GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

BLACK DIANTHUS – OSMO LINE – IL PROFVMO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 27, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Getagd: ANJER, IL PROFVMO, OEUILLET. Een reactie plaatsen

ANJERCHIC

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 27/11/14

Neus: Silvana Casoli

BLACK DIANTHUS IL PROFVMOIk deed een paar jaar geleden een voorspelling die nu een wishful thinking blijkt te zijn. Of was ik toch nog te vroeg of gewoon eeuwig te laat: de transformatie van de anjer van trutty naar trendy bloem.

Is er nog niet echt van gekomen. Ik zag deze week wel een smaakvol boeket zoals dat heet – want geselecteerd op stemmig in elkaar overlopende kleuren – met daarin trosanjers verwerkt. Maar dat is niet het echte werk. Nee, zo’n mooie lange, rank-bleke, ijzig-groene steel met aan het einde een volle bol met gekerfde bloemblaadjes.

Solo – gepromoot door wijlen prins Bernard die altijd een vers wit geknipte in het knoopsgat van zijn revers droeg – of een flinke bos, dat maakt me niet uit. Want mooier zou zijn als anjer ook naar anjer ruikt. Pittig, gekruid, vol, zonnig, beetje zoet-zwoel neigend naar weeïg. Deze specifieke geur is inmiddels er door de ‘verenigde bloementelers’ uitgezeefd.

Maar dat geldt voor zoveel snijbloemen: het bovenstaande boeket rook letterlijk nergens naar. Ik blijf het een raar idee vinden dat zoveel bloemen ‘reukstom’ zijn geworden – eigenlijk een misdaad tegen de ‘bloemigheid’. Dat om een zomers boeket tot leven te brengen, je eigenlijk een zomers parfum moet pakken om bloemen tot hun recht te laten komen – zoals met Diorama (1949) en/of Jour d’Hermès (2012).

Maar goed dat de anjer in parfumkringen zo’n goede naam heeft. Is net zoals de gardenia en tuberoos een couturebloem. Staat voor chic, elitair en exclusief. Daarnaast kleeft aan de anjer een zekere weemoed, een vintage-toets. Want het is moeilijk een anjer modern en ‘nu’ te laten ruiken. Je ruikt aan een solifleur-anjerparfum en je waant je direct – ik althans – in een film noir uit de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw.

Achter de prachtige façades en perfect geklede en geknipte protagonisten worden misdaden voorbereid en uitgevoerd: het mikpunt van vergelding wordt altijd smaakvol om zeep gebracht, blaast altijd voorbeeldig zijn/haar laatste adem uit. En wat aardig: de opdrachtgevers van deze – vaak – crime passionel laten soms, anoniem uiteraard, een bloemstuk bezorgen op de dag van de teraardebestelling met een sierlijk rouwlint met daarop een cynisch-cryptische boodschap die door juiste verstaander direct wordt begrepen. Het betreft vaak een ‘anjercompostie’ en dat komt door de symbolische troost die de bloem verbeeldt: de tranen van Maria veranderden op de grond vallend in anjers toen ze de dood van haar zoon beweende – Jezus van Nazareth.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

JOAN CRAWFORD POSSESSED

Ook de anjer van Il Prvfumo lijkt in rouw gezien haar donkere naam. Hiermee wil Silvana Casoli volgens mij de intensiteit die de geur uitstraalt benadrukken. Want Black Dianthus voldoet aan alle voorwaarden voor een goed geslaagd en gelaagd anjerparfum: chic, spicy, vol, overweldigend – iets wat je tegenwoordig steeds minder ruikt.

Ook in de nicheparfumerie. En dat verklaart de vintage-link. Vintage is natuurlijk een ander woord voor ouderwets, een ander woord voor ladylike. Als ik één actrice met anjerchic associeer dan is het Joan – Momme Dearest – Crawford. Met name in haar gevaarlijke rollen – zoals in Possessed (1947 zie foto). Gehuld in duister aura en een meeslepend parfum, volg je haar pad. For good or for worse.

Opvallend: ondanks de moderne rode noten – rode bes, kers en rabarber – ruik ik toch vooral een enorme kruidige anjer in de opening begeleid door tijm. Sterker, ik ruik het rode fruit niet zo duidelijk. Want zowel rode bes, kers en rabarber zijn als zodanig duidelijk in een geur te herkennen, maken een geur vaak ‘girly’ en siroop-plakkerig maar in Black Dianthus spelen ze slechts een bijrol.

En de specerijen die ik ruik – kruidnagel en wat snufjes koriander en komijn – worden niet opgegeven in de ingrediëntenlijst maar zijn volgens mij door Silvana Casoli verpakt in de anjer dat als ingrediënt op zichzelf al een parfumcompositie is. Wat ik wel ruik is de afronding: zoethout (op een bedje van vetiver). Hoewel gourmand maakt het de geur toch niet modern. Het geeft een goed uitgebalanceerde zoet-smeuïge zweem zonder hinderlijk te worden.

Black Dianthus is gewoon een ‘zuiver-genieten’-geur. Bijna een goddelijke ervaring in de zin van dat (d)ianthus is afgeleid van dios (god) en anthos (betekent bloem). Alleen de opgevoerde belladonna (wolfkers), daar trap ik niet in. Zie hier voor mijn geuranalyse van Dolce & Gabanna’s Dolce (2012).

LOGO IL PROFVMO

BLACK EXTREME TRUSSARDI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 25, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B. Getagd: trussardi. Een reactie plaatsen

TRUSSARDI-TRADITIE

UOMO WORDT BLACK EXTREME

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 25/11/14

Neus: Aurélien Guichard

Ambassadeur: Tomaso Trussardi

Fotografie: VanMossevelde+N, Geurengoeroe

BLACK EXTREME TRUSSARDI FLACONSBlack staat in de parfumerie voor mysterie, duisterheid en intensiteit. Extreme voor… lijkt me nogal duidelijk… Kort gezegd: de grenzen tartend in elk denkbaar opzicht. Black Extreme in combinatie staat voor dat de marketingafdeling het ook allemaal niet meer echt weet, dat het vastzit in de ‘ieder-jaar-een-nieuwe-geur’-dwangbuis.

De geur wordt zo een invuloefening voor zowel de copywriter, de stylingafdeling, de fotograaf als de neus. Dus is ‘Black Extreme de nieuwe geur voor de succesvolle, moderne man op zoek naar sterke sensaties. Traditie en affiniteit worden opgeroepen door een tijdloos, elegant design dat de Italiaanse uitmuntendheid van Trussardi uitstraalt’. Dit doet het ook altijd goed in verfijnde designerskringen: Black Extreme is ‘een eerbetoon aan het verleden met het oog gericht op de toekomst, de perfecte balans tussen moderniteit en traditie’.

Als een merk te lang uitwijdt over een flacon die niet meer dan een flacon is, dan weet je ook dat de inspiratie geen vleugels heeft gekregen: ‘De matzwarte flacon reflecteert de elegantie en verfijnde allure van het merk met de hazewindhond, terwijl de buitengewoon glanzende zwarte band langs de flacon het aantrekkelijke ontwerp benadrukt. Het gegraveerde logo op de zamak-dop verfraait de flacon. De naam Trussardi Black Extreme in elegante, goudkleurige letters, is een onderscheidend kenmerk van karakter en intensiteit’.

Gelukkig heeft Trussardi nog iets in huis wat bij veel luxemerken ontbreekt: fotogenieke erfgenamen van de oprichter die nog in leven zijn en het familiebedrijf zonder inbreng van buiten voortzetten. Die kunnen – heel slim – ook als huismodel ingezet kunnen worden. Voor Black Extreme is dat Tomaso (vierde generatie). Als ceo van de modetak van de Trussardi Group ‘kosmopolitisch, succesvol en modern die op natuurlijke en spontane wijze de stijl, elegantie en traditie van Trussardi uitdraagt’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE AMBERGRISHoewel very, very cliché, heb ik hier geen moeite mee: ‘Alle kernwaarden van Trussardi komen terug. Krachtig en uitgesproken, en verovert als een wapen van verleiding’.

Hiermee wel: ‘Zijn extreme opening tart klassieke concepten en maakt een gedurfde, eigentijdse indruk’. Nou, niks geen getart, want Black Extreme is een veel beproefd concept en logisch: het heeft Trussardi’s Uomo (1982, 2011) als uitgangspunt. En dat is dan wel weer leuk, want de geur is ‘sò eighties’. Een echte krachtpatser en dat komt voornamelijk door de overdrive van aqua-noten vermengd met ambergris die vanaf het begin al aan de oppervlakte ruikt, dwars door de scherp-frisse citroenopening heen.

Zet je je neus dieper in de geur, dan ruik je een pruimaccentje met een gepeperd randje dat zich later ontpopt als iris. Interessant: het accent van pruim wordt naar verloop van tijd toch voller en rijper, en ruik je langer dan verwacht. Maar het is vooral de synthetische ambergris (Io Super) ondergedompeld in zeewater (zo worden echte ambergris-klonten ook gevonden, spoelen af en toe aan op stranden, zie foto) die de toon bepaalt. Het hout – vetiver en patchoeli – in de basis zorgen voor wat ‘aarde’ en verankering. Opvallend: Uomo is in vergelijk zachter, minder ruig. En al doorruikende kun je constateren dat Black Extreme eigenlijk – onbedoeld – ‘modern vintage’ is.

BLACK EXTREME TRUSSARDI MODEL

BABEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 23, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN GOED GESLAAGD ANDROGYN-PARFUM

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 23/11/14

Neus: Anne McClain, Babette Lepke

Ambassadrice: Babette Lepke

BABETTEDe parfumwereld verliest zijn steeds meer mysterie. Eens een onneembare vesting voor niet-ingewijden en ‘onprofessionals’, is mede door de opkomst van internet opengebroken. Met merkwaardige gevolgen: de oude garde laat zich vaak – tot vervelens toe – voorstaan op hun geschiedenis, kennis en autoriteit. En slaat hierbij soms door in een absurde zelfbewieroking die indirect duidelijk moet maken, dat de nieuwe garde ‘best wel aardig’ is maar dat je voor het ‘echte werk’ toch beter bij Guerlain, Dior, Chanel, Estée Lauder en al die andere oude adressen moet zijn.

Nou die laatste heeft met een aantal samenwerkingsverbanden – Tom Ford in 2006 – en aankopen – Frédéric Malle en Le Labo beide dit jaar – duidelijk gemaakt dat ze de nieuwe garde heel serieus neemt. Lauder was trouwens ook de eerste die de dialoog aanging met de eerste generatie onafhankelijke parfumbloggers.

Maar er gebeurt zoveel meer: nieuwe huizen melden zich dag in dag uit en vergeten huizen wordt nieuw leven ingeblazen – Schiaparelli probeert het nu voor een derde keer. Daarnaast worden eenmalige geuren voor kleinschalige projecten ontwikkeld: om een tentoonstelling op te luisteren, om stil te staan bij een schooljubileum, om een goed doel te ondersteunen. Is gewoon een kwestie van een geurexpert (Tanja Deurloo bijvoorbeeld) en/of een neus bellen en voor je het weet staan flacons klaar voor de verkoop.

BABEL 2Nog even en parfumeriepersoneel gaat zijn eigen geuren ontwikkelen. Insiders weten dat dit al gebeurt. Nog even en consumenten gaan hun eigen geuren maken. Gebeurt al Ook in Nederland. Zoals de ‘internationale primeur’ Babēl. Even terzijde: elke primeur is internationaal.

Achter deze naam gaat Babette Lepke schuil (op de foto gehuld in een kasjmier-sjaal I presume), eigenaar van Skins Cosmetics Laren met ruim tien jaar expertise op het gebied van niche-cosmetica waarbij vooral natuurlijke merken haar interesse hebben. Een veertiendaagse Perfume Summer School in Grasse gaf drie jaar geleden de aanzet tot de ontwikkeling van een geur. Parfumeur Anne McClain, ooit ontmoet tijdens een parfumworkshop in New York, hielp Babette.

Ze brachten samen veel tijd door in McClains atelier (Williamsburg NY). McClain ‘schreef’ de basisformule van Babēl in overeenstemming met de visie van Babette die het gedurende twee jaar tot in het kleinste detail verfijnde. Afgelopen mei werd het eindresultaat gepresenteerd: ‘Een parfum comfortabel en puur als luxe kasjmier – Babette’s favoriete materiaal’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

KARDEMONIk had de geur al eerder willen bespreken, maar het kwam er gewoon niet van. Blijft altijd interessant om te zien en te ruiken hoe stof wordt vertaald in geur. Wat kasjmier betreft: Donna Karan was de eerste. In 1994 lanceerde ze Cashmere Mist. Daar had ik weinig mee: ik vond kasjmier als stof niet echt goed vertaald, was voor mij te bloemig, te waterig. Geen diep ‘in het stof bijten’. Haar Black Cashmere (2002) daarentegen wel: rijk, intens met een enorme zachte finish die je als vloeibaar kasjmier kunt interpreteren.

Babēl is by all means een mooie geur: je ruikt de hoge concentratie aan puur natuur-ingrediënten. Spannende opening: het lijkt alsof de compositie zich even in één keer prijsgeeft voor je de specifieke noten kunt detecteren. De kardemon (foto) springt er voor mij uit; die maakt de bergamot minder ‘schitterend’. Geeft een fris-stroef groen, maar pittig onderlaagje (mede geholpen door zwarte peper) die mooi samengaat met knisperend viooltjesblad. Blijft lekker hangen. Voor mij komt de kasjmier in het hart tot leven door de poederige irisnoot die elegant linkt met het ‘strak-zonnige’ cederhout en het aardse vetiver in de basis en nooit helemaal verdwijnt, ondanks de sensuele georiënteerde toevoegingen (vanille en benzoïne), ondanks de ‘rozige’ noot van geraniumblad. De ylang-ylang neem ik niet echt waar.

Het beste aan de geur vind ik het androgyne karakter. Dat zijn natuurlijk de meeste geuren in het nichesegment, maar Babēl onderscheidt zich door een zekere vanzelfsprekendheid en vertrouwdheid, door de goed geslaagde en gelaagde balans, het samenspel tussen de ingrediënten. Dit is een geur zonder toeters en bellen, is gevrijwaard van olfactorische ‘special effects’. En dat komt volgens mij weer op conto van het puur natuur-gevoel dat de geur uitstraalt. Geeft een aangenaam en ‘tevreden’ gevoel. Ik ben benieuwd naar de tweede geur van Babette Lepke.

BABEL LOGO

JEAN CHARLES BROSSEAU – COLLECTION HOMME – BOIS D’ORIENT

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 21, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Getagd: JEAN CHARLES BROSSEAU. Een reactie plaatsen

ZOET HOUT

NICHE DIE NIET MOEILIJK DOET

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 21/11/14

Neus: Thomas Fontaine

JEAN CHARLES BROSSEAU BOIS D'ORIENTSommige parfumhuizen moeten eigenlijk geen mannengeuren ontwikkelen. Zoals Jacques Bogart categorisch weigert vrouwengeuren te maken. Past niet in de beleving en uitstraling van het merk. Vind ik. Ik weet: commercieel niet slim.

Maar ik weet ook: hoe scherper je je tegenwoordig van de concurrentie onderscheidt, des te duidelijker de boodschap. Jean Charles Brosseau is zo’n huis. Petite, overzichtelijk en met een bijna uit de mode geraakte romantische boodschap. Romantisch niet in de zin van ‘een etentje bij kaarslicht’, maar in de zin van poëtisch en sterk sprekend tot het gevoel en de verbeelding. Zie de eerste geur Ombre Rose (1981) die terugblikkende terecht als een van de eerste niche-geuren avant la lettre geldt en inmiddels qua naam is uitgebreid met L’Original. Dat werd gedaan omdat Jean Charles Brosseau met de verkeerde personen in zee was gegaan: hij verkocht zijn parfumlicenties. Vertelde zijn zoon Benoît Brosseau (die ik onlangs sprak tijdens de persdag in Amsterdam van IBS). Had onder meer tot gevolg dat op de kwaliteit werd ingeleverd, zei hij. En dat merkten de vaste gebruikers. Hij haalde de nieuwe eigenaren voor het gerecht, won en kreeg hiermee naam en merk weer terug.

Benoît Brosseau heeft het merk weer de allure teruggegeven die het in het begin had. Kun je niet alleen ruiken in en zien aan Ombre Rose L’Original, de variaties op deze geuren én, zo hoopt Benoît Brosseau, ook aan het mannenkwartet: Thé Brun (2005), Fruit de Bois (2005), Atlas Cedar (alle drie 2005) en Bois D’Orient (2011). Zo ziet Benoît Broisseau en niche: ‘More and more people are looking for something more original, something different. These connoisseurs appreciate quality, individuality, and look for unique, more sophisticated fragrances. Alternative labels have a real grasp on this trend, which is why they offer a wide selection of highly successful fragrances’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE PRUIMDaar is bij Bois D’Orient wat mij betreft niet echt sprake van. Zowel qua prijs (€ 52,00 50 ml, € 72,00 100 ml), zowel qua inhoud. Elegant, met een zekere verfijning die alleen garandeert dat de geur niet te hard en scherp is.

Maar of je dit nu niche of desnoods vintage moet noemen? Wel opvallend in geval van Bois D’Orient: een combinatie van geuren die je niet vaak in mannengeuren ruikt, maar alleen zo braaf opgevoerd dat het gehoopte effect niet goed tot zijn recht komt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Bois D’Orient is eigenlijk een ‘zoethoudertje’ die sprankelend opent met citroen en mandarijn pittig gemaakt door roze peper, groen gemaakt door munt en jeneverbes. Het hart: ik wou dat ik de volle laag kreeg van deze kaneel-, vijg-, framboos- en pruimmelange. Zoet, smeuïg, ‘anders’ fruitig. Ik bedoel: hier had Tom Ford raad mee geweten. Het lijkt we of het hart in het water gevallen is. Door, onder en boven de ingrediënten ruik je een cleane, frisse noot alsof teveel water bij de vruchtensiroop is gedaan.

De basis trekt deze aqua-toets door: de houtnoten (ceder- en sandelhout) zijn bescheiden, de witte musk daarentegen gaat lekker zijn gang (versterkt het cleane karakter), maar wordt enigszins een halt toegeroepen door een amberachtige noot (cistus labdanum met vanille-accent) en een bonbon-nuance. Welk leuk: het lijkt even of het fruitige hart als vulling voor de bonbon dient. Maar wat uiteindelijk resteert is een transparante zoethoutige geur.

JEAN CHARLES BROSSEAU LOGO

4711 ALS AFSCHEIDSCAD’EAU

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 20, 2014
Geplaatst in: OPVALLEND PARFUMNIEUWS. Een reactie plaatsen

NAZORG

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 4711 FLACONGeurengoeroe vindt het weliswaar een merkwaardige aanleiding. Maar altijd geïnteresseerd hoe culturen met geur omgaan en beleven buitenom het klassieke, ‘huishoudelijke’ gebruik (persoonlijk genot), las hij vanochtend in de Volkskrant het volgende: naar aanleiding van het eindrapport over de Molukse treinkaping in 1977. De schrijfster Sylvia Pessironi komt aan het woord.

Ik citeer: ‘Daar zeiden ze: ‘Weet je Syl, de kisten zijn verzegeld. Gisteravond hebben ze niet eens de rituelen kunnen uitvoeren’. Dat gaat bij ons om het besprenkelen van eau de cologne’.

Ik zoek verder op internet en kom tegen: ‘Na de uitvaartdienst wordt de lijkkist door de kinderen en andere familieleden naar buiten gedragen. De lijkwagen rijdt altijd nog een keer langs het huis van de overledene. Dan gaat men naar de begraafplaats. De aanwezigen scharen zich rond het graf. Hier leest de dominee een passage voor uit de bijbel. Gezamenlijk wordt het Onze Vader gebeden. Daarna strooit de naaste familie bloemblaadjes of eau de cologne. Vroeger 4711, tegenwoordig vaak liever een ander luchtje. Soms wordt ook een fles meegegeven in het graf’.

En over 4711 gesproken: ik kom steeds meer perfume-insiders tegen (in real life, op de internationale parfumblogs) die Neroli Portofino (2007) van Tom Ford – met name de eau de cologne-versie – toch wel verdacht veel vinden lijken op de geur waarmee de moderne parfumindustrie begon en nog steeds gemaakt wordt, 4711 dus.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE NEROLI PORTOFINO TOM FORD MODELS2

HOMME EXTREME JOOP!

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 18, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET H. Getagd: CACAO, JOOP!, WOLFGANG JOOP!. Een reactie plaatsen

‘EXTREEM SUGGESTIEF. EEN GEUR VOOR ECHTE MANNEN’

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 18/11/14

Neus: onbekend

Ambassadeurs: Justice Joslin, Dasha Malyginan

Fotografie: Nathaniel Goldberg

Het gebeurt minder dan voorheen, maar toch als ik over straat loop of fiets, ruik ik nog wel eens een zoet-oosterse klats-boem-hit-me-in-the-face-golf en denk dan: ‘Daar gaat Joop!’ De eerste geur van Wolfgang Joop met uitroepteken achter zijn familienaam welteverstaan: Homme (1989). Daarna zijn er vele, zingt u even mee – ‘Joopje-Joopje is gekomen heeft een geurtje meegenomen, maar ik zal er niet om treuren als die mij niet kan bekeuren, want een andere klopt weer snel op de parfumerie-deuren, trala-la-la-lalaaa-la… ‘ – bijgekomen om in 2014 voor de zoveelste keer terug te komen bij deze moderne klassieker.

Alleen heeft Wolfgang Joop er niets meer mee te maken, hij verkocht zijn parfum ‘hebben en houden’ aan Coty en bij deze cometicareus staat hij niet meer hoog op het prioriteitenlijstje. Gewoon kijken wat je er nog uit kunt halen, voor het merk geleidelijk in de vergetelheid zal raken, want: ingehaald door de nieuwe Joops van deze tijd, maar dan op een meer mondiaal niveau – denk Marc Jacobs. Coty heeft er ook voor gezorgd Joop! als parfummerk steeds minder eigenzinnig is geworden, meer een invuloefening van parfumclichés. Lees je kort samengevat ook in het persbericht van Homme Extreme: ‘It’s all about sex really’.

Iets uitgebreider: ‘Sommige mannen zijn niet bang om dit toe te geven en voor hen heeft Joop! het ultieme afrodisicum ontwikkeld: Homme Extreme. Door de jaren heen is Homme het symbool van verleiding en het summum van mannelijkheid gebleven. Nu gaat Joop! een stap verder met een geur die een extreem fysiek gevoel oproept en waarbij de verleiding overgaat in actie. Homme Extreme heeft een verslavende werking op het vrouwelijke onderbewustzijn – toe maar! – en roept beelden op van gepassioneerde omhelzingen. Provocerend én aantrekkelijk. Kortom, de Homme Extreme-man is niet bang om een onvervalste, echte man te zijn’.

Need we write more? Nou misschien nog dat dit geile gevoel wordt uitgebeeld door Justice Joslin (voetballer en model) en Dasha Malyginan (supermodel en dj), en op de gevoelige video werd vastgelegd door Nathaniel Goldberg. ‘Met dit provocerende beeld dat zich volledig concentreert op het plezier dat de mannelijke geur uitoefent op een vrouw, breekt Joop! de bestaande codes’. Geurengoeroe zegt: ‘Is dat zo?’

En: ‘Dasha’s gepassioneerde blik en sensuele uitstraling illustreren de kracht van een man die Homme Extreme draagt. Door haar expressie kun je het onweerstaanbare effect van de geur bijna voelen’. Nu aan jou om te beslissen of deze geilheid het best explodeert in de lift, op de bank, in het bed of overal ‘overal waar de meisjes zijn, waar de meisjes zijn, overal, overal… ‘.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CACOASimpeler en directer in vergelijk met Homme. En vanzelfsprekend wordt de sensualiteit (of is het nu erotiek?) opgeroepen met meer up to dat-smaakmakers: in dit geval cacao en sterke drank-achtige nuances. En je zit ook eerder in de geur. Alleen is het nu wat onbestemder – je kunt de noten er niet trapsgewijs echt uitpikken, zoals bij Homme. De compositie wordt omschreven als een ‘oriëntaalse, kruidige geur gebaseerd op een onverwachte melange van wilde kruiden en luxueuze houtsoorten’. En bevat in het hart ‘een geheim, mysterieus hot skin-akkoord, gebruikt om de intensiteit van de fysieke liefdesdaad uit te drukken’. Erotiek dus. ‘Krachtige en fluweelzwarte cacaonoten (foto) contrasteren hierbij perfect en de patchoelibasis bezielt de compositie met een dimensie van seks, waardoor de geur een absoluut verslavende werking krijgt en Homme Extreme een sensuele ervaring wordt’.

Ik kom bijna… niet bij van deze opzwepende peptalk. En heel eerlijk gezegd: volgens mij moet je andere ingrediënten aanwenden om dit – in ieder geval bij mij – voor elkaar te krijgen. Ja inderdaad civet en bevergeil. De opening: een idee van fruitige zoetheid. Lijkt op zwarte bessiroop met een menthollaagje met een pikant randje… zijn dit de wilde kruiden?

Tegelijkertijd kondigt zich de musk al aan die in het begin nog wordt gemaskeerd door een bloemige noot zwevend tussen jasmijn en oranjebloesem, maar ‘op het eind’ met een amberachtige noot – die bepaalt wordt door cacoa – samenvloeien, waardoor de geur iets smeuïgs krijgt. En ruik ik daar nu ook een beetje tabak en wat druppels rum? De patchoeli niet. Of niet in ieder geval zoals die in een oosterse geur hoort te ruiken – de patchoeli zit verpakt in de amber.

HOMME EXTREME ADV

ZEN MOON ESSENCE SHISEIDO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 16, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET Z. Getagd: SHISEIDO ZEN. 1 reactie

MOONSTRUCK & PHANTOSMIA

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 16-11-2014

Neus: Michel Almairac

Illustratie op de flacon: Keishin Araki

Wieteke van Zeil in de Volkskrant van gisteren: ‘De neus kan de mens voor de gek houden. Jane Andrews uit Southhampton merkte het toen ze op een lenteochtend een paar plantjes kocht: bij het neerzetten rook ze vuilnis. Modder en rotte eieren, de geur prikte in haar neus. In de supermarkt leek de stank nog in haar kleren te zitten en zelfs bij de dokter in de wachtkamer rook het naar vuilnis. Eenmaal binnen luidde de diagnose: phantosmia, ofwel geurbetrekkingswaan. Andrews, die dit verslag deed in The New York Times, ruikt dingen die er niet zijn’.

Van Zeil haalde haar aan om haar eigen ‘fantoomgeur’-gevoel toe te lichten die ze af en toe ervaart in musea: ze zweert dat ze dingen ruikt die er niet zijn. ‘Hoe beter een schilderij, hoe groter de kans op een aanval van lichte phantosmia’. Volgen een aantal voorbeelden. Zoals bij het zien van een doek van Claude Monet rook ze een, zoals ze het omschrijft, vakantie-in-Frankrijk-geur: ‘Die uitgestrekte velden na het hooien, met van die samengebonden balen die je nu nooit meer ziet omdat er groen plastic omheen zit en het heiige licht’.

ZEN MOON ESSENCE SHISEIDO

Zoals bij het zien van De stier van Paulus Potter. Daar had ze eerst niet zoveel mee, tot ze er onlangs voorstond: ‘Het kwam: het weeïge, melkachtige, een zweem van gras en poep maar dat het niet vies is. De fantoomgeur steeg op de uit de herinnering van verre vakanties in Friesland, hoge modderlaarzen, net geboren kalfjes en mee met de boer op de hooiwagen, en ging niet meer weg’.

Herkenbaar voor mij en vele anderen, en prettig om te lezen. Eindelijk een journalist die niet met hèt clichékoekje uit de parfumgeschiedenis komt om de olfactieve kracht te omschrijven die onzichtbaar liggen opgeslagen in dingen, voorwerpen en wezens: Marcel Proust en ‘zijn’ madeleine.

Ik zelf heb het de laatste tijd met de maan. Als ik haar zie begin ik iets te ruiken: iets melkachtigs, iets warms, nougat met gevuld pistache en hazelnoot, broodpap met kaneel,  rozijn en honing. Vooral als het ‘supermaan’ is, wanneer haar elliptische baan het dichtst bij de aarde komt (perigeum) en samenvalt met volle maan. Ik begin nog net niet ‘crying for the moon’, de wolf wordt nog net niet in me wakker.

Even a man who is pure in heart

And says his prayers by night

May become a wolf when the wolfbane blooms

And the autumn moon is bright

Maar overrompelend vind ik het nog steeds. Magie en mysterie – over parfumclichés gesproken – binnen handbereik. Wat ik in mijn hoofd ruik, laat zich bijna niet vatten in parfum. Alhoewel, bovenstaande associaties kun je wel vertalen met ingrediënten. Ik ben vanzelfsprekend niet de enige die gefascineerd is door de maan. Afgaande op het persbericht van Shiseido’s Zen Moon Essence, heeft Japan waarschijnlijk de intiemste band met dit dichtbijzijnste hemellichaan. Met name als ze schijnt in september, dan gaan veel Japanners ‘maankijken’ – tsukimi in het Japans’ omdat de maan dan het toppunt van zuiverheid, schoonheid en helderheid bereikt. Van het tsukimi gaat een enorme troost uit en het inspireerde dichters – waaronder Uryoshi in de achtste eeuw – tot haiku’s:

Schep water op en de maan ligt in je handen

Streel de bloemen en je kleding geurt naar hun parfum

ZEN MOON ESSENCE ABOVEIn Japan wordt het maanlicht vaak omschreven als een ‘gouden gloed’. Het schittert niet, maar weet toch te verleiden met haar magnetische kracht die te midden van de nachtelijke schaduwen en silhouetten is als ‘een reis op zoek naar wonderen’.

Shiseido zet nu deze traditie voort, maar vertaalt deze zie-de-maan-schijnt-door-de-bomen-bewondering in een nieuwe Zen-geur die uitnodigt tot het beleven van een nieuw bewustzijn. Met Zen Moon Essence ‘omhels je de schoonheid die je omringt, schoonheid die je niet met je handen maar met je hart moet raken waardoor het maanlicht er kan ontluiken – bloesems stralen in het licht, stralende witte bloemblaadjes bieden zich aan als een geschenk’. En over de flacon: ‘De tere bloemen met parelmoerschittering sieren het oppervlak en lijken het zachte maanlicht in zich op te nemen en vervolgens te verspreiden tot ‘ver buiten de grenzen’ van de flacon. Want om de betekenis van de Japanse volle maan op te roepen en de gouden harmonie die zij schenkt aan de nacht, gebruikte Keishin Araki de traditionele laagjestechniek waardoor de gouden nuances – helder maar niet verblindend – aan diepte en ‘stilte’ winnen’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

MAGNOLIA AT NIGHTIk denk anders over de ‘gleurgloed’ van de maan dan meester-parfumeur Michel Almairac. Geen lichte gourmandgeur op basis van veel sandelhout hier.

Ook wat bloemen betreft wat maakt hij andere associaties: geen heavy witte lelie en narcis verzacht door lotus en teder verfrist door magnolia (foto). Laatste hij heeft wel geplukt en voegde hierbij helder jasmijn, zoet viooltje en ‘tedere’ tuberoos voor een transparant, stralend boeket voorzien van warme noten in de basis. ‘Troostend’ amber, zwoel patchoeli, sierlijk kasjmierhout, vanille en witte musk. Het effect volgens Almairac: witte bloemen opgelicht door de volle maan, een intense en magnetische melange, een volmaakte vertolking van de maan zoals die in Japan de nacht verlicht’. Hij introduceert dit met een citrusfrisse tinteling – bergamot, peer, ananas en roos – die doordat het verpakt is in roos eerder een zuchtje dan een golf is.

Mooi, elegant en ‘vloeiend’. Alleen is hij wel heel erg braaf, heel erg ‘me too’, heel erg bescheiden in zijn intenties: jasmijn, tuberoos en magnolia bepalen het hart van al zoveel geuren en krijgen niet de sensualiteit die het ‘verdient’. Heeft Almairac wel eens ’s nachts jasmijn geroken in Azië? Ik een aantal keer en viel bijna flauw van de indolen. En tuberoos mag never-nooit-niet bescheiden ruiken, ook in omringd door andere bloemen moet ze zich laten gelden, juist.

Of zou hij Zen Moon Essence gemaakt hebben met de Japanse consument in gedachten? Die is niet zo gek op doordringende melanges naar wordt beweerd. Wat ook de basis verklaart: de houtnoten klinken op papier vol; in werkelijkheid blijkt het tegenovergestelde: bleek hout en witte musk. Maar niet beschenen door de maan.

LOGO SHISEIDO

GEPARFUMEERD LICHT IN DE DUISTERNIS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 14, 2014
Geplaatst in: ACHTERGROND, TRENDS TOEGELICHT. Een reactie plaatsen

OVER GEURKAARSEN EN SCENTMARKETING

DIPTYQUE SCENTED CANDLESIk dacht de meeste ‘last adapters’ voorgoed hun geurkaarsen nu hadden uitgeblazen – dat de trend was uitgedoofd. Maar wat blijkt: ze steken ze weer enthousiast aang. Niet gek op kaarzen, maar wel gek op een prettig geparfumeerd interieur: men neme roomdiffusers. En dat heeft niets met het winterse seizoen te maken. Steeds vaker wordt geur aangewend ter verhoging van de vreugde. Niet alleen om de omgeving prettig te laten ruiken, maar ook als onderdeel van figuurlijke brandmarketing (versterking van de filosofie van een merk), de verkoop te prikkelen en zelfs om negatieve emoties in goede banen te leiden.

Als je in Amsterdam vanaf het Vondelpark richting Van Baerlestraat loopt, en je bent aan het shoppen, dan is de kans wel heel klein dat je niet tegen geurkaarsen of aanverwante producten oploopt. Maison Rivièra verkoopt ze, Zara Home – hele goede prijskwaliteit-verhouding – ook. Zelfs Villeroy & Boch. En natuurlijk Skins: de kaarzen van Dyptique zijn daar een begrip. En zelfs minder bekende merken (Fornasetti, Acqua di Parma, Le Labo en Byredo) bevinden zich in het assortiment. Zou ik bijna Frédéric Malle vergeten. En loop je de PC Hooftstraat in, dan kom je van de ene wereld in de andere, aangezien veel luxemerken hun exclusieve uitstraling versterken met een eigen ‘brand’-geur. Zelfs lingeriespecialist Hunkemöller heeft – in navolging van Agent Provocateur – voor zijn nieuwe flagshipstore in Antwerpen een parfum d’ambiance laten ontwikkelen.

ACQUA DI PARMA CANDLERond je je ‘shopping spree’ af met een lunch in het Conservatorium Hotel – ook dan geuren de kaarsen je tegemoet. En buiten de hoofdstad heb je ook steeds meer nichewinkels en boetiekhotels die geurkaarsen en aanverwante producten van bijvoorbeeld Cire Trvdon, Malin + Goetz, Memo Paris, Terenzi, Thymes, Torre of Tuscany aansteken en/of verkopen.

Vind je de prijs van deze geurende luxe voor privégebruik te pittig, niet getreurd: ook Ikea, Intratuin, Hema en Blokker hebben af en toe geurkaarsen en/of parfumoliën op het schap. Iets duurder: Rituals. Ook verschijnen nog regelmatig scented candle-variaties van populaire geuren. Jo Malone heeft er patent op. Dior vatte Eau Noire (2004) in was, Tom Ford eenmalig Neroli Portofino (2007). Alleen moet je je afvragen of je interieur moet ruiken naar je favoriete ‘huidparfum’. Daar hoef je bij Guerlain geen zorgen over te maken; het huis heeft een speciale geurkaarsentak.

Nieuw: geurkaarsen – Tiziani Tirenzi – die knetteren als een ‘romantische’ openhaard. Dat effect ontstaat door het speciaal geprepareerde lont. Echt nieuw is het niet: tien jaar geleden al kon je blikjes kopen die je in je nep-openhaard stopte en die zowel vlammend licht als het geluid van brandend hout gaven.

TERENZI

De ‘verparfumering’ van de wereld valt natuurlijk in een breder kader. En wordt niet alleen gedaan, zoals vroeger, om stank te maskeren vanwege de haperende hygiëne – waarvoor in de kerk wierook werd verbrand – maar om mensen in ‘een bepaalde richting’ te sturen. De redenen lopen uiteen. Warenhuizen willen de kooplust bevorderen. Designhotels willen een nog aangenamere ambiance creëren waardoor je wellicht langer blijft en dus ‘vanzelf’ meer gaat eten en drinken.

Soms overdrijven hoteliers een beetje: zo werd ik onlangs overwalmd door de niet zichtbare opgestelde geurkaarsen in het net geopende Waldorf Astoria Amsterdam. Nieuw en nog in een proefondervindelijk stadium: geuren verspreiden op plekken waar ‘vanouds’ veel mensen samenkomen en dus spanning kan heersen waardoor het uit de hand kan lopen: in gevangenissen, in detentiecentra, tijdens manifestaties die tienduizenden mensen trekt. Een wave van een lichte rozengeur door het stadion en voetbalhooligans veranderen binnen de kortste keren weer in ideale schoonzonen.

Dat niet iedereen is gediend is van deze doorgedraaide 24/7-geurexperience blijkt uit een sketch van de Amerikaanse comedyshow MadTV. Stamt al weer van een paar seizoenen terug, maar blijft hilarisch: twee studerende roommates kijken samen naar een American football-wedstrijd. Bij elke touch dowen, fieldgoal en/of safety die volgt, worden ze steeds intiemer in elkaars omhelzingen om hun vreugde te delen. Op het laatst gaan ze plat op de bek, beginnen te tongen. Ze komen onthutst tot zichzelf, concluderen dat ze homo zijn. Zegt de een: “Ok, so now we’re gay, what are we going to do? Tell our parents?” Antwoordt de ander: “Buy scented candles?”

GEURKAARSEN FORNASETTIHeel veel mensen hebben vaak niet eens in de gaten dat ze met deze trend actief meedoen of passief ondergaan. Zo is de geur van appeltaart als je koopgegadigden rondleidt door je woning ‘so 2012′: nu heb je meer kans alsof het lijkt dat je net een zelfgebakken brood uit de oven hebt gehaald – te koop in een spuitbus.

En de betere dealer sprayt het interieur van auto’s nu met een subtiele leergeur – dit om het rijke karakter te versterken. Er zijn zelfs al begrafenisondernemers in Amerika gesignaleerd die in hun aula tijdens een ‘afscheidsreceptie’ een troostende en vredige geur verspreiden.

Want de markt wordt steeds slimmer in het bespelen van de consument door middel van geuren. Daar wordt op universitair niveau al langer veel (hersen)onderzoek naar gedaan. Deze studie heet neuromarketing. Doel: producten en diensten beter laten aansluiten bij behoeftes van consumenten en om marketingactiviteiten (bijvoorbeeld reclamecampagnes) effectiever te maken. Omdat het oorspronkelijk een medisch vakgebied is (neurowetenschap), gericht op het genezen van ziektes, menen tegenstanders dat het onethisch is deze kennis op het bedrijfsleven toe te passen.

Met name in de Verenigde Staten is het controversieel. Er wordt gevreesd dat onderzoekers een gebied in het brein zullen ontdekken waar consumentenbelissingen worden genomen (de zogenaamde ‘koopknop’) en dat marketers dit gebied zullen exploiteren. Kom je na een middagje winkelen thuis, en vraag je je tijdens het uitpakken waarom je in hemelsnaam zoveel gekocht hebt? Komt misschien door de diffuser die je niet zag in het warenhuis, maar de geur die het verspreidde wel onbewust in je opnam, en jouw destructieve spendeergedrag zo aangenaam prikkelde.

Voor ik het vergeet: je kunt natuurlijk ook de ‘classic usual suspects’ gebruiken: wierook, mirre en andere geurende harsen. Zo kreeg ik onlangs van een Surinaamse vriend boskandra (foto onder) cadeau – met hetzelfde effect als wierook. En in de rest van Zuid-Amerika wordt palo santo voor dezelfde doeleinden gebruikt.

BOSKANDRA 2

BOSKANDRA 1

BEIGE, JERSEY, 1932 – LES EXCLUSIFS LES EXTRAITS – CHANEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 12, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET B, GEURENALFABET CIJFERS, GEURENALFABET J, NICHE, PIEDESTAL POUR DES PARFUMS. Getagd: Chanel, Les Exclusifs. Een reactie plaatsen

NOBLESSE OBLIGE

ODE OP VERFIJNING, ODE OP DE ESSENTIE VAN PARFUM

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 12/11/14

Neus: Jacques Polge

JERSEY CHANELIk signaleerde het onlangs al met mijn beschrijving van het extract van Chanels Cuir de Russie (1924): de ware essentie van een geur ervaar je in een pure parfum-versie. Ook dat deze kans steeds minder wordt geboden: eau de parfum is vaak het maximaal haalbare in de parfumerie. Alleen huizen met een noblesse oblige-esprit leveren nog extracten.

Chanel, Guerlain en sinds kort – weer opnieuw – Christian Dior. Van Miss Dior Original (1957), Diorissimo (1956), Poison (1985), J’adore (1999) en Miss Dior (2009) werden door François Demachy nieuwe extracten gemaakt. En zelfs Estée Lauder doet mee: Modern Muse (2013) werd dit jaar uitgebreid met een parfumversie.

Toch verschillen deze versies van de Chanel-extracten, want die zijn zover ik weet de eerste geïnspireerd op een nichelijn en dus daarom niet te koop in de parfumerie – alleen in de Chanelboetieks. Waarom juist deze drie? Ze schijnen de bestsellers van Les Exclusifs te zijn: genoeg mensen die er op een intensere manier van willen genieten.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Beige verscheen in 2009 als eau de toilette, onder meer begeleid door een opmerking van Gabrielle Chanel herself: ‘Ik vlucht in beige omdat het natuurlijk is, de beige kleur van leem, vochtig zand, honing’. Het door Jacques geleverde Beige leverde een geur op die voor mij – nu terugruikende – meer beige satijn was, dan beige tweed. In het extract wordt beige definitief tweed, gemaakt van het fijnste wol die toch enigszins ruw ‘bedraad’ is.

Het is voller zonder zijn lichtheid te verliezen en speelt een olfactorisch verstoppertje: denk je net die ene noot te ruiken, meldt zich direct de volgende sensatie die in je gedachten laat stotteren omdat je het niet zeker weet. Neem de opening: lijkt op een overzoete, fluweelachtige, honingachtige hesperide-opening, die als je goed doorruikt een mix moet zijn van frangipani en fresia. Die samen doen alsof ze een exotische sorbet zijn – zo luchtig, zo sprankelend en bedekt met geschaafd kokos.

Heel geleidelijk gaat de meidoorn bloeien en veel overvloediger dan in de eau de toilette waardoor haar houtachtige noten worden versterkt, maar nooit wordt het te – daarvoor is Beige als parfum te chic, te ‘Parijs’. Want ook hier, gelijk de eau de toilette, wordt de meidoorn verzacht met heliotroop en de algehele bloemennoot sensueel geschraagd met ylang-ylang. Dat is het.

En ook weer niet. Het lijkt of af een toe een meiklokje komt pop-uppen, haar klokje even laat klingelen met een frisgroen ‘geluid’ tot gevolg. En ‘op het einde’ lijkt deze beige bloemenverfijning weg te zinken in een sandelhoutbasis. Maar toch: het parfum had voor mij iets straffer gemogen, nog meer de diepte in – meer nadruk op meidoorn en ‘beige’ hout.

1932 CHANELOm het niet op één lijn te stellen met de parfumversie 1932. Hoewel qua bloemeninvulling totaal verschillend, heeft het toch overeenkomsten door de zacht- en helderheid. Beige zowel 1932 schitteren onder een Europese hemel. Alleen wordt dat in 1932 opgeroepen met heel veel jasmijn die in de ouverture ook iets van een sorbet heeft door de peer- en grapefruitmix waarachter de jasmijn al bloeiende zich nog even schuilhoudt.

Ik schrijf bewust bloeiende, want ‘hij’ heeft iets levendigs, alsof je de blaadjes door de lucht ziet dartelen en niet gevangen in laboratorium-flesje. En dan ‘all of a sudden’ vallen ze in een volle, smeuïge irisboter ondersteund door vetiver die de jasmijn vasthoudt en haar een ‘iets van’ houtige structuur geeft. Ook weer erg elegant, en hierdoor bijna op het randje van saai. Hier mis ik een onconventionele noot – eigen aan het karakter van Gabrielle Chanel en waar alle Les Exclusifs-geuren op de een of andere manier aan refereren.

Wat dan? De jasmijn had vileiner mogen ruiken, meer dierlijker, meer oosters. Zoals de bloemen daar ’s nachts op zijn ‘hardst’ bloeien om insecten aan te trekken voor de bestuiving. Een parfum dat je even letterlijk en figuurlijk de adem doet benemen en je doet verwonderen dat een neus dat allemaal in één 15ml-flacon kan stoppen.

BEIGE CHANELEn dan Jersey als parfum. Vooropgesteld: je houdt wel of niet van lavendel. Voor de haters: de nicheparfumerie doet steeds meer moeite dit kruid op te waarderen, haar te ontdoen van haar eenvoudige, eendimensionale Provence- en badschuimassociatie.

Lavendel wordt dus voller, warmer en meer paars dan lavendelgekleurd gepresenteerd. En hierdoor zou het zo maar kunnen dat je haters in liefhebbers transformeren. Misschien wel met Jersey. Dit is lavendel gevrijwaard van haar ‘klassieke’ witte musk-wasmachinebehandeling.

Hoewel nog detecteerbaar – ‘helaas’ eigen aan lavendel, ‘gelukkig’ eigen aan lavendel. Dit is lavendel die donker, aardser, donkergroen en kruidig ademt, beplakt zo lijkt het met tijm- en rozemarijnblaadjes. Zonder haar zonnige en bloemige kant te verliezen (met dank aan roos en jasmijn) komt af en toe een hooinoot voorbij gedragen door een zwoel Mistral-briesje.

Dit is eigenlijk lavendel die weigert om geknipt te worden, ze wil zitten waar ze zit en zich niet verroeren, tevreden als ze is met haar plek: geborgen in de Provencaalse warme aarde die af en toe wat vanilledruppels absorbeert.

Wil je Beige ruwer ervaren, mijn idee: layer haar met Sycomore (2008), wil je haar stoerder, meer androgyn ondergaan, pak dan Cuir de Russie (het parfumextract). 1932 krijgt meer sillage met wederom Sycomore, gaat zich lekker volbloemig aanstellen met Gardénia (1925) en wordt groener met Bel Respiro (2007). Jersey heeft geen verrijking en verdieping nodig,

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE LES EXCLUSIFS CHANEL

OMBRE FUMEE, D’AME DE PIQUE, NOIR D’ORIENT EVODY

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 11, 2014
Geplaatst in: GEURENALFABET D, GEURENALFABET N, GEURENALFABET O, NICHE. Een reactie plaatsen

WEER EEN NICHEPARFUMERIEWINKEL MET EIGEN GEUREN!

Jaar van lancering: 2014

Laatst aangepast: 11/01/14

Neus: Régine Droin, Cérine Vasseur? (zie foto onder)

NOIR D'ORIENT EVODY Evody klinkt als vintage, als de naam van een parfumhuis dat na zoveel jaren weer zijn deuren opent. Not! Het werd opgericht door een moeder – Régine Droin – en dochter – Cérine Vasseur – met samen een onvoorwaardelijke liefde voor parfums. Ze kunnen er wat van op hun homesite om hun liefde voor het olfactorisch universum onder woorden te brengen. Gaan we niet herhalen.

Feit is: ze openden in 2006 hun nicheboetiek in Saint Germain des Prés en beweren dat het de eerste in hun soort was in Parijs. Omringd door de mooiste geuren, ontstond het idee om zelf geuren te gaan ontwikkelen – zoals Aedas de Venustas en Boudoir 36 ook doen. Zo geschiedde. En goh, wat origineel: deze geuren ‘weerspiegelen hun persoonlijkheid, stemmingen, verlangens en gevangen momenten’. En jeetje, wat leuk: hun eigen geuren werden al snel de beststellers van hun boetiek.

Evody is een woordspeling op evodia; naam van een subtropische boom die volgens Régine en Cérine ook wel ‘de boom van honderdduizend bloemen’ wordt genoemd – geen zin om dat te checken – en hun ‘nog honderdduizend te creëren geuren moet oproepen’. Lijkt me iets teveel van het goede. Sterker, één procent hiervan is meer dan voldoende – liever minder. Er zijn twee lijnen: Collection Autobiographique die de hoogtepunten – tot nu toe – uit het leven van Régine Droin en Cérine Vasseur oproepen met als doel ze levend te houden: kinderjaren, geliefden, geboorte. Tja. Erg privé (en erg cliché), en wat moet je daar als buitenstaander mee… Dit klinkt naar interessantdoenerij om mensen ‘aan de koop’ te krijgen.

Ben je niet gevoelig voor deze persoonlijke besognes omgezet in parfums, dan is er Collection d’Ailleurs: een ‘eerbetoon aan het ontsnappen, de rijkheid van de natuur en – hoe politiek parfumcorrect – de diversiteit van culturen: Ombre Fumée, d’Ame de Pique en Noir d’Orient. En deze drie ruiken, het moet gezegd – chic, trekken een duidelijk parfumspoor en doen door hun klassieke verfijning met modern-eigenzinnige toets denken aan Parfum d’Empire, zij het iets minder overrompelend.

D'AME DE PIQUE EVODY

Maar: al vaker geroken en my god: wat zijn de flacons weer slaapverwekkend saai. De dop wordt ook door andere chique en onderscheidende parfumhuizen gebruikt. Ik weet het opzetten van een eigen lijn kost geld, maar waarom niet je eigen draai er aan geven? Of is het even de kat uit de boom kijken: Parfum d’Empire (anno 2003) en Teo Cabanel (‘re-anno’ 2006) waren in het begin ook armoedig wat presentatie betreft, ondergingen pas onlangs een upgrading. Geldt ook voor Nobile 1942. Maar echt, zoals je niche wenst en eigenlijk hoort te zijn – dat zijn ze alle vier voor mij nog steeds niet.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Noir d’Orient is ode op het eiland Réunion – waar de beste vanille vandaan komt, on dit. De geur gaat volgens Evody voorbij aan het tropische eiland-cliché zonder dat wordt uitgelegd wat dat precies inhoudt. Voor mij is dit ‘zwart uit de Oriënt’ kruiden, kruiden en kruiden. Nee beter: specerijen, specerijen en specerijen, eerst omringd met een whif van overrijpe pruim die snelt verdrinkt in een vat vol zoeter-dan-zoet rum.

Dan moet je Noir d’Orient tot rust laten komen – pak een koffieboon om je geurorgaan te neutraliseren – om los te komen van het rumgevoel. Dan heel langzaam neem je meer waar. Ik met name peper en kardemon, een vleugje iris. De jasmijn komt bij mij niet boven op de rum drijven… wel neem je na verloop van tijd goed ‘the bottom of the barrel’ (tonkaboon, ambergris) waar en het hout waarvan het gemaakt is (cipres, cederhout en vetiver).

Interessant: dit hout verdwijnt niet onder de ‘vette jus’ van tonkaboon. Goede balans tussen hout en sensualiteit. En zo waar: heel langzaam neem je een subtiele suèdenoot waar. Die garandeert samen met ambergris dat Noir d’Orient meer is dan een ‘amber-rum’-parfum met ‘geurkaars’-associaties.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE SAFFRAAND’ame de Pique is een leuke woordspeling op pique dame (schoppenvrouw) en bij operaliefhebbers direct een bel doet rinkelen… Letterlijk vertaald betekent het ‘de ziel van de prikkel’ en dat slaat natuurlijk op de doornen van de roos die in deze geur de hoofdrol spelt.

Mooi, maar tegelijkertijd voorspelbaar deze overzoete roos die een inmiddels veelbeproefde niche-opening heeft: verfrissend-bloemig bergamot die direct zoet wordt gemaakt door peer en groen door zwarte besblad (doet hierdoor denken aan enkele geuren van Parfums Rosine).

De zoetheid van de Marokkaanse roos (absolu en essence) wordt nog meer versterkt door framboos. Mag het ietsje zoeter en daardoor vlakker? Gelukkig niet, daarvoor zorgt saffraan (foto) voor; die geeft het geheel een droge-stroefe allure, zuigt de zoetheid in zich op. Helemaal niche-nu. En dit alles gelegd op een braaf bedje van kasjmierhout, patchoeli, sandelhout en vanille.

Bij het uitspreken van naam, Ombre Fumée, kun je de geur eigenlijk al ruiken, begint het hout te roken in de schaduw. En: kan wierook groenachtig ruiken? De vraag stellen is hem beantwoorden. Krijgt in Ombre Fumée een maté-achtig, donker, maar luchtig randje. Dit ‘groene wierook’-idee komt volgens mij op conto van laurier (die in zijn meest intense essence zelf richting wierook, zelfs richting leer kan gaan).

Boeiend deze balans tussen rook en zwoele kruidigheid – kaneel en kruidnagel – met Indische toets die wordt opgetild door een briesje aangedreven vanuit de Indische Oceaan en eensgezind één wordt met de ambersluier omringd door hout: patchoeli en sandelhout.

EVODY THE CREATORS

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
    • MON VETIVER ESSENTIAL PERFUMES
    • LA ROSE DE ROSINE LES PARFUMS DE ROSINE
    • DELIZIA OSCURA CALAJ
    • GEURENDE SCULPTUREN
    • MY BEST FRIENDS FRAGRANCE
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 126 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen
 

Reacties laden....