‘ROOSMUSK’ WORDT ‘ROOMMUSK’
WORDT BEWEERD: FAVORIET VAN BRAD PITT
Jaar van herlancering: 1995
Laatst aangepast: 24/05/16
Neus: Lorenzo Villoresi
Te koop bij: http://www.perfumelounge.nl/lorenzo-villoresi/LV10005.html
Met al die poederige en/of lactone-achtige muskgeuren (de gourmandversies niet buiten beschouwing gelaten) die de laatste tijd over de consument worden gestort, is het wel weer even tijd voor een bezinningsmoment, je af te vragen wat een ‘echte’ muskgeur nu ‘percies’ inhoudt. Gaat het nu ‘tegenwoordigs’ om het poederige/lactone-gevoel, of het scherpe laundry-idee, of de katoen-sensatie, of musk verdwaald als een muis in een banketbakkerspakhuis, of een musk die ‘van huis uit’ zijn klassiek-dierlijk effect verspreidt?
Het is natuurlijk geen kwestie van scherp slijpen, maar af en toe wel handig om terug te keren naar de basis. Heb je dus aan Lorenzo Villoresi een goede – want een parfumeur met een klassieke visie op het vak. Zijn Musk is top. Ik bedoel, nu kan ik wel even gaan www-en naar zijn bedoeling. Maar is niet echt nodig. Veel recente muskgeuren zijn hem in feite schatplichtig, met name die met een gourmandtoets in de basis. Dat is Musk niet echt, maar het heeft wel de zalvend-warme werking die nu vaak met gourmand wordt geassocieerd: zalig zacht.
WAT MUSK IK EIGENLIJK?
Jammer alleen (misschien moeten we wel blij zijn) dat de concurrentie niet beter zijn compositie heeft geanalyseerd. En dat is werken geblazen, want een aantal ingrediënten ontgaan mij. Met name de fris-groene opening met galbanum, kardamom en bergamot. Ik ruik heel even een idee van iets fris, maar niet dus de opgegeven ingrediënten. En ik ben niet verkouden.
Want wat zich eigenlijk direct openbaart is een warme musk (die geleidelijk aan meer poederig, houtachtiger en romiger wordt) en die prachtig wordt gebalanceerd door een volle roos in het hart (mix van roos en de mannelijke roos geranium). Eerst twee aparte stromen – eerst heb ik het gevoel met een roosgeur vandoen te hebben – die later fuseren. En die roos is zoet maar ook een beetje vettig. En dat komt dus door de musk volgens mij. Lorenzo Villoresi noemt Musk zelf ‘een omarming van Tonkin-musk’. Maar dat ervaar ik niet: want de dierlijk-viezige noot eigen aan Tonkin is in geen velden of wegen te bekennen.
Mocht die zich toch in de geur bevinden, dan is die wel koppie ondergegaan in de ‘omarmende’ basis van een enorme romige sandelhout (plus cederhout en palissander, ofwel rozenhout die de roossensatie van het geheel versterkt) met een flinke vanille-injectie. Dit mag nogal heftig overkomen, maar dat is Musk in feite niet. Musk ‘glijdt’ als fluweel, is chic, schreeuwt dus niet, komt in de buurt van een huideigen-parfum.
Het gerucht gaat trouwens, is zelfs een kwestie van een ‘debate’ op internet, dat Brad Pitt Musk tot zijn favoriete geur heeft verkozen. Zie de clip. Ik zeg: ‘Angelina Jolie, you lucky devil!’ Ik bedoel: toch heel wat aangenamer om je als vrouw aan Musk te laven in de nek en de rest van je ega dan de geur die zojuist door de International Fragrance Foundation is uitgeroepen tot de beste mannengeur van het afgelopen jaar. Hellup: Sauvage van Dior.


Ik Ik was Nina Ricci uit het oog verloren: wil zeggen producent Puig stuurt me geen Ricci-nieuws meer. Dit heb ik dus gemist: Mademoiselle Ricci (2012), Nina L’Eau (2013), Mademoiselle Ricci L’Eau (2013), La Tentation de Nina (2014), Les Délices de Nina (2015), Moet ik hierom treuren? Tja, kweenie hoor, echnie. Toen ik vorig jaar in de Brusselse abri’s de campagne van L’Extase zag, kon mijn neus in ieder geval een gaap niet onderdrukken. Laat maar. Want een van de meest platte parfumverleidingstechnieken – maar dan wel zoals we het gewend zijn van de luxe-industrie zeer bevallig gebracht – wordt weer eens in stelling gebracht: L’Extase een parfum dat je seksuele fantasieën vrijmaakt (las ik ergens op internet).
Dat werd me vandaag op een andere manier bevestigd in Brussel. Ik zag een foto in de etalage van een Planet Perfume-winkel, en dacht: ‘Toch maar proberen’. Ik naar binnen. De beauty-advisor spoot de geur op een blotter. We begonnen te praten. Ik zei dat ik de compositie wel erg in lijn vond met al die andere lichtgepoederde gourmandgeuren. Ze beaamde het en zei dat ze deze geur even gemakkelijk onder een naam van de concurrent kon verkopen als het moest.
Door de fris-bittere en tegelijkertijd roodfruitige opening van sprankelende grapefruit en rode bes (behoorlijk zoet) heen denk ik dus eerst Angel (ofwel de patchoeli-cacaonoot) te ruiken, maar als je even goed door ruikt ervaar je een andere gourmandsensatie. Het verschil minder chocolade (cacao) die wordt ‘gecompenseerd’ door een hazelnootcrème. En die is smeuïg, likkebaardend. Denk Nutella gecombineerd met een romige ondertoon. De beloofde verrassing laat even op zich wachten, want die zit in de basis. Mugler noemt het zelf een noviteit: de verwerking van een krachtig vetiver-akkoord (op de kar geladen), voor het eerst verwerkt in een damesgeur.
Net zoals je eerst met een aantal verschillende geuren (en de daaruit voortvloeiende ervaringen) kennis gemaakt moet hebben om de ware te vinden (en het daaruit voortvloeiende eigen, persoonlijke smaakbesef), moet je ook een aantal mannen verslijten, voor de one & only, je ideaal zich aandient. Net op het moment dat je alle hoop al had laten varen en je gelukkig geen genoegen hoeft te nemen met Jan Modaal. Echt makkelijk is het niet voor vrouwen: zie hun ‘ha-ha-ha-had-je-maar’-hordenloop bij de cologne-versie van vorig jaar.
Het geheim van deze intense versie: volgens mij dat de amandel een halt is toegezegd – ‘En nou effe dimme! Begrepe?’ Die speelt niet de hoofdrol maar werkt samen met 1: de roos, 2: leer, 3: wierook, 4: sandelhout en 5: vanille. En dat allemaal in de juiste proporties. Dat wil zeggen na de klassieke frisse Guerlainopening: een zuivere bergamot die al een beetje van wat komen gaat in zich draagt, ruik je een bitterzoete amandelnoot (ik gok op een combi heliotroop, kruidige noten en vanille) waarvan de gourmand-platheid wordt onderdrukt door roos – geeft de amandel een helderheid, lucht zonder echt bloemig te worden.
Jeu D’amour L’élixir trekt zich hier weinig van aan, en dat mogen we alleen maar waarderen. Deze tuberoos is niet zo drop dead-gevaarlijk als Robert Piguets 
Hè, hè, eindelijk weer een Dior-parfum dat recht doet aan de reputatie van het huis. ‘Eindelijk’ en ‘weer’ is natuurlijk betrekkelijk: maar na
Montauroux vormt met zeven andere dorpen – Callian, Mons, Seillans, Fayence, Saint-Paul-en-Forêt, Bagnols-en-Forêt en Tourrettes – het zogenaamde Pays de Fayence gelegen in de regio Grasse: ‘Een gebied tussen meren en bergen en’ – aldus Dior – ‘door een weelderige natuur omgeven, alom geprezen vanwege – onder andere – zijn bloementeelt voor de parfumindustrie’.
‘Waar zijn die zomers met jou aan mij zij, zijn die zomers met jou dan voor altijd voorbij…?’ Zong-snotterde Ria Valk ooit (tijdens haar ‘lachen verboden’-periode). ‘De zon, de zomer en de zee, wat waren wij gelukkig met z’n twee’. Kwetterde gezellig Astrid ooit. Jaren zeventig-onschuld. Nu weer hip, want ‘vintage’.
Trouw aan het oorspronkelijke Sun-concept, is Sun Shake een warme zomergeur – gemaakt door Nathalie Lorson – die een enkeltje richting Hawaï boekt. De zomerwind is er alleen even in de opening, als het krieken van de dag, die vervolgens denkt ‘ik ben nog moe, ga effe door met uitslapen’ en dan tot zijn schrik pas tegen de avond wakker wordt, maar wel blij verrast is door de warme wending die de geur heeft genomen.
Er verschenen de laatste jaren in het niche-circuit enkele pure lelietjes-van-dalengeuren. Waaronder het kristal-groene Muguet Fleuri (1925/2014) van Oriza L. Legrand. Maar die kregen pr-technisch minder aandacht dan Muguet Porcelaine van Hermès. Hoe zou dat nou komen?
Over Muguet Porcelaine zegt Jean-Claude Ellena: ‘De natuur naar eigen hand zetten, zo ziet men mijn beroep van parfumeur. Het lijkt wel eens op hinkelen. Als je al hinkelend na vele testen ‘de hemel’ bereikt, heerst er vreugde, is het feest. In lelietje-van-dalen zit zoveel subtiliteit, dat ik ervan droomde deze bloem te sublimeren. Ik heb me verdiept in de geur, tot ik mijn andere zintuigen vergat, om de schoonheid en de soepele verleidelijkheid van deze bloem, fragiel als porselein, weer te geven’.
Geurengoeroe zegt: ‘Hermessence rijmt ook op élegance’. Want de geur is elegant, in al zijn eenvoud alle facetten van het lelietje-van-dalen benadrukkend: fris, groen, knapperig startend, snel overlopend in de kenmerkende helder-subtiele bloemengeur. C’est tout. U leest het goed: that’s it.
‘En Geurengoeroe, kóópt u nog wel eens een parfum?’ Hij antwoordde: ‘Zelden, geen beginnen meer aan. Er verschijnt ook zoveel verdomd schoons. Maar ze allemaal sniffen? Geen tijd voor. Soms word ik echter als door een magneet aangetrokken – door de naam en wat de inhoud van een geur op papier belooft’. De naam: anders en voor kenners reeds een hint gevend: Afrika Olifant. Op z’n Hollands geschreven! Hoe komt dat, hoe kan dat? En dat voor een huis met Turks-Duitse wortels.
Te meer, gezien de kapster in Artis werkt, een soort van geurengek is en ik dus benieuwd was naar haar reactie. Artis was namelijk ook wat ik in mijn gedachten had. Gewoon dierentuin ruiken: mest en urine opgedroogd in stro opgeroepen met civet en bevergeil. Even terzijde: wil je niet dat de katten van de buren je mooie tuin als wc gebruik: tijgerpoep geplaatst op strategische plekken – scares the shit out of them. Bij Artis kon je het ooit kopen, weet niet of het deze service nog biedt.
De dagen; dat zijn dus gevangen kapellen (vlinders) – dierenbeul! Prikkebeen vertrekt vervolgens in het door Rob de Nijs in 1974 gezongen Zuster Ursula naar Amerika waar het volgens hem beter kapellen vangen is: ‘Dag lieve rest van Nederland, dag lieve allemaal. Blijf maar rustig zitten in het Land van Maas en Waal. Ik kan alleen maar lachen, ik stap eruit, ik ga, mijn rugzak en mijn tentje mee, de vlinders achterna’ – driedubbele dierenbeul!
Wel aan een vleugje poëzie in ruime hoeveelheid. Zeg nou zelf: Diors J’adore, Yves Saint Laurents Baby Doll – alle twee in hetzelfde jaar gelanceerd en nu ook nog te koop – spreken minder tot de verbeelding dan La Chasse aux Papillons. De tegelijkertijd gelanceerde Dzing! en Passage d’Enfer idem dito. Geldt ook voor Goutals Ce Soir ou Jamais en Tiempe Passate van Antonia’s Flowers (ook beide 1999). Nu zijn dergelijke namen schering en inslag en daardoor ook bijna inwisselbaar geworden.