GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

VADERDAG-CHALLENGE: GEEN GEUR MAAR EEN GEURADVIES ALS CADEAU

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 16, 2021
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE. 2 reacties

MY HEART BELONGS TO DADDY

PERFUME PROFILING: THE WAY TO DADDY’S HAPPIER LIFE

Net zoals bij moeders, krijgen ook veel vaders tijdens hun jaarlijkse, traditionele herdenkingsdag een verkeerde geur cadeau. De reden: de meeste gekochte geurgeschenken zijn eveneens voor hem gebaseerd op foutieve informatie. Tenminste als hij zijn duidelijk omschreven olfactorische preferenties niet van te voren heeft doorgegeven aan de diverse familieleden. 

Zit zo: als vader – via welk online-mediakanaal dan ook – advertenties voorbij ziet komen gebaseerd op zijn zoekgedrag en algoritme, dan wil dat nog niet zeggen dat die geur bij hem past. De gemiddelde advertentie van de luxemerken – Armani, Boss, Chanel, Dior, Dolce & Gabanna, Givenchy, Gucci, Yves Saint Laurent; zo nu heb ik de grootste jongens uit de business wel gehad – kiest nog steeds voor een boodschap waarin de man in zijn beste hoedanigheid wordt gepresenteerd. Natuurlijk al naar gelang van de op dat moment heersende hippe conventies – aspiratieniveau heet zoiets.

Of ze kiezen voor the oldest trick in the book: parfum als lokmiddel die de drager onweerstaanbaar zal maken. In het huidige tijdsgewricht wil dat dus zeggen bij de luxemerken die de ‘l’air de temps’ nauwlettend in de gaten houden: voor welke (inter)sekse dan ook. Het grappige is eigenlijk om te huilen: welke miljoenen verslindende mediacampagne gebaseerd op je online-zoekgedrag ook op je screen verschijnt, niets wordt vrijgegeven met wat voor een soort geur zo’n goede sier wordt gemaakt. 

Er zijn nog te weinig vaders die durven zeggen dat ze een geschonken geur niet echt lekker vinden. Vreemd vinden veel vaders iets anders misschien wel: afgaand op ‘hun advertentie’ hadden ze eigenlijk een andere geur verwacht. Dat vindt Geurengoeroe jammer en – een beetje drama op zijn tijd mag ook wel – betreurenswaardig en zonde. En dat betekent ‘uiteindelijk’: de dag minder opgewekt beginnen dan in feite had gekund – onderschat niet de werking van geur op onbewust niveau. 

Om dit ‘je-kunt-zoveel-meer-genieten’ van een geur die bij je past toe te lichten, gebruik ik mijn inmiddels klassieke voorbeeld. Ik heb een zwager waarvan ik weet dat hij meer dan gemiddeld gek op geuren is. Dat bleek wel uit het feit dat van de honderden geuren die ik in der loop der jaren onder mijn familie, vrienden, kennissen en buren heb gedistribueerd, hij een van de weinigen was die veel geschonken geuren teruggaf. Voor hem was een ‘klinkende naam’ geen garantie voor ‘lekker’.

Hij uitte dan zijn kritiek: ‘Te zoet!’ ‘Te laf!’ ‘Wat ruik ik eigenlijk?’ ‘Onbegrijpelijk!’ ‘Ronduit vies!’ Tot ik hem Gucci Pour Homme – 2003 alweer – gaf. Wat hem daaraan beviel: de donkere houtachtige, smeulende basis. Opgeroepen met – dat wist hij toen natuurlijk nog niet – wierook, cistus labdanum en leer. Als ervaringsdeskundige heb ik hem ‘in de leer’ laten gaan. Een schot in de roos, want wat blijkt: mijn zwager blijkt een leergeur-aficionado. Zo heb ik hem ook aan de Knize Ten (1924), Serge Luten’s ‘copycat’ van voorgaande geur – Cuir Mauresque uit 1998 – en Cuir van Mona di Orio (2010) gekregen.

Zelf ontdekte hij zelf op een gegeven moment Cuir Fauve (2012) van Keiko Mecheri – hij belde me op vanuit de winkel toen hij de aankoop deed. Opvallend: Cuir de Russie (1924) van Chanel daar heeft hij weinig mee. Zelfs het extract kon hem niet overtuigen. Tussen ons gesproken en gezwegen: ik heb hem een paar jaar geleden warm gemaakt voor oudh. Werkte direct: hij heeft al één fles (een rip off van Acqua di Parma voor 1/5 of van de prijs) leeggespoten waarop ik hem attendeerde. En toen ik hem vertelde dat er ook geuren zijn die oudh en leer vermengen – ‘Hou me vast!’ 

Maar nu komt het: mijn zwager is zo blij dat hij (door mij) weet welke soort geur hem in een prettige(r) stemming brengt. Hij gaat zelfs een stap verder: als iedereen alleen maar de geuren of geurfamilie draagt, waarbij zij/hij/het zich het meest prettig bij voelt – zij het door toeval, gedegen (zelf)onderzoek of advies – dan komt de wereldvrede weer een stukje dichterbij omdat je dag begint in harmonie met jezelf. Ik zeg: valt wat voor te zeggen.

Dus – hier volgt de kwintensens van mijn pleidooi: moeders, vaders, dochters, zoons of hoe de familieconnectie en-constructie ook mag zijn: als je ècht van je allerliefste pappie ter wereld houdt en deze kei van een vader houdt ook nog eens van geuren: doe hem en jezelf (en de rest van je familie) een groot plezier: geef hem voor Vaderdag geen geur. In plaats daarvan: een cadeaubon/voucher voor een afspraak bij een professionele parfumerie – dus geen Douglas, Ici Paris XL, Mooi of DA – waar hij ‘live’ een consult krijgt. Iedere professionele adviseur houdt er zo zijn eigen ‘leitmotief’/school op na met als doel – naast geld verdienen – ervoor zorgen dat je als vader de geur krijgt die hij echt verdient. 

Check je directe omgeving op internet of er een parfumerie in de buurt zit die deze service levert – je kunt Geurengoeroe ook zelf inschakelen, moet je wel naar Gees, Drenthe komen – hij gelooft zelf niet zo in online-consulting. Maar – hier volgt een onbetaalde reclameboodschap – voor welke speciaal parfumerie je ook kiest, je verlaat de winkel gelukkiger dan dat je die betrad. 

VIVRE MOLYNEUX

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 13, 2021
Geplaatst in: ACHTERGROND, GEURENALFABET V, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

BACK TO THE SEVENTIES DEEL 1

HET WESTERSE OPTIMISME VAN DE JAREN ZEVENTIG GEBOTTELD

Zeg nooit nooit. Maar, ik zie zo een, twee, drie geen backer bereid om het couturehuis Molyneux weer leven – Vivre! – in te blazen. Alhoewel, niemand geloofde eind jaren negentig nog in Lanvin… en je weet wat daarvan de uitkomst is geweest. Mocht je het niet weten – want dit is geen modeblog: Alber Elbaz (onlangs aan de gevolgen van covid overleden) maakte het huis weer hip, hot & happening zoals dat heet. Jammer alleen dat de geuren niet meegingen in deze creatieve revival: behalve Éclat d’Arpège één en al treurnis, één al ergernis (daar bemoeide Elbaz zich duidelijk niet mee, jammer).

Maar zeg dus nooit nooit. Ik zie nu ook weer ‘onbegrijpelijke-opa-je-wordt-ouder’-collecties van het voor de zoveelste keer wakker gekuste Patou voorbijkomen. Dus. En bij Schiaparelli (met Molyneux en Patou een grote concurrent van Chanel tijdens het interbellum) zijn de recente spectaculaire ‘op-de-rode-loper-wéér-een-prijs-ophalen-tijdens-belangrijke-uitreiking’-couture volgens mij de opmaat voor het weer lanceren van haar legendarische geuren (een poging die in 1998 jammerlijk flopte). 

Nu Vivre. Wie wil dat niet en zo lang mogelijk? Leven. Ja. Vivre! En als je dat genotsgevoel, het besef dat je lééft door een zogenoemde geur kunt versterken, leuk toch? Doodgaan kan altijd nog en schuiven we (in ieder geval in gedachten) zoveel mogelijk voor ons uit. Sterven, mourir, nou liever niet, maar als het echt niet anders kan… bel me maar terug over een tijdje. Je kunt er trouwens gif op innemen, dat als nu een iemand een geur Mourir zou noemen en daarmee de vergankelijkheid van alles zou verbeelden – van de mens, van de natuur, van het besef dat het leven niet oneindig is en al het overige bla-bla-bla-gemijmer – met een compositie die richting bederf gaat… kan zo maar een succes worden. Mooie foto erbij van een ‘nature morte’ – bingo!

Wie wat/was Molyneux? Hij was een succesvol couturier van Ierse komaf geboren in 1889 in Londen, die na de Eerste Wereldoorlog (waarin hij als kapitein diende vandaar dat hij ook le captain couturier werd genoemd, knappe vent by the way) zijn eigen salon in Parijs in 1919 opende aan de rue Royale. Hij was voor de oorlog de mode ingerold na het winnen van een ontwerpwedstrijd; hij had zijn schetsen als kunstschilder ingestuurd, want dat was zijn eigenlijke beroep – zijn hele modecarrière bleef hij schilderen en verkocht zijn doeken ook aan zijn modeklanten, zoals Greta Garbo en de hertogin van Windsor. 

Edward Henry Molyneux was al snel geliefd om zijn sober-modernistische benadering van de understated Engelse upperclass-look. Binnen een paar jaar had hij winkels in Monte Carlo, Cannes, Biarritz en Londen. Niet voor niets dat hij ook snel ‘in parfums ging’. Allemaal even chic en ‘strak’ gepresenteerd zoals zijn kleding. De eerste drie verschenen in 1925 en waren geïnspireerd op de directe omgeving van rue Royale: Parfum 3 (naar het eens fameuze restaurant Maxim’s gevestigd op nummer 3), Parfum 14 (het eerste adres van Molyneuxs salon) en Numéro Cinq.

En ik ‘altijd’ maar denken dat dit een knipoog en/of commerciële marketingtruc was vanwege het toen alsmaar in faam groeiende N°5 van Chanel (dat dit jaar zijn eeuwfeest viert). De wetenschappers zijn er nog niet over uit gezien het feit dat Molyneux van nummer 14 naar nummer 5 was verhuisd: hetgeen Numéro Cinq verklaart. Ik weet niet of het tot een rechtszaak is gekomen, maar in Amerika werd dit parfum verkocht onder de naam Le Parfum Connu. 1932: Le Chic. 1962: Fête. 

Of hij nog betrokken was bij Vivre (1971), zou zo maar kunnen. Hij overleed in 1974. Na zijn dood deed Quartz uit 1977 het een tijdje goed; een van de eerste keren dat een parfum de ‘opkomende’ zakenvrouw – derde feministische golf? – als inspiratiebron had. 

Gauloise uit 1981 is lekker marketing driven, want slimme naam gezien erfgoed en identiteit als hoofdattractie – toen al! Gepromoot door Sylvie Vartan (ooit vrouw van het Franse antwoord op Elvis Presley, Johnny Halliday, die in zijn nadagen al even ‘erfgoedelijk’ was in zijn rol als ambassadeur voor Eau Sauvage). Gauloise kreeg buiten Frankrijk de slogan ‘The essence of France’ mee. Ik bedoel maar. Voor mannen ‘eindelijk’ in 1974 Captain Molyneux en in 1984 Lord Molyneux, maar die hebben qua uitstraling weinig van doen met ‘le chic’ van de oprichter – ‘imagineer’ eerder Yves Rocher.

En zoals de traditie het voorschrijft, bakken de nieuwe eigenaren – na diverse omzwervingen nu in het bezit van Parfums Berdoues – er weinig van: waarvan de namen getuigen. Drie maal gaap: Quartz Pure Red (2008), Quartz Je T’aime (2012), Quartz Addiction (2013). Qua naam leek Rue la Boëtie (2014) veelbelovend, maar afgaande op de presentatie: ‘alle dertien gaat wel’ in een dozijn.

Maar we hadden het over Vivre: back to the seventies so to speak! Een hybride-geur met een enorme sprankeling. Wil zeggen: Vivre zweeft tussen een (bloemige) chypre en (bloemige) aldehyde resulterend in een heerlijk, ja levendig som-der-delen-geur: een bruisend boeket van ‘typische’ parfumbloemen: Bulgaarse roos, jasmijn, iris, ylang-ylang, lelietje-van-dalen en hyacint.

De laatste twee maken er een fris voorjaarsgeheel van. Ylang-ylang geeft een warme ondertoon. Bulgaarse roos, jasmijn, iris doen wat ze moeten doen: een prettig klassiek bloemgevoel oproepen. Laten we de frisgroene opening niet vergeten – opgegeven ingrediënten: bergamot, sinaasappel, theebloesem (lijkt me onwaarschijnlijk), koriander, groen gebladerte, engelenzaad – die het boeket als een groene guirlande omlijsten. 

De aldehyden veredelen, de chypre-ingrediënten verdiepen het geheel (de eau de toilette-versie doet een beetje denken aan Yvresse Eau Légère uit 1997 maar dan minder fruitig). En dat laatste ruik je natuurlijk in de nasleep: eikenmos, vetiver en mirre voorzien van een laagje leer. Die verdieping ruik je nog beter in het parfumextract – beide kwamen door toeval in mijn bezit. De noten van leer en zoet-rokerig mirre nemen je in het extract vanaf het begin mee, alsof er een schaduw wordt getrokken over de bloemen. 

Ongecompliceerd maar geraffineerd. Een soort van vanzelfsprekend: achter ogenschijnlijke eenvoud gaat karakter schuil. Op eBay wordt de geur nog steeds aangeboden – ook ongeopend, grote kans dat de geur nog niet aan kracht heeft ingeboet. Die van mij waren voor een gedeelte gebruikt maar altijd in de doos verborgen en ‘doen’ het nog steeds.  

Vivre is echt tijdsgebonden, want in lijn met de easy going groene trend eind jaren zestig, begin jaren zeventig die volgens sommigen ook een uitvloeisel was van de tweede feministische golf waardoor parfum so to speak de paleistrappen afdaalde op zoek naar de klanten in de nieuwbouwwijken die rondom de steden werden uit de grond werden getrokken: de grootmoeders van de desperate housewives. 

Denk Ô de Lancôme (1969), Chanel N° 19 (1970), Givenchy III (1970), Eau de Rochas (1970), Diorella (1972), Aliage (1972). Om de (nu nog) bekendste en nog verkrijgbare (weliswaar aangepaste) te noemen. Maar Vivre schenkt nu nog even veel levenszin.

Verder wil ik nog even wijzen op de moderne verpakking: heel mooi en simpel het extract van Vivre. De vorm van de flacon is uitgesneden een plastic rechthoekige omdoos, de flacon plaats je erin. That’s it. Een treffend voorbeeld dat je met plastic ook ‘modern artistiek verantwoord design’ kunt verenigen met de klassieke esthetiek die het parfum over het algemeen kenmerkt.

GLYPHS: A JUDGEMENT IN STONE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 6, 2021
Geplaatst in: ACHTERGROND, NICHE. Een reactie plaatsen

HOE ‘ANDERS’, HOE ‘MOEILIJK’ OF ‘MAKKELIJK’ MOETEN ‘INTERDISCPLINAIRE GEUREN’ RUIKEN?

Vraag ik me de laatste tijd steeds vaker af bij het zien van de aanhoudende stroom nieuwe parfummerken en nieuwe geuren van de klassieke aanbieders: wat betekent creativiteit anno nu? Bestaat het nog wel in de ware zin van het woord; is het niet meer dan een (innovatieve) variatie op een (klassiek) thema dat – fingers crossed – zijn weerklank zal vinden bij een van tevoren duidelijk in kaart gebrachte doelgroep? 

Wat dat betreft is parfumland op dit moment een tweestromengebied voor nieuwkomers. Of je gaat mee met de heersende clichés en trends – dus parfum als old school summum van chic, verleiding en mysterie. Of je kiest voor een aanpak die daar juist tegen ingaat. Laatste betekent dat geur vanuit een ‘andere’, meer artistieke en intellectuele invalshoek wordt benaderd. 

Vervelend: als de klassieke aanbieders, om de boot niet te missen en om zichzelf een aura van millennial chic te geven, eveneens meegaan in ‘andere’ geuren. Yves Saint Laurent bijvoorbeeld vertaalde in 2016 vinyl in geur: Vinyle, Balmain kwam in 2010 al met Carbon (inderdaad koolstof). Dan moet je, wil je opvallen als ‘new brand on the shelf’, met nóg iets ‘andere’ uitgangspunten komen. 

En dan is dat vaak ‘iets met kunst’. En dat blijft toch verwonderlijk, dan lijkt het net of geur dan wordt opgetild – auf Flügeln des Gesanges -, dat het een meerwaarde krijgt en daardoor anders wordt ervaren. Terwijl het olfactieve resultaat vaak weer een variatie op een thema is, omdat ondanks het uitgebreide palet van de parfumeur de werelden/associaties die je met geuren kunt oproepen én wat je als ‘consument’ allemaal kunt opnemen toch beperkt is.

Ik heb het zelf gemerkt met mijn eerste collectie upcycle-geuren: 26 stuks, want gevormd naar het alfabet. Tien jaar geleden alweer. Naam: Parfumclichés. In bepaald opzicht is deze lijn geflopt omdat a: het te veel geuren waren, b: het als enthousiaste verkoper – in dit geval het team van Annindriya Perfume Lounge Amsterdam – bijna niet uit te leggen is en omdat c: de gemiddelde, potentiële koper bij een vierde geur meestal letterlijk afhaakt. Ook al waren de namen nog zo prikkelend – F: Flop! – ook al waren sommige composities écht goed geslaagd: A: Animale (Thank You For Smoking).

Ik moest hieraan denken bij het ‘interdisciplinair ontwerpproject’ Glyphs The Alphabetic Perfume Collection. Nicheparfums – samengesteld door Mark Buxton – gebaseerd op de historische oorsprong van het Latijns alfabet. De gedachte erachter: Rob Stolte en Maarten Dullemeijer van ontwerpstudio Autobahn vinden dat iedereen die kan schrijven moet weten waar onze letters vandaan komen – op zichzelf al een rondetafelconferentie waard. Daarom publiceerden ze in 2018 een inmiddels bekroond boek over de oorsprong van ons alfabet: A is van Os (ook verschenen in het Frans, de Engelse uitgave wordt dit najaar verwacht). Dat is een. 

Dit is twee: Autobahn bedacht ook hoe een letter moet ruiken – op zichzelf al een open forum-discussie waard – door terug te gaan naar de historische vorm ervan. De oorspronkelijke, visuele vorm van bijvoorbeeld de A is afgeleid van een tekening van een ossenkop. Wil je deze letter in een geur vangen, dan moet je benaderen hoe een os ruikt – op zichzelf al een international all inclusive symposium waard.

Dit is drie: de eerste drie letters van het alfabet zijn nu te koop. Aleph – A is for Ox, Beth – B is for House en Gimel – C is for Boomerang. Geleverd in spray en een rollerball-flesje (zodat je er mee kunt ‘schrijven’) en verpakt in een stenen artefact ‘waaruit de ontwikkeling van de letter met de hand wordt uitgesneden’. 

En nu vier: het mooiste zou natuurlijk één parfumerie zijn – Glyphs genaamd – waar je alleen alle letters zou kunnen ruiken en kopen, waardoor het als concept als het ware onontkoombaar is en je hierdoor ook niet naar een andere parfumerie hoeft te gaan omdat het hele parfumspectrum – clean, fris, bloemig, hout, oriëntaals, gourmand, oudh – in het Glyphs-alfabet zit verwerkt.

Was het maar zo ver. Want – zo valt te lezen in het persbericht – om de geuren daadwerkelijk in grote aantallen te kunnen produceren en te distribueren, zoekt Autobahn investeerders. En hoe meer mensen over Glyphs weten, hoe groter de kans op een succesvolle inzamelingsactie. Dus als je het een interessant project vindt, vraagt Autobahn of je wilt participeren of in ieder geval wil helpen om het verhaal in jouw netwerk te verspreiden. Meer weten: www.glyphs.nl en @glyphsperfume. 

Toch eens overwegen, want op papier klinken de gebruikte ingrediënten in ieder geval nieuwsgierig makend. Mark Buxton-waardig so to speak, want typisch ‘anders’ niche. Neem Aleph – A is for Ox. De opening: absoluut van brem (wist niet dat dat nog gemaakt werd), frangipane en hooi (coumarine I presume?) – dat moet iets zoetbloemigs zijn maar dan ruw en droog verpakt. Hart: roos, rabarber, vetiver, waterjasmijn (hedione I presume?) – dat moet iets zoetzurigs zijn met een frisgroen spoor. Basis: animale noten (civet en/of komijn?), musk en patchoeli – dat moet een beetje, het liefst heel veel vies zijn.

VAN GOGH GAAT IN GEUREN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 25, 2021
Geplaatst in: ACHTERGROND, ENTERTAINMENET, OPVALLEND PARFUMNIEUWS. Een reactie plaatsen

ANDEREN GINGEN HET MUSEUM VOOR

MUSEA WORDEN LUXEMERKEN, LUXEMERKEN WORDEN MUSEA

Ik interviewde een paar jaar geleden de toen net aangestelde nieuwe directeur van het Tassenmuseum in Amsterdam voor het inmiddels ter ziele gegane – corona als argument – luxe hotelmagazine Hello Amsterdam. Gedenkwaardige telefoongesprekken: ik kon er geen touw aan vastknopen wat Manon Schaap orakelde. Denk: über-duider Lidewij Edelkoort light.

Ik dacht toen alleen: als dit maar goed komt, deze te grote plannen voor een te klein museum. Wat zij wel allemaal niet in de functie van een museum zag: confrontaties aangaan, op onverwachte locaties pop-uppen, dialoog uitlokken, maatschappelijke noodzaak bevestigen, contact zoeken met de straat, perspectieven draaien, en – niet lachen – meer mannen binnenhalen. En meer van dit clichémarketing-pr-blabla. Ze heeft haar gedroomde toekomstvisie niet kunnen realiseren. Het museum ging dicht – corona als argument. 

Eén opmerking die Schaap maakte, schoot me weer te binnen toen een collegavriend me het persbericht doorstuurde betreffende dat het Van Gogh Museum een samenwerking aangaat met het parfummerk Floral Street. Ze zei: ‘Musea worden de luxe-merken van de toekomst.’ Of iets gelijks van die strekking. 

Ik dacht als een museumdirecteur dat zegt, dan moet je oppassen. En het gebeurt al, maar anders dan de gevestigde museumwereld denkt. Het beste voorbeeld: Louis Vuitton heeft sinds 2006 Foundation Louis Vuitton – een spectaculaire site in Parijs met dito architectuur en dito collectie. Waaronder de privéverzameling van Bernard Arnault, eigenaar van LVMH waar Louis Vuitton onder valt (maar ook de geuren van Dior, Bvlgari, Fendi, Givenchy, Guerlain, Kenzo en Maison Francis Kurkdjian). 

Als je het nog niet was, dan word je na bezoek spontaan een Louis Vuitton-fan voor het leven die niet uitsluit om ook eens in de file te staan bij een van de talloze als museum voor moderne kunst opgetrokken vlaggenschip-shops van Louis Vuitton. Gezellig rondsnuffelen en iets kopen – of online. Of anders bij een van de luxemerken van François-Henri Pinault – de oprichter van de Pinault Collection die met drie imposante musea inmiddels hetzelfde als Arnault beoogt. Ofwel, (de geuren van) Balenciaga, Bottega Veneta, Boucheron, Gucci, Stella McCarthy, Alexander McQueen en Yves Saint Laurent.  

Ik verwacht dat Chanel binnenkort ook iets dergelijks in de stijgers gaat zetten, gezien ‘haar’ ambities om zich te nestelen in het maatschappelijk debat door het Chanel Culture Fund, ‘dat vernieuwers in de kunst gaat ondersteunen ter bevordering van nieuwe ideeën, en die meer zichtbaar maken in de samenleving’. Daarnaast komt er de Chanel Next Prize van € 100.000 uitgereikt aan tien kunstenaars – muziek, dans, performance en beeldende kunst – die hun vakgebied radicaal herdefiniëren. 

Als je al deze info op je laat inwerken, dan kun je concluderen dat het Van Gogh in feite al een jaren een luxemerk is. Maar dan op wel een discutabele manier: geen luxe prêt-à-porter, maar eerder de fast forward fashion bulk-collecties die Versace, Lanvin, Comme des Garçons, Lanvin, Maison Martin Margiela voor H&M maakten. Ik was vlak voor corona nog even in het Van Gogh… wat daar allemaal aan toeristenshit wordt verkocht; Vincent zou bij aanschouwing ook zijn andere oor hebben afgesneden en/of nog een keer zelfmoord plegen of zich vermoord laten hebben.

Het allerergste: de xxl-formaten van zijn ‘klassiekers’. Ik weet de computerprinttechniek van tegenwoordig kan echt alles drukken op alle denkbare ondergronden, maar moet je dat als museum en als consument willen? De intimiteit en de stilte die veel werken (‘op huiskamerformaat’) van Van Gogh uitstralen, worden zo (één)oorverdovend. Het museum stelt het zo: ‘Alle producten en diensten worden ontwikkeld met het erfgoed van Vincent van Gogh in gedachten.’

En nu gaat Van Gogh in geuren: ‘Het duurzame Britse merk Floral Street is de eerste parfumpartner van het Van Gogh Museum. Samen hopen ze een wereldwijd publiek te enthousiasmeren voor de unieke combinatie van fine art & fine fragrance, als eerbetoon aan het werk van Vincent van Gogh’ – het museum is de samenwerking met Scent Man wellicht vergeten. 

Qua marketing is het ook alsof je een persbericht van een nieuw parfum(luxemerk) leest. Oprichter Michelle Feeney: ‘Ik ben zeer vereerd dat Floral Street als eerste parfummerk is gekozen voor een samenwerking. Van Goghs tijdloze meesterwerken zijn enorm inspirerend. We delen een liefde voor de natuur en het vinden van schoonheid in het alledaagse. Door deze samenwerking zijn we in staat om ons verhaal op een nieuwe manier te vertellen, waarbij de schoonheid van kunst met die van parfum samenkomt.’ 

Natuurlijk: ‘De samenwerking biedt een internationaal publiek de kans te ontdekken hoe Van Goghs passie voor de natuur de basis vormt duurzame geuren. De geuren en designs van de bloemen in de eerste lijn zijn geïnspireerd op de schoonheid en het optimisme van een van Van Goghs beroemdste meesterwerken’. 

Spannend. Wordt het Sterrennacht? Zoals Annick Goutal in 2012 deed met Nuit Etoilée. En PK Perfumes met Starry Starry Night in 2016? Toch niet Zonnebloemen – zie Scent Man. Irissen? Waardoor Cult Milano zich al liet inspireren in samenwerking met het Getty Museum – lanceerjaar onbekend. Of iets dichter bij huis: Saint Rémy (2019) van het jonge Nederlandse niche-parfummerk Fuggazi. Oprichter Bram Niessink: ‘Toen Vincent van Gogh in zijn diepe waanzin verviel, liet hij zich opnemen in St. Paul-de-Mausole in Saint Rémy. Hier creëerde hij enkele van zijn mooiste werken, zoals zijn iris-schilderij.’ By Hendrik pakt het iets breder en goedkoper aan met Travel with Vincent van Gogh: ‘The homefragrance combines aromas of plants and flowers Van Gogh depicted in his paintings. A delicious organic and handmade fragrance’. Het meest easy-peasy is natuurlijk het schilderij Amandelbloesem dat ‘vanuit zichzelf’ bij mensen een prettig gevoel oproept omdat de geur van amandel wordt geassocieerd met de onschuldige en onwetende kinderjaren.

Ik kreeg een paar jaar geleden van een kennis het bericht dat ze down under ‘on a much larger scale’ kunnen genieten van ‘die kunstenaar die je liever niet als buurman had gehad.’ Het betrof Grand Experiences. Ik citeer de site: ‘Is gespecialiseerd in het creëren, ontwerpen, produceren en toeren van grote internationale kunstervaringen. Het werkte samen met ScentAir aan Van Gogh Alive dat wereldwijd al meer dan 50 steden bezocht. Om Van Gogh tot leven te brengen, koos ScentAir een geruststellende geur. Warme, kruidige tonen over rustgevende houtsoorten completeren zijn rijke, levendige kleurkeuzes en zware penseelvoering.’

Van Gogh Alive

Maar dat was allemaal voor corona. Het Van Gogh hoeft wat de verkoop betreft toch niet te vrezen. Mits Floral Street (anno 2017) – zo te zien qua uitstraling een ‘vrolijke’ mix balancerend tussen Lush en Jo Loves, neigend naar Diptyque – wel de über-commerciële uitstraling van het Van Gogh Museum met het mysterie en het wereldvreemde van Vincent weet te verenigen. Geurengoeroe zegt: low expectations, high hopes.

Hoopgevend in dit geval: onderzoek van de Fragrance Foundation UK en reclamebureau M&C Saatchi schetst, sinds de lockdown in het Verenigd Koninkrijk, een toename van 11 procent in gesprekken over geuren op sociale media. En volgens Pinterest stegen de zoekopdrachten naar ‘kruidige geur’ met 35, ‘aardse geur’ met 34 en ‘bloemige geur’ met 25 procent. Consumenten hebben inmiddels geleerd om digitaal naar geuren te winkelen en via sociale media ‘geurgesprekken’ te voeren. Naast de traditionele on the floor-praktijk kunnen merken nu e-commerce inzetten ter promotie en verkoop van geuren zonder persoonlijke ervaringsbarrière.’  

‘Maar Geurengoeroe met welke schilderij zou jij beginnen?’ ‘Nou, leuk dat je het vraagt. Een van die doeken met wuivende korenvelden met cipressen. Dat kun je heel mooi olfactorisch verwoorden. Hooi, droog, groen, aarde, zand, warmte.’ ‘Kan ik niets mee!’ ‘Nou, vermeng Les Nuits d’Hadrien van Goutal met Foin Fraîchement Coupé van Oriza L. Legrand, maar dan stroever.’ ‘Naam?’ ‘Balade à travers Champs / Stroll through the Fields.’

ROCHAS GIRL / ROCHAS OUD MYSTÈRE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 18, 2021
Geplaatst in: GEURENALFABET G, GEURENALFABET O. Een reactie plaatsen

MEEGAAN MET TRENDS

Is Marc Jacobs de nieuwe ontwerper bij Rochas? Afgaand op de ‘uiting’ van Girl zou je er niet aan twijfelen. Daisy hier, Daisy daar, Daisy all over the place. Voegt het concept (of hoe heet zoiets tegenwoordig?) iets nieuws toe? Nou nee niet bepaald, misschien alleen dat het wel een erg politiek correct parfum is geworden. Pffff.

De bedenkers (of hoe heet zoiets tegenwoordig?) hebben zich laten ‘inspireren’ door ontwikkelingen die ook steeds meer girls bezig schijnt te houden. Let wel, de fashionable, ‘woke’-geïnspireerde feminista 2.0 (niet ouder dan 20) dan.

Want volgens het persbericht staat ze – here we go again – ‘voor een nieuwe, bewuste en moderne generatie met aandacht voor de omgeving, is ze gericht op een betere toekomst en niet bang de wereld te veranderen.’

De compositie heeft een wonderlijke uitwerking op de draagsters: ze worden geïnspireerd om te focussen op wat er echt toedoet. In a nutschell: ‘Be your true self and start the revolution’ – niet vergeten Rochas-meiden om bij je sisters van Zadig & Voltaire in te haken.

Erg grappig: de geur is vegan. Oink! Álle geuren zijn vegan! Zelfs geuren met dierlijke ingrediënten, want die zijn synthetisch gemaakt. Maar als het goed is, ruik je – ik heb het niet gedaan, maar kan’m in gedachten ruiken – wél dat de geur voor 90 procent uit natuurlijke ingrediënten bestaat.

Waaronder: neroli (denk zoetbloemig wit), roze peper (denk pittig), zwarte bes (denk ‘vloeibaar’ donkerzoet), oranjebloesem (denk zoetbloemig wit maar dan met een cologne-bite), jasmijn (denk fris-zonnig), sandelhout (denk zachthout met roosaccent), cederhout (denk ‘stralend-strak’ droog), vanille (denk zoeter dan zoet) en orchidee. De laatste is in ieder geval synthetisch want de orchidee is een ‘dove’ bloem. Het idee: een transparante bloemennoot die extra veel lucht geeft aan de compositie.

Zal wel niet! Toch, echt waar: Rochas beweegt zich met Girl in de maatschappelijk verantwoorde richting: Rochas Fragrances schenkt één procent van de inkomsten uit de Girl-lijn aan www.onepercentfortheplanet.org. Ben benieuwd hoeveel dat uiteindelijk gaat opleveren en of Rochas Fragrances dit ook openbaar maakt in het kader van de steeds meer door de consument geëiste transparantie.

Wat ik slimmer had gevonden: in plaats van deze voorspelbare, al tig keer gedane vriendinnenpret… het relaunchen van Tocadilly (1999). Voor mij nog steeds een van de meest verrassende girly geuren ever. Waarom: er gebeurt zoveel. Om maar eens een cliché te gebruiken: een wervelwind van met waterdruppels ‘gelakte’ fruitige noten. Een geur die echt met kleuren werkt zo lijkt wel: groen, rood, geel, paars, lichtblauw met een tropische dauw. Je ruikt het allemaal.  

Ik wist dat-ie bestond – Oud Mystère – en was benieuwd door mijn waardering voor het merk Rochas (of wat er nog van over is). Want la maison waait, net zoals bijna de gehele Parijse concurrentie mee op alle zo’n beetje parfumtrends denkbaar. Met andere woorden: fast forward fragrances. Ga naar www.fragrantica.com/designers/Rochas en verbaas je over de hoeveelheid. 

(Dat dan weer wel: een van de leukste mannengeuren alle tijden: Moustache (1949) werd in 2019 opnieuw in de originele flacon op de markt gebracht. Doe dat nou ook alsjeblieft met mijn favoriete Rochassen: de prachtige hout-droge chypre Mystère (1978) en de patchoeli in overdrive met balsemachtige finish Macassar (1980). Die van mij zijn nu bijna echt op). 

Want óók Rochas moest, zoals iedereen, een oudh-geur op de markt brengen. Grappig om te lezen dat de geur in 2014 ‘speciaal ontwikkeld is voor de Arabische markt’. Grappig om te zien – zie bovenstaande clip, 181 views tot nu toe, of zie ik dat verkeerd? – hoe een parfum ‘anno nu’ wordt gepresenteerd. Alsof betrof het het lanceringsjaar van Mystère – 1978, toen parfum nog met een zekere mate van mysterie was omgeven.

Ik wou meer info. Als je Secret De Rochas Oud Mystère www-t, dan zie je eerst de advertenties. De goedkoopste wordt geleverd door http://www.allzora.com: € 14,08. De duurste door www.notino.nl: € 37,49. Kan inmiddels veranderd zijn. 

Geurengoeroe daarentegen kocht’m afgelopen twee weken geleden in een zo’n ‘over-de-uiterste-verkoop-datum-heen’-dumpwinkel in Hoogeveen voor… € 9,99. 100ml. Op welk vliegend tapijt uit de Oriënt is die daar terecht is gekomen? Niet aangeslagen ‘lokaal’? Te veel geproduceerd, ervan uitgaande dat oudh in combinatie Rochas een vanzelfsprekende gouden combi in in het Nabije Oosten is? 

En natuurlijk is de compositie goed. Want was getekend: Jean-Michel Duriez (voormalig ‘in da house’ parfumeur van Patou en met inmiddels ook zijn eigen lijn). Al kun je je afvragen of er één echte druppel oudh aan te pas is gekomen.

Duriez linkt oudh aan saffraan – een geliefde combi inmiddels. Wat ruik je dan? Een donkere houtachtige sensatie gekoppeld aan droge zoetheid die overheerst, maar de andere noten wel de kans geeft om zich ook te ontplooien. Zo neem je een duidelijke elegante bloemennoot waar die opgebouwd blijkt uit roos en gardenia – zoet- en zachtheid gecombineerd.

Toch wordt Oud Mystère niet tuttig, want de basis is in feite donker hout: patchoeli, wierook en natuurlijk oudh dat de geur zijn lichte ‘broeierige’ charme geeft. Maar echt oudh wordt het niet. Het dierlijke, het onbeschaafde ontbreekt. Die ‘andere kant van oudh ook: über-sensueel, über intens hout. Gewoon mainstream oudh.

MUGUET 2021 GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 1, 2021
Geplaatst in: GEURENALFABET M, LIMITED EDITION. 2 reacties

LELIETJE-VAN-DALEN DE ZOMER TEGEMOET WANDELEND

Toen ik in Brussel woonde, viel het me op een gegeven moment op dat de magnolia gemiddeld een week eerder bloeide dan in Amsterdam. In de Europese hoofdstad is het dan ook volgens mijn ervaring gemiddeld anderhalf graad warmer dan in die van Nederland. Dat gold ook voor het lelietje-van-dalen. Dat laatste was me alleen niet opgevallen als ik in de voortuin van mijn Brusselse appartementengebouw niet ieder jaar weer het meiklokje in overvloed zag bloeien (die vervolgens vaak bij bosjes werd gestolen). 

Toen Guerlain op mijn verzoek een ‘ruimhartig’ proefje – échantillon klinkt zoveel mooier en de omschrijving in het Frans ook: ‘petite quantité (d’une marchandise) qu’on montre pour donner une idée de l’ensemble’ – van zijn Muguet 2021 toestuurde, stond ik voor het eerst stil bij het feit dat ik zowel de magnolia als het lelietje-van-dalen nooit ergens in Parijs live heb zien bloeien. Eveneens dat hun geuren lichtjes door de wind werd aangedragen – ook niet in het LuxBo (parc de Luxembourg, mijn favoriete flaneer- en hangplek van de stad. 

Hier verder over nadenkend: hoe zou het lelietje-van-dalen in de omgeving van Grasse ruiken – zwoeler, warmer? Of behoudt het in die streek (en de rest van de Méditerranée) waar het voorjaar zich zoveel eerder aankondigt ook zijn frisheid die wij met onschuld en reinheid zijn gaan associëren? En welk parfum in gebieden rondom de evenaar als hij daar ‘per ongeluk’ terecht is gekomen? Zoals haar sensuele familielid ‘witte lelie’?

Dit jaar wil de lente – de koudste april sinds lang hoor ik zonet op de radio – maar niet echt op gang komen: ik kijk de ‘gedraaide’ bladeren van het kleine, tedere en breekbare klokje als het ware uit de grond. Was toch leuk geweest wanneer hij vandaag spontaan was gaan bloeien, zo van: ‘Je te l’avais dit, je suis revenu, comme convenu!’

Fans weten het: ieder jaar brengt Guerlain (volgens mij sinds 2006) een limited edition van Muguet. De reden: om bij het grote publiek het vakmanschap en de creativiteit, die door de constante marketingoperaties van andere Guerlaingeuren en -cosmetica wel eens in het gedrang komt, te benadrukken. Voorheen eerst op 1 mei alleen in de flagshipstore aan de Champs Elysées aangeboden, een paar dagen daarna bij andere verkooppunten en nu al een paar jaar direct online te koop.

De versie van dit jaar wordt nadrukkelijk millésime (oogst) genoemd – helemaal passend in het veronderstelde consumentenverlangen naar traditie en uniekheid. Alleen begin ik te twijfelen of nu jaarlijks een nieuwe lelietje-van-dalen-compositie wordt samengesteld, of dat het dezelfde geur betreft maar dan anders gepresenteerd. In ieder geval, Muguet Millésime 2021 is mijn vijfde editie die ik heb geroken. Het is natuurlijk ondoenlijk de verschillende versies met elkaar te vergelijken. Moet je ook niet willen, het wordt dan te veel muggenzifterij waarop niemand op zit te wachten. Als ik het goed heb begrepen wordt deze Muguet sinds 2007 gebruikt – correct me if I’m wrong. 

Laat ik het zo zeggen: ik heb de lelietjes-van-dalen van Guerlain groener, knisperiger en ‘dauweriger’ geroken. Met een beetje fantasie lijkt het of in de opening Thierry Wasser, Guerlains in-da-house nose, de met dauwdruppels beplakte bloemenklokjes met steeltjes en al uit de grond heeft getrokken. Je ruikt iets waterigs, ‘mineraals’. Maar deze bladgroene sensatie – met af en toe een toefje hooi – is slechts kort van duur, want het lelietje-van-dalen eist zijn rol op. Hoewel de kenmerkende frisgroene nuances langer blijven resoneren, is deze fase toch kortstondig. Want andere bloemsensaties volgen hem in zijn parfumparcours. Met name roos en jasmijn (lelietje-van-dalen zelf is een samensmelting van samen roos-, jasmijn- en ylang-ylang-moleculen).  

Daarom is deze Muguet, als je het zo kunt noemen, romantischer en vrouwelijker van aard, gaat meer richting zomer – je voelt een zekere zonnestralen-warmte zonder dat het meiklokje-gevoel verloren gaat. Ook fijn: de geur eindigt niet poederig, wordt niet ingekapseld door witte musk terwijl ik ook geen houttoets/(witte) patchoeli waarneem. Muguet begint en eindigt als een luchtig-bescheiden voorjaarsboeket. 

De geur is gegoten is 4500 genummerde flacons en gedecoreerd met gestileerde lelietjes-van-dalen gemaakt door textiel- en papierjuweel-ontwerper Lucy Touré. En laat mij ondertussen even van een Muguet pour Homme dromen… is binnen het Guerlain-universum eigenlijk niet zo moeilijk te maken, bedenk ik me net: men neme een flinke onderlaag van Herba Fresca (liefst de ‘vintage-versie’) en sprayt hierover elke Muguet-editie die je van Guerlain hebt.  

CK ONE SUMMER 2021

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 9, 2021
Geplaatst in: GEURENALFABET C, Uncategorized. Een reactie plaatsen

TECHNICOLORZONSONDERGANG 

OP BASIS VAN CITROEN, RABARBER, PERZIK & WATERMELOEN

PLUS: EUCALYPTUS, AMBROX & BLOND HOUT

Heeft u dat ook wel eens: je ruikt in een winkel – hoelang geleden was dat ook alweer! – of tijdens een presentatie – idem! – aan een nieuwe geur, en je denkt: ‘Wat ruik ik eigenlijk?’ Iets preciezer: ‘Ik ruik bijna niets, iets vaags.’ Uw capaciteit om geuren te detecteren, lijkt u in de steek te laten. Geurengoeroe heeft het zo vaak. Soms is het verkoudheid, soms is het de (te veel) witte wijn en/of bubbels van de avond tevoren (dan gaat mijn reukzin staken), soms is het algemene vergeetachtigheid, in chique politieke en parfumkringen beter bekend als amnesie.

Bij twijfel pak ik dan een olfactieve krachtpatser (zoals de afgelopen tijd Myrrhe Ardente van Annick Goutal), gewoon om effetechecke. Ruik ik dan, in dit geval, de zoetig-rokerige, verbrande houtnoten met amberaccenten en gekonfijte mandarijnschil, dan weet ik dat met mijn neus niksaandehanda is. 

Dat heb ik dus ook met de 2021-variatie van ck one summer, die ik traditiegetrouw, jaar in, jaar uit, beschrijf. Ik ruik iets wat door moet gaan voor water, ik ruik iets wat door moet gaan voor citrus. Ook ‘iets roods’. Alleen verschrikkelijk vaag. Dus Myrrhe Ardente gepakt. Niks mis mee! Ik begrijp nog steeds dat Jozef en Maria erg blij waren met dit geschenk van Caspar… 

Even het persbericht erbij gepakt, misschien brengt die me in de juiste stemming: ‘Bedwelmend. Surrealistisch. Verfrissend. Een creatieve interpretatie van een zomerse roadtrip door de Amerikaanse woestijn, gemaakt door digital artist Mishko – de hitte gedurende de dag culminerend in een technicolorzonsondergang in heldere tinten van geel, oranje en koraal. Die brengen ons in vervoering en opwinding. We zijn bedwelmd door de stralende hitte. Als de tijd verstrijkt wordt een verfrissende illusie in een vage waas onthuld. Een explosie van kleurrijke frisheid; de pure en levendige nieuwe geur voor de zomer van 2021.’

Tismenogalwat! Nog een keer ruiken. Sorry guys, the feeling remains the same!’ Maar wat zit er dan allemaal in parfumpotjandorie! Nou, een ‘bitter toch zoete, zeldzame citrusmix van een citroen- en sinaasappelhybride, de levendigheid van rabarber zorgt voor een nostalgische verfrissing, het zoetwaterakkoord explodeert met sprankelende vitaliteit en de weelderige geur van perzikschil onthult een moderne zoetheid.’

Iets specifieker in order of appearance: grapefruit, zoetwaterakkoord, meyercitroen, eucalyptus, watermeloen, rabarber, ambrox, blond hout, perzikschil. Mijn gevoel verandert niet veel. Door de opsomming meen ik nu ook een zweem van watermeloen te herkennen.

Eindoordeel, dat klinkt te zwaar. Eindimpressie is beter: een niksaandehanda citrusy geur die zich meer als een mist dan een eau de cologne manifesteert. Niet bedwelmend. Wel levendig in de zin van uplifting. Heb het al eerder opgemerkt bij tig andere geuren: hoe zou ck one summer 2021 hebben geroken als het de ultimate nichebehandeling van een neus had gekregen? Ik denk een citrus-rode explosie knetterend tussen Hermès en Atelier Cologne. 

Vermeldenswaard: de Meyercitroen bestaat echt; is een pomelo-hybride uit China; een kruising tussen citroen en mandarijn – zie video. 

ANGEL & ALIEN REVISITED

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 8, 2021
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENET, Uncategorized. Een reactie plaatsen

VAN OUDE GEUREN EN DE DINGEN DIE VOORBIJGAAN 

FORMULES VERANDEREN VERPLICHT, CONSUMENTEN MINDER?

Let op: longread

Let op: info betreffende Angel en Alien met * aangegeven begin alinea

Je gaat er niet dood aan: na een paar keer, met lange tussenpozen weliswaar omdat je het in eerste instantie niet kunt geloven, tot het inzicht komen dat je favo fragrance niet meer hetzelfde ruikt als ‘voorheen’; blijkt veranderd qua samenstelling. Het ergste wat je kan overkomen in dit geval: teleurstelling inslikken en ‘jammer genoeg’ op zoek naar een nieuwe geur die de komende jaren niet qua samenstelling zal veranderen. 

*Eerst een historische duiding: het zal eind jaren tachtig, begin jaren negentig zijn geweest (voor alle duidelijkheid: van de vorige eeuw) toen ik me aan het schrijverschap en de journalistiek waagde, en in deze hoedanigheid toenmalig hoofd parfuminkoop van de Bijenkorf trof: Cees Bosman. Tijdens onze kennismaking zei hij dat hij net terug was van een testcase-presentatie in Parijs van Clarins. Het betrof Angel van Thierry Mugler. Ik zal zijn opmerking nooit vergeten toen hij me this perfume in the making liet ruiken: ‘Wie wil er nou in hemelsnaam naar aardbei, chocolade en patisserie ruiken?’ 

In het begin niemand, behalve sommige ‘nichers avant la lettre’, maar na drie jaar – het moment waarop een niet succesvolle introductie meestal in de aanbiedingenbak eindigt – begon, geholpen door de juiste verhalen van ‘influencers avant la lettre’ en de ‘Mugleriaanse’ en ‘wereldvreemde’ advertenties in relevante media, voorzichtig de lijn naar boven. 

Long story short: Angel is door het volharden in zijn uitzonderlijkheid en extremiteit een van de grootste successen ooit. De compositie zelf werd een nieuwe standaard in parfumcompositie met een ‘often copied, hardly equalled’-status. Platter gezegd: een melkkoe. Vreemd dan ook waarom Clarins Thierry Mugler heeft verkocht aan L’Oréal. Waarom mij niet gebeld? Het zij zo. Toch, angst bekroop veel trouwe fans: zou de cosmeticagigant recht blijven doen aan de filosofie, de erfenis en het dna (geliefde, maar even gratuite commitment-termen in beauty- en lifestylekringen) van Mugler? Belangrijker: gaat L’Oréal met de composities sjoemelen? 

Terechte twijfel. Velen – inclusief Geurengoeroe – vinden het onvergeeflijk dat de originele formule van Yves Saint Laurents Opium (1977) na de overname door L’Oréal (2008) van YSL Beauté in het jaar daarop direct werd aangepast. De oude Opium zou inmiddels zoveel ingrediënten bevatten die in de loop der decennia door de IFRA als allergeen werden beschouwd waardoor het een verloren strijd was de formule te redden. Aldus L’Oréal. 

Heeft me altijd bevreemd: ik ken enkele nichehuizen die ‘meeslepend’ met het Opium-thema hebben gespeeld (met name rondom het anjer- en patchoeli-thema) die nooit als allergeen zijn gekwalificeerd en dus gewoon te koop. Ik heb zelf in de hoedanigheid van mijn upycle-parfumhuis Le Bienaimé ooit bij www.skins.nl een Opium-hommage verkocht (naam Perfume State) geassembleerd uit diverse oriëntaalse klassiekers. No problem.

*Anyway, via verschillende kanalen heb ik inmiddels vernomen dat Angel en Alien wel degelijk zijn veranderd; dat de huidige versies niets meer van doen hebben met het origineel. De dochter van een vriendin was zelfs zo in de war van het bericht en daarna zo wanhopig bij het ruiken dat ze het internet is gaan afstruinen op ‘vintage’ Alien. Raar om vintage in verband al te gebruiken. 

*Eerlijk gezegd, durfde ik de nieuwe versies ook niet te ruiken. Niet dat ik, bij teleurstelling, alleen maar slapeloze nachten zou hebben waardoor ik op een strikt dieet van downers verder zou moeten leven – ik kan zonder ze leven, doe het dagelijks. Maar, ik hou liever de herinnering aan een mooi verleden dan dat die wordt verpest door een ‘bewerkt heden.’ Daarnaast staan al die formule-adapties – door de industrie eufemistisch vaak verantwoord met ‘aangepast door de veranderde smaakopvattingen van de consument’ – me tegen. 

De parfumindustrie is een van de meest winstgevende met over het algemeen een enorme consumentenloyaliteit. Neem als industrie die ook serieus; doe moeite om de kwaliteitsstandaard die men gewend is te handhaven en ‘verberg’ je niet achter de IFRA, de organisatie die de gebruiksnormen – van adviserend tot verplicht – voor parfumbestanddelen bepaalt en standaardiseert.

Daarom eerst: waarom worden composities naar verloop tijd aangepast? Zoals zonet aangegeven: IFRA heeft veel voor 2000 gebruikte (natuurlijke) ingrediënten verboden en dus laten vervangen door synthetische of andere aromachemicaliën. Soms overheerst ook het winstprincipe van de sector: goedkopere ingrediënten bespaart geld. Neem de klassieker L’Interdit van Givenchy – tragisch!

Wordt ook wel eens vergeten: natuurlijke materialen ooit in overvloed geoogst, worden steeds schaarser. En bepaalde onafhankelijke – vaak Europese – producenten geliefd om hun eigen concentraties van bijvoorbeeld iris of viooltje zijn in de loop der jaren opgegaan in multinationals die vaak snel ophielden met het maken van deze formules omdat ze te duur waren en daardoor de vraag steeds meer afnam. Nog eens extra gevoed door de opkomst van nieuwe, interessante en vaak goedkopere synthetische ingrediënten. 

Daarom blijft het voor neuzen een uitdaging formules aan te passen. De basisregel voor hen blijft ‘veranderen zonder te veranderen’. Gelukkig zijn er ook nog die streng in de leer blijven. Na een beperking van het gebruik van kaneel stopte Pierre Guillaume met Un Crime Exotique (2007) omdat de herformulering hem niet bevredigde. Terzijde: er worden volgens mij geen restricties opgelegd van de hoeveelheid kaneel in culinaire producten – is avaleren minder erg dan opsnuiven en/of op de huid spuiten?

Daarnaast, spelen ook andere, meer subjectieve factoren een rol. Geuren veranderen, maar wij ook: na verloop van tijd verschuiven smaakvoorkeuren, letten we op andere nuances en willen die dan vaak bevestigd zien, waardoor het verschil tussen ‘toen’ en ‘nu’ duidelijker wordt.

Dan is er ‘nog zoiets als’ het geheugen: hoewel we dat vaak als iets volkomen onveranderlijks te zien, is aangetoond dat herinneringen zeer flexibel en elastisch zijn: onze hersenen zijn 24/7 (ook tijdens het slapen) aan het registreren en passen nieuwe ontvangen informatie en indrukken aan. Met het gevolg dat na verloop van tijd herinneringen kunnen transformeren, zozeer dat het beeld/de impressie dat we van iets hadden radicaal kan verschillen van de (ooit initieel ervaren) werkelijkheid. 

Ook een goede ‘instinker’: het is de mens eigen te romantiseren en idealiseren. For good en – wordt wel eens vergeten – for worse. Met het ouder worden neigen we ervaringen uit het verleden en herinneringen op te poetsen, terwijl deze ‘memorabele’ ervaringen feitelijk niet zo bijzonder waren. Ik ken het van mezelf: weet zeker dat de eerste keer dat ik N 5 rook, de geur anders was dan dat ik het nu ervaar. De ‘knal’ ontbreekt – letterlijk: de heftigheid van de aldehyden in de opening bijvoorbeeld die ik toen als zodanig nog niet wist te analyseren (heb met Baghari een goed alternatief voor gevonden). Maar ik weet inmiddels ook: een eerste indruk van iets kun je niet een heel leven lang blijven ervaren, willen evenaren. Na verloop van tijd treedt herkenning op – maar goed ook.

Dat neemt niet weg dat je je rot kunt schrikken. Ik heb het bij zoveel geuren die verplicht/vrijwillig zijn aangepast. Met name bij die me dierbaar waren en/of doorgaan voor onbetwiste klassieker en met recht als kunstwerk – in ieder geval door mij – worden beschouwd. Na een herformulering, mis je de kracht, de verbeelding, de vanzelfsprekendheid. Het wordt allemaal gladder, ‘emotielozer’, minder onontkoombaar.

Neemt niet weg dat deze nieuwe versies bij een eerste kennismaking bij een ander wel tot dergelijke emoties kunnen leiden. Miss Dior, Jules, Féminité du Bois, Fleurs de Cédrat, Mitsouko, Opium, Eau de Campagne; kan nog wel even doorgaan. De allerergste schok voor mij: de allereerste geur van Cartier: de nieuwe versie Must verboden worden! Ik herhaal: de nieuwe versie Must verboden worden. 

*Nu Angel en Alien. Wat ik zonet beschrijf gebeurt. De knal, het ‘hallo-hier-ben-ik’’-gevoel ontbreekt. Beide wàren geuren die zich eerder aankondigden dan de draagsters. Ik heb twee vriendinnen die Angel jaren hebben gedragen (inmiddels niet meer), en die kwamen dus echt binnen. Heerlijk! Maar dat gevoel is nu weg. Wat je in de aangepaste versies feitelijk ruikt, zijn het hart van de composities en dan ook nog eens zuiniger gedoseerd. Laten we het niet over de afronding hebben: niksig. Maar dat is inmiddels bij zóveel geuren standaard geworden. De moeder van de hierboven genoemde van Alien vervreemde dochter, is een ‘klassieke’ Angel-addict en moet bij de nieuwe versie bij de drydown aan wasverzachter denken – ze kan wel huilen. Ik moet bij de basis van veel geuren denken aan samengebalde muskwolken die dreigend ronddrijven in tax free parfumwinkels op vliegvelden.

Trouwens, sommige herformuleringen vind ik goed geslaagd: zoals Rochas’ Femme en Balmains Vent Vert. Het is minder, maar de all over-indruk van het origineel ruik je wel. Verbeterd, ja het bestaat, voor mijn gevoel: Je Reviens van Worth – het viooltje is poederig-voller en frisser. 

Dat het de parfumindustrie (zeker de huizen die zich laten voorstaan op traditie en ‘respect’ voor originele formules) ook niet lekker zit, wordt wel bewezen door het feit dat er nu een prijs bestaat voor de Beste Herformulering van het Jaar – ben de exacte naam even kwijt. Hiermee worden huizen uitgedaagd en het metier van neus op de proef gesteld maar ook serieuzer genomen. Noodzakelijk wellicht in een tijd waarin artificial intelligence en algoritmes nieuwe geuren designen. 

Zo puzzelde Thierry Mugler, sorry Thierry Wasser (hoofdneus van Guerlain) een tijdlang met Mitsouko – een diepe chypre met zijn kenmerkende ‘eikenmosgeraamte’. Hij zegt hierover: ‘Eén techniek maakt het mogelijk eikenmos te gebruiken zonder de allergene moleculen, atranol en chlooratranol, maar deze ‘magere’ versie heeft niet dezelfde portée als het origineel: je verliest volheid en gaat minder lang mee op de huid. Voor Mitsouko heb ik het eikenmos opnieuw ontworpen om het de consistentie van de oorspronkelijke versie te geven. Het is vakmanschap, het is koken.’ Zo kan het dus ook. Met dien verstande: heb de nieuwe versie nog niet geroken.

AQUA ALLEGORIA 2021 GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 26, 2021
Geplaatst in: GEURENALFABET A, GEURENALFABET F, GEURENALFABET N. Een reactie plaatsen

‘ANTIDEPRESSIVA OLFACTIVO’

FLORA SALVAGGIA, NETTARE DI SOLE 

Je hebt persberichten waarvan je na een paar seconden denkt: hoeveel marketinggemiep, parfumclichés en borstklopperij gelardeerd met vrijblijvende politiek correcte ‘social issues’ kan een mens verdragen? Je hebt persberichten waarvan je direct vrolijk wordt, die de liefde voor en kennis van het parfummetier combineert met ‘inlevingsvermogen’ – lees: woorden kiezen waardoor je de geur al vanaf je computerscherm kunt ruiken.

Laatste geldt dus voor het persbericht van Flora Salvaggia en Nettare di Sole. Wolken verdwijnen, zonnestralen verschijnen, je trekt erop uit, strekt je wat later uit op een groen tapijt en dan hoor je aldus Guerlain ‘het trillen van het hoge gras’. En dan: ‘Een ruisend geluid dat uit de verte lijkt te komen – afkomstig van een zwerm dansende bijen. De natuur huivert van vreugde.’ 

Dat wil je dus ruiken. Openen die flacon van Flora Salvaggia, en snel een beetje! Door de mistige druppels heen, ruikt je direct de filosofie van Aqua Allegoria (anno 1999), door Thierry Wasser (hoofdneus van Guerlain) nu verwoordt met: ‘Een tuin hoeft niet echt te bestaan om gebotteld te worden. Je een tuin verbeelden volstaat al om de creativiteit de vrije loop te laten. De mogelijkheden zijn eindeloos – de essentie Aqua Allegoria.’

Grappig: ik meen een zweem van groen te herkennen, van water, van gebladerte. Of wil ik het te graag herkennen, iets groens dat ‘in de verste verte’ neigt naar Herba Fresca (1999) en zo heerlijk-vanzelfsprekend geen geslachtsaanduiding heeft. Want dat is voor mij ‘toch wel’ het nadeel van de Aqua Allegoria-geuren: ze zijn in de loop der jaren zo über-feminien geworden, iets wat nog wordt versterkt wordt door de presentatie. Hoeft voor mij niet. Ook niet echt nodig. Als het dan moet, gooi wat aantrekkelijke mannen in de strijd genietend van Flora Salvaggia – made by Wasser.

In ieder geval, na dit soort van frisse groen, ruik je ‘langs de kant van de weg bloeiende wilde bloemen’ – letterlijke vertaling van Flora Salvaggia. Alleen worden die niet bij naam genoemd, behalve de jasmijn. Maar, even flauw doen, die groeien volgens mij waar ter wereld ook nergens meer langs landelijke wegen, of het moet boerenjasmijn zijn. Maar die ruik je dus wel de jasmijn, niet bedwelmend zoals Wasser beweert, maar eerder fris en luchtig – laatste wordt versterkt door oranjebloesem. Wasser het spijt me weer, maar niet sensueel. Was het maar waar. Ook hier eerder fris en luchtig.

Opvallend in dit geval: Aqua Allegoria kende ooit een sensuele oranjebloesem, maar dan in disguise: Flora Nerolia uit 2000 (heb de eerste schets daarvan ooit in Leiden geroken, persoonlijk uitgereikt aan mij door Jean-Paul Guerlain lui-même tijdens de presentatie van het eveneens niet aangeslagen Mahora).

De afronding is wat braafjes. Maar dat geldt tegenwoordig voor zoveel geuren die worden ingebed door witte musk – in Flora Salvaggia’s geval opgewaardeerd met een zweem van viooltje en iris. Dat geeft de geur een chic-prettig stemmend gevoel. En leuk voor de doorsnuivers: door het geheel ruik je af en toe iets waterigs-fris en dat is meloen.

En dan Nettare di Sole gemaakt door de ‘side kick’-neus van Thierry Wasser, Delphine Jelk. Voor mijn gevoel meer Guerlain, meer Allegoria. De reden: de opening. De typische strak-zoete frisheid van bergamot die als een ‘ijskoude bries over over het water komt aanwaaien’, waardoor deze Aqua Allegoria meer als een eau de cologne aanvoelt (en dus voor ook de man ‘geschikt’ is, tenminste als die van eau de cologne houdt). Vervolgens waait deze koele wind door een imaginair veld van magnolia (citroenfris van zichzelf), roos en sambacjasmijn waardoor die bloemen hun typische volle signatuur als het ware loslaten.

Goed getroffen door Guerlain: ‘Nettare di Sole is zalig zonder gourmand te zijn’. Gelukkig, want we hebben nu wel genoeg variaties op La Petite Robe Noire (2011). En dat ruik je op het eind goed; een mix van zoete en zonnige noten (vanille-amberachtig), en witte musk met ‘zonnewarmte’ als resultaat. Samen ruikt dat met een beetje fantasie naar honing.

Voor je het weet zijn je depressieve winterblues gekoppeld aan covid19-somberheid vervlogen en begin je spontaan, zomaar ineens te zingen… ‘Let me tell ya’bout the birds and the bees, and the flowers and the trees, and the sun up above, and a thing called love’.

SHE WAS AN ANOMALY ETAT LIBRE ORANGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 19, 2021
Geplaatst in: GEURENALFABET S, NICHE. Een reactie plaatsen

IRIS CHIC 

NINA SIMONE MEETS STANLEY KUBRICK 

Zal maar over je gezegd worden als vrouw, als man, als ‘in betweener’: ‘She was an anomaly!’ Ze/hij/het was een anomalie, of: ze/hij/het was een afwijking, aberratie. Het is de naam van tigste geur van het door Etienne de Schwardt in 2007 opgerichte Etat Libre Orange.

Om het overdreven te stellen (niet dat het écht interessant is): ik heb een haatliefde-verhouding met dit merk. De reden: lees mijn talrijke besprekingen van ELO erop na. Zoals zovele geuren had ik in 2019 ook van deze notie van genomen, maar me er niet in verdiept in verband met een tijdelijke olfactieve depressie en brood-op-de-plank-opdrachten. De geur kwam onlangs onverwacht een paar keer voorbij, toen ik me weer eens aan het verdiepen was in de ontwikkelingen van artificial intelligence (AI) betreffende geur.

Want She was an Anomaly is hiermee voor een gedeelte tot stand gekomen. In mijn betreffende artikel, schrijf ik dat deze ‘extra nieuwswaarde’ bijna in geen enkele recensie wordt vermeld, en dat ELO het zelf ook nauwelijks doet. Hier kom ik op terug: op hun site wordt het wel degelijk vermeld. Mijn haatliefde-verhouding borrelt ook in She was an anomaly naar boven – uitmondend in irritatie. De reden: de inspiratie is nogal heel vergezocht. Om maar eens een cliché te gebruiken: om op te vallen weten hippe merken (‘oude’ en nieuwe) vaak van gekkigheid niet wat ze moeten verzinnen. Dit verzon De Schwardt: ‘Een huwelijk van Nina Simone en Stanley Kubrick. Deze geur is aan ze opgedragen om hun talenten, hun afwijkingen van de norm, van de theoretische waarde, van het onverwachte te vieren’. 

Jezus, zo ken ik nog wel een paar, nee, een rits reeds van overleden kunstenaars die van de norm afweken, de rafelranden opzochten en ga zo maar grensverleggend door. Dat is namelijk een kenmerk van goede kunstenaars (die zich hier meestal niet op laten voorstaan). En die dan samensmelten in een nieuwe geur…  Men neme: Emilie de Châtelet en Jean-François de Saint-Lambert (heb net een BBC-podcast over deze wiskundigen/filosofen gehoord, vandaar, puur toeval). Naam: Science Defied. Ook bien étonnés de se trouver ensemble: Gala Dali en Roy Lichtenstein. Naam: Surreal Pop. Of laten we het bij de ons nog omringende levende bekende locals houden: Connie Witteman (geboren Freerecordshop) en Jonnie Boer – beide kunstenaars op hun gebied, toch? Naam: Taste (Less or More). Maar of de wereld hier nu op zit te wachten?

In ieder geval: het gebruik van AI bij deze geur is natuurlijk prikkelender dan de inspiratiebron. Want: kan een met data aangestuurde computer een geur verbeteren, aanscherpen of misschien wel afwijzen? Daniela Andrier zegt hierover: ‘Dit parfum is het resultaat van iets onverwachts. Ik speelde met Carto (de AI van ingrediëntenproducent Givaudan) dat mij formules suggereerde aan de hand van mijn voorstellen.’ Wat stelde ze voor? Haar geliefde en vertrouwde noten. Nou wil het geval dat ik haar in dit geval een beetje ken. Ze is dol op groene mandarijn, musk, iris en vanille (welke voor top notch-huizen werkende neuzen zijn dat nou niet?). Andrier vulde het aan met pruim, wierook, sandelhout en amber, en stelde dit aan Carto voor. Die antwoordde: ‘Iris en musk overdosen.’ Zo gezegd, zo gedaan. 

Het resultaat: een chique iris geur die voor Daniela Andrier een beetje een herhalingsoefening is en – daar gaat het nu om – ook zonder AI ook goed gelukt zou zijn. Chic, doordat de geur iets stoffigs – positief bedoeld – heeft, eigen aan iris. Amber geeft de iris warmte, sandelhout zachtheid. De musk is omhullend en verliest door deze amber en sandelhout toch niet zijn lichte animale noot. Herhalingsoefening: She was an Anomaly zweeft tussen Infusion d’Iris (2010) van Prada en Eau de Parfum van Tiffany & Co (2017) beide ook door haar gemaakt.

Benadrukt ze in Prada’s geur de frisheid van iris, lakt ze die dicht met musk en amber in Tiffany & Co, in She was an Anomaly geeft ze iris een klassieke nichebehandeling. Daar kleeft niets afwijkends aan. Ieder couturehuis met nichelijn en ieder zichzelf (en ander) respecterend nichehuis heeft een solifleur iris op het parfumprogramma. Dus vol en rijk, misschien kun je dat overdosed noemen. Maar daarmee is Andrier bekend gezien haar solifleurs die ze maakte voor de eerste nichelijn van Prada. She was an Anomaly is in feite, en dat is knap, hoe ik me de geur Grey Flannel, letterlijk als stof voorstel: zacht, warm, geruststellend, ‘zelfverzekerd omdat je lekker voelt’.

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
    • MON VETIVER ESSENTIAL PERFUMES
    • LA ROSE DE ROSINE LES PARFUMS DE ROSINE
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 126 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen
 

Reacties laden....