CHIC & VERY, VERY CHEAP
‘MEMORIES, LIKE THE COLORS OF OUR MIND’
Laatst aangepast: 18/02/16
Steeds meer look-a-like-parfumconcepten openen hun winkeldeuren. Ook in Nederland. Loris Perfume doet iets nieuws, zij het voorzichtig: nichegeuren imiteren. Mark my words: zal niet meer lang duren voor dit van oorsprong Turkse bedrijf niet van echt te onderscheiden oudh-geuren tegen afbraakprijzen aanbiedt.
Oh jee, de parfumhandel en -wandel, krijgt de laatste jaren flinke tikken op zijn neus. Niet alleen van het heilige niche-geïnspireerde ‘boven’, maar ook van onder door die parfumpestkoppen die ‘zonder toestemming’ en ‘zo maar’ kopieën van populaire geuren op de markt dumpen. Zonder toestemming – voor zover ik het heb begrepen: je mag niet de flacon van een ‘echte’ geur gebruiken, wel de inhoud (zit vaak geen patent op).
Die volgens – hoe vaag kan ik in mijn omschrijvingen blijven – insiders vaak door insiders wordt geleverd aan deze onderste laag van de industrie. Wordt veel over geklaagd, maar ik heb nog nooit gehoord dat juristen deze fragrance fakers een brief met dwangbevel hebben laten afleveren op het – ja, waar zit dat eigenlijk? – hoofdkantoor.
Nieuwe loot (of uitwas?) heet Loris Parfum uit Turkije. Liep er twee weken geleden bij toeval tegen aan in een straat die qua reputatie wel matcht: de Amsterdamse – Dany de Munks ‘poep-op-de-stoep’-gezelli – Kinkerstraat. Had er al eerder tegen aan kunnen lopen: Loris Parfum opende een jaar geleden op Valentijnsdag zijn eerste Europese winkel in Brussel – het zit al in veel andere Europese landen. In een buurt met een gelijksoortige allure: Schaarbeek. Nu zijn de prijzen al knetterdegek-goedkoop (50ml € 12,50), maar door dit eenjarig jubileum, ging er nog eens € 2,50 vanaf.
Als je tegenwoordig erg verbaasd bent over iets, moet je ‘Oh my God’ zeggen, of schrijven OMG. Doen we, want OMG wat je voorgeschoteld krijgt zijn geen imitaties uit de jaren negentig (die alleen de openingsnoten als overeenkomst hadden), ook geen geuren die qua naam, flacon en geur een beetje in de buurt komen, maar getrouwe kopieën.
Bijna scary. Ik bedoel maar: ‘Opium pour Homme, kom er maar eens om’. Door Yves Saint Laurent uit de roulatie genomen en ‘terecht gekomen’ bij Loris Perfume. Ik heb de geur niet meer – was lang fan -, maar wat ik voorgeschoteld kreeg rook exact zoals ik me deze warm-oosterse verfijning herinner.
Walking down memory lane heet dat dan. Ik probeer de volgende: je maakt de keuze aan de hand van de bekende flacons. Daar staat een nummer naast en die wordt dan voor je gepakt. Paris van good old Yves. Ja, hoor! Daar-is-ie die typische rozenweelde, fluwelig en zacht. Het is echt absurd. In Blv van Bulgari zit de herkenbare gembernoot die langzaam maar zeker warmer wordt. Black van dezelfde juwelier – ruikt zoals de aangepaste versie van Bulgari zelf: het ‘beruchte’ teer en asfalt is er uit gezeefd.
Deze geur kan ik dromen: Diors Fahrenheit. Ik spuit en ruik: alsòf ik droom. Het is een soort ‘spiegelreflex’ in geur. Ook de als veronderstelde, meer complexe composities dragen het oorspronkelijke dna. Ruik aan Diors Diorissimo – en ervaar dezelfde wonderlijke fris-groene ervaring met warme ondertoon. Dat dan weer wel: Angel van Mugler valt tegen in de zin van dat ik het idee heb dat ik met een variatie te maken heb op eau de toilette-sterkte. Maar het is niet alleen ‘old news’, van bijna alle ketentoptiengeuren zijn er versies beschikbaar.
Ook gewaagd: ‘best wel’ geslaagde pogingen om nichecreaties te imiteren. Tom Fords Neroli Portofino is als twee druppels. Nu is dat ook niet echt moeilijk – gezien het au fond een edele versie is van 4711. ‘Zijn’ Black Orchid vind ik hachelijker. Het heeft wel dat mystieke en geheimzinnige van deze nicher, maar ‘in het echt’ is het allemaal wat meer geprononceerd. Ik liet mijn vriend Aventus van Creed ruiken – een favoriet van hem. By the way: hij houdt zich totaal niet bezig met geuren, maar herkent inmiddels wel kwaliteit – Tabac Tabu van Parfum d’Empire vindt hij uitzonderlijk lekker. Ik spoot dus op zijn linkerarm the real thing en op zijn rechter de kopie. Vertelde hem niets. Zijn reactie: ‘Is dat niet dezelfde geur?’ Ik leg uit. Toen: ‘Geen verschil’.

Een vaak gehoord argument gaat hier niet op: dat de geur zo snel vervliegt: de staying power is goed. Maar mocht je dat niet zo vinden: spuit je toch nog een keer, en nog een keer. Vol tevredenheid liep ik weg. Want de vrouw die me hielp – Canan Tungbilek – gaf me de verzekering dat Opium, nu uitverkocht, er binnenkort weer is.
En hoop ik ook bij het ophalen, dat Loris Perfume ook een paar oudhjes in de aanbieding heeft. Er van uitgaande dat de bewering van Frédéric Malle – in de meeste nichegeuren zit geen echt oud – op waarheid berust. Zo moeilijk kan dat dus niet zijn. Er zit in Utrecht ook een gelijksoortige winkelformule onder een andere naam – Bargello. Ook vestigingen in Den Bosch, Eindhoven, Nijmegen, Tilburg en Rotterdam. Alleen die is ‘stukken’ duurder.
Tenslotte: moeten we dit allemaal verschrikkelijk vinden? Ik denk dan ‘altijd’ aan de woorden van Karl Lagerfeld over de ooit ‘oververtegenwoordiging’ van Chanelneptassen in het straatbeeld: ‘De kans dat de vrouw die zich de echte kan veroorloven iemand tegenkomt met een imitatie is nihil’. Het zijn gescheiden werelden en zullen het blijven.


Heb even een snelle optelsom gemaakt. Volgens
Had ik dus met Haiku (2001). Kende het van naam: al jarenlang een van de populairste geuren van het huis-aan-huis-post-order-parfummerk Avon (anno 1886) uit Amerika. Niet van reuk. Zo te zien klopt de flacon met de uitstraling van de geur: de sereniteit van een Japanse tuin opgeroepen met yuzu, granaatappel, vijg, lelie, lelietje-van-dalen en jasmijn. Zeg maar Kenzo voor het klootjesvolk. Als Kenzo een geur zo had genoemd en op zijn ‘east meets west’ had geïnterpreteerd, was het een groter succes geworden dan zijn meest recente ‘speelse’ geuren.

Heeft de International Fragrance Foundation al de MON Price in het leven geroepen: Most Original Name? Zo ja, dan gaat die wat mij betreft voor 2015 in ieder geval naar Selfie. Actueel met een knipoog en in sync met het huidige tijdsbeeld én de belangstelling voor moderne fotografie van Olfactive Studio.
Het tegendeel ruik je: donker, kruidig en gourmandzoet uitmondend in een elegante suèdenoot (styrax) met animaal randje ‘gevolgd’ door – de overgang van zacht naar kracht – veel, veel hout gecombineerd met patchoeli en eikenmos.
Je weet tegenwoordig niet meer of mensen door gebrek aan of juist door het teveel hebben van een algemene ontwikkeling, de algemeen geaccepteerde schrijf- en spellingswijze niet meer machtig – willen – zijn. Of bewust – als simpel protest, als slim geintje – negeren. Neem Boszporusz dat schrijf je officieel als Bosporus.
Wat wel leuk is: nog een land dat zich op de nicheglobe zet. Het geeft weer eens aan hoe de hegemonie van Parijs op parfumgebied behoorlijk aan het verwateren is. Het zal niet meer lang duren voor alle bij de Verenigde Naties aangesloten landen een of meer eigen home made-nichelabel hebben. Behoort Noord Korea ook eigenlijk tot deze club… ?
Een ‘bos’(zporusz)-parfum. Ik had nog nooit van Jorge Lee gehoord. Afgezien van Maya (2009) van Scents of Time, lijkt deze Columbiaanse neus de ‘in house nose’ te zijn van Nishane. Afgaande op Boszporusz heeft hij verstand van zaken. Het parfum-extract in sprayvorm voldoet aan alle niche-eisen. Rijk, vol en met geen zweem van een ‘iets synthetisch’.
Was ik gisteren nu wel of niet een beetje doorgeschoten met het gerstenat? Was ik nu wel niet verkleed als xxxxl-neus? ‘Mien waar is mijn feestneus… door de regen weggedreven… ?’ Waar zijn me nieuw gemaakte vrienden, of vonden ze de rap-adaptie van mijn all time carnavalsclassic toch niet zo leuk? Was ik niet ritme- en woordvast genoeg? ‘Weet je wel wat ik zou willen zijn, een bloemetjesgordijn, of – nog fijner – een bloemetjesfontein. Elke dag verspreidt ik een geur zo fijn, echt een festijn, niet terpentijn maar serpentijn voor de neus. Heus, ik heb geen andere keus’.
Daisy Blush – door Annie Buzantian – wordt omschreven als ‘een boeket van vers geplukte bloemen, sprankelend en vrolijk’. Bij peer begin ik altijd te schrikken, want dat geeft meestal een mierzoet-kleverig, zogenaamd sappige aroma. Wordt in deze geur goed gecompenseerd door waterlelie en bergamot, waardoor je eerder het idee hebt van waterdruppels die van een rijpe vrucht vallen.
Wat hebben maison Dior en Madonna (niet ‘de madre di dio’ maar de popster) gemeen? Ze zijn beide ‘fifty/sixty something’ en, als je goed kijkt, beide in wezen heel klassiek. Dior door het als maar benadrukken van de coupe- en vakmanschap-clichés van haute couture, Madonna door alle clichés die plakken aan seks en verleiding als uitgangspunt te blijven nemen voor haar werk.
Wat krijg je dan? Dior die door de statige en te perfectionistische ‘couture chic’ van J’adore (1999), de ‘couture girl next door’ Miss Dior (2004) en de neo-nichelijn La Collection de Christian Dior (2010) van ‘zichzelf’ in slaap valt, vervolgens met schrik wakker wordt en het op de heupen krijgt – la crise de la ‘quarantaine’! Wil weer jong, rellerig-dellerig en shock-shock zijn.
Ici Paris XL omschrijft de compositie als ‘het heerlijke en toxische parfum van het moderne meisje. Een sensuele hartenbreker die als een vergifiting (staat er echt – zou het de compositie zijn… ) werkt waardoor plezier een verslaving wordt. Een bitterzoete bloemige geur met tonkabonen van Venzuela en een vleugje sinaasappel om je te laten meeslepen door de sensualiteit van de rose de Grasse’. 
Ken je de french expression: derrière chaque grand homme, se cache une grande femme? Niet? Goed geantwoord – omdat it isn’t een Franse expression. But I was thinking of it while interviewing Gérald Ghislain during his stay last december in the hoofdstad of modern tourist industry of Europe, Amsterdam.
Maar wat vreemd: de teleurstellende opkomst van ‘beautyredacteuren’: ook een soort van diva-houding – diegene die de moeite hadden genomen waarin in no time vertrokken. Gemiste kans. En stom. En dom: heb je een keer la possibilité om ‘in de buurt’ een connaisseur te ontmoeten, laat je die kans liggen.
QU’EST-CE QUE JE SENS EN FAIT?

Toen ik voor het eerst naar New York ging, werd in Amsterdamse ‘welingelichte kringen’ de van waterbuffelmelk gemaakte porseleinwitte mozzarella geīntroduceerd als diner-entrée. Kocht je in van die authentieke, pittoreske toen nog niet als ‘lifestyle’ geclassificeerde winkeltjes. Lekker snob. Echt keuze had je niet: meestal van één ‘adresje’. Loop ik in the Big Apple een grocery binnen: mozzarellahemel – meer dan twintig merken. Maar om die nu allemaal te kopen voor een vergelijkend warenonderzoek in nuanceverschillen?
Doet 27 Février 1950. Maar toch. Is een ‘eaubade’ op Reynier Pozzo di Borgo. Wat de exacte familieband met Pozzo di Borgo’s oprichtster is, wordt me niet geheel duidelijk. Oomlief? Zijn ‘biografie’ op de homesite van het merk is nogal vreemd opgesteld so to speak: ‘On February 27, 1950 was born Reynier Pozzo di Borgo. This lover of French heritage has spent his life raising and maintaining the old stones as an architect’. Liefhebber van Frans erfgoed? Ben ik ook! Wie niet? Oprichten en onderhoud van oude stenen? Kan het vager? Even gegoogeld. Wat blijkt? Eerst graaf, vervolgens sinds 2008 zesde hertog Pozzo di Borgo is een in Tunesië geboren architect. Zelfs zijn Parijse adres wordt vermeld – geen ‘verkeerd’ arrondissement. Ik ben erg blij dat hij ‘now focuses on renewable energies and creates a collection of citrus in Corsica that he appreciates the sweet flavors and fragrances’. Het staat er echt. Renewable energies, klopt volgens
… maar niet zo eigenzinnig als verwacht. Valentine Pozzo di Borgo laat zich er nog al op voorstaan dat ze van adellijke alternatief-chic komaf is. Maar dat ruik je niet echt in 27 Février 1950. Maar al haar geuren ‘wrijven en schuren’ trouwens niet – figuurlijk. Zijn niet onderscheidend. Zo ook 27 Février 1950: niche voor beginners. Maar die wrijft en schuurt gelukkig wel – letterlijk. Zoals al gezegd: verplicht voor een eau de cologne. Je ruikt door de eclatante frisheid direct de kwaliteit van de ingrediënten. Pierre Bourdon zegt over de compositie, alleen weer zo krom Engels genoteerd: ‘created this fragrance especially for him – Reynier dus – as a ballad in family Corsican lands’. En eindigt met een gaap-gaap-nog-een-keer-gaap ‘27 Février 1950 is a powerful fragrance that leaves a present wake and assures a silhouette as a character trait’.
Jullie weten het allemaal – hoop ik: je moet ‘tegenswoordigs’ heel veel, maar dan ook echt heel veel uit de kast halen om de ‘verwende’ parfumconsument nog te prikkelen. Alles is al gedaan. Extreem seksueel en
Het persbericht: ‘ck2 is een nieuwe categorie: urban, woody, fresh. Vernieuwend: het gaat er niet om of je de geur als man of vrouw lekker vindt, maar als individu – zonder vooroordelen, zonder verwachtingen ‘open’ de geur ervaren’. Interessant: de compositie is er wel en ook weer niet.
Er bestaat een wereld waar wij – lees: de gemiddelde burgerman – geen weet van heeft. Af en toe glipt in zijn bestaan iets binnen: tijdens een mallotige gossip-rubriek op tv – denk: zijne roddel- en achterklap hoogheid Albert Verlinde. Of zie je bij toeval op Facebook dat een Arabische wereldburger uit zijn – op maat gemaakte – sloffen schiet omdat zo’n parkeerwachterloser een bon op zijn – how very dare you! – Lamborghini heeft geplakt. Soms denkt hij dat een ronkende advertentie – denk: Flying Emirates – een tip van de sluier licht.