PERFUME PROFILING: THE WAY TO DADDY’S HAPPIER LIFE
Net zoals bij moeders, krijgen ook veel vaders tijdens hun jaarlijkse, traditionele herdenkingsdag een verkeerde geur cadeau. De reden: de meeste gekochte geurgeschenken zijn eveneens voor hem gebaseerd op foutieve informatie. Tenminste als hij zijn duidelijk omschreven olfactorische preferenties niet van te voren heeft doorgegeven aan de diverse familieleden.
Zit zo: als vader – via welk online-mediakanaal dan ook – advertenties voorbij ziet komen gebaseerd op zijn zoekgedrag en algoritme, dan wil dat nog niet zeggen dat die geur bij hem past. De gemiddelde advertentie van de luxemerken – Armani, Boss, Chanel, Dior, Dolce & Gabanna, Givenchy, Gucci, Yves Saint Laurent; zo nu heb ik de grootste jongens uit de business wel gehad – kiest nog steeds voor een boodschap waarin de man in zijn beste hoedanigheid wordt gepresenteerd. Natuurlijk al naar gelang van de op dat moment heersende hippe conventies – aspiratieniveau heet zoiets.
Of ze kiezen voor the oldest trick in the book: parfum als lokmiddel die de drager onweerstaanbaar zal maken. In het huidige tijdsgewricht wil dat dus zeggen bij de luxemerken die de ‘l’air de temps’ nauwlettend in de gaten houden: voor welke (inter)sekse dan ook. Het grappige is eigenlijk om te huilen: welke miljoenen verslindende mediacampagne gebaseerd op je online-zoekgedrag ook op je screen verschijnt, niets wordt vrijgegeven met wat voor een soort geur zo’n goede sier wordt gemaakt.
Er zijn nog te weinig vaders die durven zeggen dat ze een geschonken geur niet echt lekker vinden. Vreemd vinden veel vaders iets anders misschien wel: afgaand op ‘hun advertentie’ hadden ze eigenlijk een andere geur verwacht. Dat vindt Geurengoeroe jammer en – een beetje drama op zijn tijd mag ook wel – betreurenswaardig en zonde. En dat betekent ‘uiteindelijk’: de dag minder opgewekt beginnen dan in feite had gekund – onderschat niet de werking van geur op onbewust niveau.
Om dit ‘je-kunt-zoveel-meer-genieten’ van een geur die bij je past toe te lichten, gebruik ik mijn inmiddels klassieke voorbeeld. Ik heb een zwager waarvan ik weet dat hij meer dan gemiddeld gek op geuren is. Dat bleek wel uit het feit dat van de honderden geuren die ik in der loop der jaren onder mijn familie, vrienden, kennissen en buren heb gedistribueerd, hij een van de weinigen was die veel geschonken geuren teruggaf. Voor hem was een ‘klinkende naam’ geen garantie voor ‘lekker’.
Hij uitte dan zijn kritiek: ‘Te zoet!’ ‘Te laf!’ ‘Wat ruik ik eigenlijk?’ ‘Onbegrijpelijk!’ ‘Ronduit vies!’ Tot ik hem Gucci Pour Homme – 2003 alweer – gaf. Wat hem daaraan beviel: de donkere houtachtige, smeulende basis. Opgeroepen met – dat wist hij toen natuurlijk nog niet – wierook, cistus labdanum en leer. Als ervaringsdeskundige heb ik hem ‘in de leer’ laten gaan. Een schot in de roos, want wat blijkt: mijn zwager blijkt een leergeur-aficionado. Zo heb ik hem ook aan de Knize Ten (1924), Serge Luten’s ‘copycat’ van voorgaande geur – Cuir Mauresque uit 1998 – en Cuir van Mona di Orio (2010) gekregen.
Zelf ontdekte hij zelf op een gegeven moment Cuir Fauve (2012) van Keiko Mecheri – hij belde me op vanuit de winkel toen hij de aankoop deed. Opvallend: Cuir de Russie (1924) van Chanel daar heeft hij weinig mee. Zelfs het extract kon hem niet overtuigen. Tussen ons gesproken en gezwegen: ik heb hem een paar jaar geleden warm gemaakt voor oudh. Werkte direct: hij heeft al één fles (een rip off van Acqua di Parma voor 1/5 of van de prijs) leeggespoten waarop ik hem attendeerde. En toen ik hem vertelde dat er ook geuren zijn die oudh en leer vermengen – ‘Hou me vast!’
Maar nu komt het: mijn zwager is zo blij dat hij (door mij) weet welke soort geur hem in een prettige(r) stemming brengt. Hij gaat zelfs een stap verder: als iedereen alleen maar de geuren of geurfamilie draagt, waarbij zij/hij/het zich het meest prettig bij voelt – zij het door toeval, gedegen (zelf)onderzoek of advies – dan komt de wereldvrede weer een stukje dichterbij omdat je dag begint in harmonie met jezelf. Ik zeg: valt wat voor te zeggen.
Dus – hier volgt de kwintensens van mijn pleidooi: moeders, vaders, dochters, zoons of hoe de familieconnectie en-constructie ook mag zijn: als je ècht van je allerliefste pappie ter wereld houdt en deze kei van een vader houdt ook nog eens van geuren: doe hem en jezelf (en de rest van je familie) een groot plezier: geef hem voor Vaderdag geen geur. In plaats daarvan: een cadeaubon/voucher voor een afspraak bij een professionele parfumerie – dus geen Douglas, Ici Paris XL, Mooi of DA – waar hij ‘live’ een consult krijgt. Iedere professionele adviseur houdt er zo zijn eigen ‘leitmotief’/school op na met als doel – naast geld verdienen – ervoor zorgen dat je als vader de geur krijgt die hij echt verdient.
Check je directe omgeving op internet of er een parfumerie in de buurt zit die deze service levert – je kunt Geurengoeroe ook zelf inschakelen, moet je wel naar Gees, Drenthe komen – hij gelooft zelf niet zo in online-consulting. Maar – hier volgt een onbetaalde reclameboodschap – voor welke speciaal parfumerie je ook kiest, je verlaat de winkel gelukkiger dan dat je die betrad.
Let op: info betreffende Angel en Alien met * aangegeven begin alinea
Je gaat er niet dood aan: na een paar keer, met lange tussenpozen weliswaar omdat je het in eerste instantie niet kunt geloven, tot het inzicht komen dat je favo fragrance niet meer hetzelfde ruikt als ‘voorheen’; blijkt veranderd qua samenstelling. Het ergste wat je kan overkomen in dit geval: teleurstelling inslikken en ‘jammer genoeg’ op zoek naar een nieuwe geur die de komende jaren niet qua samenstelling zal veranderen.
*Eerst een historische duiding: het zal eind jaren tachtig, begin jaren negentig zijn geweest (voor alle duidelijkheid: van de vorige eeuw) toen ik me aan het schrijverschap en de journalistiek waagde, en in deze hoedanigheid toenmalig hoofd parfuminkoop van de Bijenkorf trof: Cees Bosman. Tijdens onze kennismaking zei hij dat hij net terug was van een testcase-presentatie in Parijs van Clarins. Het betrof Angel van Thierry Mugler. Ik zal zijn opmerking nooit vergeten toen hij me this perfume in the making liet ruiken: ‘Wie wil er nou in hemelsnaam naar aardbei, chocolade en patisserie ruiken?’
In het begin niemand, behalve sommige ‘nichers avant la lettre’, maar na drie jaar – het moment waarop een niet succesvolle introductie meestal in de aanbiedingenbak eindigt – begon, geholpen door de juiste verhalen van ‘influencers avant la lettre’ en de ‘Mugleriaanse’ en ‘wereldvreemde’ advertenties in relevante media, voorzichtig de lijn naar boven.
Long story short: Angel is door het volharden in zijn uitzonderlijkheid en extremiteit een van de grootste successen ooit. De compositie zelf werd een nieuwe standaard in parfumcompositie met een ‘often copied, hardly equalled’-status. Platter gezegd: een melkkoe. Vreemd dan ook waarom Clarins Thierry Mugler heeft verkocht aan L’Oréal. Waarom mij niet gebeld? Het zij zo. Toch, angst bekroop veel trouwe fans: zou de cosmeticagigant recht blijven doen aan de filosofie, de erfenis en het dna (geliefde, maar even gratuite commitment-termen in beauty- en lifestylekringen) van Mugler? Belangrijker: gaat L’Oréal met de composities sjoemelen?
Terechte twijfel. Velen – inclusief Geurengoeroe – vinden het onvergeeflijk dat de originele formule van Yves Saint Laurents Opium (1977) na de overname door L’Oréal (2008) van YSL Beauté in het jaar daarop direct werd aangepast. De oude Opium zou inmiddels zoveel ingrediënten bevatten die in de loop der decennia door de IFRA als allergeen werden beschouwd waardoor het een verloren strijd was de formule te redden. Aldus L’Oréal.
Heeft me altijd bevreemd: ik ken enkele nichehuizen die ‘meeslepend’ met het Opium-thema hebben gespeeld (met name rondom het anjer- en patchoeli-thema) die nooit als allergeen zijn gekwalificeerd en dus gewoon te koop. Ik heb zelf in de hoedanigheid van mijn upycle-parfumhuis Le Bienaimé ooit bij www.skins.nl een Opium-hommage verkocht (naam Perfume State) geassembleerd uit diverse oriëntaalse klassiekers. No problem.
*Anyway, via verschillende kanalen heb ik inmiddels vernomen dat Angel en Alien wel degelijk zijn veranderd; dat de huidige versies niets meer van doen hebben met het origineel. De dochter van een vriendin was zelfs zo in de war van het bericht en daarna zo wanhopig bij het ruiken dat ze het internet is gaan afstruinen op ‘vintage’ Alien. Raar om vintage in verband al te gebruiken.
*Eerlijk gezegd, durfde ik de nieuwe versies ook niet te ruiken. Niet dat ik, bij teleurstelling, alleen maar slapeloze nachten zou hebben waardoor ik op een strikt dieet van downers verder zou moeten leven – ik kan zonder ze leven, doe het dagelijks. Maar, ik hou liever de herinnering aan een mooi verleden dan dat die wordt verpest door een ‘bewerkt heden.’ Daarnaast staan al die formule-adapties – door de industrie eufemistisch vaak verantwoord met ‘aangepast door de veranderde smaakopvattingen van de consument’ – me tegen.
De parfumindustrie is een van de meest winstgevende met over het algemeen een enorme consumentenloyaliteit. Neem als industrie die ook serieus; doe moeite om de kwaliteitsstandaard die men gewend is te handhaven en ‘verberg’ je niet achter de IFRA, de organisatie die de gebruiksnormen – van adviserend tot verplicht – voor parfumbestanddelen bepaalt en standaardiseert.
Daarom eerst: waarom worden composities naar verloop tijd aangepast? Zoals zonet aangegeven: IFRA heeft veel voor 2000 gebruikte (natuurlijke) ingrediënten verboden en dus laten vervangen door synthetische of andere aromachemicaliën. Soms overheerst ook het winstprincipe van de sector: goedkopere ingrediënten bespaart geld. Neem de klassieker L’Interdit van Givenchy – tragisch!
Wordt ook wel eens vergeten: natuurlijke materialen ooit in overvloed geoogst, worden steeds schaarser. En bepaalde onafhankelijke – vaak Europese – producenten geliefd om hun eigen concentraties van bijvoorbeeld iris of viooltje zijn in de loop der jaren opgegaan in multinationals die vaak snel ophielden met het maken van deze formules omdat ze te duur waren en daardoor de vraag steeds meer afnam. Nog eens extra gevoed door de opkomst van nieuwe, interessante en vaak goedkopere synthetische ingrediënten.
Daarom blijft het voor neuzen een uitdaging formules aan te passen. De basisregel voor hen blijft ‘veranderen zonder te veranderen’. Gelukkig zijn er ook nog die streng in de leer blijven. Na een beperking van het gebruik van kaneel stopte Pierre Guillaume met Un Crime Exotique (2007) omdat de herformulering hem niet bevredigde. Terzijde: er worden volgens mij geen restricties opgelegd van de hoeveelheid kaneel in culinaire producten – is avaleren minder erg dan opsnuiven en/of op de huid spuiten?
Daarnaast, spelen ook andere, meer subjectieve factoren een rol. Geuren veranderen, maar wij ook: na verloop van tijd verschuiven smaakvoorkeuren, letten we op andere nuances en willen die dan vaak bevestigd zien, waardoor het verschil tussen ‘toen’ en ‘nu’ duidelijker wordt.
Dan is er ‘nog zoiets als’ het geheugen: hoewel we dat vaak als iets volkomen onveranderlijks te zien, is aangetoond dat herinneringen zeer flexibel en elastisch zijn: onze hersenen zijn 24/7 (ook tijdens het slapen) aan het registreren en passen nieuwe ontvangen informatie en indrukken aan. Met het gevolg dat na verloop van tijd herinneringen kunnen transformeren, zozeer dat het beeld/de impressie dat we van iets hadden radicaal kan verschillen van de (ooit initieel ervaren) werkelijkheid.
Ook een goede ‘instinker’: het is de mens eigen te romantiseren en idealiseren. For good en – wordt wel eens vergeten – for worse. Met het ouder worden neigen we ervaringen uit het verleden en herinneringen op te poetsen, terwijl deze ‘memorabele’ ervaringen feitelijk niet zo bijzonder waren. Ik ken het van mezelf: weet zeker dat de eerste keer dat ik N 5 rook, de geur anders was dan dat ik het nu ervaar. De ‘knal’ ontbreekt – letterlijk: de heftigheid van de aldehyden in de opening bijvoorbeeld die ik toen als zodanig nog niet wist te analyseren (heb met Baghari een goed alternatief voor gevonden). Maar ik weet inmiddels ook: een eerste indruk van iets kun je niet een heel leven lang blijven ervaren, willen evenaren. Na verloop van tijd treedt herkenning op – maar goed ook.
Dat neemt niet weg dat je je rot kunt schrikken. Ik heb het bij zoveel geuren die verplicht/vrijwillig zijn aangepast. Met name bij die me dierbaar waren en/of doorgaan voor onbetwiste klassieker en met recht als kunstwerk – in ieder geval door mij – worden beschouwd. Na een herformulering, mis je de kracht, de verbeelding, de vanzelfsprekendheid. Het wordt allemaal gladder, ‘emotielozer’, minder onontkoombaar.
Neemt niet weg dat deze nieuwe versies bij een eerste kennismaking bij een ander wel tot dergelijke emoties kunnen leiden. Miss Dior, Jules, Féminité du Bois, Fleurs de Cédrat, Mitsouko, Opium, Eau de Campagne; kan nog wel even doorgaan. De allerergste schok voor mij: de allereerste geur van Cartier: de nieuwe versie Must verboden worden! Ik herhaal: de nieuwe versie Must verboden worden.
*Nu Angel en Alien. Wat ik zonet beschrijf gebeurt. De knal, het ‘hallo-hier-ben-ik’’-gevoel ontbreekt. Beide wàren geuren die zich eerder aankondigden dan de draagsters. Ik heb twee vriendinnen die Angel jaren hebben gedragen (inmiddels niet meer), en die kwamen dus echt binnen. Heerlijk! Maar dat gevoel is nu weg. Wat je in de aangepaste versies feitelijk ruikt, zijn het hart van de composities en dan ook nog eens zuiniger gedoseerd. Laten we het niet over de afronding hebben: niksig. Maar dat is inmiddels bij zóveel geuren standaard geworden. De moeder van de hierboven genoemde van Alien vervreemde dochter, is een ‘klassieke’ Angel-addict en moet bij de nieuwe versie bij de drydown aan wasverzachter denken – ze kan wel huilen. Ik moet bij de basis van veel geuren denken aan samengebalde muskwolken die dreigend ronddrijven in tax free parfumwinkels op vliegvelden.
Trouwens, sommige herformuleringen vind ik goed geslaagd: zoals Rochas’ Femme en Balmains Vent Vert. Het is minder, maar de all over-indruk van het origineel ruik je wel. Verbeterd, ja het bestaat, voor mijn gevoel: Je Reviens van Worth – het viooltje is poederig-voller en frisser.
Dat het de parfumindustrie (zeker de huizen die zich laten voorstaan op traditie en ‘respect’ voor originele formules) ook niet lekker zit, wordt wel bewezen door het feit dat er nu een prijs bestaat voor de Beste Herformulering van het Jaar – ben de exacte naam even kwijt. Hiermee worden huizen uitgedaagd en het metier van neus op de proef gesteld maar ook serieuzer genomen. Noodzakelijk wellicht in een tijd waarin artificial intelligence en algoritmes nieuwe geuren designen.
Zo puzzelde Thierry Mugler, sorry Thierry Wasser (hoofdneus van Guerlain) een tijdlang met Mitsouko – een diepe chypre met zijn kenmerkende ‘eikenmosgeraamte’. Hij zegt hierover: ‘Eén techniek maakt het mogelijk eikenmos te gebruiken zonder de allergene moleculen, atranol en chlooratranol, maar deze ‘magere’ versie heeft niet dezelfde portée als het origineel: je verliest volheid en gaat minder lang mee op de huid. Voor Mitsouko heb ik het eikenmos opnieuw ontworpen om het de consistentie van de oorspronkelijke versie te geven. Het is vakmanschap, het is koken.’ Zo kan het dus ook. Met dien verstande: heb de nieuwe versie nog niet geroken.
Tegenwoordig moet je alles kunnen duiden, moet je bijvoorbeeld de symboliek van een bloem door iemand ‘aangehaald’, kunnen verklaren. Geurengoeroe fronste zijn wenkbrauwen toen van ‘de neo-romanticus uit de Nederlandse politiek’ – inderdaad Thierry Baudet – in de pers berichten verschenen dat hij zou hebben gezegd dat hij zo dol op de geur van lavendel is. Baudet heeft ze zelfs wel eens geplukt in zuid Frankrijk, naar ik heb vernomen. De geur laat hem wegdromen. En dat is dus een eigen leven gaan leiden; heeft zelfs tot een nieuw begrip geleidt in de Tweede Kamer: lavendelpolitiek. Dat staat voor de waarden en normen van Forum voor Democratie. Ik vind deze ‘consternatie’ wel entertaining – ik had zelf een andere geur bij Baudet in gedachten, iets meer in de richting van Special for Gentleman van Le Galion, de voorloper van Guerlains Habit Rouge, waarin een mooie frisse lavendelnoot de opmaat is voor een zwoele geur met licht animale facetten.
Ik verbaasde me over de bloemkeuze van Baudet, omdat dit – feitelijke – kruid in Amerika bijvoorbeeld nog steeds een soort van negatieve connotatie heeft (en als all round literair intellectueel zou Baudet dit toch moeten weten, toch?). Zou dat komen door het begrip ‘lavender lads’, door senator Everett Dirksen herhaaldelijk gebruikt als synoniem voor homoseksuelen. In 1952 zei hij dat een Republikeinse overwinning bij de verkiezingen de verwijdering van ‘de lavendeljongens’ van het ministerie van Buitenlandse Zaken zou betekenen. De uitdrukking ‘lavender lads’ werd daarnaast ook gebruikt door het tijdschrift Confidential, gespecialiseerd in roddel en achterklap betreffende de ‘seksuele oriëntatie’ van prominente politici en Hollywoodsterren.
Wat een lange intro om mijn ‘herwaardering’ voor deze geurende ansichtkaart uit de Provence te verkondigen. Zoals ik al aangaf in Shalimar Philtre de Parfum, maakt lavendel duidelijk dat het met gemak het ‘zeep’- en ‘cadeautjes’-gehalte kan overstijgen. Op een bepaalde manier wordt met lavendel een ‘terug naar de natuur’- en ‘terug naar puur’-sentiment, opgeroepen die juist de essentie van de geur – fris, gewassen – niet bevestigd, maar als agent gebruikt om andere ingrediënten ‘opnieuw’ tegen het licht te houden. Guerlain had dat in 1999 al in de gaten. In Lavande Velours (Acqua Allegoria) ervaar je hoe chic lavendel kan worden door het te omringen met viooltje en iris. Niet aangeslagen. En dat lavendel en roos een prachtduo is, bewijst bijvoorbeeld Hamman Bouquet van Penhaligon’s.
Dat lavendel ook uitgedroogd en naar ‘warm zand’ kan ruiken: neem de proef op de som met Serge Lutens’ Gris Clair. Het heeft me een paar jaar geduurd eer ik de charme van Jersey van Chanel ‘onder de knie’ had. Mijn mooiste lavendel-niche-ervaring tot nu toe: Lavande 44 van Rania J (let wel: Moonlight Serenade uit The Alchemist Garden van Gucci heb ik nog niet geroken). Het valt me op dat ik in mijn beschrijving van Lavande 44 ook al aan het ratelen ben over mijn lavendel-vooroordeel, maar lees’m er nog maar eens op na.
En ik dacht dat ik het nooit zou zeggen: maar the good old English Lavender van Yardley kan me weer bekoren, weliswaar op dit moment in de vorm van zeep: ‘Voel de kalmerende eigenschappen van de beste lavendel en geniet van haar verfijnde geur iedere keer als u zich afwast’ lees ik op www.da.nl. Twee dingetjes: lavendel is mannelijk en als mens was je je toch niet af? Ik kwam trouwens op het idee om het over lavendel te hebben, bij het zien van bovenstaande advertentie in Modes & Travaux uit 1934. Yardley(’s Lavande) was toen echt beroemd, ook in Frankrijk waarvan het toenmalige adres van hun winkel getuigt: 24, Avenue de l’Opéra Parijs getuigt.
Ter afsluiting: ik trof een paar jaar geleden in de Tweede Helmerstraat in Amsterdam een halve inboedel bij de vuilnis aan, waarschijnlijk van een overleden Fransman, Française, want alles was Frans. De (kook)boeken (meegenomen), de peulvruchten (meegenomen), de homemade confiture (meegenomen), een heel mooi schilderijtje op linnen (meegenomen) en… een niet geopende (heet nu vintage) 250ml flacon van Eau de Lavande van Yves Rocher begin jaren zeventig.
In mijn hoedanig als neus van het allereerste upcycle parfumhuis – Le Bienaimé – heb ik er 10ml uitgehaald en vervangen door Obsessive Oudh van Al Haramain. Het idee: een kudde schapen die door lavendelvelden loopt en her en der hun behoefte doen. Met andere woorden: door de lavendelwolk heen neem je een dierlijke, ‘obsessieve’ nuance waar. Velen associëren het bij ruiken als poep. Ik niet. Het is waar: de lavendel krijgt een zwoelheid, een warmte die we niet meer gewend zijn. En toch: ik heb de geur ook verkocht veel jonge meisjes die normaliter voor cleane-crisp bloemengeuren gaan.
Ondertussen benieuwd naar: Scotch Lavender van Oriza L. Legrand. Op basis van een oud recept? Ben groot fan van dit merk en de geur lijkt zwoel te eindigen – de nieuwe weg die lavendel inslaat. Terwijl ik dit schrijf moet ik plotseling denken aan Hypnôse for Men uit 2007 alweer. Ik schreef onder meer: ‘Valt op door zijn gewaagde gebruik van een kruid dat eigenlijk een parfum op zichzelf is en in de haute parfumerie een beetje in de vergetelheid is geraakt: lavendel. Lancôme geeft aan dit ‘ouderwetse’ ingrediënt een nieuwe, moderne interpretatie.’ En: ‘In de basis zorgen patchoeli, musk en amber dat het sensuele karakter van lavendel wordt benadrukt – denk fluweel.’
Dus de conclusie moet eigenlijk zijn: lavendel zit eigenlijk op een rotonde. En wie draait daar ook een rondje: L’Homme de la Nuit (2006) van Yves Saint Laurent, waarin lavendel ook zwoel en zalvend wordt gemaakt. En achter hem walmen nog meer warme lavendels die ik ben vergeten… l’histoire se repète, lavande se repète.
ARTIFICIËLE INTELLIGENTIE OF ARTISTIEKE INTELLIGENTIProfumo quo vadis? Uit recente artikelen en interviews in (vak)tijdschriften en kranten met neuzen, wetenschappers, creative directors en marketeers van zowel de ingrediëntproducenten als de merken, blijkt dat er veel van artificial intelligence (AI) en door data aangestuurde algoritmes wordt verwacht. Het gebruik ervan staat nog in de kinderschoenen. Maar wat wil de business het toch graag toepassen. Bij gebrek aan… een daadwerkelijke innovatieve ontwikkeling? Of just because iedereen het erover heeft en daardoor een ‘participatieplicht’ voelt?
Profumo quo vadis? Uit recente artikelen en interviews in (vak)tijdschriften en kranten met neuzen, wetenschappers, creative directors en marketeers van zowel de ingrediëntproducenten als de merken, blijkt dat er veel van artificial intelligence (AI) en door data aangestuurde algoritmes wordt verwacht. Het gebruik ervan staat nog in de kinderschoenen. Maar wat wil de business het toch graag toepassen. Bij gebrek aan… een daadwerkelijke innovatieve ontwikkeling? Of just because iedereen het erover heeft en daardoor een ‘participatieplicht’ voelt?
Zo vervangt AI al testpanels om te achterhalen hoe met name mensen – lees: consumenten – aangezet kunnen worden meer te kopen door geur-beïnvloeding. Denk aan winkels: welke geur in een lingeriezaak of witgoedwinkel garandeert meer omzet? Natuurlijk wordt een dergelijke manipulatie al langer toegepast zonder hulp van computers. Denk aan auto’s: een interieur dat de geur van leer, metaal en ‘warm’ textiel verspreidt, schijnt de verkoop te stimuleren. Denk aan huizen: de geur van appeltaart maakt plaats voor versgebakken brood.
Japan was hierin in de jaren negentig van de vorige eeuw voorloper en onderzocht hoe je bijvoorbeeld met scent activation niet consumenten, maar arbeiders kon stimuleren/reguleren tijdens hun werkweek. Inmiddels wordt onderzocht hoe je mensen/menigten ‘olfactieverwijs’ rustig kunt houden. In gevangenissen schijnt de sfeer met de juiste verspreide geuren er ‘gezelliger’ op te worden.
Een recente interessante toepassing: Dmitrijs Dmitrenko (universiteit van Sussex) onderzocht hoe je met geurverspreiders (denk aan Arbre Magique) zelfrijdende auto’s veiliger maakt. Dmitrenko bewees dat bestuurders veel responsiever waren (en omzichtiger reden) wanneer bepaalde geuren kort in de auto werden gezogen om te waarschuwen. Lavendel zet chauffeurs aan langzamer te rijden, pepermunt wijst op het feit dat de bestuurder te dicht op de ander zat, en citroen gaf aan wanneer een auto wilde invoegen.
AI wordt nu al proefsgewijs ingezet als vervanger van testpanels. Producenten gebruiken die al decennia om te zien of geuren in de ketenparfumerie zullen aanslaan. Sterker, zonder een dergelijke ‘doorsnee-beoordeling’ komen ze vaak niet eens op de plank. Nog sterker, geuren worden hierdoor vaak ‘dood getest’; alle eigenheid wordt eruit gezeefd, waardoor inwisselbaarheid optreedt. ‘Lekker die nieuwe van Yves Saint Laurent, of was het nu die Givenchy, of Dior… Gucci?’
Of AI daadwerkelijk de menselijke norm met succes kan vervangen, blijft natuurlijk een kwestie van de input van data. Als die niet goed is (te weinig of onkundig gesystematiseerd of vol met aannames zit door degene die de AI voedt), dan is de uitkomst navenant. En een kwestie van geld: het gebruik van AI wordt nog als zeer kostbaar gezien (ik ken de prijzen niet).
De reden dat met name de grote tech-reuzen in AI – kunnen – investeren. Zoals Google: traint computers om geuren op basis van hun moleculaire structuur te determineren. Wetenschappers hebben hiervoor een moleculenbibliotheek ontwikkeld (parfum is niet meer dan een optelsom van diverse geurmoleculen) die door neuzen van de juiste labels werd voorzien, gebruikmakend van het bestaande geurvocabulaire – ‘bloemig’, ‘zoet’, ‘fruitig’, etc, etc. Dit kan uiteindelijk leiden dat AI door ‘machine learning’ – hoe meer input, hoe meer ‘kennis, hoe meer mogelijkheden – zelf geuren gaat ‘bedenken’. Of in ieder geval assisteren in het ontwikkelingsproces door te voorspellen hoe bepaalde moleculen zullen ruiken, door aanpassingen aan formules voor te stellen, zoals manieren om een roos nog roziger te laten ruiken. Mijn vraag: weten neuzen dat nóg steeds niet?
Carto
Zo heeft Givaudan (belangrijk ingrediëntproducent) nu een AI-aangestuurd systeem – Carto – dat de manier waarop parfumeurs creëren herdefinieert door op ‘intelligente wijze’ (vraag: kun je zoiets ook niet intelligent doen?) gebruik te maken van de ingrediënten’ van Givaudans Odor Value Map om het olfactieve effect in het eindresultaat te maximaliseren. Een voorbeeld: de formule van Etat Libre d’Orange’s geur She Was An Anomaly werd door AI voorgedragen aan parfumeur Daniela Andrier die zij vervolgens evalueerde en perfectioneerde. Vraag: hoe had She Was An Anomaly geroken zonder tussenkomst? Minder lekker? Lekkerder? Opvallend: in de communicatie op de site van ELO wordt bij deze geur met geen woord gerept over de ‘interventie’ van de AI.
Gemiste kans, want ik denk dat AI voorlopig vooral als marketingtool voor de klant kan worden ingezet. Blijkt wel door Givaudans overname van Myrissi; dit bedrijf heeft een AI-technologie ontwikkeld ‘die geuren vertaalt in kleurpatronen en afbeeldingen relevant voor de consument en die de emotionele reactie van de eindconsument kan voorspellen.’
Givaudans directeur, Maurizio Volpi, ligt toe: ‘Deze expertise zal ons ondersteunen bij het aanbieden aan onze klanten – lees: de merken – van nieuwe visuele en verbale storytelling voor consumenten. Onze missie: klanten te ondersteunen de geur van hun producten op de meest inspirerende manier op te roepen en consumenten te helpen het product te kiezen dat het beste bij hun voorkeuren past.’
Echt waar?
Zou Coty hier al gebruik van maken in Argentinië? Ik lees op http://www.cosmeticdesgin-europe.com: ‘Klanten met een virtual realilty-hoofdset kunnen kiezen uit zeven parfumstenen met elk een uniek olfactief territorium (vraag: wordt zo’n hoofdset telkens na gebruik schoongemaakt? Met welk middel, wel of niet welriekend?). Hierna betreedt de gebruiker een meeslepend universum dat het specifieke territorium tot leven brengt’ met de steen, 3Dvisuals en geluid.’ Hopende dat door een dergelijk opschalen van de ‘retail journey’ consumenten geprikkeld raken geuren te blijven kopen.
Coty speekt van een ‘amazing succes’. Voor mij doet deze AI-toepassing toch beheurluk old school aan: blind ruiken met een making of-verhaaltje erbij van de verkoper, levert hetzelfde resultaat op omdat de belanghebbende (Coty in dit geval) ook resultaat wil: omzet.
Symrise (ook een belangrijk ingrediëntproducent) ontwikkelde met IBM Research de Philyra. In de Griekse mythologie godin van het parfum, schoonheid en schrijfkunst – sounds like me. Deze AI analyseert duizenden bekende parfumformules om patronen te identificeren, te herkennen en innovatieve geurcombinaties te ontdekken. De algoritmen versnellen het geurcreatieproces door nog nooit eerder vertoonde formules te creëren. Vraag: gaan geuren hierdoor anders ruiken? Want twee verschillende formules kunnen hetzelfde eindresultaat opleveren.
Daarnaast valt deze omarming van AI voor mij in de categorie wishful thinking. Net zoals ook op psychologie en kleuren gebaseerde tests in het verleden niet echt op enthousiast onthaal konden rekenen bij de consument bij het kiezen van een geur, doet het allemaal erg omslachtig aan. En: wanneer je geuren te rationeel benadert, dus met veronderstelde werkende programma’s (vanzelfsprekend gepresenteerd in een hightech ambiance), dan staat dat een spontane ontvankelijkheid en associatie in de weg. En vergeet niet: een geur kopen valt voor de meeste mensen in de categorie funshoppen, dus dan moet je dit niet met al te veel poespas en quasi intellectueel-doenerij omringen. En vergeet niet: veel mensen kopen een geur waarmee ze via via hebben kennisgemaakt; maken hun keuze niet gebaseerd op een wel of niet do AI aangedreven ‘vooronderzoek’.
Wil je als parfum-business andere manieren ontwikkelen om consumenten verrassend en innovatief te verleiden een product (dat in de loop van millennia behalve de verpakking nauwelijks is veranderd) te kopen, dan moet je AI anders interpreteren. Geen Artificial Intelligence, maar Artistic Intelligence! Daar is het wat het nu aan ontbreekt. Bijna alle merken houden elkaar in de gaten: aan de lopende band ruik en zie je schaamteloze copy & paste. En tóch wordt iedere geur afzonderlijk weer als een unieke ervaring geblablablaat.
In hun eigen strenge, cultachtige marketing-geloof denken de merken eveneens uniek te zijn, maar veel klanten ervaren het uiteindelijke product niet zo, is het niet meer dan een ‘lekker luchie’ van Yves Saint Laurent, of was het nu die Givenchy, of Dior… Gucci?’
DIY-kit
Veel parfumhuizen hebben daarnaast nog geen antwoord op de do-it-yourself-ontwikkeling die in feite hun uiteindelijke overbodigheid illustreert. Het enige antwoord dat de marktleiders hierop vooralsnog kunnen verzinnen: door über-marketing en overdonderende campagnes op alle mediafronten je eigen belangrijkheid onderstrepen. Een exemplair voorbeeld: Dior. Is in alle opzichten een groot geurgrossier geworden. Tuurlijk, onder de nichegeuren zitten prachtige presentaties – mag ook wel, maar gewoon te veel! 25, 26, 27? I lost count. ‘Jongens, we zetten Joy even op de markt, want Poison Girl werd toch niet wat we… oh, ja gelukkig hebben we onze blockbusters J’adore en Miss Dior – twee verschillende doelgroepen, hoe fijn! Let’s go crazy: J’adore in Joy. Oeps, Johnny Depp is een beetje negatief in het nieuws geweest, lassen we een mediastilte in voor Sauvage, maar, gelukkig is daar nog Dior Homme.’
Oude clip over de neus van Dior
Om deze fast forward fragrance frenzy een aura van artisticiteit en kunst te geven worden wereldwijd Dior haute couture-tentoonstellingen georganiseerd waar natuurlijk ook aandacht aan de geuren wordt besteed die dan, hopende, qua vakmanschap, handwerk en ‘aantal uren’ op één lijn met de kleding worden gesteld. De naam Dior zal zich, net zoals Chanel, nog dieper in het collectieve onbewuste nestelen. Covid19? No worries, maken we toch even een interessante documentaire of over een van ’s werelds saaiste neuzen.
Ja dus, over de in da house nose of Dior François Demachy. Naam: Nose. Volgens WWD ‘offering viewers a behind-the-scenes look at one of the most mysterious professions – that of perfumer.’ Grap: juist door het do-it-yourself-fenomeen is het beroep neus van zijn mysterie ontdaan, ‘bevrijd’. Maar gelukkig zijn daar wereldwijd ook nog de duizenden andere glossy’s. Die zullen deze film met evenveel parfumpassie hun lezeressen aanraden, want LVMH (waar Dior onderdeel van is) adverteert regelmatig. Iedereen blij. Toch? Ben benieuwd of ‘binnen parfumkringen’ commentaar op deze film zal komen. Of is echt iedereen gedrogeerd door de marketingoorlogsvoering – op niveau, dat wel, dat spreekt voor zich – van Dior?
Vervelende herinneringen. Positieve herinneringen. Denk katholieke kerk. Wierook roept ‘soort van’ heftige emoties op. De gestolde hars (door poëtische parfumzielen ook wel tranen genoemd) van de boswelia-boom is en blijft een echt niche-ingrediënt dat… toch echt de moeite waard is om te ontdekken. Stap uit je comfort zone en dan kan het zomaar gebeuren dat je…
Parfumaria en Geurengoeroe hebben vorig jaar al een parfumpraatje gewijd aan wierook. Door de drukt enz. enz. geen tijd gehad om te posten. Mijn geachte collega deed het al twee weken geleden, ik nu pas.
Hier een greep uit de reacties op deze post. Geeft Geurengoeroe en Parfumaria inspiratie om binnenkort de neuzen weer bij elkaar te steken.
‘Heerlijke video. Zo gezellig en informatief. Een video van jullie over ‘medicinale’ geuren zou ik fantastisch vinden. Hopelijk is dat ook iets voor jullie 🙄☺️.’
‘Weer een heerlijk ongekunstelde gezellige video. Ik hou ervan, kijk met plezier en steek er altijd wat van op. Niet die gemaakte hype filmpjes die steeds dezelfde geuren promoten. Ben niet zo’n fan van wierook maar moet eerlijk zeggen dat ik er ook niet veel geroken heb. Toch een keertje weer poging wagen.’
‘Goed filmpje! Larmes du désert (woestijntranen), die zou ik wel s willen ruiken. Die met de combi van wierook en oudh (Nicolai) lijkt me ook geweldig. Ik kom binnenkort toch echt eens naar je winkel Maria!’
Dat we door corona vanzelfsprekende gebruiken en gewoontes ter discussie gaan stellen – goed idee. Alleen wie gaat hier ‘als alles voorbij is’ in mee? Zoals Lidewij Edelkoort het zich voorstelt op haar ivoren toren in haar alternatieve luxe-bubbel? Dream on honey. Het nieuwe normaal gaat voor problemen zorgen. Ik hoop dat de parfumindustrie door deze pandemie zich eens flink wat vragen gaat stellen over de ratrace waarin het zichzelf heeft gemanoeuvreerd.
Want de industrie is zeker toe aan een intensieve cursus zelfreflectie, want zoals het zich de laatste decennia heeft gemanifesteerd, daar valt veel op af te dingen. Zo ongeveer negen op de tien geuren floppen, de consument – hier volgt een flauwe woordspeling – laat zich telkens weer bij de neus nemen. Advies: wordt kritischer, koop kritischer. Hoe? Dat moet je zelf weten. Weet alleen dat achteloos consumeren, achteloos achter namen en trends aanhollen in the end minder voldoening geeft.
Maar eerst: ik zong gister uit volle borst vanaf mijn denkbeeldige balkon alle moeders toe om ze te bedanken for whatever: ‘Ach moederlief, toe huil niet meer, ik vroeg het u al zo’n menigen keer, en ach moesjelief, op Moederdag waarschijnlijk geen lekker geurtje meer, leg je er maar bij neer!’
Want het is me wat: het eerste, echte jaarlijkse belangrijke omzetmoment in de parfumerie is voor het eerst op afstand beleefd. Verplicht! Helemaal niet gezellig, toch? Ook al pakken ze mamma’s favoriete geurtje – ‘Wat een verrassing, lieverd!’, knipogend naar partnerlief – nog zo smaakvol in via de online-shop inclusief samples plus overbodige tierelantijnen.
Zoals al vaker geklaagd: www.tisgewoonnietleukmeer.nl. Werd weer eens bevestigd toen ik vorige week, na maandenlange afwezigheid op www.nowsmellthis.com zat: was ver-ver-verbijsterd over de aan-aan-aanhoudende stroom nieuwe geuren, nieuwe merken met allemaal dezelfde inwisselbare boodschap. Creativiteit, speelsheid, elegant fun, eigengereidheid – voormalige ‘wapens’ van de industrie – schitteren door afwezigheid. Zelfs ‘indi’-merken gaan mee in het slaapverwekkend marketing-gemiep en storytelling-geleuter.
Een stuitend voorbeeld: Givenchy. Dit couturehuis presenteerde onlangs zijn vierde nichelijn. Vierde! Waren de vorige drie dan niet goed genoeg? Niet goed genoeg meer? Wat maakte die overbodig? Les Millesimes (van 2005 tot 2010). Les Creations Couture (2012). L’Atelier de Givenchy (2014 tot nu). Wat voegt La Collection Particulière toe? Gôh, wat hip, negen geuren die je kunt ‘do-it-yourself-en’ (alsof je ‘oude’ Givenchygeuren of welke dan niet kunt mengen).
‘Heel slim’: je moet naast de ‘basisgeur’ – Accord Particulier – op zijn minst kiezen uit twee à drie flacons voor het beoogde meng-effect. Welke worden het? Enflammé, Garçon Manqué, Indompté, Oiseau Rare, Peur de Rien, Sans Artifice, Sans Merci en Trouble Fête. Leuke namen, maar in dit geval te bedacht en ‘te lopende band’ en te ‘hapsnap’. Garçon Enflammé, Garçon sans Merci, Garçon Indompté en Oiseau Indomptée had ook gekund.
Gôh, wat leuk voor de storytelling: La Collection Particulière is geïnspireerd op Les Séparables uit 1952, de eerste haute couture-collectie van de master himself. Want je zou bijna vergeten dat (Hubert de) Givenchy ‘oorspronkelijk’ een couturehuis was en geen lopende-band-geuren-fabriek. En gôh, wat nog leuker weer, het schijnt dat Audrey Hepburn – daar is ze weer – helemaal gecharmeerd was van Les Séparables. Het was zelfs het begin van een love story tussen Hubert en Audrey. Natuurlijk perfect voor de storytelling-sugarcoating die waarschijnlijk heel braaf overgetypt zal worden door de uitgenodigde influencers en beautyjournalisten. Moet gezegd: heb op www geen foto’s van de lancering gezien – corona? Bestaan beauty-influencers nog wel?
Ander voorbeeld: Gucci Guilty Pour Homme EdP. Wat er allemaal in stelling wordt gebracht om de geur te ‘rechtvaardigen’. Het ‘verdiept de traditionele codes van mannelijke schoonheid met mysterie en het onconventionele, en is gecreëerd voor de eclectici en de durf-als. Het vieren van de vrijheid in het verhaal van #ForeverGuilty wordt gecontinueerd.’ Wat krijg je: een makkelijk niemendalletje-gevalletje dat bijna iedereen niet vies vindt. Maar van je stoel vallen, iets wat je toch verwacht gezien de gender-vervagende modecollecties – no way. ‘Gecreëerd om te provoceren’ – gebeurt niet.
Oké, nog eentje dan: Tom Ford. In den beginne was ik very impressed door zijn debuut en the follow ups, maar sinds kort: The Estée Lauder Companies has taken over too much. Te veel geuren en te makkelijk en te weinig Ford. Zoals Beau de Jour. Ja, ik begrijp de link met Belle de Jour, de film uit 1967 met Catherine Deneuve in de hoofdrol als verveelde huisvrouw in transitie naar hoer. Maar dan het ‘verkooppraatje’ op de inmiddels virtuele werkvloer: ‘For the perfectly groomed gentleman who considers every detail (‘yawn’). He exhibits the best version of himself (‘yawn-yawn’) to the world, but beneath the surface is something deeper, refreshing and sublime in all its layers’ (‘yawn-yawn-yawn’). Echt origineel, nog nooit eerder gehoord. Tom, hoe kom je op het idee! Ja, en wat fijn, je hebt sinds kort ook een eigen verzorgingslijn? Met of zonder pure Botox-injectables@home-lijn met of zonder pijn?
Nou, nog eentje dan, maar dat dan is ook echt de aller-aller-laatste: Carven (de couturier overleed in 2015 op 105 jarige leeftijd – hoe vind je die?). Ooit klassiek vanzelfsprekende chic – Ma Griffe, Vétiver – in de jaren vijftig, zestig en zeventig. Daarna vergeten, nog verder vergeten en toen herontdekt, nieuw even ingeblazen zowel op mode- als parfumgebied – waaronder het passief-vreugdeloos herinterpreteren van haar klassiekers. Om daarnaast – hupsakee – met een sextet travel fragrances en Dans ma Bulle aansluiting te zoeken met meisjes die zich identificeren met graatmagere-verveeld kijkende NYTM-kanshebbers. Nog eentje, ik beloof het nu echt, of eerder gezegd 13. Van de hand van Céline, bedacht door Hedi Schlimane. Hoe leuk is dat (niet): gebaseerd op zijn geurherinneringen, niet die van Céline.
Quo vadis? Moeten we verder? Een antwoord heb ik niet. Of misschien wel. Ik ben nu ‘heel erg’ voor het ‘ter plekke ruiken’, in je opnemen en dan gewoon verdergaan. Bij geur niet direct aan een flacon denken. Ik liep vorige week bij een vriendin (vlak bij mij in de buurt) door haar enorme tuin. Ik wees haar op de overweldigende ‘aanwezigheid’ van bloeiende meidoorn en sering. Had ze nooit bij stil gestaan. Deze week liep ik ook te ‘leuren’ met boeketjes lelietjes-van-dalen door mijn buurt – velen wisten niet welk zoet-fris parfum ze verspreiden. Met andere woorden: neem vaker een bloemetje mee en laat mensen de olfactoische sensatie ervan ervaren. Geurtje kopen kan altijd nog.
Nee, ik word geen alternatieve kruidentuingeurtjes-fetisjist, maar iets in mij zegt dat ‘teruggaan naar de natuur’ – de zoete klaver staat op het punt uit te barsten, de kamperfoelie is ook drukdoende – mensen dichterbij bij de essentie brengt van ‘wat geur vermag’. En dat je, dit wetende, samengestelde geuren in de parfumerie meer gaat waarderen – het wonder van het vermengen van verschillende ingrediënten. Het zou fijn zijn dat daar in de parfumerie ook meer de nadruk op zou worden gelegd: ‘Wat u nu ruikt is pure jasmijn’ – in plaats van te truttetutten over dromen, vergezichten, het beslechten van barrières, emancipatie, geslachtsgelijkheid en ander marketing-gebral.
En dat de – als zo ooit weer werk krijgen – influencers hier in meegaan in plaats van in opdracht te gillen, te juichen, virtueel klaar te komen, maar niet capabel waarom ze nu zo opgefokt doen, behalve dan vanwege de schnabbel-babbel-knabbel-opbrengst.
Parfumproblemen van Maria. Ze snapt het niet waarom sommige geuren niet lopen: ‘Als ik ze opdoe in mijn winkel, zegt iedereen ‘wow, wat heb je in hemelsnaam op!’ En daar blijft het dan bij. Drie op een rij.
Punks in Paradise Philly & Phill (2018)
Maria van Geuren: ‘Dat sandelhout in de drydown, een herfstgeur.’
Geurengoeroe: ‘Een wierook zonder kerk die een hele leuke reis achter de rug heeft.’
The Other Side of Oud Atkinsons (2019)
Maria van Geuren: ‘Ik vind hem helemaal geweldig. Lekker die kardemom in het begin. Ik weet het, ik weet waar het naar ruikt – chai-thee.’
Geurengoeroe: ‘Helemaal geweldig. Grappig dat je die kardemom zo goed ruikt. Is dat misschien wel de grap dat met de naam bedoeld wordt dat er juist helemaal geen oud inzit, de andere kant, en dan kom je uit bij… thee.’
Porpora Tiziana Terenzi (2017)
Maria van Geuren: ‘Kijk, ik krijg echt kippenvel. Zo chic. Een echte uitgaansgeur. Sommige zeggen ‘ruikt naar sauna’… ik ben niet snel beledigd, maar…’.
Geurengoeroe: ‘Maria heeft gelijk. Portrait of Lady in overdrive. Voller, rijker, onstuimiger, ongepolijst en toch zit er een enorme chique laag onder. Zo’n geur die je graag op een feest wilt ruiken, dat je langs iemand loopt en denkt ‘mag ik even met je praten.’
Bij interesse: lees beide recensies. Ze bevatten veel info die ik tijdens het parfumpraatje ben vergeten: Jickyvan Guerlain (1889), Quelques Fleurs van Houbigant (1912). Vooral handig als je je geïntimideerd voelt door de aanhoudende sterke dadendrang van de niche-branche. Ze laten je ervaren hoeveel huidige geuren schatplichtig zijn aan deze niche-geuren avant la lettre.
Grappig/treurig: het verwijt dat veel van deze klassiekers ouderwets zijn. Hou daar eens mee op! De gemiddelde Nederlandse vrouw en Nederlandse man zijn in denken en doen heel behoudend en conservatief, dan zou je toch denken dat geuren die hun klasse door de decennia heen hebben bewezen, direct omarmd zouden worden.
Hou daar eens mee op deel twee: de kritiek dat al die ‘ouderwetse’ geuren zijn aangepast. Wel of niet door opgelegde restricties van buitenaf en/of besparen op ‘dure’ ingrediënten gedicteerd van bovenaf. Ja, so be it. De meeste merken benaderen het origineel zo origineel en zo serieus mogelijk. En als je dan echt the real stuff wilt, op www bloeit de handel in vintage-versies.
Waarom is een parfumhuis goed? Als je luistert – en je je in het begin niet stoort aan het geknip en geplak – naar dit parfumpraatje, opgenomen afgelopen zomer in geurig Gees, dan kom je er in ieder geval achter hoe Maria van Geuren en Geurengoeroe – uw baken in woelige-geurende baren – over Santa Maria Novella denken. Oh ja, heel erg vreemd zoals bepaalde mensen uit bepaalde kringen vinden: Maria van Geuren verkoopt de geuren van Santa Maria Novella niet in haar eigen winkel. Zou daar iets achter zitten?
Een aanpassing: Van Geuren vertelt dat je de geuren van deze ‘apotheek’ niet online kunt kopen. Wel dus. Nog een: Geurengoeroe geeft als oprichtingsjaar 1602. Niet dus. Tel er maar tien bij op. Nog een: Geurengoeroe zegt dus vaak Santa Maria di Novella en dat komt omdat de naam voluit Officina Profumo Farmaceutica di Santa Maria Novella is, scuse!
Geurengoeroe heeft al geuren besproken van Santa Maria Novella, geen drie zoals ik beweer, maar twee – scuse!
Groots in het nieuws gebracht door de Nieuwsuur en NRC Handelsblad: de Nederlandse democratische rechtsstaat ondermijnende lespakketten die leerlingen van onder meer salafistische moskee-scholen onder ogen krijgen. Wat al bekend was: alle ongelovigen moeten dood (zowel hetero’s als homo’s; leve de emancipatie!) en moslims zelf moeten zich afkeren van onze samenleving.
In het reguliere, door de overheid gesubsidieerde onderwijs is het al niet beter. Muziek kan worden beschouwd als de oproep (adzaan) van de duivel (Sjaytaan) en een strikte scheiding tussen jongens en meisjes is verplicht. De lesboeken – waaronder Help ik word volwassen – zijn geschreven door the dutch catholic converted-muslim-onderwijsexpert Asma Claassen.
Wat mij hier verbaast is dat in het lesmateriaal voor meisjes wordt gezegd dat ze geen parfums mogen gebruiken. Tisniewaar! Jongens dus wel? Wie zich een beetje in de Arabische parfumcultuur heeft verdiept, zoals ondergetekende, weet hoe belangrijk parfum is – zowel in religieus opzicht, als voor het persoonlijk genot. Google je ‘muslim and perfume’ dan hoor je direct andere geluiden. De eerste site die verschijnt -www.abuaminaelias.com – vermeldt dat ‘In de naam van Allah, de Genadige, de Genadevolle, moslimvrouwen mogen elk soort geur, omgeven door hun familieleden, thuis dragen. Bij het verlaten van het huis ‘moeten ze echter, als een daad van bescheidenheid, alleen licht geurende of ongeparfumeerde deodorants dragen’. De mannen, zoals wel vaker, hebben meer geluk: ‘Het is de profetische praktijk (sunnah) voor mannen om sterk geurend parfum te dragen bij het verlaten van het huis’.
Daar kan de Nederlandse man nog wat van leren! Heb je het gehoord Asma Claassen? De hoogste tijd dat je je inschrijft voor een make over-cursus van een Instantgram-tutorial influencer en daarna een masterclass gaat volgen bij ondergetekende…