JUNGLE JUICE
Jaar van lancering: 2016
Laatst aangepast: 10/04/16
Neus: onbekend
Fotografie: Raymond Meier
We doen niet anders: de vermaakindustrie draait overuren om ons ‘de werkelijkheid te laten ontvluchten’. De eerste karakterisering van Calvin Kleins ck one summer-versie voor 2016. Retro-films met feel good-touch, tv-series die duidelijk willen maken dat het vroeger zoveel beter was, boeken waar aan de hand van verdwenen producten de goede oude tijd wordt opgeroepen, musicals gebaseerd op klassieke boeken waarvan je de filmversie inmiddels ook al bijna uit je hoofd kent.
De tweede karakterisering: ‘verlangen naar het avontuur’. Ik zeg: zie het effect van het absurd populaire Wie is de Mol? Op een ver, van de westerse wereld verwijderde plek, elkaar een loer proberen te draaien.
‘Niets kan je tegenhouden’ – derde karakterisering. In de jungle bijvoorbeeld want daar ‘zijn geen regels’ – vierde karakterisering – volgens Calvin Klein. Ik zeg: Calvi, heb je ooit in de jungle – niet de city, maar de echte – gebivakkeerd? Things can get there pretty rough. Daar heersen juist regels. Niet door de mens verordonneerd, maar wel de onverbiddelijke wetten van de natuur. En die zijn niet zo lieftallig… Calvi, weet je eigenlijk wel hoeveel mensen jaarlijks nog worden opgepeuzeld door (het in aantal weliswaar dramatisch afnemende) tijgers. De gekooide brothers en sisters in dierentuinen niet meegerekend?
WAT CK ONE SUMMER 2016 IK EIGENLIJK?
Anyway, ik snap het natuurlijk. Alle karakteriseringen zijn gewoon een gezellig marketingbabbeltje om interesse te wekken in ck one summer 2016. Ik vraag me alleen af hoe dat op de winkelvloer gebeurt. Hebben de beauty-advisors – tegenwoordig de functieomschrijving van mensen werkzaam in de parfumerie – deze mooie woorden paraat? En hoe vertellen ze het? Opsommerig-dreunend, of vol van enthousiasme waardoor je als koper denkt: ‘Het is godamnit een limited edition, doe er maar drie!’
De verfijnde nicheparfum-fans tegen het hoofd stotend: ik vind de ck one summer-geuren top. Niet ‘dwingend’, gewoon relaxed, ‘weet-je-wel’ ontspannen geurgenot plus een ‘ontmoeting’ met verrassende combinaties. Dit keer is het weer raak. Het idee van de jungle wordt slim gepresenteerd in een fris-zonnig en groen aura: eerst een groene, zoete appel die het citrusfrisse gin-effect van de mojito (foto) iets zoeter maakt. Met ‘groene’ gember als prikkelende compagnon.
De jeneverbes versterkt daarentegen de gin-geur. Logisch: is het belangrijkste kruid dat gebruikt wordt voor de productie van gin (en jenever). Neem je een lichte, zoetbloemige noot waar, dan heb je goed geroken. Het is tiaré, ofwel: de ‘gardenia van Tahiti’ met haar exotische zoet-romige toets. Niet te heftig natuurlijk, want ck one summer is er voor hem en haar.
Maar ze neemt graag een duik in de basis van kokosmelk, cederhout en boommos (laatste ruik ik niet echt). Doe er ook niet toe. Wat resteert: een licht subtiel-zwoele laid back geur. Duurt wel even voor je dat echt ruikt, want de frisse ‘jungle juice’ in het hart pulseert behoorlijk lang.


De ontwerper: ‘Narciso Eau De Parfum Poudrée staat voor sensualiteit en een uitzonderlijke vrouwelijkheid’. Geaccepteerd. De ontwerper: ‘De creatie is niet te overheersend maar wel onmogelijk te vergeten’. Dat valt nog te bezien – waarover later meer.
‘Onmogelijk om te vergeten’… lijkt me een beetje overdreven, puur om het feit dat de compositie niet uniek is en meevaart op één van de trends van nu: poederige parfums die de witte musk slim inkapselen met allerlei verzachtende noten waardoor de musk minder had ‘katoen’ wordt, maar eerder een meer fijnzinnige stof. Denk kant, zijde, velours.
Gaïac Mystique is een ‘haute parfum’ dat de haute couture-collecties van de huidige huisontwerper Riccardo Tisci heel dicht benadert. Nog sterker dan de inmiddels uit de schijnwerpers verdwenen Dahlia Noir (2011). Ofwel: zijn neo-gothic chic couture gepresenteerd in donkere, bijna heilige ambiance. Voor de een reli-kitsch, voor de ander adembenemend. Givenchy noemt het zelf treffend ‘dark romanticism’.
Door deze rijkheid, is het niet zo gek dat guaiac een geliefd ingrediënt is in nicheparfums. Voor ‘veel’ geld, krijg je veel terug. Vooral als het echt van de levensboom wordt getapt – is nogal pittig qua prijs.Er is ook veel nep te koop: vaak een vage variatie op ‘gezoet’ patchoeli.
Soms kan een naam in combinatie met een merk me tegenhouden – geen zin de geur te testen. Doei! Sunshine is zo’n naam. Niet bijster origineel. Gaap, gaap, gaap. En dan bedacht door Amouage. Helemaal vreemd als je de bedoeling van Christopher Chong kent – straks meer hier over. Nu is het wel zo: Sunshine als naam is merkwaardigerwijze nog weinig gebruikt, maar toch. Ik vreesde dus dat de geur onderdeel zou worden van een Amouage-campagne om een bredere doelgroep te bereiken, en Sunshine Men dus toegankelijker en een instap- kennismakingsprijs zou krijgen. Helemaal niet dus. Chapeau (hoedje af vrij vertaald)!
En Chongs idee wordt helemaal waar gemaakt: een eclips. Ofwel, het verschijnsel waarbij een ster en twee of meer andere hemellichamen in één lijn komen te staan, waardoor de schaduw van het ene hemellichaam het andere verduistert.
Alsof de verse bladeren ter plekke worden uitgewrongen. Vreemd, eigenaardig, niet echt ‘logisch’ voor mijn gevoel, maar… frappant goed werkend. Ik heb het gevoel of ik even zit opgesloten in een drankkabinet waarin gin (jeneverbes) en brandy (amberachtige noten ‘met sinaasappelsmaak’) met elkaar in een gelag zijn verzonken.
Is het nu eigenlijk wel of niet maatschappelijk geaccepteerd dat mannen meer mogen stinken dan vrouwen? Ik bedoel: de machoman die met zijn zweet ‘extra’ seksuele codes verspreidt, prikkelt de zinnen. Zo wil het ingeroeste beeld. Zie de talloze daarop geïnspireerde parfumpromotie-clips: vrouw ziet testoron verspreidende hunk en ze smmmmmelt.
De eerste bloem, geeft direct het mannelijke aspect van de geur weer: lavendel (foto). In dit geval puur en zuiver en gaat mooi samen met de ‘mannelijke roos’. Ofwel, geranium: fris-zoet gebloemd. De ‘gekristalliseerde’ – wat dat ook moge betekenen – jasmijn ruik ik niet echt.
Mijn ogen werden in eerste instantie misleid door de nieuwe dop, waardoor ik automatisch dacht dat de inhoud mee was gegaan in deze verandering. Niet dus. Maar begrijpen doe ik deze verandering niet. Het statige-sensuele karakter van de originele Femme-flacon verliest aan kracht en wordt voor mijn gevoel onbedoeld grappig en te tijdsgebonden trendy.
En toen nam het verhaal een heel andere wending. Zit zo: ik had met een vriend/collega, collega/vriend afgesproken in een restaurant met een collega van hem om te praten over een parfumproject. Zegt die vriend, een echte old school hetero en, fervent parfumliefhebber (deze combinatie komt meer voor dan je denkt, kwestie van even doorpraten): ‘Erik, wat ruik je lekker, wat heb je op?’
Alleen is de ‘Femme 1989’, minder ruig, minder voluptueus, minder ‘bont’ door een sterke nadruk op sandelhout en amber. Maakt het geheel gladder, zachter, meer ‘huid’, ‘makkelijker’. En dan natuurlijk de komijn, die legt over de basis dat zweterige nootje die de ‘onderdosering’ van eikenmos, leer en civet in vergelijk met ‘Femme Vintage’ mooi maskeert. En vergeet niet: het is een eau de toilette.
Eén van de aangename dingen van een (goede) geur is dat je het gevoel hebt dat je direct in contact komt met de vrijgevigheid van de natuur. Het directe effect: je voelt je prettig door deze connectie met ‘Moeder Aarde’; er daalt een aangename rust op je neer, je voelt je behaaglijk.
WAT ESSENCE AROMATIQUE IK EIGENLIJK?
Geur en herinnering: een populair gespreksonderwerp. Met een ergens toevallig opgesnoven ‘fragrance-flits’ kan een geheel vergeten wereld in gedachten naar boven komen. For good and… for worse. Dat laatste wordt nog al eens vergeten. Het is niet alleen rozengeur en maneschijn: geur en herinnering kan ook geassocieerd worden met ervaringen niet zo fijn.
Met andere woorden: een elegante-klassieke compositie die naast het ‘zon-effect’ meer geeft. Ik geniet hoe de top, het hart en de basis zich vrijgeven. Zo lekker ‘aangenaam klassiek’.
De eerste zin van het persbericht roept vragen op, althans bij mij: ‘De Aqua Allegoria behoren vandaag tot de meest emblematische collecties van Guerlain’. Heeft Guerlain ook de minste in zijn assortiment? Welke zijn dat dan? En dan: meest emblematisch. Is emblematisch – in de zin van kenmerkend, bepalend – niet voldoende?
De eerste keer dat ik de geur van een rijpe peer opsnoof in een geur was in 1998. Het sprong uit de opening van Diors Eau de Dolce Vita (1998). De tweede keer: weer Dior en wel in Higher (2001). Lekker! Het is een op zichzelf staande geursensatie, want zoveel anders dan appel. Minder fris, voller, (honing) zoeter en rijker.
Waar ik vooral naar benieuwd was betreffende deze twee nieuwe eau de colognes: welke is de zesde van Jean Claude Ellena en met welke debuteert Christine Nagel als Ellena’s ‘sparring perfume partner’ bij Hermès? Blind geroken en zonder raadplegen van het persbericht, dacht ik dat Eau de néroli doré en Eau de rhubarbe écarlarte door beide kon zijn gemaakt.
WAT COLOGNE IK EIGENLIJK?
Trouwens, het adjectief écarlate – klinkt très intéressante et très charmante, maar betekent niet meer en niet minder dan rood. Maar dan wel op niveau. Kijk nog even goed, en wellicht herken je ‘onze’ chique variatie op rood: scharlaken.