjer ook naar anjer ruikt. Pittig, gekruid, vol, zonnig, beetje zoet-zwoel neigend naar weeïg. Deze specifieke geur is inmiddels er door de ‘verenigde bloementelers’ uitgezeefd.

Maar dat geldt voor zoveel snijbloemen: het bovenstaande boeket rook letterlijk nergens naar. Ik blijf het een raar idee vinden dat zoveel bloemen ‘reukstom’ zijn geworden – eigenlijk een misdaad tegen de ‘bloemigheid’. Dat om een zomers boeket tot leven te brengen, je eigenlijk een zomers parfum moet pakken om bloemen tot hun recht te laten komen – zoals met Diorama (1949) en/of Jour d’Hermès (2012).

Maar goed dat de anjer in parfumkringen zo’n goede naam heeft. Is net zoals de gardenia en tuberoos een couturebloem. Staat voor chic, elitair en exclusief. Daarnaast kleeft aan de anjer een zekere weemoed, een vintage-toets. Want het is moeilijk een anjer modern en ‘nu’ te laten ruiken. Je ruikt aan een solifleur-anjerparfum en je waant je direct – ik althans – in een film noir uit de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw.

Achter de prachtige façades en perfect geklede en geknipte protagonisten worden misdaden voorbereid en uitgevoerd: het mikpunt van vergelding wordt altijd smaakvol om zeep gebracht, blaast altijd voorbeeldig zijn/haar laatste adem uit. En wat aardig: de opdrachtgevers van deze – vaak – crime passionel laten soms, anoniem uiteraard, een bloemstuk bezorgen op de dag van de teraardebestelling met een sierlijk rouwlint met daarop een cynisch-cryptische boodschap die door juiste verstaander direct wordt begrepen. Het betreft vaak een ‘anjercompostie’ en dat komt door de symbolische troost die de bloem verbeeldt: de tranen van Maria veranderden op de grond vallend in anjers toen ze de dood van haar zoon beweende – Jezus van Nazareth.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

JOAN CRAWFORD POSSESSED

Ook de anjer van Il Prvfumo lijkt in rouw gezien haar donkere naam. Hiermee wil Silvana Casoli volgens mij de intensiteit die de geur uitstraalt benadrukken. Want Black Dianthus voldoet aan alle voorwaarden voor een goed geslaagd en gelaagd anjerparfum: chic, spicy, vol, overweldigend – iets wat je tegenwoordig steeds minder ruikt.

Ook in de nicheparfumerie. En dat verklaart de vintage-link. Vintage is natuurlijk een ander woord voor ouderwets, een ander woord voor ladylike. Als ik één actrice met anjerchic associeer dan is het Joan – Momme Dearest – Crawford. Met name in haar gevaarlijke rollen – zoals in Possessed (1947 zie foto). Gehuld in duister aura en een meeslepend parfum, volg je haar pad. For good or for worse.

Opvallend: ondanks de moderne rode noten – rode bes, kers en rabarber – ruik ik toch vooral een enorme kruidige anjer in de opening begeleid door tijm. Sterker, ik ruik het rode fruit niet zo duidelijk. Want zowel rode bes, kers en rabarber zijn als zodanig duidelijk in een geur te herkennen, maken een geur vaak ‘girly’ en siroop-plakkerig maar in Black Dianthus spelen ze slechts een bijrol.

En de specerijen die ik ruik – kruidnagel en wat snufjes koriander en komijn – worden niet opgegeven in de ingrediëntenlijst maar zijn volgens mij door Silvana Casoli verpakt in de anjer dat als ingrediënt op zichzelf al een parfumcompositie is. Wat ik wel ruik is de afronding: zoethout (op een bedje van vetiver). Hoewel gourmand maakt het de geur toch niet modern. Het geeft een goed uitgebalanceerde zoet-smeuïge zweem zonder hinderlijk te worden.

Black Dianthus is gewoon een ‘zuiver-genieten’-geur. Bijna een goddelijke ervaring in de zin van dat (d)ianthus is afgeleid van dios (god) en anthos (betekent bloem). Alleen de opgevoerde belladonna (wolfkers), daar trap ik niet in. Zie hier voor mijn geuranalyse van Dolce & Gabanna’s Dolce (2012).

LOGO IL PROFVMO

BLACK EXTREME TRUSSARDI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 25, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B. Getagd: trussardi. Een reactie plaatsen

TRUSSARDI-TRADITIE

UOMO WORDT BLACK EXTREME

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 25/11/14

Neus: Aurélien Guichard

Ambassadeur: Tomaso Trussardi

Fotografie: VanMossevelde+N, Geurengoeroe

BLACK EXTREME TRUSSARDI FLACONSBlack staat in de parfumerie voor mysterie, duisterheid en intensiteit. Extreme voor… lijkt me nogal duidelijk… Kort gezegd: de grenzen tartend in elk denkbaar opzicht. Black Extreme in combinatie staat voor dat de marketingafdeling het ook allemaal niet meer echt weet, dat het vastzit in de ‘ieder-jaar-een-nieuwe-geur’-dwangbuis.

De geur wordt zo een invuloefening voor zowel de copywriter, de stylingafdeling, de fotograaf als de neus. Dus is ‘Black Extreme de nieuwe geur voor de succesvolle, moderne man op zoek naar sterke sensaties. Traditie en affiniteit worden opgeroepen door een tijdloos, elegant design dat de Italiaanse uitmuntendheid van Trussardi uitstraalt’. Dit doet het ook altijd goed in verfijnde designerskringen: Black Extreme is ‘een eerbetoon aan het verleden met het oog gericht op de toekomst, de perfecte balans tussen moderniteit en traditie’.

Als een merk te lang uitwijdt over een flacon die niet meer dan een flacon is, dan weet je ook dat de inspiratie geen vleugels heeft gekregen: ‘De matzwarte flacon reflecteert de elegantie en verfijnde allure van het merk met de hazewindhond, terwijl de buitengewoon glanzende zwarte band langs de flacon het aantrekkelijke ontwerp benadrukt. Het gegraveerde logo op de zamak-dop verfraait de flacon. De naam Trussardi Black Extreme in elegante, goudkleurige letters, is een onderscheidend kenmerk van karakter en intensiteit’.

Gelukkig heeft Trussardi nog iets in huis wat bij veel luxemerken ontbreekt: fotogenieke erfgenamen van de oprichter die nog in leven zijn en het familiebedrijf zonder inbreng van buiten voortzetten. Die kunnen – heel slim – ook als huismodel ingezet kunnen worden. Voor Black Extreme is dat Tomaso (vierde generatie). Als ceo van de modetak van de Trussardi Group ‘kosmopolitisch, succesvol en modern die op natuurlijke en spontane wijze de stijl, elegantie en traditie van Trussardi uitdraagt’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE AMBERGRISHoewel very, very cliché, heb ik hier geen moeite mee: ‘Alle kernwaarden van Trussardi komen terug. Krachtig en uitgesproken, en verovert als een wapen van verleiding’.

Hiermee wel: ‘Zijn extreme opening tart klassieke concepten en maakt een gedurfde, eigentijdse indruk’. Nou, niks geen getart, want Black Extreme is een veel beproefd concept en logisch: het heeft Trussardi’s Uomo (1982, 2011) als uitgangspunt. En dat is dan wel weer leuk, want de geur is ‘sò eighties’. Een echte krachtpatser en dat komt voornamelijk door de overdrive van aqua-noten vermengd met ambergris die vanaf het begin al aan de oppervlakte ruikt, dwars door de scherp-frisse citroenopening heen.

Zet je je neus dieper in de geur, dan ruik je een pruimaccentje met een gepeperd randje dat zich later ontpopt als iris. Interessant: het accent van pruim wordt naar verloop van tijd toch voller en rijper, en ruik je langer dan verwacht. Maar het is vooral de synthetische ambergris (Io Super) ondergedompeld in zeewater (zo worden echte ambergris-klonten ook gevonden, spoelen af en toe aan op stranden, zie foto) die de toon bepaalt. Het hout – vetiver en patchoeli – in de basis zorgen voor wat ‘aarde’ en verankering. Opvallend: Uomo is in vergelijk zachter, minder ruig. En al doorruikende kun je constateren dat Black Extreme eigenlijk – onbedoeld – ‘modern vintage’ is.

BLACK EXTREME TRUSSARDI MODEL

BABEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 23, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN GOED GESLAAGD ANDROGYN-PARFUM

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 23/11/14

Neus: Anne McClain, Babette Lepke

Ambassadrice: Babette Lepke

BABETTEDe parfumwereld verliest zijn steeds meer mysterie. Eens een onneembare vesting voor niet-ingewijden en ‘onprofessionals’, is mede door de opkomst van internet opengebroken. Met merkwaardige gevolgen: de oude garde laat zich vaak – tot vervelens toe – voorstaan op hun geschiedenis, kennis en autoriteit. En slaat hierbij soms door in een absurde zelfbewieroking die indirect duidelijk moet maken, dat de nieuwe garde ‘best wel aardig’ is maar dat je voor het ‘echte werk’ toch beter bij Guerlain, Dior, Chanel, Estée Lauder en al die andere oude adressen moet zijn.

Nou die laatste heeft met een aantal samenwerkingsverbanden – Tom Ford in 2006 – en aankopen – Frédéric Malle en Le Labo beide dit jaar – duidelijk gemaakt dat ze de nieuwe garde heel serieus neemt. Lauder was trouwens ook de eerste die de dialoog aanging met de eerste generatie onafhankelijke parfumbloggers.

Maar er gebeurt zoveel meer: nieuwe huizen melden zich dag in dag uit en vergeten huizen wordt nieuw leven ingeblazen – Schiaparelli probeert het nu voor een derde keer. Daarnaast worden eenmalige geuren voor kleinschalige projecten ontwikkeld: om een tentoonstelling op te luisteren, om stil te staan bij een schooljubileum, om een goed doel te ondersteunen. Is gewoon een kwestie van een geurexpert (Tanja Deurloo bijvoorbeeld) en/of een neus bellen en voor je het weet staan flacons klaar voor de verkoop.

BABEL 2Nog even en parfumeriepersoneel gaat zijn eigen geuren ontwikkelen. Insiders weten dat dit al gebeurt. Nog even en consumenten gaan hun eigen geuren maken. Gebeurt al Ook in Nederland. Zoals de ‘internationale primeur’ Babēl. Even terzijde: elke primeur is internationaal.

Achter deze naam gaat Babette Lepke schuil (op de foto gehuld in een kasjmier-sjaal I presume), eigenaar van Skins Cosmetics Laren met ruim tien jaar expertise op het gebied van niche-cosmetica waarbij vooral natuurlijke merken haar interesse hebben. Een veertiendaagse Perfume Summer School in Grasse gaf drie jaar geleden de aanzet tot de ontwikkeling van een geur. Parfumeur Anne McClain, ooit ontmoet tijdens een parfumworkshop in New York, hielp Babette.

Ze brachten samen veel tijd door in McClains atelier (Williamsburg NY). McClain ‘schreef’ de basisformule van Babēl in overeenstemming met de visie van Babette die het gedurende twee jaar tot in het kleinste detail verfijnde. Afgelopen mei werd het eindresultaat gepresenteerd: ‘Een parfum comfortabel en puur als luxe kasjmier – Babette’s favoriete materiaal’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

KARDEMONIk had de geur al eerder willen bespreken, maar het kwam er gewoon niet van. Blijft altijd interessant om te zien en te ruiken hoe stof wordt vertaald in geur. Wat kasjmier betreft: Donna Karan was de eerste. In 1994 lanceerde ze Cashmere Mist. Daar had ik weinig mee: ik vond kasjmier als stof niet echt goed vertaald, was voor mij te bloemig, te waterig. Geen diep ‘in het stof bijten’. Haar Black Cashmere (2002) daarentegen wel: rijk, intens met een enorme zachte finish die je als vloeibaar kasjmier kunt interpreteren.

Babēl is by all means een mooie geur: je ruikt de hoge concentratie aan puur natuur-ingrediënten. Spannende opening: het lijkt alsof de compositie zich even in één keer prijsgeeft voor je de specifieke noten kunt detecteren. De kardemon (foto) springt er voor mij uit; die maakt de bergamot minder ‘schitterend’. Geeft een fris-stroef groen, maar pittig onderlaagje (mede geholpen door zwarte peper) die mooi samengaat met knisperend viooltjesblad. Blijft lekker hangen. Voor mij komt de kasjmier in het hart tot leven door de poederige irisnoot die elegant linkt met het ‘strak-zonnige’ cederhout en het aardse vetiver in de basis en nooit helemaal verdwijnt, ondanks de sensuele georiënteerde toevoegingen (vanille en benzoïne), ondanks de ‘rozige’ noot van geraniumblad. De ylang-ylang neem ik niet echt waar.

Het beste aan de geur vind ik het androgyne karakter. Dat zijn natuurlijk de meeste geuren in het nichesegment, maar Babēl onderscheidt zich door een zekere vanzelfsprekendheid en vertrouwdheid, door de goed geslaagde en gelaagde balans, het samenspel tussen de ingrediënten. Dit is een geur zonder toeters en bellen, is gevrijwaard van olfactorische ‘special effects’. En dat komt volgens mij weer op conto van het puur natuur-gevoel dat de geur uitstraalt. Geeft een aangenaam en ‘tevreden’ gevoel. Ik ben benieuwd naar de tweede geur van Babette Lepke.

BABEL LOGO

JEAN CHARLES BROSSEAU – COLLECTION HOMME – BOIS D’ORIENT

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 21, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Getagd: JEAN CHARLES BROSSEAU. Een reactie plaatsen

ZOET HOUT

NICHE DIE NIET MOEILIJK DOET

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 21/11/14

Neus: Thomas Fontaine

JEAN CHARLES BROSSEAU BOIS D'ORIENTSommige parfumhuizen moeten eigenlijk geen mannengeuren ontwikkelen. Zoals Jacques Bogart categorisch weigert vrouwengeuren te maken. Past niet in de beleving en uitstraling van het merk. Vind ik. Ik weet: commercieel niet slim.

Maar ik weet ook: hoe scherper je je tegenwoordig van de concurrentie onderscheidt, des te duidelijker de boodschap. Jean Charles Brosseau is zo’n huis. Petite, overzichtelijk en met een bijna uit de mode geraakte romantische boodschap. Romantisch niet in de zin van ‘een etentje bij kaarslicht’, maar in de zin van poëtisch en sterk sprekend tot het gevoel en de verbeelding. Zie de eerste geur Ombre Rose (1981) die terugblikkende terecht als een van de eerste niche-geuren avant la lettre geldt en inmiddels qua naam is uitgebreid met L’Original. Dat werd gedaan omdat Jean Charles Brosseau met de verkeerde personen in zee was gegaan: hij verkocht zijn parfumlicenties. Vertelde zijn zoon Benoît Brosseau (die ik onlangs sprak tijdens de persdag in Amsterdam van IBS). Had onder meer tot gevolg dat op de kwaliteit werd ingeleverd, zei hij. En dat merkten de vaste gebruikers. Hij haalde de nieuwe eigenaren voor het gerecht, won en kreeg hiermee naam en merk weer terug.

Benoît Brosseau heeft het merk weer de allure teruggegeven die het in het begin had. Kun je niet alleen ruiken in en zien aan Ombre Rose L’Original, de variaties op deze geuren én, zo hoopt Benoît Brosseau, ook aan het mannenkwartet: Thé Brun (2005), Fruit de Bois (2005), Atlas Cedar (alle drie 2005) en Bois D’Orient (2011). Zo ziet Benoît Broisseau en niche: ‘More and more people are looking for something more original, something different. These connoisseurs appreciate quality, individuality, and look for unique, more sophisticated fragrances. Alternative labels have a real grasp on this trend, which is why they offer a wide selection of highly successful fragrances’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE PRUIMDaar is bij Bois D’Orient wat mij betreft niet echt sprake van. Zowel qua prijs (€ 52,00 50 ml, € 72,00 100 ml), zowel qua inhoud. Elegant, met een zekere verfijning die alleen garandeert dat de geur niet te hard en scherp is.

Maar of je dit nu niche of desnoods vintage moet noemen? Wel opvallend in geval van Bois D’Orient: een combinatie van geuren die je niet vaak in mannengeuren ruikt, maar alleen zo braaf opgevoerd dat het gehoopte effect niet goed tot zijn recht komt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Bois D’Orient is eigenlijk een ‘zoethoudertje’ die sprankelend opent met citroen en mandarijn pittig gemaakt door roze peper, groen gemaakt door munt en jeneverbes. Het hart: ik wou dat ik de volle laag kreeg van deze kaneel-, vijg-, framboos- en pruimmelange. Zoet, smeuïg, ‘anders’ fruitig. Ik bedoel: hier had Tom Ford raad mee geweten. Het lijkt we of het hart in het water gevallen is. Door, onder en boven de ingrediënten ruik je een cleane, frisse noot alsof teveel water bij de vruchtensiroop is gedaan.

De basis trekt deze aqua-toets door: de houtnoten (ceder- en sandelhout) zijn bescheiden, de witte musk daarentegen gaat lekker zijn gang (versterkt het cleane karakter), maar wordt enigszins een halt toegeroepen door een amberachtige noot (cistus labdanum met vanille-accent) en een bonbon-nuance. Welk leuk: het lijkt even of het fruitige hart als vulling voor de bonbon dient. Maar wat uiteindelijk resteert is een transparante zoethoutige geur.

JEAN CHARLES BROSSEAU LOGO

4711 ALS AFSCHEIDSCAD’EAU

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 20, 2014
Geplaatst in: OPVALLEND PARFUMNIEUWS. Een reactie plaatsen

NAZORG

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 4711 FLACONGeurengoeroe vindt het weliswaar een merkwaardige aanleiding. Maar altijd geïnteresseerd hoe culturen met geur omgaan en beleven buitenom het klassieke, ‘huishoudelijke’ gebruik (persoonlijk genot), las hij vanochtend in de Volkskrant het volgende: naar aanleiding van het eindrapport over de Molukse treinkaping in 1977. De schrijfster Sylvia Pessironi komt aan het woord.

Ik citeer: ‘Daar zeiden ze: ‘Weet je Syl, de kisten zijn verzegeld. Gisteravond hebben ze niet eens de rituelen kunnen uitvoeren’. Dat gaat bij ons om het besprenkelen van eau de cologne’.

Ik zoek verder op internet en kom tegen: ‘Na de uitvaartdienst wordt de lijkkist door de kinderen en andere familieleden naar buiten gedragen. De lijkwagen rijdt altijd nog een keer langs het huis van de overledene. Dan gaat men naar de begraafplaats. De aanwezigen scharen zich rond het graf. Hier leest de dominee een passage voor uit de bijbel. Gezamenlijk wordt het Onze Vader gebeden. Daarna strooit de naaste familie bloemblaadjes of eau de cologne. Vroeger 4711, tegenwoordig vaak liever een ander luchtje. Soms wordt ook een fles meegegeven in het graf’.

En over 4711 gesproken: ik kom steeds meer perfume-insiders tegen (in real life, op de internationale parfumblogs) die Neroli Portofino (2007) van Tom Ford – met name de eau de cologne-versie – toch wel verdacht veel vinden lijken op de geur waarmee de moderne parfumindustrie begon en nog steeds gemaakt wordt, 4711 dus.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE NEROLI PORTOFINO TOM FORD MODELS2

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....