HOE RUIKEN (VINCENT VAN GOGHS) ZONNEBLOEMEN?
IN IEDER GEVAL – TIJDELIJK – NIET IN HET VAN GOGH MUSEUM
Ik moest onlangs in het Vincent van Gogh Museum zijn, vanwege een ‘geur-gerelateerd iets’ in de professionele sfeer (waarover ooit meer). Om ervan verzekerd te zijn dat ik niet in een toeristenslang zou verdwijnen, stond ik om 9.10 voor de kassa en kon als een van de eersten naar binnen. Wat ik zocht vond ik niet in de winkel – als museum zoveel klasse willen uitstralen en dan zoveel toeristen-shit verkopen – dus kon direct naar buiten want geen zin om nóg een keer oog in oog te komen staan, de confrontatie aan te gaan met de werken van ’s werelds meest populaire kunstenaar in Amerika – hoorde ik in welingelichte kringen.
Wat me richting uitgang opviel was een kopie van een van Van Goghs’ zonnebloemschilderijen die je multi-zintuiglijk kon beleven. Ik heb het al eens besproken: de moeite die musea nemen om kunst vanuit verschillende disciplines te belichten. Alles wordt gedaan om bezoekers te infotainen. Alleen vraag ik me, in dit geval, af of het zin heeft en/of het nodig is om de structuur van een schilderij te voelen, om te ervaren hoe het afgebeelde auditief ‘groeit, bloeit en vervalt’ en zou ruiken, mits omgezet in een geur. Nu heb ik begrepen dat deze belevenis speciaal werd gemaakt voor slechtzienden en blinden. Tja, daar kun je natuurlijk niets tegen inbrengen (ik kan me alleen niet herinneren dat er tekst en uitleg in braille werd gegeven).

Maar zorg er dan in ieder geval voor dat het werkt. Toeval of niet, het gedeelte dat de geur van zonnebloemen oproept was defect zonder vermelding of reparatie ophanden was. Tja, en dan nog zoiets: zonnebloemen verspreiden een nauwelijks waarneembaar parfum. Dat wordt op het onderschrift bevestigd door ‘‘Scentman’ Jorge Hempenius. who has created a fragrance especially for the Van Gogh Museum. This warm, sunny floral perfume captures the entire experience of the painting. You sense the green of the stalks and the powdery texture of the yellow petals. One of the secrets ingredients is camonile’.
Waar te beginnen? Een geur baseren op iets dat niet ruikt? Come again? Want de groene stelen zijn reukloos – letterlijk nietszeggend. De gele bloemblaadjes hebben een textuur – zacht, fluwelig, maar verspreiden ook geen geur. Mocht het poederachtig zijn – dan denk ik eerder aan heliotroop. En als je van een geheim ingrediënt spreekt, die je vervolgens vermeldt, dan is het niet meer geheim, want omschreven. En het laatste waar ik aan denk bij zonnebloem is kamille. Eerder aan een melange van mimosa met een synthetisch molecuul – naam wil me niet te beginnen schieten – dat ‘zonnewarmte’ toevoegt aan een compositie. En wat je echt ruikt bij een vol bloeiende zonnebloem zit er niet in! Pollen, stuifmeel heeft iets honingachtigs. Let wel: vind ik.
Ik blijf het interessant vinden de manier waarop geur interessanter en ‘artistiekeriger’ wordt gemaakt, door het te plaatsen buiten het persoonlijke gebruik, buiten het alledaagse ‘doodnormale’ ervaren.
Verbaasd over dit alles, toch maar even Jorge Hempenius googelen. De naam levert weinig op. Vervolgens plaats ik er Scentman achter en kom direct terecht op de Facebookpagina van Aromajockey, de arti-farti, alive & kicking 2.0-versie van Ambipur, Indische toko-geurstokjes en andere sfeervolle vooral bij doe het zelf-ketens verkrijgbare huis-, tuin- en keukengeurverspreiders.
Maar wat de zonnebloemengeur betreft. Ik kan’m dus niet analyseren. Wel leuk in deze: er zijn volgens mij best veel Amerikanen die het Van Gogh Museum bezoeken die weten hoe zonnebloemen ruiken ‘buiten de velden waar ze bloeien’. En wel door de associatie die de naam heeft met Sunflowers van Elizabeth Arden uit 1993. Was lange tijd een topseller in de VS en nog steeds te koop.
De geur heeft weinig vandoen met de letterlijke interpretatie van de geur van zonnebloem, en dat klopt omdat – zoals reeds vermeld – de bloem ‘doof’ is. Sunflowers draait meer om de sfeer en de fantasie dan het werkelijk interpreteren. Fel van karakter vond ik hem, zelfs penetrant volgens www.parfumaria.com, zo’n echte ‘right in the face’-knalgeur toen in Amerika populair. Denk Estée Lauders Spellbound (1991), denk Oscar de la Renta’s Volupté (1992).
Mijn vraag: wat is de toegevoegde waarde, behalve de gimmick? Of ben ik nu een geur-zeur?
Trouwens, iets eerder in 1990, verscheen naar aanleiding van Van Goghs 100stesterfdag – moord in plaats van zelfmoord naar nu wordt beweerd – een keur van onnodige merchandising, waaronder de geur Grand Fleuri van het merk Van Gogh. Totaal geflopperdeflopt omdat het winstoogmerk de presentatie overschaduwde – die was echt onder alle niveau. Zoals zo vaak het geval is. Zou Grand Fleuri te koop zijn geweest in het Van Gogh?



Parfumpraatjes met
Voor mij een heerlijke, overheerlijke zonnige bloemengeur schatplichtig aan de aldehydenformule geïntroduceerd door Chanel. Alleen met dit verschil: het is minder vettig, meer ‘open’. De aldehyden hebben hier wel dezelfde werking: ze poeleren de bloemen; laten ze glanzen. Wat ik fijn vind: de hyacint – fris, groen, schalks – is duidelijk waarneembaar tussen de andere bloemen – een vloeiende melange van oranjebloesem, jasmijn, roos en ylang-ylang.

Tot voor kort had ik Zadig & Voltaire hoog zitten. Door de naam welteverstaan (niet door de mode). Die refereert aan een boek dat ik ooit voor de Franse lijst heb gelezen (in het Frans) : Zadig (1747) van de Franse schrijver, essayist, filosoof en vrijdenker Voltaire. Nom de plume voor François-Marie Arouet (1649-1778). Het is een filosofische vertelling over het wrede lot. Voltaire onderzoekt of geluk mogelijk is voor goede, redelijke en deugdzame mensen, in dit geval voor de hoofdpersoon Zadig.
Met de naam wordt duidelijk gemaakt dat ‘Meiden alles kunnen. Op elk moment. Waar dan ook. Ongelofelijk’. Ongelooflijk inderdaad, want wat een westerse ‘in your own bubble’-kijk op de wereld. Er zijn volgens mij wereldwijd meer meiden die juist niet alles kunnen, hoe graag ze ook zouden willen. Dit gratuit activistische elan sluit aan bij een mini-trendje in de luxe modewereld naar aanleiding van de #metoo-consternatie. Ofwel, flirten met feminisme.
Er is iets anders aan de hand dat niets met old fashioned or new fashioned varen te maken heeft: Girls can do anything heeft voor een vrouwengeur een ‘overdosis’ van ambroxan. In dit geval ambroxide genoemd, eigenlijk de juiste omschrijving voor synthetisch ambergris die warme, zoete, iets ziltige, kruidige en musk-achtige noten vermengt, ‘geplakt’ op hout. Maar deze overdosis verhoudt zich tot 02 – de beroemdste en bestverkochte ‘solo-ambroxan’ – van Escentric Molecules als een eau de cologne tot een parfumextract.
Zie-ik-ut het geurgewijs ff niet meer zitten, overweeg ik olfactorische zelfmoord, dan rest mij slechts één remedie – afgezien van goed verkouden worden en/of een goed glas wijn: een parfum selecteren van een huis dat vrij van de lifestyle-waan van de dag, vrij van marketinggeleuter, vrij van storytelling-geprietpraat, vrij van maatschappelijke betrokkenheid gewoon doet wat het ‘moet’ doen: vanzelfsprekend vakmanschap bescheiden maar met autoriteit gepresenteerd. Kom daar nog maar eens om!

Ik heb het nooit in ambrette (foto) kunnen ontdekken: facetten van eau de vie. Ik heb er nooit iemand over horen bloggen, maar sinds deze omschrijving in het persbericht van Le Cri de la Lumière staat, kakelt men elkaar na. Voor mij heeft ambrette iets musk-achtig met vooral groen-aardse accenten met warm-humus nasleep (nu ook wel vegetaal/plantaardig genoemd). En dat ruik je dus verondersteld in de opening.

Ik dacht ‘altijd’ dat Mont St Michel maar één geur produceerde: Ambrée Authentique. Had een inmiddels overleden vriendin van me (drie jaar geleden op 80-jarige leeftijd) altijd achter de hand als ze geen geld had voor een Guerlain (haar vaste merk, haar favoriet Parure) en toch een echt ‘Parijsparfum-gevoel’ wou hebben.
Even ter herinnering: Mont Saint-Michel is een getijdeneiland over land alleen bereikbaar bij laagwater. Tegenwoordig loopt er een smalle brug, met pendeldienst, alleen toegankelijk voor voetgangers. In 1979 werd Mont Saint-Michel met abdijcomplex en omliggende baai uitgeroepen tot werelderfgoed door de Unesco en is – wist u dat? – met jaarlijks meer dan 3.500.000 bezoekers Frankrijks derde toeristische site na de Eiffeltoren en Versailles. Reisadvies: niet tijdens het hoogseizoen.
Ik zat te grabbelen in mijn ‘geurenton’ – verzamelplaats van proefjes – voor een nieuwe recensie en trok Figment Man. Wel zo makkelijk: ook Figment Womanerbij gepakt. Eerste waarschuwing: don’t be fooled by the name. Want de geur heeft dus niets, maar dan ook niets met vijg te maken (wat op zichzelf wel leuk geweest zou zijn). De ongebruikelijke/originele naam – had er nog nooit van gehoord – betekent: sprookje, bedenksel, hersenspinsel, fabel(tje), verzinsel, inventie, fictie en verdichting.
Heb jij dat nu ook? Bijna ontroerd zijn als een blogger een geur analyseert als betrof het een retroperspectief van een belangrijk kunstenaar. Pagina, na pagina worden de indrukken en observaties gedeeld. Maar hoe meer hij/zij zich erin verdiept des te meer bij mij het figment-gevoel verdwijnt – nog iets aan de verbeelding overlaten bij de lezer wordt gekaapt door kille analyse. Voorbeeld:
Dan Figment Woman. Ik word bijna gek van de zogenaamde ‘gefragmenteerde tuberoosgeuren’. Stella McCartney heeft er een. Reminiscence heeft er een. Gucci heeft er een. Miu Miu volgt binnenkort. Wat doet deze variant? Is heel simpel: minder naar tuberoos ruiken. Eerder het boterachtige, melkachtige gevoel versterken in plaats van het overweldigende bloemeneffect. Natuuurlijk – bijna verplicht – wordt ze begeleid door gardenia en ook nog veel andere witte bloemen: sambacjasmijn, oranjebloesem en ylang-ylang. En helemaal hip: de toevoeging van saffraan, gecombineerd met peper.
Is de parfumwereld aan het doordraaien? Kun je een boom over opzetten of misschien wel zelfs een seminar/congres aan wijden met internationale sprekers die vanuit verschillende invalshoeken een positief toekomstperspectiefgericht licht laten schijnen, dan wel een aanzwellende, onheilspellende onweersbui laten plenzen over de toehoorders. En alles wat zich daar aan meningen tussen beweegt.
Als extraatje een très plastique armband-broche-combi die je om je pols kunt hangen of op je trui kunt spelden die je normaliter op de kermis bij de schiettent als troostprijs krijgt. Het accessoire is trouwens van een beledigende shitkwaliteit, na een paar keer ‘spelen’ begaf een, van de twee armbanden het al. Bevestigd wederom mijn vooroordeel over dit soort gratis cadeautjes bij geuren. Niet doen. Is voor mij hetzelfde dat je bij de slager gratis bearnaisesaus krijgt bij je gekochte chateaubriand. Laat maar. Gratis bestaat niet. Leuker zo het zijn wanneer het vice versa gebeurde.
Als ik goed heb geteld heeft Bond No 9 – anno 2003 – 129 geuren in zijn collectie. Ja, ik heb echt tde ijd niet, en zelfs als ik die had, om me in alle te verdiepen. Grote kans dat er een tussen zit die écht beantwoordt aan mijn voorkeur. Trouwens, ik heb geen olfactorische voorstelling van dit gedeelte van Central Park en of die anders ruikt, zou moeten ruiken dan het oostelijke of welk gedeelte van New Yorks groene long dan ook.