III: HAPPINEZ OP NIVEAU
VIII: ENGELACHTIGE ‘ROSE DE CARTIER’
X: ‘CARTIER-CRAZY’
Jaar van lancering: 2009, 2010, 2012
Laatst aangepast: 18/09/17
Neus: Mathilde Laurent
Verder met het verkennen van Les Heures. Pour commencer: III, L’Heure Vertueuse. Hoe vertaal je dat mooi? Het deugdelijke uur? Google Translate geeft alleen ‘het uur’. Dan maar iets breedsprakeriger: ‘Het uur dat deugd doet’, ‘Het uur vol van deugd’. Hoe het ook zij: zelden lavendel zo mooi ‘zien bloeien’ terwijl ik niet zo’n lavendelfan ben. Hoe moet je dit uitleggen? Een natuurfilm versneld afgespeeld waar je de lavendelbloemetjes voorzichtig ziet ontwaken, ontluiken en vervolgens volop zachtjes bloeiend. En gewiegd door de Mistral die de lome zon van de Provence meevoert gevuld met amandel- en melkachtige noten. Denk Sir David Attenborough voor de BBC.
De geur is een interessante combinatie van ‘eerste generatie geuren’ – denk eenvoudige, medicinale apothekersbrouwsels – met het raffinement van moderniteit. Ofwel, geperfectioneerde eenvoud doordat het de zogenaamde puur natuurgeuren ontstijgt. Die blijven vaak steken in een horizontaal genot, terwijl L’Heure Vertueuse meer verticaal zijn nuances prijsgeeft. Want de lavendel is omringd door mooie groene noten die samen voor een harmonieus gevoel zorgen. Niet groen in de zin van vers geknipt, eerder niet plukken mooi laten groeien. En, hoe fijn, je kunt deze kruiden stuk voor stuk detecteren voor ze samen één worden. De rozemarijn: roosachtige, ijlige kruidigheid. De tijm: wilde groenheid. De verbena: zonnig heldergroen.
Mooi ook hoe dit door de basis wordt vastgehouden: ‘aards’ alsem, melk- en groenachtig mastiek waarvan de zachtheid wordt versterkt door amandel. Subtiel: aanwezig maar bescheiden. Happinez op niveau!
Hoe groot het contrast met VII L’Heure Diaphane (2010). Ook hier: hoe vertaal je dit? Heeft dus niets te maken met de godin van de jacht – Diana – terwijl de compositie je wel in die stemming kan sturen. Diaphane is ‘chic Frans’ voor doorzichtig, transparant. En dat is deze geur. Alsof je door tere rozenblaadjes heen naar de wereld kijkt. Maar dan zonder het ‘la vie en rose’-parfumcliché.
Daarvoor is de geur te raadselachtig, ‘te’ poëtisch. Het roosgevoel wordt opgeroepen met pioen, centifoliaroos en lychee, en komt zó natuurlijk over – lychee ruikt vaak te synthetisch, te veel naar snoepgoed, is hier geen sprake van – dat het lijkt of het een voor de gelegenheid gekweekte roossoort is: Rose de Cartier. Een basis van ‘amberhout’ houdt het geheel vast zonder dat je het eigenlijk merkt – zo licht van toon blijft het geheel. Krijgt hierdoor iets engelachtigs, iets wat bij aanraking uit het zicht verdwijnt. VII L’Heure Diaphane in één zin: where angels fear to tread, waar engelen bang zijn om te lopen…
Nu we toch bezig zijn, let’s go crazy met X L’Heure Folle (2009) – het dwaze uur. Mijn hoop, mijn verwachting: olfactorisch vuurwerk, heen en weer geslingerd worden, van de ene verbazing in de andere vallen. Niet echt dus. Een trits aan ingrediënten die rood fruit groepeert rondom het maarts viooltje en groene noten ‘op zijn Japans’. Denk L’Eau par Kenzo (1996), denk Eau de Shiso (2012) van Roger & Gallet maar dan opgestuwd naar nieuwe hoogten.

Alleen, ik kan er in eerste instantie niet echt niche van maken. Is misschien een vooroordeel: te veel rood fruit is voor mij midprice. En heel wat manden worden leeggestort: rode en zwarte bes, bosbes, granaatappel en braam geactiveerd door roze peper. Hechten zich vredig en tevreden aan het viooltje dat verscholen ligt in een bos – want de viooltjeszoetheid wordt getemperd door groene noten (shiso) met een aards, houtachtig en daardoor een beetje stroef randje (klimop en duizendknoop). Toch wel: heel mooi.
En dat onderscheidt L’Heure Folle toch van midprice; die worden meestal geserveerd met een te cleane witte musk. Hierover geblazen een lichte wolk van zoete aldehyden die zorgt voor een abstract geheel. En tegelijkertijd ‘bubbelt’ de geur, alsof er zuurstof doorheen wordt geblazen. Goed door ruikend: het is toch wel niche door de subtiliteit waarvan je ook hoopt dat de kopers het als zodanig ervaren. Maakt van L’Heure Folle wel een perfecte ‘testgeur’: zou je’m blind ook als niche onderscheiden?
Verder door ruikend en denkend: ik zie overeenkomsten tussen Les Heures de Cartier en Le Gemme, de nichelijn van Bvlgari. Beide gemaakt door vrouwen die niet willen overrompelen met ‘right in the face’-parfums maar eerder kiezen voor lichtheid en finesse. Meer een wisselwerking tussen ingrediënten dan ‘emoties’. Geuren die je moet ondergaan en onderzoeken. Ik krijg door Les Heures de Cartier in ieder geval weer zin in geuren – iets waaraan het me de laatste tijd nogal best wel veel behoorlijk aan ontbrak.


Waar de meeste neuzen van dromen (ga ik vanuit), overkomt slechts weinige: een Frans luxemerk neemt je in dienst als ‘in-huis-parfumeur’ en je krijgt… holy moly… bijna carte blanche. Wil zeggen: je moet wél inspelen op trends wat betreft de massmarket-geuren; geeft die hopefully een eigen signatuur. Met daarnaast – ta-da! – de mogelijkheid je vakmanschap op zijn best te tonen, te laten bloeien met een nichelijn.
Eén merk die zich – voor mij althans – onderscheidt is Cartier. De nichelijn Les Heures de Parfum – anno 2009 – is spannend, eigen, eigengereid en gaat voor mij net een stap verder dan de directe concurrentie uit de Franse hoofdstad. Met dank aan Mathilde Laurent. Als je haar ziet, dan weet je direct: een bijzondere vrouw, geen doorsneeneus. Voor mij is ze een kunstenaar en kan haar verhaal ook nog eens goed en doordacht etaleren.
Het is ‘niet te doen’: alle geuren tegelijkertijd van Les Heures behandelen. Ik weet dat ik al vaker heb aangekondigd het te doen, maar kwam er gewoon niet van. Terwijl het kennismakingspakketje met tien proefflesjes me al een tijdje geleden door de juwelier is toegestuurd.

Verontrustend of geruststellend: mijn Facebook-link van Gaultiers 
Maar wat opvalt: de basis die zich zo snel aandient – die deze bloemen als het ware overdonderen – en de link vormt met vintage Gentleman: ‘Een patchoeli-lederakkoord vol karakter dat deze elegante, houtachtige bloemenfougère-geur structureert’. Ik vind leer-fougère beter als omschrijving passen. Want het is leer die de basis draagt. Geen ‘niche-leer’. Dat is van zichzelf ruiger of juist meer ‘suède-suède’), want beide varianten zijn vaak langer bewerkt met extra lagen (vaak harsen) waardoor een verdieping optreedt. Leer waar je echt met je neus in wilt verdwijnen om even de natuur door je heen te laten gaan.
The older the wiser? Kun je je bij Jean Paul Gaultier afvragen getuige zijn nieuwe geur. De eerste in samenwerking met parfumproducent Puig, dus ook een ander pr-bureau. Ik richtte een nette mail aan de nieuwe persvertegenwoordiger met het verzoek om een persmap plus flacon – nog steeds geen antwoord. Okidoki. Gewoon gezelli naar Ici Paris XL.
Cliché 2: de sfeer. Een parade van beautiful nachtvogels in een red light district-setting waarvan de hoofdrolspeelster – ‘Madame le ministre’ – alle regels aan haar kinky boots lapt. ’s Nachts een chique boudoirbelle-del, overdag een keihard werkende multi-tasker op het allerhoogste regeringsniveau – zeg maar een madame de Pompadour (haar bijnaam: ‘le premier ministre’) niet avant, maar après la lettre.
De geur wordt omschreven als een ‘honing-chypre’. Maar dat chypre moet je met een korreltje zout nemen. Daarvoor is Scandal te braaf en te glad – iets wat tegenwoordig voor veel geuren geldt en voor een gedeelte hun populariteit verklaart. De gemiddelde vertegenwoordiger van generatie 2.0 wil niet te uitgesproken ruiken.
Bij de nieuwe geur van Mugler (zijn voornaam is van het label verdwenen) komen een aantal geliefde thema’s in de parfumerie samen. A: een mysterieuze vrouw met waarschijnlijk paradijselijke herkomst. B: een oplichtend hart. C: de lok van de jungle, van de niet-westerse wereld. Roept associaties qua sfeer op met Eden (1994) Cacharel en Alexander McQueens Kingdom (2003), en wat flacon betreft ook met Loverdose (2013) van Diesel en, helemaal vergeten, Princess (2006) van Vera Wang.
Los daarvan: misschien was het niet zo slim om de derde grote Muglergeur Womanity te noemen. Begint met een w terwijl duidelijk a de ‘geluksletter’ bij hem is. Aura is wat dat betreft een slimme keuze, een naam die Mugler heeft ‘overgenomen’ van het op alle fronten teleurstellende Aura (2011) van Swarovski (net zoals Mugler onderdeel van Clarins). Ook niet handig nu: de parfumwereld is doorgedraaid, er verschijnen te veel geuren. Om moedeloos van te worden en nog vaker: wat een verloren energie, wat een waste of money.
Twee van de opgegeven ingrediënten zijn echt ‘alien’. Ten eerste: de ruggengraat van het parfum – tijgerliaan. Liaan is een houtige klimplant die in de natuur normaal bomen als steun nodig heeft. Tijgerliaan is dus… iets wat in de tropen groeit? Een fantasienaam marketingtechnisch perfect passend bij de exotische sfeer? Het geureffect volgens Mugler: sensueel en verrukkelijk. Wolfwood: volgens Google een stripfiguur, maar als smaakmaker aan Aura warmte geeft. Dan rabarberblad, bijna niet meer vreemd als ingrediënt: ‘Zo knapperig als pas gemaaid gras, pittig en sprankelend’. Gecompleteerd met een van de oudste bekenden in de parfumindustrie: oranjebloesem – ‘geeft intense frisheid aan het parfum’.
Blauw bloed. De eerste associatie voor velen: het gelijknamige, huppeltuttige bijna onderdanige tv-programma van de EO over van wat er nog resteert aan adel gepresenteerd door slippendrager Jeroen Snel.
De man nu achter Le Galion – Bernard Chabot – ‘verklapte’ mij dat een van de inspiratiebronnen Kouros (1981) van Yves Saint Laurent is. Als je dat eenmaal weet, achtervolgt je dit… Maar op een gegeven moment moet je het ‘loslaten’. En dan? Gewoon inhaleren en ervaren. Maar toch Kouros blijft al ruikende in het kielzog. Het verschil: minder donker, minder mosachtig. Minder nadruk op de patchoeli in de basis, meer op de alsem. Meer hemel, minder aarde.
Toen het geurengerucht rondging dat het nieuwe Chanelparfum genoemd zou worden naar de ‘echte’ voornaam van de oprichtster van het couturehuis, dacht ik dat het in Les Exclusifs ondergebracht zou worden. Even doordenken: hier is natuurlijk over nagedacht. Is het slim?


Ik was los van haar acteerprestaties – men neme Una Giornata Particolare, men neme A Countess from Hong Kong, men neme Two Women – al verliefd op haar vanwege het beste celeb-kookboek ooit uitgegeven: In Cucina con Amore. Op de cover blijkt de filmgodin ook nog een keukenpriesteres van een hogere orde: Sophia Loren. Haar knappe koppie geflankeerd door twee über-übersized pollepels. En het allerleukste: gefotografeerd con umorisimo! Als je je zo laat schieten dan moet je gevoel voor humor hebben. Iets wat je van de huidige generatie celebs niet kunt beweren. Ze tonen het in ieder geval nauwelijks in het openbaar – lachen maakt rimpels zichtbaar, breekt hun sterrenstatus.
Deze clip loopt ‘grappigerwijs’ parallel met de glitz & glamour van de tv-soap Dynasty (eerste uitzending 1981) waarvan de hoofdrolspelers ‘in hun rol als’ in 1984 hun acteursnamen verbonden aan een geur: Forever Krystle (‘The love that lives forever’), Carrington (‘The essence of a man’) vijf jaar later gevolgd door Joan Collins’ Spectacular – de naam zei genoeg een slogan was dus overbodig.
Zing mee met een Kwik-, Kwak- en Kwekstem: ‘Ik ben vandaag zo vrolijk, zo vrolijk, zo vrolijk was ik nooit…’. De reden: kreeg een geur waarvan ik dus helemaal van dattum dus word: Oriza Aciduliné. Was een cadeau van
Nou, misschien een eau de toilette-functie. No problem, met dien verstande dat je dan very regelmatig moet sprayen gezien de concentratie nóg lichter is dan een eau de cologne. Hoe leuk ik is dàt! Oriza Aciduliné komt voor mij als geroepen. In de zin van erg handig nu gezien de geurdepressie (achtervolgt me als de schaduw van een dreigende storm-op-komst-wolk) waarin ik zit. De reden: zal je waarschijnlijk zelf ook wel weten, of zelf voelen: er verschijnt gewoon teveel. Hoe leuk is dat nìet!
WAT ORIZA ACIDULINÉ IK EIGENLIJK?
Het verhaal gaat dat na het verplichte vertrek van Joséphine de Beauharnais (op het schilderij met een – door haar? – geplukt paleistuinboeketje) uit het leven van Napoléon Bonaparte – zij kon hem geen troonopvolger verschaffen dus week hij uit naar oud, degelijk blauw bloed; de dochter van de Oostenrijkse keizer – de vertrekken van de officiële Franse residenties waarin zij had verkeerd nadien nog jaren roken naar haar favoriete parfumsoort: musk.
Zo ook in Le Musc & La Peau. Mooie naam. Legt de onlosmakelijke band vast tussen parfum en huid. En dat doet in feite alleen een goed parfum – zoveel geuren tegenwoordig die er niet íngaan maar zich als een ondoordringbare laklaag aan de huid hechten.