Geschreven door: Maria van Geuren en Pope of Perfumes
Noa zag in 1998 het licht en werd alom geprezen vanwege de geslaagde interpretatie van new age en Zen in de ketenparfumerie. Om te garanderen dat de trouwe gebruiksters niet na een of twee gekochte flacons afhaken, werd de wereld van Noa uitgebreid. Noa is als het ware ‘binnen Cacharel’ een merk op zichzelf geworden.
Dit jaar is Noa voor het eerst in een echte zomerse stemming. De verandering is subtiel, maar duidelijk. Door deze ‘aquarel’-geur, ruik je de basis van Noa. Poëtischer gezegd: Noa Summer Edition 2011 is een weldadige, waterige ‘geurdeken’ die je laat dromen van de zee en azuurblauwe parelkettingen om je nek.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Dit keer is de parel in de flacon een echte zeeparel die een frisse, waterige (mogelijk gemaakt door aldehyden) en tegelijkertijd zonnige golf verspreidt waarop mandarijn, appel en citroen dartel rondspringen. Die worden gekoppeld aan de openingsnoten van Noa: koriander en een ‘groen plantenakkoord’.
In het hart wordt van Noa Summer Edition 2011 wordt de pioenroos uit Noa gekoppeld aan de zonnebloem. Het effect: de geur wordt iets zonniger, warmer. In de basis, herken je ook weer de basis van Noa: benzoïne, koffie en witte musk. Dit keer zonder wierook. Maar het zijn de aldehyden die voor de zomerse impressie zorgen.
En toch, ondanks de ‘zeesensatie’, blijft het toch een echte Zen-geur. Mooi om te ervaren dat frisheid gracieus overloopt in de zepige en romige musk- en houtnoten van de basis.
Elk jaar weer een verrassing welke verfrissende tuin Guerlain voor ons ontdekt heeft. Wat dat is het idee achter de Aqua Allegoria-reeks: authentieke eenvoud zonder clichés; moderne frisheid gebottled waardoor tuinen beginnen te leven. Sommige tuinen sluiten na een seizoen hun poorten, sommige blijven toegankelijk. Sterker ze zijn opnieuw aangelegd.
Zo vertelde ‘Guerlain’ me onlangs tijdens de presentatie van de La Petite Robe Noire 2 in Brussel dat Thierry Wasser deze ‘blijvers’ heeft gesublimeerd: Herba Fresca en Pamplelune (beide uit 1999) en Mandarine Basilic (2007). Gaan we binnenkort even ervaren. En van mij mogen Pivoine Magnifica en Orange Magnifica (beide 2005) door Thierry Wasser ook opnieuw geopend worden.
Jasminora is het nieuwe olfactorische hoofdstuk in de Aqua Allegoria-reeks. Dit zegt Guerlain: ‘In deze frisgroene, bloemige geur zet jasmijn van begin tot eind de toon. Fluweelzacht deze als het ware gemetamorfoseerde jasmijn – lichter en luchtiger. Minder honingachtig, minder onstuimig. Een getemde jasmijn zonder zijn mooie ziel te verliezen: een jasmijn met het hoofd in de wolken’. Guerlain vergezelt Jasminora met een kleine ‘oosterse’ geschiedenis van de jasmijn: ‘Van oudsher worden de bloemen geassocieerd met liefde, hoffelijkheid, verleiding, aantrekkingskracht en ultieme vrouwelijkheid. Volgens sommige legenden parfumeerden koninginnen en godinnen zich met de geur van jasmijn om hun minnaars of tegenstanders aan zich te onderwerpen. De verhalen laten zich heerlijk met plezier en verbeeldingskracht vertellen, onophoudelijk schommelend tussen droom en werkelijkheid’. Wow!
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Over de compositie zelf: ‘Op de warme gronden van Calabrië heeft Wasser met lokale producenten de sinds enkele jaren gestaakte teelt van de jasminum grandiflora hervat’. Wat is er zo bijzonder aan deze jasmijn? Wasser: ‘Hij bezit sensualiteit en onschuld, is minder fruitig dan jasmijn uit Grasse en lichter dan de Indische of Egyptische variëteiten; eerder plantaardig dan dierlijk’. Wanneer ik weet dat galbanum (tekening) in een geur wordt gebruikt, dan raken mijn neusvleugels geprikkeld.
En het is voor het eerst dat ik deze frisgroen-sensuele hars zo duidelijk gekoppeld zie aan jasmijn. En dat ruik je. Galbanum versterkt de frisse noten van de Calabrische jasmijn. Alsof er een groene schaduw over de tere bloemetjes valt. De frisheid van jasmijn wordt extra geaccentueerd door ‘een vleugje bergamot’ en witte bloemen die ‘van zichzelf’ ook fris en groen zijn: fresia (ruik je goed), cyclaam en lelietje-van-dalen.
Het effect: de eenvoud zelve. Puur natuur. Luchtig. Een hemelse jasmijn die reikt naar de wolken. En om te garanderen dat dit onschuldige geurgenot niet te snel vervliegt, wordt Jasminora verankerd door amber- en muskachtige noten.
RUIK & VERGELIJK
Leuk, de Aqua Allegorie stond ook vorig jaar in het teken van jasmijn. Het betrof zijn ‘boerse’ familielid:
Ik had er nog nooit van gehoord: sampaguita. Spaans voor een sambacjasmijnvariëteit. De naam is gebaseerd op de Philipijnse woorden ‘sumpa kita’. Betekent: ‘Ik beloof je’. De sampaguita is de nationale bloem van de Philipijnen waar die lokaal ook bekend is onder: sambac, sampagung, campopot, lumabi, kulatai, pongso, malur en manul. Hoe Linda Pilkington deze fijnzinnige bloem heeft ontdekt, is me onduidelijk. Maar de sampaguita lijkt voor haar gemaakt. Fijnzinnig, licht, zoet en vrolijk waarover heen de tropische zon straalt. De naar deze bloem genoemde geur van Pilkington, bevestigt weer eens haar onvoorwaardelijk liefde voor exotische bloemen. En het mooie: Pilkington laat ze in hun waarde, versiert ze niet teveel met verhullende ingrediënten, weet elke keer geurnuances te vinden waardoor haar Osmanthus, Frangipani, Champaca en Tiare (verschijningsdata onduidelijk) meer dan solifleurs zijn.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
De eerste indruk: een zoetzachte, koude rilling van perzik, citroen en lychee, alsof je van een sorbet geniet. Wordt opgeroepen met inderdaad dit fruit, maar heel subtiel. Vooral teveel lychee in de opening kan een geur te zoet en daardoor te plat maken. Niet bij Sampaguita. En uit deze waterachtige fruitsfeer bloeit de Philipijnse jasmijn omhoog, begeleid door fresia, lelietje-van-dalen en waterlelie. En weer heel subtiel: zacht en toch de groene noten van deze drie bloemen benadrukkend.
De roos neem ik niet echt waar, daarvoor wiegen de jasmijn, fresia, lelietje-van-dalen en waterlelie te mooi door elkaar. Even mooi in Sampaguita: de basis. Die ondersteunt het hart, maar overheerst niet. Daarvoor zijn de sensuele noten van musk en ambrette, en de aardsheid van vetiver (foto) en mos te evenwichtig gedoseerd. Het is een groen-sensuele voedingsbodem waarop haar Sampaguita bloeit.
RUIK & VERGELIJK
Terwijl ik deze review schrijf, kijk ik de hele tijd op mijn bureau naar:
Geschreven door: Maria van Geuren en Pope of Perfumes
Altijd weer leuk om een nieuwe geur van Moschino te ontvangen. De reden: de opvolgers van de ontwerper (1950-1994) die het huis in 1983 oprichtte, zijn even gek als Franco op drama, spanning, humor, vette knipogen en dat alles gepresenteerd in een ‘vaderlandslievende’ setting. Ook dit keer stelt Moschino niet teleur: de stoere machofles van Forever laat je gewoon lachen. Over the top. Dan de naam. Forever. Forever wat? Forever wie? Wordt in het persbericht geen woord over gerept. Maar het heeft iets theatraals. Alsof je de naam van de persoon aan wie je deze geur schenkt van de daken zou willen schreeuwen: ‘Forever…’ Net zoals de megadop: net een billboard van een film of het bord Hollywood in de bergen bij Los Angeles. Gewoon een ‘lekkere’ aandachtstrekker.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Geldt dat ook voor de inhoud? Yep, alleen is in feite daar niets theatraals aan. Forever is een klassieke geur met kracht. Parfumfamilie: neo-fougère. Ofwel een fantasie, een idee gebaseerd op de geuren die je opsnuift in een vochtig bos. Fris, vocht, mos, hout, groen gebladerte. Forever opent met bergamot en kumquat (doet je watertanden) dat zorgt voor een beetje zoetige frisheid, zoet steranijs zorgt voor een tintelend effect.
Het hart is donker door bittergroen salie, prikkelend door zwarte peper en zalvend door tonkaboon. Het effect van dit trio: warm en pittig-intens. De dry down is houtig en romig door sandelhout en musk. Kortom, voor de ketenparfumerie een aanwinst. Forever heeft klasse en power. Niet echt geschikt voor de ideale schoonzoon, wel voor zo’n type die met humor kwajongensstreken uithaalt, maar vrouwen ook de adem beneemt – leve het cliché – strak in het pak. Klassieke macho dus. En: hoe zouden vrouwen ruiken als ze Forever dragen. We denken: stoer én sexy!
RUIK & VERGELIJK
De klassieke (aromatische) varengeur is bezig met een voorzichtige comeback. Zijn nieuwe familielid ook: de neo-fougère. De oude benadrukt de coumarine-lavendel-combi, de tweede zoekt voor dit duo alternatieven.
De ene fleur d’oranger-geur is de andere niet. Dat blijkt wel uit Fleur Chérie van L’Occitane. Voor mij is het nieuwe info, maar volgens L’Occitane droegen tijdens de middeleeuwen bruiden op weg naar het altaar guirlandes van oranjebloesem in hun kapsel. Dat moet aangenaam geroken hebben, wetende dat tijdens deze ‘donkere’ periode in kerken de lucht vaak was bezwangerd met de geur van wierook om de stank van gelovigen en bedevaartgangers te maskeren. Wierook en oranjebloesem… een verrassende geurervaring.
Zo ver gaat L’Occitane niet. In Fleur Chérie verspreidt oranjebloesem zijn zoete, frisse en bloemige nuances begeleid door een sterke houtachtige basis besprenkeld met ‘katoenzachte’ musk. Aan deze geur is trouwens een uitgebreide verzorging- en make-uplijn toegevoegd, zodat je op multi-zintuiglijke wijze oranjebloesem kunt ondergaan.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Heel eerlijk zeggen: de pure zonnige geursensatie eigen aan oranjebloesem is minder spectaculair present dan gehoopt of verwacht. De reden: de oranjebloesem wordt hiervoor te veel omringd met andere ingrediënten waardoor je eerder het idee hebt van een bloemig-houtig parfum.
Merk je direct in de opening: een zoet-groene golf van neroli en zwarte bes waarover een milde citruswind waait. In het hart van Fleur Chérie ruik je vervolgens inderdaad de oranjebloesem vermengd met zonnig jasmijn. Maar het is vooral de basis waardoor de oranjebloesem ‘anders’ gaat ruiken: veel cederhout, veel musk en iets minder patchoeli.
RUIK & VERGELIJK
Oranjebloesem blijft verdomde populair. Meer weten over de moderne geschiedenis van de bittere sinaasappelboom, lees:
Geschreven door: Maria van Geuren en Pope of Perfumes
We hebben het al eerder geschreven: we vinden DKNY Woman (en de variaties die erop volgden) zo vreemd en weirdo. Ze verkennen de grenzen van geuren, neigen naar gourmand, maar dan anders. Zeg maar sterke drank; wij zijn geneigd ons gehemelte met DKNY Woman Energizing te besprayen. Het knappe: veel van de ingrediënten die worden gebruikt, kun je niet een, twee, drie, hupsakee in een parfumblender kieperen en shaken maar… Neem vodka, bestaat niet als geur. Daar moet je als neus diverse geurmoleculen voor blenden om deze, beetje vette, fluwelige watersmaak ‘te pakken’ te krijgen. Prachtig deze mix van bloemen en ‘alcoholica’.
DKNY Woman Energizing is zoals New York moet aanvoelen op een zomerse dag. In real life, niet echt verleidelijk: druk, smog en ‘stadsgeuren’. Maar als fantasie zie je jezelf ‘lazy on a sunday afternoon’ lanterfanten en genieten in Central Park. Voor de echte fans: de modellen van DKNY Woman en DKNY Men zijn ververst in 2009. Esther Canadas en Mark Vanderloo maken pas op de plaats voor Anja Rubik en Sasha Knezevic – zie foto onderaan.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
DKNY Women Energizing: een uitbarsting van fris geweld in zeer positieve zin. New York viert zomerfeest en iedereen mag komen. Wat voor verrassingen heeft het geurenbuffet in petto?
De amuse gueule: knisperend, bittergroen tomatenblad om van te smullen. Zo fijn ‘gesneden’ én dat ruik je! ‘Weggespoeld’ met bloedsinaasappel en koude vodka. Drink ik nou een bloody mary, of heb ik mezelf ermee besprayed? Bij de volgende gang arriveren waterlelie, orchidee en narcis. Zacht, lief en ‘waterig’. Ze garanderen dat de vodkacocktail je niet te veel beneveld. Tulpenboom- en berkenschors zorgen voor de rust, dat je met beide benen op de grond blijft. Lang blijft dit alles hangen. Zeer lang zelfs.
RUIK & VERGELIJK
Donna Karans DKNY Women Energizing is de calorievrije versie van:
Geschreven door: Maria van Geuren en Pope of Perfumes
We dachten dat de jeansgolf in de parfumerie – ooit in gang gezet door Gianni Versace in 1994 – nu echt voorbij was. Not dus. Esprit lanceert er dit jaar twee en zelfs Diesel, de uitvinder van denim als chic-alternatieve lifestyle, gelooft er (nu pas) in. Volgens Diesel is denim zo vanzelfsprekend, dat we bijna de geschiedenis en de symbolische waarde ervan in de westerse cultuur zijn vergeten. Even zigzaggen: ooit werd deze werkmanskleding gedragen door Amerikaanse pioniers die ‘go west’ gingen. Effecten als ‘stonewashed’ en ‘used’ bestonden toen nog niet. Jeans kregen dit nu zo gewilde effect door ze gewoon te dragen tijdens het robuuste werk.
Na de Tweede Oorlog ontwikkelt zich denim tot hét ‘showmodel’ voor de ‘rebels without a cause’ die eigenlijk tegen iedere vorm van autoriteit waren. De bekendste inspiratiebron: James Dean. Moving on swiftly… in jaren tachtig verschijnt jeans op de Parijse catwalk, wordt dus chic. Versace lanceert zelfs couturejeans – ook in geuren in 2002. Diesel gaf begin jaren negentig – onder invloed van grunge – denim zijn subversieve uitstraling terug door het te bewerken met nieuwe was- en coupetechnieken. Dit alles, gecombineerd met provocerende en dus spraakmakende sex sells-reclamecampagnes, heeft van Diesel een van de belangrijkste ‘easy luxe’-merken van nu gemaakt.
De Diesel ‘denim-saga’ wordt nu gecontinueerd met twee geuren: Fuel for Life Denim She, Fuel for Life Denim He. Inderdaad twee geuren omdat, na de periode van androgynie in de mode, volgens Diesel vrouwen weer vrouwen willen zijn, mannen weer mannen: ‘Do you wear denim? I smell denim!’
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Altijd boeiend om te zien (en te ruiken) hoe stof wordt vertaald in geur. Opvallend aan beide geuren: hoewel duidelijk gelabeld met She en He, kunnen beide door beide seksen geconsumeerd worden. Misschien opvallender: het zijn meer warme wintergeuren dan zomers geurgenot.
Fuel for Life Denim She combineert framboos, jasmijn, gember en houtachtige noten en dit samen transformeert tot een zoete bloemenweelde waarin de framboos het voortouw neemt. Spannend als in een strakke jeans ontwikkeld de geur zich met lekker wat pit – we denken door gember en jasmijn. Mooi is dat de houttonen als een rode draad door Fuel for Life Denim She loopt.
En als je heel diep snuift, zoals in een bos, dan ruik je iets muntachtigs. Ambergris tenslotte zorgt voor de fluwelen musky touch. Eigenzinnige geur voor haar, nog eigenzinniger als He het gaat dragen.
De herendenim opent met citrus en al snel komt de lavendel erin met een lichte framboosnuance. Een ‘kruiderij-buidel’ geeft ook Fuel for Life Denim He pit, maar ook ‘ietwat klassiekigs’. Niet chic, niet casual, maar casual chic. Vervolgens raakt de geur dooraderd met houttonen, krijgt Fuel for Life Denim He iets wierokerigs. En als je denkt, wat komen deze geuren me bekend voor. Klopt! De basis van Fuel for Life for Him en Fuel for Life for Her uit 2007 werden in deze ‘denims’ verwerkt. Niet verder vertellen: dit denim-duo is eigenlijk meer Gucci dan Diesel, dit denim-duo is eigenlijk meer luxe denim dan casual denim.
WAT RUIK IK EIGENIJK?
‘Kweenie wak aan moet trekken?’ ‘Niet zeure!’ Diesel of…
Krijg de laatste tijd verzoeken of ik de geuren van L’Occitane wil bespreken. Doen we. Het is opvallend hoe slim en snel L’Occitane altijd geurtrends in de parfumerie oppikt. En het merk weet ze zo ‘authentiek’ te presenteren, dat je bijna zou denken dat het de eerste was. Neem de serie Voyage en Méditerranée, je kan het de neo niche-tak van dit puur natuur-merk noemen die in feite een fusie is van Secrets d’Essences van Yves Rocher, L’Art et La Matière van Guerlain en Hermès’ Hermessence. Ziet er goed uit, en de inhoud is ‘pas mal’. In 2009 werd dit concept gepresenteerd met Labdanum de Seville en Mimosa de L’ Esterel. Vervolgens werden hier reeds bestaande geuren – Cèdre, Iris, Jasmin, Myrtle, Néroli – uit de Notre Flore-collectie (2007) aan toegevoegd.
De geuren zitten in lekkere zwaar-kloeke flacons. De verpakking is gesierd met een ‘windrozenkompas’: hieraan werden ‘vroeger’ magische krachten toebedacht en zeemannen beschermden tijdens hun gevaarlijke reizen naar de… Middellandse Zee bijvoorbeeld. Labdanum de Seville moet de warmte en magie van Andalusië tot leven brengen. Daarin is de – helaas – onbekende neus goed geslaagd. Maar anders dan verwacht. Want gewoonlijk staat in de parfumerie Andalusië symbool voor zonnige frisheid en licht-bloemige sensualiteit opgeroepen met met name oranjebloesem – zoals Oranger Alhambra uit de Armani Privé-reeks.
De neus koos daarentegen voor een diepe, zwoele en aardse sensualiteit die letterlijk en figuurlijk kleeft aan cistus labdanum, ook wel bekend als zonneroosje. Moet je weten dat Spanje een van de belangrijkste commerciële verbouwers is van de hars die het zonneroosje ‘produceert’ met zijn karakteristiek parfum dat eigenlijk een optelsom is van intense geurervaringen. Want de hars van de struik Cistus ladanifer is zowel animaal, houtig, zoet, musk- en leerachtig, en komt volgens velen in de buurt van natuurlijk ambergris.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Gebeurt niet vaak dat het zonneroosje (foto) tot hoofdsmaakmaker wordt gepromoot. Sterker, ik ken ze niet. Het is een warme en pure geur die direct zijn intenties blootgeeft. Heel even een lichte huivering van citroen beplakt met peperkorrels. Daarna ruik je cistus labdanum in al zijn rijkheid en geschakeerdheid. Vol, warm, oosters en ‘droog-sensueel’. En daaraan verandert de basis van benzoïne en vanille weinig. Die maakt de geur zachter, niet zwoeler. Want wat ik mooi aan Labdanum de Seville vindt, is de droge kamferachtige uitstraling.
Een geur die je ook kunt opsnuiven in een oude leren hutkoffer, of op een zolder die al jaren niet gelucht is. Ik hou ervan. Ken alleen weinig medestanders.
RUIK & VERGELIJK
Geuren waarin de basis is voorzien van de zwoele toets het zonneroosje zijn bijna oneindig. Geen beginnen aan. Daarom ‘dan maar’ geuren die ik al van L’Occitane heb besproken. Ik weet, niet veel. Ga ik goed maken.
Jarenlang, zo niet eeuwenlang voornamelijk gebruikt als fris-bloemige ondersteuning van de eenvoudige eau de cologne: oranjebloesem. Werd nogal door neuzen op neergekeken. Maar vanaf het nieuwe millennium wordt de citrus aurantium (spp. amara) serieus genomen. Met dank aan de niche-neuzen. Nu geldt: every perfumehouse should have one: een ‘pure’ oranjebloesemgeur. Lancôme had er nog geen gebaseerd op de bittere sinaasappel. Nu wel.
Dit zegt het cosmeticahuis: ‘Iedereen heeft wel eens de behoefte te ontsnappen naar een tijdloze plek, een moment terug in de tijd, een droom. Ô de l’Orangerie is als een wandeling op een prachtige zomerse dag terwijl de lucht bezwangerd is met oranjebloesem. Ô de l’Orangerie: een lichte bries door de bomen. Hoe verbeeld je dit? Door Lancôme’s belangrijkste ambassadrice, Daria Werbowy, te laten schieten door sterfotograaf Mario Testino in een mediterrane tuin terwijl de opkomende zon begint te stralen.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Anne Flipo en Dominique Ropion laten elke nuance van oranjebloesem – fris, rijk intens, delicaat – optimaal tot leven komen in Ô de l’Orangerie. Zij zegt: ‘We wilden oranjebloesem met prachtige facetten gecombineerd met de mooiste sinaasappelschillen, watertonen en levendige houtaccenten. Hierdoor wordt oranjebloesem naar een geheel nieuwe dimensie gebracht’. Dominique Ropion: ‘We hadden het idee van een frisse en duizelingwekkende vrouwelijkheid. We droomden van een verfijnd parfum, waarin deze mythische bloem subtiel én majestueus tot bloei komt’.
Ze roepen het op eerst ‘met een extract van frisse en knisperende sinaasappelbloesem’ plus pure oranjebloesem-essence met honingaccenten. Hieromheen cirkelen twee akkoorden: bergamot en sinaasappelschil. Ze geven ruimte voor een kristalachtig water-akkoord afgerond met de zachtheid van jasmijn. Ô de l’Orangerie eindigt op een houtbasis waaraan de zwoele muskachtige noten van benzoïnehars kleven. Alleen: ik ruik oranjebloesem niet in al zijn facetten. De frisse sprankeling die overloopt in een licht-sensuele bloemigheid ontbreekt, gaat een beetje verloren in de ‘waterjasmijn’. De oplossing volgens mij: een eau de parfumversie.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Om je geheugen op te frissen: in 1955 werd door vorst alle oranjebloesemboomgaarden aan de Côte d’Azur vernietigd. Aangezien deze boompjes pas vijf jaar na eerste aanplant geoogst kunnen worden, besloten de meeste kwekers, tot teleurstelling van de parfumindustrie, hun grond aan projectontwikkelaars te verkopen. Hierop toog Jean-Paul Guerlain naar Cap Bon bij Nabeul (Tunesië) om daar een plantage op te zetten. Tot de dag van vandaag hét oranjebloemadres voor parfumhuizen die met natuurlijke ingrediënten werken.
De uit China stammende bittere sinaasappelboom werd in de achtste eeuw door de allereerste naar Europa emigrerende generatie moslims naar het Iberisch schiereiland meegenomen en verspreidde zich vervolgens langs de Middellandse Zeekusten. De hernieuwde interesse voor oranjebloesem valt binnen de ‘terug naar de natuur’ en ‘minder is méér’-trend. Reden voor niche-parfumeurs een eigen solifleurvariatie te produceren – zie de eerste drie hieronder.
Oranjebloesem is verkrijgbaar in vier essences: absoluut, eau orange, petitgrain (olie geperst uit bladeren en takken van de boom) en neroli, gemaakt van de bloesems en genoemd naar de hertogin van Orsini van Néroli die deze geur in de zeventiende eeuw populair maakte door neroli-olie als geurstof voor haar leren handschoenen te gebruiken om de looigeur ervan te maskeren.
Wil je dit wel: ‘De geur die jezelf, je verhaal en je ziel blootlegt’ – de slogan van Reveal. Vind het persoonlijk nogal veel. En: vormen deze drie ‘dingen’ eigenlijk niet één geheel? Anyway, dit zegt ‘een van de grootste aanwinsten van Hollywood die ondanks haar publieke persoonlijkheid toch een mysterie blijft’: Reveal nodigt vrouwen uit hun verhaal te vertellen, om delen van zichzelf bloot te geven die ze niet eerder hebben getoond.
Maar hoe doe je dat als vrouw, als je de drang voelt te onthullen? Halle Berry heeft niet zoals Thierry Mugler met zijn Womanity (2010) een internetplatvorm geopend waarop je al je ervaringen kunt delen met alle vrouwen. Twitteren dan maar? Of aansluiting zoeken bij een ‘deel je ervaring en emotie’-site? Anyway. Reveal heeft een aangenaam vintage-gehalte door de flacon. Op de foto indrukwekkender dan ‘in het echt’ is en – let op – ‘geïnspireerd op Halle’s herinneringen aan een favoriet kunstobject’. Het heeft volgens de actrice ‘klassieke glamour met een modern en sexy tintje’. Plus: ‘Een perfecte balans tussen tijdloze verfijning en comfortabele elegantie’. Nu ze toch aan het cliché’s strooien is: ‘Met Reveal weet je weer wat het is om natuurlijke glamour te bezitten, deze intrigerende combinatie van zelfvertrouwen, charisma, echtheid en een vleugje mystiek’. Leuk dat weer in de zin.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Reveal is een typische midprice celeb-geur: heel toegankelijk en een verpozen in vage bloemachtige nuances ‘opgevrolijkt’ met zomers fruit en afgerond met een licht-sensuele toets. De afronding van is ‘houtiger’ dan gemiddeld door de sterke nadruk op kasjmierhout ondersteund door vetiver (detecteer ik niet) en zacht gemaakt door ‘huidmusk’. Maar voor je hiervan kunt genieten, ruik je als het goed is, in het hart een zacht-zwoel boeket van frangipani (foto), oranjebloesem en iris. En voor je hiervan kunt genieten, ontwaar je in de opening een fris-fruitige golf van perzik, honingmeloen, rode bes (ruik je goed!) begeleid door mimosa.
Halle Berry: ‘Reveal heeft een perfecte balans. Het is licht, fris en hoe langer je het draagt, hoe sensueler en mysterieuzer de geur wordt. Iris is erg belangrijk in deze samenstelling, die kan soms donker of houtachtig zijn, maar ik heb voor bepaalde facetten gekozen om de geur fluweelzacht en toch fris te maken’. Mijn vraag: welke?
RUIK & VERGELIJK
Halle (2010) de eerste geur van Berry is niet het succes geworden als gehoopt. In ieder geval in Amerika. De ‘gedroomde’ oplossing: een flanker die net iets lichter, net iets gemakkelijker is om direct te begrijpen. En dat alles overgoten met een roze saus – zelfs de campagnefoto’s.