GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

EAU PARFUMÉE AU THÉ BLEU BVLGARI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op september 3, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET E, NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN. Getagd: bvlgari, DANIELA ANDRIER, Le GEMME. Een reactie plaatsen

‘LAVENDELTHEE’

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 03/09/15

Neus: Daniela Andrier

EAU PARFUMÉE AU THÉ BLEU BVLGARI MOODIn de jaren die liggen tussen de lancering van Eau Parfumée au Thé Vert (1992) en Eau Parfumée au Thé Blue heb ik me middels een intense zelfstudie, intens ruiken en intens fieldwork van een geïnteresseerde leek ‘opgewerkt’ tot kenner. En hoewel ik naar veel introducties mijn neus ophaal, blijft verwondering en het verder verkennen van de wereld van geur in de breedste zin van het woord mijn drijfveer.

En natuurlijk het demystificeren van die wereld zonder de droom te laten spatten. Want: om geuren zo begerenswaardig mogelijk te presenteren, gebruikt de parfumindustrie nog maar al te vaak een acacadabra-jargon. De meeste beautybloggers/redactrices slikken dit wollige vocabulaire voor zoete koek. Wat telt en geld(t): in plaats van sharen van kennis, gaat het om sharen van producten met een potentiële advertentielink. Dus blijven beschrijvingen meestal steken in ‘lekker’, ‘bijzonder’ en ‘uniek’ zonder uitleg. Het zei zo.

Ik ben er inmiddels achter gekomen dat thee (in welke ‘kleur’ dan ook) in geur niet wordt geëxtraheerd uit de bladeren van de plant, maar dat het meer een idee van frisheid en rust is – iets waarmee thee direct wordt geassocieerd. Tot leven gewekt met geurmoleculen afkomstig van diverse bloemen (bijvoorbeeld jasmijn), kruiden (bijvoorbeeld munt en ijzerkruid), harsen (bijvoorbeeld wierook) en synthetische ingrediënten (bijvoorbeeld calone en hedione).

Dat geldt dus ook voor Eau Parfumée au Thé Blue. Want echte blauwe thee bestaat niet. Bvlgari ziet het iets anders: ‘Wu lang in het Chinees (oolong in het Engels) is de naam, die de Chinezen de blauwe thee uit Fujian gaven, bekend vanwege zijn op likeur lijkende geurboeket. Het creëert een complex aromatisch palet. Zowel bloemig, zowel fruitig, met een houtachtige smaak van kastanje, honing en hazelnoot. Vaak heel mineraal vanwege het gesteente in de regio, maar altijd zeer rustgevend’.

LAVENDELTHEETheekenners echter zien oolong – zwarte draak in het Chinees – niet meer en niet minder als een thee ‘schommelend’ tussen (niet geöxideerde) groene en (volledig geöxideerde) zwarte thee. De smaak van de minst geöxideerde oolongs neigt naar groene thee (fris-fleurig en citrusachtig). De meest geöxideerde neigt naar zwarte thee (met een smaak die doet denken aan geroosterde abrikoos en perzik).

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Blauw moet je eigenlijk anders opvatten. Doet Bvlgari ook in zijn meer poëtische verantwoording: ‘In al hun tinten blauw, geven lucht en zee kalmte en rust aan elkaar. Als een spiegel van de ziel, als een belofte van welzijn en diepe ademhaling. Van het et lapis lazuli van de oude Egyptenaren tot middeleeuws glas in lood, is blauw de kleur die de duisternis overwint. Daniela Andrier heeft haar Eau Parfumée au Thé Bleu erin ondergedompeld’.

Interessant: de geur lijkt door Daniela Andrier met de Bvlgari’s Gemme-collectie in gedachten gemaakt (waar zij ook voor tekende). Rijk, geschakeerd, ‘anders’, maar met een toegankelijke niche-link. Ofwel, gelaagde transparantie. Even er aan genipt is Eau Parfumée au Thé Bleu voor mij een samenspel van lavendel, viooltje en iris. Niet echt thee. Wel drie soorten blauw. De geur dieper geïnhaleerd, maakt meer details vrij.

De lavendel lijkt besproeid door een frisse groene nevel (shisoblad?), het viooltje geeft zijn zuurtjes-achtige frisheid dit keer meer vrij. En dat geldt eveneens voor de iris, die naast zijn poederige toets ook fris en clean kan ruiken, maar in de basis van Eau Parfumée au Thé Bleu uiteindelijk toch zijn poederige accent laat prevaleren versterkt door witte musk.

Die gedraagt zich hier ook zowel poederig als fris (clean). Een niet benoemde waternoot zorgt voor een frisheid die doet denken aan thee. Maar dan wel biologische lavendelthee met een klontje suiker en een wolkje (soja)melk in de vorm van witte musk.

THEECOLLECTIE BVLGARIGoed nieuws voor parfumtheeleuten op niveau. Met Eau Parfumée au Thé Bleu maakt Bvlgari een doorstart met zijn andere theegeuren: Eau Parfumée au Thé Vert (1992), Eau Parfumée au Thé Blanc (2003) en Eau Parfumée au Thé Rouge (2008).

Met name Eau Parfumée au Thé Vert maakt, terugruikende, duidelijk hoe ver de juwelier zijn tijd vooruit was – wet van de remmende voorsprong. En Eau Parfumée au Thé Rouge blijft voor mij een van de meest revolutionaire visies op geur: met nieuwe ingrediënten – rooibos, vijg, hazelnoot – toch een vertrouwd gevoel weten op te roepen.

EAU PARFUMÉE AU THÉ BLEU BVLGARI BOTTLE

ETERNITY NOW CALVIN KLEIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op september 3, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET E. Getagd: CALVIN KLEIN. Een reactie plaatsen

FOREVER & EVER?

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 03/08/15

Neus: onbekend

‘Talent’: Tobias Sorensen, Jasmine Tookes

Fotografie: Kass Bird

Regisseur: Darius Khondji

ETERNITY NOW CALVIN KLEIN MOODBepaald origineel kun je de toevoeging niet noemen. Want: now kun je echt achter elke parfumnaam zetten – wow! Om in Calvin Kleinkringen te blijven, in alfabetische volgorde: Downtown Now, Beauty Now, Euphoria Now, Obsession Now, Reveal Now. Alle deze ‘nows’ versnellen de oorspronkelijke ‘aansporing’, eisen die per direct op. Effe snel de stad in, nu! Ik wil nu schoonheid ervaren! Nu, wil ik klaarkomen! Toen werd ik echt obsessief! Uit de kleren en snel een beetje!

Wat doet ‘now’ met Eternity (1988) en Eternity Now for Men (1990)? Calvin Klein: ‘Vangt de spanning en pure emotie van een nieuwe liefde, wanneer twee mensen zich realiseren dat dit het begin is van eeuwig’. Nu komt het: ‘Ze komen samen in een moment van heftige helderheid waarbij de emotie het fysieke overstijgt’. Wat vat deze laatste zin ware liefde toch mooi samen – Geurengoeroe meent het, en hoopt dat iedereen dit eeuwige gevoel nu of later op zijn minst één keer mag ervaren. Alleen, om diepe teleurstelling te voorkomen, vestig je hoop hierbij niet teveel op de veronderstelde uitwerking van geuren. Prettig vooruitzicht aldus Calvin Klein: ‘Deze pure kracht van connectie is onverwacht en niet te ontkennen’. Mocht deze nieuwe kijk op het merk Eternity niet aanslaan, achter en vóór de naam kan Calvin Klein in the nearby future nog zóveel andere woorden plaatsen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

KWEEPEERBeweert Calvin Klein betreffende Eternity: ‘De heldere verslavende bloemengeur continueert de erfenis van het merk’. Daarna gaat ‘hij’ nog even door, maar Geurengoeroe moet nu al opmerken dat deze ‘nalatenschap’ van een erg klassiek rozenparfum wel heel erg zoet, heel erg rood fruitig wordt geïnterpreteerd in Eternity Now.

De opening doet denken aan een überzoete ijslollie op het punt van smelten. Het is met name de lychee die eruit springt ondersteund in zoetigheid door nectarine en kweepeersorbet. Nou, dat laatste dus ‘echt nie’. Geurengoeroe is een fervent maker van kweepeerconfiture- en gelei, kan de geur die deze meest frisse vrucht (foto) afscheidt (zowel rijp op de tak, zowel verwerkt) als het ware blind ruiken. Hoe het ook zij, de bloemen nemen deze zoetheid in zich op; pioenroos, perzikbloesem en oranjebloesem laten zich er mee volzuigen. Duurt lang voor deze fruitigheid wordt getemperd waardoor je de bloemen goed ‘in trio’ kunt ruiken. En dat moment duurt niet voor de eeuwigheid, want snel daarna ruik je al de zachte basis. Een streling van kasjmierhout en ambrox met de nadruk op musk terwijl de all over frisheid blijft gegarandeerd.

Eerste indruk van Eternity Now for Men: koel helder water. Een moderne varengeur die geleidelijk aan zwoeler wordt zonder zijn lichtheid geweld aan te doen. De opening: een koele, klaterende waterval waarin ‘grappige’ smaken spartelen. Althans de combinatie is origineel: pittig gember, verfrissend zoetig kokoswater en zwoel-zoet steranijs.

Ook een soort van sorbet maar dan pittig, een beetje hipsterkeuken à la Jamie Oliver. Deze originele kijk wordt voorgezet in het hart: de weinig gebruikte stervrucht – beter bekend als carambole. Ruikt naar een mix van papaja, sinaasappel en grapefruit, ofwel een mix van ananas en citroen. En, is dat nou toeval of niet, een klein beetje naar kweepeer. Maar dan is het weer terug naar af in de basis, want die is zeer klassiek: veel hout – ‘cederblad’, patchoeli, cederhout – oriëntaals gemaakt met tonkaboon en vanille.

ETERNITY NOW CALVIN KLEIN BOTTLES

LUNA COLLECTION TIZIANI TERENZI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 31, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET A, GEURENALFABET C, GEURENALFABET D, GEURENALFABET U, NICHE. Getagd: V CANTO TERENZI. Een reactie plaatsen

STERREN KIJKEN, STERREN RUIKEN

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 31/08/15

Neus: Paolo Terenzi

Concept & realisatie: Tiziana Terenzi

LUNA COLLECTION TIZIANI TERENZI 3Tiziana Terenzi is de dochter van Evelino en Cereria Terenzi die in 1968 in Cattolica (Italië) een atelier voor geurkaarsen openden. Het was stroomde Evelino als het ware door de aderen, want zijn vader Guglielmo stond met zijn vrouw (Luigia Mancini) aan de wieg van een bedrijf dat zich specialiseerde in de productie van kerkkaarsen. Samen met haar broer, parfumeur Paolo Terenzi, runt Tiziana inmiddels de family business.

En ze heeft de smaak te pakken. Want het zijn niet alleen kaarsen, maar ook ‘echte’ geuren. En wel: toegankelijke niche. En daar is niets mis mee. Behalve misschien de hoeveelheid in korte tijd. Sinds 2012 zijn er tien verschenen. Kan er ook wel bij: de V Canto Collection. Ook tien stuks. Dit jaar in één keer gelanceerd. Kan er ook nog wel bij: de Luna Collection. Een kwartet, omschreven als uitzonderlijke parfums genoemd naar mysterieuze sterren die ‘s nachts schitteren aan het firmament: Andromeda, Cassiopea, Draco, Ursa. Wil je weten waar ze exact ‘staan’ en waarnaar ze zijn genoemd – Geurengoeroe adviseert naar Wikipedia te gaan.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

LUNA COLLECTION TIZIANI TERENZI 1Vooral de eerste drie ontlopen elkaar – met name in de opening – niet veel: fris, fruitig, zoet en transparant. In de loop naar de basis trekken ze ieder hun eigen spoor, geven hun specifieke karakter bloot. Haaks hierop staat Ursa door zijn sterke houtachtige basis. Om in gebruikersclichés te spreken; Andromeda, Cassiopea en Draco meer vrouwelijk, Ursa dus mannelijker.

Nog iets: enkele geuren brengen me aan het twijfelen. Ik ruik een aantal ingrediënten niet (echt) en meen andere juist wél te ruiken. Met name in Andromeda. Is voor mij kort door het heelal: zoet-fris, zoet-bloemig (cyclaam) en witte musk. Maar ik zou eigenlijk moeten ruiken in de opening: alsem, citroen, wierook, steranijs. In het hart: galbanum, kaneel, anjer, tijm, cyclaam, Sezchuan-peper. En cederhout, witte musk, kasjmierhout, patchoeli, benzoïne, tonkaboon, amber, berk en tabak in de basis.

Dit is mijn impressie: een opening zo helder als een stralende, openlucht ‘ergens in Verre Oosten’ met een groen-zoete zweem die in het hart alleen maar zoeter wordt. Afgezien van de kruiden – balancerend tussen zoet en pittig – is het met name de laatste jaren weinig geplukte cyclaam die voor een opmerkelijke zoetbloemige toets zorgt (maar kan ‘voor hetzelfde geld’ ook roos en viooltje zijn). De basis is een oosterse ontmoeting tussen ‘zacht’ hout en harsen die warm en gloedvol worden gemaakt met amber en tabak.

LUNA COLLECTION TIZIANI TERENZI BOUCHERONCassiopea is makkelijker te detecteren. Passievrucht en zwarte bes springen er uit in de opening ondersteund door citroen. Lekker exotisch zoet zonder dat het ‘richting’ Italiaanse ijssalon gaat. De compositie zweeft tussen een fruitige chypre en floriental.

Opvallend is dat in het hart theeroos en lelietje-van-dalen hun luchtigheid behouden ondanks de toevoeging van de als zwaar en kruidig bekendstaande anjer. Die begint eigenlijk pas ‘op het einde’ te bloeien; voelt zich eigenlijk meer bij poederige basis thuis; een door sandelhout en tonkaboon ingepakte witte musk die hierdoor niet hard, maar mooi zacht poederig wordt.

Draco is de meest onschuldige ster van de vier. Een zachte en lieflijke bloemengeur die een klassiek parcours aflegt: van fris naar bloemig, van bloemig naar een bijna ‘overzoete’ basis. De zachtheid van het geheel wordt benadrukt door de perzik in het hart en in basis, en de poederige wisselwerking van heliotroop, tonkaboon en musk.

Ursa durft het meest. Ongegeneerd. Lang geladen dat een parfum zo zwaar en heftig opent. Kruidig gourmand schiet me te binnen. Maar geen kermis, eerder zouk. Mooi uitgebalanceerd: droog-kruidig nootmuskaat en elemi-hars geven het gedroogde fruit ondergedompeld in rum een zekere gelaagdheid. En tussen deze kruidige en zoete noten – eigenlijk al een compositie op zichzelf – neem je een dierlijk spoor waar. Een voorbode van de oud in de nasleep.

Ursa is het tegendeel van lief en klassiek-verleidelijk door het ontbreken van bloemen in het hart. Hiervoor in de plaats een duistere houtmelange van patchoeli, wierook, tabak en vetiver die ‘doorrookt’ lijkt. Met een spoor van oud die in de basis alle aandacht opeist – extra dierlijk gemaakt door leer dat ingewreven is met een smeuïge, ‘pittige’ vanille.

TIZIANI TERENZI

VENT DE JASMIN IL PROFVMO

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 30, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET V, NICHE. Getagd: Sylvane Casoli. Een reactie plaatsen

JA-JA-JASMIJN

MAAR LAAT HET NOU EEN GEWONE JASMIJN ZIJN

Jaar van lancering: 2005

Laatst aangepast: 30/08/15

Neus: Sylvane Casoli

Concept & realisatie: Sylvane Casoli

JASMIN D'INDEIk heb me het al vaker afgevraagd, doe het nu weer en doe het binnenkort wellicht nog een keer met betrekking tot een solifleur: hoe weet je als neus/producent de kwaliteit door de jaren heen op hetzelfde niveau te houden. Ik bedoel: hij/zij tapt bij groeiende vraag toch niet letterlijk uit hetzelfde vaatje, of toch wel? Ik weet, het is een kwestie van communelles: vaten waar seizoen in, seizoen uit, parfumhuizen de oogst van een of meerdere producenten opslaan (als essentiële olie) om die constante kwaliteit te garanderen. Dat is een. Dit is twee: wat maakt je eigen kijk als neus op een ‘echte’ solifleur bijzonder? Het is de bedoeling, denk ik, dat je accenten toevoegt die je solifleur onderscheidend maakt – toch?

Vent de Jasmin kan ik daar niet echt op betrappen. Zo omschrijft Sylvane Casoli de geur: ‘Symbol of warm Arabian nights, jasmine’s scent bursts forth at dusk. Carried by the wind, its odor is enchanting, intoxicating. It sharpens the senses and awakens femininity’. Verleidelijk omschreven, maar het is voor mij een plain oriëntaals jasmijnparfum. En een wind van jasmijn gaat er bij ook niet in, ook niet door mon nez. Dit is een jasmijnstruik die stil staat onder een brandende zon en op zich laat inwerken.

VENT DE JASMIN IL PROFVMOAlleen in het begin is er een trilling, alsof alle jasmijnblaadjes even lichtjes geschud worden door een zuchtje wind. Een momentopname. Vervolgens is het jasmijn, jasmijn, jasmijn. Dus zonnig, dus vol bloemig, dus geel, dus een licht dierlijke noot, dus iets vettigs, dus de sensatie van een parfumolie op je huid.

Lekker, maar voor mij te gewoon om de prijs te rechtvaardigen. Ik heb onlangs weer eens een flesje jasmijnolie uit India cadeau gekregen. En die ruikt als twee druppels naar Vent de Jasmin. Ik lieg. want eigenlijk intenser, ‘drukkend’, ‘indolen-vies’ en dus zwoeler.

Dus ook voor mij ‘an olfactory masterpiece for lovers of floral fragrances’ zoals Casoli haar geuromchrijving beëindigt. Maar dan anoniem. Iets anders en storend: ga je naar www.frangrantica.com dan staat er naast Vent de Jasmin onder de noemer ‘more from the same group floral’ welke geuren ook in deze categorie vallen. De eerste twee suggesties: Celine – ‘René, I never let go, my heart will go on’ – Dions Paris Nights (2007) en The Spirit of Moonflower (2000) van The Body Shop. WTF en come again? My heart won’t, because of a sudden death perfume experience.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE IL PROFVMO LOGO

TAJIBNI AL HARAMAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 28, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET A, MASSTIGE, Uncategorized. Getagd: AL HARAMAIN. Een reactie plaatsen

EEN WONDERLIJKE ATTAR

WANT: WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Jaar van lancering: onbekend

Laatst aangepast: 28/07/15

Neus: onbekend

Concept & realisatie: Al Haramain

TAJIBNIEen naam zegt meestal iets over de bedoeling en inhoud van een parfum, in dit geval een attar. Alleen moet je wel weten wat Tajibni betekent. Hoe ik ook zoek op het www: niets. Ook niet uit welke taal het woord komt. Ik kom de letters in dezelfde volgorde wel tegen in een Birmees (Birmaans) geschrift, maar de sierlijke geschreven ‘woorden’ zeggen me niets. Wel staat er in het Engels achter Tajibni: ‘nature… tellect, knowledge, and mind. Taj, Ibni- Faris’. Tja. Ik haak af.

Niet wat de flacon betreft. Echt geweldig. Een echt cadeautje zoals dat heet. And I’m deadly serious. No tongue in cheek this time. Kloek, zwaar in de hand en toch verfijnd op een bepaalde manier door de onregelmatige geslepen facetten waardoor de lichtinval – roze, gele, groene en zwarte tinten met nuances die daar tussen schitteren – asymetrisch is. Het kan: oosterse smaak naar westerse maatstaven gevormd. Een ‘soort van’ less is more waarmee Calvin Klein en Carolina Herrara mooie sier mee hadden kunnen maken in de tijd dat ze zelf nog enigszins bij de totstandkoming van hun geuren waren betrokken. Ook opvallend: in het pijpflaconnetje aan de ‘draaidop’ bevestigd, bevindt zich de inhoud. Dus heel veel glas, heel weinig attar – 6 ml.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

De inhoud is even mysterieus als de naam. Qua gevoel en zachtheid moet ik denken aan White Patchouly van Tom Ford – dus een roze chypre. Alleen minder schreeuwerig, minder ‘slap you in the face’. Wel voller en vetter – het is niet voor niets een olie, een attar. In het begin lijkt het of je niets ruikt, iets ‘onbeduidends’, alleen de olie. Wat ruik ik eigenlijk? Heb ik me diverse malen afgevraagd. Ik test Tajibni al maanden met tussenpozen en vindt het wel goed zo – vroeg me ondertussen wel een paar keer af of een Al Haramain-medewerker aan de lopende band in slaap is gevallen en bij wakker worden op een verkeerde knop heeft gedrukt.

ERIK ZWAGA GEURENGOEROE HELIOTROOPMaar dan: in contact met de huid komt de attar tot leven. Eerst in aldehyden gedompelde mandarijn en sinaasappel, maar zeer, zeer bescheiden. En dat geldt ook voor de verdere ontwikkeling. Met een ondefinieerbare droog-kruidige achtergrond die neigt naar kardemon, ruik je een mélange van (veel) witte musk en (minder) heldere ‘geklaarde’ patchoeli.

Met een zacht-zachter-zachtst-effect tot gevolg dat in de basis wordt versterkt door heliotroop (foto), vanille en amber. Ook alle drie zeer bescheiden. Bijna te bescheiden voor een attar. Ik ervaar Tajibni niet zoals de beschrijving op de site van arabianluxeries: ‘Hot as the breath of the desert, passionate and impulsive fragrance with an European accent. The combination of patchouli, cardamom and pure white musk creates a masterpiece that will win any woman. This attar shocks you with its boundless energy of life and movement. Saucy and burning like a flame of fire’.

Voor mij is het een poederzachte, vaag vanille-zoete geur zonder eau de toilette- en eau de parfum-sensatie. Een parfumolie, maar geen attar. Want attar staat bij mij voor knallen; zonder restricties parfum in zijn meest pure vorm ondergaan.

AL HARAMAIN LOGO

PATCHOULY BOHÈME LM PARFUMS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 27, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET A, NICHE. Getagd: LM PARFUMES. Een reactie plaatsen

‘AMBRE BOHÈME’

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 27/07/15

Neus: Mona di Orio

Concept & realisatie: Laurent Mazzone (foto onder)

PATCHOULY BOHÈME LM PARFUMSDat pure patchoeli-olie naast de droge, kamferachtige geur en muntnuance ook een zekere zoete noot kan hebben met een ondertoon van cacao valt me de laatste tijd steeds meer op. Als dat eenmaal in je hoofd zit, raak je dat niet meer kwijt. Terugruikende blijkt Angel (1992) van Thierry Mugler in een keer minder vreemd.

En zou dezelfde Angel – met in zijn voetspoor A*Men – reden zijn dat pure patchoeli met een zoete basis in nichekringen stilletjes aan populairder wordt? Patchouly Bohème is in ieder geval een bewijs. Het adjectief in de naam roept een wereld op die de patchoeli-hater direct op de kast jaagt, maar de liefhebber doet verlangen om direct de proef op de som te nemen.

Bohème betekent volgens http://www.interglot.nl iemand die een ongeregeld leven leidt en zonderling. In het Frans klinkt het nog meer afstotend of verleidelijker: artiste, fantaisiste, indépendant, insouciant, sans-souci, original, irrégulier, capricieux, dilettante…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Maar goed dat ik de laatste tijd veel met een collega/vriend optrek die ook gek op geuren is en dan met name patchoeli-krachtpatsers. Want, ik lijk soms doof voor een geur, vind ik die qua intensiteit ‘wel aardig’. Zoals Patchouly Bohème. Komt ook door de naam die bij mij de lat qua verwachting erg hoog legt. Afgezien daarvan: ik vind de geur niet echt zonderling, capricieus. Eerder chique ruw, getemd en, by the way, voor mij meer amber dan patchoeli (tekening).

Tegenover mijn ‘wel aardig’ ging mijn collega/vriend uit het dak om so to speak. Vanaf de eerste sniff was hij diep onder de indruk en kwam superlatieven te kort om uiting aan zijn tevredenheid te geven. Toch waren onze associaties hetzelfde: zoet, zoet, zoet, warm, omhullend, rum, cognac, vruchtenlikeur, drop, karamel, chocolade, een mist van kruidigheid. Maar niet droog, houtachtig en kamfer.

PATHOULY DRAWINGLater komen, zoals het hoort, de leer- en tabaksnoten gehuld in een donker rokerig aura tot ontwikkeling. Maar zonder echt door te slaan, zonder echt bohème te worden. En we zitten allebei zo snel in de likeurcognaczoetheid – dat we de opening eigenlijk missen: geranium en ‘kostbaar hout’. Later op de huid wel als de patchoeli-noot ‘uit het hout’ komt – een strak-droge vetiver-cederhoutcombinatie lijkt me.

Het randje, dat Patchouly Bohème zijn eigenzinnige, maar subtiel gedoseerde allure geeft, is tolubalsem. Maakt de amber-, sorry, patchoeligeur net even anders dan alle andere amber-, sorry, patchoeligeuren. Lift de musk en tonkaboon net even op, geeft ze een gouden gloed èn tempert tegelijkertijd de aardsheid van patchoeli.

Ik moest niet direct denken aan Mona di Orio, maar naar men zegt is zij de samensteller van Patchouly Bohème. Maar nu ik van deze suggestie weet, lijkt het zo logisch (anders een neus die denkt zoals haar – wil hij/zij even heel snel opstaan!). Met name door de vanzelfsprekende rijkdom. Het is er, stelt zich niet aan, gaat niet pronken en ‘show offen’, krijgt geen kapsones.

Alleen doet de naam doet geen recht aan de geur. Moet eigenlijk Ambre Bohème heten, want de patchoeli is voor mij verpakt in amber en komt op deze manier dichter in de buurt van Di Orio’s Ambre uit 2010. Ik ga snel Ambre Muscadin (2011) ruiken. Schijnt ook gemaakt te zijn door Mona di Orio. Afgaande op de ingrediënten zeg ik ja, ik ruik in mijn gedachten een mix tussen Nuit Noire (2005), Carnation (2005) en Ambre.

LM PARFUMS LAURENT MAZONNE

MIU MIU

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 27, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET M. Een reactie plaatsen

FINE FLEUR: BESCHEIDENHEID SIERT LELIETJE-VAN-DALEN

MARC JACOBS-STYLING OP ZIJN EUROPEES

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 27/07/15

Neus: Daniela Andrier

Model: Stacy Martin

Fotografie: Steven Meisel

MIU MIU MODELVoor de a-modieuze parfumliefhebbers onder u: Miu Miu is de b-lijn van Miuccia Prada. Minder ‘intello’, minder serieus, meer jonger en speelser. Gemaakt voor ‘vrouwelijke feministen’ waarbij de experimentdrift van de ontwerpster commerciëler wordt uitgewerkt. Wel een nadeel: lachen verboden. Of laat ik het zo zeggen: ik heb zelden een Prada- en Miu Miu-model het zien doen. En de (jonge) vrouwen die zich het kunnen veroorloven (ken enkele) kunnen het ook nauwelijks. De reden: ze nemen mode te serieus, bekijken kleding zoals Miuccia Prada het doet: ‘Het is niet oppervlakkig, het kenmerkt de relatie met de wereld om ons heen’.

Geurengoeroe zegt: dit beperkt zich niet tot mode, kun je van heel veel dingen beweren. Verder: volgens Miuccia kenmerkt ‘de kracht om een identiteit neer te zetten, te erkennen, te betwisten en te breken’ de Miu Miu-vrouw. Sterker, het is haar privilege, haar onafhankelijkheidsverklaring. Geurengoeroe zegt: veel van Miuccia collega’s beweren hetzelfde met betrekking tot hun werk. En ook dat hun klanten ‘hun eigen weg gaan en niet zwichten’ zoals de Miu-Miu-vrouw.

MIU MIU BOTTLEWat ik interessanter vind: de keuze van Prada om níet Puig (tot nu toe verantwoordelijk voor alle Pradageuren) maar Coty de eerste Miu Miu-geur te laten ontwikkelen. Ik begrijp het wel. Coty is wereldser, weet wat er leeft onder de beoogde doelgroepen, durft meer. De cosmeticagigant weet ook dat consumenten bij modemerken een bepaald verwachtingspatroon hebben door hun dan wel moderne, vooruitstrevende of edgy imago.

Willen dat ook in de geuren terugzien. Ik noem het het Marc Jacobs-effect. Onverwacht en onconventioneel, bewust de geplaveide paden mijden en daardoor direct verrassing en ‘de schok van het nieuwe’ oproepen. Neem Daisy (2007), neem Honey (2013) – tart de regels van goede smaak, combineert kitsch en klassiek met ‘toekomst’ waardoor er toch een merkwaardige soort van herkenning ontstaat. En: het valt tenminste op tussen alle beschaafd-monotone flacons van de concurrent. Parfum = parfun.

Bij de eerste Miu Miu-geur is de uitwerking van het Marc Jacobs-effect anders: meer vintage, meer ingetogen, meer verstild, klassiek-smaakvoller, minder ‘tacky’ – noem het Europees. De flacon suggereert een idee van rijkheid – ‘warm’, geslepen, gekleurd glas – terwijl het toch gewoon een flacon en plastic dop betreft. Het had zo op de kaptafel kunnen staan van Julianne Moore in rol van Cathy Whitaker in de ‘fifties’-film Far from Heaven.

Miu Miu ziet het zo: ‘Het effect is jeugdig en vrouwelijk met een enigszins overdreven elegantie: een droom die je vaag herinnert opnieuw vertaald in levendig technicolor’. Overdreven… ? Doel van de geur, afgezien van het commercieel belang, volgens Miuccia Prada: de provocatieve en attractieve geest van Miu Miu verweven met de flacon en de compositie.

Oordeel zelf of dat gelukt is en of je dit terugziet in de fotografie: ‘Herinnert aan het optimisme begin zestiger jaren en de luchtige, speelse spirit van het merk met een onverwachte wending in de laatste foto (die ik nergens kan vinden): het model neus-aan-neus met een zwartwit kitten. In typische Miu Miu-stijl heeft de ontmoeting een ongewone twist. Stacy en haar kitten zijn verwikkeld in een strijd van verlangens, de flacon is de omstreden prijs’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

NEON MUGUETIk lees op http://www.refinery 29.com dat Caroline Javoy, vice president of global marketing Miu Miu fragrances, een aantal dingen niet wou: ‘The fragrance market can be very conventional: blue is for boys, pink is for girls. We wanted to make it anti-pink’. Daniela Andrier vertelt op dezelfde site ‘We wanted to open doors and windows with this fragrance. We didn’t want another gourmand; we wanted something different, enjoyable, and unexpected’.

De keuze voor het lelietje-van-dalen (zie artist impression-afbeelding) is inderdaad opmerkelijk, want dit tere bloemeke fijn met klokjes zo klein staat nu in de parfumerie voor tutty-trutty, kitcherige ansichtkaartromantiek en over het algemeen voor vijftig plus. De beroemdste in deze categorie: Muguet de Bonheur (1934) van Caron en Diorissimo (1956) van Dior.

Van de andere kant: als er een bloem is die wit-fris, gras-groen, knisperend kan schitteren, kortom de jaarlijkse ambassadrice van het voorjaar, dan is dat het lelietje-van-dalen. De beroemdste in deze categorie: Muguet de Bonheur (1934) van Caron en Diorissimo (1956) van Dior. En laten we de sinds 2000 jaarlijkse limited edition-hulde van Guerlain op 1 mei niet vergeten: elke keer laat het parfumhuis de meiklokjes anders, maar vooral groen en fris luiden.

Dat ruik je niet terug in Miu Miu. Geen witte bloemengolf waar je de regendruppels over het verse groene gebladerte voelt rollen. Het is een beschaafd lelietje-van-dalen met nadruk op de bloemige zoetheid, niet op de frisheid. Roept herinneringen op aan Muguet de Bonheur, zij het dat Miu Miu iets aardser en meer poederig is. Het is alsof je door een met dauw beslagen raam naar het lelietje-van-dalen kijkt. Het is wel een typische Andrier geworden (die ook bijna voor alle Prada-geuren tekende).

Ofwel, less is more vertaald in transparantie (dus draaggemak) gecombineerd met een eigenzinnige niet echt waarneembare diepte – want die verwerkt Andrier zo vanzelfsprekend waardoor je die niet eigenlijk waarneemt. Maar zonder zou – in dit geval – het lelietje-van-dalen omvallen en zou het je opvallen. De diepte wordt geleverd door een patchoeli-derivaat en wordt als apart ingrediënt opgevoerd: akigala-hout dat kruidigheid met de standvastigheid van hout combineert.

Andrier: ‘It’s not ugly, but it’s rough. It has an unexpected strangeness to it that contrasts with the beautiful floral’. Alleen had voor mij de compositie meer mogen klateren, meer mogen ‘lelietje-van-dalen’ – vooral gezien de uitgesproken en eclectische kledingcollecties van Miu Miu. In plaats van een elegante ‘fine fleur’ zoals nu, een lelietje-van-dalen die scherp is en straalt als neonlicht.

MIU MIU LAUNCH

BOMBAY BLING, TRAYEE NEELA VERMEIRE CREATIONS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 25, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET B, GEURENALFABET T, NICHE. Een reactie plaatsen

INDIE-INDIAN PERFUMES WITH VERVE

Jaar van lancering: 2012

Laatst aangepast: 25/08/15

Neus: Bertrand Duchaufour

Concept & realisatie: Neela Vermeire (foto onder)

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

NEELA VERMEIRE CREATIONS DETAILLees ik onlangs in de Volkskrant in een artikel over de opmars van alcoholvrij bier: ‘De Sloveense filosooft Slavoi Žižek heeft opgemerkt hoe onze winkels vol liggen met paradoxen: koffie zonder cafeïne, bier zonder alcohol, suiker- en cafeïnevrije cola, roomijs zonder room en suiker, et cetera’. Een ‘et cetera’ weet ik nog wel… inderdaad parfum. Doordat synthetische ingrediënten steeds meer de core business bepalen, weet een nieuwe generatie nauwelijks meer hoe jasmijn, lavendel en al die andere pracht parfumbloemen ‘in het echt’ ruiken, laat staan parfum.

In veel geuren van nu wordt bijvoorbeeld jasmijn opgevoerd, maar die ik herken ik niet als zodanig – eerder een zogenaamde jasmijn die me zelfs in de verste verte nog niet doet herinneren aan Jasminum grandiflorum. Vaag bloemig meer niet. Voor dit ‘sad imitation of nature’ hoef je bij Neela Vermeire niet te vrezen: je ruikt rijkdom, gulzigheid, volheid en natuur in perfecte balans met ‘additional flavours’.

Het is mij niet geheel duidelijk waar Neela Vermeire – haar achternaam heeft een Vlaamse oorsprong; verwijst naar water – haar roots heeft. India, de grootste democratie ter wereld dat is duidelijk. Maar waar precies? En in welke kaste is ze geboren? Twee factoren die je olfactorische genen bepalen lijkt me. Hoe het ook zij: via haar creaties ontdek je de drie historische belangrijkste periodes voor India – het Vedatijdperk, de eeuwen van de mogols en de koloniale overheersing gecombineerd met het India van nu. Laatste lijkt me logisch: Vermeire leeft nu.

BOMBAY BLING NEELA VERMEIRE CREATIONSDe composities zijn volgens haar site even opulent en complex als haar land van herkomst met zijn diep beleefde spiritualiteit. Kortom east meets west. Of beter gezegd: Bombay Bling (2012), Trayee (2012), Mohur (2012), Ashoka (2013) en Picola (2015) zitten op exact het kruispunt van deze twee culturen. De geurrijkdom van India verwerkt met Europese flair.

Voor het laatste is Bertrand Duchaufour verantwoordelijk. Een goede keuze, gezien zijn ervaring in het kruisbestuiven van parfumculturen. For good: Aedes de Venustas, L’Artisan Parfumeur, The Different Company. For worse: het parfumlabel Guli. Zó politiek incorrect dat hij zich bijna aan zijn achternaam brandt – snap je’m?

De geuren – allemaal even geroken – zijn zo diep geworteld in de geschiedenis van India waardoor ik in het geheel niet moet denken aan de felgekleurde kitsch van Bollywood-films en Indiase religieuze parafernalia. Wat nog eens bevestigd wordt door de presentatie – ‘très Paris’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het kwintet in één keer goed tot me nemen is teveel. Daarom eerst Bombay Bling (puur vanwege de naam) en Trayee (blind gekozen). Leuk bedacht: met de eerste onthul je volgens Vermeire je ‘inner Bollywood’ en ervaar je de ‘very modern, colorful, eclectic, esoteric, ecstatic, liberal, happy side of buzzing India’.

Vind ik dus niet echt. Voor mij is Bombay Bling vooral chic. Beetje jaren zestig Parijse parfumverfijning. Beetje Rochas Madammerig. En had voor mij – ook gezien de naam – meer mogen spetteren en bling-blingen. De geur opent met een vrucht die nu wordt geassocieerd met India: mango. Heel veel mango gecombineerd met heel veel lychee en heel veel zwarte bes. Jeetje mina! Lekker veel fruit zonder dat het irritant-plakkerig en stroperig wordt.

Doet qua intensiteit denken aan een luchtige smoothie (maar dan zonder tarwekiemcellen en andere darmflora bevorderende ‘goede granen’). Heel nonchalant worden hierover de kruiden gestrooid: kardamon (ruik je goed, geeft een mooi groen-scherp randje) en komijn (niet echt).

En dan verwacht ik vervolgens gezien de opgegeven bloemen een exploderende flowerbomb. Turkse roos, sambacjasmijn, ylang-ylang, tuberoos, plumeria (frangipani) en gardenia die als knetterende vuurpijlen door de lucht schieten, tegen elkaar opbotsen en ‘uit koers’ raken. Maar dat valt reuze mee, of reuze tegen. Tis maar hoe je het bekijkt. De reden: het fruit blijft behoorlijk persistent. Het is eerder door de houtachtige basis (patchoeli, sandel- en cederhout) dat ik de bloemen pas begin waar te nemen. Maar geen bom, eerder een transparante sluier waarin de bloemen zitten verwerkt, waarin (voor mij) zacht-koppige gardenia, exotische plumeria en een zoete roos het uitbundigst bloeien.

Het geheel blijft een zoetig-fluwelig boeket wellicht geholpen door vanille, maar ondanks de cistus labdanum en tabak. Ik zit al een tijdje door te snuiven, maar de tabak en cistus labdanum (goed voor een donker-broeierig accent) neem ik niet waar. Het hout ‘achter de vanille’ komt wel beter tot zijn recht.

TRAYEE NEELA VERMEIRE CREATIONSTrayee. Me like. Lekker vies randje die al direct vanaf de opening te bespeuren is. Terwijl de betekenis van de naam zo verheffend is: ‘The Vedic tradition suggests that wisdom is eternal. It exists within the eternal fabric of consciousness itself and is uncreated. The essence of India, the beginning of the journey. It is a eulogy, a hymn to the idea of India, an act of deepest reverence for the traditions. The divine origin of the first three Vedas – Rig, Yajur and Sama – suggested the name of the perfume: Trayee (pronounced ‘try-ee’,meaning ‘the triad’).

Algemene indruk: een ‘diepe’ geur met veel lagen. Meer aards dan hemels. Voor die vieze noot zijn volgens mij oud, leer en kruiden verantwoordelijk. Dat kruidige neem je direct goed waar in de opening: basilicum, kardemon en zwarte bes. Heeft samen het effect van weed, hasj, een nog niet aangestoken joint die vervolgens zoet-droger wordt door gember, kaneel, kruidnagel en saffraan. Hierin baadt de jasmijn die hiermee zijn meer donkere, animale kant kan benadrukken. Jasmijn zorgt er ook voor dat Trayee niet wordt dicht geplamuurd door de volle basis: een ‘uitgerookte’ bouillon van amber, elemi, eikenmos, leer, mirre, oud, patchoeli, sandelhout, vanille, vetiver en wierook.

Niet dat je die er stuk voor stuk uitpikt, maar (nou de oud dan in het begin, later de wierook, het leer, de vetiver) samen geven ze mooi een donkere impressie van ondoordringbare bossen waar af en toe een amberzonnestraal voor een lichte en warme toets zorgt, maar de geur niet smeuïg maakt.

Een mooie exercitie tussen droge kruiden, zachte balsems en (gerookt) hout. Bij de traditionele indeling zou ik Trayee als mannelijk aanduiden, Bombay Bling eerder als vrouwelijk. Duchaufour voegde ook nog een ‘ganja’-akkoord toe. Cannabis dus. Niet heus. Want dat krijg je ‘gewoon’ als je basilicum, kardemon en zwarte bes samenvoegt zoals Marc Buxton mij een tijdje geleden uitlegde.

NEELA VERMEIRE

FLORIENTAL COMME DES GARÇONS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 23, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET F, NICHE. Getagd: CISTUS LABDANUM, COMME DES GARÇONS. Een reactie plaatsen

WOORDSPELLETJE

EEN BLOEM DIE GEEN BLOEM IS

Jaar van lancering: 2015

Laatst aangepast: 23/08/15

Neus: Emilie Copperman

Concept & realisatie: Christian Astuguevieille, Rei Kawakubo

FLORIENTAL COMME DES GARÇONS 3 (1)Rei Kawakubo is een buitenbeentje in de parfumerie. Moet ook wel wanneer je mode eerder als filosofisch vehikel gebruikt om je kijk op de mens in de maatschappij te delen in plaats van draagbaarheid, comfort en plezier, en daardoor zelfverzekerdheid bij de dragers te bevorderen. Ze is een van de eerste ontwerpers die niche introduceerde en rekt met haar Series (gestart in 2000) het begrip parfum behoorlijk op. Niet tot ieders tevredenheid. Verwijt: ze schiet af en toe heel erg ver door.

Moet je werkelijk een geur voor persoonlijk genot laten ruiken naar skai, fotokopieerapparaat, vliegtuig, garage, wasserette? Ja, er is technisch zoveel mogelijk tegenwoordig, maar moet je dat – direct – omarmen zonder de vraag te stellen of er behoefte aan is? Als je niet oppast – en dat doen veel ontwerpers die met hun parfums meer richting kunst neigen – wordt het een quasi-intelligent spelletje, een parfumonderonsje voor ingewijden en natuurlijk snobs. Voor de geïnteresseerde onwetende begeleid met een ‘real perfume for real dummies’-traktaat dat leert dat intellectueel genieten van geur meer een kwestie is van verstand dan van gevoel, van begrijpen dan van ‘lekker vinden’.

FLORIENTAL COMME DES GARÇONSGelukkig is daar de licentiehouder van de Comme des Garçons. Cosmeticagigant Puig – die gunt Rei Kawabuko haar speeltjes. Daarnaast staat het voor een cosmeticagigant chic om nichenamen te hebben in zijn portefolio. Maar op een gegeven moment wil hij wel geld zien. Gebeurt. Het resultaat: meer sneller op elkaar volgende geuren die minder moeilijk doen, meer toegankelijk zijn zowel qua inhoud, zowel qua distributie: Wonderwood (2010), Amazingreen (2012), Black (2013), Wonderoud (2014) en nu Floriental.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Dat wil niet zeggen dat Kawakubo simpeler is gaan denken om haar inspiratie onder woorden te brengen. Floriental is een ‘ontwrichte bloem die de tradities van de parfumerie uitdaagt om een geurloze bloem uit te vinden’. Vreemd, want dat doet Kawakubo toch zelf, dat uitvinden? En in feite doet ze het niet, want de ‘creatieve confrontatie die de lijnen tussen de florale, ofwel bloemige en oriëntaalse noten vervaagt om iets volledigs nieuw te creëren’, gebeurt al jaaaaaren en is de essentie van een floriental.

Want een floriental is een subgroep in de bloemenfamilie die de zwoele kant van bloemen benadrukt. Kawakubo speelt gewoon een woordspelletje: want de cistusroos – hoofdingrediënt van Floriental – is geen roos, maar een laag groeiende struik (cistus labdanum) met kleine roosachtige bloemetjes (die lijkt op de egelantier) waarvan de takken een hars afscheiden die ruikt naar aarde, kruidig is, zwoel is, warm is, met balsem- en amberachtige accenten die als onmisbaar wordt beschouwd in de klassieke chypre.

Nu is deze ‘roos’ wel geschreven met de typische Comme des Garçons-signatuur. Dus vol en ‘massief’. Geen vaag bloemengetut en -geprut. De donker-duistere gloed van de cistusroos wordt niet alleen geaccentueerd maar juist versterkt door het te omringen met intens houtachtige noten: stro-achtig vetiver (meer), rokerig wierook (minder) Australisch sandelhout (nog minder). De pruim(enlikeur) die is toegevoegd ervaar je pas als de roze peper is uitgeprikkeld en het hout de cistusroos heeft geschraagd. Het geeft de cistusroos een suiker- en fruitzoet randje en maakt haar lomer en zwoeler.

Goed gedaan. Alleen werkt de naam misleidend, maar ik ga er vanuit dat dat Rei Kawakubo’s bedoeling is: verwarren, vraagtekens plaatsen, bij de neus nemen, op het verkeerde zetten – eigen aan kunstenaars.

FLORIENTAL COMME DES GARÇONS 2 (1)

MILLÉSIME IMPÉRIAL, BAIE DE GENIÈVRE CREED

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 21, 2015
Geplaatst in: GEURENALFABET B, GEURENALFABET M, NICHE. Getagd: CREED. Een reactie plaatsen

TUSSEN MASS-NICHE EN AUTHENCITEIT

Jaar van lancering: 1982/1995

Laatst aangepast: 21/07/15

Neus: Olivier Creed

CREED LOGOWas bij een vriend/collega op bezoek in Antwerpen. Ging zijn badkamerplankje inspecteren. Direct werd me duidelijk dat niche en masstige voor velen eigenlijk niet zoveel uitmaakt. Ook niet voor hem. Wat telt: ruikt het lekker? Niet echt de naam. En uit zijn geurplankje kon je eveneens niet een bepaald type of karakter detecteren, gezien de samenstelling voor een groot gedeelte op toeval berust. Wat voor veel mensen geldt: die krijgen geuren vaak cadeau. Sommige had hij zelf gekocht waarvan één uit sentiment: Roma Uomo (1986) van Laura Biagiotti. De reden: hij had er een tijdje gewoond en komt er nog steeds vaak. Paco Rabanne’s 1 Million (2007) was een cadeau, net zoals Eau d’Amsterdam (2014) van kunstenaarsduo Saskia Hoogendoorn en Lieuwe Martijn.

Twee sprongen er wel uit voor mij: Baie de Genièvre (1982) en Millésime Impérial (1995). Goede aanleiding om Creed weer een keer te bespreken. Interessant: de eerste is een ‘Creed’ lang voor het huis ‘bij het grote publiek’ bekend werd als een vintage- en nichehuis, de tweede toen Creed voorzichtig begon mee te liften op een nieuwe beweging in de parfumerie die met terugwerkende kracht nu niche wordt genoemd. Bij Baie de Genièvre dus nog geen ‘story telling’, luxelink (werd toen als vanzelfsprekend verondersteld) en leuke weetjes en watjes, wel: gewoon een krachtig parfum leveren.

MILLÉSIME IMPÉRIAL CREEDMillésime Impérial is daarentegen in boodschap erg behaagziek en wil met een onduidelijk petit royalty-verhaallijntje een nieuwe generatie consumenten met een nauwelijks klassieke doelgroepachtergrond verleiden met gaapgaap-clichés die staan voor luxe, exclusiviteit en rijkdom. Ga maar na: ‘Oorspronkelijk gecreëerd voor een koning, is Millésime Impérial voor personen van gestalte. De geur is beroemd vanwege zijn gouden look en past daardoor perfect bij een Oscar, Emmy, Grammy en Tony, en is een reden voor de aanhoudende populariteit bij ’s werelds topentertainers – mannen en vrouwen. Millésime Impérial is letterlijk de gouden standaard in geur’. Zo! Nou jij weer! En: is dit nu ingetogen Creed-chic: het niet vermelden van klinkende namen? Toets als zoekopdracht ‘celebrities using Creed’ in en je struikelt over ze…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Millésime Impérial is een typische jaren negentig-geur door het verwerken van een aantal populaire trends: met name zoetige bloemen vermengd met een opvallende marine-noot die samen de – toen nog – luxewereld van de Middellandse Zee moet oproepen. Toen al schering en inslag, nu eigenlijk nog steeds een leitmotiv voor veel parfumhuizen. Ik moet zowel denken aan L’Eau d’Issey pour Homme (1994) die met een beetje fantasie is vermengd met Diors Fahrenheit (1987) Dior. Maar ook aan de eerste geur van Kiton (1999).

Maar dan gemaakt met goede kwaliteit-ingrediënten. Na de citrusexplosie van citroen en bergamot – ‘zoet-zout’ gemaakt door mandarijn bespikkeld met zoutkorrels – ontvouwt zich langzaam parallel een droog-groene en zoetpoederige geurlijn. De eerste opgeroepen met hout, de tweede met iris en musk. En dat hout is mooi droog met een groen-kruidig ondertoontje. De iris blijft ondanks de musk poederig, wordt er eerder zoeter en gladder door. Als je bij het ruiken van de geur moet denken aan de mediterrane wereld dan zit je goed. Haal je er direct Sicilië uit, dan: bingo! De inspiratiebron. Maar dan wel de chique toerist-ambiance van hotels, restaurants en cultuur van het eiland in plaats van de een ruwe, woeste natuur.

Die ervaar je eerder en in Baie de Genièvre (volgens mij alleen nog maar te koop via vage koopsites). Hierin ‘hoor’ je op de achtergrond de Etna uitbarsten, de lava de jeneverbes in vuur en vlam zetten en zijn bitterfrisse en ijle noot versterken. Zelfs het rokerige wierookaspect dat jeneverbes ook kan hebben neem je zelfs waar na een flits van bergamot. Het heeft een eruptie-effect: alles de lucht in. Als de kruidigheid is neergeslagen op de bodem, neem je een andere kruidigheid waar die doet denken aan groen-houtig, maar zalvend zoet galbanum. Bij flink door ruiken blijkt het een mix te zijn van kaneel en vetiver. Interessant dat deze oosterse zoetmaker en deze droge wortel samen hetzelfde idee kunnen oproepen.

Alleen wint na verloop van tijd de vetiver. En blijft, gelijk de jeneverbes, ongeraffineerd en stug. Baie de Genièvre is ongecompliceerd en dicht bij de pure natuur. Van dit traject is Creed in de loop naar het millennium en verder steeds meer afgeweken. Het huis is steeds meer haute parfumerie of wat de consument met hang naar verfijning daar nu onder verstaat. Wat beide geuren bindt: grijze amber in de basis – typisch Creed en de echte naar wordt beweerd. Mannelijk maar toch geraffineerd – de zeeweeïge, algachtige en houtachtige noot overheerst niet. Het lijkt wel of ze naar elkaar toegroeien en uiteindelijk in elkaar opgaan (wat natuurlijk niet de bedoeling is).

BAIE DE GENIÈVRE CREED

 

 

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
    • MON VETIVER ESSENTIAL PERFUMES
    • LA ROSE DE ROSINE LES PARFUMS DE ROSINE
    • DELIZIA OSCURA CALAJ
    • GEURENDE SCULPTUREN
    • MY BEST FRIENDS FRAGRANCE
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 126 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen
 

Reacties laden....