EAU SAUVAGE VERTE
Jaar van lancering: 2017
Laatst aangepast: 22/05/17
Neus: François Demachy
Vreemd of niet: de inspiratie voor nieuwe geuren wordt bij Dior nu niet gehaald bij de oprichter van het huis (zijn leven is bijna op alle parfumfacetten gescand), maar bij François Demachy. Een erg opwindend leven heeft deze neus niet – afgaande op de braaf-verplichte gaapgaap-interviews die ik met hem gehad – meer ambtenaar dan kunstenaar zullen we maar zeggen. Of beledig ik nu iemand, je moet tegenwoordig zo oppassen in deze ‘eigen (beroeps)groep eerst’-tijden.
Wel een voordeel: Demachy is Grassois van geboorte. Maar hij is niet de enige. En heb je dan als neus een streepje voor, worden hierdoor je creaties beter in vergelijk met collega’s die het levenslicht niet in de hoofdstad van de parfumerie zagen? Hier kun je een parfumboom over opzetten, maar de uitkomst is oninteressant gezien er geen maatstaf bestaat over wat parfum goed of slecht maakt.
Demachy blijft voor de tweede parfum-versie van Eau Sauvage (niet in de zin van extract; het is een eau de parfum) ook weer heel dicht bij huis. Luiheid of verplichting, want zo staat in het persbericht: ‘Geïnspireerd door de rauwe schoonheid van de Middellandse-Zeevegetatie, brengt hij een prachtig eerbetoon aan Grasse, de stad waar hij opgroeide. Eau Sauvage Parfum is ontstaan in de fonkelnieuwe olfactieve creatiestudio van het huis Dior sinds kort gevestigd binnen de muren van de Bastide des Fontaines Parfumées in het centrum van Grasse’. Verplicht dus. Iets anders: kun je ook een lelijk eerbetoon brengen?
Het promotiemodel blijft hetzelfde: ‘vintage’ Alain Delon, in de tijd dat deze ‘brutale god’ uit de achterbuurten van Parijs zijn artistieke hoogtijdagen had en Eau Sauvage werd gelanceerd – de jaren zestig.
Vind het wel vreemd: een tweede parfumversie. Waarom? Omdat Dior zich verplicht voelt mee te blijven gaan in de mallotige lanceringsmachine van nu die het zelf mede in gang heeft gezet: elk half jaar iets nieuws. En als je even doordenkt: je wordt als consument niet serieus genomen. En je neemt jezelf als neus ook niet serieus: een compositie is een keer gewoon af. Straks gaat Eau Sauvage de Shalimar-kant van Guerlain op. Zóveel variaties dat je je kunt gaan afvragen of er iets mis is met de originele compositie. Met de allereerste Eau Sauvage (1966) in ieder geval helemaal niets, non, niente, nada, rien.
WAT EAU SAUVAGE PARFUM IK EIGENLIJK?
Complimenten krijgen is altijd leuk, of niet? Hangt er natuurlijk vanaf wie het zegt en met welke intenties. Ik kreeg het in ieder geval met Eau Sauvage Parfum van verschillende personen uit mijn omgeving die alleen weten dat ik ‘iets met geuren doe’. Je kunt ook dood gecomplimenteerd worden – zover ging het bij mij niet. Je kunt jezelf ‘richting uitputting’ ook constant schouderklopjes geven. Heeft François Demachy nu een beetje last van.
Lees maar: ‘Het bewerken van Eau Sauvage is een subtiele oefening van herinterpretatie. De signatuur moet tot op de millimeter nauwkeurig gerespecteerd worden en de authenticiteit van de grondstoffen moet behouden blijven. En tegelijkertijd wil je diepte en intensiteit toevoegen. Het gaat er niet om dat de kracht en de concentratie versterkt worden. De kunst is juist om de structuur extra glans te geven door een toevoeging van nog meer warmte’.
Ik antwoord: logisch, vanzelfsprekend. Knapper zou het zijn als Demachy hetzelfde resultaat met ‘de Franse slag’ had gekregen. En soms ga je laatste zelfs vermoeden, gezien de hoeveelheid geuren die hij produceert. Dat is meer een kwestie van op knoppen drukken geworden – geldt voor de meeste neuzen inmiddels – dan een variatie op de achtste vorm van kunst te maken.
In deze Eau Sauvage Parfum schijnt de zon anders. Niet over de het in water drijvende jasmijnblaadjes (hedione), maar over de duinen richting bosschages op zoek naar groene, aromatische en kruidige noten en slierten verdwaald gedroogde vetiverwortels. Kort door de bocht: minder ‘jasmijnwater’ (hedione), meer bos.
De originele versie bespeur ik met name in de opening: een verkwikkende wind van citrusnoten – citroen, cederappel, bergamot. Dan – helemaal terug van weg geweest in geurenland – lavendel. Die pikken de bloemige noten van bergamot op, maken haar rond, bloemiger zonder in truttigheid te vervallen. Dat komt natuurlijk door de wilde bloemen.
Hoe vind je die? Wilde bloemen. Brem, meidoorn, vlierbes? Maakt niet uit, of wel? Het effect in ieder geval: een bloemige noot die snel kopje ondergaat in – persberichtcitaat – ‘hedione het beroemde en revolutionaire molecuul dat aan de wieg heeft gestaan van de legende van Eau Sauvage’. Nu treedt de transformatie op, het water zoekt contact met het hout. Vetiver – persberichtcitaat – ‘ontdaan van zijn gronderige noten, zorgt voor een nieuw, houtachtig facet dat gezuiverd en helderder is’.
Klopt. Ofwel, minder houtiger, groener als het ware. Elk nadeel heb zijn voordeel: hierdoor kunnen volgens Demachy de oriëntaalse noten zich beter ontwikkelen: elemi en cistus labdanum. Hier licht van toon en besprenkeld met best veel kaneel en steranijs. Eindresultaat: een dieper, donkerder meer groen wild water. Ik mis alleen de klaterende en schaterende lach van de oerversie. Wat wel leuk is: Eau Sauvage Parfum komt als de geur zich diep in de huid heeft genesteld aardig in de buurt van Dioressence (1978) – het barbaarse parfum voor de vrouw met ‘mannelijke’ trekken.


Vooropgesteld: ik vind Le Vestiaire een originele en clean-mooie invulling van (mass)niche door een – voormalig – couturehuis. Kledingstukken die Yves Saint Laurent zelf niet heeft bedacht, maar wel een nieuwe draai heeft gegeven en hierdoor inmiddels tot de ‘canon’ van de haute couture worden gerekend honoreren met geuren. En die inmiddels – sprak de oude zeur – een genot zijn om naar (terug) te kijken in vergelijk wat de nieuwe ontwerper (kan niet op de naam komen, geen zin om te zoeken) aan depri, skinny-punky jaren tachtig, gratekutcreaties op het plankier blaast… zijn de modellen wel gewogen voor ze…
Laatste zin is leuk in de zin van dat het een pakkende omschrijving is van een smoking gedragen door een vrouw. Alleen dat vind ik niet voor de compositie gelden. Impertinente verleiding + Yves Saint Laurent = u raadde het al: de originele, maar niet meer verkrijgbare Opium (1977). Tuxedo is een aangename patchoeli, maar niet shocking en zeker niet gerookt. Zoals Opium symbool staat voor parfumoverdaad van de jaren tachtig, zo staat Reminiscence’s 
‘Altijd’ moeilijk met een naam. Laat je je erdoor leiden, afleiden of verleiden? Brengt een naam treffend de boodschap van de geur over? Difficult. Difficult. Toen ik van Jardin Secret hoorde, begon ik te lijden, dacht geen aandacht aan besteden, gewoon vermijden. Want kan het truttiger en jeetjeminahalelujahupsakee dit is wel een van de meest gebezigde clichés in lalalaparfumland.
Is het nu een poederregen of een bloemenregen? Wat in ieder geval opvalt: als de bloemen in de wind zijn verdwenen, resteert een guirlande van diverse soorten musk die samen een warm gevoel oproepen. Want de witte musk is slim ingepakt met een ‘warme’ variant plus sandelhout en ambrette – versterken samen het poederige karakter van de iris in het hart. Kan er niets aan doen: Lorenzo Villoresi’s 

Ik werd vanochtend wakker en dacht: gelukkig ik leef nog! Vervolgens als Geurengoeroe: ik heb me niet aan mijn nieuwe belofte gehouden – beschrijf alleen nog parfums die opvallen en zich echt onderscheiden. Ik dacht dat ik hierdoor voornamelijk niche zou recenseren. Maar ziet: heb het de laatste tijd weer verdomde vaak over ketenparfumeriegeuren.
Met dank aan de huidig artistic director Sarah Burton (McQueens voormalig assistent; ja die van de trouwjurk van expected Brittish queen to be) die er volgens mij scherp heeft op toegezien dat McQueens erfenis geen geweld is aangedaan. Overtuigend gepresenteerd in de ‘gloomy’ mood-foto en de flacon – de grote aandachtstrekker. Niche, rijk, vintage, ‘historiserend’, mooi gedetailleerd. Soort van tijdloos, in ieder geval geen modern-doenerij. Logisch, want Alexander McQueen dweepte met gotiek (als stylingelement) en met romantiek (als kunstvorm). Komt elegant samen in deze goud gepatineerde gevederde/bebladerde duistere flacon gebaseerd op parfumflacons uit de archieven van het V&A Museum in Londen.
Van de klassieke norm – 
Als je sinds ongeveer een jaar in Amsterdam al je verzamelde plastic stort in een speciaal daarvoor gemaakte bak, dan bereik je de status van een oranjegekleurde plastic hero. Zo weinig hoef je tegenwoordig te doen om deze ‘felbegeerde’ status te bereiken. Applaus!
Alleen anders dan je zou verwachten. Want Krypto betekent ‘verborgen’ en ‘geheim’ en staat in de nieuwe variatie voor dat de munt bevroren is én al zijn sensaties gedoseerd de vrije loop laat vanaf de opening.
Ik was enigszins verbaasd toen ik het parfumpostpakketje kreeg overhandigd door de postbode. Want: gewicht behoorlijk zwaar voor één geur. Wat was het: een bijna real life size afwasmiddel. Dat kan maar door één luxe modelabel verzonden worden: Moschino. Fresh Couture wordt Pink Fresh Couture. Ik ben enthousiast – de reden: lees mijn beschrijving van
WAT PINK FRESH COUTURE IK EIGENLIJK?
Jaarlijks verplicht nummer voor Geurengoeroe: de beschrijving van Calvin Kleins ck one summer – een van de eerste geuren by the way in undercast geschreven om het relaxte gevoel, vrij van klassiek-chique parfumregels te onderstrepen. Codewoorden dit keer: helder, energiek, fris. Sfeertekening: ‘Vangt de opwindende energie en vrijgevochten geest van een woestijnritueel’.
WAT CK ONE SUMMER 2017 IK EIGENLIJK?
In sommige opzichten begin ik op een heremiet te lijken, in ieder geval lifestylewise: kijk geen glossy meer in. Behalve halfjaarlijks bij de tandarts en begin dan na een paar pagina’s bladeren te gapen – inwisselbare mensen met inwisselbare diepgravende interviews – was deze uitgave nu uit 2017, 2012 of 2005?
Niet dat ze het verantwoord weet in te pakken: ‘The new fragrant pair of equals represents man and woman that are reunited in an identical vision. She could be him, he could be her. She is an absolute woman, he is an absolute man. There is not an obvious definition of relationship between them. They could be lovers, friends, or even strangers. Both have multiple identities’.
WAT L’HOMME Ik EIGENLIJK?
Ik dacht dat het een geurgrap was toen ik voor het eerst de naam vernam. Toen ik de collectie in real life voor me zag kon ik wederom een lach niet onderdrukken. Mijn hi-hi-hi-ha-ha-ha-verbazing: hoe haal je het anno nu nog hemelsnaam ‘in je hoof’ een parfumhuis op te richten dat oud als zijn fetisjingrediënt proclameert en het ook nog in zijn naam stopt: Amouroud? Ha! Ha! Ha! Ha!
Nou, een volle overrompelende creatie die helemaal voldoet aan straight forward niche. Dus duidelijk, right in the face, die je de tijd moet geven om zich te ontplooien. Want achter het ‘direct binnen’-effect ruik je een ‘soort van’ gelaagde verfijning. Wil zeggen: het is niche door zijn volheid, maar tegelijkertijd wel een ‘weet je wel oudje’-herkenning want al zo vaak geroken.
Bij Montale is de productie zo ff*f (fastfragance-fuckingforward) snel dat het schier onmogelijk is voor de piepeltjes achter het label om met elke nieuwe geur met een leuk en overtuigend hoe-en-waarom-verhaal te komen. Geen beginnen aan. Dat zou ongeloofwaardig overkomen zoals het hele oprichtingsverhaal van Montale zelf is.