NICHE IS EVERY WHERE
DROOG-STOERE, SENSUEEL-INTENSE GEUR
Jaar van lancering: 2016
Neus/bedenker: Neil Bardon
Ja, gezellig toerend in een cabriolet van San Francisco naar Los Angeles om het nieuwe jaar snel in te rijden. Effe niet aan geuren denken, ondertussen wel overwegend of ik Geurengoeroe binnenkort moet begraven. Zo in de trant van het #tismooigeweest, tijd voor andere dingen, missie volbracht – en: de wereld zit echt niet meer te wachten op te diepzinnige analyses.
Ben ik blij mee: door met name het meest democratische kanaal ter wereld – Youtube – kan iedereen zijn mening ventileren. Een rondje langs de talrijke ‘geurbesprekingskanalen’, doet je beseffen dat geur meer entertainment, nog meer inspelen op merkgeilerij en nóg nóg meer ‘narratieve’ marketing is geworden in plaats van… je kent het wel. Om maar te zwijgen van het domme oudehoeren.
En dan ga je op bezoek bij Saskia Wilson-Brown van The Institute for Art And Olfactation (voor een interview voor een Amerikaanse klant) voor een interview/kennismaking. Ik zou haar afgelopen jaar in Amsterdam ontmoeten, maar toen deed desbetreffende telefoniste/‘publicrelationsste’ zo moeilijk – of ik het zonet alles uitgelegde nog ‘even’ op papier kon zetten, nee dus, blijkbaar niet geluisterd, daar heb ik geen tijd voor – dat ik dacht laat maar, ik mail haar wel rechtstreeks in LA voor een afspraak.
Zo gezegd, zo gedaan. Kreeg direct antwoord. Afspraak gemaakt. Nou, toen ik tegenover haar zat, raakte ik direct weer enthousiast over ‘de wereld van geuren’, zij over mij. Surprise: ze liet me aan de Osmothèque-versie van van Jacques Faths Iris Gris ruiken – tweede keer dit jaar. Weer een gedenkwaardig moment. Gevolg: denk dus Geurengoeroe’s teraardebestelling uit te stellen tot 5 mei 2021. Dan is het honderd jaar geleden dat het beroemdste parfum aller tijden – N°5 van Chanel – op de markt werd gezet. En als de huidige eigenaren dan beslissen om de oerversie in limited edition te lanceren (inclusief civit en musk), dan is voor mij de cirkel rond.
Anyway, dat je parfum toch het beste puur natuur en niet in een fles kunt ervaren, dat werd me dus in Los Angeles weer eens duidelijk. Tijdens een fietstochtje door de parken (en langs de kustlijn en over de beroemde brug), rook ik ‘alive & kicking’ een van de mooiste versies van een Middellandse Zee-geur ooit. Of, beter gezegd, zoals we die door de parfumindustrie als zodanig zijn gaan ervaren. Een soort Eau du Sud (1984) van Annick Goutal maar op sterke houtbasis. Ozon, een vleug van citrusnoten ingekapseld in warme zeelucht, een rand van kruiden en heel veel door de zon uitgedroogd hout, en met voor het moderne accent een wolk uitlaatgas (wierook). Bottel maar.
Aangekomen in Los Angeles, niet bepaald zin om langs alle parfumcounters van de grootwarenhuizen te gaan – ben wat dat betreft nog steeds aan het bijkomen van de op mij gerichte spray-attacks van de beauty-assistants in New York die me als een zwerm wespen belaagde.
Voelde na een paar dagen toch mijn geurgeweten knagen, en toch maar bij Mount Washington naar beneden gelopen, de Figueroa Street op die zich als een enorme slang door South LA slingert en geflankeerd wordt door de bekende ‘all American apparel’: tankstations, super-size-me-markten, eetgelegenheden, nog meer eetgelegenheden, vintagewinkels, lege winkels, afbraakpanden en meer architectonische treurnis ondergedompeld in een latino-sausje.
Dat een gedeelte van de straat upcoming is, werd duidelijk door een dichtere concentratie van hippe koffietentjes, vintageshops en strak ‘casco-ingerichte’ modewinkels. Zoals de ‘selvedge’ denimzaak Freenote met mooi gemaakte basics, zo mooi gemaakt dat ik zelf een jeans kocht. Rondkijkend in de winkel zag ik ook een paar planken met beautyproducten, waaronder geuren van Saint Rita Parlor.
Dat is een nichemerk bedacht door Neil Bardon en opgedragen aan en geïnspireerd door zijn overleden grootmoeder Rita. Het zijn de herinneringen die naast zonnebrillen (en ik weet niet nog wat meer) ook twee geuren hebben opgeleverd. Nummer 1: Saint Rita Parlor. Nummer 2: Rita’s Car. Inspiratiebron: ‘Both of his grandfathers’ interest in mechanical engineering, or the medical field that Rita worked in, and the roses she adored’.
WAT SAINT RITA PARLOR IK EIGENLIJK?
En wat levert dat op? Twee geuren die je wel vaker in het alternatief-chique, indi-circuit tegenkomt. Pittig en soort van vreemd geprijsd gezien het verloop naar omlaag: 60 ml $ 180,00, 15 ml $ 80,00, 5 ml $ 40,00.
Gemaakt van 18 organic essentiële oliën. En gestopt in de overbekende, over-saaie basisflacon die wel direct duidelijk maakt dat het om de inhoud gaat en dat waarschijnlijk het geld ontbreekt en/of dat Neil Bardon geen zin had te investeren in een flaconontwerp op maat.
De eerste indrukken: de AME-serie uit 2007 Les Orientalistes (Ambre Fétiche, Myrrhe Ardente en Encens Flamboyant) van Annick Goutal en Les Déserts d’Orient (Rose Nacrée du Désert, Songe d’un Bois d’Eté, Encens Mythique) uit 2012 van Guerlain. Even vol als Guerlain, maar minder ‘gelikt’ en daardoor dichter in de buurt komend van die van Goutal.
De ingrediënten worden niet opgegeven. Je moet het doen met ‘Rita would tend to her rose garden whilst smoking a hand-rolled tobacco cigarette and drinking a whiskey and water’. Verder: whiskey, tabak en roos. Die roos komt langzaam op gang, alsof ze zich door de tabakswolk moet heen vechten, en blijft in de schaduw. Het is vooral de tabak die het doet met noten van patchoeli, groenige kruiden en zalvende, zachte accenten van een glas whiskey – voor mij een soort mix vanille, mirre en benzoë-hars. Allemaal typische ‘all natural’ noten zonder dat het de alternatieve kant op gaat. Resulterend in een bewust ongeraffineerde droog-stoer parfum met sensueel-intense afronding.
Voor hetzelfde geld of meer, of minder, had Saint Rita Parlor ook in Amstedam, Londen, Perth, Kopenhagen ontwikkeld kunnen worden onder een andere naam, onder een ander label. Overal waar gentrification ‘van die oude, gezellige arbeiderswijken’ aan het transformeren is, vind je er ergens ook wel in een zijstraatje een indi-parfumhuis geopend voor de all natural, lactone- en glutenvrije millennials en andere liefhebbers van kleine, maar fijne labels.


Etienne de Swardt, oprichter van Etat Libre Orange, weet als geen ander dat de boodschap belangrijker is dan de inhoud. Met goede storytelling wordt een geur ‘vanzelf’ interessanter, laat je een geur anders ervaren.
Dit en ‘allerhande’ komt samen in Les Fleurs du Déchet – I Am Trash. Vrijvertaald: Afvalbloemen, ik ben uitschot. Het idee: ingrediënten al één keer gebruikt, een tweede keer ‘destilleren’ waardoor (dezelfde) parfumoliën worden gewonnen die alleen een ander facet onthullen. In dit geval: ‘appel-olie’ (afkomstig van afval uit de ‘fruitsap-industrie’ bestemd voor veevoer), ‘rose neo absolute’ (gewonnen uit ogenschijnlijk ‘uitgeputte’ rozenblaadjes voor een tweede keer gedestilleerd), en ‘cedarwood atlas neo absolute’ (een tweede destillatie van cederhoutsnippers voor ze in brandstof worden omgezet).
Man en hoofddeksel: het blijft een moeilijke combi. Ik droeg een tijdje zo’n zwart gegleufde Borsalino tijdens mijn mid-thirties – werd ik af en toe uitgemaakt voor kinderlokker. Fijn. Daarnaast een schapenwollen muts afkomstig van een steppenvolk uit Mongolië – veel complimenten waren mijn deel. In Canada kreeg ik ooit een wasberen bontmuts inclusief bengelende staart – idem. Het voordeel van alle drie: mijn weelderige haardos kon ik er goed onder kwijt.
Nu, geloof ik daar zelf niet in. Met dien verstande: wel in de natuurlijke, op onbewust niveau werkende feromonen, maar niet als ‘extra’ toegevoegd aan een geur. Volgens het persbericht heb je met een vleugje Fugazzi Parfum 1 ‘over aandacht niet meer te klagen… en alles wat daarop volgt. Je bent gewaarschuwd!’ Inderdaad want ‘elk flesje bevat vier procent van een geheim, natuurlijk ingrediënt dat de aanmaak van menselijke feromonen verhoogt: met wel 260%’.
Bram Niessink: ‘Een geur die jou laat zijn wie je bent (en dan een tikkeltje meer). Niet te beschrijven. We doen toch een poging. Fugazzi Parfum 1 is fruitig, kruidig en houtig. Rijk en aards. Zwaar en tegelijk sexy. Een geur niet specifiek mannelijk of vrouwelijk, maar die jou laat zijn wie je bent. En die je stemming, zelfverzekerdheid en aantrekkingskracht versterkt. Zodra de frisse topnoten de aandacht hebben getrokken, nodigen de mysterieuze hartnoten uit tot een dieper ‘gesprek’, waarna de donkere basisnoten de verleiding compleet maken – voilà!’

Who the fragrancef*ck is Jacques Fath? Olfactieve opa vertelt: Lieve parfumvrienden en geurvriendinnen, lang geleden toen haute couture nog vraiment haute couture was, en de ‘daaruit voortvloeiende’ parfums zonder tussenkomst van marketingafdelingdirectors en storytellingdepartementexecutives direct richting consument werden gestuurd, waren er naast de nu bij het grote publiek bekende huizen (Balmain, Chanel, Dior, Givenchy, Lanvin), een hele trits aan concullega-couturiers.
In zijn korte komeetachtige carrière (geboren in 1912 overleed hij in 1954 aan leukemie) werd hij, zoals dat heet, op handen gedragen vanwege zijn frivole, maar altijd smaakvolle stijl. Het leverde hem beroemde klanten op. In a way the usual suspects van Hollywood en omstreken – hij verzorgde ook de kostuums voor veel glamour-films: Greta Garbo, Ava Gardner en Rita Hayworth.
WAT GREEN WATER IK EIGENLIJK?
‘Grappig’ in deze: ik meen een bloemige noot te bespeuren die heel, heel, heel lichtjes aan ‘geklaarde’ tuberoos doet denken. Ik moet het anders zeggen: de nieuwe generatie tuberoosgeuren gedragen zich zo. Daarvan wordt nu de meer groenige noot benadrukt – chique gezegd: ‘a deconstructed tuberose’ – om de jonge consument maar niet de stuipen op het lijf te jagen. Men neme: Stella McCartney’s Pop (2016), men neme Miu Miu Eau Argentée (2018). Ik heb de nieuwe Maison Margiela – Mutiny (2018) – nog niet geroken waarin de tuberoos ook een discutabel procedé moet ondergaan om maar niet tuberoos-totaal-brutaal te worden.

Vraag ik me weleens af: was ‘the internet of things’ er niet geweest, zou dan de parfumindustrie zo’n hoge vlucht hebben genomen? Niet zo zozeer qua omvang, maar qua aanhoudende stroom van nieuwe labels? Geen dag voorbij of etc, etc. De reden volgens mij: het is zoveel makkelijker in vergelijk vóór ‘the internet of things’ je als serieus huis serieus neer te zetten. Met een beperkt budget kun je een wereld van make believe creëren die qua uitstraling en professionaliteit de concurrentie aankan met de grote jongens – soms slagen nieuwe merken hier zelfs beter in.
Dan uitstraling & presentatie. Weinig nieuwe merken die echt onderscheidend zijn. ‘Alles’ is vaak toch een vertrouwde klassieke flacon die met een beetje customizen een soort van eigen identiteit krijgt. Inspiratie is eigenlijk het unique selling point, maar voor je het weet gaan anderen er mee aan de haal.
Ze gaat door met: ‘De creaties sublimeren het meest authentieke deel van ons in een idyllische olfactorische reis die zijn oorsprong vindt in het geheugen, levensbloed vindt bij introspectie en uiteindelijk aankomt in een stadium van verlossing en vervolgens wedergeboorte naar een nieuw leven’.
‘Geboren in de diepten van de ziel, een holle ziel die zich vult met de stroom van het leven. Het is pijn en geboorte, vereniging en scheiding, melding en tranen, en hartverscheurende liefde die zijn eigen zelf creëert en continueert, een nieuwe betekenis geeft. Het is ademen en schreeuwen dat door de zintuigen stroomt. Het is de tegenstrijdigheid van iemand die één is, maar twee kan worden, niet langer eenzaamheid’.

Parfumpraatjes met
Voor mij een heerlijke, overheerlijke zonnige bloemengeur schatplichtig aan de aldehydenformule geïntroduceerd door Chanel. Alleen met dit verschil: het is minder vettig, meer ‘open’. De aldehyden hebben hier wel dezelfde werking: ze poeleren de bloemen; laten ze glanzen. Wat ik fijn vind: de hyacint – fris, groen, schalks – is duidelijk waarneembaar tussen de andere bloemen – een vloeiende melange van oranjebloesem, jasmijn, roos en ylang-ylang.
Zie-ik-ut het geurgewijs ff niet meer zitten, overweeg ik olfactorische zelfmoord, dan rest mij slechts één remedie – afgezien van goed verkouden worden en/of een goed glas wijn: een parfum selecteren van een huis dat vrij van de lifestyle-waan van de dag, vrij van marketinggeleuter, vrij van storytelling-geprietpraat, vrij van maatschappelijke betrokkenheid gewoon doet wat het ‘moet’ doen: vanzelfsprekend vakmanschap bescheiden maar met autoriteit gepresenteerd. Kom daar nog maar eens om!

Ik heb het nooit in ambrette (foto) kunnen ontdekken: facetten van eau de vie. Ik heb er nooit iemand over horen bloggen, maar sinds deze omschrijving in het persbericht van Le Cri de la Lumière staat, kakelt men elkaar na. Voor mij heeft ambrette iets musk-achtig met vooral groen-aardse accenten met warm-humus nasleep (nu ook wel vegetaal/plantaardig genoemd). En dat ruik je dus verondersteld in de opening.