GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

BAL D’AFRIQUE BYREDO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 18, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Een reactie plaatsen

‘OUT OF AFRICA’ OR AFRICA IN PARIS?

Jaar van lancering: 2009

Laatst aangepast: 18/08/12

Neus: Jerome Epinette

Concept & realisatie: Ben Gorham

Wordt wel beweerd: twee van de wegbereiders van de moderne kunst Pablo Picasso (1881-1973) en George Brague (1882-1963) hielden hun collectie Afrikaanse kunst bewust buiten de publiciteit om hiermee hun nieuw bedachte kunststroming, het kubisme, als volstrekt oorspronkelijk neer te zetten. Er zijn zelfs boeken over deze (veronderstelde) ‘voorkennis’ vol geschreven. Beide kunstenaars waren niet de enigen (en eersten) die onder de indruk waren van deze ruwe, ongeciviliseerde, vaak religieuze kunst die voor westerlingen in een ‘nieuwe’ vormentaal ‘het onderbewuste’ liet zien. Er zijn heel wat priesters in de 19de naar Afrika vertrokken om de boodschap van ‘onze lieve heer’ onder de heidenen in de Franse koloniën te brengen, en daar onder indruk van deze beelden raakten en een imposante collectie naar het vaderland brachten.

Die werd als eerste ontdekt en ‘opgepikt’ door de artistieke incrowd van Parijs en deze ‘magische kunst’ raakte in de jaren twintig pas salonfähig en dus en vogue. Dat wil zeggen: het vormde een gloedvolle inspiratiebron voor de art deco-beweging en kreeg merkwaardigerwijze vanuit de VS een ‘zwarte’ muzikale omlijsting door de opkomst van de jazz en de daarbij horende dansen, waaronder de charleston. Deze Afrikaanse mode kwam tot een hoogtepunt met de optredens van de Josephine Baker (1906-1975) in een bananenrokje – Jacques Guerlain (1874-1963) was zo onder de indruk van haar dat hij voor haar Sous le Vent (1933) creëerde.

De bedoeling is dat je dit ‘sfeertje’ in Bal d’Afrique ruikt. Het is een ode op ‘the roaring twenties’ in Parijs tijdens het interbellum. Maar wat bedoelt Ben Gorham exact? Een – gemaskerd – bal in Parijs met Afrika als thema? Of de exotische en zinderende wereld van Afrika, het continent? In beide gevallen stemt het eindresultaat ontevreden. Ik mis in de ‘Parijse’ bedoeling, de parfumsfeer die toen trendsettend was: witte bloemen onderlegd met aldehyden en animale noten. Wil als het ware feestgeruis en -feestplezier horen. Ik mis in de ‘Afrikaanse’ bedoeling de overrompeling van exotische bloemen – bijvoorbeeld ylang-ylang – en de intense warmte van ‘vreemd’ hout en ruwheid van bijvoorbeeld wierook en civet. Ik wil als het ware de trommels van inheems stammen horen roffelen, de fauna in het oerwoud ruiken. Kortom, een mooie naam die zoveel kan oproepen, resulteert…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… in een nogal brave geur die ook onder elke andere naam waarschijnlijk wel (of geen) succes is (of zou zijn geworden). De kwaliteit, niet mis mee. Maar Byredo is niche en mag ook wel gezien de prijs die voor mij – heb het al eerder gezegd – niet in verhouding staat tot het gebodene.

Bal d’Afrique kent een behoorlijk scherpe citrusopening waarin vooral de neroli (foto) er uitspringt. Op de achtergrond neem je direct een mooie lichtbittere, frisgroene noot van goudsbloem (de Afrikaanse!) gecombineerd met een friszoete noot. En dat is dus (Zuid-Afrikaanse!) bucchu (of bucco, of boegoe, of bucco, of bookoo of diosma). Is een struik met witte bloemen waarvan het blad een geur verspreidt die ruikt naar zwarte bes gecombineerd met munt. Het hart: witte, zoete bloemen – jasmijn, viooltje, cyclaam – zonder de elegantie van de jaren twintig; daarvoor blijven ze te fris en te zonnig, worden niet sensueel.

Zelfs niet door de basis. Want dat is het opvallende aan Bal d’Afrique: de basis lijkt los te staan van de rest, maar bepaalt uiteindelijk wel de geur: een beproefde combinatie van amber (zwart genoemd in verband met Afrika), musk, vetiver en cederhout (uit Noord Afrika, Marokko dus) die een nogal mannelijke eindindruk maakt.

RUIK & VERGELIJK

Afrika in geur? Veel te weinig naar mijn smaak. In de jaren twintig van de vorige eeuw wel heel veel als inspiratiebron gebruikt, waarvan prachtige voorbeelden zijn te zien in het boek The Art of Perfume van Christie Mayer Lefkowith. Zou Ben Gorham het kennen? De meeste nichehuizen vinden het Nabije en Verre Oosten artistiek en commercieel toch interessanter dan het donkere continent. Er is volgens mij maar één nichehuis dat zich er door laat inspireren: Parfums Générale. Waarvan getuigen:

Parfums Générale – Huitième Art – Sucre d’Ebène (2010)

Parfums Générale – Huitième Art – Naïviris (2010)

En de ode van Jacques Guerlain op de elastieken benen-zangeres is echt prachtig:

Guerlain Sous le Vent (1933, 2006)

VANILLE ROGER & GALLET

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 18, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET V. 3 reacties

‘VANILLEWATER’

Jaar van lancering: 2007

Laatst aangepast: 18/08/12

Neus: onbekend

Flaconontwerp: Martin Szekely

Ik heb me voorgenomen om in dit jubileumjaar van Roger & Gallet – anno 1862, dus reken maar uit – al hun geuren te bespreken die ik ben vergeten of over het hoofd heb gezien. En hoewel de presentatie in de loop der jaren steeds meer is uitgekleed en de inhoud steeds minder ‘eigen’ is geworden, blijf ik een zwak voor het merk houden. De reden: de manier waarop het snel en goedkoop (prijstechnisch dan) geurtrends oppikt. En opvallend: de kwaliteit is en blijft goed. Verwacht van Vanille geen zoete, gourmand ‘banketbakkersvreugde’ en ook geen ultra-zinderend oosters gebotteld verlangen in een flacon. Dat komt omdat het een eau douce is. Vanille zweeft aangenaam tussen eau de cologne-frisheid en de warme zoetheid zo kenmerkend voor deze gefermenteerde peul van de vanille-orchidee. Het prettige: voor een eau blijft de geur opvallend lang hangen.

Het is bekend van vanille dat het een rustgevend effect heeft op het gemoed (en geweten). Komt natuurlijk door de prettige associaties – de baby- en kindertijd; denk Zwitsal, denk appeltaart – die mensen over het algemeen met vanille hebben. Spray Vanille op je kussen voor het slapen gaan en een goede nachtrust lijkt verzekerd. Eerlijkheid gebied mij te zeggen, dat ik dat binnen het Roger & Gallet-assortiment meer heb met Amande Persane (2010) wat dat betreft. Maar dat is, zoals dat heet, heel persoonlijk. Voor vanille-fans op zoek naar een lichte vanillevariatie voor tijdens de zomer, ik zou zeggen: koop Vanille. Voor de winter adviseer ik een echt volle vanillegeur.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ook bekend: om een pure vanille-geur samen te stellen, heb je meer nodig dan alleen maar vanille. En dat ruik je heel goed in Vanille. Het leuke: de (helaas onbekende) neus pakt twee ingrediënten voor het hart van de geur die in combinatie met vanille verrassend uitwerken. Ten eerste: het lelietje-van-dalen. Staat garant voor de knisperende groene noot (het eau-effect). Ten tweede: tiaré. Deze exotische overzoete bloem laat de vanille als het ware nog meer bloeien.

Maar eerst, het is per slotte van rekening een eau, een zoet -fruitige eau de cologne-explosie van bergamot, mandarijn en grapefruit. Dan het hart: bovengenoemde fris-sensuele combinatie wordt gelieerd aan volzonnig oranjebloesem. Het effect hiervan: de in basis opgevoerde vanille (foto) – verankerd in sandelhout en patchoeli – blijft bloemig en zonnig, wordt niet plakkerig, wordt niet ‘banketbakker’.

RUIK & VERGELIJK

En ondertussen kunnen echte intense vanille-addicts niet wachten op:

Reminiscence Vanille (2012)

En een nieuw nichehuis, heeft vanille een cologne-interpretatie gegeven:

Atelier Cologne Vanille Insensée (2010)

COCO NOIR CHANEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 17, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET C. Een reactie plaatsen

DE OVERMAAT VOORBIJ

OFWEL, OMWEGEN VAN DE VERLEIDING

VERSUS SNEL UITERLIJK VERTOON

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 17/08/12

Neus: Jacques Polge

Vraag me wel eens af: wie van de gemiddelde klant is werkelijk geïnteresseerd in ‘the making of’ een parfum? Ik bedoel dan niet de very voorspelbare en very boring blik-achter-de-schermen-video’s, maar het echte verhaal. En mocht hij het al zijn, zou hij met deze extra kennis de geur anders ervaren, of gewoon lekker blijven vinden – of niet? Chanel haalt veel uit de kast ter introductie van Coco Noir. Niets wordt over het hoofd gezien om de geur kracht bij te zetten. Dus ook dit keer wordt een bepaalde periode (met de daaraan verbonden smaak, levensvisie en -geluk) uit het leven van Coco Chanel (1883-1970) uitgelicht. En wel haar eerste kennismaking met Venetië. Was in 1920, nog voor ze echt ‘le dernier cri’ in de haute couturewereld werd (N°5 verscheen een jaar later).

Gabriëlle had al een duidelijk eigen stijl, maar ze wist die door de cultuur en symbolen van de lagunestad nog ‘eigener’ te maken. Met andere woorden: de dogestad als venster op het Nabije en Verre Oosten is een ontmoeting met overdaad. Byzantijnse mozaïeken, de San Marco basiliek en de barokke wereld van Venetiaanse paleizen – grote grillige spiegels, consoles met bladgoud, kroonluchters van Murano. Ze zuigt het op en breekt hierdoor met haar uitgezuiverde en minimalistische strakheid van zwart en wit. Langzaam maar zeker verschijnt het barokke, weelderige en excentrieke Venetië in haar mode: de Maltezer en Griekse kruisen, de mozaïekstenen, alle Byzantijnse ‘tierelantijnen’ van de stad vergulden weldra haar ‘petite robe noire’ in de vorm van haar beroemd geworden costume jewelry (zie foto).

Ook ontmoet ze kunstenaars: Serge Diaghilev (kunstcriticus, mecenas en oprichter van Les Ballets Russes), Serge Lifar (choreograaf en danser) Christian Bérard (tekenaar), collega Lucien Lelong en Boris Kochno (librettoschrijver) met wie ze zal samenwerken en vriendschapsbanden smeedt. Van doorslaggevende betekenis is eveneens haar ‘ontmoeting’ met het symbool van Venetië – de leeuw. Het is ook haar sterrenbeeld en gebruikt het vanaf dat moment als talisman en als een van haar symbolen. Zelfs tot na haar dood: haar grafsteen te Lausanne is er sober mee gesierd. Maar wat volgens het persbericht van Coco Noir haar grootste openbaring was: ‘De Venetiaanse nacht bevestigt wat Chanel al wist: maan en sterren kunnen alleen maar mooi zijn omdat de hemel en het water ze opslorpen en omvormen’.

Dit vertaalt ze naar haar visie op de vrouw en mode: ‘Een vrouw kan alleen verleiden als ze raadselachtig is én volop straalt’. Dus verfijnt ze ‘de bijzondere verhouding tussen zwart en glans, tussen uitbundig en ingetogen. Van deze reis onthoudt ze het raffinement van de Byzantijnse kunst, de zin voor grandeur en de zekerheid dat een mens van alles afstand kan doen, behalve van zichzelf’. Dit alles vloeit nu samen in Coco Noir. De presentatie is zwart, licht ‘geadoreerd’, de inhoud ‘Venetiaans’.

En het is tevens een nieuw manifest van haar filosofie: ‘Intensiteit tegenover fletse norm, omwegen van de verleiding versus snel uiterlijk vertoon, echte luxe versus vulgariteit’. Hier komt Jacques Polge in beeld. Voor hem zit de spirit van Coco Noir gebald in de basis van hout en musk: ‘Zoals het zwart fluweel van een beroemd Venetiaans ambachtsman dat, laag na laag, het duister doet schitteren, zo rijgt de basis van Coco Noir een rijkelijk snoer van sandelhout, vetiver, wierook, patchoeli, vanille, tonkaboon en musk… een uitbarsting die zich ordent en verheldert, de overmaat voorbij, in een perfecte, omhullende en kostbare vorm’.

Opvallend: hoewel ik heb via het geurengeruchtencircuit heb gehoord dat Coco Noir het gepaste antwoord op is Guerlains La Petite Robe Noire (sinds augustus 2012 bereikbaar voor een breder publiek), wordt daar door Chanel helemaal niet aan gerefereerd. Wat trouwens wel een interessante discussie ‘op niveau’ zou zijn: hoe vertaal je zwart (al zo vaak gedaan) of een zwart jurkje (minder) in een geur? Wat is de verbindende factor?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Jacques Polge: ‘Ik geloof dat een geur, hoe apart hij ook is, alleen kan bestaan omdat anderen hem vooraf gingen’. Daarom dacht hij bij Coco Noir logischerwijs aan Coco (1984) en Coco Mademoiselle (2001). Het is een esthetisch (drie)luik van de Chanelparfumwereld die hij verder wilde verkennen. Het is voor hem ‘het Oosten dat begint en eindigt in Venetië, waar ik naartoe wou en zich aan mij opdrong in zijn nachtelijke gedaante’. Is Coco sensueel, pittig gekruid, Coco Mademoiselle fris-bloemig, Coco Noir balanceert tussen beide. Hoewel minder zwaar dan gehoopt en verwacht, is de geur in ieder geval voor mij een fusie van een Les Exclusifs-geur verlevendigt met een minder dwingend, dus meer eigentijdse toets.

Polge (foto) zei tijdens de introductie van Les Exclusifs (in 2007) dat Chanel het zich niet meer kan veroorloven bepaalde parfumtrends over het hoofd te zien. Dat ruik je direct in de opening, alhoewel de geur zich als één golf aandient, door de enorme uitbarsting van roze bes. Prikkelend, kruidig en toch fris en mooi opgaand met grapefruit en bergamot. Hierachter verbergt zich een klassieke noot van jasmijn en roos die wordt begeleid door een bloem die nu meer en meer weer ‘en vogue’ wordt: de narcis. Die zorgt ervoor dat roos en jasmijn voorzien worden van een sensuele bloemennoot die een mooi alternatief is voor tuberoos. Dit alles gaat mooi ‘kopje onder’ in de krachtige, sensuele basis.

Tonkaboon (Brazilië, Venezuela), patchoeli (uit Indonesië), sandelhout (Nieuw Caledonië), vanille (Bourbon) en een rokerig-pluizerige melange van witte musk en wierook. Maar dit alles behoudt een licht-frisse toets door geranium rosat (roosnuance met munttoets) en munt volgens mij.

RUIK & VERGELIJK

Coco, Coco Mademoiselle en Coco Noir vormen samen een parfumtripliek. Coco haalt haar kruiden en specerijen ‘persoonlijk’ op in het Nabije Oosten, Coco Mademoiselle blijft voor haar ingrediënten in Frankrijk en Coco Noir maakt haar keuze in de havens van Venetië.

Nog meer Venetië in een flacon:

Laura Biagiotti Venezia (1992, 2011)

Yves Rocher Venice (1986)

Nobile 1942 Anonimo Veneziano (20??)

Made in Italy 22 Settembre 2007, ore 8 Vaporetto per il Lido, Venezia (2007)

Romea D’Ameor The Princesses of Venice (2008)

ESPECIALLY DELICATE NOTES ESCADA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 16, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET E. Een reactie plaatsen

LUCHTHARTIG ESCAPISME

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 16/08/12

Neus: Will Andrews & het P&G Fragrance Team

Model: Bar Refaeli

Fotografie: Mark Seliger

Stom, stom, stom: niet goed het persbericht gelezen. Especially Delicate Notes werd al gelanceerd in het voorjaar, ik dacht dus najaar. Is dus een lichtere variatie op Especially van vorig jaar. Ik lees het persbericht nu wel goed, en ben dus gefrappeerd door het volgende.

Nadat eerst gebruikster wordt getypeerd – ‘zij hunkert naar een luxueus en fris parfum dat haar in de zevende hemel brengt’ – lees je over haar state of mind het volgende: ‘Haar geest is net als haar geur een mengeling van raffinement en luchthartig escapisme’. Laatste vind ik een leuke typering voor een ‘geurgemoed’, of iets meer in Henk-en-Ingrid-taal: wat geur met je kan doen.

Voor de zekerheid ook nog even de ambassadrice die Especially Delicate Notes vertolkt: ‘Ik ben dol op frisse geuren. Ik ben ook dol het luchthartige vleugje luxe van deze geur omdat het je helpt even aan de werkelijkheid te ontsnappen en je gevoelens ruim baan te geven. Ook inspireert deze geur me om speelse en leuke dingen die ik nog nooit eerder heb gedaan’. Ik zeg: ‘Spannend!’ Maar ook: ‘Zo kan-ie wel weer Bar!’

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Will Andrews vergelijkt – hij is niet de eerste wat geuren betreft – Especially Delicate Notes met een soepel vallende zomerjurk, een zijden shawl die in winde wappert. Kan ik me eerlijk gezegd in dit geval weinig bij voorstellen. Niet bij het effect dat de peer in de opening aan de geur bijdraagt.

Hierdoor wordt de intense rozennoot van Especially lichter, speelser en zoeter. Zonder dat het al te fruitig wordt. Zonder dat de roos (en de ylang-ylang) verdwijnt. Die lijken als het ware ondergedompeld in een glas perensap met geschaafd ijs. Prettig om te ruiken is dat de witte musk in de basis niet de overhand neemt. Hiervoor verantwoordelijk ambrette (foto). Deze natuurlijk aandoende musk afkomstig van het gelijknamige zaad, maakt de witte musk, minder katoen, minder hard. Wel zachter en gracieuzer.

RUIK & VERGELIJK

Roos of minder roos met Escada?

Escada Especially (2011)

LA PETITE ROBE NOIRE GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 14, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET L, NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN. Een reactie plaatsen

WINNAAR VAN DE ASTIR 2012 IN DE CATEGORIE:

BESTE VROUWENGEUR IN HET LUXE SEGMENT

HET KLEINE ZWARTE JURKJE ALS SYMBOOL WAT GUERLAIN VOOR PARFUM BETEKENT

Jaar van lancering: 2008/2012

Laatst bijgewerkt: 06/02/13

Neus: Delphine Jelk/ Thierry Wasser

Artistic direction: la petite robe noire op de flacon is getekend door Serge Mansau

Illustraties/clip: Kuntzel + Deygas

Muziek: Nancy Sinatra sings her classic

Mijn vraag tijdens de presentatie in Brussel van La Petite Robe Noire, tot voor kort alleen te koop in de Guerlainboetieks en -stands van de betere warenhuizen wereldwijd: ‘Waarom nu in de ketenparfumerie?’ Het antwoord: ‘Vanwege het succes’. Vreemd. Als dat zo is, dan hebben vrouwen blijkbaar hun weg naar deze exclusieve verkooppunten weten te vinden en zullen nieuwe geïnteresseerden dat ook kunnen. Maar waarom dan de formule veranderd? Hierop bleef het antwoord schuldig. Tot dat ik iets verder vroeg.

Wat blijkt? Het gehoopte succes van Idylle (2009), inclusief de talrijke variaties, ondanks de groots opgezette ‘romantische’ campagnes, bleef uit. En, helaas, kun je het als parfumhuis tegenwoordig niet permitteren een seizoen ‘on hold’ te blijven. Zeker niet in de ketenparfumerie. Vandaar de aanpassing, om ‘in sync’ te blijven met de daar heersende smaak. En die is, zoals bekend, minder verfijnd, minder exquis, meer toegankelijk.

Maar toch: je zou eerder van Chanel verwachten een geur te noemen naar een ‘onmisbaar’ item uit de basisgarderobe voor de vrouw waarmee Coco, naast haar pakje, tas en parfum bij het grote publiek bekend is geworden: La Petite Robe Noire. Maar Chanel doet dat niet. Guerlain wel. Waarom? Omdat het zwarte jurkje volgens het parfumhuis ‘absolute stijl uitgedrukt in stof is. Perfect vallend, net boven de knie, heeft het de stijl en allure van haute couture’.

Goed omschreven. Maar dan volgt een cliché – in het eerste persbericht – dat al te vaak bij parfums is gebruikt: ‘De draagster ervan laat een onuitwisbare indruk achter als ze passeert… het zwarte jurkje wordt zo een onmisbare aanwinst’. Om te eindigen met het voor mij onbegrijpelijke ‘die zowel met het schemerlicht, als met de zon van de dageraad speelt. Betoverend van ‘s ochtends tot ‘s avonds, van ‘s avonds tot ’s ochtends. Met het zwarte jurkje is de draagster altijd klaar om aan de volgende dag te beginnen!’ Tja. En dan als uitsmijter: ‘Het zwarte jurkje betekent in de modewereld wat parfum voor Guerlain betekent’.

Er was nogal wat commotie op verschillende parfumblogs. Algemene teneur: hoe durft Guerlain een classic onlosmakelijk verbonden met een ander luxemerk te gebruiken. Ik zeg: in de parfumwereld is het de gewoonste zaak van de wereld om goed naar de concurrent te kijken. Richt een merk zich op de jonge consument, anderen volgen. Geldt ook voor zomervariaties, het herlanceren van klassiekers, het leveren van op maat- en niche-parfums. Het zou trouwens leuk zijn geweest als Chanel had gereageerd door het lenen van hét symbool van Guerlain: de bij. Doet Chanel niet. Niet chic. Chanel reageert, zij het pas dit jaar anders met Coco Noir. Maar niet letterlijk: tussen de regels door wordt er in het persbericht subtiel verwezen naar het zwarte jurkje waarmee zij als geen ander wordt geassocieerd.

Guerlain presenteert de verandering in formule wel weer grappig: ‘Ik ben geboren in een roos twee jaar geleden die met zorg en passie werd gekweekt in het geurlaboratorium van Guerlain aan de Champs-Elysées. Laten we eerlijk zijn: ik heb zo’n geweldig succes dat ik me nu vernieuw om nog verleidelijker te worden en in de parfumerieën over de hele wereld te verschijnen. Ik heb het niet van een vreemde. Het is een familietraditie… Jacques Guerlain bijvoorbeeld testte discreet zijn creaties bij klanten voor hij ze aan een groter aantal bewonderaars aanbood’.

La Petite Robe Noire, zowel de nieuwe als oude versie en La Petite Robe Noire N° 2 (2011) valt voor mij in de categorie hip en trendy met luxetoets, en is een poging van Guerlain in sync te blijven met de jonge consument. Want zowel het jurkje, de presentatie als ‘het materiaal’ waarvan het gemaakt is, is helemaal van deze tijd en wordt zeer gewaardeerd door jonge vrouwen; beetje gourmand, beetje rood fruit, beetje bloemen, beetje sensueel, maar ongedwongen. En dan de nieuwe ‘getekende’ commercial… gaat meer over laarzen dan over het beroemde zwarte jurkje. Of zie ik dat verkeerd?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Zo omschrijft Guerlain de eerste versie van La Petite Robe Noire: ‘Licht als champagnebelletjes, smeltend en krokant als een amandelkoekje met rozensmaak. Het parfum bruist dankzij de natuurlijke frisse geur van Siciliaanse citroen die zachter wordt door een vleugje amandel en zoethoutaccent’ – denk drop, denk zwart. ‘Een arm vol rozen zorgt voor de elegantie, gerookte thee en patchoeli voor het karakter. En voor een fluweelachtige gewaarwording op de huid een strelend akkoord van musk en vanille’.

In de nieuwe versie voegt Thierry Wasser hier zijn eigen interpretatie van de Guerlinade aan toe: ‘Een stralende roes van tonkaboon, vanille, iris en patchoeli’. Maar eerst waait het zwarte jurkje op met ‘zwarte’ kers, ‘rode vruchten’, amandel en bruisend-fris bergamot. Dan verschijnt de roos (een mix van Bulgaarse en Turkse roos): ‘zacht, heerlijk gekonfijt’. In de basis ook hier weer gerookte thee (lapsang souchong) in een anijsachtige waas die opgaat in de Guerlinade. Eindresultaat: licht, luchtig, praline, zuurtje verpakt in Guerlain-finesse. Zo omschrijft Wasser trouwens zelf de geur:

Let op: Met deze nieuwe versie, verdwijnen tot verdriet van velen, Guerlains twee ‘oude’ petites robes noires.

RUIK & VERGELIJK

Moet je wel zoeken op het internet. En is intenser dan La Petite Robe Noire. Sterker, een echte floriental. Ga maar na, de opening: cyclaam, koriander, gember, jasmijn en abrikoosbloesem. Hart: gardenia, ylang-ylang, pioenroos. Basis: sandelhout, tonkaboon, musk, Japanse pruim.

Avon Little Black Dress (2001)

En wat gourmandfeel betreft – kers, zoethout – doet me de geur ook sterk denken aan:

Lolita Lempicka Lolita Lempicka (1997)

PLEASURES EAU FRAICHE ESTEE LAUDER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 13, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET E, GEURENALFABET P. 2 reacties

WEAR ME, SHARE ME

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 13/08/12

Neus: onbekend

Model: Constance Jablonski

Artistic direction: onbekend

Het blijft me verbazen: de parfumindustrie heeft geen last van de wereldcrisis of doet dat het er geen last van heeft. Staat niet zo chic. Dat ruik je dit najaar: een overvloed aan nieuwe geuren. En voorspelbaar. Bijna elk luxemerk gaat mee in de huidige ‘verplichting’ van elk seizoen iets nieuws. Het meest opvallende in dit alles: de voortdurende verfijning van ketenparfumerie-geuren. Die neigt dit najaar naar ‘zwaar’ en ‘uitgepuurd’ bij enkele van de hoofdrolspelers: Dior presenteert Miss Dior Le Parfum, Thierry Mugler Alien Essence Absolue en Dsquared Potion for Woman. En Chanel levert met Coco Noir het zogenaamde antwoord op Guerlains La Petite Robe Noire. Laatste stelt zich nu democratischer (en ‘volkser’) op want is nu uit de niche-lijn van het huis gehaald (de formule werd aangepast).

Estée Lauder komt met een antwoord gehuld in wolk van luchtige onschuld: een colognevariatie op Pleasures. Ofwel, Pleasures wordt Pleasures Eau Fraîche. Het krijgt de slogan Wear me, share me mee. Nou, tussen ons gezegd en gezwegen: ik draag Pleasures af en toe – het blijft een topcompositie gevrijwaard van een overdosis witte musk. En doe het sinds kort ook met Pleasures Eau Fraîche. Wat sharen betreft: ik adviseer Pleasures aan ‘gewone’ vrouwen die zoeken naar een ‘romantische’ bloemige geur die voorjaar en een blij gevoel oproept en niet overrompelt. Ik ken hierdoor drie bruiden die in Pleasures het ja-woord hebben gegeven (waarvan er een het inmiddels heeft laten volgen door: ‘See you in court’).

De boodschap is hetzelfde gebleven: geniet van de eenvoudige dingen in het leven, vooral van zorgeloze dagen in de natuur. En deze ‘filosofie’ lijkt nu meer aan kracht te winnen doordat steeds meer mensen door de crisis er toe gedwongen worden. Estée Lauder omschrijft Pleasures Eau Fraîche als ‘een bruisende, bedauwde bloemengeur die een feest maakt van de eenvoudige momenten’ en ‘combineert subtiel de luchtige frisheid van het eau de parfum met transparantie’.

De campagne ‘brengt op vrolijke en bezielde wijze hernieuwde energie in het Pleasures-concept. We zien Constance Jablonski achter de schermen genieten van een warme, zorgeloze dag in de zon. Ze voelt zich op haar gemak in een zonovergoten stadspark, omgeven door natuur’. Moet me wel van het hart: ze oogt wel een beetje tutti, beetje jaren tachtig.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik vind dat je goed moet ruiken om de verschillen tussen het eau de parfum en Pleasures Eau Fraîche direct te ervaren. Dat komt omdat de eerste al zo transparant van zichzelf is. En ook door het feit dat Lauder niet heeft gekozen voor een citrusuitbarsting in de opening. Iets wat normaal met een eau fraîche-variatie gebeurt. En dat is maar goed ook; het zou afbreuk doen aan de originaliteit van de geur. Het zijn voornamelijk de ondefinieerbare groene noten (met name viooltjesblad – foto) in de opening gecombineerd met roze peper en het ‘onderdrukken’ van de basisnoten (sandelhout, patchoeli) van het eau de parfum die voor het ‘fraîche’ effect zorgen. En tussen deze twee ruik je een elegante mix van witte lelie, ‘zwarte’ sering, witte pioenroos, ‘roze’ roos, jasmijn en de bloesem die aan Pleasures zijn eigenheid geeft: karo-kaoundebloesem.

Als Pleasures Eau Fraîche langer op de huid zit, merk je dat de basisnoten inderdaad zijn getemperd én dat een soort van aqua-component aan de geur is toegevoegd. En diegene die deze geur toch te licht en te zonnig vindt voor komend najaar, Estée Lauder heeft ook nog steeds het ‘warm-houtige’ Sensuous (2008) in de aanbieding.

RUIK & VERGELIJK

Dat is dus:

Estée Lauder Pleasures (1995)

DOT MARC JACOBS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 10, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET D. Een reactie plaatsen

DOT VAN EEN GEUR

‘MODERNE BRUTALITEIT, KLASSIEKE ELEGANTIE’

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 10/08/12

Neus: Annie Buzantian

Flaconontwerp: Sayuri Shoji ism Marc Jacobs

Waarom koop je een geur? Als het goed is ‘puur’ om de inhoud. En dat doen nog steeds niet echt heel veel mensen. Bij de meeste moet eerst het oog verleid worden voor de neus meegaat. Dat weet de parfumindustrie dondersgoed. Sterker, het heeft er – bijna – een hoofdact van gemaakt. De presentatie – soms ook wel droom genoemd – overschaduwt de inhoud. Neem de bombastische campagnes van Diors J’adore (1999) van vorig jaar. Zo iets moois, dan moet de geur wel lekker zijn. Maar niet voor iedereen: zie de hoeveelheid geuren die op marktplaats worden aangeboden. Vaak in de verkoop gedaan nadat – ondanks prachtige campagne, ondanks mooie flacon – de geur zelf niet wist te bekoren. Waarom schrijf ik dit? Naar aanleiding van Dot natuurlijk.

Wel héél véél flacon! Lachen. Zwevend tussen kitsch en kunst. En als je goed kijkt: modernistisch niche. Het is volgens mij een heel vette knipoog naar al die über-serieuze nichehuizen met vaak doodsaaie, gaap-gaap standaardflacons. Wat dat betreft heeft Jacobs de smaak goed te pakken. Hij begon ‘voorzichtig’ met Daisy (2007), gooide de remmen los met Lola (2009) en Bang (2011) als resultaat. Met Dot lijkt het of hij de controle heeft verloren. Ik wist het trouwens niet – terwijl ik hem toch goed in de gaten hou -, maar de polka-dot is Jacobs ‘persoonlijke kenmerk, een favoriet thema waar hij vanaf zijn eerste collectie telkens naar terugkeert’.

Verder meldt het persbericht dat Dot is niet alleen een meisjesnaam is: ‘De polka-dot is rond qua vorm, een – hier komt het te pas en ongepaste gebruikte luxe-omschrijving weer – iconisch symbool van charme en elegantie. Een modieus, ongebruikelijk motief dat energiek en vol leven is’. Terzijde: zo ongebruikelijk is het niet in modekringen. Dot vangt het charmante, vrolijke karakter met een tijdloze verfijning’. Dat laatste is gezien de ‘popart’-presentatie niet waar en moet nog maar blijken de komende jaren. Tenslotte: ‘Dot is een kleurrijke Marc Jacobs-creatie afgerond tussen moderniteit en elegantie’. Helemaal akkoord. En ik ben benieuwd naar de variaties die op de flacon gaan verschijnen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Nu maar hopen dat de inhoud even opvallend is. En, eerlijk gezegd: niet echt het geval. Dot loopt helemaal in lijn met de rode fruit-geuren met een bloemig hart en licht sensuele nasleep. Maar zoals we van Jacobs gewend zijn bevat ook deze geur wel een modern, ongebruikelijk ingrediënt, alleen weet ik niet of die nu precies kan onderscheiden. En wel: pitaya (foto) ook wel bekend als dragonfruit. Is een verzamelnaam van verschillende cactussoorten. Het sappige vruchtvlees heeft een zoete, waterige smaak die doet denken aan kiwi. Dit wordt in de opening gecombineerd met rode bes. Met als gevolg een zoet limonade-effect.

In het hart wordt honingfris kamperfoelie, gekoppeld aan bloemig-fris oranjebloesem en stralend jasmijn die samen een romig-exotisch randje krijgen door kokosnootwater. Het is de opmaat voor de gedoseerde sensuele afronding van vanilla, musk en drijfhout.

RUIK & VERGELIJK

Amerika kent nog een ontwerper die de polkadot lange tijd als haar handelsmerk beschouwde. Zag je heel duidelijk terug in haar eerste geur:

Carolina Herrera Carolina Herrera (1988)

AEDES DE VENUSTAS SIGNATURE SCENT

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 9, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S, NICHE. 2 reacties

THE WORLD OF EDITH WHARTON REVISITED,

BOTTLED IN A SELF FULFILLING PERFUME

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 09/08/12

Neus: Bertrand Duchaufour

Concept & realisatie: Karl Bradl, Robert Gerstner 

Aedes de Venustas is een parfumerie anno 1996 gevestigd te New York. Weet je dit niet, dan kun je de winkel (afgaande op de website) ook 100 jaar ouder schatten. Heel smaakvol, maar very cliché al die uitgebalanceerde, perfecte belichte stillevens met oude boeken, opgezette fauna, glimmend kristal, verdwaalde bloemen, gepatineerde meubelen en natuurlijk parfums.

Louis de Hotel-chic wordt deze stijl ook wel genoemd: een potpourri van stijlen van alle Franse koningen die Louis heetten. Vanaf Louis XIII. Het roept een vergeten chique wereld op die zo perfect werd verteld door een van mijn favoriete Amerikaanse schrijfsters Edith Wharton (1862-1937) geboren te New York, bij het grote publiek bekend door de verfilming van haar boeken The Age of Innocence, The House of Mirth en Ethan Frome.

De winkel verkoopt nichegeuren (Amouage, By Kilian, Carthusia, Comme des Garçons, Miller & Bertaux) en, zoals je wilt, überniche: Ambre di Venezia, Septimani Perfumes en Third Man. Maar dan wel weer vreemd: geen geuren van Mona di Orio. En ze hebben ook eigen geparfumeerde producten, zoals een geurkaars waarvan ook een intensere versie in eau de parfum verkrijgbaar is. Werd samengesteld door Bertrand Duchaufour (in samenwerking met L’Artisan Parfumeur) die ook voor het nieuwe eau de parfum tekent.

Hoogdravende introductie: ‘Aedes de Venustas eert het verleden, het heden en de toekomst van de parfumerie met zijn eerste geur: Signature Scent. Gehuld in een auberginekleurig glas, gooit het de klassieke regels van design van zich door zijn ronde en vierkante vorm, hintend op de unieke constructie van het parfum dat er in huist’.

Vind ik niet echt, zowel wat flacon – die erg veel lijkt op Isabella Rossellini’s Manifesto uit 2000 – als wat inhoud van Signature betreft. Aangenaam voor het oog, aangenaam voor de neus maar dan wel heel braaf geserveerd. En voor diegene die het nog niet wist: Aedas de Venustas betekent tempel van schoonheid.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Wat de toekomst van de parfumerie betreft: hazelnoot en rabarber (foto). Wat het heden van de parfumerie betreft: rode bes, tomatenblad en appel. Wat het verleden betreft: kamperfoelie, vetiver en wierook. Wel prettig geparfumeerd hoor die alternatieve, maar nu erg hippe frisse opening opgeroepen met rabarber, tomatenblad, rode bes en appel. Groen, maar anders groen, fris maar anders fris.

Blijft niet echt lang handen want heel voorzichtig – en ook weer even – neem je de honigzoete en frisse kamperfoelie waar. Want de basisnoot dient zich snel aan. En die is dus braaf, maar in nichekringen nu erg en vogue: een stevig injectie van ‘gerookte’ vetiver extra droog en vurig gemaakt door wierook.

Leuk, maar ook heel even, is de lichte gourmandnoot van hazelnoot die het geheel mooi een laat worden met de huid. Ik heb een beetje een Creed-gevoel bij deze geur. Klassiek, chic, ingrediënten ‘op niveau’. Bertrand Duchaufour omschrijft de geur als ‘een spel van elkaar versterkende ingrediënten in een onverwachte, zelfs onmogelijke architectuur omdat het groene effect toeneemt, terwijl het donkere, harsachtige en chypre-akkoord sterft; abstract wordt’. Opvallend: dit akkoord ontgaat me een beetje. Leuk voor de parfumliefhebbers met eco- en fairshare-inborst: de vetiver is door Duchaufour zelf gekocht op Madagaskar bij boeren en voldoet aan de Fairtrade-regelementen.

RUIK & VERGELIJK

Bertrand Duchaufour (letterlijk vertaald ‘Van-de-hete-oven’) werkt, na enkele geuren voor de masstige-sector te  hebben gemaakt (onder meer ST Duponts Femme uit 1998 en Givenchy’s Lucky Charms uit 2005), eigenlijk alleen nog maar voor nichehuizen. Sinds 2008 is hij zelfs 2008 in-huis-neus bij L’Artisan Parfumeur. En: hij is goed. To name a few:

Comme des Garcons Series 5 Sherbet Cinnamon & Peppermint (2003)

Acqua di Parma Cipresso di Toscana (2005)

Eau d’Italie Sienne l’Hiver (2006)

L’Artisan Parfumeur Al Oudh (2009)

Penhaligon’s Sartorial (2010)

Parfums MDCI La Belle Hélène (2011)

The Different Company Oud Shamash (2011)

BOUQUET DE MAI – AQUA ALLEGORIA – GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 8, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET B, TAX FREE. Een reactie plaatsen

PASTORAAL PARFUMMETJE

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 08/08/12

Neus: Thierry Wasser

Bijna terug van vakantie (Zuid Frankrijk) waarover ‘geurtechnisch’ later meer. Wat me opviel op de weg er naar toe: geuren speciaal gemaakt voor het taxfreecircuit hebben hun beste tijd gehad, zo lijkt het althans. Maar het kan ook aan het vliegveld liggen: op die van Charleroi zag ik alleen: Kenzo (Amour I Love U), Givenchy (Le Bouquet Absolu) en Guerlain met Bouquet de Mai. Hoort thuis in de Aqua Allegoria-serie en is iets toegankelijker dan het dit jaar eveneens verschenen volzonnige Lys Solea. Hoewel geen hoogvlieger, wel weer een echte Guerlain. Dat wil zeggen in dit geval: prettig in de omgang door het lieftallige, eenvoudige karakter dat Bouquet de Mai wil oproepen – niet echt origineel – een voorjaarstuin tijdens het ochtendgloren, gesitueerd in een pastoraal decor waar je je kunt afsluiten van de herrie en de stank in de grote stad.

Over Guerlain en echte hoogvliegers gesproken. Dit jaar verscheen ook Mon Précieux Nectar (in de Les Parisiennes-reeks) en een trio speciaal gemaakt voor de Arabische markt, Les Déserts D’Orient. Oosterse barokke parfumweelde met Rose Nacrée du Désert, Songe d’un Bois d’Eté en Encens Mythique d’Orient. Waar over snel meer. En natuurlijk de komst van La Petite Robe Noire in de ketenparfumerie. Waar over snel meer.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Open de flacon en je opent een hek naar een tuin waar je eerst een groene sensatie opsnuift van vers geknipt gras en hooi waar tussen roze peperkorrels zitten verborgen. Hoe dieper je in deze pastorale verwennerij raakt, hoe meer witte bloemen je opsnuift – met name jasmijn – en de zoetfruitige geur van perzik. Dit alles wordt vastgehouden door een lichte muskbasis. Bouquet de Mai: ongecompliceerd, fris en natuurlijk, zoals een voorjaarstuin meestal ruikt. Om verwarring te voorkomen: de man op de voorgrond is niet Thierry Wasser!

RUIK & VERGELIJK

Die andere:

Guerlain – Aqua Allegoria – Lys Soleia (2012)

En wil je heel veel gras ruiken met Guerlain:

Guerlain – Aqua Allegoria – Herba Fresca (2012)

SANTAL WOOD MONTALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 24, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S, NICHE. Een reactie plaatsen

SANDALWOOD WHERE ART THOU…?

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 24/07/12

Neus: Pierre Montale

Ik heb wel eens horen een enthousiast Montale-fan horen zeggen – en heb het geloof ik al eerder vermeld – dat Montale naast zwaar beladen oriëntaalse elixers voor ‘kenners’ ook geuren in de collectie heeft met een hoog ketenparfumerie-gehalte. Wil zeggen: Pierre Montale neemt een parfumthema populair bij ‘gewone’ mannen, geeft die als het ware kwalitatief een enorme doorstart waardoor de ‘ongewone’ man met een snobby en parfumlabelgekke inborst (maar zonder een zwak voor geprononceerde geuren) toch een Montale op zijn badkamperplankje kan hebben staan.

Santal Wood is zo’n geur. Als echte fan van de zware geuren van Montale keek ik er vol verwachting uit. Want: pure sandelhoutgeuren zijn een minitrend in de nicheparfumerie. En: wanneer Montale dit bijna door wildkap bijna uitgestorven hout uit India op de agenda zet, dan verwacht je een romig en rozig sandelhoutparfum in de overtreffende trap. Nou, niet dus. Sterker, je ruikt sandelhout ‘slechts’, het komt niet echt om de hoek kijken.

Wat ik wel rook: een aangename zoetbloemige geur met ziltig aura voor de man waar inmiddels tig van de in de ketenparfumerie zijn verschenen en verdwenen met als startpunt Fahrenheit van Dior gevolgd door de eerste mannengeur van Kiton. Om de hoogtepunten te noemen. Geraffineerd, chic, maar voor Montale wel erg gewoontjes en braaf. Maar dus wel aantrekkelijk voor – zie bovengenoemde profielschets.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Montale geeft bijna geen ingrediënten prijs van zijn composities. Nu zijn die bij Santal Wood niet echt moeilijk om te detecteren. Eerst een enorme geurgolf van zeewater met ‘bloemetjes’. Ik vermoed een mix van calone, paradison en nog wat zilt-waterige geurmoleculen. Dit krijgt een licht-kruidige, ijle injectie met jeneverbes (foto). Hierop drijven schilfers van sandelhout. Ik schrijf bewust schilfers, want echt sandelhout wil het maar niet worden.

De basis is een mengsel van donkere noten. Ik ruik een beetje ambroxan, een beetje eikenmos, maar dan ook de synthetische variant. Wat wel weer knap is: met zo weinig ingrediënten toch de illusie van een rijke en volle geur wekken.

RUIK & VERGELIJK

Dior Fahrenheit (1988)

Kiton Kiton (1996)

Mercedes Benz For Men (2011)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Sal y Lemon Carner
    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....