GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

ROKKA ANTONIA’S FLOWERS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 4, 2013
Geplaatst in: GEURENALFABET R, NICHE, PORTET. Getagd: mona di orio. Een reactie plaatsen

LET’S ROKKA!

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 04/01/13

Neus: onbekend

Concept & realisatie: Antonia Bellanca

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ROKKA ANTONIA'S FLOWERS‘Hi Erik!’ Hoor ik dat goed? Het klinkt so American. Ik kijk in de Skinswinkel in het Conservatorium Hotel verbaasd om me heen op zoek naar de persoon die dit zegt. Verdomd: Antonia Bellanca. Had ik niet verwacht dat ze me na tien jaar nog herkent. Ik loop op haar toe, begint me uitgebreid te kussen en vooral te praten. Uit wat ze zegt wordt duidelijk dat ze me nog echt herinnert. Bellanca was naar Amsterdam gekozen om haar eerste herengeur te promoten.

Maar eerst een intiem tête à tête waarin we de stand van parfumzaken doornemen. Ze kijkt vanuit haar eigen ‘niche’ naar de bedrijvigheid in de winkel en zegt vervolgens: ‘Snap jij dat nou Erik, al die nieuwe nichemerken die direct zeven à acht geuren tegelijkertijd lanceren. Dat kun je de klant eigenlijk niet aandoen – ik vind het ook een soort brevet van onvermogen. Dat jezelf niet hebt kunnen beslissen welke geur nu pas echt de moeite waard is’. Ik beaam het enigszins. Veel mensen hebben er geen moeite mee. Ook niet dat zoveel nichemerken hetzelfde voorspelbare stramien volgen. Maar zegt ze ‘toch niet helemaal. Hoeveel merken hebben met veel aplomb gepresenteerd om na een paar jaar weer in het niets te verdwijnen’. Ik beaam dit helemaal.

Dan vraagt ze: ‘Erik, kun je me meer vertellen over het overlijden van Mona di Orio, dat vind ik toch verschrikkelijk, maar ook zo eigenaardig – het lijkt wel een thriller. Ik licht haar een en ander toe. Haar antwoord: ‘Maar toch, ik blijf het zeer mysterieus vinden’. Ander onderwerp. Ik: ‘Kun je goed leven van je geuren?’ Ja dus. Ze legt me vervolgens haar methode uit. ‘Ik lever direct aan de winkels. Ik werk niet met tussenpersonen, waardoor ik zelf meer overhoudt’. Het constante succes ligt volgens haar aan het feit dat ze niet te veel geuren lanceert, waardoor mensen getriggerd blijven. ‘Kom ik met iets nieuws dan is men echt benieuwd’.

Voor we het over Rokka gaan hebben, vertelt ze nog een leuk ‘weetje’ over de geur waarmee ze haar claim to fame vestigde. ‘Toen ik op zoek ging naar iemand die voor mij Antonia’s Flowers kon maken, werd ik bijna radeloos. Niemand kon mijn idee vatten in een geur. Toen belde me een kennis me en die zei dat ze via via een neus kende die misschien interessant was’.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ROKKA ANTONIA BELLANCABleek dus Bernard Chant te zijn, de man verantwoordelijk voor een aantal klassiekers van met name Estée Lauder. Afspraak gemaakt. Wat bleek: die was bezig met een revolutionaire ‘extractiemethode’ (de voor het eerst toegepaste living flower-technologie) die precies in lijn lag met wat Bellanca in gedachten had. Hij had het idee zelfs aan Lauder aangeboden, maar die zag deze nieuwe kijk op bloemige frisheid toen nog niet ‘zitten’. Bellanca wel. Ze werkten het idee samen verder uit. De rest is geschiedenis: Antonia’s Flowers (1984) de geur geldt nog steeds als een klassieker en zal het blijven.

Nu Rokka. Mijn vraag: ‘Waarom een geur voor de man?’ Haar antwoord: ‘Omdat het fun is en ik de gelegenheid heb gehad om me er goed op voor te bereiden. Ik had als vriendendienst namelijk al een paar mannengeuren gemaakt.

De laatste dienst, Rokka, daar was ik zo tevreden over en gestimuleerd door de ‘ontvangst’ besloot ik hem in mijn collectie op te nemen’. Ontstond als volgt: ze werd door een goede vriend gevraagd of ze een geur wilde maken voor de mannelijke gasten op een bijzonder feest dat werd gevierd in Vermont. De gasten hadden één ding gemeen: een grote liefde voor het buitenleven.  Snowboarden, tourskiën, klimmen, surfen; niet direct de typische parfum-liefhebber.

De briefing van Bellanca aan de anonieme parfumeur (vergeten te vragen) was ‘the outdoors’ in gedachten te houden. Stel je voor dat je aan het eind van de dag, na een lange wandeltocht door besneeuwde dennenbossen langs een berghut loopt waar de geur van een knapperend haardvuur uit de schoorsteen komt. De samensmelting van deze elementen; knisperende sneeuw, groene geur van dennennaalden en hout in combinatie met de sensatie van haardvuur, resulteerde in Rokka. Al met al, zoals het persbericht terecht vermeldt, niet de typische glamouromgeving die je verwacht bij een signature scent.

Wat betekent Rokka? Is Japanse oorsprong en heeft dus volgens het persbericht, ‘kenmerkend voor de Japanse taal, meerdere betekenissen. Kan verwijzen naar hexagoon (als sneeuwvlok), naar zes bloemen en zelfs een kleedkamer. Maar vooral is het een korte, stoere, mannelijke naam die goed klinkt en het karakter van de geur goed beschrijft’. Let’s Rokka!

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ARPEGE PAARS VIOOLTJEHet idee: de lucht die je opsnuift in Vermont. Alleen in welk jaargetijde precies? Ik voel geen winterse sfeer, geen winterse kou, wel een sensatie die met een beetje fantasie de overgang van de winter naar het voorjaar verbeeldt. Want ik vind de geur opvallend zacht-zoet.

Merkwaardige opening met die citrusnoten. Ik ruik citroen maar ook een oranjebloesemnoot (met een beetje weeïge nuance die doet denken zoals ze het in Frankrijk zo mooi noemen pis de chat) die snel aansluiting zoekt met veel viooltjes. Zoet, maar niet te. En dat komt omdat je snel via cederhout (ruik je goed) en mos in de basis terechtkomt; een sierlijk-sensuele blend van tonkaboon, amber en patchoeli.

Als je goed blijft door ruiken neem je een licht spoor waar van nootmuskaat die de tonkaboon ‘droger’ maakt. Maar een echt out door-gevoel krijg ik niet: geen dennennaaldgroen, geen hout waar zachtjes sneeuwvlokken op neerdalen. Want Rokka blijft zacht en zoet, Rokka is een heel toegankelijke geur. En dat is wat volgens mij heel veel ‘nichemannen’ aangenaam vinden.

RUIK & VERGELIJK

Opvallend: Rokka is voor mij een masstige-geur verpakt (heel stoer en simpel, helemaal ‘outdoors’) in niche. Het is een samenvloeien van een aantal geuren die vanaf midden jaren zeventig van de vorig eeuw verschenen (toen niche nog niet echt bestond), waarin voor het eerst zoete bloemen (zoals als het viooltje) een nieuwe standaard werd voor mannelijk raffinement. Zoals:

Geoffrey Beene Grey Flannel (1975)

Dior Fahrenheit (1988)

Kiton Kiton (1996)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ANTONIA'S FLOWERS FLACON

DO SON DIPTYQUE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 3, 2013
Geplaatst in: GEURENALFABET D, NICHE. Getagd: dyptique. Een reactie plaatsen

EEN FRISSE TUBEROOS

Jaar van lancering: 2005

Laatst aangepast: 03/01/13

Neus: Fabrice Pellegrin

Concept & realisatie: Dyptique

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE DO SON DYPTIQUEEen van de oprichters van Dyptique (anno 1961) groeide op in Haiphong, een havenstad in het noorden van de voormalige Franse kolonie Indo-China (sinds de onafhankelijkheid in 1954 eerst opgedeeld in Noord-Vietnam en Zuid-Vietnam, die 1976 na de Tweede Indochinese Oorlog één staat werden).

Een geurherinnering die hem, Yves Couselant, als kind is bijgebleven: zijn moeder die niet tegen de vochtige, klamme hitte van de ‘monsoon’ kon, lag te rusten in haar woonkamer die gevuld was met de ‘bitterzoete’ geur van de tuberoos. Een andere, prettige geurherinnering heeft hij aan het iets verderop gelegen Do Son, een badplaats waar zijn vader een pagode liet bouwen (bij zijn vakantiehuis neem ik aan) om daar aan het einde van de dag te genieten van de zeelucht.

En met deze info ging Fabrice Pellegrin aan de slag. Het resulteerde in een van de zonnigste tuberoosgeuren die ik ken. Je zou het tuberoos voor beginners kunnen noemen omdat van deze ‘roos’ niet het über-sensuele en overrompelende aspect wordt benadrukt. Deze tuberoos is namelijk opvallend fris, groen, ‘waterig’ en helder en wordt hierdoor easy to wear, wordt hierdoor voorjaar. Alsof het bladgroen aan de bloemen is blijven hangen. En toch ademt Do Son exotisch en ‘ver weg’. Alsof je een tropische plantenkas betreedt waar constant een milde, verfrissende ‘dauwregen’ over de tuberoos en de haar ‘begeleidende’ bloemen valt.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE TUBEROOSIk vermoed dat er meer ingrediënten – oranjebloesem, roos, iris, tuberoos, roze peper, benzoïne en musk – zijn gebruikt dan ‘officieel’ zijn opgegeven. Met name in de opening, want de explosie van oranjebloesem die voor een fris, cologne-achtig effect zorgt (die tot in de basis present blijft) wordt begeleid door een fris-bloemige en groene noot die doet denken aan fresia met een muntnuance.

Hierachter schuilt de tuberoos (foto) die bloemiger wordt gemaakt (getemperd als het ware) door roos en zachter door iris. Mooi is de toevoeging van roze peper die als het ware de oranjebloesem levendig houdt. De basis van benzoïne en musk maakt de tuberoos ronder, voller tegelijkertijd zachter zonder zich te verliezen in zinnelijkheid. Met dank aan oranjebloesem.

RUIK & VERGELIJK

Zijn de meeste pure tuberoosparfums sensueel, geil, romig en overrompelend – de standaard in deze Fracas van Robert Piguet uit 1949 – ik ken slechts een geur waarin de tuberoos ook een luchtig karakter heeft en toch chic blijft.

Michael Kors Michel Kors (2000)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE LOGO DYPTIQUE

SPEAKEASY FRAPIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 2, 2013
Geplaatst in: GEURENALFABET S, NICHE. Een reactie plaatsen

HOW BEAUTIFUL, HOW BOLD, HOW SWEET

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 02/01/13

Neus: Marc-Antoine Corticchiato

Concept & realisatie: Béatrice Cointreau

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE SPEAKEASY FRAPINIk heb iets met de geuren van Frapin, voluit geschreven P Frapin & Cie. De reden? Het is niche zoals niche voor mij hoort: met niet al te veel poespas, zelfbewieroking en zonder de behoefte de (altijd enthousiaste) lifestyle-media te benaderen voor exposure. Gewoon mooie geuren leveren. Ook leuk: je leert het meestal bij toeval of via-via kennen. In het begin had ik bedenkingen: waarom moet een oud cognachuis een nieuwe tak aan zijn assortiment toevoegen? Snel liet ik die varen.

De geuren zijn goed, hebben meestal een originele link met de ervaring en de geschiedenis van Frapin, en wat daarbij komt: de wereld van sterke drank (en wijn) wordt steeds meer door neuzen als inspiratiebron gebruikt en is daarnaast een goed handvat om leken uit te leggen hoe een geur is opgebouwd. Zoals een vinoloog de opbouw van een cognac/wijn verklaart, zo verklaart een neus vaak een geur.

Nog iets: zijn veel nichegeuren prettig om te ruiken, niet om te dragen – die van Frapin zijn allemaal prêt-à-porter. Bewijst Speakeasy. Werd gemaakt door een van mijn favoriete neuzen, Marc-Antoine Corticchiato. Die heeft de inspiratiebron goed begrepen. Speakeasy (naam van illegale nachtclubs) roept de door Hollywood geromantiseerde wereld op tijdens ‘the Prohibition’: de tot mislukken gedoemde operatie (via een amendement) van de Amerikaanse overheid in de vorige eeuw (exact van 17 januari 1920 tot 5 december 1933) om productie en verkoop van alcohol te verbieden, hopende het gebruik maar vooral misbruik uit te bannen.

Het logische gevolg: productie en consumptie gingen de illegaliteit in en cafés bij de grenzen in Canada en Mexico beleefden topjaren. In Amerika ‘verschenen’ illegale cafés in achterkamertjes waar, om toegelaten te worden, je op zachte toon een codewoord moest uitspreken: speakeasy, fluister. Veel criminelen hebben goud geld verdiend aan de handel. Zij stalen onder meer industrieel alcohol en maakten er min of meer drinkbare alcohol van. De regering dwong in 1926 fabrikanten middelen toe te voegen aan industriële alcohol waardoor die ‘ondrinkbaar’ werd.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE KATTENSTAARTLukte niet helemaal: volgens schattingen kwamen door deze alcoholvergiftiging minstens 10.000 mensen eerder dan ze zelf hadden voorzien aan hun einde. Opvallende bijkomstigheid: om de vaak povere smaak van de illegaal gestookte alcohol te maskeren, werden allerlei versierders toegevoegd: de echte cocktail was geboren.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Corticchiato presenteert een prachtige blend, waarin je met een beetje fantasie alle aroma’s van een dergelijk geheim café opsnuift. Speakeasy heeft een cocktail-toets, een sterke drank-toets en voegt daar de geuren van leren clubfauteuils, tabak en sigarenrook aan toe.

Voor mij begint de geur in een ‘speakeasy’ om te eindigen in de besloten wereld van herenclub. Heel mooi: de kwaliteit aan ingrediënten, dus niche. Je krijgt waar voor je geld en zoals gezegd ‘draagbaarheid’. Speakeasy blendt drie uitgesproken noten – leer, tabak en ‘sigarenrook’ – tot een uitgebalanceerde, harmonieuze en toegankelijke compositie zonder ‘makkelijk’ te worden.

Toen ik de geur voor het eerst blind kreeg opgespoten, moest ik bij opening denken aan de binnenkant van een vat dat jarenlang ‘op de tocht’ heeft gelegen: groenig, houtig, zwevend tussen schimmelig en ‘mineraal’… iets later aan volle en ‘crèmige’ schoenensmeer die elegante leren schoenen voorziet van een mooi, glanzend laagje. Hoewel anders bedoeld, roepen de noten wel eerst dezelfde frisheid op, later de leren ‘afdronk’ dezelfde stoere zwoelte.

Speakeasy opent als een elegante mojito-cocktail. Ofwel, rumextract, davana-gras (met zijn fruitige en frisse groenheid), sinaasappel en limoen. Mooi om te ruiken hoe ‘zacht’ de rum deze (citrus)noten maakt. Het cocktail-idee wordt voortgezet in het hart met (Russische) munt en (Egyptische) geranium. Maar dan de basis – how beautiful, how bold, how sweet: een oude leren clubfauteuil en schoenenpoetsdoos in een: want de leernoot is sterk, door Corticchiato opgeroepen met styrax (benzoïne) en cistus labdanum die een mooie, stoere ondertoon krijgt door een tabaksnoot die op zijn beurt weer verfijnd ondersteund wordt door liatrix (foto). Beter bekend als kattenstaart geliefd om zijn eigen coumarinenoot met het bekende hooi-effect.

Om het effect niet al te overdonderend te maken, worden de elegant-warme ‘zoetmakers’ kerrieplant en tonkaboon (naast zijn rumeffect ook geliefd om zijn eigen coumarine-noot) toegevoegd. Die geven de geur tegelijkertijd een cognacachtige allure. De witte musk ontdek ik niet echt.

RUIK & VERGELIJK

Doet qua sfeer, luxe, verfijning en oosterse sensualiteit denken aan:

Guerlain Habit Rouge (1965)

Aramis – The Gentleman’s Collection – J•H•L (1982/2009)

Tom Ford Noir (2012)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE FRAPIN LOGO

DEVIN – THE GENTLEMAN’S COLLECTION – ARAMIS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 23, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET D, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Getagd: aromatics elixir, cinnabar, youth dew. 2 reacties

ZO ROOK DE NATUUR VOLGENS ARAMIS IN DE JAREN ZEVENTIG

Jaar van lancering: 1977/2009

Laatst aangepast: 23/12/12

Neus: Bernard Chant

Concept & realisatie: Aramis

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE DEVIN ARAMISHet leuke aan de The Gentleman’s Collection: je krijgt een goed historisch overzicht van de ontwikkeling van Amerikaanse mannengeuren geschreven door Estée Lauder – zij is namelijk de vrouw die Aramis bedacht (zie foto onder). Begon met de gelijknamige geur uit 1964 die nu Classic heet.

Daarnaast: met stijgende en verbazing (vol bewondering) kom ik er achter dat veel Aramisgeuren eigenlijk een mannelijke tegenhanger zijn van parfums die Estée Lauder voor de vrouw lanceerde. Hoewel het begrip ‘tweelinggeuren’ (zelfde naam voor een vrouwelijke en mannelijke versie) niet van toepassing is, valt op hoe nauw verwant de Aramis- en Estée Laudergeuren zijn.

Sterker, geldt bij de meeste merken die dergelijke duo’s lanceren het verhaal en het imago als the not missing link, bij Aramis/Lauder bestaat er ook een niet onmiskenbare olfactorische relatie. Dus Aramis 900 (1973) lijkt op Aromatics Elixir (192) van Clinique (Estée Lauder bedacht ook dit cosmeticamerk), J•H•L (1982) op Youth Dew (1953) en Cinnabar (1978). En ‘andersom’: Azurée (1968) is geïnspireerd op Aramis (1964).

Geldt ook voor Devin. Heette bij lancering Devin Country Cologne. Is dus geïnspireerd op Aliage (1972) en dus ook ‘an escape to the country’, dat eeuwige verlangen dat de geïndustrialiseerde westerse man 24/7 met zich meedraagt. Hij neemt hij de lasten van het leven in de metropool op de koop toe, wetende dat hij er op z’n minst een keer per jaar tussenuit kan.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE DEVIN ARAMIS OLD ADEn dat was volgens Aramis aan het einde van de jaren zeventig een rustmoment op het platteland. Wandeling door de bossen, hengeltje uitwerpen, jagertje spelen of gewoon met familie en vrienden genieten van je tweede huis in groene contreien. De slogan stuurde je ook in de goede, groene richting: ‘A rich, sophisticated fragrance that captures the relaxed, unhurried attitude of the country life’.

Met een beetje fantasie kun je Devin een slow parfum (het olfactorische antwoord op de slow food-beweging) avant la lettre noemen en is nu vintage en modern tegelijkertijd. En dat komt door de overdosis galbanum (nu herontdekt als elegante verleider in geuren) die je van het begin tot het einde zo aangenaam blijft ruiken.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Devin is een klassieke, beter gezegd ouderwetse chypre (in de goede zin van het woord) met een kruidig en warm aura. Genieten dus. In de opening barst de frisse, groene en sensuele galbanum los die zit gevangen in een citruswolk van aldehyden, sinaasappel, citroen en bergamot begeleid door bittergroen alsem. Mooi om te ruiken: de rol die lavendel in de opening speelt, geeft het geheel een zonnige glans. Geleidelijk aan wordt de geur kruidiger en bloemiger: jasmijn en anjer worden gerold door een melange van kaneel, karwei en dennennaalden.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE DENNENNAALD FOTOHet harsachtige, terpentijn-effect van deze naalden versterken de werking van galbanum. De afronding is minder ‘platte land’, meer sensueel, meer geraffineerd. Alsof je de geuren opsnuift die rondhangen in de sobere, maar comfortabele living – hout, leren stoelen – van een country house.

En dat komt omdat eikenmos, patchoeli en cederhout in de lak lijken gezet met zachtzwoel amber, leer en musk. Met andere woorden: Devin is meer passief, laid back, dan actief genieten (tuinieren, oogsten, wandelen) van de natuur.

RUIK & VERGELIJK

Bernard Chant, een van meest talentvolle neuzen van de vorige eeuw, wist perfect de wensen van Estée Lauder te vertalen in geuren die terecht klassiekers zijn geworden.

Grès Cabochard (1959)

Aramis Classic (1965)

Estée Lauder Azurée (1969)

Clinique Aromatics Elixir (1972)

Halston Halston (1975)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ESTEE LAUDER

DE ‘SCHOK’ VAN HET ONVERWACHTE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 22, 2012
Geplaatst in: ACHTERGROND, GEURENALFABET CIJFERS, OPVALLEND PARFUMNIEUWS. Getagd: rue cambon.

FOR THE VERY FIRST TIME: BRAD PITT FOR Nº 5

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CHANEL Nº 5Geurengoeroe kreeg verzoeken of hij wil reageren op de nieuwe campagne van Nº 5. Doet hij dan maar. Alhoewel bij hem op de eerste plaats de inhoud telt – zie einde verhaal. Dat het hele circus er omheen belangrijker bij parfumpromotie is geworden, sterker de overhand heeft gekregen… soit. Het schijnt zo te zijn dat als je een klein kind vraagt een parfumflacon te tekenen, het er een maakt die lijkt op Nº 5. Niet zo heel erg verwonderlijk natuurlijk: het vierkant is naast de cirkel en de driehoek een van de basisvormen van de meetkunde. Afgezien daarvan: dat Nº 5 lijkt opgeslagen in ons collectief geheugen als hét referentiepunt voor parfum is overduidelijk.

Talrijk zijn de voorbeelden in films en tv-series waarin Nº 5 als zodanig wordt geciteerd. De meest hilarische voor mij is een aflevering van The Golden Girls waarin Blanche Dorothy (of andersom) Nº 5 aanbiedt in ruil voor een contraprestatie. Blanche vraagt Dorothy (of andersom), om zich te vergewissen of het wel een goede deal is: ‘The perfume or the cologne?’ In dezelfde serie wordt Nº 5 ook een keer als secret potion opgevoerd waarmee je in iedere man in je bed krijgt.

En dan nu de campagne met Brad Pitt. Werd vooral met hoongelach ontvangen (de parodieën op internet zijn talrijk) en kreeg hierdoor ook veel aandacht in die media waar Chanel over het algemeen niet vaak ‘in dit verband’ wordt aangehaald: de ‘serieuze’. En dus kun je stellen: mediaoffensief geslaagd. Brad news, good news, in the end it is news. Toen ik voor het eerst hoorde dat Chanel Pitt had geëngageerd om Nº 5 te promoten, zag ik hem in gedachten over de avenues en in de straten van Parijs lopen op zoek naar het perfecte decembercadeau voor zijn vrouw, die ene actrice. Uiteindelijk komt hij terecht in rue Cambon, waar het couturehuis zich bevindt, gaat naar binnen om het parfum (een literflacon op zijn minst) te kopen en – hij is er eenmaal – ook een petite robe noire, dé tas en een tailleurtje. Chanel opteerde voor iets anders: een (quasi) diepzinnige bespiegeling uitgesproken door Brad Pitt. Heel sec vastgelegd. Je neemt het serieus of niet, maakt voor mij niet uit.

Wat mij aangenaam verbaast is juist de sobere promotie van de eerste clip. Zo in contrast met de über-über-overvloedige parfumclip van een van de directe concurrenten van Nº 5: J’adore van Dior waarvoor twee jaar geleden de Spiegelzaal van Versailles werd afgehuurd. Het lijkt net of Chanel op deze manier toont dat het zich bewust is van het feit dat voor heel veel vanzelfsprekende klassieke en potentiële kopers de crisis een feit is. Dat het dan misschien beter is om je luxegoederen minder ostentatief te etaleren.

Wat me opvalt bij de tweede clip: sommige kleding vind ik helemaal niet Chanel. De eerste jurk is meer Armani, de tweede is een onduidelijk zomers gevalletje, dan zien we Chanel zoals we Chanel kennen: een update-versie van het beroemde mantelpakje om met een draperiejurk à la Donna Karan en Gucci te eindigen. En in de lange video-clip met de naam For the first time wordt niet helemaal eerlijk met de geschiedenis omgesprongen. Of beter gezegd: is een interpretatie van Chanel. Ik noem slechts de bewering dat voor het eerst een man een vrouwenparfum promoot. En verrassend: nu pas wordt – voor het eerst volgens mij – onthuld dat de dop door Coco Chanel is ontleend aan de vorm van Place Vendôme. Dat zou ik graag met feiten gestaafd zien.

Maar ik kan het op alle fronten mis hebben. Als Chanel de campagne ook voor moederdag of najaar 2013 presenteert, dan weten we het. Waar ik alleen op hoop: dat Chanel ons een keer – als limited edition – laat genieten van de oerversie van Nº 5. Dat de dierlijke noot die er in de loop der decennia – verplicht – is uit gefilterd, weer eenmalig terugkomt. Wat dat betreft is de tijd gunstig: neem Musc Tonkin (2012) van Parfum d’Empire, dat is een parfum dat met natuurlijke ingrediënten je laat genieten van een animale sensatie die ik ook ooit op de achtergrond heb geroken in een vintage-versie van Nº 5.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CHANEL Nº 5 BRAD PITT

CAFE ROSE – PRIVATE BLEND JARDIN NOIR – TOM FORD

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 22, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET C, NICHE. Getagd: de roos, lelie, patchouli, tom ford. Een reactie plaatsen

EEN NACHTELIJKE NICHE-ROOS?

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 22/12/12

Neus: Antoine Lie

Concept & realisatie: Tom Ford

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE CAFE ROSE TOM FORD‘When you showcase their darker and less innocent aspects, flowers can become so thrilling and beautiful, they could almost ruin you. That was the sensation I was after’. Zegt Tom Ford over zijn Jardin Noir. De derde bloem die ik ’s nachts in de door Tom Ford aangelegde tuin bezoek, is de meest toegankelijke van zijn dit najaar gelanceerde kwartet.

Logisch: de roos is wat geur betreft door zijn alomtegenwoordigheid in de parfumerie het bekendst en daardoor sneller herkenbaar en daardoor sneller geliefd. Herkenning wekt vertrouwen. Hou mensen een hyacint (Ombre de Hyacinth), een narcis (Jonquille de Nuit) en een lelie (Lys Fume) onder de neus, grote kans dat ze alleen de laatste ook direct herkennen door zijn alom-resonantie in de bloemenwinkel (en op begrafenissen).

Is vaak de snijbloem die alle andere overstemt. Café Rose is daarnaast voor mij ook het minst niche van Fords ‘nachtbloeiers’: zijn roos overrompelt niet zoals ik verwacht van, hoop van een niche-roos. Die gulle, pure zoete bloemsensatie eigen aan roos ontbreekt. En dat komt door de very fashionable behandeling die ze krijgt. Gourmand dus. En dat heb ik de laatste jaren al heel vaak geroken, met name in de masstige-sector. Kort maar krachtig: Café Rose is een mooi uitgewerkte compositie, alleen had die wat mij betreft beter in zijn gewone lijn gepast, selectief verkrijgbaar bij de parfumketens, zoals Black Orchid (2006), White Patchouli (2008) en Noir (2012).

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ZWARTE PEPERVoorwaar: je ruikt roos – een ruimhartige blend van meiroos, Turkse en Bulgaarse roos – die wordt gelinkt aan een aantal ingrediënten die de laatste tijd ‘nieuw’ voor haar zijn en het in nichekringen erg goed doen: saffraan, peper (foto) en wierook. Het effect: de roos wordt anders sensueel: verliest haar onschuld, wordt stroef, alsof je tegen de vleug in van haar blaadjes strijkt, wordt pikant. Past goed bij de gourmandbasis.

Alleen ligt dat nou aan mij? Ik ruik meer cacoa dan koffie. Kan natuurlijk komen doordat koffie met behulp van de andere ingrediënten – met name zoetwarm amber – een ‘cacoa-gevoel’ geeft. Dit alles zit stevig vast in de houtnoten: sandelhout en patchoeli.

RUIK & VERGELIJK

Voor mij zweeft Café Rose tussen niche en masstige, dus bijvoorbeeld tussen:

Dior Mignight Poison (2007)

Olivier Durbano Quartz Rose (2010)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE JARDIN NOIR FOM FORD

ENCENS ET BUBBLEGUM ETAT LIBRE ORANGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 21, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET E, NICHE. Een reactie plaatsen

MASSTIGE-GEUR VOOR NICHE-GIRLS

Jaar van lancering: 2006

Laatst aangepast: 21/12/12

Neus: Antoine Maisondieu

Artistic direction: Etienne Deschwardt

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ENCENS ET BUBBLEGUM ELO ILLULekker? Vies? De combinatie – kauwgum en wierook – is in ieder geval gewaagd, leip en helemaal in lijn met de ‘onafhankelijkheidsverklaring’ van het nichehuis. Wat duidelijk wordt met art.1: ‘Door de expressievrijheid van neuzen te herstellen, eert Etat Libre Orange het individu boven de gemiddelde consument die zijn individualiteit met behulp van een uitgesproken, uitdagend parfum wil uiten. Voor hen die niet langer op willen gaan in de massa en het parfum juist als verleidingstool willen herontdekken’. De geur is gemaakt ‘voor alle madonna’s op deze wereld. Onverwacht gaan twee antagonistische geuren samen’.

Verder lezen we, leuk omschreven trouwens: ‘Heilig wierook en speels kauwgum. Een snoepachtige geur flirtend met mystieke inspiratie. Zo provocerend als een ster die kauwgom kauwt in een kerk, die speelt met kruizen en toch diep buigt voor het altaar. Als de zonde is gekleurd met erotische onschuld, voert de ondeugende sensualiteit van het kindvrouwtje de boventoon. Mannen kwijnen weg in wanhoop, het doet haar niets. Ze speelt kat en muis met ze, eet ze op en gaat door’. Aan wie doet me deze omschrijving toch denken… yep, Madonna toen ze nog in haar like a virgin-periode zat.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ENCENS ET BUBBLEGUM ELO FLACONEtat Libre Orange mag dan het individu verheffen, in dit geval wordt die voor mij met Encens et Bubblegum beheurlijk bij de neus genomen: het is een door een niche-entourage gemaskeerde masstigegeur. Ik denk dan maar: ook veel nichemeisjes willen gewoon ruiken naar een in witte musk leeg gegooide fruitmand waar ‘voor de sier’ nog wat bloemen ronddrijven.

De geur is alleen minder zoet, minder fruitig en het (toch vergezochte) contrast tussen mierzoet kauwgum en voor velen nog steeds letterlijk adembenemende wierook, komt niet goed tot ontplooiing waardoor ik mijn vraag niet zie beantwoord: Lekker, vies? Of is Encens et Bubblegum toch gewoon lekker vies?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik opteer voor het laatste. De opening is wat matter dan de gemiddelde ‘fruity white – musk- trash’-geur. Komt doordat de overdosis framboos (foto) wordt gekoppeld aan perzik die op haar beurt rust op een vanillebedje. Het heeft wel het beoogde effect: kauwgum in een notendop.

Tja, en dan de bloemen: lelietje-van-dalen en oranjebloesem. Ik ruik ze niet echt. Niet de groen-knisperende frisheid van de eerste, niet de ‘cologne-crack’ van de tweede. Het is meer een idee van bloemen en dat komt natuurlijk omdat de vanille direct aansluiting zoekt met musk in de basis. En daar moet je dus ook wierook ruiken…

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE FRAMBOOSTja, ook het ‘heilige verbrande hout’ bespeur ik niet. Eerder mirre dat een meer melkachtig en poederig geurspoor verspreidt. Wat ik vaak concludeer bij masstigegeuren, doe ik nu voor het eerst bij nicheparfums: Encens et Bubblegum was beter tot zijn recht gekomen als voor betere en ‘duidelijker’ ingrediënten was gekozen.

RUIK & VERGELIJK

Het was een van de handelsmerken in de beginjaren van dit huis: het zoeken naar twee contrastrijke hoofdingrediënten die, als je goed doorruikt, het eigenlijk goed met elkaar – zouden – moeten weten te vinden. Ervaar je ook met:

Etat Libre Orange Jasmin et Cigarette (2007)

Etat Libre Orange Viergos et Toreros (2007)

Maar de geur doet me qua vreemd en bizar het meeste denken aan onderstaande. Daarvan weet ik eigenlijk ook niet of die lekker, vies, of lekker vies is:

Etat Libre Orange Sécretions Magnifiques (2007)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE ETAT LIBRE D’ORANGE MOOD

22 DJHENNE PARFUMERIE GENERALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 20, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET CIJFERS, GEURENALFABET D, NICHE. Een reactie plaatsen

ZWOEL ZAND ‘VERWAAID’ DOOR EEN MILD BRIESJE

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 20/102/12

Neus: Pierre Guillaume

Concept & realisatie: Pierre Guillaume

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 22 DJHENNE PARFUMERIE GENERALEDit is misschien wel mijn laatste recensie, want morgen is het 21/12/12 en breekt volgens de Maja-kalender hel en verdoemenis uit. Mocht Amargeddon echt gebeuren: bedankt voor het volgen van mijn blog. Traan. Anyway, je topografische en algemene kennis neemt toe als je je laat uitnodigen door nichehuizen. Veel zetten voor je plaatsen en oorden op de kaart die je zelfs niet kent ‘van horen zeggen’. Zo ook de 22ste geur van Parfumerie Générale waarmee Pierre Guillaume tegelijkertijd zijn tienjarig jubileum viert.

22 Djhenné is niet de naam van een hippe dj in het dancecircuit zoals ik dacht, maar van Djenne. Een plaats op een eiland dat ligt in de Nijldelta in Mali. Dan weet je wel ongeveer hoe de geur moet ruiken: een groen toevluchtsoord in een tropische setting.

Maar niet heus. Volgens Guillaume is de geur meer warm, meer zon dan ‘schaduw schenkend’. Hij omschrijft die zelf als een ‘warme schaduw, een leerachtige sluier van gouden koren en mirre bescherming biedend tegen de brandende hitte door munt en sering’.

Ik las ergens op internet dat Guillaume ‘never had been there, he don’t want any comparisons with this Malian city. It’s just a metaphor. I meant a fresh accord surrounded by hot sand.’ Ik zeg dan: noem de geur dan niet zo. Maar welke naam dan? Sables. Bestaat al. Annick Goutal uit 1985. Terwijl 22 Djhenné voor mij beter zand vertolkt in een geur door het poederige en ‘korrelige’ effect. Sables soufflés…?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE SERINGDe geur gaat erg ‘lavendel’ van start. Guillaume gebruikt drie soorten: lavandine, lavande pays en lavande Barrême. Hieraan koppelt hij munt, een vijgachtige noot (stemone), alsem en oranjebloesem. Geeft een prachtig frisgroene, maar zonnige opening die samen heel vaag lijkt op galbanum. En toch kun je ze stuk voor stuk detecteren. Ook de enige bloem: sering. Fris, zwoel en zacht. Laatste twee effecten worden versterkt door een hooi- en stroachtige noot die er vanaf het begin is. Even zonnig.

Dat is volgens mij dus die nieuwe graannoot (van producent Robertet) gecombineerd met cederhout die in de basis zowel een balsemachtig (versterkt door cacoa) als een geroosterd effect heeft (versterkt door de droog-stoffige noten van komijn en karwij). Stroachtig dus. Fascinerend hoe de kruidige noten in elkaar overlopen en mooi worden opgezogen door mirre.

Samen kun je het met een beetje fantasie warm zand noemen dat door je handen glijdt. Ik noem het ‘het nieuwe poeder’ in de parfumerie in tegenstelling tot het ‘oude’. Poeder dat meestal wordt opgeroepen met een melange van musk, heliotroop en amandel. Alleen wat mij bijna ontgaat: de leernoot. Of laat ik het zo schrijven: als het warme zand heel lang op je huid kleeft, neem je vaag iets van leer waar. Alleen niet zoveel als Guillaume had beloofd.

Mooi, elegant 22 Djhenné maar ook een beetje vaag. In die zin dat je niet een duidelijk omlijnd parfum ruikt maar een aaneenschakeling van impressies

RUIK & VERGELIJK

Heb de geur niet bij de hand, maar ik op de een of andere manier moet ik heel sterk denken aan onderstaande geur waarin sering wordt gecombineerd met de geuren van een bakker die je in het voorbijgaan opsnuift…

Frédéric Malle En Passant (2000)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE 22 DJHENNE PARFUMERIE GENERALE 2

PINK QUARTZ OLIVIER DURBANO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 19, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET P, NICHE. Getagd: de roos, oude grieken. Een reactie plaatsen

EEN ZOETE, GELAKTE ROOS UIT ‘INDIA’

Jaar van lancering: 2010

Laatst aangepast: 19/12/12

Neus: Olivier Durbano (foto onder)

Concept & realisatie: Olivier Durbano

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE PINK QUARTZ OLIVIER DURBANOMocht je het nog niet weten: Olivier Durbano is een juwelier die in Parijs woont en voornamelijk werkt met halfedelstenen. Hij hecht veel aan de ‘symbolische waarde’ van deze ‘ruwe stenen’ – door velen geassocieerd met alternatief – en de veronderstelde positieve uitwerking die ze op de psyche kunnen hebben. Alternatief dus, maar dat staat al lang niet meer voor ‘slechte smaak’. Sterker, wordt door steeds meer mensen als het summum van nieuwe chic gezien – zie het succes van Aveda.

De werking van die stenen heeft hij vertaald in parfums: Bijoux de Pierres Poèmes. Mocht je het nog niet weten: quartz (kwarts) behoort tot de meest voorkomende mineralen op de aardkorst (twaalf procent van het volume – onder andere in graniet en zand). Dat verklaart dat het zowel in grote kristallen als microscopisch kleine aggregaten voorkomt: de grootste (twintig tot vijftig meter) vind je in Farm Verloren in Namibië. Mocht je het nog niet weten: dit kristal is al lang bekend: de ‘oude Grieken’ gebruikten stukken om hun handen tijdens de zomer af te koelen, de ‘oude Romeinen’ dachten dat kwarts permanent gestold water was omdat het vooral in gletsjers werd gevonden.

Als ik het goed heb begrepen, helpt rozenkwarts (quartz rose) bij verdriet en trieste gevoelens, om in het reine te komen met jezelf en de liefde, om angsten en alles wat ons tegenhoudt om liefde te vinden los te laten, om een groter saamhorigheidsgevoel met onze partner en de natuur te bewerkstelligen. Dit in aanmerking nemend, is het eigenlijk niet meer dan logisch dat Olivier Durbano in Quartz Rose de roos laat stralen. En zijn roos straalt puur, fel en geeft af en toe de indruk dat hij ondergedompeld is in een licht bad van oud. Dat is wat het begin betreft. Maar na verloop van tijd, verliest deze roos zijn ‘gedoornde’ brutaliteit, wordt zacht….

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE SAFFRAAN… zonder zijn ‘zurigheid’ te verliezen. Het mooie: het is geen uit andere ingrediënten samengestelde roos, maar een ‘pure’ roos die Olivier Durbano met behulp van andere geurstoffen op haar mooist laat bloeien. Durbano houdt van een uitgesproken roos. Het opvallende aan Quartz Rose: de flamboyante en prikkelende opening die je ook op het einde ‘stilletjes’ blijft ruiken. Je ruikt direct een zoetige roos eerst omringd bergamot en roze grapefruit.

Deze frismakers zijn in combinatie met gember zo scherp (aangenaam dat wel) dat ze voor mij de doornen van de roos symboliseren. Met een beetje een rabarber-effect. Dan heel snel een omslagpunt: de roos begint volop te bloeien. Ze verliest haar fruitig-zurige noten, wordt warmer, nog zoeter. Voor mij zoals je de roos in India ruikt: diep, vol, zacht, ‘hippie-achtig’ en rokerig tegelijkertijd.

Het geheim volgens mij: de gember die in de damascusroos zit wordt nu gelinkt aan saffraan (foto). Zacht, ‘anders’ sensueel met een gelakt effect. Dat gladde wordt versterkt door het heel duidelijk waarneembare rozenhout en palmarosa. Beide geven de roos iets houtachtig (de India-associatie). In de basis onderga je een soort van ‘oud-ervaring’ door de rijke hoeveelheid wierook en mirre die ‘behoorlijk’ sensueel worden ondersteund door ambergris, patchoeli en witte musk. Dit is een rozengeur die langt houdt en die elke rozenfanaat moet ruiken. Alleen, voor een juwelier is de presentatie wel erg pover.

RUIK & VERGELIJK

Nog maar één andere geur van Durbano besproken:

Olivier Durbano Citrine (2011)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE OLIVER DURBANO

MANDARINA & AQUA DI ROSAS CAMPOS DE IBIZA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 16, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET A, GEURENALFABET M, NICHE. Een reactie plaatsen

MINDER MANDARIJN, MEER ROOS DAN VERWACHT

Jaar van lancering: 2006/2006

Laatst aangepast: 16/12/12

Neus: Camille Sorta, Aurélie Sorta

Concept & realisatie: familie Sorta

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE MANDARINA CAMPOS DE IBIZA BOTTLEVond het, achteraf gezien, eigenlijk raar dat ik niet ben begonnen met de recensie van Mandarina in plaats van Eszencia di Higo (2006). De reden: dacht dat ik de geur niet had. Niet goed gekeken: een sample bleek per ongeluk vastgeplakt op de flacon van Aqua di Rosas (2006). Die staat eigenlijk al een tijdje bij mijn rozengeuren, maar heb er eigenlijk nooit aandacht besteed. De reden? De ‘not niche’-uitstraling terwijl het merk dat wel is. Anyway: Mandarina (is 2006 wel de juiste lanceringsdatum, of betreft het een aangepaste versie) is dus ‘in het begin’ gemaakt door Camille Sorta met het door haar zelf gekweekte fruit en bloemen in haar tuin op Ibiza.

Klinkt natuurlijk leuk en werkt nog steeds op de fantasie van veel consumenten: ‘Wist je dat ze al roerende in de eigen keuken ooit is begonnen en dat het nu overal op de wereld wordt verkocht’.

Helemaal geloven doe ik het niet. De reden? Vraag me af of alle opgevoerde ingrediënten in haar tuin daadwerkelijk bloeiden. De vruchten prima, alhoewel het wel een aantal jaren duurt eer de bomen of struiken vruchten dragen. Verbena (ijzerkruid) heeft niet veel liefde nodig. Jasmijn ook niet echt. Groeit ook ‘vanzelf’. Lelietje-van-dalen… daarvan wordt al heel lang het parfum niet meer via dierlijk vet gevangen dat het vervolgens via stoomdestillatie ‘vrijgeeft’. Wordt in parfumlaboratoria nagebootst. Maar maakt dat uit? Nee, vooral als je de geur ruikt nu. Zie ruik & vergelijk.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE AQUA DI ROSAS BOTTLEEn Agua di Rosas is een ‘surprisingly fresh version of the classic’ die ik dus niet ken. Gemaakt door de dochter van Camille. Haar naam: Aurélie. Viel samen, zo lees ik op de homsite, met de geboorte van haar dochter Rebecca. Is ‘deeply sensual, it symbolises love, tenderness and the beauty of simple things’. Prima. Maar dan de uitsmijter: ‘It is the ultimate refuge of complex souls’. Beetje typisch deze extremen van gevoelens: intense sensualiteit versus de schoonheid zien in eenvoudige dingen en alles wat daar tussen zweeft voor de complexe zielen terwijl het een eenvoudig rozenwater is.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Dat is merkwaardig: geen verwachte mandarijnuitbarsting maar een bittergroene, beetje stroeve frisheid die direct is te herleiden tot verbena. Gaat mooi samen met mandarijn en bergamot: fruitig zoet gecombineerd met bloemig zoet. Ruik je goed door dan neem jasmijn waar, en verdomd daar komt het lelietje-van-dalen bescheiden om de hoek kijken.

Maar eigenlijk ruik ik meer: een houtige ondertoon, met name cederhout. En dat is dan weer het vreemde: www.frangrantica.com geeft als extra ingrediënten: koriander, basilicum, galbanum, amber, musk, benzoïne en cederhout. Misschien betreft het de aangepast versie. De groene kruiden: forget it. Galbanum idem. De rest weer wel. Met name de (witte) musk. Die is eigenlijk ‘best wel’ overheersend op het eind. Ik doe de geur nog één keer op om me te vergewissen of ik nu wel of niet veel mandarijn ruik… hetzelfde effect blijft bestaan: mandarijn met verbena. Op zich een originele combi… en de bloemetjes komen weer voorbij en de houtige noot en… veel witte musk.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE FRESIAEn dan Agua de Rosas. Doet denken aan de vele luchtige variaties op Paris (1983) van Yves Saint Laurent. Dat wil zeggen: het is niet zo zeer de roos die de toon bepaalt maar de ingrediënten die haar omringen. Een roos besprenkelt met regendruppels. De roos ruik je, dat is zeker. Maar niet ‘deeply sensual’ doordat ze is omringd met frisse en luchtige noten. Ruik je vanaf de eerste spray: bergamot, mandarijn en appelbloesem zorgen voor een onschuldig voorjaarsgevoel. In het hart gaat de roos bloeien, maar ze wordt begeleid door frisse bloemen (fresia), zachte (magnolia), zoete (viooltje), kruidige (anjer) en sensuele (ylang-ylang) in de basis zacht-sensueel gemaakt door musk, mos en sandelhout. Maar of je dit nu echt niche moeten noemen… ik weet het niet.

RUIK & VERGELIJK

Mandarijn ruik je ook goed, zo niet beter in:

Serge Lutens Mandarine Mandarin (2006)

Guerlain – Aqua Allegoria – Mandarin & Basilic (2007)

Donna Karan Mandarin Neroli (2012)

En dan een roos als een water, als een rozenwater:

Yves Saint Laurent Paris Premières Roses (2009)

Yves Saint Laurent Paris Premières Roses (2010)

Yves Saint Laurent Paris Premières Roses (2011)

Yves Saint Laurent Paris Premières Roses (2012)

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE MANDARINA CAMPOS DE IBIZA DETAIL

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Sal y Lemon Carner
    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....