‘ODE AAN VROUWELIJKHEID EN ELEGANTIE MET SPRANKELENDE ALLURE’
POEDERIG BLOEMIG, BLOEMIG POEDERIG
Jaar van lancering: 2019
Laatst aangepast: 18/05/19
Geurengoeroe zoekt, verlangt, smacht al jaren naar een floral die zich gedraagt zoals ze het volgens hem hoort te doen: een mix van voor de parfumindustrie geteelde bloemen en familieleden die het liefst in de vrije natuur verpozen. Maakt niet uit of de compositie ‘synthetic fantastic’, puur natuur of een combi van beide is. Mijn ijkpunten in deze: vintage Diorama (1949) van Dior, Cristalle (1974) van Chanel, Eau de Fleurs (1982) van Nina Ricci en Bright Crystal (2006) van Versace.
Niet makkelijk these days. De reden: de huidige ‘verpoedering’-trend en het feit dat het hart van de geur een steeds minder belangrijke rol lijkt te vervullen. Voor je het weet zit je na de flitsend-frisse opening in no time in de basis opgebouwd rondom een poederige musk die meestal clean eindigt.
Het gevolg hiervan is dat ik heel vaak twijfel bij een nieuwe geur – die ik altijd spuit om mijn linkerpols – of mijn neus nog wel optimaal functioneert. Ik moet soms wel tig maal uitproberen om deze twijfel weg te nemen. En ter controle, spuit ik dan altijd een krachtige neroli-geur op mijn rechterpols. Ruikt die knetterend puur natuur, dan weet ik dat ik mij niet vergist heb. Bij de nieuwste geur van Jimmy Choo dus ook niet. En dat komt dus door de zonet vermelde ‘verpoedering’.
Voor we verder gaan, eerst de mood en setting: ‘De Jimmy Choo-vrouw ademt de frisse lentegeur in terwijl ze door het park in de stad paradeert. De kleuren en geuren van vers bloeiende bloemen komen op haar af. Jimmy Choo’s Floral is een ode aan vrouwelijkheid en elegantie met sprankelende allure. Floral is een sierlijk parfum dat het plezier van de lente in de stad verbeeldt; parken en pleintjes komen uit hun winterslaap en veranderen langzaam in levendige, groene en kleurrijke plaatjes!’
WAT FLORAL IK EIGENLIJK?
Heel snel door het park gejogd: bergamot, nectarine, mandarijn, magnolia, pronkerwt, abrikoosbloesem, ambroxan, musk, blond hout. Nu lekker rustig, een beetje dralend, rondslenterend van alle geuren bewust genietend met, zoals dat heet, een gezellig terrasje in het vooruitzicht.
Het is er wel, het is er niet. De citrusopening lijkt kort tevoren een verfrissende lentebui over zich te hebben gehad, gezien ik op de achtergrond ook een duidelijke waternoot bespeur. Beetje een champagnebubbelgevoel. Maar wel: meer zoetig (nectarine, mandarijn) dan fris (bergamot).
Wat vaak ‘vergeten’ wordt is dat de magnolia eerder fris dan zacht is. Door de grote, zachte (eetbare!) bladeren heeft ze de schijn tegen: door haar chemische structuur is ze dichterbij een eau de cologne dan bij een witte bloem- of rooscompositie.
De fluwelige zachtheid in Floral komt grotendeels op conto van pronkerwt (lathyrus) en iets poederig-bloemig. Dat zal de abrikoosbloesem zijn. Het heeft eigenlijk ook geen zin, om hier lang bij stil te staan, ook omdat die mogelijkheid je niet echt wordt geboden – de bloemen worden gedragen door een briesje die je af en toe opsnuift terwijl je wandelt door een park. De reden: die verdomde dan wel geliefde ‘verpoedering’, die komt snel.
In dit geval met witte musk die gelayerd is met ambroxan en blond hout. Ambroxan staat voor warmte, blond hout staat voor hout waarvan de ruwe puur natuur-schors is weggebeiteld waardoor er alleen een ‘gevoel van hout’ overblijft. Denk aan de geur van een net geslepen potlood, maar dan zonder de kenmerkende cederhoutgeur. Eigenlijk is dat geen blank, maar schoon, clean hout.
Interessant, als je luistert naar diverse reviews op Youtube, daar wordt Floral regelmatig als sexy, sultry (zwoel) en creamy omschreven. Waarmee maar gezegd wil zijn, dat iedereen op zijn/haar wijze geuren ervaart. Met dien verstande dat heel veel reviewers snel neigen om geuren zo te omschrijven.
Ik ben ook benieuwd of diehard-fans van Jimmy Choo blind Floral en L’Eau (2016) weten te onderscheiden, gezien de minimale verschillen tussen de ingrediënten die ‘ieder voor zich’ voor mijn gevoel hetzelfde gevoel oproepen.



Er staat een mini-interview op de site van Molton Brown met de neus van Suede Orris – Jérôme di Marino. Laatste vraag: ‘What makes Suede Orris so unique?’ Di Marino antwoordt: ‘Het daagt het idee uit dat iris ouderwets is. Ik wilde dat het poederachtig, maar modern was. Er is een verslavende rijkdom, veel volume en sensualiteit.’
WAT SUEDE ORRIS IK EIGENLIJK?
Vergeef me deze eerste gedachte: Raf Simons had als artistic director bij Calvin Klein echt een statement kunnen maken, wanneer onder zijn auspiciën de meeste recente ‘grote’ vrouwengeur geen Women (2017), maar Perverso had geheten. Dat had als schokeffect wellicht een even grote impact gehad als Obsession in 1985.
Ik had hetzelfde gevoel bij de ‘boomgeuren’ van Bottega Veneta uit de Parco Palladio-serie: X, XI en XII (2018) waarin respectievelijk de schors van de olijfboom (Olivo), de kastanje (Castagno) en de eik (Quercia) ‘tot leven’ worden gebracht. Het knappe: je ruikt iets heel natuurlijks dat heel sterk doet denken olijf-, kastanje- en eikenbast, maar het toch niet is. Het is een illusie die geen desillusie wordt bij het ruiken aan de echte schorsen, en het deconstrueren van de geuren.
Stom dat ik dat niet direct onderging gezien mijn huidige tik: zelf granola maken met veel geknakte noten: pecan, walnoot, cashew, amandel en walnoot. Als ik die met de biologische basismuesli (van Lidl) en de biologische agavesiroop (ook Lidl!) na 20 minuten roosteren uit de oven haal, verspreiden de ‘nieuwe gourmandnoten’ zich door de keuken.
Historici en andere specialisten zullen waarschijnlijk pas over honderd jaar (of zelfs nog later) mijn gedachte kunnen bevestigen of ontkrachten dat wanneer een andere ‘designer du jour’ in plaats van Alessandro Michele bij Gucci de creatieve arbeid van Frida Giannini had overgenomen, Guilty Cologne ook wel was verschenen en for that matter ook The Alchemist Garden – de spectaculaire retro-retro-retro-nichelijn van Gucci.
Interessant hoe tegenwoordig gebeurtenissen je toch níet kunnen bereiken. Zit ik nu gevangen in mijn eigen bubbel in Drenthe en/of de wereld van art & perfume? Dat bleek gisteren tijdens een ontmoeting in Amsterdam die ik had met Saskia Wilson-Brown, oprichter van het in Los Angeles (waar ik haar begin dit jaar ontmoette) gevestigde The Institute of Art and Olfaction, dat als doel heeft om de wereld van het parfum te democratiseren, toegankelijker te maken.
Dat is toch vreemd, of eerder gezegd bizar: www je voor de geur Calypso dan verschijnt als eerste de site waarvan het verhaal gaat dat ze alleen maar neppers leveren:
In ieder geval: helaas heb ik de oerversie nooit geroken (doe ik als het me lukt om weer een afspraak te maken in de Osmothèque van Versailles), maar die klinkt op papier interessanter en meer resoluut dan de nieuwe: galbanum en citrusnoten die via een door anjer gestuurd bloemboeket naar een basis afglijdt die wordt gekenmerkt door een über-injectie van dierlijke noten: civet, ambergris en suède.
Wat fijn dat er nog neuzen zoals Maria Candida zijn. Een vrouw met een mooi klein bescheiden huis die gewoon prachtige parfums maakt. Ook zo’n neus waarvan je je afvraagt waarom de grote spelers in de markt haar niet eens vragen voor een compositie. Dat levert volgens mij een eigenzinnig, ‘draagbaar’ en ‘trendy’ resultaat op.
Tja, jaren, maar dan ook jaren geleden vond ik het leuk om een merk erop te ‘betrappen’ dat de naam van hun nieuwste geur al eerder was gebruikt. Nu denk ik: ‘Laat maar’, en ben ik in een iets mildere bui, dan: ‘De nieuwe geurmarketeers ontbreekt het aan historisch besef’. Maar dat neemt niet weg dat ik nog steeds spontaan begin te briesen bij het horen van Joy (2018) van Dior – hup de gevangenis is, stelletje no-knowers, stelletje chique marketing parfumpooiers met als extra taakstraf: de benodigde jasmijn- en rozenblaadjes voor het recept van de echte Joy (van Patou) met de hand plukken. Stuk voor stuk. Zal ze leren…
Silvana Casoli vermeldt ook nog dat ‘de inspiratie komt van de geur die alleen de huid van de vrouw kan uitademen in zijn staat van extase. Nuda wordt gedragen als een tweede huid (op de foto door Jennifer Lopez en dat op 49jarige leeftijd, tjonge, tjonge, hoe doet ze het toch)… Nuda werkt als de sleutel tot verleiding en persoonlijkheid. Zijn afrodiserende kracht komt van kruidenferomonen met een vluchtige structuur’.
