GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

NUIT DE NOEL CARON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 22, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET N, VINTAGE. Een reactie plaatsen

UNFORGOTTEN AND UNFORGETTABLE;

HET MYSTERIE VAN PARFUM

Jaar van lancering: 1922

Laatst aangepast: 22/12/10

Neus: Ernest Daltroff

Flacon: Félicie Vanpouille

Het is een geliefde vraag van journalisten. Met name aan mensen met een groot zwak voor of actief in de wereld van de schone kunsten: ‘Welke tien boeken en/of cd’s zou u meenemen naar een onbewoond eiland?’ Jammer dat journalisten nooit vragen: ‘Welke tien wijnen zou u inpakken?’ Te weinig diepgravend waarschijnlijk, terwijl ‘een goed glas wijn’ juist de perfecte begeleider is van genieten van literatuur en muziek. Helemaal ondenkbaar: ‘Welke tien parfums?’ Dat parfum meer is dan luchtig genot en – oh cliché – het vermogen heeft herinneringen op te halen, dat gaat ‘serieuze’ journalisten hun pet nog steeds te boven. Ik zou het benauwd krijgen bij deze vraag. Wat ik wel weet: favorieten die je alleen al bij het uitspreken van de naam ruikt – zoals Après L’Ondée van Guerlain (1906), Bandit van Robert Piguet (1944) – laat ik thuis.

Nieuwe klassiekers als En Passant (2000) van Frédéric Malle en Oiro (2006) van Mona di Orio… die gaan direct de koffer in. Verder een leergeur, een sprankelende cologne en een mooie groene geur. Welke? Moeilijk, moeilijk, moeilijk. Deze gaat ook zeker mee: Nuit de Noël. De reden: omdat deze geur voor mij, nog meer dan Chanel N° 5 (1921), het parfumgevoel van de vooroorlogse jaren verbeeldt. Nuit de Noël wordt gepresenteerd als een kunstwerk, waar je van geniet als een kunstwerk. Ingrediënten samengesmolten tot een sensatie – eerst abstract, later ‘herkenbaar’ om tenslotte weer op te gaan in een ondefinieerbare sensatie die je een bijzonder prettig, gelukzalig gevoel geeft. Nu de naam: Nuit de Noël vat de sfeer samen van een perfecte kerstavond.

Ernest Daltroff creëerde het voor zijn geliefde Félicie Vanpouille die ‘dol’ was op de stille en serene sfeer van kerstavond en de geuren die hiermee worden geassocieerd. De kou wordt buitengehouden door een gloedvolle openhaard. Sneeuw kleeft als poeder op de ruiten. Een kerstboom schittert in volle glorie door echte (!) kaarsen die de kamer subtiel verlicht. Smaakvol geklede gasten verzamelen zicht rondom de perfecte aangeklede tafel. Glinsterend kristal, gesteven wit damast, vers gepoetst zilveren bestek, breekbaar wit porselein van het servies… je mag als familielid of gast het nodige op je hart hebben – menig kerstdiner ontaardt in een kijvende familietwist – maar onder de indruk van de sfeer, voel je je betovert, je wilt dit moment ervaren, vasthouden. Die sluimerende ruzie ontploft volgende week wel…

En deze vredige sfeer wil Nuit de Noël oproepen. Daarin is Ernest Daltroff, oprichter van Caron, wonderwel geslaagd. Wil bij jou wat dat betreft de vonk niet overslaan, dan kun je ook zonder deze info genieten van een warm-poederige geur die voor velen in eerste instantie wellicht als te zwaar en dus te ouderwets overkomt. Maar geef de geur kans zijn poederachtige verfijning te verspreiden… voor je het weet ben je bevrijd van je vooroordeel en wordt Nuit de Noël ook voor jou een favoriete vintagegeur die recht heeft op het predikaat ‘grote klassieker’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Prachtig, maar ‘scherpe’ opening van zonnig ylang-ylang (foto) ondergedompeld in aldehyden die deze ‘bloem der bloemen’ een volle opwaardering geven en – mooi en vertederend – op de achtergrond neem je al een lichte poederige noot waar. Samen zorgen ze toch voor een ‘abstract gevoel’ dat wil zeggen: je ruikt eigenlijk een stemming, geen ingrediënt afzonderlijk.

Die neem je in het hart wel waar: jasmijn en roos omringd door eenzelfde poederige noot. Deze klassieke bloemencombi gaat vervolgens op in de zacht-donkere basis van sandelhout, cederhout, eikenmos, vetiver en amber.

Ik bespeur naast musk ook een licht animale noot (civet), maar dat kan ook de mix van amber, jasmijn en ylang-ylang zijn. Ik geloof dat deze poederige noot een ‘signature’ van Caron is die je ook ruikt in zowel een ander ‘oudje’ – Tabac Blond (1913) als Nocturnes (1981). Het maakt Carongeuren ‘droog’ en niet too obvious sensueel. Wel chic, statig én een beetje nostalgisch.

RUIK & VERGELIJK

Heb het lange tijd ook geloofd: Chanel was de eerste die aldehyden – verkregen uit alcohol en plantenmaterialen – in een parfum verwerkte. En wel in N° 5. Maar hoe meer je je in de materie verdiept, des te duidelijker wordt dat L.T Piver met Rêve d’Or en Caron met Infini (1912) haar zijn voorgegaan. Aldehyden zijn zo geliefd omdat ze door hun musk- en poederachtige basis een extra dimensie aan geuren geven en bepaalde ingrediënten (zoals bloemen) kunnen versterken. Ze geven daarnaast neuzen de kans parfum als een harmonieus en abstract concept te creëren gebaseerd op ‘noten’ niet afkomstig uit de natuur. In de loop der jaren is de formule van N° 5 aangepast. Lichter van toon, minder poederig, geen enkele animale noot meer in de basis. Ruikende aan Nuit de Noël, denk ik dat ‘het best verkochte parfum ooit’ ooit zo moet hebben geroken.

Chanel N° 5 (1921)

BLEECKER STREET BOND N° 9 NEW YORK

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 21, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN WARM EN SENSUEEL AFRODISIACUM

DIE VAN DE DAG IN DE NACHT GLIJDT

Jaar van lancering: 2005

Laatst aangepast: 21/12/10

Neus: David Apel

Parisienne Laurice Rahmé woont al meer dan 35 jaar in New York. En is al meer dan tig jaren actief in de parfumwereld. Ze was directeur van de Amerikaanse tak van Creed en werkte voor Lancôme (training director) en Annick Goutal (introduceerde het huis in de VS). Haar idee voor Bond N° 9 New York kreeg ze na 9/11/2001. Ze wou iets ‘terugdoen’ voor de stad die haar had ‘geadopteerd’. Ofwel: de diversiteit van the big apple vertalen in geuren. Haar eerste missie: ‘to make New York smell good again’.

Zo ontstond in 2003 Bond N° 9 New York, genoemd naar de straat waar de eerste boetiek werd geopend en waar het hoofdkantoor zich bevindt. Laurice Rahmé’s tweede missie: het terugbrengen van artisticiteit in geuren. Maar daaraan heeft het volgens mij nooit echt ontbroken.

Inmiddels heeft bijna elke buurt zijn ‘eigen’ geur. Laurice Rahmé liet zich inspireren door de klassieke Franse parfumerie die ook af en toe parfums vernoemde naar geliefde buurten, beroemde straten of gewoon het huisadres van parfumhuizen en luxelabels in Parijs. Maar dat was altijd incidenteel: Balenciaga’s Le Dix (1947), Yves Saint Laurents Rive Gauche (1971), Guerlains Jardins de Bagatelle (1983), Hermés’ 24, Faubourg (1995).

Zij pakt het breder aan: je kunt nu op meer dan 30 manieren New York ‘inademen’. Daarnaast verkent Laurice Rahmé inmiddels andere steden in Amerika – zoals Saks New Orleans uit 2009 – en is ze in 2007 een samenwerking aangegaan met de Andy Warhol Foundation for the visual arts. Resulterend tot nu toe in vijf geuren, waaronder het erg grappig getitelde Succes is a job in New York (2009) die ik binnenkort bespreek.

Nu Bleecker Street. Waarom? Door zijn Nederlandse link en omdat ik er prettige herinneringen aan heb. Want daar heb ik – begin jaren negentig – met een toen in New York wonende Amsterdamse vriendin de lekkerste hamburger ooit gegeten. Bleecker Street is volgens Laurice Rahmé een ‘woody gourmand oriental… kunst, mode, verleiding en een toetje in vloeibare vorm. Een warm en sensueel afrodisiacum die van de dag in de nacht glijdt’. Alleen ontgaat me dat een beetje, ruikende aan de geur.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Bleecker Street start met een (voor mij) duidelijk en scherp zeeluchtakkoord dat niet snel daarna voor een groen-kruidig vervolg kiest. En wel met viooltjesblad (foto) en het niet veel gebruikte tijm dat geleidelijk aan warmer wordt. Tijm in een zonnige kruidentuin. De opgevoerde zwarte bes-noot neem ik niet echt waar. Mannelijk tot zover. En dat blijft zo, ondanks de jasmijn omringd door een hint van kaneel. In de drydown wordt de geur donker bosachtig dankzij de cederhout en patchoeli. Amber en vanille zorgen voor een verzachtend effect, nog eens versterkt door een lichte suède-noot.

Bleecker Street is eigenlijk heel mannelijk, heel Amerikaans door zijn heldere en crispy all over-impressie en daardoor heel toegankelijk. Minder niche qua geur dan ik had verwacht. Wel woody, maar niet echt gourmand en oriental. Ik hoop dat de andere Bond N° 9 New York-geuren me meer verrassen.

RUIK & VERGELIJK

The Big Apple is natuurlijk al eerder ‘geurtechnisch’ in kaart gebracht. Maar dan betrof het meer het lifestyle-aspect van de trendsettende en modebewuste bewoners van de city that never sleeps.

Carolina Herrera 212 Men (1997)

Donna Karan DKNY Men (1999)

Marc Jacobs Grass (2006)

Franse geparfumeerde odes op New York:

Parfums Nicolaï New York (1989)

Guerlain – Un Parfum, Une Ville – Paris – New-York (2009)

ORIENTAL LOUNGE THE DIFFERENT COMPANY

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 20, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET O, NICHE. Getagd: COMPANY, DIFFERENT, GEURENGOEROE, LOUNGE, ORIENTAL, THE. Een reactie plaatsen

HET OOSTERS PARFUM IN EEN NIEUWE SETTING

Jaar van lancering: 2009

Laatst aangepast: 20/12/10

Neus: Céline Ellena (foto onder)

Artistic direction: Thierry de Baschmakov

Toen Jean-Claude Ellena vaste huisneus van Hermès werd in 2004, hoefde hij niet lang te denken aan wie hij het parfumorgel van The Different Company (dat hij in 2001 oprichtte met Thierry Baschmakov en Luc Gabriel) moest doorgeven: zijn dochter Céline (zie foto). Ze heeft er inmiddels acht geuren gemaakt, waaronder Oriental Lounge. Is er een overeenkomst tussen vader en dochter, is er een verschil? Moeilijk. Mijn eerste indrukken: Céline benadert geuren minder abstract en intellectueel. De geuren zijn hierdoor toegankelijker. Maar dat laatste kan ook verbeelding en/of wishful thinking zijn.De namen die ze verzint voor de geuren prikkelen in ieder geval meer de fantasie – zoals Un parfum de charme et feuilles (2006) – en maken soms gebruik van woorden/begrippen die het ‘goed doen’ in de wereld van hip en trendy: Oriental Lounge.

Hoewel zelf geen grote fan van oriëntaalse parfums, ontbrak deze tak aan de parfumboom nog in het assortiment. En als ze aan Oriental Lounge denkt, ziet ze een schilderij van Vladimir Tretchikoff (1913-2006) voor zich. Ofwel: zwart gelakt hout, cocktailglazen, flikkerende kaarsen in kandelaars van rood die schaduwen op de muren toveren, gepassioneerde vrouwen in het voorbijgaan behangen met juwelen. Dat klinkt erg ‘nu’, klinkt erg als een sfeervolle modereportage in een glossy. Maar als je de werken van deze kunstenaar bekijkt, dan snap je niet dat Céline dit allemaal voor zich ziet. Maar dit terzijde.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

In een interview zei Céline Ellena dat ze het oosters parfum wou ontdoen van zijn clichés – met de nadruk op ‘vettig’ amber, veel vanille en ‘vol’ patchoeli in de basis – en tóch een oosters signaal afgeven. Daarin is ze met Oriental Lounge geslaagd. Maar toch: voor mij blijft de geur aangenaam oosters klassiek die bij vlagen herinneringen oproept aan Guerlains Shalimar, Malle’s Musc Ravageur, Chanels Coromandel en zelfs Belle d’Opium van Yves Saint Laurent.

De opening, inderdaad heel klassiek: de bloemig-frisse noot van bergamot. De moderne toets die om de hoek komt kijken is peper en kerrieblad die met name in Tamil Nadu (India) verplicht onderdeel vormt van de curry. Maar wat het voor een geur afscheidt… volgens Céline groen, fris en metaalachtig maar niets met het aroma van een curry vandoen heeft. Erg druk hoef je je hier niet over te maken, gezien via het hart vol roos je snel de ‘taboesfeer’ in wordt getrokken van de basis vol beproefde oriëntaalse ingrediënten: cistus labdanum, tonkaboon (foto), amber en satijnhout (volgens Céline een mix van synthetisch sandelhout en poederige noten).

Mooi aan de geur: de subtiele gourmandnoot die het totaal oproept – een melange van geroosterde noten, honing, amandel, rum, gesuikerd fruit – zonder dat het plakkerig en ‘kermiszoet’ wordt. Oriental Lounge: niet te zwaar, niet te licht; een kamer vol oosterse specerijen en zoete lekkernijen waar door de geopende balkondeuren de wind zon en zwoele frisheid aanvoert.

RUIK & VERGELIJK

Je ontkomt niet aan de volgende geuren als je Oriental Lounge ruikt – vind ik:

Guerlain Shalimar (1925)

Frédéric Malle Musc Ravageur (2000)

Chanel – Les Exclusifs – Coromandel (2007)

Yves Saint Laurent Belle d’Opium (2010)

 

TEINT DE NEIGE LORENZO VILLORESI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 18, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET T, NICHE, NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. 3 reacties

BEPOEDERDE WINTERWEELDE IN EEN BELLE EPOQUE-BOUDOIR

Jaar van lancering: 2000

Laatst aangepast: 18/12/10

Neus: Lorenzo Villoresi

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

Denk vaak: hoe kan ik zo casual mogelijk een huis ter sprake brengen dat ik al lang had moeten recenseren, maar waarvoor me het aan tijd ontbrak door de constante stroom aan nieuwe geuren waarvan er zoveel ook besprekengswaardig zijn. Dit tijdsgebrek heeft ook een zekere meerwaarde: schaft het kaft van het koren.

Een nieuw huis mag vol trots zijn deuren openen; het blijft afwachten of klanten de stap over de drempel wagen. En voor je het weet zijn de deuren al weer gesloten. Kun je niet van Lorenzo di Villoresi zeggen. Sterker: hij is een van de eersten in de branche die het nicheconcept (1990) introduceerde. Ook prettig: hij lanceert niet de ene na de andere creatie. Gestaag bouwt hij aan zijn collectie waarvan sommigen tot moderne klassiekers worden gerekend. Zoals Piper Nigrum (1990) en Teint de Neige (2000).

Laatste: prachtnaam, waarvan Guerlain en Chanel het misschien wel betreuren dat ze die naam niet bedacht hebben voor een… foundation. En deze make up-associatie verklaarde op de een of andere manier mijn ‘hinder’ deze geur te willen ontdekken.

Stom, stom, stom! Het was trouwens wel de bedoeling van Lorenzo als je de inspiratiebron leest: ‘De kleur van sneeuw, de delicate roze waas van een bepoederd gezicht. De geur van geparfumeerd poeder, de geur van talk; zacht, lief en toch intens en persistent. Versterkt door de rijkheid van kostbare bloemenextracten die herinnert aan de teint, het licht, beelden en sfeer van de belle époque’.

En hiermee was Lorenzo Villoresi ook een van de eersten die de neo-boudoirsfeer- en styling in de parfumerie introduceerde (Vivienne Westwood ging hem in 1998 jaar voor met… Boudoir). Laat je niet misleiden door de naam: Teint de Neige is geen typische wintergeur. Geschikt voor alle seizoenen, voor alle momenten als je zin hebt in een parfum dat je hult in een poederzacht cocon.

Dat Lorenzo Villoresi inmiddels tot de groten wordt gerekend, blijkt uit het feit dat hij in 2006 werd onderscheiden met de Prix François Coty. In parfumkringen de meest prestigieuze prijs uitgereikt aan neuzen als dank voor hun vakmanschap, betekenis en creativiteit. Neuzen die hem voorgingen zijn onder meer: Francis Kurkdjian (2001), Maurice Roucel (2002), Jacques Cavallier (2004). De eerste vrouwelijke neus, Sophie Labbé, ontving de prijs in 2005.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Wat een zachtheid, wat een verfijning! En geen ijskoude opening, terwijl de naam het misschien doet vermoeden als je de inspiratiebron niet kent.

Je wordt direct ondergedompeld in een behaaglijke en sierlijk-zoete en sierlijk-sensuele bloemennoot van jasmijn, roos en ylang-ylang die door veel musk en nog meer heliotroop (foto) – de geheimcombi volgens mij – in de basis een poederzacht, poederzachter, allerpoederzachtst aura krijgt. Ben wel benieuwd wat het effect was geweest als Villoresi lathyrus had toegevoegd…

RUIK & VERGELIJK

Wintergeuren is een nieuwe categorie. Een soort antwoord op zomergeuren. Ze voorzien populaire geuren van een warme gloed. Soms zijn het 100 procent nieuwe geuren. Wordt – gelukkig of helaas? – nog niet massaal omarmd.

Frédéric Malle L’Eau d’Hiver (2003)

Davidoff Hot Water (2009)

Kenzo Winter Flowers (2009)

Givenchy Very Irrésistible Cèdre d’Hiver (2010)

MY LIFE MARY J. BLIGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 17, 2010
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, GEURENALFABET M. Een reactie plaatsen

EEN GEUR DIE IN IEDER GEVAL

VOOR EEN PROCENT GOED DOET

Jaar van lancering: 2010

Laatst aangepast: 17/12/10

Neus: onbekend

Fotografie: onbekend

Steeds populairder in de VS: geuren van afro-american female celebrities. Na Patti Labelle, Hale Berry en Queen Latifah zijn het nu vooral Beyoncé Knowles en Mary J. Blige die een run op hun premièreparfum hebben gezien. Niet alleen via counters in warenhuizen, maar nog meer via directe verkoop tijdens concerten (Beyoncé’s Heat verkocht zo in de eerste weken 70.000 keer) of via telesell.

Op deze manier kun je alleen My Life van r&b-zangeres Mary J. Blige kopen, genoemd naar haar tweede album uit 1994. Op onderstaande clip kun je zien hoe snel de omzet gaat (let op de steeds stijgende verkoopcijfers) en hoe betrokken (in ieder geval bij de promotie) Mary is. En fans, in de buurt van hun grootste ster, komen vanzelfsprekend woorden te kort om My Life te beschrijven.

Opvallend: de presentatie. Niet rauw en edgy (zoals haar stem), geen ode aan de bling bling-trend, maar een ‘een droom die uitkomt’-verhaal van een zangeres opgegroeid in een achterstandsbuurt die door haar talent nu een ‘sprookjesachtig leven’ leidt – private jets, walk in closets waarin je kunt verdwalen – waarvan veel fans van haar alleen maar kunnen dromen.

My Life heeft een hoog Celine Dionparfum-gehalte. Dat wil zeggen: het beantwoordt aan alle clichés van succes. Het verschil: de queen of hiphop soul presenteert deze gedroomde soft focus-wereld, net iets overtuigender. Je hebt het idee dat je een ‘echt’ parfum koopt. En niet alleen voor personal enjoyment, want 1 dollar van elke verkochte flacon wordt overgemaakt naar May J. Blige’s Foundation for the Advancement of Women Now.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Kreeg via een Amerikaanse kennis een proefje van My Life toegestuurd. Niet verkeerd. Ik vraag me alleen af hoe de geur geroken zou hebben, als de kwaliteit van de ingrediënten van een iets hoger niveau waren geweest. Eerst een lichtfrisse opening van peer en fresia – leuke combi – die overgaat in een sensueel hart van gardenia, tuberoos, jasmijn, lelie en abrikoosbloesem. Deze witte bloemenweelde krijgt in de basis van My Life een originele afronding. De kasjmierhout-noot wordt rokerig en melkig door wierook omlijst door een aparte gourmandnoot van walnoot en bonbon.

RUIK & VERGELIJK

Queen Latifah heb ik nog niet geroken en dus nog niet besproken. Deze wel:

Halle Berry Halle (2009)

Beyoncé Heat (2010)

PECHE CARDINALE MDCI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 16, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET P, NICHE. Getagd: CARDINALE, GEURENGOEROE, MDCI, PECHE. Een reactie plaatsen

VINTAGE ANNO NU

Jaar van lancering: 2009

Laatst aangepast: 16/12/10

Neus: Jeanne-Marie Faugier

MDCI werd opgericht in 2006 door Claude Marchal. Staat voor Marchal Design & Créations Indépendantes. Je kunt hem beschouwen als een soort Frédéric Malle. Ook Marchal nodigt neuzen uit vrij spel te geven aan hun fantasie, ook Marchal legt ‘zijn’ neuzen geen beperkingen op wat de keuze van ingrediënten betreft.

Het verschil: MDCI is minder afstandelijk, minder ‘intellectueel’ en laat je parfum op een ‘ouderwetse’ manier beleven. Zie de presentatie. Is geïnspireerd – heeft u even? – op de Galerie d’Apollon in het Louvre, het Uffizzi Museum in Florence, de ‘Schatzkammer’ in Wenen en de collectie van Griekse en Romeinse antieke beelden van kardinaal Mazzarin, de Medici-familie en de Lodewijk XIV. Dus: kristallen flacons met daarop ‘antieke’ bustes gemaakt van Limoges ‘biscuit’-porselein. Vinden sommige mensen chic, sommige mensen kitsch, voor anderen zweeft het er tussen.

Opvallend: op verzoek van veel fans werden de eerste geuren – simpelweg genoemd naar de initialen van de neus plus codenaam – veranderd in meer tot de verbeelding sprekende namen, meer in tune met de classicistische uitstraling. Inderdaad Enlèvement au Sérail, Invasion Barbare (beide 2006), Le Rivage des Syrtes, Vêpres Siliciennes (beide 2009), om er een paar te noemen, maken nieuwsgieriger. Zo ook Péché Cardinale. In het Nederlands betekent dat doodzonde of het minder gebruikte kardinale zonde, maar de naam ‘speelt’ in het Frans tegelijkertijd met de vrucht die een verzachtende rol in de geur speelt: perzik. Voor mij is Péché Cardinale erg neo-vintage. Roept beelden op van good old Hollywood-glamour; een film noir waarin een blonde femme fatale mannen met voorbedachten rade in de afgrond stort. Zoals Barbara Stanwyck (1907-1990) in Sorry, wrong number uit 1948.

Bij dergelijke blond-gevaarlijke vrouwen hoort een dito parfum. Welke bloem pluk je dan? Juist, de bedwelmende tuberoos: vol, geel, ‘overbloemig’, boterzacht en begeleid door die eigenaardige leertoets. En die gebruikte Jeanne-Marie Faugier in ruime mate en…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… geeft die een erg fruitig-zoete behandeling, want de tuberoos (foto) wordt samen met lelie begeleid door zwarte bes, pruim en perzik. Hierdoor wordt het narcotische effect van de tuberoos afgezwakt, maar je blijf haar wel door en door ruiken.  In de basis wordt Péché Cardinale zachter en nog zoeter, zelfs een beetje romig. Hiervoor verantwoordelijk: ceder- en sandelhout, kokos en musk.

Het opgevoerde davana-gras in de opening met zijn fruitige en frisse groenheid ruikt mijn neus niet. De kwaliteit van Péché Cardinale is opvallend: de geur trekt echt in de huid en ruik je 24 uur na applicatie nog.

RUIK & VERGELIJK

Zeg je tuberoos, dan ruik ik als eerste de beroemdste versie: Fracas van Robert Piguet (1948). Dit vintage-parfum geldt als nog steeds als standaard en herken je ook in onderstaande recente ‘soli-fleur’ klassieke tuberoosparfums.

Estée Lauder – Private Collection – Tuberose Gardenia (2007)

By Kylian Beyond Love (2007)

Dior – La Collection Particulière – Passage N° 9 (2007)

Prada Infusion de Tubéreuse (2010)

GILDED LILY INEKE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 14, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET G, NICHE. Getagd: GEURENGOEROE, GILDED, INEKE, LILY, NICHE. 1 reactie

EEN MET GOUD HANDBESCHILDERDE JAPANSE LELIE

BLOEIEND IN EEN ‘CHYPRE-TUIN’ IN SAN FRANCISCO

Jaar van lancering: 2010

Laatst aangepast: 14/12/10

Neus: Ineke

Artistic direction: Ineke

Ik had begin deze week bij Annindriya Perfume Lounge in Amsterdam een ontmoeting met Ineke. De neus achter het gelijknamige nichelabel. Haar achternaam: Rühland. Klinkt Duits, toch liggen haar wortels in Nederland: haar grootouders (van moederszijde) emigreerden naar Canada waar Ineke opgroeide.

Na haar studie ging ze naar Parijs (1988) om te werken voor Quest (een van de grote parfumproducenten, nu Givaudan). Op de marketingafdeling. Ze vond het leuk om als intermediair tussen neuzen en klanten op te treden, maar kwam er achter dat de parfumcreatie zelf haar steeds meer bezighield. Ineke kreeg het voor elkaar dat Quest haar opleiding betaalde van de beroemde parfumeursopleiding Isipca in Parijs. Na haar opleiding bleef ze als freelancer voor Quest werken. Niet makkelijk omdat ze inmiddels naar sunny San Francisco was vertrokken.

Hier ontstond het idee (2003) een eigen huis te beginnen die zijn deuren in 2006 opende. Maar wat kon ze toevoegen, wat zou haar onderscheiden van de toen sterk in opkomst zijnde niche-merken, zoals L’Artisan Parfumeur, Frédéric Malle en The Different Company? De geuren moesten niet alleen anders zijn, ook de ‘invulling’. Ineke vond dat haar voornaam anders – ‘exotic’ – was en dus zou opvallen. Dat is een! Literatuur en kunst als inspiratiebron. Dat is twee! Ineke’s voorliefde voor pure ingrediënten. Dat is drie! Het alfabet als ingangspunt voor de namen van haar geuren. Dat is vier! Dit alles gepresenteerd in een meer conceptueel en holistisch (ofwel: som der delen) ‘aura’ in plaats van de gebruikelijke chique, romantische en glitzy clichélokmiddelen die de parfumindustrie gebruikt. Dat is vijf!

Haar eerste vier geuren typeert ze als clean en fresh (kom ik later in de beschrijving ervan op terug). Maar laat je hierdoor niet van de wijs brengen. Dat clean en fresh is vooral de opening. Want het met sering gevulde After my own Heart (2006) bijvoorbeeld ontwikkelt zich tot een mooi en gelaagde geur door de lieflijk-zachte combinatie van sandelhout, heliotroop en musk in de drydown.

Vanaf Evening edged in Gold, gelanceerd in 2007 (haar meest originele tot nu toe vind ik), Field notes from Paris (2009) en Gilded Lily worden haar geuren intenser en verraden, nog meer dan het eerste kwartet, Ineke’s ‘voorkennis’ van de klassiekers van de moderne parfumindustrie.

Gilded Lily is geïnspireerd op de zinsnede ‘gilding the lily’ uit het niet zo bekende toneelstuk King John van William Shakespeare (1564-1616). Voor Ineke ‘een treffende omschrijving voor parfumerie in het algemeen omdat parfumeurs altijd manieren zoeken om de schoonheid van de natuur te verfraaien’. En: ‘Om een cross over tussen het Engeland van Elizabeth I (1533-1603) en het moderne Japan over te brengen heeft de visual van Gilded Lily een Shakespeare meets manga-thema’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Om de associatie van een klassieke chypre met ouderwets en ‘iets voor oude vrouwen’ – een merkwaardig vooroordeel dat heerst bij de nieuwe generaties parfumgebruikers – te voorkomen, opent Gilded Lily niet met het traditionele bergamot in combinatie met citrusvruchten maar helemaal comme il faut de fruitige chypre-smaak van nu. Dus anders fris-fruitig: ananas, rabarber, grapefruit en appel plus vleugjes perzik en elemi-hars en een hint van bergamot. Achter deze originele wrang-zure en toch zoete combi schuilt de lelie. Ze temperen het zware en ‘overbloemige’ parfum ervan subliem. Geeft de lelie als het ware een frisse huivering.

Interessant: om de geur van de lelie zo natuurgetrouw mogelijk te imiteren, plantte Ineke in haar tuin in San Francisco de yama yuri – Japans voor berglelie. Deze Lilium auratum (ook wel bekend als tijgerlelie) wordt beschouwd als de ‘stamvader’ van de meeste lelie-hybriden van tegenwoordig en tijdens de regeerperiode van koningin Victoria (1837-1901) door enthousiaste botanisten van Noord Japan naar Groot Britannië gebracht.

De lelie wordt vervolgens mooi geschraagd door een chypre-toets très classique: patchoeli (aards) en eikenmos (bos) voorzien van een sensuele toets door cistus labdanum-absoluut, sandelhout, musk en vanille. Eindresultaat: een ‘hybride’ geur: want Gilded Lily combineert op schone wijze een klassiek bloemenparfum met de smaak van nu, ook nog eens samengesteld met superbe ingrediënten.

RUIK & VERGELIJK

Weer wat geleerd. Van Ineke. Altijd gedacht dat de geur van de lelie direct aan de bloem werd onttrokken, zoals jasmijn of roos. Nee, dus: ook de lelie is een fusie van diverse bloemenmoleculen afkomstig van het ‘parfumorgel’ van de neus.

Dat pure lelie zo weinig de hoofdrol speelt in parfums, dat verbaasde Ineke eigenlijk. De reden wist ze niet. Ik denk – let wel: denk – het te weten: volgens mij wordt de lelie te veel ‘bij ons’ geassocieerd met de dood: de bekende overvloedig ruikende witte lelie siert menig rouwkrans.

En tegelijkertijd – heel opvallend – met puur en zuiver: de lelie wordt ook gezien als het symbool voor de moeder van Jezus van Nazareth (over exacte de geboorte- en sterftedata heerst nog steeds onduidelijkheid). Mensen die zich hierdoor niet laten afleiden, kunnen ook met volle teugen genieten van de lelie in:

Frédéric Malle Lys Méditerranée (2000)

Serge Lutens Un Lys (2003)

Thierry Mugler – A Garden of Angels – Lily Angel (2005)

Donna Karan Gold (2007)

Van Cleef & Arpels – La Collection Extraordinaire – Lys Carmin (2009)

NU GREEN HONORE DES PRES

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 13, 2010
Geplaatst in: ECO, GEURENALFABET N, NICHE. Een reactie plaatsen

LICHT GROEN WATER

Jaar van lancering: 2008

Laatst aangepast: 13/12/10

Neus: Olivia Giacobetti

Artistic direction: Christian David

Een groene geur gepresenteerd door een merk dat zich erop laat voorstaan geuren van louter natuurlijke ingrediënten met eco-certificaat te maken, moet wel heel erg groen ruiken. Nou en dat doet Nu Green ook! Alleen niet zo groen als je zou verwachten. Dus geen klassiek galbanumgroen in de opening, geen groen ‘kruidenbouillon’ in het hart, geen klassiek eikenmosgroen in de basis. Anders groen.

Volgens Olivia Giacobetti, die alle geuren voor dit eco-parfumhuis (meer weten zie I Love les Carottes) maakte, geeft Nu Green het gevoel alsof je tijdens een lenteochtend zwemt in een bergbeek in het midden van de natuur. Het effect na een duik: je voelt dat het heilzame water je als het ware een detox-behandeling geeft. Lichaam en geest komen samen in een pure staat van welbehagen. Inderdaad lekker fris, lekker groen…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… maar het blijft een water, of eerder een mist. Het komt de sterkte van een eau de toilette nauwelijks te boven. Nu Green is zo licht dat je het in het begin nauwelijks iets waarneemt. Langzaam komen de noten van munt en dragon bovendrijven. Die neem je vervolgens heel goed waar – weliswaar met een beetje ijle, medicinale ondertoon. Met een aangenaam koel gras-gevoel tot gevolg. De geur beklijft met cederhout en ‘botanische musk’ uit India.

Wat zou hier nou mee bedoeld worden? Cistus labdanum, engelwortel? Dat houdt een paar uur aan. Wil je verder van Nu Green genieten, dan moet je weer sprayen.

RUIK & VERGELIJK

Veel merken proberen om de groene geuren-golf die begin jaren zeventig van de vorige eeuw door de parfumerie waaide nieuw leven in te blazen. Zoals:

Chanel – Les Exclusifs – Bel Respiro (2007)

Mona di Orio Amyitis (2008)

Issey Miyake A Scent (2009)

Maison Martin Margiela (untitled) (2010)

GESTE HUMIECKI & GRAEF

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 11, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET G, NICHE. Getagd: GESTE, GEURENGOEROE, GRAEF, HUMIECKI. Een reactie plaatsen

LIEFDE WAAR EEN TABOE OP HEERST

Jaar van lancering: 2009

Laatst aangepast: 11/12/10

Neus: Christophe Laudamiel

Artistic direction: Sebastian Fischenich en Tobias Muksch

Een oudere man met een veel jongere vaste vriendin (die zijn dochter had kunnen zijn). Nog niet echt ingeburgerd, maar kan maatschappelijk op meer goedkeuring rekenen dan een volwassen, ‘rijpe’  vrouw die een serieuze liefdesrelatie heeft met een adolescent (die haar zoon had kunnen zijn). Uitgangspunt van Geste. We hebben het dan niet over een toyboy, maar een ‘gewone’ jongeman in de bloei van zijn leven. Waarom? Wel, de intense geur is bedacht door Sebastian Fischenich en Tobias Muksch.

En dit duo is nogal serieus en anders in hun benadering van geuren: het duo neemt namelijk emoties als uitgangspunt. Dus beleeft de vrouw van Geste deze verhouding niet ‘glamorous’ en ‘vol lifestyle’, maar volgens het persbericht ‘met de frisheid van witte overhemden, de zoetheid van vers brood en het mysterie van een rijpe liefde’. En geloof het of niet: dat ruik je met een beetje fantasie, hoewel ik de geur anders ervaar.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Een rijpe vrouw – vreselijke omschrijving, alsof je het over kaas hebt – heeft door haar levenservaring haar onschuld verloren. Dus mag het viooltje (foto) – vaak symbool voor onschuld en ongeschondenheid – die centraal in Geste staat niet in haar pure ‘geurstaat’ gebruikt worden. Moet iets mee gebeuren. Gebeurt ook. Geste is bijzonder. In eerste instantie lijkt het bij opening een dichte wolk waarin alle ingrediënten aan elkaar lijken geplakt. Maar hoe langer Geste op de huid ligt, hoe duidelijker je de verschillende noten kunt detecteren. En die ontwaar je in omgekeerde volgorde lijkt het wel.

Eerst een volle laag van amber- en musknoten die een warm, behaaglijk maar onbestemd gevoel geven. Wat is de geur van plan vraag je je af. Maar vervolgens ontluikt op deze bodem het viooltje. En dan weet je het. Die ruikt niet zoals gewoonlijk puur en onschuldig, maar vol én stoffig. Laatste bedoel ik positief, ik moet bij Geste denken van oude fluwelen toneelgordijnen die door de jaren heen allerlei geuren in zich heeft opgenomen: rook, parfums en ‘bloemenhuldes’.

En ondertussen blijft het viooltje maar ‘doorgeuren’, door toevoeging van een ‘bloemige’ noot en groenig dennenhars. Warm, zacht, zoet en intens. Heel merkwaardig: hoewel de ingrediënten anders zijn, moet ik denken aan Quand vient la Pluie (2007) van Guerlain. Dat is dus een echt compliment.

RUIK & VERGELIJK

Humiecki & Graef maken geuren waar je de tijd voor moet nemen. Hoe beter je ze kent, des duidelijker wordt het hoe anders ze zijn. Ruik je ook in:

Humiecki & Graef Askew (2009)

Humiecki & Graef Bosque (2010)

Humiecki & Graef Clemency (2009)

Humiecki & Graef Eau Radieuse (2009)

BOISE VANILLE PARFUMS MONTALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 9, 2010
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Getagd: BOISE, GEURENGOEROE, MONTALE, NICHE, PARFUMS, VANILLE. Een reactie plaatsen

MANNELIJK HOUT, VROUWELIJK VANILLE

SAMENGESMOLTEN TOT EEN

ANDROGYN COMFORT ZONE-PARFUM

Jaar van lancering: 20??

Laatst aangepast: 09/12/10

Neus: Pierre Montale

Ik krijg verzoeken om meer aandacht te besteden aan Montale-geuren (meer info over dit huis) Welke te kiezen? Montale stelt mij – en andere geurfanatici – namelijk voor een probleem gelijk een kind in een snoepwinkel: te veel om te kiezen, je zou ze allemaal wel willen proeven. En overweldigd door het aanbod, begin je lukraak je zak te vullen, omdat je eigenlijk alle smaken wilt hebben. Wordt het een roosparfum, een oudparfum of muskparfum? Gezien het winter is, kies ik voor Boisé Vanille, omdat in deze geur twee soorten van warmte aangenaam samenvloeien: hout en vanille, én omdat het zowel geschikt voor haar als hem is.Montale doet geen moeite ‘sprookjesachtige’ namen te verzinnen voor zijn geuren, hoewel die zich er goed voor lenen. Wat je leest op de flacon, krijg je te ruiken. Het is aan jezelf je fantasie vrij baan te geven. Wat ik ‘zie’ bij Boisé Vanille: een houten hut verscholen in een winters bos. Rook kringelt uit de schoorsteen, goud en amberachtig licht flikkert achter de ramen.

Is afkomstig van een openhaard waar hout licht smeult – dat is wat je in eerste instantie buiten rook. Hoe dichter je het ‘Boisé Vanille’-huis nadert, hoe meer het lijkt het alsof iemand – een meesterparfumeur – af en toe, maar niet lukraak, wat lekkers op het hout gooit. Kruiden, harsen, vanille en fijne houtsoorten om de bewoners in een harmonieuze stemming te brengen…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Boisé Vanille begint een beetje too much of everything. Alsof in één keer een mand wordt leeggegooid: citroen, bergamot, lavendel en al een kleine beetje vanille en hout. Maar deze frisheid komt tot rust, wordt geblust door geraniumblad, Jamaicaanse peper (geeft een soort licht wierookeffect) en – eindelijk en duidelijk – hout. Dat laatste wordt opgeroepen met iris en patchoeli. Het effect: droog, warm, aards, fluweel tegen de vleug in. Sensueel gemaakt door natuurlijk vanille en tonkaboon. Maar het mooie: de laatste twee niet in overdosis waardoor Boisé Vanille mooi balanceert tussen hout en vanille. Een perfecte symbiose van een klassiek mannenparfum (hout) en een klassiek oosters vrouwenparfum (vanille). Verfijnde stoerheid en beheerste vrouwelijkheid ineen.

RUIK & VERGELIJK

Een houtgeur voor de vrouw:

Serge Lutens Féminité du Bois (1992)

Of:

Hermès Eau des Merveilles (2003)

Een vanillegeur voor de man:

Guerlain Habit Rouge (1965)

Of:

Tom Ford – Private Blend – Tabacco Vanille (2007)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Sal y Lemon Carner
    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....