PATISSERIEPRACHT VOOR DE LIEFHEBBERS
Jaar van herlancering: 2016
Laatst aangepast: 22/05/16
Neus: Quentin Bisch
Model: Georgia May Jagger
Foto- en videografie: onbekend
Flaconontwerp: onbekend
Een van de eerste dingen die ik doe als ik binnenkort naar Parijs ga, is als de wiederweerga naar Galeries Printemps om daar de nieuwe nichelijn van Thierry Mugler te testen. Les Exceptions – inmiddels zes stuks en helaas niet in de Benelux voorhanden – schijnen één ingrediënt en/of parfumfamilie tot het uiterste te pushen, op te rekken met een über-effect in kwadraat tot gevolg.
Dat kun je in iets minder mate ook beweren van de nieuwe interpretatie van Angel (1992), Angel Muse: Wordt gepresenteerd als een nieuwe ster die schijnt in het engelensterrenstelsel van Thierry Mugler waar de ‘lucht’ is bezwangerd met aroma’s die je opsnuift in de betere patisserie: chocolade, cacao, rood fruit, room, karamel, poedersuiker en noten.
Maar eerst de presentatie: die is minder engelachtig, minder verheven, minder hemels. Werd in gang gezet door het kiezen van een jonger model: Georgia May Jagger, dochter van een van de Angel-ambassadrices van het eerste uur: Jerry Hall. Het effect en de bedoeling: meer streetwise, meer sexy rockchick-like, meer nu en daardoor minder afstandelijk. Deze jeugdige uitstraling past perfect in het rijtje van Yves Saint Laurents Black Opium (2013) en (2016) van Dior. Zie de clip: wellustig genieten met de onvermijdelijke seks sells-link. Voor de gelegenheid is een nieuwe ‘flacon’ ontworpen – er is eerder sprake van een object – waar de Angel-ster lijkt ingeslagen, als een meteoriet.
WAT ANGEL MUSE IK EIGENLIJK?
Het is moeilijk om in eerste instantie een nieuwe geur te ruiken. En dat komt natuurlijk door het gourmandeffect – die associeer je eigenlijk direct met de oorspronkelijke Angel. En dat geldt ook voor de vele ‘banketbakkers’-geuren van andere merken. Angel is en blijft de standaard in deze categorie.
Door de fris-bittere en tegelijkertijd roodfruitige opening van sprankelende grapefruit en rode bes (behoorlijk zoet) heen denk ik dus eerst Angel (ofwel de patchoeli-cacaonoot) te ruiken, maar als je even goed door ruikt ervaar je een andere gourmandsensatie. Het verschil minder chocolade (cacao) die wordt ‘gecompenseerd’ door een hazelnootcrème. En die is smeuïg, likkebaardend. Denk Nutella gecombineerd met een romige ondertoon. De beloofde verrassing laat even op zich wachten, want die zit in de basis. Mugler noemt het zelf een noviteit: de verwerking van een krachtig vetiver-akkoord (op de kar geladen), voor het eerst verwerkt in een damesgeur.
Daar zit wat in, in die zin dat bijvoorbeeld Guerlains Vétiver pour Elle (2007) meer een bloemengeur is. En bij mijn weten is vetiver ook nog nooit gekoppeld aan gourmand. Het effect: komt voor mijn gevoel niet helemaal tot zijn recht. Een neus – Christine Nagel – wees mij er ooit op dat vetiver ‘van zichzelf’ een (hazel)noot-noot heeft. Maar dat ervaar je alleen (en met veel fantasie) bij een enorme aardse vetiver-versie. Af en toe meen ik het te herkennen, maar de volle dosis van hazelnoot belemmert voor mij dat effect.
Misschien een kwestie van geleidelijk aan dieper doordringen in de compositie. Alleen wie neemt daar de tijd voor en zit daar op te wachten? Voor mij is Angel Muse een hazelnootcrème in geur met zekere houtondertoon.


Net zoals je eerst met een aantal verschillende geuren (en de daaruit voortvloeiende ervaringen) kennis gemaakt moet hebben om de ware te vinden (en het daaruit voortvloeiende eigen, persoonlijke smaakbesef), moet je ook een aantal mannen verslijten, voor de one & only, je ideaal zich aandient. Net op het moment dat je alle hoop al had laten varen en je gelukkig geen genoegen hoeft te nemen met Jan Modaal. Echt makkelijk is het niet voor vrouwen: zie hun ‘ha-ha-ha-had-je-maar’-hordenloop bij de cologne-versie van vorig jaar.
Het geheim van deze intense versie: volgens mij dat de amandel een halt is toegezegd – ‘En nou effe dimme! Begrepe?’ Die speelt niet de hoofdrol maar werkt samen met 1: de roos, 2: leer, 3: wierook, 4: sandelhout en 5: vanille. En dat allemaal in de juiste proporties. Dat wil zeggen na de klassieke frisse Guerlainopening: een zuivere bergamot die al een beetje van wat komen gaat in zich draagt, ruik je een bitterzoete amandelnoot (ik gok op een combi heliotroop, kruidige noten en vanille) waarvan de gourmand-platheid wordt onderdrukt door roos – geeft de amandel een helderheid, lucht zonder echt bloemig te worden.
Jeu D’amour L’élixir trekt zich hier weinig van aan, en dat mogen we alleen maar waarderen. Deze tuberoos is niet zo drop dead-gevaarlijk als Robert Piguets 
Hè, hè, eindelijk weer een Dior-parfum dat recht doet aan de reputatie van het huis. ‘Eindelijk’ en ‘weer’ is natuurlijk betrekkelijk: maar na
Montauroux vormt met zeven andere dorpen – Callian, Mons, Seillans, Fayence, Saint-Paul-en-Forêt, Bagnols-en-Forêt en Tourrettes – het zogenaamde Pays de Fayence gelegen in de regio Grasse: ‘Een gebied tussen meren en bergen en’ – aldus Dior – ‘door een weelderige natuur omgeven, alom geprezen vanwege – onder andere – zijn bloementeelt voor de parfumindustrie’.
‘Waar zijn die zomers met jou aan mij zij, zijn die zomers met jou dan voor altijd voorbij…?’ Zong-snotterde Ria Valk ooit (tijdens haar ‘lachen verboden’-periode). ‘De zon, de zomer en de zee, wat waren wij gelukkig met z’n twee’. Kwetterde gezellig Astrid ooit. Jaren zeventig-onschuld. Nu weer hip, want ‘vintage’.
Trouw aan het oorspronkelijke Sun-concept, is Sun Shake een warme zomergeur – gemaakt door Nathalie Lorson – die een enkeltje richting Hawaï boekt. De zomerwind is er alleen even in de opening, als het krieken van de dag, die vervolgens denkt ‘ik ben nog moe, ga effe door met uitslapen’ en dan tot zijn schrik pas tegen de avond wakker wordt, maar wel blij verrast is door de warme wending die de geur heeft genomen.
Er verschenen de laatste jaren in het niche-circuit enkele pure lelietjes-van-dalengeuren. Waaronder het kristal-groene Muguet Fleuri (1925/2014) van Oriza L. Legrand. Maar die kregen pr-technisch minder aandacht dan Muguet Porcelaine van Hermès. Hoe zou dat nou komen?
Over Muguet Porcelaine zegt Jean-Claude Ellena: ‘De natuur naar eigen hand zetten, zo ziet men mijn beroep van parfumeur. Het lijkt wel eens op hinkelen. Als je al hinkelend na vele testen ‘de hemel’ bereikt, heerst er vreugde, is het feest. In lelietje-van-dalen zit zoveel subtiliteit, dat ik ervan droomde deze bloem te sublimeren. Ik heb me verdiept in de geur, tot ik mijn andere zintuigen vergat, om de schoonheid en de soepele verleidelijkheid van deze bloem, fragiel als porselein, weer te geven’.
Geurengoeroe zegt: ‘Hermessence rijmt ook op élegance’. Want de geur is elegant, in al zijn eenvoud alle facetten van het lelietje-van-dalen benadrukkend: fris, groen, knapperig startend, snel overlopend in de kenmerkende helder-subtiele bloemengeur. C’est tout. U leest het goed: that’s it.
‘En Geurengoeroe, kóópt u nog wel eens een parfum?’ Hij antwoordde: ‘Zelden, geen beginnen meer aan. Er verschijnt ook zoveel verdomd schoons. Maar ze allemaal sniffen? Geen tijd voor. Soms word ik echter als door een magneet aangetrokken – door de naam en wat de inhoud van een geur op papier belooft’. De naam: anders en voor kenners reeds een hint gevend: Afrika Olifant. Op z’n Hollands geschreven! Hoe komt dat, hoe kan dat? En dat voor een huis met Turks-Duitse wortels.
Te meer, gezien de kapster in Artis werkt, een soort van geurengek is en ik dus benieuwd was naar haar reactie. Artis was namelijk ook wat ik in mijn gedachten had. Gewoon dierentuin ruiken: mest en urine opgedroogd in stro opgeroepen met civet en bevergeil. Even terzijde: wil je niet dat de katten van de buren je mooie tuin als wc gebruik: tijgerpoep geplaatst op strategische plekken – scares the shit out of them. Bij Artis kon je het ooit kopen, weet niet of het deze service nog biedt.
De dagen; dat zijn dus gevangen kapellen (vlinders) – dierenbeul! Prikkebeen vertrekt vervolgens in het door Rob de Nijs in 1974 gezongen Zuster Ursula naar Amerika waar het volgens hem beter kapellen vangen is: ‘Dag lieve rest van Nederland, dag lieve allemaal. Blijf maar rustig zitten in het Land van Maas en Waal. Ik kan alleen maar lachen, ik stap eruit, ik ga, mijn rugzak en mijn tentje mee, de vlinders achterna’ – driedubbele dierenbeul!
Wel aan een vleugje poëzie in ruime hoeveelheid. Zeg nou zelf: Diors J’adore, Yves Saint Laurents Baby Doll – alle twee in hetzelfde jaar gelanceerd en nu ook nog te koop – spreken minder tot de verbeelding dan La Chasse aux Papillons. De tegelijkertijd gelanceerde Dzing! en Passage d’Enfer idem dito. Geldt ook voor Goutals Ce Soir ou Jamais en Tiempe Passate van Antonia’s Flowers (ook beide 1999). Nu zijn dergelijke namen schering en inslag en daardoor ook bijna inwisselbaar geworden.
En de very serieuze stemming van zanger vind ik niet in lijn met de stemming van het zogenaamde intieme portret van het very beautiful younge koppel dat aan het voor-, tijdens- en nagenieten is van een short stay in, ja goed geraden, Londen. ‘Mr. Burberry’ is Josh Whitehouse, ‘My Burberry’ is Amber Anderson. Laatste vind ik een klap, echt niet leuk, in het gezicht van Kate Moss èn Cara Delevinge. Deze twee blijven toch de echte ‘My Burberry’s’ voor mij. Gaat-ie looser er zo maar met een ander vandoor… je kunt ook niemand meer vertrouwen. Behalve in deze op…

Ik was best wel verbaasd toen L’Eau d’Issey pour Homme Eau Fraîche bij mij thuis werd afgeleverd. Ik bedoel: deze klassieker staat hoewel voorzien van een kruidig en houtachtig fond toch bekend als ode aan de kracht van water. Moet het frisser? Kan het nog frisser?
‘Grappig’: terwijl Issey Miyyake de pure vetiver in de basis van Eau Fraîche als ‘een overheerlijke echo van het origineel’ ziet, heb ik dat meer met de kruidigheid. En dan met name de wrang-groene noten van bittere kruiden zoals kardemon, salie en dragon.