GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

LIVE IN LOVE OSCAR DE LA RENTA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 14, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET L. Een reactie plaatsen

PLUK DE DAG

MET EEN VOORJAARSBOEKET

Jaar van lancering: 2011

Laatst bijgewerkt: 14/01/12

Neus: Carlos Benaïm, Jean Marc Chaillan

Flaconontwerp: Oscar de la Renta

Illustratie: David Downton

Het lijkt er op dat steeds meer parfumhuizen tot bezinning komen. Wil zeggen: na een jarenlange stroom van inwisselbare geuren en onverklaarbare flankers, alleen op de markt gezet omdat de concurrentie het ook doet, ontdekken ze weer hun DNA. En laten dat de consument weten. Het is te hopen dat deze renaissance – die tegelijkertijd een upgrading betekent – niet te laat komt voor de inmiddels afgehaakte liefhebbers.

Gezien de positieve ontvangst van zijn laatste twee geuren – Esprit d’Oscar, Live in Love – kun je ervan uitgaan dat veel oude fans Oscar de la Renta (Santo Domingo 1932) weer hebben gevonden en nieuwe hem hebben ontdekt. Heeft natuurlijk ook met zijn eminence grise-status te maken: de couturier wordt in zijn tweede vaderland toch als een soort lokale Yves Saint Laurent beschouwd.

Samen met zijn generatiegenoten – Bill Blass en Geoffry Beene – heeft hij de Verenigde Staten een eigen haute couturestijl gegeven. Maar zoals zoveel couturiers is zijn stijl in de loop der jaren steeds klassieker geworden en zoals zoveel couturiers laat hij het ontwerpen inmiddels over aan assistenten die zijn stijl in hun vingertoppen hebben. Dat zie je ook terug in Live in Love: de flacon is een ‘rechthoekige’ interpretatie van So de la Renta (1997) afgerond met dezelfde dop die nu alleen een nu gouden filigrain ‘hekwerkje’ heeft gekregen.

De geur – wandel even mee over het pad der parfumclichés – is ‘geïnspireerd op de pure passie voor het leven, weerspiegelt glansrijk de vrouw die elke dag het leven met vreugde omarmt dat gevuld is met schoonheid en inspiratie. Voor haar geen andere manier: ze houdt van het leven’. De naam schijnt ‘afkomstig’ te zijn van een tattoo dat zich bevindt op een van de armen van het – anoniem gebleven – hoofd van De la Renta’s ontwerpatelier. Maar het is volgens de ontwerper zelf meer: een ‘vermaning’ tot carpe diem. Ofwel: pluk de dag.

Het opvallendste aan de presentatie: geen heel erg mooi model dat heel ‘levelievend’ de consument ‘aanmaant’ tot koop, maar een illustratie met een hoog fifties vintagegehalte – René Gruau (1909-2004) revisited, de legendarische illustrator van onder meer Dior, Balmain en Moulin Rouge.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Dit schijnt De la Renta tijdens de introductie te hebben gezegd: ‘A flower that doesn’t smell is like a woman with no fragrance’. Als je hier even doordenkt dan dragen heel veel vrouwen dus geen geur, want er zijn veel geurloze bloemen. Die hebben de neuzen dus links laten liggen, want Live in Love is een ode op een klassiek voorjaarsboeket omgeven door een stralende, warme krans van ‘witte houtsoorten’.

Het ‘leven in liefde’ opent met een bergamot- en oranjebloesembriesje en vervolgens bloeien de hyacint en het lelietje-van-dalen (foto) op. Beide fris, beide voorjaar, de eerste voller, de tweede groener, en worden vol en echt ‘parfumachtig’ door de klassieke roos-jasmijncombi. Deze frisheid wordt mooi ondersteund door galbanum.

De enige ‘exoot’ in het boeket is de gemberlelie, maar die stelt zich toch bescheiden op. De afronding is licht – beetje amber, beetje musk, ceder- en sandelhout – waardoor de luchtigheid van Live in Love gewaarborgd blijft. Beschaafd, vrolijk, zonnig en in intenties heel wat onschuldiger dan…

RUIK & VERGELIJK

… de geur die eigenlijk nog meer mensen verbaast, en door veel enthousiaste parfumbloggers als een nicheparfum wordt gezien:

Oscar de la Renta Esprit d’Oscar (2011)

HIBISCUS ACCA KAPPA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 12, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET H, NICHE. Een reactie plaatsen

DE HIBISCUS ALS GEVOEL, ALS STEMMING

Jaar van lancering: 2004

Laatst bijgewerkt: 12/04/12

Neus: onbekend

Soms sla je aan het twijfelen. Over het nut van het leven, waarom je bepaalde dingen wel of niet doet en – olfactorisch gezien – of een bloem wel of geen geur verspreidt. Twijfel dus over de hibiscus, bij ‘ons’ bekender als Chinese roos. Welke tuin- of plantensite je ook visit: je komt veel te weten over de oorsprong, hoe haar te behandelen als tuin- of kamerplant en natuurlijk ‘nice to know’-facts: het blad wordt als groente gegeten en in jams verwerkt (vooral in de Caraïben), van de bloemkelken wordt in Mexico een drank gemaakt, in Egypte en Soedan thee. Maar geen enkele site maakt melding van een geur. Dus ook voor de hibiscus geldt dat de bloem symbool staat voor een bepaald gevoel en/of stemming. Ik hou op het op poëtisch en dromerig. Ook ga ik er vanuit dat de bloem niet wordt verward met ‘hibiscuszaad’, ofwel ambrette. Is afkomstig van een plant verwant aan de hibiscus (hibiscus abelmoschus) en wordt in geuren gebruikt om die een dierlijk, amberachtig accent te geven. Ambrette scheidt namelijk een parfum af dat op natuurlijke wijze musk van het muskushert, civet van de civetkat en bevergeil van de bever ‘imiteert’.

Dit meldt Acca Kappa over Hibiscus: ‘Oorspronkelijk afkomstig uit Azië en eilanden uit de Stille Oceaan, bestaan er nu meer dan 200 variëteiten die een constante stroom van grote, prachtige bloemen produceren. Vrouwen uit Polynesië gebruiken haar om als ornament in hun kapsel en maken er sierlijke guirlandes van. In de taal van bloemen betekent hibiscus delicate schoonheid’. Delicaat is ze zeker, je hoeft de bloem maar aan te kijken of ze valt van haar stokje. En dat kun je ook van de geur Hibiscus zeggen. Niet geprononceerd, geen ‘kijk-mij-eens’-parfum maar wel van…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… sierlijke eenvoud. Eerst een ‘fluistering’ van bergamot die al snel overgaat in een teder, ‘poeslief’ hart van magnolia, eigenlijk de bloem die het gevoel van de hibiscusbloem geurtechnisch in zich draagt: een licht frisse, fluwelige en bloemige zachtheid.

Dit gevoel wordt in de basis onderstreept met het vanillerijke heliotroop en een zachte, zoetige bijna ‘huideigen’ ambernoot. En over dit alles heen waait een heel licht, zomers briesje – een niet opgegeven luchtakkoord. Elegant en bescheiden. Associatie: bloemen gemaakt van suikerwerk.

RUIK & VERGELIJK

De hibiscus wordt voorzichtig ontdekt als ‘stemmingsmaker’ in geuren. Je kunt haar ‘ruiken’ in de eerst, zien in de tweede:

Marc Jacobs – Splash Tropical Collection – Hibiscus (2012)

Bvlgari Omnia Corale (2012)

ESCALE A PARATI DIOR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 11, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET E. Een reactie plaatsen

PARADIS A PARATI

OFWEL, EEN KNISPERENDE COLOGNE DIE ZACHT, ZACHTER, ZACHTST WORDT

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 12/04/12

Neus: François Demachy (foto)

François Demachy heeft het druk bij Dior. Dit jaar alleen al: een nieuwe versie van Homme Sport, Miss Dior Eau Fraîche plus een herlancering (in de serie Les Créations de Monsieur Dior) van het ‘allertweede’ Diorparfum: Diorama uit 1949. En tussendoor werkte hij aan Escale à Parati de vierde geur in de Escale-reeks die je moet zien als verfrissende metgezellen tijdens ‘cruises’ naar verre bestemmingen. En niet alleen de vrouw vind ik. Heb je geld én smaak genoeg, dan levert de prêt-à-porterafdeling je een matching garderobe.

Samen proberen ze een wereld op te roepen die eigenlijk niet meer bestaat (behalve in too good to be true groothoeklens-reisreportages), maar nog levendig en ‘vanzelfsprekend’ was toen Christian Dior zijn couturehuis leidde. Dat ruik je in Escale à Parati: een geur vol nostalgie en dat komt door de nadruk op de strakke, droge (maar daardoor extreem frisse) cologne-opening (kenmerk voor alle ‘Escales’) en het gebied dat voor de cruise wordt aangedaan. Parati dus. Globetrotter die ik toch wel enigszins ben, had ik er nog nooit van gehoord. Het is volgens Dior ‘een charmante badplaats, een droombestemming’ waar je ‘de geur van het paradijs’ kunt ruiken.

En ook nog: ‘Een pittoresk stadje in de staat Rio de Janeiro met tijdloze charme, een smeltkroes van Europese en Aziatische invloeden. Bekend van zijn stranden, weelderige jungle, feesten en uitbundigheid’. Het wordt ook wel een virtueel museum in een tropisch paradijs genoemd omdat het een van de mooiste en meest waardevolle ‘collecties’ bezit van 18de eeuwse koloniale Portugese architectuur dat door Unesco op de werelderfgoed-lijst is geplaatst.

Ik ben een enorme fan van de Escales-reeks omdat die op gereaffineerde wijze de eenvoud (die complexer van aard is dan je in eerste instantie vermoedt) van een cologne koppelt aan een de ‘in’ de reisbestemming gevonden geursensaties.

Geen ‘gagdet’-ingrediënten die meer marketing value dan inhoudswaarde hebben, geen ‘never ending’, hoogdravende inspiratiebronnen, geen te duur betaalde modellen, fotografen en regisseurs die als indrukkenwekkende toneelgordijnen voor de hoofdrolspeler – de geur – worden geschoven.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Zeg je Zuid-Amerika en ingrediënten voor de parfumindustrie, dan denk ik op de eerste plaats aan petitgrain (uit Paraguay), tonkaboon (uit Venezuela) en rozenhout (uit Brazilië). Doet François Demachy eveneens en hij ontdekte in Brazilië ook nog munt (foto). Dat vormt voor hem een mooi groen tegenwicht voor de citrusaccenten: het ongekende frisse petitgrain (geperst uit tak en blad van de bittere sinaasappelboom waar ook oranjebloesem van ‘betrokken’ wordt) en citroen uit Argentinië.

Die leven samen trouwens op door roze bes en een vleugje kaneel (ruik ik niet zo goed). In het hart van Escale à Parati geen bloemen maar rozenhout, geliefd omzijn houtachtige geur met roosaccent – vandaar de naam. Het wordt gelinkt aan guajachout (uit Paraguay), volgens Demachy goed voor een elegant balsemaccent. Tonkaboon geeft het geheel een zoetig, sensueel rum/amandelaccent (met prachtig poederig effect) die de kaneel (ruik ik nu heel vaag) in zich lijkt te hebben opgezogen.

Mooi om te ruiken dat fris en sensueel elkaar niet hoeven uit te sluiten zonder direct een frisgewassen effect te sorteren, wat vaak bij ‘neo-colognes’ het geval is.

RUIK & VERGELIJK

Zing mee: ‘Wie gaat er mee, wie gaat er mee naar de ‘Escales’ van die beroemde cou-tu-rier, want daar bloeien zoveel… ‘

Dior Escale à Portofino (2008)

Dior Escale à Pondichéry (2009)

Dior Escale aux Marquises (2010)

KUMQUAT – SPLASH TROPICAL COLLECTION – MARC JACOBS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 10, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET K. Een reactie plaatsen

KUMQUAT IS SOUR, KUMQUAT IS SWEET

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 10/04/12

Neus: Richard Herpin

Dit seizoen combineert Marc Jacobs de instantfrisheid van een splash met tropische geursensaties. Om preciezer te zijn: hij laat je de geuren ervaren die je kunt opsnuiven in een denkbeeldige ‘oase op een warm eiland’. In The Splash Tropical Collection zit een ‘oudje’: Rain (al beschreven). Werd vanwege door vele fans als zeer prettig ervaren ‘tropische regenakkoord’ opnieuw gebotteld. Hisbiscus en Kumquat zijn nieuw. Hibiscus is merkwaardig.

Kumquat het meest origineel. Komt de door de citrusvrucht die zo heet. En die heet dus zo omdat de Engelse omschrijving is ontleend aan het Kantonese woord ‘gam gwat’. De geur die de kumquat (citrus japonica, synoniem fortunella margarita) verspreidt is ‘dubbel’. Want de schil smaakt en geurt zoet, terwijl het vruchtvlees zuur smaakt en ruikt. Een van de redenen waarom deze oorspronkelijke in Zuid Azië voorkomende en in 1846 in Europa geïntroduceerde vrucht de laatste tien jaar is ontdekt als ‘nieuwe’ en trendy smaak: de kumquat die met schil en al rauw wordt gegeten, heeft dat aangename contrast van zoet en zuur. Maar is ook geliefd als onderdeel van marmelades, toetjes, groene salades, cocktails (in plaats van de klassieke olijf), vodka’s en likeuren. Iets meer voor fijnproevers: gezouten kumquats, als toevoeging bij groene en zwarte thee of als snoep (gekookt of gedroogd).

In geuren is het gebruik redelijk nieuw. En dat is verbazingwekkend, gezien het in ieder geval voldoet aan wat we lekker in een citruscologne vinden: een prettige, prikkelende bite. Marc Jacobs laat de vrucht nu – in ieder geval wat naam betreft – op de voorgrond treden. Opvallend: je kunt vanaf nu minder lang van de inhoud van één Splash-flacon genieten en gaat er omgerekend meer voor betalen. Jacobs brengt ze terug van 300ml naar 100ml. Richtprijs € 45,00 x 3 = € 135,00. Voor 300ml-flacon van Rain betaalde je ooit rond de € 60,00.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

De zoet-zure, zuur-zoete kumquat in Kumquat ruik je direct in de opening alleen niet zo vol en ‘kumquatisch’ als je zou willen omdat hij wordt begeleid door mandarijn-, bergamot- en sinaasappelessence. En deze frisse citrusopening wordt eigenlijk direct getemperd door de volle jasmijnnoot in het hart, die zijn volle bloemigheid ziet versterkt door het parfum van de tijgerorchidee. De afronding is superzacht en muskachtig.

Dit keer een basis van ‘zongeblakerde’ bomen en zonnig cederhout. Lekker, maar niet zo verfrissend en verkwikkend als je van een splash zou verwachten, iets wat eigenlijk voor alle Marc Jacobs-splashes geldt: de instantfrisheid eigen aan een cologne wordt door de basis getemperd.

RUIK & VERGELIJK

Kumquat doet het vooralsnog alleen goed in de opening van een geur om (citroen)frisse noot een exotische toets te geven. Kun je ook ervaren in:

Calvin Klein Euphoria Blossom (2006)

Parfum d’Empire Yuzu Fou (2008)

Salvatore Ferragamo Incanto Bliss (2009)

Versace Versus (2010)

Thierry Mugler Angel Océan d’Argent (2011)

Gucci Flora Eau Fraîche (2011)

TREFLE PUR ATELIER COLOGNE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 6, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET T, NICHE. Een reactie plaatsen

KLAVERWEIDE

Jaar van lancering: 2010

Laatst bijgewerkt: 06/04/12

Neus: Jérome Epinette

Klaver, lange weegbree, korte weegbree, dotterbloem, boterbloem, korenbloem, zuring, madelief, paardenbloem, pinksterbloem, pluk ze langs een sloot in een weiland, tussen het koren: stop ze met was bloeiende grassoorten in een vaas en je krijgt een parfum dat op eenvoudige wijze ruikt naar Moeder Natuur. Dat is bijna niet te vertalen in parfum – welke techniek je ook toepast.

Neem bijvoorbeeld Daisy (2008) van Marc Jacobs: is bloemig maar ruikt in de verste verte niet naar madelief. Is eerder een abstract idee van bloemen dat pas in de Daisy Oh So Fresh (2011) een beetje in de buurt komt van ‘natuurlijkheid’, maar ruikt niet bepaald naar het beeld dat de campagne oproept: een zomers weiland met zomerse bloemen.

Klaver verspreidt ook subtiel een bescheiden geur af – groen, stro met een zoete honingachtige toets – die heel lang geleden nog echt aan de plant werd onttrokken voor parfumproductie. Atelier Cologne heeft een puur klaverextract in Trèfle Pur (‘zuiver klavertje’) gestopt omdat het volgens het nichemerk dit bloemetje/plantje als geen ander een ‘anders’ groen en zonnig gevoel weet op te roepen. Het effect: een grenzeloze levensvreugd. Moet je dit bij voorstellen: ‘Hij had er een goed gevoel bij. Dat is het typische aan geluk, je voelt het of niet. Nu voelde hij het. Hij vond dat door de morgenregen alles groener en scherper oogde, alsof hij het allemaal voor het eerst zag. Dus vertrok hij met een sprongetje in zijn tred’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Je moet je neus goed in Trèfle Pur stoppen, wil je het klavertje ruiken. Hij verschijnt nadat oranjebloesem – fris, zonnig, citrusachtig – de weg wijst naar dat weiland vol van klaver.

Maar hij verdwijnt bijna in de scherpe kardemon-noot en peperachtig en kruidig basilicum. Voor extra groenheid zorgt het nu in parfumkringen erg hippe viooltjesblad – ‘vochtig’, fluwelig met een vers geknipt groen effect.

De geur behoudt met neroli zijn luchtige toets – het is en blijft een eau de cologne – maar er treedt toch een zekere verdieping op dat zich aan de rand van dit klaverweiland bevindt: een schaduwachtige, aardse en bosachtige sensatie van mos en patchoeli zonder te zwaar te worden. Mooi, aangenaam, maar niet zo groen als versgeknipt als het verhaal ‘erom heen’ doet vermoeden. En ook jammer: voor een cologne te zacht en vloeiend, ik mis de ‘schurende’ werking van pure citrus in de opening als op maat voor het cologne-effect.

RUIK & VERGELIJK

Groen verschijnt in verschillende gedaanten in de parfumerie. Ondertaande geuren tonen mooi de ontwikkeling van groen door de decennia heen. Je kunt het oproepen met galbanum (Balmain, Chanel, Lauder, Maison Martin Margiela), met basilicum en ‘groene’ jasmijn (Dior), met tomatenblad (Sisley), met groene thee (Bvlgari) en een geheim akkoord (Mugler). De groenste van allemaal: Eau de Campagne.

Balmain Vent Vert (1945)

Chanel N°19 (1917)

Estée Lauder Private Collection (1973)

Dior – Les Créations de Monsieur Dior – Diorella (1973)

Sisley Eau de Campagne (1975)

Bvlgari Eau de cologne au Thé Vert (1992)

Thierry Mugler Cologne (2001)

Nana de Bary Green (2001)

Honoré des Pres Nu Green (2008)

Maison Martin Margiela (untiteld) l’eau (2011)

ANGEL THIERRY MUGLER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 5, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET A, NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

TWENTY YEARS AGO: A STAR WAS BORN

DE VROUW ALS VERRADELIJKE ENGEL

Jaar van lancering: 1992

Laatst bijgewerkt: 04/04/12

Neus: Olivier Cresp, Yves de Chirin

‘Beschermengelen’: Estelle Lefébure (1992), Jerry Hall (1995), Amy Wesson (1998), Anna Maria Cseh (2003), Bianca Balti (2007), Naomi Watts (2008), Eva Mendès (2011)

Art director: Thierry Mugler

Flaconontwerp: Thierry Mugler

Fotografie: diverse onbekende grootheden

Ik verwacht niet anders dat Thierry Mugler (en licentiehouder Clarins) dit najaar het twintigjarig jubileum van Angel aangrijpen om eens flink uit te pakken. Kom maar op limited editions! Het is opvallend hoeveel geuren – ook recent gelanceerde – Angel schatplichtig zijn. Maar wat voor veel compromisloze kunstwerken geldt, geldt zeker voor deze nieuwe standaard in de parfumerie: vaak gekopieerd nooit geëvenaard. Logisch eigenlijk gezien, de duidelijke en vaak provocerende manier waarop de in de Elzas geboren ontwerper de vrouw in de loop van zijn carrière gestalte gaf.

Want in het universum van de avant-gardistische modeontwerper Thierry Mugler is geen plaats voor zwakke exemplaren. Toegang hebben zij alleen die hooggehakt, breedgeschouderd en met ingesnoerde taille hun sekse als wapen weten te gebruiken.

Tijdens zijn twintigjarige jubileumshow in 1994 maakte Mugler dit nog eens overduidelijk: alle zijn bekende bigger than life-portretten passeerden de revue: de femme fatale, de diva, de stoeipoes, de sirene, de sprookjesprinses, de vamp, de gothic princess, de heilige. Muglers vrouwen zijn verradelijk: achter de façade van een uitdagende centerfold kan een keiharde zakenbitch schuilgaan die even later weer opduikt als ‘belle of the ball’.

In 1992 lanceert Mugler voor deze vrouw een parfum. De ontwerper liet zijn publiek zo lang op Angel wachten – zijn directe concurrent Claude Montana lanceerde zijn inmiddels bijna vergeten Parfum de Peau in 1986 – omdat hij met het parfum direct een klassieker wilde neerzetten. Parfum is in zijn ogen geen product dat je kunt lanceren en promoten om het vervolgens te vervangen (daar denkt hij inmiddels anders over – zie Ruik & Vergelijk). De prachtige flacon met Hollywood-allure in de vorm van een hemelse ster – volgens Mugler het aardse symbool van schittering en succes – is door hem zelf ontworpen en sommige edities zijn navulbaar. Want in veel parfumerieën staat namelijk een ‘engelbewaarder’ waarin het parfum ligt opgeslagen. Hiermee werd een oud gebruik in de parfumwereld in ere hersteld.

De band met de vaste Angel-klant wordt bovendien versterkt door het zogenaamde Star System: via email wordt de draagster op de hoogte gehouden van bijzondere uitgaven. En die zijn spectaculair. Zo was er in 1999 de millennium-editie Big Bang en tijdens het tienjarig jubileum in 2002 waren er drie in gelimiteerde oplage: A Star is Born, Once upon a Star en Fatal Star. Ook leuk en geheel anders: Angel versterkt met ‘cognac’, de limited edition La Part des Anges ter gelegenheid van het vijftienjarig jubileum.

Deze bijzondere presentaties, de opvallende ambassadrices en zorgvuldige georkestreerde marketing heeft van Angel een klassieker gemaakt die pas vier jaar na de introductie echt goed begon te lopen. Het moment wanneer licentiehouders meestal ongeduldig worden en dus de geur in de ramsj doen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Muglers meest verradelijke vrouw stond ook model voor zijn eerste parfum. De slogan – Méfiez-vous des Anges – is een waarschuwing die ook op de geur slaat. Angel is namelijk een vernieuwend oriëntaals parfum doordat voor het eerst geuren uit de banketbakkerij erin werden verwerkt: honing, karamel en chocolade.

Maar eerst is er een lieflijke, klassiek-frisse aanzet van bergamot en mandarijn die overgaat in een zwoel-zacht fruitakkoord van passievrucht, perzik en abrikoos. Dan, we zitten in de nasleep, wordt de ‘engel’ duivelachtig en ontplooit haar authentieke karakter: een ‘overdosis’ patchoeli verdronken in een bad van vanille, chocolade, karamel en honing. Opvallend: elke keer als ik de geur ruik, ben ik weer verrast: blijft bijzonder en gaat niet vervelen.

RUIK & VERGELIJK

Angel heeft voor een revolutie in de parfumerie gezorgd. Want door ‘banketbakkerij’ in geuren te stoppen, werd het pallet van de neus enorm uitgebreid. Thierry Mugler laat je sinds 2005 op nieuwe manieren genieten van deze klassieke gourmandgeur.

Thierry Mugler Peony Angel (2005)

Thierry Mugler Lily Angel (2005)

Thierry Mugler Violet Angel (2005)

Thierry Mugler Rose Angel (2006)

Thierry Mugler La Part des Anges (2007)

Thierry Mugler Angel Sunessence (2008)

Thierry Mugler Angel Liqueur de Parfum (2009)

Thierry Mugler Angel Sunessence Blue Lagoon (2009)

Thierry Mugler Angel Sunessence Océan d’Argent (2011)

Thierry Mugler Angel Taste of Fragrance (2011)

Thierry Mugler Angel Aqua Chic (2012)

TRIBUTE ATTAR AMOUAGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 4, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET T, NICHE. Een reactie plaatsen

HET RAADSEL PARFUM: GEURGENIETEN IN DE OVERTREFFENDE TRAP

Jaar van lancering: 2008

Laatst bijgewerkt: 04/04/12

Neus: onbekend

De BBC heeft op zijn klassieke radiozender sinds 1942 een uitzending getiteld Desert Island Discs waarin bekende mensen wordt gevraagd naar lp’s (inmiddels cd’s) die ze mee zouden nemen naar een onbewoond eiland. Mogen er niet meer zijn dan acht. Lijkt me leuk om een dergelijk programma te presenteren maar dan met, juist, parfums. Stel me zelf ook wel eens de vraag welke ik als een moderne Robinson Crusoe in mijn koffer zou pakken. Pfff… dat wordt steeds moeilijker gezien de constante flow van nieuwe geuren die indruk maken – vooral in de nichesector.

Zoals de geuren van Ormonde Jayne en Mona di Orio. De beste optie: parfums (en dan alleen het extract) die het meest verfijnd één familie vertegenwoordigen. Voor aldehyden: N°5 (1921) van Chanel – of toch maar N°22 (1922)? Voor oriëntaalse geuren: Shalimar (1925) van Guerlain, of voor de fun Shocking (1937) van Elsa Shiaparelli. Chypres: Bandit (1944) van Robert Piguet of kies ik nu voor Mystère van Rochas (1978)? Voor pure florals: een parfum dat ik net heb ontdekt: Diorama (1949) van Dior of toch maar – hier slaat de twijfel weer toe – Trois Fleurs (2009) van Parfum d’Empire?

Voor de citruscologne: Guerlains Cologne du Parfumeur (2010) of Eau d’Hadrien (1981) van Annick Goutal? Leergeuren ook zoiets: Peau d’Espagne (1901) van Santa Maria Novella of Cuir van Lancôme (1936). Heb nu al teveel bagage. En nog geen mannengeuren: Fougère Royale (1883) van Houbigant, Knize Ten (1921), Habit Rouge (1965) van Guerlain en Chanels Antaeus (1981). Oh, help: Guerlains Jicky (1889) kijkt me ook zo verwachtingsvol aan…

Is bijna niet te doen, zoals dat heet. Maar als je nu slechts één parfum bij je mag hebben? Dan ga je op zoek naar een geur die alles wat parfum vermag in zich heeft, die als het ware symbolisch is voor de kracht en de geschiedenis van parfum, voor wat parfum met je kan doen. En dan kies ik toch voor een attar van Amouage. Attar (عطار ) betekent in het Arabisch ‘kruidenier’, apotheker, alchemist en parfumeur, en geldt als een van oudste manier van parfum produceren die nog steeds – het zij steeds minder – in de Arabische landen en India op de meest onverwachte plekken wordt gedaan. Het is een intens geconcentreerde olie van bloemen, kruiden, specerijen en harsen ‘opgeslagen’ in – meestal – sandelhoutolie. Een attar maken is enorm arbeidsintensief.

Kort door de bocht: een koperen ketel (deg) wordt gevuld met water en verse bloemen/kruiden, die wordt afgesloten met een deksel met opening. Deze deg wordt via een bamboepijp verbonden met een andere koperen ketel (bhapka) gevuld met sandelhoutolie die in een waterbad staat. Dan wordt onder de deg een vuur aangelegd dat het destillatieproces in gang zet: de stoom vloeit via de bamboepijp van de deg naar de naar bhapka. De deg mag niet te heet worden waardoor de bloemen/kruiden verbranden).

En de bhapka moet koel blijven om de stoom goed te laten condenseren. Na vier uur wordt het proces herhaald en vervolgens een nacht afgekoeld. De volgende ochtend worden olie (die de geuren in zich heeft opgenomen) en water gescheiden waarbij het water weer teruggegoten wordt in de deg. Afhankelijk van de soort attar kan dit proces weken duren.

Amouage laat ‘ons’ weer kennis maken met deze meest intense vorm van parfum in 2005: Ohood, Oudh Al Khaloud, Al Andalus en Mukhalat. 2008: Oudh Al Khalood (geleverd in flacons van 12ml met klassiek ‘aanbrenger’ van glas). Toen ik de laatste voor het eerst rook – vorig jaar bij Place Vendôme in Welvegem – dacht ik: ‘Als ik nu doodga, weet ik in ieder geval dat ik de essentie van parfum heb geroken’.

Maar ik leef nog en heb me dus kunnen verdiepen in twee nieuwe attars Homage en Tribute (ook beide 2008). Verschenen ter gelegenheid van het 25jarig jubileum van het huis. What’s in a name en wat een ‘fragrance festivity’! Bij het ruiken, ga je direct terug naar de oerculturen die parfum gebruikten om de goden tevreden te stemmen. En dat werd toen voornamelijk gedaan door verschillende soorten wierook te verbranden – ook de hoofdrolspeler in Tribute.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

In grote hoeveelheden (op de foto getapt). Het effect: rijk, warm, zalvend – dus aards. Etherisch en ijl – dus hemels. Heel cliché: als of aarde en hemel samenkomen. Het is alsof je een oude Egyptische tempel betreedt waar dienaren net een offerande hebben gebracht. Tribute heeft iets sacraals, je krijgt de neiging te buigen uit louter deemoedigheid; dat je de kans wordt gegund om zo puur de wierook (afkomstig uit het Dhofar-gebergte van Oman) te ondergaan.

Heel langzaam en bescheiden neem je de bloemige noten waar: de rijkste, volste en zoetst ruikende roos die er bloeit: taïf-roos gecombineerd met jasmijn die door de basis een dierlijke toets krijgt. Heel elegant en erg oosters is de toevoeging van saffraan – ook al eeuwenlang een geliefd parfumingrediënt in Arabische contreien en door ‘onze’ kruisridders naar Europa gebracht. Het geeft Tribute een soort van stroeve, licht zoete ondertoon die in de basis zeer elegant, maar zeer intens linkt met leer (berkenteer) en een zoetige tabak.

Ook de houtnoot van patchoeli, vetiver, ceder- en sandelhout is subliem. Duurt ook even voor je deze noten duidelijk ervaart. Maar op een gegeven momenten ruik je door de wierooksluiers heel subtiel ‘hout’ – met name vetiver. Kortom: parfum in de overtreffende trap.

RUIK & VERGELIJK

Lijkt me eerlijk gezegd onmogelijk. Met dien verstande: ik ben nog niet erg ‘into’ attars. Heb ze voor het eerst in 1999 in India op een lokale markt puur geroken, maar realiseerde me op dat moment nog niet de uitzonderlijkheid. Kocht later twee flacons in Dubai genaamd Attar Al Kaaba (foto) die duidelijk maakten hoe groot het verschil nog is tussen westerse en oosterse parfumtradities: beide tot aan de rand met roos en oud gevuld. En Montale verkoopt inmiddels geuren onder deze naam. Attars vormen een categorie op zichzelf, zijn ‘hors concours’ en heb je van goedkoop tot best wel erg duur – zoals die van Amouage.

Nog iets: ik weet niet of Amouage het klassieke attar-procedé heeft gevolgd. Wat ik wel weet: het is in ieder geval een ‘tribute’ aan de essentie van parfum. En dat geldt ook voor het lichtere en meer toegankelijke:

Amouage Homage Attar (2008)

OSCAR OSCAR DE LA RENTA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 4, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET O, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Een reactie plaatsen

HERINNERT U ZICH DEZE OSCARWINNING PARFUMPERFORMANCE?

Jaar van lancering: 1978

Laatst aangepast: 04/04/12

Neus: Jean-Louis Sieuzac

Flaconontwerp: Serge Manseau

In 1978 was de parfumwereld nog overzichtelijk. Van niche had bijna niemand gehoord. De meest succesvolle geuren waren van Franse makelij – uitzonderingen daargelaten. In 1978 kende ook (in Europa) bijna niemand Oscar de la Renta. Bleek bij introductie van zijn eerste naar zijn voornaam genoemde parfum een couturier (geboren 1932 in Domenicaanse Republiek) die tijdens zijn schilderstudie aan de Academie van San Fernando (Madrid) begon te werken voor Spaanse modehuizen. Hij leerde de fijne kneepjes bij Balenciaga en vertrok vervolgens naar Parijs om te gaan werken voor Lanvin.

In 1963 verhuisde naar New York om couturecollecties te ontwerpen voor Elizabeth Arden. In 1965 opende hij zijn eigen huis. Zijn eerst moderne look transformeerde langzamerhand (zoals zoveel couturiers uit die tijd) tot een klassieke en opulente stijl die eind jaren zeventig en tachtig zeer populair was. Ook in Europa: hij werd toen even serieus genomen als Yves Saint Laurent, Emanuel Ungaro en bijvoorbeeld Jean-Louis Scherrer. En hij kreeg ook voor elkaar wat geen enkel niet Frans couturier was gelukt: hij werd hoofdontwerper bij een Parijs couturehuis. En wel bij Balmain (1993-2002).

Of hij nu nog echt bij zijn eigen huis actief betrokken is, is onduidelijk. Maar het huis draait nog steeds goede omzetten – vooral in Amerika. En hoewel zijn geurenportofolio inmiddels is gevuld met edities waarvan je je afvraagt ‘why?’ – Rosamor (2004), Oscar Violet, Oscar Citrus (beide 2005), Oscar Island Flowers, Oscar Gold (beide 2006), Oscar Summer (2008), Sheer Fresia (2009) – worden zijn klassiekers nog steeds met respect behandeld. Terecht. Niet alleen Oscar, maar ook Pour Lui (1979) en Volupté (1992).

Voor we het vergeten: de geur is een herinnering aan de tuinen waar hij als kind ronddoolde in Santo Dominigo. Moet een indrukwekkende tuin zijn geweest, een soort Floriade in het klein…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Hoewel er gesleuteld is aan de formule – de huidige Oscar is minder kruidig en overrompelend, meer zeperig – blijft het een prachtig voorbeeld van een donkerkruidige chypre terwijl – en dat terwijl de typische chyprenoot (eikenmos) ontbreekt. Oscar opent met oranjebloesem die direct groen wordt door galbanum, daarna donkergroen door basilicum en koriander (de korrel). De toon is gezet.

Het hart: bijna alle belangrijke ‘parfumbloemen’ die je kunt verzinnen: gardenia, ylang-ylang (foto), jasmijn, tuberoos, roos, cyclaam, orchidee, lavendel en anjer. Maar die zijn stuk voor stuk moeilijk te detecteren – het effect: een zoete bloemenexplosie – omdat na verloop van tijd de donkere basis van Oscar alle aandacht opeist: een diep en indringend contrast van amber en opoponax tegenover patchoeli, sandelhout en vetiver. Daardoor een warm-zwoel en tegelijkertijd heerlijk ‘mossig’ parfum dat terecht is uitgeroepen tot een klassieker en voor velen nu wellicht als ouderwets overkomt. Nou, en daar is niets mis mee.

In 2011 verscheen weer een ‘echte’ grote geur: Esprit d’Oscar. Gevolgd door een Live in Love.

RUIK & VERGELIJK

Ik moet heel erg denken aan:

Estée Lauder Alliage (1973)

Jean Louis Scherrer Scherrer (1979)

COOL WATER PURE PACIFIC DAVIDOFF

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 3, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET C. Een reactie plaatsen

ONE WAY TICKET TO PARADISE

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 03/04/12

Neus: onbekend

Als ik goed heb geteld, is dit de zevende zomerse variatie op de twee geuren die maar niet aan populariteit lijken in te boeten: Cool Water en Cool Water Woman. En de ene keer is de link met de oorspronkelijke receptuur sterker, dan de andere keer. Voor 2012 geldt: ver verwijderd van, want het zijn twee nieuwe geuren die ieder op zich ‘puur’ het gevoel van de Grote (of ) Stille Oceaan tijdens de zomer oproepen.

Ik vind dat altijd moeilijk om stad, streek of gebied in een geur te vertalen. Er komt namelijk zoveel bij kijken, en wat de Grote Oceaan betreft, helemaal. Die is niet groot, maar mega-groot. Moet je dan – in dit geval – rekening houden met zowel hoe de golfen slaan op de kusten van Australië, Nieuw Zeeland, Indonesië, Japan, Noord en Zuid Amerika en Antartica?

Davidoff concentreert zich op het idee dat ‘wij’ van de Grote Oceaan (Pacific in de Engelstalige gebieden) hebben. Betekent dus: de krachtige golven van de oceaan die tot rust komen in stille, rustgevende lagunes waar je jezelf ziet liggen genieten – niet vergeten je in te smeren met ‘Lancaster’ – tot dat de plicht weer roept. Ofwel, ‘een enkele reis naar het paradijs’ voor hem, voor haar.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

In Cool Water Man Pure Pacific, ruik je als je de moeite neemt, de basis van Cool Water. Alleen krijgt het nu een zachtere, zoetere toets. Logisch als je het koele water laat heen en weer wiegen aan de stranden van Stille Oceaan: warm, zon, exotisch.

En dat is volgens Davidoff eerst een fris-fruitige uitbarsting van citroen, mandarijn en grapefruit die tamelijk lang aanhoudt voor het aromatische facet van zich laat ruiken: een combinatie van kruidig-groen basilicum en bittergroen salie. Laatste ruik ik niet zo goed, wel de jeneverbes (foto) in de basis die voor het etherische, oceaanachtige en vrijheid-blijheid-gevoel zorgt. Opvallend: net zoals The Big Pony Collection van Ralph Lauren (2010) valt de geur door zijn minimum aan ingrediënten.

Vraag me af of dit de manier is in parfumland om de crisis te beantwoorden. Je krijgt inhoudelijk minder, maar betaalt de volle prijs. Hoe Hollands-zuinig deze ‘bespiegeling’ aan het wateroppervlak.

Cool Water Woman heeft altijd al in tropische wateren verkeerd. Minder woest, minder ‘mineraal’ dan zijn mannelijke tegenhanger. En dat blijft zo. Alleen is Cool Water Woman Pure Pacific nu nog meer aqua, nog meer zee. En net zoals de mannelijke versie valt ook deze zomerse variatie op door de eenvoud in opbouw.

Ga maar na: in de opening alleen een waterige groen noot van munt die in het hart aansluiting zoekt met – alleen – ‘waterviooltjes’. Die bestaan dus niet ‘in het echt’, maar je ruikt wel heel goed het zoetje viooltje voorzien van een frisse aqua-noot, ik denk calone. Slechts de zacht-poederige geur van iris in de basis garandeert dat het geheel niet al te snel vervliegt.

RUIK & VERGELIJK

Het is niet dat ik lui ben, maar beide onschuldige variaties wil ik niet ‘in een breder kader’ plaatsen. Zonde van alle bespiegelingen, volgend jaar verschijnt er hoogstwaarschijnlijk weer een nieuwe gebottelde zomerervaring. Wat me wel blijft verbazen: het lijkt of veel merken gevangen zitten in een ‘parfum perpetuum mobile’ van zomergeuren. Er eenmaal aan begonnen, is het moeilijk om te zeggen: ‘Soit, genoeg geweest’. Ik vraag me ook af of de consument niet ‘zomergeurvariatiemoe’ is inmiddels.

Davidoff Cool Water (1988)

Davidoff Cool Water Women (1996)

SUN SORBET JIL SANDER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 2, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S. Een reactie plaatsen

ZOMERHERINNERINGEN

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 02/04/12

Neus: Sylvie Fischer

Leuke, ‘watertandende’ naam. Toch jammer: de geuren die de laatste jaren onder de naam Jil Sander worden gelanceerd zijn steeds minder in sync met haar filosofie – vind ik. Neem Eve (2011). Voor mij net iets te veel less is more en net iets te veel minimalistisch – haar filosofie.

Raf Simons, sinds 2005 algemeen creative director, wou voor de vorm nog wel eens wat zeggen over het hoe en een waarom van een geur, maar echt overtuigen deed dat niet – mij in ieder geval.

Bij de nieuwste variatie van Sun wordt hij niet geciteerd. Misschien heeft dat te maken met het feit dat hij onlangs is opgevolgd door – ta-da! – Jil Sander. Als ze weet te overtuigen met haar nieuwe collecties, zal het niet lang duren voor we weer van een nieuw parfum kunnen genieten dat helemaal in lijn is met haar DNA. Misschien besluit ze een aantal van haar ‘vergeten’ klassiekers in een nieuwe versie te presenteren, zoals al gebeurde met Scent 79 Woman en Scent 79 Man in 2007, respectievelijk ‘uitgepuurde’ versies van Pure Woman (1979) en Pure Man (1981).

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Voor het zover is, kun je ondertussen genieten van – zegt het persbericht – ‘een verfrissende, verrukkelijke en weelderige zoete geur die aan de schoonheid van de zomer herinnert, aan alles waaraan je graag terugdenkt en waarop je je verheugt als het zomer is’.

Wanneer ik aan Sun Sorbet ruik, dan ‘zingen’ mijn gedachten ‘I scream, you scream, everybody wants icecream’. Want de geur heeft een enorme koel-fruitige impressie die doet denken aan – inderdaad – een sorbet, en je – inderdaad – met een beetje fantasie doet watertanden – zoals ‘Jil Sander’ het zegt.

Rood fruit is op dit moment een van de hoofdversierders in geuren. Staat voor jeugd, frisheid, zomer en ‘zin in het leven’. Samen roepen ze een beeld op van nieuwe sensualiteit die niet al te oosters is. Sun Sorbet opent dan ook met een gul geplukte hand rode bessen. Maar ik ruik meer ‘rood’: ook een hint van framboos en kers. En ook een luchtakkoord verantwoordelijk voor het ijzige gevoel. De zonnige jasmijn in het hart kleurt hierdoor helemaal rood. De basis van melkzacht sandelhout en sensueel vanille completeren op bescheiden wijze deze zon-frissige geur.

RUIK & VERGELIJK

Pak Sun, dan zal het je opvallen dat je Sun Sorbet in de buurt van deze klassieker is gebleven. Een soort echo. Het rode fruit is hier zwarte bes, de bloem is hier (ook) jasmijn.

Jil Sander Sun (1989)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Sal y Lemon Carner
    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....