VERLEIDEN MET MAGNETISCHE ALLURE
Jaar van lancering: ????
Laatst aangepast: 29/09/10
Neus: onbekend
In gedachten beginnen operakenners bij het horen van Pontevecchio direct O mio babbino caro uit Giacomo Puccini’s opera Gianni Schichi (1918) te neuriën. Waarom? Nou, omdat in deze meeslepende Music for the Millions-aria de heldin Lauretta overweegt om zich van deze beroemde oude brug, hartje Florence, te storten. Lang leve de opera! Opvallend: door deze aria is de brug nóg beroemder geworden. Sterker: net zoals de Sint Pieter in Rome, zijn aria en brug inmiddels voor veel buitenlanders synoniem geworden met het vervlogen bella vita onder de Italiaanse renaissance-zon.
Slim van Nobile 1942 om een geur dus Pontevecchio te noemen. Dankt Laura Biagiotti haar inmiddels vervlogen parfumfaam ook niet aan het feit dat haar geuren op het rijke verleden van Italië waren gebaseerd?
Alleen, welke man is geschikt voor deze geur? Nobile 1942: ‘Voor de veeleisende, moderne man voor wie traditie en traditionele waarden als een constante door zijn leven vloeien. Pontevecchio staat voor een sterk, dynamisch en nog-agressief karakter altijd in balans’.
De drager blijkt eigenlijk een Casanova in vermomming want vol zelfvertrouwen ‘verleidt hij met een magnetische allure’, en verrast hij van de andere kant weer ‘door zijn momenten van tederheid en gevoeligheid gecombineerd met ware vitaliteit die nooit zijn innerlijke kracht verloochent. Dat merk je in elk besluit dat hij neemt, inclusief de keuze van zijn geur’.
Tjonge, tjonge. Niet mis. Maar, door al deze clichés vallen twee omschrijvingen op die de geur recht doen: non-agressief en vitaliteit. Want het verrassende aan Pontevecchio (voor hem, er bestaat inmiddels ook een vrouwelijk versie opgebouwd rondom Florentijnse iris) is zijn zachte en zalvende karakter met toch een pittige, zeg maar masculiene noot. Elegant. Klassiek.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Die klassieke elegantie komt op conto van de hoge concentratie natuurlijke ingrediënten. Ruik je van kop tot staart. De kop: bergamot en mandarijn krijgen een originele toevoeging van wierook. Maakt de citrusnoot zacht en zalvend. Het hart zet deze sierlijke draad voort met het poederige iris (foto) voorzien van een bloemige toets door rozenhout. Geraniumgroen zorgt voor de kruidig-frisse noot, cederhout geeft een houtnoot beschenen door de zon. Aan de patchoeli, sandelhout en vetiver zou je denken dat Pontevecchio behoorlijk masculien en aards eindigt. Niet dus, volgens mij is hier musk voor verantwoordelijk; zorgt voor een zacht-zoete en ‘comfortabele’ landing.
RUIK & VERGELIJK
Nog een paar klassiek-verfijnde mannengeuren, afkomstig van nichehuizen:
Parfum d’Empire Eau du Gloire (2003)
Etat Libre Orange Je Suis un Homme (2006)
Frapin L’Humaniste (2009)















Je hebt Russisch leder. Je hebt Spaans leder. De eerste roept de wereld op van Russische bossen vol met berkenbomen (waar vroeger een leernoot voor de parfumindustrie aan werd onttrokken) en kozakken. Het verhaal gaat dat die hun leren laarzen voor de extra glans, en om ze waterproof te maken, met berkenblad bewerkten. En dat leverde een aangename geur op. Om deze typische geur in een parfum te verwerken, maakt de industrie gebruikt van quinoline die bloemen een intense, dierlijke opwaarding geeft. De bekendste voorbeelden: L.T. Pivers’ Cuir de Russie, Cuir de Russie van Chanel, Knize Ten van Knize, Cuir de Russie van Creed.
Peau d’Espagne is voor mij een van de meest intrigerende geuren. Werd me vijf jaar geleden voorgesteld door Lianne Tio uit Rotterdam, die de nicheparfums in Nederland heeft geïntroduceerd, met de opmerking: ‘Jij houdt toch zo van leergeuren?’ Ik was verkocht. De opening alleen al. Geen olifant in een porceleinkast, maar een kudde stampende wilde paarden (of gemzen) die bezweet door een apotheek bulderen. Je ruikt iets onbestemds etherisch, een groene bundel kruiden – lavendel, verbena – omringd met menthol- en kamferachtige noten. Scherp, bitter, droog.


