COOLE WOODCOLOGNE
Jaar van lancering: 2017
Laatst aangepast: 03/07/17
Neus: Daphne Bugey
Man en cologne. Moeilijk. Nog steeds. Vooral in de noordelijke contreien van de wereld. De nicheman uitgezonderd dan. Zou het zijn dat die andere mannen vinden dat ze te weinig waar voor hun geld krijgen, want eau de cologne – gemaakt om de instantverkoeling die het schenkt – vervliegt snel, je kunt er nauwelijks van genieten. Je stond erbij en keek ernaar…
Dat geldt meestal voor de old school-colognes, denk 4711, denk Roger & Gallet, denk de Guerlain-oldies. De nieuwe generatie heeft vaak de sterkte van een eau de toilette, soms van een eau de parfum, bij hoge uitzondering van een parfum.
Waar het omdraait is dat (eau de) cologne staat voor verfrissing en koelte – dat is de trigger bij de verkoop. In deze categorie valt ook de nieuwste van Dsquared2 en beoogt hetzelfde effect: ‘De kracht van traditie gecombineerd’ maar ‘met een drang naar innovatie. He Wood Cologne, een parfum dat een eeuwenoud ritueel een moderne touch geeft’. Anders gezegd: ‘He Wood Cologne is een evolutie van een mannelijk icoon – He Wood (2007) volgens mij -, een update van de traditionele kenmerken van een eau de cologne’.
Nu slaan Dean en Dan Caten een beetje door in het kraken van het cologne-dna en stuikelen ze over hun eigen ‘dure’ woorden: ‘Binnen het domein van de traditionele parfumcreatie, is He Wood Cologne een innovatie binnen zijn genre, omdat het door zijn compositie het krachtige en levendige element van hout toevoegt aan de eau de cologne-familie’. Wees niet onder de indruk, want die bestaan al langer – zie alleen al de catalogus van Atelier Cologne.
WAT HE WOOD COLOGNE IK EIGENLIJK?
Zo ziet Dsquared2 zijn houtcologne: ‘Hout doet denken aan de natuur, aan kracht en nobele, sterke mannelijkheid dankzij zijn eenvoud. Kortom, de geur maakt de weg vrij voor een nieuwe geurervaring voor jongere generaties’. Daarin staat Dsquared2 niet helemaal alleen natuurlijk – sinds 2000 is de parfumerie drukdoende een nieuwe generatie aan de cologne te krijgen. Zoals de eerste, nog steeds een van de beste en niet echt begrepen (te vroeg?) Cologne (2001) van Thierry Mugler gevolgd de lange reeks van Marc Jacobs en – by the way – elk nichehuis heeft op z’n minst één cologne in het assortiment, zoals Frédéric Malle, zoals État Libre Orange.

Wat ik altijd geloofwaardig (en lekker) heb gevonden aan Dsquared2: in veel geuren wordt de koelte van de Canadese bossen treffend opgeroepen door het toevoegen van een klaterende, beetje groen-varenachtige, musky waternoot aan de compositie. Het beste gelukt voor mij in He Wood Silver Wind (2011).
He Wood Cologne borduurt op dit thema voort, zij het iets anders: aan de topnoot van He Wood is citroen en mandarijn in vrijgevige hoeveelheden toegevoegd – cologne-effect verzekerd. Het moderne accent levert gember (foto) – geeft het cologne-effect een extra prikkelende, huidschurende kick. In combinatie met een aquanoot – ik vermoed calone – druppelt dit eerst over zilverspar, musk en amber (die samen mooi het bosgevoel weten op te roepen) vervolgens over de viooltjes(bladeren) waardoor de zoetheid van deze bloemetjes en de groenheid van deze bladeren als het ware verwateren. Het ‘cologne-water’ weet zelfs tot de basis door te dringen waarop het hout (ceder en vetiver) tevreden ronddrijven. Eindeffect: inderdaad een cologne met houtaccent met de kracht van een eau de toilette. Cool.


Patrick Munsters, oprichter van het modemerk Scotch & Soda, kiest met zijn nieuwe label voor een hoger niveau. Salle Privée is voor mannen op zoek naar de elegantie en tijdloze waarden van de klassieke herenkleding.
De eerste geur van Salle Privée, samen met parfumontwerper Tanja Deurloo ontwikkeld, huldigt dezelfde ‘waarden’ zoals je dat tegenwoordig in luxe jargon noemt. Naam: Le Temps Perdu. Maar, jeetjeohjehemeltjemarialief, die naam kan echt niet meer anno 2017. Zoveel mensen in parfumland die ernaar gezocht hebben en maar naar blijven zoeken. Maar de volledige romancyclus waaraan gerefereerd wordt lezen, ho maar!
Zal wel aan mijn liggen, maar Bracken doet me denken aan fracking – een ‘nieuwe’, controversiële manier van aardolie winnen in vooral Amerika met een funeste invloed op de omgeving en de natuur als je de tegenstanders onder aanvoering van Leonardo di Caprio mag geloven.
Wat een verschil met de geurprofessor-parfumchemicusanalyticus van 
Ander onderwerp: ik weet niet of Wolfgang Joop zijn naam volledig heeft verkocht aan Coty en dus wel of niets meer in zijn parfums te brokkelen heeft. Hoe het ook zij Coty spreekt van ‘een echt verbazingwekkende geur. Joop! neemt ons mee op een reis van verandering: een die leidt van een fundamentele gemoedstoestand naar een krachtige, zelfverzekerde zelfverwezenlijking’. Is dus gemaakt ‘voor een wilskrachtige, vrijgevochten man die niets meer hoeft te bewijzen, niet voor zichzelf of voor anderen’.
Wow! is back to serious business in de zin van dat je de geur als een volwassen versie van Homme! kunt interpreteren. Met andere woorden: de vaste Homme!-gebruiker moet kennismaken met Wow! Met andere woorden: de nieuwste is een volwassen versie van de eerste. Om te stellen dat de Wow! niche is, is wellicht overdreven maar toch hangt er een meer dan gemiddeld chic aura om de compositie
Préparation Parfumée (2001) is waarschijnlijk een van de eerste ‘arti-farty’-parfums. Hiermee bedoel ik mee: geuren van mensen die beroepsmatig weinig tot niets met geuren te maken hebben, maar juist in de loop der decennia door hun werk een vanzelfsprekende status – ook buiten hun vakgebied – hebben gekregen, en waarvan sommige lucky devils al tijdens hun leven met het etiket icoon zijn onderscheiden. Eén ding zijn ze niet: celebs in de parfumerie. Voor eendagvliegprutparfums – gedenk Lady Gaga’s
Door haar werk voor hotels in Amerika, werd ze vanaf de jaren tachtig door iedereen in Parijs gevraagd die hielden van minimal chic of vonden dat het tijdelijk goed was voor hun naam: Karl Lagerfeld, Guerlain, Alaïa, Balenciaga, Bally – zelfs mocht ze enkele musea verbouwen in Parijs. Dat deed ze vanuit haar Studio Putman.
Erg leuk en voor velen wellicht vreemd aandoend: de opening van Formidable Man. Ik ruik geen citroen, geen bergamot, en als daar al sprake van is dan hebben die een tijdje liggen weken in de terpentijn. Scherp, medicinaal, etherisch waar je neus een beetje scheef van gaat staan. Dat is wat ik ruik, en dat vind ik aangenaam – deze natuurlijke hars (afkomstig van de conifeer) ruik je tegenwoordig nog maar zelden. En dan gebeurt er iets wonderlijks – deze etherisch-frisse noot wordt doorgegeven aan de osmanthus die hierdoor niet lieflijk, maar eerder een karaktervolle, pittige uitstraling krijgt.
WAT TAN D’ÉPICES IK EIGENLIJK?
Vreemd of niet: de inspiratie voor nieuwe geuren wordt bij Dior nu niet gehaald bij de oprichter van het huis (zijn leven is bijna op alle parfumfacetten gescand), maar bij François Demachy. Een erg opwindend leven heeft deze neus niet – afgaande op de braaf-verplichte gaapgaap-interviews die ik met hem gehad – meer ambtenaar dan kunstenaar zullen we maar zeggen. Of beledig ik nu iemand, je moet tegenwoordig zo oppassen in deze ‘eigen (beroeps)groep eerst’-tijden.
WAT EAU SAUVAGE PARFUM IK EIGENLIJK?
De originele versie bespeur ik met name in de opening: een verkwikkende wind van citrusnoten – citroen, cederappel, bergamot. Dan – helemaal terug van weg geweest in geurenland – lavendel. Die pikken de bloemige noten van bergamot op, maken haar rond, bloemiger zonder in truttigheid te vervallen. Dat komt natuurlijk door de wilde bloemen.
Vooropgesteld: ik vind Le Vestiaire een originele en clean-mooie invulling van (mass)niche door een – voormalig – couturehuis. Kledingstukken die Yves Saint Laurent zelf niet heeft bedacht, maar wel een nieuwe draai heeft gegeven en hierdoor inmiddels tot de ‘canon’ van de haute couture worden gerekend honoreren met geuren. En die inmiddels – sprak de oude zeur – een genot zijn om naar (terug) te kijken in vergelijk wat de nieuwe ontwerper (kan niet op de naam komen, geen zin om te zoeken) aan depri, skinny-punky jaren tachtig, gratekutcreaties op het plankier blaast… zijn de modellen wel gewogen voor ze…
Laatste zin is leuk in de zin van dat het een pakkende omschrijving is van een smoking gedragen door een vrouw. Alleen dat vind ik niet voor de compositie gelden. Impertinente verleiding + Yves Saint Laurent = u raadde het al: de originele, maar niet meer verkrijgbare Opium (1977). Tuxedo is een aangename patchoeli, maar niet shocking en zeker niet gerookt. Zoals Opium symbool staat voor parfumoverdaad van de jaren tachtig, zo staat Reminiscence’s 
‘Altijd’ moeilijk met een naam. Laat je je erdoor leiden, afleiden of verleiden? Brengt een naam treffend de boodschap van de geur over? Difficult. Difficult. Toen ik van Jardin Secret hoorde, begon ik te lijden, dacht geen aandacht aan besteden, gewoon vermijden. Want kan het truttiger en jeetjeminahalelujahupsakee dit is wel een van de meest gebezigde clichés in lalalaparfumland.
Is het nu een poederregen of een bloemenregen? Wat in ieder geval opvalt: als de bloemen in de wind zijn verdwenen, resteert een guirlande van diverse soorten musk die samen een warm gevoel oproepen. Want de witte musk is slim ingepakt met een ‘warme’ variant plus sandelhout en ambrette – versterken samen het poederige karakter van de iris in het hart. Kan er niets aan doen: Lorenzo Villoresi’s 

Ik werd vanochtend wakker en dacht: gelukkig ik leef nog! Vervolgens als Geurengoeroe: ik heb me niet aan mijn nieuwe belofte gehouden – beschrijf alleen nog parfums die opvallen en zich echt onderscheiden. Ik dacht dat ik hierdoor voornamelijk niche zou recenseren. Maar ziet: heb het de laatste tijd weer verdomde vaak over ketenparfumeriegeuren.
Met dank aan de huidig artistic director Sarah Burton (McQueens voormalig assistent; ja die van de trouwjurk van expected Brittish queen to be) die er volgens mij scherp heeft op toegezien dat McQueens erfenis geen geweld is aangedaan. Overtuigend gepresenteerd in de ‘gloomy’ mood-foto en de flacon – de grote aandachtstrekker. Niche, rijk, vintage, ‘historiserend’, mooi gedetailleerd. Soort van tijdloos, in ieder geval geen modern-doenerij. Logisch, want Alexander McQueen dweepte met gotiek (als stylingelement) en met romantiek (als kunstvorm). Komt elegant samen in deze goud gepatineerde gevederde/bebladerde duistere flacon gebaseerd op parfumflacons uit de archieven van het V&A Museum in Londen.
Van de klassieke norm – 
Als je sinds ongeveer een jaar in Amsterdam al je verzamelde plastic stort in een speciaal daarvoor gemaakte bak, dan bereik je de status van een oranjegekleurde plastic hero. Zo weinig hoef je tegenwoordig te doen om deze ‘felbegeerde’ status te bereiken. Applaus!
Alleen anders dan je zou verwachten. Want Krypto betekent ‘verborgen’ en ‘geheim’ en staat in de nieuwe variatie voor dat de munt bevroren is én al zijn sensaties gedoseerd de vrije loop laat vanaf de opening.