GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

BLACK MUSK MONTALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 7, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET B, NICHE. Een reactie plaatsen

MUSK DIE VIA DE AARDE REIKT NAAR DE LUCHT

Neus: Pierre Montale

Jaar van lancering: 2010

Laatst aangepast: 07/12/11

Wanneer ik aan ouderwetse, animale musk denk in ‘moderne’ vorm, dan denk ik aan Musk van Alyssa Ashley (1969) en Clair de Musc (2003) van Serge Lutens. Deze twee hebben, in tegenstelling tot geuren met een basis vol witte musk – de bekendste: White Musk  uit 1981 van The Bodyshop – niets cleans en schoongewassens. Ze ‘schuren’, hebben een lichte, amoniak- en faecesachtige ondertoon die doet denken aan dierentuin.

Ruig, ongeciviliseerd en dus ‘ongewassen’. En daarvoor is de moderne mens bang. Heel erg bang. Hoe frisser hij ruikt, des te beter hij zich voelt. Hij kan niet vaak genoeg onder de douche, kan zich niet vaak genoeg sprayen met deodorant (die toch heel vaak stinkt – denk Axe – maar vrouwen wildgek maken afgaande op de reclamespotjes). Sterker, hij is inmiddels bang geworden voor zijn eigen geur, zijn eigen zweet – terwijl dat laatste heel veel mensen juist weer opwindt.

De frisgeboende burger zal bij het ruiken van een ‘Montale’ gebaseerd op oud(h) of musk waarschijnlijk flauw vallen en/of vol ergernis uitroepen dat het stinkt. Want dat is vaak de primaire reactie (gebaseerd op onkunde) als een geur meer is dan alleen maar ‘lekker’ en je het ware, ‘diepere’ en zinnelijke effect van parfums laat ondergaan. En dat doen veel Montale-geuren. Logisch, ze zijn gebaseerd op de Arabische kijk op geuren. Dat betekent geurgenieten in overtreffende trap. Voor ‘ons’ vaak te veel van het goede. Voor ‘hun’ gewoon.

Black Musk heeft ook een overtreffende trap-werking en zal ‘parfumdummies’ afschrikken. Alle ingrediënten verspreiden hun aroma’s op hun aller intenst (is dit correct Nederlands?). Alleen moet je Black Musk niet letterlijk opvatten. Bestaat net zoals witte musk niet ‘in het echt’. Gewoon een manier van zeggen dat je musk zo donker mogelijk ervaart en het tegenovergestelde is van witte musk.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Eigenlijk is Black Musk heel plat: het maskeert zijn donkere geheim niet eerst met lichte, aangename openingsnoten. Je krijgt direct in één keer de heel rokerige, kruidige bom over je heen, waaruit even later een vol-sensuele musklaag omhoogstijgt die een dierlijke ondertoon krijgt door ambergris en vervolgens leer.

Echt ‘vies’ wordt de geur nooit door de gulle dosis sandelhout en – eigenzinnig – een pittige injectie van nootmuskaat (foto) en peper die het geheel, geen gekruide maar een etherische nuance geeft en er volgens mij ook voor zorgt dat de musk niet plakt en kleeft.

Het is musk die via de aarde reikt naar de lucht. Moet denken aan een rokerig, een uitgedoofd vuur waarin kruiden en hout in de avondlucht nog nasmeulen. Toch heeft Black Musk ook iets zoets. Geen roos, geen hars, geen vanille, maar wat dan wel… het samenvloeien van alle ingrediënten? Ik ruik ook een zekere oud-dosis. Dat kan ook verbeelding zijn omdat ik Montale associeer met dit adelaarshout. Wat geen verbeelding is: de mannelijke intensiteit van de geur, die vrouwelijke Montale-liefhebbers er niet van zal weerhouden ook lang – na – te genieten van Black Musk.

RUIK & VERGELIJK

Moeilijk Black Musk te vergelijken omdat het zo’n typische Montale is. Daarom de Montale’s die ik tot nu toe heb besproken. Niet veel, ik weet. Gaaat veranderen, weet ik ook. Maar wat mij betreft: Montale maakt teveel geuren, ook binnen één geurfamilie. Waardoor het steeds moeilijker wordt ze blind van elkaar te onderscheiden. Of ben ik nu ook een parfumdummy?

Parfums Montale Boisé Vanille (????)

Parfums Montale Oud Cuir d’Arabie (????)

Parfums Montale Black Oud (2006)

ONE MAN SHOW JACQUES BOGART

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 6, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET O, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

TOEN MANNEN NOG MANNEN WAREN

Jaar van lancering: 1980

Laatst aangepast: 06/12/11

Neus: Roger Pellegrino

Gisteren in gesprek met een zestienjarig nichtje van me. Ze heet Yvette. ‘Ik vind dat Roland – haar veertienjarige broer – 1 Million van Paco Rabanne (2008) moet kopen, dat is zo’n waanzinnig goede geur, echt chill’.

Waarom vroeg ik? ‘Dat is pas echt een mannengeur, bijna iedere jongen bij me in de klas draagt het’. Vind ze haar broer niet iets te jong voor zo’n geur, überhaupt een geur? ‘Nee, ben je gek, geur is heel belangrijk’.

Toen ik haar zei dat 1 Million niet typisch mannelijk maar eerder metro is, begon ze te lachen. En ik dus maar in tgv-vaart uitleggen wat heel lang geleden (voor haar begin jaren tachtig van de vorige eeuw) als mannelijk werd gezien. Een goed voorbeeld: One Man Show van Jacques Bogart.

Hoewel minder krachtig en kruidig-houtig dan de geuren die in dezelfde periode verschenen, is de geur een goed voorbeeld van hoe toen gedacht werd hoe de ‘gemiddelde man’ moest ruiken. Niet te chic (wil zeggen: ondefinieerbaar en te verfijnd), niet te bloemig (wil zeggen: vrouwelijk) en niet te zoet (wil zeggen: niet te veel vanille en harsen in de basis). En dat maakt samen een stoer geur.

Trouwens, voor de oprichter van Jacques Bogart anno 1975 (Jacques Konckier) moet het sowieso niet al te dol worden wat mannen en geuren betreft. Zijn parfummotto: ‘Ik creëer slechts voor de man’. Ik vind de naam nog steeds leuk en origineel die in het jaar van lancering door Konckier werd geïntroduceerd met: ‘Every man’s life is a one-man show’ en snel uitgroeide tot een klassieker wereldwijd.

Opvallend: net zoals zoveel andere nu – vergeten – klassiekers, beleeft ook One Man Show in ‘opkomende economieën’ – een tweede leven. En worden er nieuwe, speciaal voor deze markten gerichte campagnes bedacht, zoals je helemaal onderaan kunt zien met One Man Show voor Rusland. Nu begeleid met de (vrijvertaalde slogan): ‘Altijd op de top van je kunnen’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

One Man Show is een voorbeeld van een chypre zoals die eind jaren zeventig, begin jaren tachtig van de vorige eeuw voor de man populair was. Dus complex van opbouw: heel veel ingrediënten om, in dit geval, te komen tot een cleane, soapy geur met sterk hout accent. En toch mannelijk.

De show wordt geopend met een groene golf: alsem, karwei, basilicum en galbanum. Alleen dat groene idee blijft bescheiden doordat het wordt begeleid door een enorme aldehydenwolk omringd met bergamot. Deze wolk zorgt ervoor dat het overvolle hart een zeepachtige toets krijgt en het ook moeilijk maakt de ingrediënten afzonderlijk te onderscheiden: roos, jasmijn, anjer en geranium, rozenhout, cistus labdanum en nootmuskaat.

Het hart One Man Show maakt goed duidelijk hoe aldehyden eigenlijk werken: ze zorgen ervoor dat je bloemen niet ‘stuk voor stuk’ ruikt, maar eerder een abstract idee van bloemen. Wat nog versterkt wordt door patchoeli, dennenhars en vetiver, die mooi aansluiten bij de groene noot van de opening.

Maar echt tijd om je hierover te verwonderen, krijg je niet gezien de finale van One Man Show zich snel aankondigt: een intense houtmelange omringd met veel ‘stoer en mannelijk’ leer, styrax en eikenmos verfijnd met amber en vanille.

RUIK & VERGELIJK

Niet alleen One Man Show is een donkere en kruidige interpretatie van de chypre. Onderstaande geuren kunnen er ook wat van:

Azzaro Pour Homme (1978)

Ralph Lauren Polo (1978)

Van Cleef & Arpels Pour Homme (1978)

Christian Dior Jules (1980)

Jacomo Jacomo (1980)

Oscar de la Renta Pour Lui (1980)

L’EAU VANESSA BRUNO BIOTHERM

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 5, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET L. Een reactie plaatsen

BIOTHERM, EEN CELEB EN GEUR DIE RUIKT NAAR EEN BEDAUWDE ROZENTUIN

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 05/12/11

Neus: Bernard Ellena

Model: Sasha Pivovarova

Fotografie: Mark Segal

Helemaal vergeten L’Eau Vanessa Bruno. Wel een mooie gelegenheid een ‘probleem’ in de parfumwereld te belichten: niet makkelijk voor huizen zonder echte parfumtraditie (zoals Lancôme en Estée Lauder) zich ook als ‘parfumhuis’ neer te zetten.

Niet alleen Biotherm, ook Clarins en Yves Rocher kost het moeite. Gaan die een stap verder dan alleen het aanbieden van eenvoudige, weldadige waters, dan kijkt ook de vaste klant met een andere, meer verwachtingsvolle neus. Die verwacht namelijk meer van een ‘echt parfum’. Biotherm ‘omzeilt’ nu dit door een ‘echt parfum’ te koppelen aan een modeontwerper, Vanessa Bruno.

Dat is slim, want hiermee haal je als ‘unglamourous’ huis toch een soort van celeb binnen – de must do nu in de cosmeticabranche. Gezien het eenmalige karakter (bij succes voortgezet lijkt me) vrijwaar je je als L’Oréal, waaronder Biotherm sinds 1970 valt, van investeringen die een nieuw op te richten parfumhuis (zoals Viktor & Rolf en Maison Martin Margiela) met zich meebrengen.

Voor haar debuut als modeontwerpster op 24jarige leeftijd in 1996, was de Parisienne Vanessa Bruno een creatief multi-tasker: ze modelde, zong, acteerde en ontwierp ook kleding voor een korte film. Haar collecties combineren de ‘folk elegance’ van haar Deense moeder en de ‘taste for adventure’ van haar vader. Ze ziet zichzelf als een androgyne geest die als moderne vrouw zonder problemen het ‘post romantisch feminisme’ omarmt voor wie alles mogelijk is. Dus zie je in haar mode een eigentijdse interpretatie van de middeleeuwse prinses voorbijkomen, laat ze zich inspireren door de Arts & Crafts’-beweging, ‘vintagetextiel van mannen’ en ‘the great outdoors’.

En als je denkt, dat heeft ze snel voor elkaar gekregen: weet dan dat haar moeder ook een ‘formel model turned designer’ is: Emmanuelle Khanh (geboren als Renée Meziére in 1937), de beroemde modeontwerpster/styliste uit de jaren zestig en zeventig die met collega’s als Daniel Hechter, Cacharel, Chantal Thomass en Sonia Rykiel de Parijse mode verjongde (en nog steeds actief is, met name op brillengebied). Ze zal dochterlief een financieel steuntje in de rug hebben gegeven.

Bruno voelt zich thuis bij Biotherm: ‘Ik denk dat de Vanessa Bruno-vrouw en Biotherm-vrouw in dezelfde geest handelen. Beide hebben een natuurlijke, aardse benadering en zitten als individu goed in hun vel’. En Biotherm vindt de keuze voor Bruno vanzelfsprekend, omdat volgens Charlotte Franceries – hoofd van het cosmeticahuis – ‘Bruno’s ontwerpen, Biotherms low-key maar desalniettemin werkzame benadering van beauty weerspiegelen’.

Het ‘moderne middeleeuwse prinses’-gevoel zie je ook terug in de geur waaraan ze haar naam leende. Het combineert de femme fatale van Lolita Lempicka’s parfums en het sprookje van Nina Ricci’s Nina met de  romantische neo-gothic heldin-trend. Je kent het wel: zachtheid en kracht verenigd met een eeuwige verwondering over de verrassingen die in het dagelijks leven verscholen zitten. Zoals het ’s ochtendsvroeg wandelen door een park. Bruno: ‘In Frankrijk zeggen we ‘la rosée’ als alle planten aangekleed zijn water’. En dat moet je dus ruiken in de geur: een bedauwde rozentuin.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

En dat doe je! L’Eau Vanessa Bruno is een hele klassieke rozengeur met waterige toets. Wat ik in de opening meen te bespeuren, zit er niet in: een zoet rood fruit-akkoord (framboos, lychee, aardbei).

Wel rood, wel fruit, maar anders zoet: bloedsinaasappel omringd door frisse mandarijn en nog frisser citroen: ze zorgen voor een bedauwde, waterige, aquarelachtige impressie die als de zon in de tuin opkomt, langzaam verdampt. Dit om ruimte te geven aan een overdaad aan zoete rozen die om het frisse aspect van de geur niet te verliezen zijn omkranst met lelietje-van-dalen.

De afronding van L’Eau Vanessa Bruno zorgt dat deze weelde verankerd met een licht-sensuele melange van warm amber, zonnig cederhout en in dit geval geen sensuele, maar cleane musk.

RUIK & VERGELIJK

Nog twee ‘moderne prinsesgeuren’ die helemaal komende winter ‘parfumsprookjes tot leven brengen’

Nina Ricci Nina Snow Princess (2011)

Van Cleef & Arpels Féerie Rose des Neiges (2011)

RARE MIMOSA HENRI BENDEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 4, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET R, NICHE. Een reactie plaatsen

MIMOSA ZOALS JE DIE ZELDEN RUIKT

Jaar van lancering: 2004

Laatst aangepast: 04/12/11

Neus: onbekend

Wie was Henri – Willis – Bendel? Volgens het boek The Art of Perfume van Christine Mayer Lefkowith een Amerikaan die leefde van 1858 tot 1939. Deze van oorsprong ‘Louisaner’ opende zijn eerste luxeboetiek in New York in 1896. Hij vulde zijn eigen ontwerpen aan met die van Parijse couturiers (waaronder Chanel).

Beroemd was zijn verpakking in bruine en witte strepen (gebruiken de huidige eigenaren nog steeds). Hij had een uiterst chique clientèle, zoals een operazangeres voor wie hij een privépaskamer liet inrichten. In 1915 lanceerde hij als eerste Amerikaans modehuis een parfum (naam onbekend).

In 1920 opende hij een winkel in Parijs aan Rue Royale. In 1928 vernoemde hij er een parfum naar: Cinque, Triple Cinque, hiermee verwijzend naar het huisnummer: 15, en het was natuurlijk een knipoog naar N°5 van Chanel uit 1921. Opvallend, jammer en knap tegelijkertijd in deze tijden: hoe ik ook google, ik kom geen enkel portret van hem tegen. Hij moet toch heel vaak vastgelegd zijn, gezien zijn voor die tijd bijzondere kijk op de business. Hij was per slotte van rekening de eerste die een multibrand-boetiek opende en de eerste Amerikaans ‘designer’ met een winkel in Parijs. Ga maar eens in wat boeken duiken.

Na zijn dood blijft het bedrijf voortbestaan: het heeft 15 boetieks – de flagshipstore zit nu op 712 Fifth Avenue in New York –  in de Verenigde Staten, die volgens wikipedia invloedrijke socialites introduceert met nieuwe namen in de modewereld – zoals Anna Sui, Stephen Burrows, Rick Owens en Diane von Furstenberg’.

Daarnaast organiseert Bendel ‘first come, first seen’-happenings voor talentvolle ontwerpers en ‘open-see’-events voor inkopers van andere ketens en boetiekeigenaren. En het huis lanceert steeds meer geuren. Op dit moment meer dan 20, waaronder Rare Mimosa. En onduidelijk is of die nog in de ‘Signature’-collectie zit.

Hij is in ieder geval nog wel steeds te koop op diverse internetsites. Ben je gek op mimosa, dan moet je ernaar op zoek. Want Rare Mimosa dat is een goede omschrijving van de inhoud. Want ik heb zelden een ‘mimosa’ geroken die…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… zo vol groen opent, dan weer geel en warm als de zon wordt, vervolgens een zoete noot krijgt die wordt doorgevoerd naar de basis. Het is een geur die je mimosa als het ware in drie fases laat ruiken.

Rare Mimosa laat in de opening eerst zijn zonnig gouden borreltjes dwarrelen die direct worden meegenomen door een geprononceerde muntnoot (gelukkig zonder tandpasta-effect). Mooie combinatie. Groen en geel, de warme mimosa krijgt hierdoor een beetje ijzig randje, chill. Dan komt er een honingachtige, viooltjes-zoetpoederige noot om de hoek kijken die een beetje doet denken aan Guerlains Méteorites (2000) die zacht-warm en droog wordt door een lichte hooinoot. Ook mooi.

En ondertussen de mimosa maar doorbloeien naar de basis waarin de lichthoutige noot van mimosa wordt versterkt met ‘blonde’ houtsoorten.

RUIK & VERGELIJK

Van mimosa kun je in geuren genieten vermengd met andere ‘zonnige’ bloemen of als soli-fleur. Het mooie: de bloem past zich zo makkelijk aan. Het neemt met gemak de essentie van de andere smaakmakers in zich op zonder zichzelf te verliezen.

‘Pure mimosa’:

L’Artisan Parfumeur Mimosa Pour Moi (1992)

Acca Kappa Mimosa (2004)

L’Occitane – Voyage en Méditerranée – Mimosa de L’Estérel (2009)

Annick Goutal Le Mimosa (2011)

Bloemengeuren met een opvallende mimosa-noot:

Guerlain Champs-Elysées (1996)

Kenzo Summer by Kenzo (2005)

En Givenchy plaatst de mimosa om de zoveel tijd op de voorgrond in zijn Harvest-reeks. Het laatst in:

Givenchy – Harvest – Amarige 2009 (2010)

EAU DE PREP TOMMY TOMMY HILFIGER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op december 3, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET E. Een reactie plaatsen

GET PREPPED

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 03/12/11

Neus: onbekend

Model: Andre Douglas, Max Motta, Danny Schwarz, Sam Way, Jacquelyn Jablonski

Fotografie: Craig McDean

Deze zomer toonde de BBC een documentaire-serie over parfum. Er werd de kijker weer eens een blik achter de schermen gegund. Wat zagen we? Wat velen al lang weten. Het is een miljardenindustrie waar ieder merk vecht om de aandacht van de consument. En om hierop enigszins te kunnen rekenen, wordt tegenwoordig steeds meer uit de kast gehaald en gebruikt gemaakt van ‘branchevreemde’ communicatiemiddelen en niet te vergeten sociale media. Dat alles werd in een aflevering duidelijk gemaakt door de trajecten te volgen van twee geplande lanceringen: Guerlain Shalimar Parfum Initial (2011) en Loud (2010) van Tommy Hilfiger.

De (ver)marketing van de laatste werd goed in beeld gebracht en is exemplarisch voor de stand van zaken van een doorgedraaide industrie. Die schrijft voor dat je als belangrijke speler ieder half jaar met iets nieuws moet komen en dat de geur zelf in feite de kleinste schakel van het geheel is.

Bij Loud was de keuze van de popgroep die de geur zou promoten, het er aan verbonden internetplatform en het gevoel (muziek verenigt) en de sfeer (een popconcert is de plek waar de gebruikers van de geur zich pas echt op hun gemak voelen) belangrijker dan de geur.

Wat ‘best wel’ ontluisterend in beeld werd gebracht tijdens de ‘eindvergadering’ van alle verschillende verantwoordelijken – hoofd van alle Aramis Fragrances waar Hilfiger onder valt, neus, stylist, artistic director, flaconontwerper, fotograaf – die wachten op de komst van de man die goedkeuring moest geven. Inderdaad, Tommy Hilfiger die slechts vijf van de afgesproken vijftien minuten tijd had zich te laten overtuigen.

Voor de vorm deed Hilfiger even moeilijk, stelde een paar vragen, maar ging – je zag het team toch opgelucht ademhalen – akkoord. Want het was wel duidelijk: echt belangrijk was het niet voor hem: hij moest door naar de volgende afspraak. Als het team hem een ander concept had voorgelegd had hij ook ja gezegd. Staat namelijk in het contract.

Waarom schrijf ik dit allemaal? Nou, om aan te geven dat het muziekconcept van Loud zover weg stond van de ‘filosofie’ van het merk, zo ver gezocht was en door hemzelf met Freedom in 1999 en de concurrentie al vaker gedaan. En dat ik me afvraag of het succes ervan groot is geweest gezien de snelle lancering van Eau de Prep Tommy (en Eau de Prep Tommy Girl) dat veel dichter bij de huidige nonchalant-chique uitstraling van het merk zit. Sterker: Eau de Prep is de ideale geur voor de ‘ideale’ klant van de Tommy Hilfiger op dit moment. Want dat is vaak een prep.

Preppy, preppie of prep zijn omschrijvingen van een nonchalante kledingstijl populair gemaakt op high schools en universiteiten in Amerika. In het Nederlands ook wel bekend als ‘kakkineus’. Tommy Hilfiger laat zich ook steeds meer beïnvloeden door deze ‘subcultuur’.

Hij liet de geuren trouwens bij Macy’s in New York onthullen door ‘stylist, schrijver en realityster Brad Goreski’ (links op de foto) zelf een perfect ambassadeur van deze look.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Volgens Tommy Hilfiger zijn zowel Eau de Prep Tommy als de vrouwelijke tegenhanger een ‘ode op mijn klassieke signatuurparfums met een nieuwe, preppy twist; een finishing touch bij alle looks die ik ontwerp voor Prep World, mijn lente- en zomercollectie 2011’.

Eerlijk zeggen? Ik vind Tommy wat geur betreft (nog steeds) interessanter dan deze nieuwe kijk erop. Dat was in 1995 echt vernieuwend qua uitstraling en invulling. Eau de Prep Tommy is de zoveelste, beetje nondescripte variatie op Tommy die dit keer opvalt door de uiterst klassieke invulling.

Heel prep, maar zonder een moderne twist of het moet de peper in het hart zijn. De opening: dit keer geen citrusbom, maar fris en verkwikkend geraniumblad ondergedompeld in ‘groene’ noten overlopend in een zoetzonnig lavendelhart omringd met ‘etherische’ jeneverbes (foto) en peper: samen goed voor een ‘luchtige’ en onbezorgde stemming.

De afronding bevestigt het klassieke karakter van Eau de Prep Tommy: amber, hout, mos en suède, maar zo bescheiden gedoseerd dat een fris, schoon, clean en ‘preppy’ gevoel resteert.

RUIK & VERGELIJK

Minitrend? Iets waar veel merken nu in de ban van zijn: ze wapenen hun logo’s met ‘eeuwenoude’ herkenningstekens: zwaarden, vlaggen, wapenschilden, kroontjes. Waarom? Om zich van een gedegen en betrouwbaar imago te voorzien in deze duistere en onzekere tijden? Of is het een kwestie het pure styling?

Biotherm Vanessa Bruno L’eau (2011)

Trussardi Uomo (2011)

FEERIE ROSE DES NEIGES VAN CLEEF & ARPELS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 30, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET F. Een reactie plaatsen

EEN VOORJAARSOMHELZING TIJDENS DE WINTER

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 30/11/11

Neus: onbekend

Geloof je in sprookjes – of beter – geloof je in sprookjesachtige geuren, overweeg dan Féerie Rose des Neiges: ‘Een limited edition die een nieuwe geurmelodie inzet aangestuurd door een opmerkelijke en koninklijke bloem’. Dat is dus de sneeuwroos. En die heeft inderdaad iets sprookjesachtig – of beter – hoopvols: ‘Ze trotseert dapper de vrieskou, komt door de onwerkbare bodem naar boven om haar bloem te onthullen. Als een klein teken van leven, tussen de hardheid van de winter, als de ontwakende lente, bloeit een stukje poëzie’.

De Parijse juwelier koos de winterroos omdat het een speciale band met haar heeft: ‘Ingezet met schitterende accenten die haar blaadjes doet oplichten, werd ze al vaak subtiel verheerlijkt in tijdloze creaties’. De winterroos in Féerie Rose des Neiges, krijg je alleen niet letterlijk te ruiken.

De reden: ze verspreidt een nauwelijks waarneembare geur. Maar ze staat meer symbool voor, zoals Van Cleef & Arpels het zegt, ‘de omhelzing van de lente tijdens de winter’. Ook leuk: de kleur van de flacon is weer geïnspireerd op de kleur van een roos die Fée des Neiges heet.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

En deze voorjaarsomhelzing is zoet-roodfruitig en daardoor heel erg van nu. En daardoor heel erg gericht op het jonge meisjeshart. Zeg maar een soort moderne adaptie, het nieuwe zusje van Miss Arpels uit 1996. Dat ruik je direct goed in de opening: bitterzoete cranberry en tropisch zoet lychee (foto) vermengd met een sappige peernoot.

Voor een beetje pit zorgt roze peper. In hart van Féerie Rose des Neiges regeert de roos die een tederzachte omhelzing krijgt van magnolia en pioenroos ‘opgefruit’ met zwarte bes. En deze fruitzoetige bloemigheid wordt in de basis omhuld door een zachtsensuele mix van sandel- en cederhout, musk en tonkaboon. Heel zoet, heel ‘sprookjesachtig’.

RUIK & VERGELIJK

Meer fruitig-zoete rozen ruik je dit najaar ook in:

Guerlain Idylle Eau Sublime (2011)

Emporio Armani Diamonds Black Carat for Her (2011)

AZEMOUR LES ORANGERS PARFUM D’EMPIRE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 29, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET A, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN ZILTE WIND DIE WAAIT OVER DE ‘ORANGERIE’

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 29/11/11

Neus: Marc-Antoine Corticchiato

Had onlangs een ontmoeting met de oprichters van een aantal nichemerken bij een recent geopende niche-boetiek in Brussel: Beauty by Kroonen & Brown. Naast recente nieuwkomers als Atelier Cologne en Olfactive Studio – kom ik nog op terug – waren ook Roméa d’Améor, Frapin, Juliette has a Gun en Humiecki & Graef vertegenwoordigd. En een van mijn favoriete klassieke neuzen: Marc-Antoine Corticchiato. Wat ik aan hem goed vind: hij geeft klassieke concepten een enorme opwaardering. Hij zoekt het zoals Humiecki & Graef niet in voor de parfumindustrie nieuwe ‘emoties’ en dus ‘nieuwe’ geuren, maar in de traditie. Wat maakt een ouderwetse rozen-, leer- en bijvoorbeeld fougèregeur nu echt een rozen-, leer- en fougèregeur. Toch zijn Corticchiato’s inhoudelijk niet van gisteren: je ruikt dat ze nu zijn gemaakt. Sterker, andere niche-neuzen hebben zich door zijn geuren laten inspireren. Zijn Ambre Russe (2004) is een soort standaard geworden voor nieuwe ambergeuren.

Hij is een beetje van zijn beginfilosofie afgestapt: dus steeds minder geuren die ‘verloren’ heersers en tijdperken weer tot leven brengen, wel steeds meer die geïnspireerd zijn op een klassieke ‘bloemenverhouding’ (Trois Fleurs uit 2009) of familie – het varenconcept van Fougère Bengale uit 2007 bijvoorbeeld.

Hiervan getuigt ook zijn dertiende geur: Azemour Les Orangers. Is geïnspireerd of eigenlijk een liefdesverklaring van de neus op de oranjebloesemplantages die zijn ouders in de buurt van Azemmour (of Azamor) hadden, een van de oudste steden (en bedevaartsoorden voor zowel moslims als joden) van Marokko aan de Atlantische kust, gelegen aan de linkeroever van de rivier Oum Er-Rbia.

En dat ruik je! Want Azemour Les Orangers is als een wandeling door een oranjebloesemplantage in een subtropische setting waarover af en toe een zwoel-zilte wind wordt ‘aangeblazen’ vanuit de oceaan. Want hoe geciseleerd en gepolijst ook, heeft de geur toch iets ruigs en ‘woest aantrekkelijks’. En dat komt door een licht zilte noot en het feit dat Corticchiato je laat genieten van de oranjebloesem in al haar facetten. Nu is het zo dat het de laatste jaren oranjebloesem boven is geweest in de neoniche-parfumerie. Bijna onmogelijk alle dergelijke ‘solifleur’ oranjebloesemparfums met elkaar te vergeleken. Toch houdt Azemour Les Orangers zich staand in deze golf. En dat komt door de…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… mooie kwaliteit aan ingrediënten en het feit dat Corticchiato oranjebloesem linkt aan een chyprebasis.

En je ruikt zoveel! Niet alleen ‘al het mogelijke’ van de oranjebloesemboom (foto); de schil van de vrucht (zoet), het sap van blad en tak (meer fris, ook wel bekend als petitgrain) en bloesem (zonnig, bloemig en toch fris, ook wel bekend als neroli) die samen voor een ‘puur’ oranjebloesem-effect zorgen. Voor de extra frisheid werd zwarte bes en geranium toegevoegd, voor de extra frisse groenheid galbanum, voor de extra bloemigheid roos.

Dat deze oranjebloesem in Noord-Afrika bloeit, wordt versterkt door een licht sensuele kruideninjectie van komijn, koriander, zwarte en roze peper. In de basis wordt Azemour Les Orangers warmer en droger door eikenmos, hennep (!) en een broeierige hooinoot (coumarine). Alsof je de door de zon beschenen grond van een oranjebloesemplantage ruikt. En de zeeziltige en -frisse waas die over de geur hangt is geen calone, maar een zeealg-nuance waardoor het geheel meer ‘aards’ is dan luchtig. En toch – een beetje eigen aan neroli en coumarine – heeft de geur Azemour Les Orangers ook een zeepachtige toets.

Kortom, ook deze geur draagt het Parfum d’Empire-stempel. Je ruikt zoveel lagen, en hoe langer je hem draagt, des te beter je Azemour Les Orangers leert kennen en waarderen.

RUIK & VERGELIJK

Hoe oranjebloesem-gezind ben jij de laatste paar jaar? Heb je ze allemaal omarmd of slechts enkele…

Giorgio Armani – Armani Privé – Oranger Alhambra (2008)

Maison Francis Kurkdjian APOM (2009)

Prada Infusion de Fleur d’Oranger (2009)

Roger & Gallet Bois d’Orange (2009)

Cartier Eau de Cartier Essence d’Orange (2010)

Lush Orange Flower (2010)

L’Occitane Fleur Chérie (2010)

Lancôme Ô de L’Orangerie (2011)

ROYAL BAIN DE CARON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 28, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET B, GEURENALFABET R, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. 1 reactie

VOORHEEN BEKEND ALS BAIN DE CHAMPAGNE

Jaar van lancering: 1941

Laatst aangepast: 28/11/11

Neus: Ernest Daltroff

Flaconontwerp: Felicie Bergaud

Lees je niet vaak: parfums met een echt origineel ontstaansverhaal. Sinds de afgelopen dertig jaar is en blijft het toch voornamelijk het bezingen van de romantiek in al zijn gedaantes. Soms wordt er een tuin bezocht, of een verweg-eiland. Soms vindt de romantiek aldaar plaats. Dan, Bain de Champagne. Er schijnt een – helaas – anonieme milliardaire uit Carlifornië te hebben bestaan die gewend was om champagnebaden te nemen. Die vroeg Ernest Daltroff of hij een parfum kon samenstellen dat hetzelfde sprankelende en rijke gevoel opriep. Want elke dag zoveel flessen te laten leeggieten in haar ligbad, vond ze tijdens een vlaag van verstandsverheldering en/of verstandsverbijstering toch teveel rieken naar, zeg maar een beetje ordinair ‘millionair-fair’-gedrag. Een milliardaire die op haar uitspattingen moet letten, lijkt wel 2011!

Daltroff nam de uitdaging in ieder geval aan. Maar hij interpreteert bubbels niet zoals je het misschien zou verwachten. Geen ‘plop-plop-plop-up’-explosie, geen kristalhelder, geen licht mousserend en sprankelend gevoel met die ‘vage’ alcoholische druivengeur. Wel een vol-warme, duidelijk als androgyn geafficheerde geur met een soort van sensuele (nu erg hippe) ‘huideigen’ toets, maar die ‘all over’ eerder doet denken aan mengsel tussen calvados en cognac.

Echte ‘leuke-weetjes’-parfkumkenners hoef je niet te zeggen dat Caron net zoals Yves Saint Laurent (die de naam champagne van Caron schijnt te hebben gekocht) in 1996 op straffe van flinke boetes door de ‘verenigde champagneboeren’ werd gesommeerd de naam te veranderen.

De kans dat domme mensen Bain de Champagne en Champagne (1994) aan hun mond zouden zetten in plaats van the real stuff, achtte de champagnelobby te groot en daardoor te gevaarlijk… Terwijl Caron toch duidelijk op de flacon had vermeld for the bath only en for external use. En champagne koop je gewoonlijk inderdaad bij de parfumerie. Het parfumhuis koos voor Royal Bain de Caron, de couturier veranderde zijn succesparfum in Yvresse: het effect van iets te diep en te lang in je coupe kijken.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Een van de weinige geuren die ik in mijn gedachten ruik als ik er aan denk. Ik heb nog een flacon met de oude naam, dus vintage. En de inhoud hiervan is volgens mij ook complexer door de mooie opeenvolging van de harsen die van kruidig, pikant overloopt naar zacht en sensueel – zoals je die ook zo mooi ervaart in de parfumversie van Guerlains Shalimar (1925) – dan de versie die Caron nu als Royal Bain de Caron aanbiedt. Wat de bloemen betreft die ruiken vanaf de opening erg zacht er zeperig.

Caron maakt op de site alleen melding van sering, maar er was en is meer volgens mij: ik ruik in ieder gevel een zachte roosnuance. Maar die gaat snel onder in het ‘champagnebad’ van het hart: een mix van de lekkerste harsen denkbaar: oppoponax (ook wel bekend als bisabol-mirre en zoete mirre, – zie foto)
, benzoïne, wierook en mirre) die in de nieuwe versie eerder een warm ‘melkachtig’ bad opleveren en ook minder vol, rijker en oosters overkomt.

Het sierlijk, balsemachtig effect van het hart wordt versterkt door de afronding. En die is wel des Carons: intens deze combinatie van ceder- en sandelhout, ambergris, musk en vanille. Maar toch, vlakker en minder geschakeerd en minder mysterieus dan de vintage-versie. Komt volgens mij door iets te veel nadruk op de vanille die de overige medespelers maskeert.

RUIK & VERGELIJK

Een geur waarin je kortstondig, maar zeer effectief de geur van champagne opsnuift is:

Joop! Muse (2003)

Sonia Rykiel Not for Men! (2003)

Parfum d’Empire Ambre Russe (2004)

NAIVIRIS – HUITIEME ART – PARFUMS GENERALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 23, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET N, NICHE. 1 reactie

EEN ‘RODE IRIS’ UIT AFRIKA

Jaar van lancering: 2010

Laatst aangepast: 23/11/11

Neus: Pierre Guillaume

Jammer: ik kon niet naar de onlangs gehouden soirée bij Tanja Deurloo’s Annindriya Perfume Lounge met Pierre Guillaume in Amsterdam. Had hem wel de oren van zijn hoofd willen vragen. Twee prangende ‘kwesties’: waarom hij zoveel geuren lanceert – bijna onmogelijk om als gemiddelde geurengek alle 32 te ruiken, te analyseren en te kopen – en in het verlengde hiervan: waarom ook nog eens de lancering van Huitème Art Parfums?

Heb me voorgenomen me de komende tijd meer in hem te verdiepen. Want zijn creaties zijn excact zoals nichegeuren nu moeten zijn: klassieke concepten nieuw leven inblazen met de beste kwaliteit aan ingrediënten. Neem 24 Papyrus de Ciane (2010): een nieuwe ontmoeting met galbanum. Ook leuk: Guillaume doet mee met trends, maar behandelt die eigenzinnig. Neem de gourmandgeur: met 04 Musc Maori (2005) toont hij hoe diep, vol en exotisch die kan ruiken. Ook boeiend: zijn zoektocht naar ‘nieuwe’ aroma’s, zoals de Afrikaanse rode iris in Naïvirus.

Zijn site maakt geen melding van Huitième Art Parfums. Daarvoor heeft hij een ‘aparte’ geopend. Hierop legt hij uit dat vanaf eind 18de eeuw als kunst werd beschouwd: architectuur, schilderkunst, muziek, dans, poëzie (en dus literatuur). In de 20ste eeuw kwam daar film bij. Parfum ontbreekt nog steeds ‘officieel’ in deze rij. Dus besloot hij in samenwerking met Octavian Coifan, de über-kritische en über-betweterige ‘uitbater’ van http://www.1000fragrances-blogspot.com – als hij een geur niet lekker of goed genoeg vindt, wordt die direct ondergebracht in de shampoo-categorie – parfum als achtste kunstvorm naar voren te schuiven. Ik sluit me bij ze aan, met dien verstande dat humor dan de negende wordt.

Denk niet alleen ‘puur natuur’. Ware parfumcreatie komt vanaf het begin van de 20ste eeuw uit de laboratoria waar moleculen werden ontdekt die de neus een nieuw palet gaven. Chanel N° 5 (1921) had anders geroken zonder aldehyden, Guerlains Shalimar (1925) anders zonder vanillin, Diors Eau Sauvage (1966) anders zonder hedione en Fahrenheit (1988) anders zonder Iso E Super, Aramis’ New West (1988) anders zonder calone en Angel (1992) van Thierry Mugler anders zonder ethyl maltol. Al deze geuren maakten de weg vrij, zo zegt Guillaume, voor nieuwe olfactorische belevenissen. Ik sluit me bij hem aan.

Alleen, zo vraagt hij zich af, waarom wordt er nauwelijks aandacht besteed aan de biotechnologie die het mogelijk maakt ‘fotografische footprints’ te maken van planten, bloemen en hout. Huitième Art Parfums neemt deze ‘technische’ parfumbereiding (ofwel phytoperfumery) nu als uitgangspunt voor acht kunstwerken die ‘resoluut natuurlijk zijn met de nadruk op originaliteit en finesse’ en ieder een geheel ‘nieuwe’ plant vangen of een natuurlijk, organisch ingrediënt in de etalage zetten. Wat ik me afvraag, beoogt de aroma scope-, headspace-, nature print- en scenttrecktechnologie niet hetzelfde?

Ambre Céruléen, Aube Pashmina, Ciel d’Airain, Fareb, Manguier Métisse, Naïviris, Sucre d’Ebène en Vohina zitten in ‘objecten’ die door Guillaume – beetje vreemd – cyclopen worden genoemd en doen denken aan een talisman, een oog (één oog, cycloop dus) die kijkt naar de toekomst, eens ster als symbool van geluk, een kompas de weg wijzend in geurenland.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Detail: Guillaume geeft geen geurpiramide prijs in deze exclusieve serie, slechts twee à drie hoofdingrediënten. Hierdoor ben je als gebruiker ‘vrij je eigen olfactorische reis te beleven’… ik ervaar in Naïviris eerst een korte zoetbloemige opening (beetje viooltjesachtig) waarachter de iris zich schuilhoudt. Geen gewone iris. Guillaume gebruikte de Afrikaanse rode iris (kigelia africana, zie foto) die feitelijk geen iris is, want de geur (’s nachts het sterkst om insecten aan te trekken) is niet afkomstig van de wortel, maar van de bloem van deze boom die lokaal ook wordt gebruikt tegen allerlei ziekten en als smaakmaker in bier.

De geur ervan is misschien iets kruidiger en stroever dan de iris pallida, maar dat kan ook door toevoeging van kruiden komen – ik meen een lichte noot van komijn te herkennen. En verrassing, vervolgens lijkt Naïviris – naïeve iris? – weer even terug te komen bij de zoetige opening. Wellicht geholpen door roze peper, om vervolgens het houtaccent van de Afrikaanse rode iris te versterken in de basis met een essence van ‘animaal’ zebrano-hout dat qua geur dezelfde nuance heeft als wengé en door Estée Lauder al werd verwerkt in Beyond Paradise (2003).

Naïviris is hierdoor houtiger en daardoor donkerder en intenser dan de gemiddelde irisgeur uit het (neo)nichecircuit. Ook mooi, de fluweelzachte eindtoets die beklijft (ik vermoed een witte musk-vanille combi) waardoor de geur ook een soort van vintage Caron-kwaliteit krijgt. Ruik maar eens aan Royal Bain de Champagne uit 1941, iets waar Tanja Deurloo van Annindriya Perfume Lounge me eveneens op wees.

Alleen, eerlijk gebied te zeggen: net niet onderscheidend genoeg om de geur een ‘achtste kunst’-kwalificatie te geven. Daarvoor ontbreekt voor mij het wondereffect waarvan je als doorgewinterde neus toch direct en zonder voorbehoud plat gaat. Zoals ik onlangs beleefde bij parfumerie Place Vendôme in Welvegem (België) met de limited edition van Gardénia (1925) van Chanel – een parfumextract rondom de 4000 euro.

RUIK & VERGELIJK

Bijna een onmogelijke opgave om Naïviris te vergelijken met alle irisgeuren uit het (neo)niche-circuit. Ik zou zeggen: sterkte. Dit zijn de geuren die ik tot nu van Pierre Guillaume heb besproken, gevolgd heel snel door andere ‘generalissmo’-geuren:

Parfums Générale 04 Musc Maori (2005)

Parfums Générale 05 L’Eau de Circe

Parfums Générale 06 L’Eau Rare (2005)

Parfums Générale 10 Aomassai (2006)

Parfums Générale 20 L’Eau Guerrière (2008)

Parfums Générale 24 Papyrus de Ciane (2010)

IDYLLE EAU SUBLIME GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 21, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET I. Een reactie plaatsen

EEN IDYLLE TUSSEN EEN PARFUMEUR EN EEN ROOS

EEN IDYLLE VOOR JONGE MEISJES

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 21/11/11

Neus: Thierry Wasser

In mijn recensie van Idylle (2009), merkte ik al op hoe retro de geur eigenlijk is qua inhoud. En dat wordt in Idylle Eau Sublime nog eens onderstreept. Want Guerlain haalt een bijna vergeten ‘recept’ uit zijn archieven: rozenwater, dat aan de ‘basisgeur’ van Idylle wordt toegevoegd.

Rozenwater is nog steeds populair in Arabische contreien en kun je in simpele vorm ook bij ons bij ‘de Turk’ kopen. Zo betaalde ik ooit een paar euro voor Rossen Wasser (niet genoemd naar de hoofdneus van Guerlain) van het merk Gülce Gülsuyu in een goedkope plastic 290ml-flacon waarin ter verduidelijking dat het toch een écht rozenwater betrof, een kermisroos zat.

En waar ruikt het naar? Inderdaad heel lichtjes naar roos, plakband-plakkerig en met een enorme zepige ondertoon.

Bij Guerlain is dit rozenwater van een beduidend betere kwaliteit vanzelfsprekend. Rozenwater, zo legt Guerlain uit, wordt verkregen door distillatie: een minutieus proces dat lijkt op distillatie van fijne alcohol en alle geurfacetten van de roos bewaart. De tot het kookpunt gebrachte waterdamp zit vol van geurmoleculen van de roos en passeert door de spiraalbuis van de distilleerkolf. Tijdens het afkoelen wordt de waterdamp opnieuw vloeibaar. Deze vloeistof wordt opgevangen in een Florentijnse fles. Aan de oppervlakte van deze vloeistof (water) drijven de essentiële oliën die de rozengeur geven: licht, zoet, zepig en vooral sprankelend.

Dit rozenwater nu verenigt Thierry Wasser in het hart van Idylle Eau Sublime met zuivere Bulgaarse rozenessence waardoor alle facetten van de Bulgaarse roos worden geaccentueerd: ‘Een uniek duo in de parfumerie, een combinatie van traditie en innovatie, dat is als een sensuele streling van fijne waterdruppels’. En, opvallend, Guerlain is de eerste die dit ouderwetse rozenwater weer nieuw leven in blaast, want er zijn al andere geuren aangekondigd die het ook van plan zijn, waaronder een van Chloé.

Voor mij is Idylle Eau Sublime toch weer een poging van Guerlain om meer jonge gebruiksters naar zich toe te trekken. Hoe subliem ook, ik vind het eindresultaat wat vlakker en minder gelaagd en iets te fruitig – iets waarvan ‘jonge meiden’ in de parfumerie maar geen genoeg van schijnen te krijgen.

Je krijgt een soort welgevallige mix van Estée Lauders Pleasures (1995), Stella (2003) van Stella McCartney en Flower Essentielle (2009) van Kenzo voorzien met het sierlijke Geurlain-zegel. En ook hier: net zoals London (2011) uit de Une Ville, Un Parfum-serie komt Idylle Eau Sublime voor mij nu dichter in de buurt van de ‘Guerlain voor Beginners’-serie: Aqua Allegoria. Hoop van ganser harte dat ‘jonge meiden’ na deze Idylle Eau Sublime ook een keer aan Rose Barbare uit 2005 (uit de L’Art et La Matière-serie) gaan ruiken: voor mij wat roos en parfum betreft de essentie van Guerlain.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Niet dat ik niet van Idylle Eau Sublime geniet. Mooi is vooral de musk- en aldehyde-achtige en pure ondertoon van het geheel. En voorwaar de Bulgaarse roos (foto) ruikt ook hier zeer geschakeerd.

De ‘frambozige’ fruitigheid ervan wordt in de opening benadrukt door een vol en rijp lychee-akkoord. Dat ruik je! Zoet, maar niet te, zodat het de Bulgaarse roos niet in de weg zit, en overschaduwt. De bloemigheid wordt versterkt door een spankelend, beetje groenige jasmijn, de zachtheid door een subtiele perziknoot. En door de in dit geval ‘warme ’patchoeli in de basis blijft het chypre-akkoord van Idylle toch overeind.

Maar het mooiste is toch dat door de verfijnde witte musk Idylle Eau Sublime een ouderwetse cosmetica-feel heeft van bodylotions gebaseerd op rozenwater. En het leuke: dat was nu precies de bedoeling!

RUIK & VERGELIJK

Vijf manieren om je meest idyllische variatie te ontdekken:

Guerlain Idylle Eau de Parfum (2009)

Guerlain Idylle Eau de Toilette (2010)

Guerlain Idylle Duet (2011)

Guerlain Idylle Extrait (2011)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Sal y Lemon Carner
    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....