EEN ‘ONBEGRIJPELIJKE’ GEUR, ECHT WAAR
Laatst aangepast: 24/04/19
Neus: Silvana Casoli
Tja, jaren, maar dan ook jaren geleden vond ik het leuk om een merk erop te ‘betrappen’ dat de naam van hun nieuwste geur al eerder was gebruikt. Nu denk ik: ‘Laat maar’, en ben ik in een iets mildere bui, dan: ‘De nieuwe geurmarketeers ontbreekt het aan historisch besef’. Maar dat neemt niet weg dat ik nog steeds spontaan begin te briesen bij het horen van Joy (2018) van Dior – hup de gevangenis is, stelletje no-knowers, stelletje chique marketing parfumpooiers met als extra taakstraf: de benodigde jasmijn- en rozenblaadjes voor het recept van de echte Joy (van Patou) met de hand plukken. Stuk voor stuk. Zal ze leren…
Anyway, over reeds eerder gebruikte namen gesproken, bij deze Nuda (die als cadeautje tussen mijn bestelling bij www.parfumaria.com zat, waarvoor mijn dank, mijn grote dank, ik ben niet waardig enzovoort, enzovoort) verscheen voor mijn ogen die van Emanuel Ungaro. Effe checke: nee, dus. De geur heette Desnuda (uit 2001). Ik kan me daarvan herinneren dat deze geur een soort van niche-toets had door het feit dat bij de edp-versie een kwastje aan de flacon bevestigd zat waarmee je de jus over de ontklede huid kon strijken. Was een enorme flopperdeflop.
Anyway, Nuda als geur heb ik al eerder besproken, en wel die van Nassamoto uit 2010. Toeval of niet, uit hetzelfde jaar stamt ook die van Il Profvmo. Als je weet welke neus achter dit label schuilgaat dan weet je zeker dat Nuda zeer vrouwelijk wordt geïnterpreteerd. Ga maar na, een: ‘Afrodisiacum die stimuleert om van intimiteit te genieten die leidt tot extase en passie’. Tuurlijk. Iets dieper snuffelend op www voor deze geur, kom ik bij Olfactoria’s Travels (die ik een tijdje heb gevolgd) terecht. Wat blijkt? De vrouw achter deze site, heeft de stekker eruit getrokken – al sinds 29 oktober 2015. Vanwege a: een internettrol die haar stalkte, b: een ziekte en c: gewoon geen inspiratie meer, time to move on. Who’s next? Me? Katie Puckrick heeft haar neus ook al aan de wilgen gehangen.
Silvana Casoli vermeldt ook nog dat ‘de inspiratie komt van de geur die alleen de huid van de vrouw kan uitademen in zijn staat van extase. Nuda wordt gedragen als een tweede huid (op de foto door Jennifer Lopez en dat op 49jarige leeftijd, tjonge, tjonge, hoe doet ze het toch)… Nuda werkt als de sleutel tot verleiding en persoonlijkheid. Zijn afrodiserende kracht komt van kruidenferomonen met een vluchtige structuur’.
WAT NUDA IK EIGENLIJK?
Lang geleden dat ik een geur heb geroken die zo vreemd en ‘onverklaarbaar’ op gang komt. Kan natuurlijk aan moi-même liggen, maar toch. Eerste indruk: deze geur heeft zijn uiterlijke verkoopdatum overschreden – niet meer goed. Tweede ‘gevoelsgolf’: haarlak van moeder – minispritsjes van aldehyden. En dan: iets met bloemen, iets met kruiden gelardeerd met veel zoetigheden, iets hout-poederachtig. En dan uiteindelijk: ‘Koffie, koffie, lekker bakkie koffie, jongens wie wil er een kop?’ Ik had er niet meer naast kunnen zitten. En dan moet je weten dat ik Nuda al twee weken lang achterelkaar op mijn rechterpols spray…
Dit zit er allemaal in: rode bes, braam, druif, gember, honing, iris, wijngaardperzik, opium, musk, eikenmos en pistache. Met deze wetenschap nog een keer opgespoten. Het rode fruit haal ik er echt niet echt uit. Ik bedoel: dat moet je direct in de opening ruiken. Ik herken rode bes in combinatie braam direct – wie niet inmiddels? Wel vanaf het begin de gember die met een beetje fantasie ondergedompeld is honing. Dat poederige? Is dat iris?
En dan, en dan? Heel veel musk die zich alleen heel horizontaal, heel plat manifesteert. En die wordt voor mij niet echt bosachtig (eikenmos). De druif (die in het echt niet echt ruikt) en zijn buur wijngaardperzik – die zouden toch voor een zoetige transparantie moeten zorgen. Niet op mijn huid. Om maar te zwijgen van de pistache. Ik bedoel, dit ‘nouvel gourmand’-ingrediënt moet je toch ruiken, is toch een echte aandachtstrekker. Die werd opgevoerd in Guerlains La Petite Robe Noire Eau Fraîche (2015) en die rook je dus ook.
Nuda is voor mij onbestemd, onduidelijk, in ieder geval geen second skin-ervaring, en zeker geen erotische erupties veroorzakend elixer (om in lijn met Silvana Casoli te blijven). Tenslotte, ik zie op de homesite van Il Profvmo dat Nuda niet meer wordt aangeboden. Ben ik niet de enige die het niet begrepen heeft? En nu heb ik net Blanche Jacinthe van haar besteld omdat ik weer eens zin heb om van een pure hyacintgeur te genieten. Afwachten.


Moet je maar net weten, want in de reguliere parfumerie vind je ze niet echt – ook niet bij
Het idee achter deze twee zomerse interpretaties: ‘In de Alien-woestijn vullen duinen zich met een glanzende, okerkleurige gloed – een haast oneindige horizon. In deze zee van zand wordt een bovennatuurlijke lichtstraal weerkaatst: het punt waar de zon en de maan samenkomen – dag en nacht versmelten met elkaar, er verschijnt een adembenemende eclips. Alien, parfum van het licht, laaft zich aan de eenwording van deze tegenpolen en onthult twee heerlijke geuren die, samen en ‘solo’, het spel van een betoverend contrast van warm en koud belichamen’.
Dan het verschil: Alien Fusion (gemaakt door Fanny Bal en Dominique Ropion) voor de vrouw is niet te vergelijken met de originele partituur gezien de jasmijn heeft plaatsgemaakt voor oranjebloesem en tuberoos. Je ruikt vooral de eerste heel goed, waarvan de bloemigheid wordt benadrukt zonder echt sensueel te worden, geldt ook voor de tuberoos. Het is allemaal erg gedoseerd, transparant en clean.
Het is een geliefd thema in de parfumerie, en daardoor bijna cliché. En inmiddels in het licht van @metoo ook rolbevestigend als je er dieper over nadenkt – kristallen plafond en dergelijke: de veronderstelde verkennings- en ontdekkingsdrift van de man.
Mooi is het feit dat Montblanc nadrukkelijk de herkomst van de hoofdingrediënten vermeld. De parfumindustrie was volgens mij een van de eerste industrieën die zich drukt maakte om zo weinig mogelijk footprints achter te laten tijdens de ontwikkeling van geuren – waarvan de synthetische ingrediënten getuigen. Daarnaast is het ze er alles aan gelegen om de verbouw van natuurlijke grondstoffen te waarborgen gezien het oprukkende urbanisme in ‘exotische oorden’.

Je moet een kluizenaar wezen, wil het je zijn ontgaan: Karl is niet meer. Achternaam: Lagerfeld. En die deed er eigenlijk ook niet meer toe. Want hij was onderdeel van het selecte gezelschap mensen waarvan de voornaam voldoet om te zeggen wie je bedoelt. Je hebt natuurlijk meerdere Karls, maar is er maar slechts één… bladibla, bladibla en ga zo maar door. En vond de pers dat Karl toch nog wat lauwerkranstoevoegingen toekwamen, dan kon die nog altijd voor koning, kaiser of Karl Chanel opteren. Terecht bewierookt, alleen op sommige punten kon je toch vragen stellen bij deze voor een groot gedeelte toch zelfbenoemd multi-talent-tasker.
Ik las over 1957 heen, want ik dacht dat ik 1954 zag, het jaar waarin Coco Chanel de schaar na 15 jaar weer oppakte. Als dank daarvoor werd haar comebackdefilé neergesabeld in Frankrijk vanwege haar, to put it mildly, niet zo vaderlandslievende stellingname tijdens de oorlog. Laatste word in een nieuwe documentaire van Jean Lauritano – Les guerres de Coco Chanel – pijnlijker dan voorheen duidelijk gemaakt. Met prachtige, voor mij voorheen onbekende beelden en ontluisterende en grappige feiten.
Hier valt dus 1957 op zijn plaats. In dat jaar neemt Chanel in Dallas de Neiman Marcus Fashion Award in ontvangst (hij begroet Chanel op bovenstaande foto). Ander grappig detail: tijdens een barbecue waarvoor ze was uitgenodigd als onderdeel van deze feestelijkheden liet ze de haar enorme opgediende steak stiekem onder de tafel verdwijnen – vreselijk zo’n lap volgens haar.
Ik geloof dat in dit geval toen (in de jaren vijftig) nog niet werd gesproken van texturen in relatie tot mode, maar het is een handig ‘geitenpaadje’ naar de compositie van 1957. Want dat geeft aldus hetzelfde persbericht ‘dit beeld perfect weer; een sensueel en subtiel bewerkt met een akkoord van witte musk’.



Hoelang is het geleden dat ik in Keulen aan de Glockengasse was voor een bezoek aan 4711? Tien, vijftien jaar geleden? Wat me altijd is bij gebleven: wat ik al wist van het merk werd toen me ter plekke nog eens bevestigd. Wat een rijke geschiedenis en wat een potentie die niet voldoende werd gebruikt! Next thing you know (weliswaar een paar jaar later) zette de toenmalige eigenaar Proctor & Gamble in de etalage.
Helemaal leuk: een parfumfontein waar constant ’s werelds beroemdste eau de cologne zijn boeket verspreidt. Pas als je je handen ‘wast’ met 4711, dan begrijp je direct de essentie van de eau de cologne weer: klaterend ‘parfumplezier’ – opwekkend, verkwikkend en verfrissend.
Een ander aspect: door deze nieuwe versies komt 4711 als merk in de buurt van het merk dat – als je het goed bekijkt – aan de haal is gegaan met de erfenis van kölnisches Wasser: Atelier Cologne (anno 2010). Maar moet gezegd: de bedenkers van deze formule (inmiddels gekocht door L’Oréal) deden wat 4711 als huis naliet: eau de cologne, water uit Keulen, vanzelfsprekend 2.0 te maken. Het echte verschil natuurlijk: Atelier Cologne levert eau de cologne in eau de parfum-sterkte. Dus niet echt een eau de cologne.
Myrrh & Kumquat doet ook iets vreemds. Talloos zijn de geuren in het nichecircuit waarin van mirre de millenniumoude kwaliteiten – warm, kruidig, zoetig, rokerig met lactone-achtige nuances – van deze hars worden benadrukt. Denk: richting oriënt en vol.
U vraagt (marketing), wij (Thierry Wasser) draaien. Deze gedachte bekruipt me de laatste tijd wel vaker bij Guerlain. Zou Wasser zich hebben gerealiseerd, toen hij contract tekende dat hem tot hoofdparfumeur van Guerlain maakte, dat hij ook werd geacht om aan de lopende band variaties op oude en nieuwe klassiekers te leveren van het huis dat dit jaar zijn 190-jarig bestaan viert? Ik weet, je moet meedoen met de ratrace – na een lancering van een edp ‘verplicht’ volgen met een edt, eau florale, eau verte, eau rosée en dan – de uitdaging – het extract.
