‘Gôh, bloeit die roos in een woestijn?’
Is dit nu niche, prestige, masstige, massniche or whatever?
Plus: leuke wetenswaardigheden rondom Houbigant
Voor ik het vergeet: ben nog steeds bezig met mijn hoofd te buigen over de nieuwe Guerlain en de mogelijke consequenties die daaruit qua toekomstperspectief zouden kunnen volgen (alsof het parfumhuis er zich iets van zou aantrekken).
Ik las een vluchtige, opmerkelijke observatie van een blogger – a hundred million bottles te volgen via Substack: ‘De nieuwe L’Heure Bleue is een bleke, poederige, vlakke iris-muskgeur – zonder nuance, lineair’. Ter illustratie beeldde hij een aan een waslijn hangende wit laken af.
Nu Houbigant. Ik sprak járen geleden de toenmalige importeur, aan de vooravond van niche en vintage – rond 2005 volgens mij. ‘Parijs’ – zo zei hij – had dan eindelijk besloten Fougère Royale nieuw leven in te blazen en ‘ja, de verkoop van Quelques Fleurs liep aardig’ of iets van die strekking. Wat me toen en ook nu nog stoort: het merk onderkent zijn eigen potentie niet.
Hoewel dat inzicht voorzichtig, maar verkeerd geïnterpreteerd volgens mij, rond diezelfde tijd begon in te dalen, ‘toen de familie Perris erin slaagde de controle over de naam Houbigant te verwerven voor de markt van parfums en cosmetica’ (aldus www.houbigant-parfum.com). Eerste daad: herlancering van Fougère Royale ‘naar origineel recept’.
Ik heb Houbigant – de laatste geur die ik besprak en waarover ik trouwens erg enthousiast over was Jardin Secret – jarenlang niet gevolgd vanwege deze ‘verwaarlozing’ van hun erfenis. Dit vermoeden werd bevestigd door recente geuren die ik voorbij zag komen op www.
Wat een clichés qua naam (Jardin Secret doet er trouwens niet voor onder), wat een clichés qua letterlijke invulling: Bois Mystique (2018), Tabac Nomade (2023), Patchouli Sauvage (2023), Vanille Impérial (2024), Tonka Sublime (2025) en basisingrediënt zo maar door. Gôh – tis niet waar – Oud Or (2023). Terwijl ‘voor hetzelfde geld’, Houbigant tig geuren in zijn oude catalogus heeft die je zo weer op de markt kunt zetten – letterlijk en/of figuurlijk – qua naam, qua invulling: Le Parfum Idéal (1896), Demi-Jour (1929), Chantilly (1941), Monsieur Houbigant (1967).
Rose du Désert – die volgens mij ook valt onder de ‘basisingrediëntcollectie’ – is goed, maar ook saai, braaf en überklassiek uitgevoerd. Saai-klassiek: de frisse golf van citroenbloesem, bergamot en yuzu – ik ruik laatste nauwelijks. Saai-braaf: het hart, waarin Turkse en Bulgaarse roos worden gekoppeld aan viooltje en iris. Minder bloemig-poederig-zoet dan verwacht. Komt wellicht op conto van vanille die op mijn pols kruidig en houtachtig overkomt.
Dit hart gaat kopje onder in de überklassieke basis van amber, musk, cederhout en patchoeli. Moet gezegd: het effect is weelderig, warm en gul, en ook hier neem ik kruidige nuances waar die je bijna doen vergeten dat het een rozengeur betreft. Ik vraag me alleen af of Rose du Désert nu onder niche valt, of in een nieuwe categorie onbekend bij mij.
Houbigant ziet dat natuurlijk anders: ‘Rose du Désert vangt de essentie van de verfijning van een roos groeiend in een ruig woestijnlandschap. Te midden van de harde natuur wordt deze tere roos bij zonsopgang geplukt vanwege haar verfijnde bloemige zoetheid en warme ondertonen van zand’. Geloof jij het?
Het is natuurlijk een mooi beeld, een dergelijke woestijnroos, terwijl ik er nog nooit een heb zien bloeien, laat staan geplukt worden. Trouwens… de woestijnroos bestaat wel. Officiële naam: Adenium obesum. Habitat: de droge gebieden van Oost-Afrika, van Ethiopië tot Zuid-Afrika (en in Afrika en Azië als sierplant gehouden). Pas op: melksap dient als pijlgif. Gebruikerstip: niet te veel water want anders werpt hij zijn bladeren af.
Wetenswaardigheid 1
Een van mijn ‘slapende’ upcycle parfumlabels is genoemd naar de neus die Quelques Fleurs samenstelde: Le Bienaimé. Dat was trouwens ook de koosnaam van Lodewijk XV – de tweede inspiratiebron.
Wetenswaardigheid 2
Er wordt gezegd dat Quelques Fleurs (1912) het eerste parfum was met een divers bloemenboeket. Tot die tijd waren bloemengeuren gebaseerd op één enkele bloem of vermengd met kruiden en andere essences.
Wetenswaardigheid 3
Het kan verkeren: in 1993 vroeg Houbigant in New York uitstel van betaling aan. Een jaar later verleende het – dat dan weer wel – een licentie voor twaalf van zijn parfums (inclusief behorende formules en merknamen) aan Renaissance Cosmetics. Te verkopen via drogisterijen en discounters, in plaats van de bestaande marktpositie van Houbigant te handhaven.




