LIFE IS A JOURNEY, PERFUME CAN BE AS WELL
ZIJDEBLOEMEN: CHIC NIET-OPDRINGERINGE RIJKDOM
Jaar van herlancering: 2014
Laatst aangepast: 24/04/16
Neus: Alberto Morillas, Pierre Negrin
Concept & realisatie: Christopher Chong
Het leven is een reis hoor je mensen wel eens, eigenlijk heel vaak heel veel mensen, zeggen. Bekijk de interviews van Oprah Winfrey met de famous & celebs: het was me toch een reis om te komen waar ik nu ben, maar elke afgelegde kilometer – for bad, for good – was de moeite waard. Het heeft me gebracht waar ik nu ben.
Kun je niets tegen inbrengen, behalve: gaap-gaap-cliché van het zuiverste water. Ik hoop alleen dat de voor iedereen verschillende afstand tussen wieg en graf zo aangenaam mogelijk verloopt. In deze verwarrende tijden kom je er nog meer achter dat voor zovelen op drift geslagenen het verblijf op de aarde van wel erg korte duur is, een tranendal blijkt. Dan wordt geur eigenlijk is decadents, iets oppervlakkigs waarvan ik me dan af en toe afvraag of het de verdieping die ik er aan wil geven wel de moeite waard is. Maar dan krijg ik weer een geur onder mijn neus, waarvan ik denk: ‘zeker weten!’ Menselijke ellende en menselijk genot gaan sinds het ontstaan van ‘ons’ hand in hand. Is een feit waarmee je moet leren leven, en dat doe ik dus zij het af en toe ‘contre coeur’.
Journey van Amouge (2014) is zo’n geur. Amouage is erg zuinig is de omschrijving op de homesite: de ingrediënten ‘illustreren een betoverende reis’. Prettig, blijft er tenminste ruimte over voor je eigen fantasie, om de geur als een ‘eigen’ reis te ervaren. Een beetje www-end kom ik het volgende statement tegen. Naar de letter vertaald: ‘Geïnspireerd door de art deco van Shanghai en de Chinese film noir (weer wat geleerd: wist niet dat die bestond) van de jaren twintig (van de vorige eeuw) is Journey een verfijnde geur voor elegante vrouwen (ik wacht met smart op de eerste geur die niet-elegante vrouwen als doelgroep heeft – denk: de dit bewust uitdragende Sylvia Witteman) die weten dat een zachte aanraking met zijde meer verleiding heeft dan schaamteloze vrijmoedigheid’.
WAT JOURNEY IK EIGENLIJK?
Wat mij triggert: het idee van zijde. Want hoe meer me ik in de geur verdiep, hoe goed dit beeld blijkt te kloppen. En het is nodig om de naam van de geur bij de beoordeling met je ‘mee te nemen’.
Want: Journey blijkt bij eerste kennismaking wellicht eenvoudig en makkelijk: een met korting geboekte short stay in een zonnig oord. Maar hoe vaker je ruikt, des te meer je een rijk geschakeerd zijdekantwerk van bloemen ervaart die prachtig in elkaar opgaan: een verblijf in een vijfsterrenhotel aan een ‘droomkust’.
Zoals gezegd: de compositie lijkt bedrieglijk eenvoudig bij eerste kennismaking. Toch is het idee van zijde direct bespeurbaar: komt door de volle combinatie van rijpe zoetsappige abrikoos en de met naar abrikoos, rozijn en rum ruikende osmanthus (foto) in de opening die heel lichtjes zijn besprenkeld met nootmuskaat en nog meer kardemon. Deze kruidigheid viel me pas op na diverse reuksessies – een soort zachte specerijregen.
Dat zijdespoor wordt in het hart voorgezet: hier een frisse jasmijn die wordt ingekapseld door honingzachte mimosa en honing. En – heel apart – een ‘strakke’ noot van uitgedroogd cederhout. Laatste werd me duidelijk na diverse reuksessies. Het geeft de bloemen een houtachtige ondersteuning waardoor die niet ‘zo maar’ in het wilde weg rond gaan vliegen – houdt ze vast aan de aarde.
De afronding is ‘stevig’ maar subtiel: een melange van tabak en cypriol – droog, papyrus-achtig – mooi in evenwicht gebracht door de zoete noten van vanille en musk. Deze twee worden prachtig verwarmd – pas voor mij geopenbaard naar diverse reuksessies – door saffraan. Aangenaam: de platte cliché-zoetheid die zoveel geuren kenmerkt in de basis op basis van vanille en musk wordt hierdoor vermeden waardoor Journey niet te romig-gourmand wordt. En als je heel goed blijft door ruiken, kun je je verbazen over de toevoeging van lapsang souchong (geeft een donkere ‘transparantie’) en een lichte leer-nuance (die ook weer zo elegant samengaat met de saffraan). Kortom: klasse.
We eindigen met een cliché: Yourney maakt zijn waar, what’s in a name. En maakt het genieten van een goede geur zo aangenaam: er wordt zoveel aangeboden dat je ‘al reizende’ ontdekt.


Het lijkt er steeds meer op dat nieuwe nichehuizen de plaats innemen van beroemde persoonlijkheden met een parfumlijn. De laatste mega-über-celeb die met veel bombarie werd gelanceerd in 2012 – voor haar werd zelfs een virtueel, in real life niet te traceren parfumhuis opgericht -, Lady Gaga verdween met haar
Hij besluit Maison Incens op te richten als eerbetoon aan zijn vader die hem een manuscript schenkt: ‘tekeningen op leer en geparfumeerde verhalen’. Sterker, Maison Incens is de olfactorische handtekening van dit manuscript. De collectie is geïnspireerd op een ‘fantasiemaatschappij waarin de communicatiecodes zijn gebaseerd op parfums en het leven wordt bepaald geuren’.
Ze vormen de perfecte tussenschakel die garandeert dat het oudh niet al te pats-boem explodeert – zoals zo vaak het geval is bij oudh-geuren. Nee deze oudh is beschaafd en laaft zich aan de vijg. Waardoor een spannend contrast ontstaat die goed samengaat: groen en de hier zich licht apothekersachtige gedragende oudh die ‘op het einde’ omringd wordt door sandelhout, amber en musk. Met bijna hetzelfde effect als in Cuir Erindil.
Cuir Erindil, Figue Aoudii en Figue Eleii worden gepresenteerd als genderfree. Dat geldt dan wel voor mannen en vrouwen die niet denken in de stereotype indeling in de parfumerie. Want Cuir Erindil kun je als mannelijk interpreteren, Figue Eleii als vrouwelijk. Tabac Licorii daarentegen wordt ‘puur voor de vrouw’ gepresenteerd.
Ook ‘alleen’ voor de vrouw: Musc Kalirii. Is de meest klassieke van de vijf. Wat een heerlijke beschaafde geur! Waarvan je hoopt dat de draagster hem zonder schroom voluit opspuit, waardoor Musc Kalirii als een aura schijnt. Prettig om dat in de directe omgeving te ruiken. Nog prettiger: in haar hals te verdwijnen. Niets aanstellerigs.
De inspiratie voor Nebula I en Nebula 2 komt letterlijk van heel heel ver: ‘Space the final frontier’ – een olfactorische Star Trek. Oorspronkelijk was het Latijnse woord nebula – nevel of mist – een verzamelnaam voor allerlei omvangrijke kosmische objecten.
Met Nebula 2 land je op een imaginaire planeet die overeenkomsten met de aarde vertoont toen die nog gevrijwaard was van de ingrepen van de mens: eindeloze oerbossen badend in een koude, lichtblauwe lucht gevuld met mineralen, van net ontdekt ‘groen’, elektrisch geel, intens ‘chiaroscuro’ en metaalachtige schitteringen’.
Hiervoor verantwoordelijk volgens mij: de citrusnoten – grapefruit, kaffierlimoen, kamille, limoen, yuzu – plus anijs, galbanum (foto), liatrix, kamille, kardemon en salie. Prettig dat ik hier de bloemen wel detecteer: jasmijn en gardenia die alleen geen kans krijgen zoet te bloeien omdat ze besprenkeld zijn door strobloem en nootmuskaat.
Normaal gezien ben je trots op je vakkundige achtergrond, vermeld je de adressen waar je de fijne kneepjes van het vak onder de knie kreeg, trots op je curriculum vitae. Dat klinkt vertrouwd en professioneel als je voor jezelf begint.
Ook hier geen namen – ook hier wellicht bescheidenheid en/of discretie. Dat dan weer wel: om zijn creaties meer luister te geven Nabile ‘associates them with the jewelry of Peter Lang, who himself works with celebrities such as Nicole Kidman, Kylie Minogue, Pink and Beyoncé Knowles’. Maar dit is meer een indirecte link. Zoiets als zeggen dat je Beyoncé kent omdat de dochter van je buurvrouw bij haar interieurverzorgster is.
De hoofdrolspeler – de lelie – detecteer ik niet echt. De gardenia (foto) wel, maar zeer minimaal. Het is eerder een warm, meer diffuus bloemenkantwerk. De afronding maakt het geheel nog zachter, maar indringend door minder patchoeli en meer sandelhout. Nu het merkwaardige: langer op de huid lijkt alsof de opening nog een keer als een briesje door het kantwerk van bloemen blaast.

Ben je helemaal vrij van dit soort hunkeringen, dan is Amorvero de moeite waard. Het is een full blown-bloemeneuforie in de meest klassieke denkbare zin van het woord. Ladylike, intens, elegant met eigenzinnig karakter. Ik had nog nooit van de goede man, de goede neus gehoord, maar Lorenzo Dante Ferro verstaat zijn vak.
Vandaag was het eindelijk duidelijk bespeur- en begeurbaar in de lucht: de lente deed zijn ‘stinkende’ best om de eerste bloesems nu echt aan te wakkeren – ‘werken, dames en heren, en snel een beetje, het volk vraagt er om’ – hun delicate geuren te verspreiden. En het lukte al aardig. Ik liep naar het Duden-park ‘bij mij’ in Brussel en op weg rook ik al een vaag bloemenspoor. Heel pril, heel voorzichtig ontspruitende bloesems, maar heel trefzeker de magnolia.
Ik ben vaak in Barcelona geweest. Als lanterfanterende toerist, als lanterfanterende journalist maar aan Santa Eulalia – gelegen aan de Passeig de Gràcia – ben ik blijkbaar voorbij gelopen. Zit er al sinds 1843. En dit warenhuis is helemaal met de tijd meegaan. Het interieur voldoet aan de strakke, hightech glimmende spiegel-inrichtingstrend van nu afgaande op de foto’s op de homesite.
Schakel je Google translate in, dat geeft albis albis. Google je gewoon, dan krijg ‘in albis’. Betekent in het wit begraven. Zou dit refereren wat naam betreft naar de martelares? Niet echt denk ik. Misschien één ding: de puur- en ongeschondenheid van de compositie.
Gaïac Mystique is een ‘haute parfum’ dat de haute couture-collecties van de huidige huisontwerper Riccardo Tisci heel dicht benadert. Nog sterker dan de inmiddels uit de schijnwerpers verdwenen Dahlia Noir (2011). Ofwel: zijn neo-gothic chic couture gepresenteerd in donkere, bijna heilige ambiance. Voor de een reli-kitsch, voor de ander adembenemend. Givenchy noemt het zelf treffend ‘dark romanticism’.
Door deze rijkheid, is het niet zo gek dat guaiac een geliefd ingrediënt is in nicheparfums. Voor ‘veel’ geld, krijg je veel terug. Vooral als het echt van de levensboom wordt getapt – is nogal pittig qua prijs.Er is ook veel nep te koop: vaak een vage variatie op ‘gezoet’ patchoeli.
Soms kan een naam in combinatie met een merk me tegenhouden – geen zin de geur te testen. Doei! Sunshine is zo’n naam. Niet bijster origineel. Gaap, gaap, gaap. En dan bedacht door Amouage. Helemaal vreemd als je de bedoeling van Christopher Chong kent – straks meer hier over. Nu is het wel zo: Sunshine als naam is merkwaardigerwijze nog weinig gebruikt, maar toch. Ik vreesde dus dat de geur onderdeel zou worden van een Amouage-campagne om een bredere doelgroep te bereiken, en Sunshine Men dus toegankelijker en een instap- kennismakingsprijs zou krijgen. Helemaal niet dus. Chapeau (hoedje af vrij vertaald)!
En Chongs idee wordt helemaal waar gemaakt: een eclips. Ofwel, het verschijnsel waarbij een ster en twee of meer andere hemellichamen in één lijn komen te staan, waardoor de schaduw van het ene hemellichaam het andere verduistert.
Alsof de verse bladeren ter plekke worden uitgewrongen. Vreemd, eigenaardig, niet echt ‘logisch’ voor mijn gevoel, maar… frappant goed werkend. Ik heb het gevoel of ik even zit opgesloten in een drankkabinet waarin gin (jeneverbes) en brandy (amberachtige noten ‘met sinaasappelsmaak’) met elkaar in een gelag zijn verzonken.
Ik heb me een paar jaar geleden ingeschreven voor de Franse nieuwsbrief van Jo Malone omdat ik benieuwd was hoe ik als ‘vaste klant’ benaderd zou worden. Nou, dames en heren, ik kan jullie één ding melden: als andere huizen dezelfde actieve parfumpolitiek zouden voeren en je ‘abonneert je op vijf’; dan heb je daar een dagtaak aan. Ik krijg gemiddeld twee mails per week waarin mij allerlei suggesties worden gedaan om maar zoveel mogelijk te genieten.
Aangenaam: Orris & Sandalwood bewandelt niet hetzelfde pad van de zoveel pure irisgeuren die het afgelopen decennium zijn verschenen – de bekendste: Infusion d’Iris (2007) van Prada. En refereert ook niet aan de ‘groen-koele’ iris-klassiekers zoals N° 19 van Chanel (1971) en Serge Lutens’ Iris Silver Mist (1992). Ook niet aan de gourmand-benadering van Geurlains L’Heure Bleue (1912).
Dit is niet de eerste keer dat Guerlain de vijg prominent opvoert: in 2008 deed Jean Paul Guerlain het himself met Maria Salamagne (en Sylvaine Delacourte naar wordt beweerd) in Fique – Iris. En die iris is ook prominent present in Promenade des Anglais.