GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

L’AGENT AGENT PROVOCATEUR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 23, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET L, NICHE. Een reactie plaatsen

ANIMALE ‘AGENTE’

Jaar van lancering: 2011

Laatst bijgewerkt: 23/07/12

Neus: Christian Provenzano

Model: Laura Moure, Carolina Bona

Flaconontwerp: Joseph Corre, Serena Rees

Artistic direction: zie credits bij promotieclip

Ze staat bij een schaakbord. Speelt niet mee zo te zien. En draagt zowaar meer dan alleen lingerie. De witte koningin – is zij het? – staat ‘even ver’ van de witte en zwarte koning. Het is een kwestie van één zet die bepaalt of ze een van de koningen krijgt, schaakmat zet. Of slaat mijn fantasie nu op hol? De promotieclip toont een ander beeld. Helemaal Agent Provocateur dat wel. Bloedmooie vrouw laat, na zo te zien een broeierige nacht te hebben beleefd, haar hond uit in – afgezien van haar korte jas – slechts luxe lingerie van Agent Provocateur.

Cliché, maar aangenaam cliché. Agent Provocateur weet dat het een droom verkoopt. Beetje kinky, beetje slutty, maar toch beantwoordend aan de ‘alternatieve’ goede smaakcodes. En dat is toch het mooie aan Agent Provocateur: het merk blijft zichzelf serieus nemen, zorgt het ervoor dat zijn exclusieve status die het geniet, gehandhaafd blijft. Dat ruik je ook aan de geuren. Die zijn niet makkelijk en crowd pleasing. Dus geen bakken met rood fruit in de opening, geen onbestemde bloemensfeer in het hart afgerond met een overdosis frisgewassen witte musk in de afronding.

L’Agent Provocateur geeft zijn klanten en fans als het ware les in parfum, laat ze op eigenzinnige en moderne wijze kennismaken met klassieke parfumconcepten. En hierdoor leer je geleidelijk aan de achterliggende gedachte en sensaties van geuren te begrijpen, leer je dat geur meer is dan alleen maar een ‘lekker luchtje’. De ‘moeilijkste’ les geeft het merk nu met L’Agent – een duistere, sensuele en oriëntaalse geur die een heel parfumparcours op de huid aflegt voor het tot rust komt. L’Agent is daardoor ook een geur die je de tijd moet geven, tijd om hem te begrijpen. En dat geduld loont zich. Sterker, L’Agent overtuigt mij meer dan veel recente geuren van nichemerken die vaak de hemel beloven en bestormen, maar vaak niet verder reiken dan een paar meter boven de aarde.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

L’Agent opent niet klassiek fris. In één keer maakt zich een donkere wolk vrij waaruit eerst een prachtige pittig-zoete blend van roze peper, geranium, rozenhout en engelenzaad druppelt waarachter een bijna over the top opulente bloemenweelde van meiroos, sambacjasmijn, tuberoos, ylang-ylang en osmanthus schuilt. Interessant is toevoeging van davana-gras: die geven deze bloemen een licht-fruitige ondertoon zonder – gelukkig! – gourmand te worden.

Ze bloeien in een zonovergoten tuin ergens in Arabië waarvan de aarde is doordrenkt met zwoele, donkere en beetje kleverige noten van amber, sandelhout, tonkaboon, cistus labdanum, mirre, wierook (foto) en dierlijk musk. En die geven samen aan de sterke patchoeli-noot een koffie en chocoladeachtige nuance zonder – gelukkig – gourmand te worden. Ruik je heel lang door, dan lijkt het of je hierdoor Thierry Muglers Angel (1992) herkent, maar dan gesmoord in wierook en mirre. Erotisch zonder plat te worden. Net zoals de lingerie van Agent Provocateur.

Er wordt ook melding gemaakt van het toevoegen van feromonen. Ik weet het niet. Dat wellicht je erotische gevoelens worden versterkt met L’Agent komt volgens mij eerder op conto van de combinatie van de sensuele tuberoos, ylang-ylang, osmanthus en sambacjasmijn. Die hebben ieder op zich een animaal component die zich in L’Agent zeer duidelijk manifesteert.

RUIK & VERGELIJK

Voor mijn zweeft L’Agent tussen:

Dior Hypnotic Poison (1998)

Amouage Memoir (2010)

VETIVER ROGER & GALLET

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 13, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET V. Een reactie plaatsen

VETIVER OP DE BODEM VAN EEN VERKOELENDE SORBET

Jaar van lancering: 1992

Laatst bijgewerkt: 13/07/12

Neus: onbekend

Ik blijf me verbazen over de populariteit van vetiver bij mannen. Elk zichzelf respecterend mode- en parfumhuis heeft er inmiddels wel een in zijn collectie. Hetzij puur, hetzij in gemaskeerde vorm. Ik moet zeggen: ik kan er ook nog steeds van genieten. Hetzij puur, hetzij gemaskeerd. Telkens als ik een nieuwe of vergeten variatie tegenkom, ben toch weer benieuwd: hoe heeft de neus deze gedroogde wortel oorspronkelijk afkomstig uit India geïnterpreteerd – vetiver betekent in Tamil ‘opgegraven wortel’ – geïnterpreteerd.

Roger & Gallet heeft in de loop van zijn geschiedenis een twee vetivergeuren gelanceerd. Vétyver in 1974 en Vetiver in 1992. De laatste betreft geen herlancering van de eerste. Want Vétyver rook meer naar ‘ouderwets’ vetiver: dus fris maar donker, dus groen maar aards. Aan Vetiver werd de lichte aquatoets van de jaren negentig toegevoegd waardoor de typisch droge, aardse noot in het begin een beetje op de achtergrond blijft zoals je die wel heel goed ruikt in bijvoorbeeld de vintageversie van Guerlains Vetiver (1959) en Etro’s Vetiver (1989).

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Roger & Gallets Vetiver wordt omschreven als een ‘wooden chypre for men’. Dat wooden valt nogal mee. Dat chypre valt nog wel mee. Wat opvallender is: de bijna ijskoude sorbetopening van vooral citroen, sinaasappel en bergamot die een groene ondersteuning krijgt door rozemarijn en dennenhars – laatste geeft een beetje een ijle toets wat de sorbetsensatie vergroot. Voor de bloemige noot moeten lavendel en anjer garant staan. Heel eerlijk gezegd: ruik ik niet echt.

Wel de houtachtige basis – cederhout, iris en eikenmos – die zich hier achter verbergt met een aangenaam, maar bescheiden vetiver-aandeel die fris en ‘vochtig’ is. Wel de licht-sensuele afronding met de klassieke combi tonkaboon, musk en amber. Ligt Vetiver iets langer op de huid dan lijkt het alsof je wierookwalmpje bespeurt, maar dat kan ook het effect zijn van het totaal van de basis. En gezien de vluchtigheid van de geur, is het eerder een eau de cologne dan een eau de toilette. En qua feel doet deze vetivergeur denken aan… Original Vetiver van Creed (2004).

RUIK & VERGELIJK

Onmogelijk om alle vetivers met elkaar te vergelijken. Heb dat al vaker gedaan en heb net drie variaties binnengekregen waarvan ik wel gehoord, maar nog niet geroken had: gaan we binnenkort maar eens bespreken.

Lorenzo de Villoresi Vetiver (1994)

Parfums Générale – Private Collection – Querelle (2006)

Lubin Le Vetiver (2007)

Andy Tauer Vetiver Dance (2008)

FLOWER MARKET – REPLICA – MAISON MARTIN MARGIELA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 10, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET F, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN KOPIE, EEN REPLICA VAN EEN BLOEMENMARKT

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 10/07/12

Neus: Jacques Cavallier, Marie Salamagne

Art direction: Maison Martin Margiela

Een bloemenmarkt… weinig mensen die daar na een bezoek onprettige herinneringen aan hebben (overgehouden). Sluit je ogen, spreek bloemenmarkt zachtjes uit en bloemen verschijnen in alle soorten in je gedachten. Opvallend: veel bloemen die nu staan te pronken in de stalletjes verspreiden een niet noemenswaardige geur. Alle parfum die er van oorsprong ‘inzat’ is er door jarenlange kruizingen en efficiency uit verdwenen: de anjer, de cyclaam, de flox – zelfs de roos. De ‘left overs’ die hun geuren nog verspreiden ook als ze op vaas staan, zijn bijvoorbeeld fresia, pioenroos, mimosa, lelie. En bloemen die echt een ‘parfum’ parfum verspreiden vindt je er meestal niet: tuberoos, lelietje-van-dalen, jasmijn, ylang-ylang.

Hoe link je dit idee aan Replica, een naar een kledinglijn van Maison Martin Margiela genoemd geurtrio? Het huis zegt: ‘Replica verbeeldt onze continuerende reflectie op kleding en – meer breed – ons creatieve proces in combinatie met het idee van tijdloosheid: een kledingstuk uit het verleden kan vandaag en morgen nog altijd modern zijn. Dit hebben we vertaald naar parfums, ze interpreteren de geuren van ons collectieve geheugen’. Met andere woorden: een geurherinnering uit het verleden kan in het heden als ‘replica’ nog even goed tot de verbeelding spreken en dus herinneringen naar boven halen. Merkwaardig dat het volgens Maison Martin Margiela alleen maar ‘positieve emoties zijn die onze persoonlijke herinneringen reflecteren als ons gezamenlijke onderbewustzijn’. Want: er zijn ook mensen die aan bepaalde bloemen en geuren liever niet herinnerd willen worden. Slechts een flauw vermoeden doet ze alle rillen… en roept een vervelende associatie met het verleden op. Maar dit terzijde.

Jacques Cavallier over het concept: ‘De drie parfums zijn gebaseerd op de wens een geur die iedereen kent te herontdekken, en iets nieuws, unieks en eigentijds mee te geven. Ik hou niet van het nostalgie-idee. Ik geef de voorkeur aan het herontdekken van deze geuren die een deel van ons allemaal zijn geworden’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Voor een bezoek aan (een) Flower Market zijn dat ‘vers gesneden bloemen, dauwdruppels op bloemblaadjes, emmers en vazen gevuld met water, blaadjes op de grond, een overvloed aan bloemcomposities’.

Het is natuurlijk een hele klassieke geur geworden voorzien van een waterachtig laagje. En voor mij eerder een geur die je opsnuift in een bloemenwinkel dan in een bloemenkraam – op straat vervliegt de sensatie van dauw veel sneller. Dat komt vooral door de hoge ‘vochtigheidsgraad’ van Flower Market in de opening: een mooi bedauwd groen idee tot leven gebracht met vers gesneden bloemstelen die merkwaardiger wijze ‘de sensualiteit van een bloemenakkoord’ moeten oproepen.

Maar dat komt volgens mij pas later, want eerst is er die typische noot die over het algemeen wordt geassocieerd met bloemenmarkt/winkel: frisse fresia: groen, koel, zoet en toch bloemig. Om de bloemennoot ervan te versterken werd de klassieke bloemencombi in het hart toegevoegd: roos (uit Grasse) wederom besprenkeld met water en sambacjasmijn. Maar wat vooral in herinnering blijft als de geur langer op de huid zit: de geur tuberoos die in Flower Market zowel groen (dankzij mos) als stralend sensueel (dankzij cederhout) ruikt.

RUIK & VERGELIJK

Ben benieuwd wat Maison Martin Margiela vindt van de geur die als eerste de geur van een bedauwde bloemenwinkel in een flacon heeft gevangen…

Antionia’s Flowers East Hampton (1984)

En de andere twee geuren in het Replica-trio heten:

Maison Martin Margiela Beach Walk (2012)

Maison Martin Margiela Fun Fair (2012)

JAIPUR BRACELET BOUCHERON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 9, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET B. Een reactie plaatsen

EEN SENSUELE SLUIER – GROEN GEVOERD

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 09/07/12

Neus: Carlos Benaïm

Is toch opvallend: terwijl ‘concullega’s’ als Chopard, Cartier en Van Cleef Arpels op jaarbasis minstens twee geuren uitbrengen – de neo-niche geuren van de laatste twee niet eens mee gerekend – doet Boucheron het rustiger aan. Sterker, toen de licentie van L’Oréal in 2011 weer terugkwam bij Interparfums is de collectie goed uitgedund. Alleen nog maar te koop: Boucheron (1988), Boucheron pour Homme (1991) en Jaïpur Homme (1997).

Jaïpur Bracelet brengt hierin ‘eindelijk’ verandering. Een geur die volgens de Douglas-site ‘een fascinerende vrouwelijkheid laat zien die gestreeld wordt door het licht en een onschuldig ogende sensualiteit bevat, wat in direct contrast staat met haar natuurlijke frisheid’. Whatever that may be… Anyway, ik beschouw Jaïpur Bracelet als een ‘tussendoortje’ en ga er vanuit dat er op de Boucheronburelen flink wordt gesneuveld in de archieven ter inspiratie voor een nieuwe Grote Geur.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Merkwaardig op diverse parfumblogs en verkoopsites wordt de geur omschreven als een sluier van sensualiteit terwijl Jaïpur Bracelet voor mij eerder een fris, groen-bloemige geur is met een lichte sensuele toets die zich pas later manifesteert. Want de opening is ‘knisperend’ groen. Hiervoor verantwoordelijk vioolblad (foto) gecombineerd met de groen-wrange geur van verbena. Nog meer groen met basilicum. Nog meer: frisheid petitgrain (essence verkregen uit tak en bladvan de bittere sinaasappelboom). En de aanwezige bloemen zijn ook van nature opperfris en vol van voorjaar: lelietje-van-dalen en hyacint.

Deze frivole bloemigheid krijgt een zoete injectie door viooltje. Pas in de basis krijgt Jaïpur Bracelet zijn sensuele sluier met cipreshout en cashmeran, maar behoudt zijn groenige ondertoon. Goed gedaan Carlos Benaïm. Er wordt ook melding gemaakt van anjer en afrikaantje in de geur. Beide zorgen een kruidig accent in een geur maar neem dat in Jaïpur Bracelet niet echt waar.

RUIK & VERGELIJK

De concullega’s in Parijs hebben wat recente geuren in de aanbieding:

Chopard Enchanted (2012)

Cartier Baiser Volé (2011)

Van Cleef & Arpels – La Collection Extraordinaire – Precious Oud (2011)

Van Cleef & Arpels Un Air de First (2011)

Van Cleef & Arpels Aqua Oriens (2012)

Cartier Eau de Cartier Essence de Bois (2012)

Cartier Déclaration d’un Soir (2012)

AQUA BRAVA EAU DE COLOGNE PUIG

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 9, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET A, KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK. Een reactie plaatsen

EEN ‘VERBORGEN’ NICHE-COLOGNE

EEN VERBORGEN VETIVER DIE LANGZAAM OP GANG KOMT

Jaar van lancering: 1968

Laatst bijgewerkt: 09/07/12

Neus: Marcel Carles (original), Rosendo Mateu (new)

Er wordt de laatste jaren in nichekringen erg enthousiast gedaan over een nieuw soort vetiver: vetiver fumé. Heeft geen fris-aardse noot, maar ruikt naar verbrand hout met een wierookachtige allure. Gerookte vetiver dus. Dit maak je als neus extra donker (dus sensueel) met ambroxan – de synthetische versie van ambergris, musk en leer. Stop het als nichebrand vervolgens in een erg understated flacon: succes en respect verzekerd. Respect op z’n Engels uitgesproken met de klemtoon op de tweede lettergreep als je onder de indruk bent van iets .

Voor mij hebben deze diepe, rokerige houtgeuren vaak een nothing new-effect, want die worden al lang – voor de nichesector zich er mee ging bemoeien – gemaakt. Zoals Aqua Brava van Puig. Een prachtige donkere bosgeur die een maskerade speelt.

Want achter een enorme frisse golf verbergt zich een diepe en krachtige rokerige geur die langzaam op gang komt en voor een eau de cologne behoorlijk persistent is. Maar wie of wat is Puig eigenlijk? In tgv-snelheid: de achternaam van de in 1889 in Barcelona geboren Antonio die in 1914 Franse parfums begon te importeren. Hierna zette hij in 1922 zijn eigen fabriek op waaruit nog hetzelfde jaar de eerste Spaanse lipstick rolde: Milady. Wat geuren betreft: in 1939 leverde het zijn eerste mannengeur Lavanda. Gevolgd in 1968 door de klassieker Aqua Brava, Spaans voor wild, woest water. En – zoals te lezen valt op de Puigsite – ‘die een wereldwijd ambassadeur werd van Spaanse geuren’.

Maar dan meer op de achtergrond, want Puig – nog steeds een familiebedrijf dat zijn producten in meer dan 150 landen verkoopt – ging tegelijkertijd succesvolle licenties aan met van Spaanse origine ontwerpers – zoals Paco Rabanne. Later gevolgd door Carolina Herrera, Comme des Garçons en Prada, en concentreerde zelf ‘in naam’ meer op massmarket-geuren. En dat is in feite Aqua Brava ook. ‘Historische’ bronnen ontbreken echter die duidelijk maken of de geur dat al bij de lancering was.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Zoals de opening nu is, was de vroegere versie zeker niet: een enorme wateruitbarsting – douchegevoel – waartussen bergamot- en citroendruppels geplakt zitten. Deze citrusfrisse smaakmakers geven het estafettestokje door aan de kruidige begeleiders: bittergroen salie, ijle jeneverbes en bloemig lavendel. Aqua Brava is eigenlijk een donkere chypre want hierna volgen in het hart nog meer kruiden: kruidnagel, laurier en tijm.

Die maken de enige bloem in het hart nog kruidiger dan dat die ‘van nature’ al is: anjer. De afronding is als verdwaald raken in een beregend bos vol eikenmos, sandelhout en patchoeli en – het geheim van de geur – een krachtige afronding met vetiver, musk en leer. Dat blijft op de huid plakken. En komt nog beter tot zijn recht als je zwetend een joggingrondje door het park doet (net gedaan) en er vervolgens een regenbui op je neerdaalt (daarna ervaren). Het lijkt dan net of Aqua Brava Eau de Cologne echt begint te ademen. En dan te bedenken dat het een cologne is.

RUIK & VERGELIJK

Nog een paar klassieke groene mannengeuren waar heel veel snobbers van nu met een vieze neus naar kijken. Maar onthoud: ooit waren deze geuren a sort niche avant la lettre.

Visconti di Modrone Acqua di Selva (1949)

Massimo Vidal Pino Silvestre (1955)

STECCA HILDE SOLIANI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 7, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S, KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST, NICHE. Een reactie plaatsen

ZO MOET EEN NICHEPARFUM RUIKEN DEEL 2

Jaar van lancering: 2008

Laatst bijgewerkt: 07/07/12

Neus: Hilde Soliani

De eerste keer dat ik Eau de Campagne (1975) van Sisely rook, verbaasde ik me over de volstrekt nieuwe manier waarop de neus – Jean-Claude Ellena – je een groene geur liet ervaren. En dat kwam voor een groot deel op conto van tomatenblad: fris, maar anders, groen maar anders, zonnig maar anders, bittergroen, maar anders. Dit vernieuwende ingrediënt werd tot mijn stomme verbazing nauwelijks door andere neuzen opgepikt. Tot 1996. Toen presenteerde Nina Ricci zijn eerste geur voor jonge Nina’s: Les Belle de Ricci. Diezelfde wonderlijke ‘tomatengewaarwording’ – zei het iets minder.

Er wordt wel eens gezegd dat je één ingrediënt moet overdoseren om een succesnummer te creëren. Dat heeft Hilde Soliani met tomatenblad en -stengel gedaan. En dat al vier jaar geleden. Alleen is het – nog – geen succès fou door de overkill aan geuren – waaraan Soliani vrolijk aan meedoet -, en het feit dat Soliani toch wel heel erg niche is. Als deze geur door Chanel, Gucci, Guerlain – zo zou eigenlijk een nieuwe Aqua Allegoria moeten ruiken – of Thierry Mugler gelanceerd zou worden met een megacampagne, dan zou me niet echt verbazen dat het net zo zou aanslaan als het ‘androgroene’ Ck One van Calvin Klein (1994)

Met Stecca toont Soliani voor mij de ware ‘functie’ van een nicheparfumeur: met ‘nieuwe’ ingrediënten zoeken naar nieuwe geurgewaarwordingen. Trouwens met oude weet ze ook wel raad – ruik Vecchi Rossetti ook uit 2008. Stecca betekent in het Italiaans keu, stokje en is tevens naam voor een pizza-achtig broodje in die vorm gevuld met olijf, ei en tomaat. Verder las ik ergens dat de geur is geïnspireerd op de gewoonte bij een slechte voorstelling in het theater – verrotte – tomaten naar de uitvoerenden te smijten… geloof ik gezien de theaterachtergrond van Hilde Soliani. Ik doe dat niet: ik breng haar een grote bloemenhulde of zal het een bosje tomatenbladeren zijn – best wel artistiek.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Tomatenbladeren op stok in de ochtenddauw waar de zon lichtjes op schijnt. Waar zal de geur van gemaakt zijn? Van echt tomatenblad of van een combinatie van groene, water- en houtmoleculen? Ik weet het niet en het maakt niet uit, maar mijn god wat is het lekker. Wat wordt ik hier blij van. En aardig. Zelfs die domme buurman die te lui is om zijn huisvuil niet in maar naast de afvalcontainer te flikkeren, lach je toe. En je zus die weer een uur later dan afgesproken op de bel drukt – omhels je nog intenser.

Maar je ruikt in Stecca niet alleen tomatenblad, maar ook iets van aarde (van die potgrond waar de ijzerachtige geur van mineralen uit wasemt), gras en iets hooiachtigs. Anders groen, modern groen, toekomstgroen.

RUIK & VERGELIJK

Heb onlangs nog zo’n maffe, vreemde en wonderlijke groene geur geroken. Bespreken we binnenkort:

Kerosine Creature (2011)

VIA VERRI ETRO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 5, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET V, NICHE. Een reactie plaatsen

VERRI FRESH

Jaar van lancering: 2010

Laatst bijgewerkt: 05/07/12

Neus onbekend

Niet de eerste keer dat Etro Via Verri lanceert. Want in 2006 en 2008 verschenen limited editions met dezelfde naam. Versie 2006: een ‘donkerfrisse’ rozengeur met viooltje en witte musk. Versie 2008 met het aan de naam toegevoegde Vintage: een kruidige geur waarin mandarijn zich laat verleiden door kardemon en koriander die op hun beurt zich laten verwarmen door een intense houtbasis: cipres en eik voorzien van een sensueel akkoord van musk en ‘mineraal amber’.

De versie die ik nu beschrijf stamt uit 2010 en wordt verpakt in de nieuwe, versoberde huisstijl van het merk. Lezen we in het persbericht: ‘De opwindende energie van het Milanese modedistrict, de weelderige warmte van het strand aan de Grote Oceaan, het onmiskenbare licht van The Northern Forest in Amerika, de onophoudelijke symfonie van het verkeer in een oriëntaalse stad. De frisheid van een ontdekking, van een belofte. Als een reis naar een onbekende plek waarvan we genieten van zijn potentieel. Iedere dag biedt een nieuwe afspraak met de wereld, met anderen, maar ook met onszelf, uitgedrukt door geraffineerde schoonheid, goede smaak en elegante eenvoud. Dat is Via Verri’ – genoemd naar de straat waar de (parfum)boetiek van Etro in Milaan zich bevindt.

Verder: ‘Een parfum dat ons uitnodigt voor een emotionele en sensuele reis waarvan het vertrekpunt onze huid is. Gelijk een eerste afspraak, onthult het karakter van Via Verri langzaam, discreet, in kleine aanrakingen’. Maar: ‘Zonder valse bescheidenheid, met een verleidelijke elegantie. De vrouwelijkheid van de roos wordt vergezeld door de warme rijkdom van jasmijn. Rondom het mysterie, de warmte en de weelderigheid van amber en musk, worden de levendige frisheid van bergamot en de bloemige noten van iris onthuld. Dan creëren de scherpe, kruidige noten van witte peper en kardemom een meer houtachtig en oriëntaals akkoord’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Dit is een van de meest toegankelijke geuren van Etro. Voor haar. Voor hem. Komt door de overheersende luchtige en zonnige toets zonder echt clichématig naar lucht en zon te ruiken. Kwalitatief goede ingrediënten maken van Via Verry een geur die inderdaad met een beetje fantasie de aroma’s van zee, bos en de Oriënt laten blenden.

Hoofdrolspeler: heldere jasmijn die wordt voorafgegaan door een hesperide-noot van citroen en bergamot (zee). Als Etro een parfumhandtekening heeft, dan is het volgens mij – afgezien van de solifleurs – de groenige poederige, ondertoon. In dit geval kardemon (foto) en iris die de jasmijn een groen-luchtige toets geeft (bos). Peper versterkt het idee van lucht en ijlheid, de begeleidende roos de bloemigheid van jasmijn. De ‘weelderigheid van amber en musk’ (de Oriënt) neem ik niet zo goed waar.

RUIK & VERGELIJK

Nog zo’n mooi groen-bloemig parfum van Etro:

Etro Palais Jamais (1989)

PETROLEUM – EDITION RARE – HISTOIRES DE PARFUMS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 4, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET P, NICHE, Uncategorized. Een reactie plaatsen

ZO MOET EEN NICHEPARFUM RUIKEN DEEL 1

Jaar van lancering: 2011

Laatst bijgewerkt: 04/07/12

Neus: Gérald Ghislain

Wel een erg leuk idee van Gérald Ghislain. Zijn nieuwe lijn heet Scents of Departure en is genoemd naar populaire vliegvelden. Alleen: 14 stuks. Heeft u even. Alleen: Schiphol zit er niet eens bij – toch een van ’s werelds meest gewaardeerde luchthavens dacht ik. En aangezien taxfree parfumshops geliefd zijn vanwege hun ‘belastingvoordeel’ is deze lijn dan ook prijsvriendelijker dan zijn gewone geuren. Zoals Petroleum dat vorig jaar samen met Rosam en Ambrarem in de Edition Rare-reeks verscheen.

Ik ben in ieder geval helemaal lyrisch over de eerste. En de tweede en derde die ik snel ook zal bespreken. Hoewel Ghislain met dit trio meedoet aan de al overheersende oud-trend in de nicheparfumerie van de afgelopen jaren, doet hij het wel onderscheidend. Pétroleum ruikt voor mij zoals een nichegeur nu moet ruiken: dus geen meer dan verfijnde variatie op een klassiek-populair thema (meestal het geval), maar een vertalen van een niet voor de hand liggend ‘gevoel’ of ‘iets’ dat eigenlijk heel ongewoon is, maar door zijn alledaagse voorkomen niet als zodanig worden ervaren. De geur van benzine dus.

Iedereen, of die het nou wil of niet, snuift het op. Niet iedereen ervaart het als prettig en heeft er daardoor een prettige herinnering aan. Ik wel: een snufje asfalt, een snufje teer, een snufje benzine en de zon die daarover schijnt. Ik wel: een ouderwetse op olie aangedreven grasmaaier die de geur van groen en gedroogd gras (hooi) met benzine vermengt… een ‘nicheparfum’ dat zo maar gratis in de lucht hangt.

Dit idee vertalen in een geur is natuurlijk een ander verhaal. Gérald Ghislain is daarin zeer goed geslaagd. Je opent de half ‘doorgesneden’ flacon en ruikt benzine. En dat verandert niet echt als je de ingrediënten kent die tot dit ongewone resultaat hebben geleid.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Kijk, je kunt rijkdom visueel ondersteunen met goud. Doet bijna iedereen. Kijk, je kunt je rijkdom olfactorisch ondersteunen met het zwarte (g)oud: benzine (of petroleum = oud). Doen nog niet zoveel.

Een korte maar boeiende opening: bergamot in een aura van aldehyden waarachter de ‘ronkende motor’ al wacht: oud (foto). Want hiermee vertaalt Ghislain benzine. En dat heeft wel wat. Eigenlijk heel veel aangezien aldehyden worden onttrokken aan – juist – aardolie. Het lijkt even of je verdwaald raakt in een benzinewalm, iets synthetisch, iets teerachtig, maar dat is slechts even… want langzaam aan trekt dit op en ruik je in feite een Arabisch parfum à la Montale.

Dus een in oud ondergedompelde roos die warm wordt gemaakt door amber. Alle drie goed te detecteren. Nog meer benzine (oud) in de basis die een soort animale ‘oer’-ondersteuning krijgt met civet en leer. Patchoeli en witte musk zorgen ervoor dat Pétroleum niet als ruwe aardolie maar elegant eindigt. Ofwel, Gislain raffineert oud na zijn agressieve uitbarsting en leidt het in zachte banen die de nicheconsument ‘benzine’ laat begrijpen.

RUIK & VERGELIJK

Something oud & new:

Bond N° 9 New York Oud (2011)

Giorgio Armani – Armani Privé – Oud Royal (2010)

Christian Dior – La Collection de Christian Dior – Leather Oud (2011)

Creed Royal Oud (2011)

By Kilian – Arabian Nights – Amber Oud (2011)

Estée Lauder Wood Mystique (2011)

Jo Malone – Cologne Intense – Oud & Bergamot (2011)

Maison Francis Kurkdjian Oud (2012)

Volgens mij de beste en mooiste oud en haar magnus opus:

Mona di Orio – Exclusive Eau de Parfum Intense Collection – Oud (2011)

NUIT DE LONGCHAMP LUBIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 1, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET N, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Een reactie plaatsen

EEN WITTE BLOEMEN-CORSAGE

ZO ZACHT ALS SATIJN, ZO LICHT ALS CHIFFON

Jaar van lancering: 1934/1937/jaren vijftig/2008

Laatst bijgewerkt: 01/07/12

Neus: Henri Bergia, Lucien Ferrero (2008-versie)

Nuit de Longchamp. Wellicht het beroemdste parfum van Lubin met zoveel mystiek omringd. Niet alleen door de naam, maar ook door verhalen over hoe geweldig het ooit geroken heeft. Daar kon je het als echte fragrance-fan meedoen. De geur verdween midden jaren vijftig van de vorige eeuw uit de winkel en vervolgens uit het bewustzijn… Laatste versterkt door het feit dat Lubin (anno 1798) ergens midden jaren zeventig zijn huis in Parijs sloot. Maar sinds de opkomst van de nichetrend (ongeveer midden jaren negentig) en de hieruit voortvloeiende interesse voor ‘bijna niet meer geroken geuren’ heropenen veel ooit gerenommeerde huizen hun deuren. Weliswaar zijn de sleutels vaak in handen van het ware parfummetier geen warm hart toedragende investeerders, maar die hebben na een aantal debacles (Schiaparelli, Vionnet, Lelong) geleerd dat ze zo dicht mogelijk bij de filosofie van de oprichters moet blijven, willen ze op zeker moment toch echt geld zien.

Gilles Thévenin doet het met Lubin in 2008. En hij is, afgaande op de nieuwe versies, zo dicht mogelijk bij de originele receptuur gebleven. Bij hem geen ‘gewichtige’ verklaringen dat de geuren naar ‘nu’ zijn vertaald om te beantwoorden aan de veranderende smaak – iets waar anderen nieuwe eigenaren zich nog wel eens ‘schuldig’ aan maken. Zo gauw je dat doet, verliest in ieder geval een ‘vintage-huis’ zijn geloofwaardigheid en noodzaak weer op de markt te komen.

Alleen jammer – en Thévenin staat hierin niet alleen – heeft hij gekozen voor een – beetje plompe – standaardflacon (eerste foto gecombineerd met een campagne uit de jaren zestig) wat de vrouwengeuren betreft. En aan de andere oude advertenties zie je dat verpakking en sfeer voor een grote mate de aantrekkingskracht van een parfum bepaald. Daar kunnen vintage en nichehuizen nog heel wat – opnieuw – van leren.

Nuit de Longchamp is eigenlijk een soort gelegenheidsgeur, want gemaakt ter ere de eerste nachtelijke wedstrijd in het hippodrome van Longchamp bij Parijs. En dat moet dus een chique aangelegenheid zijn geweest. Je ziet de sfeer helemaal voor je. Mannen in smoking, vrouwen ook smoking als symbool voor een emancipatoire attitude.

En natuurlijk gekleed in schuin gesneden satijnen jurken met sleep (Chanel, Grès, Lelong, Molyneux, Patou, Vionnet, Schiaparelli en al die andere toen populaire couturiers) met een sierlijke bloemencorsage van witte bloemen, of een streng parels. Want Nuit de Longchamp is voor mij een wit-beige bloemenparfum zacht als satijn, licht als chiffon. Niet zwaar, wel elegant luchtig als een nachtelijk briesje tijdens een warme zomernacht. Een aanwinst voor de klassieke aldehydenparfumliefhebbers en – nu – zeer geschikt voor all day-all night wear.

Let op: in de Benelux alleen verkocht bij Store in Antwerpen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Sommigen typeren de geur als een hybride: een ‘aldehyde-chypre’, zwevend tussen Chanel N°5 (1921) en Miss Dior (1947). Van de eerste heeft het de aldehyden, van de twee de groene toets met dierlijke onderlaag. Niet opgeroepen met civet, maar met een intense noot van Peru- en tolubalsem. Maar die moet in de oudere versies sterker zijn geweest, gezien het toen vanzelfsprekende gebruik van een dierlijk spoor in de nasleep van parfums. De nacht gaat lichtjes frisbloemig ‘chill’ van start met bergamot en oranjebloesem begeleid door die typische aldehydennoot die gedurende het hele verloop aanwezig blijft. Dan verschijnt er een lichtgroen en kruidig schijnsel aan het nachtelijk firmament: kardemon en nootmuskaat die de witte bloemenweelde – jasmijn, ylang-ylang en Turkse roos (ok, die is rood) – in het hart een decente kruideninjectie geeft.

Iris zorgt voor een poederige verfijning die de ‘stoere’ bosachtige basis van brem, sandelhout, patchoeli, vetiver en eikenmos (chypre-achtig dus) tempert. Dan de sensuele noten: Peru- en tolubalsem (zelden meer gebruikt in geuren en goed voor een kruidige-muskachtige vanillegloed) en cistus labdanum. Samen vloeit dit alles samen in prachtige zachtheid die aanhoudt, aanhoudt, aanhoudt.

RUIK & VERGELIJK

Terwijl ik me in Nuit de Longchamp aan het verdiepen was, de wederwaardigheden er over las en de associaties met andere geuren las, spookte een ander parfum door mijn hoofd. Die zit nu op mijn rechterpols, Nuit de Longchamp op mijn linker. En hoewel die ander geprononceerder, gelaagder en rijker is, vindt ik het aldehyden-gevoel treffend.

Amouage Gold (1983)

UN AIR DE FIRST VAN CLEEF & ARPELS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 30, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET F. 3 reacties

FIRST IMPRESSION: NOT SECOND BEST

Jaar van lancering: 2011

Laatst bijgewerkt: 30/06/12

Neus: Nathalie Gracia-Cetto

De afgelopen jaren heeft First (1979) al heel wat variaties gekend. Maar die waren meestal – helaas – seizoensgebonden. Daar zaten, om in de terminologie van de juwelier te blijven, prachtig gezette meesterwerken tussen. Mijn favoriet: First Eau de Toilette pour l’Eté uit 2007. Om stil te staan bij het feit dat First 35 jaar geleden het licht zag, werd vorig jaar Un Air de First gepresenteerd. Want het huis met zijn hoofdzetel aan het Place Vendôme, weet dat het met First een ‘here to stay’-parfum bezit, dat meer dan nog de talrijke andere oude en nieuwe geuren, de essentie van zijn filosofie bevat: strakke understated chic zonder bling-bling, zonder geschreeuw, zonder tijdelijke en trendy smaakjes. Maar toch: voor een nieuwe generatie kan dit volle aldehydenparfum – samengesteld door Jean-Claude Ellena, nu parfumeur-in-huis bij Hermès – te krachtig zijn.

Dus werd Nathalie Gracia-Cetto uitgenodigd een nieuwe variatie te creëren. Niet voor één seizoen. Een gevaarlijk spel, want je moet niet te veel kniebuigen voor de veronderstelde smaak van die nieuwe generatie – als die al bestaat. Die smaak dus, want die is eerder aangepraat dan aangevoeld. Je kunt het dus heel simpel oplossen door First aan te lengen met heel veel rood fruit en heel veel patisserie-smaken. Niet gebeurd. Gelukkig.

Ik ben aangenaam verrast. Un Air de First is van nu, maar verloochent zijn ‘oude’ afkomst niet. Ach ja, moest er ook nog een profielschets van de draagster bij. Geniet van de clichés: ‘Un Air de First-vrouw is prachtig, elegant en dynamisch. Ze houdt van het leven en is van haar tijd’. En over geuren heeft ze een duidelijke mening: ‘ze ziet de elegantie van een nieuw parfum in combinatie met de herinnering aan een klassieker’. Voel je’m?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het knappe van First is dat het hoewel duidelijk refererend aan de klassieke aldehydenparfums – N°5 van Chanel uit 1921, Arpège van Lanvin uit 1927 – het ontdoet van hun volle amberachtige ondertoon door het te voorzien van een meer groene, lichte en sprankelende basis. Nathalie Gracia-Cetto voegt nu een nog duidelijker te traceren groene noot én een hele subtiele gourmand- en poederachtige sensaties toe die First letterlijk Air geven.

Un Air de First opent met een wolk van aldehyden op basis van mandarijn die dit keer minder vettig en vol zijn doordat het wordt omringd door galbanum – dat ongelooflijke groene hars dat zowel fris als sensueel is (tekening) en in deze geur voor een groen blad-effect zorgt. Tegelijkertijd ruik je die mooie, fruitzoete noot van zwarte bes – ook te ruiken in First – en een hint van framboos. Nu wordt de geur geleidelijk zachter zonder zijn frisheid en crispyness te verliezen – met behulp van lelietje-van-dalen – door de introductie van witte perzik die de ‘arrogante’ roos en zeer bloemige jasmijn als het ware vriendelijker maken. En steeds ruik je de echo van First die geleidelijk naar de basis zijn andere verandering toont: Un Air de First krijgt en poederachtige en ‘huideigen’ kwaliteit.

En die is niet warm maar eerder koel en winterachtig (de kracht van de aldehyden die doorwerkt volgens mij) die heel lichtjes aan meringue doet denken: een melange van een prachtige zachte katoenbolletjesachtige musk, vanille en amber. De opgevoerde vetiver en lichte mosnoot geeft de geur een klassieke ondertoon.

RUIK & VERGELIJK

Het grote verschil: First is een parfum dat je op afstand bewondert, het geeft de draagster klasse. Een prachtig gearrangeerd, statig klassiek boeket dat je niet durft aan te raken. Toch probeer je zo dicht mogelijk erbij te komen om de weelde op te snuiven. Un Air de First is intiemer, meer toegankelijk, meer ontspannen en meer privé; je hebt de neiging om nader kennis met de draagster te maken. Om in haar nek te verdwijnen. Niet van louter opwinding, maar door behoefte aan ‘volwassen geborgenheid’. Over clichés van mijn kant gesproken…

Van Cleef & Arpels First (1976)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Sal y Lemon Carner
    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....