GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

SALOME PAPILLON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 29, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET S, NICHE. Een reactie plaatsen

KLASSIEKE CHYPRE REVISITED

MOOI GEDAAN DAT WEL

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 29/01/15

Neus: Liz Moores

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

SALOME PAPILLONVeelvuldig vereerd in de schone kunsten (Caravaggio, Gustav Moureau en Gustave Klimt schilderden haar, Richard Strauss wijdde een opera aan haar gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk van Oscar Wilde), is Salomé naar huidige maatstaven een verwend, decadent nest dat je – ik ben de eerste – direct naar de eerste de beste kostschool zou sturen voor een hersocialiseringscursus.

Ze was de vijftienjarige ‘bitch daughter’ van Herodias uit haar eerste huwelijk met Herodes Philippus. Salomé (Hebreeuws voor… het is echt waar… ‘de vrederijke’) bracht door haar dansen haar stiefvader en oom, koning Herode Antipas, zo in vervoering (lees: werden zó geil) dat zij hem op instigatie van mammalief, om het hoofd van de gevangen gehouden Johannes de Doper vroeg. Met dit afgehakte hoofd voerde ze een stripstease avant la lettre op. Van de door haar zeven sluiers verborgen lichaam, resteerde aan het einde van haar exotisch-morbide act geen een meer… oh-la-la!

Salomé is door de mannen lang gedomineerde kunstwereld de personificatie geworden voor de gevaarlijke vrouw. Liz Moores raakte gefascineerd door Salomé door een jarentwintigfoto (kan ik niet vinden op www). Haar doel: een parfumcreatie zo raadselachtig en aanlokkelijk als de ‘sirene’ op de foto en verrijkt met de ‘betoverende’ literatuur over Salomé.

Gezien haar filosofie logisch: ‘Many of my perfume creations are greatly influenced by periods of history, romantic and literary concepts, nature, people and artwork; much like a painting or a piece of poetry it is the fragments which are extracted from these muses that combine and make something entirely new’. Daarnaast: welke vrouw – including Liz Moores – is af en toe niet in het diepst van haar gedachten een stripteasende Salomé? Zoals veel mannen nu dromen van hoe zo de wereld redden in de hoedanigheid van de chique-versierende 007 Daniel Craig.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

STEENKONIJNLet wel: de compositie is een beauty maar ‘not something entirely new’. Begrijp dus ook niet het über-enthousiaste onthaal van Salomé op de wereldwijde parfumblogs ‘die er toe doen’. De reacties balanceren voor mij tussen ‘de vader is de wens van de gedachte’: er wordt meer gehoopt op vies dan dat daadwerkelijk in de compositie zit, en het ‘ontkennen’ van het feit dat de geur niet meer en niet minder de – inmiddels – zoveelste moderne variatie op de klassieke – dierlijke – chypre is.

En wat dat dierlijke betreft: niet echt schokkend. Mijn eerste associatie: vintage Miss Dior (1947) door de vanzelfsprekend elegante wijze waarop de bloemen een animaal randje krijgen, ingegeven door de wetenschap dat een klassegeur een ‘vies’ detail moet hebben om te kunnen stralen. Dat ‘vieze’ geeft de geur juist verfijning en klassieke verleiding. En wat de bont-associatie betreft, nu als exceptioneel beschouwd, dat was tijdens de ‘Miss Dior-jaren’ in de parfumwereld vanzelfsprekend.

Gewoon mooi de klassieke chypre-ontwikkeling. Ofwel, de link met bergamot in de opening met eikenmos en patchoeli in de basis waarom heen een breed palet met rijke noten. Trouwens lang geleden dat ik zo’n vliegensvlugge opening heb geroken: het moment dat je bergamot en oranjebloesem herkent, zijn ze al verdwenen om plaats te maken voor een hooiachtige noot als perfecte opmaat voor de bloemen: een zuiver-klassieke combi van roos en jasmijn die een ‘vintage-feel’ krijgt door anjer.

De basis is een etalage van dierlijke sensualiteit: tabak – animaal op ‘zijn’ manier; zie de geur gisteren besproken: Parfum d’empires’ Tabac Tabu (2015) – styrax, leer, komijn, berk, bevergeil – en voor mij nieuw – hyraceum. Ofwel, de excrementen van het ‘steenkonijn’ – ach gossie op de foto – dat als tinctuur een passend alternatief is voor echte musk. Maar zoals gezegd, netjes en ingehouden. En het dierlijke in Salomé komt volgens mij grotendeels op conto van komijn. Dit tot poeder gemalen zaad heeft het effect van menselijk – of zoals je wil – dierlijk zweet.

LIZE MOORES

TABAC TABOU PARFUM D’EMPIRE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 28, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET T, NICHE. Getagd: Parfum d'Empire. Een reactie plaatsen

ROOKPAUZE: WEG MET DE MIDDELMAAT

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 28/10/15

Neus: Marc-Antoine Corticchiato

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

TABAC TABOU PARFUME D’EMPIRE 1Afgelopen september gaf Marc-Antoine Corticchiato een lezing in Brussel over spiritualiteit en sensualiteit van het parfum. Maar ook over de moordende klem – parfum is Frankrijks tweede exportproduct – waarin de parfumindustrie zichzelf heeft vastgezet. Het was of ik mezelf af en toe hoorde praten en fulmineren. Verder veel interessante observaties waarvan je je niet altijd bewust bent.

Zoals: oudere mensen zien hun zintuigen geleidelijk aan haperen, behalve een: de reuk. Logisch, maar je staat er niet altijd bij stil: mensen die niet meer goed kunnen ruiken, zijn vaker depressief. Blijf daarom olfactief nieuwsgierig – is een genot, een plezier, een verrijking. En: je persoonlijke voorkeur is een kwestie van opvoeding en omgeving, maar dat betekent niet dat je je daarbij moet neerleggen. Met andere woorden: ga op onderzoek uit.

Corticchiato heeft het niet over slechte parfums. Hiermee bedoelt hij door testpanels vervlakt Parisienne-getut waarin marketing de toon bepaalt, niet de geur. Je mist heel veel als je gaat voor de middelmaat. Goede geuren verleiden, stellen vragen, zijn een symbiose van geestelijk en lichamelijk verlangen en verleiding. En dat is belangrijk in een wereld waarin bijna alles, om wat voor een reden dan ook, wordt voorzien van een laagje geur. Maar door deze over-parfumering raken mensen steeds verder verwijderd van deze symbiose, vervlakken en kiezen voor iets dat ze denken te kennen.

Dat is in negen van de tien keer een schoon en clean gevoel. Zo ruiken is prettig en veilig, voorkomt dat je iemand anders confronteert met de grootste angst, het grootste taboe volgens Corticchiato: de geur van jezelf, de geur van een ander. En dat stemt inderdaad triest en treurig: verdwijnen in iemands huideigen geur (wel of niet vermengd met haar of zijn parfumvoorkeur) is toch een van de mooiste dingen die je kunt ervaren. Neem alleen al de geur van een baby, men zegt niet voor niets ‘om op te vreten’.

Ook treffend omschreven: musk is als gist, doet de geur rijzen, geeft volume. Aldehyden ruiken naar kots, schoonmaakmiddel en grijze haren die de kracht van bloemen exposeert, benadrukt. Worden niet gebruikt om de geur, maar om de werking. Een akkoord (amber, varen, citrus, groen, chypre) is een skelet die je moet aankleden.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

NARCISEn dit allemaal (en nog veel meer) ter inleiding van Tabac Tabou. Een van de uitgangspunten: heilig tabak dat door Indianen werd/wordt gebruikt om ziektes te genezen, ziel en geest te reinigen, en om in contact te komen met hun goden, hun voorvaderen. Het door Marc-Antoine Corticchiato’s gebruikte tabak is ontdaan van de noot waardoor ‘wij’ er verslaafd aan zijn geraakt en daarom nu als gevaar geldt voor de volksgezondheid (en dus taboe is geworden): nicotine.

Ofwel, wel het vochtige tabaksblad, niet de rook van het gedroogde blad. Wat ik ruik: in eerste instantie een ‘herinnering aan’ Fougère Bengale (2007). Vervolgens een volle, rijke geur die doet denken aan mijn favoriete ‘thank-you-for-smoking’-geur: Tabac Blond (1919) van Caron maar dan zonder de dicht geplamuurde vintage-wolk.

De geur begint lichtgroen, wordt donkergroen om vervolgens bruin – het nieuwe zwart volgens de laatste ‘koffiedik-kijk’-voorspellingen van smaakhogepriesteres Lidewij Edelkoort – te eindigen. Lichtgroen: een opening zwevend tussen hooi en gras gecombineerd met harsachtige accenten, alsem en galbanum (laatste twee meen ik te bespeuren). Kortom, een herfstochtend met zon. Je voelt je prettig, juist omdat je weet dat het allemaal snel voorbij zal zijn. Nog even nagenieten, je ruikt iets van verval, van rottende bladeren. Mooi de narcis die vervolgens verschijnt. Tussen fris (en knisperend) en uitgebloeid (en verlept), maar weet wel zijn narcotische boodschap te verspreiden, geeft een zonnige noot (geholpen door een honingachtige nuance) die volgens mij ook garandeert dat het tabak niet te zwaar en verstikkend wordt (zoals in Tabac Blond).

Boeiend: om het ‘typische’ tabaksaccent (tabaksblad plus honing) te versterken met liatris (lampenpoetser) met haar kenmerkende vanille-tabaksgeur. En dan heel slim: om dan weer de warmte van het tabak te versterken plukte Corticchiato strobloem – geeft een subtiel, ‘soort van’ gourmandtoets (dropachtig) waardoor ik ook even moet denken aan L (2004) van Lolita Lempicka.

In mijn fantasie meen ik een lichte civetnoot te bespeuren, want Tabac Tabou heeft in zijn laatste trekken iets ‘viezigs luxe’, een ruige streling van bont. Dat had voor mij meer benadrukt mogen worden – ‘civet-crazy’ als ik ben – om te benadrukken waar het bij ‘de nieuwe verleiding’ in geuren om draait: dierlijke begeerte smaakvol verpakt versus de klassieke verleiding: denk Guerlains Shalimar (1925). In ieder geval, ben blij, zo niet verheugd dat tabak een ‘herkansing’ krijgt als verleidingsingrediënt (Tom Ford paved the way by the way met zijn Tobacco Vanille uit 2007).

Tenslotte: de laatste drie geuren van Parfum d’Empire – Musc Tonkin (2012), Corsica Furiosa (2014), Tabac Tabou – zijn een krachtige en noodzakelijke stellingname van Marc-Antoine Corticchiato tegen de mediocre Parisienne-parfumcultuur die hij zo verfoeit, maar die hij gelukkig met zijn eigen creaties – men neme Osmanthus Interdite (2007), Eau Suave (2008), Trois Fleurs (2009) – weet te sublimeren.

TABAC TABOU PARFUME D’EMPIRE 2

KNOT EAU FLORALE BOTTEGA VENETA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 26, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET K. Getagd: BOTTEGA VENETA. Een reactie plaatsen

MEDITERRANEAN MEDITATION?

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 26/10/15

Neus: Daniela Andrier

Model: Julia Nobis

KNOT EAU FLORALE BOTTEGA VENETA MDEOLWeer wat geleerd: hoewel de collectie nog klein is, worden de geuren van Bottega Veneta ‘nu al’ ondergebracht in groepen die ieder een bepaalde beleving, een bepaalde wereld vertegenwoordigen. Zo valt het premièreparfum Bottega Veneta (2011) – nu Signature genoemd – en zijn flankers in de categorie ‘Visions of Veneta’. Ofwel, dromen van het Venetiaanse landleven.

Even terzijde én interessant: heb een aantal ‘nog-niet-op-de-hoogte-van-nichegeuren’-vrouwen ontmoet die deze lijn het perfecte alternatief vinden voor de klassieke chypre. De Pour Homme-geuren (2013, 2014) vallen onder de noemer ‘Rustic Revelations’. Even terzijde én interessant: deze twee leergeuren zijn ‘twee van de weinige’ die je als man in de ketenparfumerie een niche-ervaring geven.

Knot (2014) is ondergebracht in ‘Mediterranean Meditation’. Dat vind ik een beetje-best-wel merkwaardig. Komt door de naam: Knot is genoemd naar een Bottega Veneta-sluiting gebruikt voor een clutch, en dat roept bij mij eerder een ‘vaktechnisch’ dan een mediterraan gevoel op. En ook de nieuwe variatie, Knot Eau Florale, heeft voor mij niets mediterraans.

Als de link er al is, dan komt dat eerder door het fijn poederige idee van de geur die me doet denken aan een ‘lang-geleden’-boudoir van een vergeten courtisane in een Venetiaans paleis. Met héél véél fantasie kun je Julia Nobis, in de begeleidende campagne, als een moderne variatie op dit eeuwige femme fatale-principe zien, maar dan wel de Bottega Veneta-waarde van understated chic uitdragend.

ROZE PIOENTomas Maier, artistiek directeur van Bottega Veneta, ziet het toch duidelijk anders: ‘Door een ontsnapping naar de tuin wilde ik met Knot Eau Florale het ontwaken van de zintuigen vangen. Ik geloof dat deze rustige, ongestoorde momenten de ultieme luxe zijn’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het verschil met Knot: het ontbreken van oranjebloesem en lavendel waardoor je direct wordt beneveld door een rozenwater zonder een fris-citrus en ‘schoonbloemig’ intro. Waar het om gaat ruik je direct. In dit geval roos en pioenroos (foto). Roos staat voor klassiek, pioenroos voor hedendaags. Ofwel: fruitig, intens zoet versus luchtig en ‘rozig’.

Let wel: de geur van pioenroos kan niet onttrokken worden aan de bloem, het is dus een ‘molecule’ interpretatie. En die is over het algemeen luchtig, ‘open skies’: de geur van een volle roos gecombineerd met ‘vrijheid’, ongekunsteldheid, puur natuur en lucht. Maar eigenlijk draait het, zoals in zoveel geuren van nu, om de basis van musk. Die trekt, nadat de rozen zijn uitgebloeid, zijn subtiele spoor.

Ofwel, tonkaboon (denk aan vanille met rumaccent), cederhout (denk aan strak en door de zon uitgedroogd hout) en heel veel musk (denk niet wit wasmachine-achtig, maar ‘amandel-heliotroop’-poederig) die samen een ‘huideigen’ en voor mij subtiel boudoir-idee oproepen in plaats van een ‘ontsnapping naar een tuin’. Daarvoor ontbreken toch de bloemetjes, bijtjes, hommeltjes en vlinders.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE BOTTEGA VENETA LOGO

AESTHETE, CUIR, VETYVER LE GALION

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 26, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET A, GEURENALFABET C, GEURENALFABET V, NICHE. Een reactie plaatsen

AANGENAAM MANNENTRIO

CHIC ANNO TOEN, CHIC ANNO NU GEASSEMBLEERD

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 26/01/15

Neus: Vanina Murraciole, Thomas Fontaine

AESTHETE LE GALIONMannen en geuren is echt een gay-thing. Vaak een courante opinie. Ach ja, zal wel. Hi-hi-hi-ha-ha-ha: er zijn ook steeds meer homo’s die bewust anti-geur zijn (als onderdeel van hun ‘gay lifestyle’). Wat eerder het geval is volgens mij: heteromannen ‘durven’ niet voor hun fascinatie voor geuren, als ze die al hebben, uit de kast te komen. Voor de meeste blijft het meestal bij een onhandig uitgesproken ‘lekker-gôh-wat aardig-bedankt’ bij ontvangst van een verjaardag-, Vaderdag- en Sinterklaascadeau.

Ze gebruiken geuren omdat ‘het moet’, omdat ‘iedereen het doet’ en – hoe fijn! – worden er een beetje chic van. Dat heeft de industrie ze aangeleerd. Maar afvragen of ze een geur wel of niet lekker vinden, dat niet. Wel waar: in mijn vrienden-, kennissen- en werkkring ken ik weinig hetero’s die er ‘openlijk’ voor uit komen.

Een vriend/collega ‘vertegenwoordigt’ helemaal zoals het zou moeten zijn. Hij stelt zich wel vragen, heeft zijn voorkeuren ontwikkeld maar blijft nieuwsgierig. Als ik hem geuren laat ruiken, gaat hij er helemaal in op. Spuit ze op zijn polsen, haalt diep adem en sluit zijn ogen. Even niet storen. Je ziet hem denken, dromen en zoeken naar raakpunten, herkenning. Zijn eerste reactie bij de nieuwe geuren van Le Galion – Cuir, Aesthete en Vetyver: ‘Blinken uit in understatement. Gaan niet kapot door teveel, door teveel niche te willen zijn’. Een treffende omschrijving én juiste aanbeveling.

Dit trio zorgt er voor dat de verhouding vrouwen- en mannengeuren in de Le Galioncollectie meer recht is getrokken. En verhouden zich anders doordat ze ‘in principe’ niet gebaseerd zijn op oude formules, maar ‘zo goed als nieuw’ zijn. Links met het verleden zijn er. Cuir refereert aan de nu vintagecreaties die de oprichter – Paul Vacher – maakte voor Lanvin (Scandal uit 1931) en Dior (Diorling uit 1963). En Vetyver brengt op een nieuwe, eigentijdse manier Eau de Vetyver (1968) tot leven. Aesthete is van een andere orde: een hommage aan Paul Vacher, volgens mij een van de meest interessante parfumhuisoprichters waar ik me nog een keer in ga verdiepen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CUIROm met laatste te beginnen: dit is, zoals ik het noem, een slimme geur. Combineert vintage (leer) met niche-flair: oud. Merkwaardig: hoewel ik zelden een persoon, in de vorm een hommage, kan combineren met de geur (zowel qua naam, zowel qua inhoud) die aan hem is opgedragen, ervaar ik dat wel een beetje met Aesthete waarmee de oprichter van Le Galion in de bloemetjes wordt gezet.

Want de compositie is geraffineerd en op een bepaalde manier esthetisch omdat de geur niet schreeuwt; het presenteert ‘zijn’ oud niet op een platte, onontkoombare manier. Denk oer-leverancier Montale. En toch zit je er direct in. Nog een keer merkwaardig: ik had bij de opening een Parfum d’Empire’s Wazamba-gevoel (gelanceerd in 2008) door de eigenaardige aaneenrijging van kruiden. Warm, broeïerig, pittig – doet denken aan een zouk-bezoek, exotische contreien.

CUIR LE GALIONMooi in dit geval de ‘vloeiende’ beweging van bergamot, wierook, davana-gras en saffraan. Fris maar donker, kruidig maar ‘stroef’. Hieruit volgt een exquise combinatie van oud (hier meer kamferachtig dan medicinaal met een subtiel-bloemige nasleep die doet denken aan – niet schrikken – ‘gezoute’ viooltjes) en leer. Leer in tweespalt, want zowel zacht als stug.

Beter gezegd: het leer blijft zacht door vanille en sandelhout, en tegelijkertijd weerbarstig stug door guaiachout (linkt mooi met de rokerigheid van wierook) en doordat de kruiden blijven nawerken in de basis. Een vleugje castoreum, hoewel ‘geil’ qua boodschap, geeft Aesthete een definitief chique ondertoon, zonder vintage te worden. Traditioneel chic – door de goede kwaliteit – met modern esprit door hoe ze in verhouding tot elkaar staan.

Wat geuren betreft, ben ik ook vaak een estheet die met liefde – gecombineerd met een paar flinke tikken – talloze nieuwkomers bejegent die oude wijn in nieuwe zakken verkopen. En gedraag me daarnaast graag als snob. Mijn eerste gedachte in deze bij Cuir: wordt nog spannender als je hem mengt met Aesthete. De reden: hoewel mooi, elegant en de juiste combinatie tussen viriel en verfijnd blijft Cuir toch een ‘gewone’ leergeur.

Laat ik het anders schrijven: zet Cuir tussen negen andere ‘broeders’ uit de nichesector – ik vraag me af of ik’m er direct zou uit pakken en vol trots zeg: ‘Dit is natuurlijk Le Galion, geen twijfel mogelijk’. Het onderscheid zit hem voornamelijk in de opening. Ik had nog niet van Vanina Murraciole – ze tekende ook voor Aesthete – gehoord, maar de manier waarop ze de elemi-hars in de opening overdoseert smaakt naar meer. Elemi-hars is meestal een begeleider in de basis, maar ‘toont’ hier dat het zijn balsem- en melkachtige, licht frisse en tegelijkertijd aardse karakter ook goed als opening kan laten functioneren.

In dit geval: het geeft de bergamot direct een chic-elegante toets en wrijft het leer in de basis mooi zacht. Dieper door ruikend valt op hoe rokerig-ijl, beetje weeïg de leer zich uit. Komt volgens mij door de andere overdosering: ziltig en houtachtig ambergris, mooi zacht gemaakt door sandelhout en musk. Maar, frappant, hoe ik ook ruik: in mijn gedachten zie ik geen witte lelies verschijnen. En verder door ruikend, heb ik sterker het gevoel dat dit leer schipbreuk heeft geleden, door stormen op het strand te pletter is geslagen. En ja, soms kom je er later achter, moet ik toch constateren dat deze Cuir anders is: Cuir d’Ambregris voor mij. Wil niet nog steeds niet zeggen, dat ik hem er direct uitpik bij een blindentest.

EAU DE VETYVER LE GALIONEn dan Vetyver gemaakt door de neus die de eerste acht re-edities van Le Galion verzorgde: Thomas Fontaine. Ten eerste: Vetyver ‘leest’ chiquer dan Vetiver of Vétiver. Het ‘allerchiqueste’ voor mij: Le Vetyver. Maar dit terzijde. Ik vind vooral de geschiedenis ervan mooi, puur om het feit dat de oorspronkelijke campagne van Eau de Vetyver ‘omgedraaid’ was. De man werd aangesproken ‘via’ een vrouw in plaats van een beeld, een ‘idee’ dat zogenaamd moest appelleren aan zijn mannelijkheid en alle andere clichés gepaard gaand met parfumpromotie voor de man.

Nu de geur. Vooropgesteld: pure vetivers zijn in de loop der jaren synoniem geworden met niche, terwijl ze voorheen chic mainstream waren – denk Guerlain, denk Carven, denk Givenchy. Ketenparfumerie-labels die nu denken met een vetivergeur boven zichzelf uit te stijgen, komen meestal van een koude kermis thuis, zoals Noble Vetiver (2010) van Chopard. Reden: wordt niet meer begrepen door de nieuwe generatie (jonge)mannen, gewend als die zijn aan meer vage melanges dan aan duidelijke olfactorische boodschappen.

Deze Vetyver is fascinerend, hoewel het vertrouwde parcours van fris, beetje bloemig, kruidig, houtig naar aards wordt afgelopen. Doet rare dingen bij mij. De opening is eerst ‘wit’ zoet, wasmiddel-verbena-achtig. Dan een korte flits van ‘fruitzoet’ en krijgt vervolgens merkwaardigerwijze een azijnachtige scherpte (denk dragonazijn). Dat wordt opgeroepen met bergamot, mandarijn en salie (lijkt op dragon in a way). Levert samen een kruidige intensiteit op – die via een licht bloemenspoor van helder lavendel – versterkt door een ‘kruidenbuiltje’ van nootmuskaat en koriander. Dat garandeert ook dat de hoofdrolspeler vetiver warmer en zwoeler wordt – geholpen in de basis door tonkaboon en sandelhout – zonder zijn aardse frisheid te verliezen.

AESTHETE, CUIR, VETYVER LE GALION

 

GOLDEA BVLGARI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 23, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET G. Getagd: alberto morillas, Bulgari. Een reactie plaatsen

MUSKGOUD, GOUDMUSK

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 23/10/15

Neus: Alberto Morillas

Hedendaagse godin: Isabeli Fontana

Fotografie: Mert & Marcus

De ware Bulgari-parfumfan krijgt het druk, want van de prestigelabels in de ketenparfumerie fourneert de Italiaanse juwelier dit najaar de meeste: Eau Parfumée au Thé Bleu (2015), Eau Parfumée au Thé Noir, Omnia Paraiba en Goldea. De pers heeft het overeenkomstig druk, want Bulgari eigen, worden deze geuren ‘groots en meeslepend’ onder de aandacht gebracht. Daarbij zwaar leunend op en puttend uit de oude culturen die aan de wieg stonden van onze westerse beschaving.

Zo ook Goldea: geïnspireerd op de kroon van de laatste Hellenistische koningin van Egypte: Cleopatra Thea Philopator – betekent de vader minnende godin Cleopatra. Hoe ze er uit zag: ‘wij’ denken nu meestal Elizabeth Taylor. Bulgari ook. Om haar even in een duidelijker historisch perspectief te plaatsen: Cleopatra stond dichter bij onze tijd (ze leefde van 69 tot 30 v.Chr.) dan bij de periode waarmee ze door ‘ons’ en Bulgari direct wordt geassocieerd: de duizenden jaren eerder door farao’s gebouwde piramides.

GOLDEA BVLGARI FLACONOver haar kroon gesproken: volgens mij had ze er niet een, maar verscheidende, alleen is (zijn) die nog niet opgegraven. Mocht ze er mee getooid zijn in haar graf, dan blijft het gissen want dat is ook nog – niet – gevonden. Of die kroon wel of niet gesierd was met een met zonneschijf en een cobra, blijft gissen. Feit is dat deze twee koningssymbolen veel werden gebruikt in het oude Egypte. De eerste verwijst naar de zonnegod Ra, de tweede naar macht en bescherming.

De link met Bulgari is dat je deze symbolen ook terugvindt in Bulgari-juwelen én in de flacon – de dop is gesierd met een zonneschijf – die volgens de juwelier de identiteit van de juwelier-parfumeur bevestigt: ‘voorzien van meerdere symbolen, is dit miniatuurkunstwerk meer dan een flacon op zich. Het geeft je het gevoel te staren in het hart van een gouddruppel waarin het licht wordt gereflecteerd’.

Dat laatste klopt, is elegant uitgevoerd. Alhoewel ik de ‘zonneschijf’ in verhouding tot de flacon net iets te groot vind. De flacon in ‘totaal’ heeft aldus het persbericht ‘de vorm, de sensuele uitstraling van een gouden sculptuur van – Constantin – Brâncuși’. Maar dat laatste vind ik iets te veel eer voor Bulgari en doet tegelijkertijd geen recht aan minimalistisch-sensuele en verstilde kunstwerken van deze Roemeense kunstenaar (1876 –1957).

En over de ‘grootse en meeslepende’ verantwoording van Bulgari, lees wat het allemaal in de flacon plus dop heeft gestopt: ‘De cabochon-geslepen bovenkant herinnert aan de mythen van de goddelijke schepping die al sinds de oud Egyptische tijden de zon hebben vereerd. De zon wordt tweedimensionaal weergegeven door de cirkel. De gouden ring om de hals verbeeldt een slang, met zijn goddelijke en magische kracht, inmiddels een iconisch motief in het Bulgari-geurenuniversum en een verwijzing naar Bulgari’s Serpenti-juwelencollectie. De onlosmakelijk met elkaar verbonden halve cirkels om de flacon, zijn een eerbetoon aan hedendaagse godinnen en benadrukken de volle rondingen van deze schitterende en tijdloze vrouwelijke flacon’.

Blijft fascinerend: veel parfumhuizen vereren, ‘vermarketen’ met hun parfums ‘hedendaagse godinnen’. Wat ik me afvraag: welke vrouw van nu voelt zich zo en wil hier op aangesproken worden? ‘Dag mevrouw, u bent op zoek naar een nieuwe geur? Hopelijk beledig ik u niet, maar toen ik u binnen zag schreiden moest ik direct denken aan een reïncarnatie van een moderne godin. Vond me collegaatje ook trouwens. Ze zong al ‘a goddess on a mountain top and Venus, sorry, Cleopatra was her name, you’ve got it…’. ‘Nee, mevrouw, geen J’adore (1999) dit keer maar Goldea…’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

YLANG YLANGEen geur die er in één keer is – een poederwolk – om vervolgens langzaam zijn olfactorisch spectrum vrij te geven. Heel subtiel, niet right in the face. Goldea is een ode aan musk. Niet aan de oorspronkelijke, dierlijke sensatie maar aan de poederige, warme verfijning waarmee witte musk van kwaliteit nu wordt geassocieerd.

Dus niet – de Egyptische goden zij dank – de scherpe, ‘net-uit-de-wasmachine’ frisse, cleane en scherpe geur. Is goed gelukt en subtiel gedaan. Betekent wel dat je de compositie op je moet laten inwerken om de diepere gronden te ervaren. Want Goldea verwerkt musk subtiel. Het wordt eerst opgevoerd in een wolk van oranjebloesem- en bargamotabsoluut. Die beide niet hun cologne-aspect benadrukken, maar eerder de (vol)bloemige sensuele kant. De framboos ruik ik eigenlijk niet.

En deze muskwolk wordt doorgetrokken naar het hart waar het wordt gelinked aan ylang-ylang (foto) die er voor zorgt dat de compositie een zekere bloemige sensualiteit krijgt. Jasmijn versterkt het bloemige aspect van de ylang-ylang.

Dit alles komt samen in de basis waarin een nieuwe muskwolk zich mengt met zachte, warme en diffuse ambernoten ondersteund door patchoeli en papyrus (Egypte-link). Volgens Bulgari doet de geur denken aan extravagante Bulgari-juwelen, aan de schittering van goud. Dat ervaar ik niet zo: de geur schittert en klatert niet. Het is eerder bescheiden, goud als stof, goud als het fijnste poeder denkbaar. Een gouden zon die niet hoog aan de hemel staat, maar ’s avonds langzaam achter de horizon verdwijnt.

GOLDEA BVLGARI 4

AMBRE EMPIRE – THE LEGENDARY COLLECTION – ATKINSONS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 21, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET A, NICHE, VINTAGE. Een reactie plaatsen

EEN AMBERPARFUM KAN OOK FLUISTEREN

Jaar van lancering: 1927/2015

Laatst aangepast: 21/10/15

Neus: Maurice Roucel

IMG_5400Hoewel de geur uit 1927 dateert, valt Ambre Empire – een van drie nieuwe geuren onderdeel van de Legendary Collection – in een recent trendje. En wel in die van de ‘veredeling’. Dat wil voor mij zeggen: populair-klassieke en – als je zo wilt – ‘iconische’ ingrediënten die door neuzen speciaal worden behandeld, krijgen in hun naam een adjectief mee dat de bijzonderheid, verfijning en exclusiviteit ervan accentueert. Het woordenarsenaal waaruit de merken putten is beperkt en meestal ‘blauw bloed’ gerelateerd: vorstelijk, keizerlijk, koninklijk. Guerlains doet het in zijn L’Art et la Matière-reeks met Tonka Impérial (2010) en Santal Royal (2014). Creed met Royal Oud (2011). Giorgio Armani draait het om: Oud Royal (2010) en maakt zijn mirre keizerlijk: Myrrhe Impériale (2013). Van Cleef & Arpels doet het met amber: Ambre Impérial (2015)…

… ik ga er vanuit dat Atkinsons met Empire niet refereert aan het Eerste Franse Keizerrijk (1804–1815) en de daaraan verbonden empire-stijl, ook niet aan het Tweede Franse Keizerrijk (1852–1870), en zeker niet aan het Galactisch Keizerrijk uit Star Wars. Wel the British Empire dat in de 19de eeuw heer en meester was over de zeven wereldzeeën – ‘Rule, Britannia! Britannia, rule the waves; Britons never shall be slaves’ – en op de continenten. Dus ook in het Verre Oosten (we hebben het dan even niet over de beruchte, door de Britons uitgelokte Opiumoorlogen).

Met Ambre Empire nodigt Atkinsons je uit voor een uiterst sensuele reis naar deze voor de meeste Engelsen toen ‘smachtende’ en raadselachtige contreien. De directe inspiratie: een exquise art deco Aziatische geïnspireerde snuifdoos – helaas krijg je die niet te zien. Was in verband met de huidige behoefte aan ‘story telling’ in de nicheparfumerie toch leuk geweest. Ook vreemd: geen enkel boek in mijn parfumbibliotheek en op geen enkele www heb ik foto’s gezien van de oorspronkelijke versie, toen Atkinsons nog Atkinson heette. So be it.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

MAGNOLIAAtkinsons beweert dat de geur een van de eerste oriëntaalse geuren is die in het westen werd geïntroduceerd. Als het al waar is, moet het volgens mij eerder zijn: een van de eerste in het westen gecreëerde oosterse parfums.

Want Guerlain had al Ambre in 1890 op de verkooplijst staan. Coty in 1905 het beroemde Ambre Antique. In 1912 presenteerde Dorsay Ambre, Oriza L Legrand in 1913 Fin comme l’Ambre en Babani Perfumes in 1919 Ambre de Delhi. En ik kan zo nog wel even doorgaan: een va et vient van ambergeuren, en niet alleen in naam. Vraag alleen is of deze parfums daadwerkelijk naar amber roken of dat het meer de naam en het idee was dat hierdoor werd opgeroepen. De echte amberknaller zag – voorafgegaan door Volnays Yapana (1924) – twee jaar voor Ambre Empire het licht, en wordt nu steeds beschouwd als dé oriëntaalse klassieker: Guerlains Shalimar – met zijn kenmerkende vanillebasis.

Een ‘probleem’ met Ambre Empire: je weet niet of de neus het originele recept als uitgangspunt heeft genomen of een volledig nieuwe compositie heeft gemaakt. Atkinsons laat het in het midden: ‘reinvented, and, dare we say, lovingly improved, for modern-day noses’. Daarnaast kun je je afvragen, wat er dan zo lieftallig aan verbeterd is, en of dat nodig was.

Voor mij zweeft de geur tussen vintage en nieuw. En: het is niet een pure, right in the face amber – zo zou je The Odd Fellow’s Bouquet (2013) eerder kunnen omschrijven – zoals die nu veel in het nichecircuit verschijnen. Voor mij is Ambre Empire een understated, een ‘fluisterende’ amber waarin amber een ‘dienende’ functie heeft. Het fungeert als warme, gloeiende basis – zonder teveel richting open haard en geurkaars te gaan – voor een ‘zacht-houtig’ parfum.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ATKINSONS BEAR 3Het ‘nu’ zit in de opening: bergamot met zwarte, ‘gerookte’ thee die als het ware direct een exotische voorbode is op wat komen gaat. En dat komt snel, want de magnolia (foto) in het hart zorgt voor een luchtige toets, garandeert dat de basis niet dichtgeplakt raakt, sticky wordt.

Heel vreemd: bij de opening moest ik denken aan ‘vegetaal’, groen amber in plaats van donker en duister. De thee dus. Mooi gedaan. En ook in de basis wordt dat voortgezet, want melkachtig sandelhout, dito mirre en etherisch wierook zorgen samen voor een rokerige en tegelijkertijd smeuïge ‘huideigen’ feel versterkt door een evenwichtige balans tussen witte musk (de poederige variant in dit geval) besprenkeld met ‘vanillevlokken’. Het effect: een aardse amber die tegelijkertijd lucht heeft.

De Britten zijn geliefd om hun understated humor. Met veel indirecte woordspelingen, eloquent en spitsvondig gebracht, toch zonder aanzien des persoons, een duidelijke mening, a joke verkondigen. Met een beetje fantasie kun je dat ook zeggen van hoe Atkinsons tegen amber aankijkt.

IMG_5398

BOLD TOMMY HILFIGER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 18, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET B. Een reactie plaatsen

NOT BODY & MIND, BUT BODY & BOLD

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 18/10/15

Neus: onbekend

Model: Rafael Nadal

Fotografie: Craig McDean

BOLD TOMMY HILFIGER MODELDe geuren van Tommy Hilfiger hou ik echt niet meer bij, let er ook niet op: een beetje teveel van het goede en beetje teveel meewaaien met populaire winden de laatste jaren. Hij is niet de enige designer die bijna naadloos van trendsettend in trendvolgend is gegleden. Als je de namen van recente geuren leest, weet je al genoeg, meer marketing dan een echt eigen stempel: Eau de Prep (2011), Woman Pear Blossom (2013), Woman Flower Violet (2013). Must we do something with the omnipresent pink perfumes? No worries: Woman Cheerfully Pink (2013). How about rose? Tommy asks, Lauder serves: Woman Flower Rose (2014).

En what about men? Sport, sport, sport. Dus: Hilfiger Man Sport (2010), Freedom Sport (2013) en nu TH Bold. Laatste spatte een tijdje geleden uit de abri’s in Amsterdam, voorafgegaan door een Hilfigercampagne voor underwear. Beide gedragen door: Rafael Nadal. En dan blijkt toch maar ‘weer’ dat een goede naam, beter en meer inspirerend werkt dan het over-dood-normaal-te saai-voor-woorden sport. Dat had Tommy Hilfiger al bewezen met zijn vergeten sportgeur voor haar en hem: Athletics (1998). Actieve naam met voor die tijd opvallend afwijkende ingrediënten. Bold heeft hetzelfde effect: klinkt goed en is stoer zonder door te slaan naar cliché-mannelijk. En Rafael Nadal doet de rest.

NEW YORK, NY - AUGUST 25: Tommy Hilfiger and Rafael Nadal attend the Tommy Hilfiger and Rafael Nadal Global Brand Ambassadorship Launch at Bryant Park on August 25, 2015 in New York City. (Photo by Mike Stobe/Getty Images for Tommy Hilfiger)

NEW YORK, NY – AUGUST 25: Tommy Hilfiger and Rafael Nadal attend the Tommy Hilfiger and Rafael Nadal Global Brand Ambassadorship Launch at Bryant Park on August 25, 2015 in New York City. (Photo by Mike Stobe/Getty Images for Tommy Hilfiger)

Hoopt Hilfiger althans, het is de eerste keer dat hij een (sport)celeb inhuurt en sinds lang dat hij weer een enorme campagne rondom een geur organiseert. De samenwerking verliep natuurlijk geweldig, Raf en Tom voelen elkaar goed en kunnen samen ook nog een balletje slaan – blijkt.

Opvallen doet het wel, als ik de pro butt, porno muscle en sex sells-campagne niet in de abri’s had gespot – moeilijk die te ontwijken – dan had ik Bold waarschijnlijk over het hoofd gezien. Jammer: Bold ziet niet in een hippe, aerodynamische, less in more ‘houder’, maar in zijn klassieke basisflacon (anno 1995). Interessant detail: op de voorkant op de verpakking en de fles staan Hilfigers initialen in een trots, ‘bold’ lettertype: TH. Zal hij nu met TH direct als merk herkend worden – of wordt hij het al? En wordt hij niet verward met de ontwerper die inmiddels aan zijn twee initialen genoeg heeft: TF? Overbodig te vermelden dat Bold is ‘created for the modern man who’s intensely passionate and has a desire to live bold’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Een hele klassieke citrusgeur met bloemige accenten die geen enkel hip, maf en ‘leip’ (want ongewoon) ingrediënt bevat. In Athletics zat bijvoorbeeld het idee van de geur van een geknakt sperzieboontje. Vreemd, maar je kon je je er wel iets bij voorstellen. De opening van pomelo, clementine, rode grapefruit en bergamot spettert je tegemoet, maar heeft niet de typisch schurende en scherpe klassieke cologne-uitwerking. En dat komt door concentratie essentiële oliën in verhouding tot de synthetische ingrediënten (ik denk 1 op 4).

BORONIANeem daarbij het bloemige hart – heeft ook een verzachtende werking en tempert de citrusklatering ondanks de toevoeging van friszoet mandarijnbloesem. De jasmijn is helder, de lavendel is schoon en de kardemon geeft een fris-groene toets zonder samen echt clean te worden. Clean kan het ook echt niet worden omdat de basis ‘puur’ hout is – vetiver, ceder- en sandelhout.

Dat wordt versterkt door boronia (ziefoto) dat vernoemd schijnt te zijn is naar de Italiaanse botanist Fransesco Borone (maar vind de naam nergens… ) en voor de parfumindustrie in het wild wordt geoogst in oost Australië. Het groen en de takken hiervan geven aan de houtnoten warmte en daardoor een een zekere elegantie. Zonder dat de frisheid echt verloren gaat. Betekent niet dat je Bold alleen in combinatie met sport moet/kunt gebruiken, want de geur is een typisch voorbeeld van office wear: mainstream beschaafd en nooit ‘offending’ voor collega’s die in je directe actieradius werken.

BOLD TOMMY HILFIGER & NADAL

NOIR POUR FEMME TOM FORD

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 16, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET N, NICHE, NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN. Getagd: tom ford. Een reactie plaatsen

FORDIDABELE!

FORMIDABELE!

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 16/10/15

Neus: Sonia Constant

Model: Lara Stone

Fotografie: Inez & Vinoodh

NOIR POUR FEMME TOM FORD 2Hoor en zie je steeds vaker: modeontwerpers hebben steeds minder te vertellen wat betreft de creatieve invulling van hun parfumlicentie. De marketingpiepeltjes nemen het over. Hoe langer het contract duurt, hoe minder de inbreng. Een goed voorbeeld: Paul Smith. Wat de laatste jaren onder zijn naam is verschenen heeft nog heel, heel, heel weinig met zijn ‘fashion-dna’ te maken. Issey Miyake idem, terwijl zijn ‘dna’ er juist met de haren wordt bij gesleept. Maar de vrouw wou dus gewoon geen pleats please in parfumconcentraat.

Bij sommige ontwerpers/luxelabels vraag je je überhaupt af of ze meer hebben gedaan dan alleen hun handtekening onder het contract zetten: Jimmy Choo, Elie Saab, Swarovski. Waar deze merken voor staan, neem je nauwelijks waar in de geuren. Anderen daarentegen slaan juist door in het benadrukken, onderstrepen en het dik bovenop leggen van hun ‘kentekenen’: Dolce & Gabanna (met het eeuwige Sicilië), Versace (über the top-glamour).

NOIR POUR FEMME TOM FORD 1Eén ontwerper/stylist toont aan dat hoe dichter je bij principes blijft, hoe duidelijker en overtuigender de boodschap is, hoe makkelijker die wordt begrepen en dus wordt gekocht: Tom Ford. Die doet geen water bij de wijn, laat zijn geuren niet door testpanels opgaan in slaapverwekkende middelmaat. Als hij al een testpanel heeft, dan bestaat die uit één persoon: major Tom himself. Zijn naam staat voor kwaliteit van de bovenste plank. Bij hem draait het in de eerste plaats om de geur.

En dan doen verhalen en inspiratie er weinig toe. Zal dus wel: ‘Noir Pour Femme vangt de fascinerende paradox van sterke zelfverzekerdheid dat wordt gebruikt om hoofden te laten draaien en de kwetsbare romantiek privé te houden. Noir Pour Femme is net zo suggestief als een laag-uitgesneden zwart jurkje dat een ontblote schouder laat zien, of het verleidelijke deel van haar onderrug. Het vangt het vrouwelijke spel van opvallen en intimiteit in een bloemig, oosters parfum met extravagante en verleidelijke akkoorden’.

Dat dan weer wel, en is héél persoonlijk: met het model slaat Tom Ford de plank mis. Is meer in lijn met de ‘topmodels-for-perfumes’-trend dan zijn eigen kijk op de vrouw. Dus in plaats van eigenzinnige schoonheid à Julienne Moore (die in 2009 ook zijn film A Single Man speelde) een edeljunkie-look.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik had iets anders verwacht. Waarom? Door Noir uit 2012 voor de man: dat is eigenlijk een ‘Shalimar pour Homme’, dus: waarom haar geen ‘Habit Rouge pour Femme’? Met andere woorden een mannelijke oriental voor haar? Dus meer de nadruk op kruiden en hout, minder op vanille en amber. Gebeurt dus niet, maar je glijdt wel lekker de geur in. Hoewel klassiek van opbouw, ruik je door de opening direct een voorbode van de sensuele basis. Bij een oosterse geur is dan bergamot plus een zoetige fruitnoot verplicht. De beste optie: mandarijn.

KULFIDoet Sonia Constant dan ook. Hoewel fris, toch rijk en vol voorzien van een prettige prikkeling door gember. Het hart: laat de jasmijn, roos en oranjebloesem bloeien, maar niet zo overdadig als gehoopt. Zorgt er wel voor dat de amberbasis niet teveel doorslaat naar gourmand, enigszins lucht behoudt. Want gourmand bepaalt de basis. Want naast the one and only vanille, begeleid door een even vloeibare sandelhout, zorgt een kulfi-akkoord (populair ijsrecept uit de Indiase keuken – zie foto) voor de ‘moderne’ noot. Gourmand dus. Niet vette chocolade en sticky karamel, maar een meer smeuïg lactone-akkoord dat de volheid van room combineert met kruidig (kardemon) en nootachtige (pistache, hazelnoot, amandel) nuances.

En die gaan weer heel mooi samen met mastiek – de hars met zijn opvallende complexiteit: door de opvallende aardse frisheid, ruik een je licht-zonnige, beetje zalvende sensuele noten met een groene nasleep. Hierdoor wordt de basis niet te zwaar, zwicht niet onder zijn eigen gewicht. Ik vind de geur ‘fordidabele’ omdat de geur zijn naam waar maakt; noir in de zin van donker, duister, meeslepend, sensueel met toch een lichte stoere toets.

Dus niet suggestief zoals Ford wil, want duidelijk present. Niet verder vertellen, ach doe het ook maar: Yves Saint Laurents Black Opium (2012) had eigenlijk moet Noir pour Femme moeten zijn, dan had de geur zijn naam waar gemaakt. Als je denkt: kan een geur in deze categorie nog ‘erger’ in de basis ruiken, komt er misschien een parfumextract? Ik had het onlangs met Rausch (2015) van J.F Schwarzlose.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE TOM FORD LOGO

CHLOÉ EAU DE TOILETTE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 14, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET C, GEURENALFABET E. Getagd: CHLOE. Een reactie plaatsen

‘ON A CLEAR DAY YOU CAN SEE FOREVER’-ROOS

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 14/09/15

Neus: Michel Almairac, Sidonie Lancesseur.

Model: Dree Hemingway

Fotografie: Inez en Vinoodh

CHLOÉ EAU DE TOILETTE FLACONGebeurt vaker dan je denkt. Soms onaangekondigd, soms aangekondigd: het herformuleren van de eau de toilette-versie van een populaire geur(lijn). Prada deed het bijvoorbeeld met Infusion d’Iris in 2010, Paco Rabanne met Lady Million in 2012, Dior met Miss Dior (2014). De reden? Verschillende. A: om de aandacht vast te houden. B: blijkt dat-ie niet zo goed verkoopt als gehoopt, en om nu een nieuwe geur, met dito naam en dito campagne te ontwikkelen, is me ook zo wat (niet dat het niet gebeurt) terwijl de rest van de lijn wel goed loopt.

Chloé doet het nu gezien de eau de toilette (uit 2008) niet meer zo succesvol was ‘als haar andere drie zusjes’. Point taken. Maar waarom geuren zusjes noemen… zijn toch jong volwassen vrouwen tot wie Chloé zich richt? Anyway, nieuwe versie, nieuw model. Maar zo ‘parfum-ambassadrice-nieuw’ is Dree Hemingway nu ook weer niet. Heerst er op dit moment een tekort aan modellen, of heb ik iets gemist? Want het is eerder een kwestie van ‘surprised to see you again… and again… and again’. Want ze deed het ook voor Lady Million, Salvatore’s Ferragamo Attimo (2010) en – can’t belieb it – Someday (2011) van Justin Bieber.

Lachen: hoe Chloé haar ziet en neerzet als voorbeeld voor de Chloé-vrouw (geen zusje): ‘Vrij van elke kunstmatigheid, drukt Dree moderne vrouwelijkheid uit. Vrij om de vrouw te zijn die ze nu is. Vrij om te zijn wie ze morgen zal zijn’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

CHLOÉ EAU DE TOILETTE CAMPAIGNEr werd voor een ‘totaal andere invalshoek gekozen, alle aandacht gaat uit naar de witte roos die het hart van de geur vormt’. Maar dat klopt dan niet echt, want de door de neuzen daadwerkelijk gebruikte roos heeft kleurschakeringen overlopend van licht roze tot rozerood: de rosa damascena uit Ispartha, Turkije.

Wat dan wel weer klopt: Chloé heeft de ‘pure’ roos salonfähig gemaakt bij de jonge vrouw van nu. Terwijl – kort door de bocht – Guerlains Nahéma (1979), Yves Saint Laurents Paris (1983) en Calvin Kleins Eternity (1992) dat deden bij de vorige generaties jonge vrouwen van nu. En hoe dichter deze pure roos vanuit het verleden naar ons toekomt, hoe lichter van toon ze wordt – in kringen van de ketenparfumerie welteverstaan.

MAGNOLIAEen andere reden tot compositieverandering: de markt is er achter gekomen dat één bloem in het bijzonder de roos licht, zon en frisheid kan geven, haar volheid tempert zonder haar specifieke zoete, licht-fruitige noot te ontkennen, én dat deze ‘aanvulling’ zeer wordt gewaardeerd bij de consument: de magnolia (f0t0). Breekbaar, teder-bloemig en met een frisse noot die neigt naar citrus.

Het verklaart voor een gedeelte het ‘on a clear day you can see forever’-karakter van deze nieuwe eau de toilette-versie. Het laat deze dag beginnen met bergamot – ook fris, ook bloemig – extra fris gemaakt door citroen. Dan dus de roosmagnolia-combi die wordt geflankeerd door gardenia waarvan ik de romige-fluweelachtige noot alleen niet echt waarneem. De reden: de dag gaat snel over in de (heldere zomer)avond. Witte musk-wolken met katoen-pluizerig effect verschijnen aan de horizon die hoe langer ze op de huid ‘zitten’, de huid steeds cleaner en frisser laat aanvoelen – de rode roos is verbleekt tot wit…

CHLOÉ EAU DE TOILETTE MOOD

SOIR D’ORIENT SISLEY

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 12, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET S, NICHE, NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN. Getagd: SISLEY. Een reactie plaatsen

MIDDEN-OOSTEN MYSTIEK

VERY NICE, VERY NICHE (FOR BEGINNERS)

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 12/09/15

Neus: helaas onbekend

Concept & realisatie: Hubert en Isabelle d’Ornano

SOIR D’ORIENT SISLEY MOOD 1Historische inspiratie voor Soir d’Orient. In het kort: Andalusië, in het bijzonder een paleis in Sevilla gebouwd ‘tijdens’ de Spaanse gouden eeuw, de periode van convivencia… we verlaten de tuinen en dringen door tot het van rijke ornamenten voorziene hart van het paleis’.

‘Gebouwd in de gotische mudejar-stijl tijdens de regeerperiode van Alfons X die ons herinnert aan de tijd van de Moorse invasies en Spaanse veroveringen… Een tijd waarin geuren van het westen zich mengden met die van het Nabije Oosten. In Andalusië valt de ondergaande zon over de oude muren, licht de azulejo-tegels met een metallic glans op en onthult de betoverende magie van Soir d’Orient’.

Iets exacter: convivencia betekent de wederzijdse religieuze, wetenschappelijke, culturele en artistieke beïnvloeding tussen moslims, joden en christenen in Spanje. En de Mudejar-stijl in het bijzonder verweeft moslim- en christelijke kunstvormen. Dat gebeurde vanaf de Moorse invasies (711) tot het moment dat het über-katholieke Spaanse koningspaar Isabella I van Castilië en Ferdinand II van Aragon met de door hun succesvol geleide Reconquista hier een einde maakte in 1492 – het jaar waarin Christopher Columbus een nieuwe weg over het water zocht naar Indië en verder.

Tijdens deze kruisbestuiving werd op het schiereiland de Arabische parfumcultuur geïntroduceerd (denk aan oranjebloesem) en door kruisvaarders ‘parfumingrediënten’ (iris, saffraan, hyacint, wierook) uit het ‘beloofde land’ mee naar Europa gebracht. Om de constante aanvoer van exclusieve waar (denk sandelhout, denk musk) voor de Europse elite via de Zijderoute (na de val van het Romeinse rijk in tact gebleven) niet te vergeten.

SOIR D’ORIENT SISLEY mood 3Geurengoeroe zegt: Soir d’Orient is heel mooi én is heel slim. Slim: de compositie is very marketing driven. En daar is niets op tegen. Want de geur beantwoordt helemaal aan de wens van een groeiend aantal consumenten die kennis wil maken met niche maar nog niet exact weet hoe dat precies ‘in zijn werk gaat’. Dat wil zeggen een krachtig parfum dat qua ‘beproeving’ verder gaat dan ‘niet-weer-hè’-gourmand en de roze gestemde lichte bloemenroes (vastgeplakt aan door witte musk poederig gemaakt blank hout) die nu vooral de toon bepalen.

Vinden ze dat in hun favoriete ketenparfumerie? Of moeten ze over de, voor velen hoge, drempel stappen van de nicheparfumerie? Geurengoeroe antwoordt: laat de drempel voor wat het is: Soir d’Orient is niche in de ketenparfumerie. Sisley vertolkt in deze geur de stemming die al langer in nichekringen heerst: en die is ‘gesluierd sensueel’, want geïnspireerd op het wonderhout dat vanaf ongeveer 2000 vanuit Saoedi Arabië de wereld heeft veroverd, nog steeds aan het veroveren is: oud, of oudh, of adelaarshout. Ruik je Soir d’Orient blind, grote kans dus dat je het Midden Oosten als herkomstgebied door je gedachten flitst. Want deze contreien staan al jaren synoniem voor oud in combinatie met volle, overdreven geuren die vooral lak hebben aan die één ding: bescheidenheid. En de bewoners van het Arabische schiereiland krijgen er maar niet genoeg van: Europese en Amerikaanse parfumhuizen maken special oud-collecties voor het Midden-Oosten die je, no problema’s, via internet ook thuis bezorgd krijgt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Soir d’Orient is bij mijn weten een van de eerste geuren, afgezien van Yves Saint Laurents M7 (2001) en Christian Diors Fahrenheit Absolute (2009), die oud zo overtuigend in een geur verwerkt en die je in de ketenparfumerie kunt kopen en geen moeite doet om de werking ervan te maskeren. Verschil: Soir d’Orient is er slechts voor haar. Vertel je dat aan mensen op het Arabisch Schiereiland, die beginnen dan direct te lachen. Waarom: oud doe niet aan geslachtsdiscriminatie.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE SAFFRAANNu de grap: in Soir d’Orient schittert oud door afwezigheid, maar de ingrediënten roepen samen wel de kenmerkende oud-sensaties op die je op de achtergrond ruikt: smeulend, kamferachtig, apothekers-etherisch. Trouwens, volgens Frédéric Malle zitten in de als ‘echt oud’ gepresenteerde geuren geen druppel van dit kostbare hout. En dat zoiets heel goed mogelijk is, bewijst Baruti met zijn geur Nooud (2014). Ofwel, Geenoud of geen oud.

Hoe krijg je het oud-gevoel zonder oud in een geur? De kortste ‘keten’ in deze: patchoeli en wierook. Dat is de basis: wierook geeft de bosachtige, ‘vochtige’ patchoeli op alternatieve wijze het kamferachtig, apothekers-etherisch effect. Om dit minder cru te maken, wordt de compositie eigenlijk ‘vanaf onder’ opgebouwd om te garanderen dat deze oud-sensatie wordt opgesierd met andere ingrediënten zonder die weg te poetsen. En dat doe je dus met de ideale niche-combi van nu: saffraan (foto) en roos. De eerste geeft de pittig-frisse opening van Italiaanse citroen (meer) en Iraanse galbanum (minder) een licht-zoete, beetje stroef-ronde toets. En dat is nu synoniem met chic in parfumkringen. En hetzelfde doet saffraan met de Turkse roos en Egyptische geranium (ruikt naar roos alleen frisser en groener).

Maakt het ‘roosgevoel’ minder fruitig, minder zoet. Peper (uit Madagaskar) zorgt voor een extra dimensie en garandeert dat de patchoeli-basis van ‘oud’ blijft resoneren. En garandeert tegelijkertijd dat de Somalische wierook ondanks het zwaar-oosterse karakter ‘open’ en vol lucht blijft (is wat anders dan luchtig).

Soir d’Orient wordt gepresenteerd als een vrije interpretatie van Eau du Soir. Niet helemaal mee eens. Het is een op zichzelf staande geur die het klassieke chypre-concept eigenzinnig interpreteert. Meer oosters, minder Europees, door het accent op roos in plaats van op jasmijn. Moet wel gezegd: ben je al helemaal ‘into niche’, dan zal Soir d’Orient je bekend voorkomen door de bijna inmiddels klassieke ‘geur-dna’ van saffraan, roos en patchoeli. Alleen, ‘door dit alles’ bevindt zich voor mij het door Hubert en Isabelle d’Ornano gedroomde paleis niet op het Iberisch, maar op het Arabisch Schiereiland.

SOIR D’ORIENT SISLEY MOOD 2

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
    • MON VETIVER ESSENTIAL PERFUMES
    • LA ROSE DE ROSINE LES PARFUMS DE ROSINE
    • DELIZIA OSCURA CALAJ
    • GEURENDE SCULPTUREN
    • MY BEST FRIENDS FRAGRANCE
    • OMBRÉ LEATHER TOM FORD
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 127 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen
 

Reacties laden....