GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

ANGEL AQUA CHIC THIERRY MUGLER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 16, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET A. Een reactie plaatsen

EEN NIET HELEMAAL HETZELFDE, NIET HELEMAAL ANDERS ENGELENWATER

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 16/05/12

Neus: Aurélien Guichard

Denk ik aan korenbloemen, dan maak ik in mijn gedachten een wandeling tussen het landelijk gebied dat de stad Enschede en het dorp Lonneker (Twente) scheidde. Ik groeide daar op als kind en wandelde daar vaak door de bossen en langs korenvelden. Jammer dat in hier en in de rest van Nederland akkers met koren inmiddels zijn vervangen door monotone maisvelden en je dus niet meer kunt genieten van al het schoons dat tussen het koren bloeit…

… klaproos, weegbree, zuring, een verdwaalde margriet, zo’n merkwaardig paarsblauw bloemetje – naam weet ik niet meer – dat zich om de aren draait en zich daaraan vastkleeft, en natuurlijk de bloem gekleurd met het meest intense blauw denkbaar (alleen de gentiaan kan zich met haar meten) en haar naam er aan dankt: korenbloem.

En – surprise – die verspreidt ook een hele lichte geur. Thierry Mugler nam de kleur en de geur als uitgangspunt voor zijn nieuwe variatie op Angel (1992): Angel Aqua Chic.

Het doel: het creëren van een intense frisheid. Dat vindt plaats op twee niveaus. Het eerste niveau: het eau de parfum van Angel wordt verfrist door het toevoegen van een sprankelend, verkwikkend aqua-akkoord. En het eau de parfum wordt niet verdund met gedestilleerd water, maar met een geparfumeerd, aromatisch water dat sterker is dan gewoonlijk in een eau wordt gebruikt: geen 19 maar 30 procent. Wil je exact weten hoe dat in zijn werk gaat, lees dan de beschrijving van Alien Aqua Chic op deze blog.

Afgezien van de originele naam, vind ik Angel Aqua Chic een ‘knappe’ geur omdat je toch zo prettig op de achtergrond Angel ruikt. Voor mij heeft de geur hetzelfde effect als de vorig jaar verschenen eau de toilette-versie: niet helemaal hetzelfde, niet helemaal anders. Alleen, maak je er niet iedereen echt blij mee, zoals een behoorlijke geurgekke vriendin van me onlangs zei: ‘Kun jij het verschil nog tussen al die Angel-zomervariaties ruiken, het rare, ik koop ze allemaal, maar ik kom toch steeds weer terug bij de oerversie’. En dat is natuurlijk de achterliggende gedachte van Angel Aqua Chic, de aandacht voor Angel levendig houden.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik weet niet of ik nu echt korenbloemwater ruik in Angel Aqua Chic, en dat is omdat ik me niet meer kan herinneren hoe korenbloemen (foto) exact ruiken (binnenkort toch even controleren als ik de kans heb). Wel ruik je de toegevoegde waarde van bloemige nuances die begeleid worden door een extreem fris-prikkelende opening van roze peper (baie rose) en citroen.

Maar het is vooral het aqua-akkoord dat voor de verandering en dus transparantie zorgt. Angel Aqua Chic wordt hierdoor eigenlijk een moderne chypre: via een frisse opening en een diffuse, moeilijk te duiden bloemennoot word je direct naar de basis getrokken. In dit geval de gourmandnoten van chocolade, vanille, karamel en honing vermengd met een overdosis patchoeli.

RUIK & VERGELIJK

Nou?

Thierry Mugler Angel (1992)

VERY IRRESISTIBLE ELECTRIC ROSE GIVENCHY

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 15, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET V. Een reactie plaatsen

EEN ROZENGEUR VOOR ‘POPGIRLS’

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 15/05/12

Neus: onbekend

Model: Liv Tyler

Fotografie: onbekend

Ik dacht dat rock & roll (soms ook neo gothic genoemd, soms tattoo chic) in combinatie met parfum wel over zijn hoogtepunt heen was. Maar trends zijn meer persistent dan je denkt. En ‘stylingtechnisch’ ligt rock & roll zo prettig: het geeft de toch vaak tuttige en over-romantische uitstraling van parfum een zogenaamd edgy en brutaal randje… Net gekapte meisjes transformeren tot ‘wild things’, roadies en kiezen voor een heus, maar niet echt liederlijk leven. Meer voor de grap.

Inspiratiebron: Amy Winehouse. Is ook gebeurd met Liv Tyler. Was ze in 2003 bij de ‘oeropvoering’ van Very Irrésistible de millenniumincarnatie van de allereerste Givenvhy-muze, Audrey Hepburn, nu toont ze haar wilde kant en is voor de gelegenheid in het vak van rock & roll-zangeres getreden. De reden? Hiermee wil het couturehuis de rebellerende stijl en ongewoonlijk signatuur van het huis benadrukken.

Ik dacht persoonlijk dat dit al werd gedaan met het parfum van vorig jaar – Dahlia Noir – gepromoot door de allernieuwste muze van het huis: Mariacarla Boscono. Maar die is meer etherisch, chic, ‘Parisienne’ en couture. In vergelijk daarmee is Liv Tyler meer de Givenchygirl next door. Dat toont ze ook in de videoclip, waarin ze de rol van een zangeres speelt (niet is) die helemaal conform de huidige stylingwetten een beetje zwoel zingt, beetje zwoel kijkt en omringd is met gladgebouwde dansers. En dat vinden ‘we’ sexy.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

En dit allemaal om de nieuwe variatie van Very Irrésistible onder de aandacht te brengen. Deze rozengeur moet in Very Irrésistible Givenchy Electric Rose als het ware wat ruiger laten ruiken.

En dat doet de roos ook, tenminste als je ruig met fris en groen vertaalt. Want dat is het verschil. Ruik je direct in de opening: een friszoete mix van blauwe bes en citroen die een groene nuance krijgt door basilicum en verbena (ijzerkruid). Hierdoor ruikt de roos in het hart minder bloemig, minder ‘roos’ en dat wordt nog eens versterkt door de toevoeging van anijs (zoet-fris) en viooltjesblad (dauwachtig fris en groen – zie foto). Dit alles wordt in de basis vastgehouden door cederhout en ‘parelmusk’.

Er verscheen nog een andere versie van Very Irrésistible dit jaar. Vooralsnog eenmalig. En wel in de serie Les Créations Couture. Doet een beetje denken aan de in 2004 gestarte Harvest-reeks die dit jaar voor het eerst niet verschijnt. De geur genaamd Very Irrésistible Givenchy Lace Edition – nog niet geroken – krijgt hier een ‘textiele sensatie’. Ofwel, de ingrediënten zijn nét wat rijker en voller van kwaliteit, ofwel ‘een huwelijk tussen couturematerialen en de kwintessens van Givenchy-luxe’. Organza (1996) en Ange ou Démon (2006) krijgen dezelfde behandeling. Voor de mannen werden Pi (1999) en Play (2008) geselecteerd. Die krijgen een leerbehandeling.

RUIK & VERGELIJK

Nog meer geuren voor wilde-stoere meisjes:

Tommy Hilfiger Loud for Her (2010)

Diesel Loverdose (2011)

Paco Rabanne (2012) Black XS L’Excès pour Elle (2012)

DIORAMA – LES CREATIONS DE MONSIEUR DIOR – DIOR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 14, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET D, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Een reactie plaatsen

EEN VAN DE MOOISTE BLOEMENHULDES DENKBAAR

Jaar van lancering: 1949/2011

Laatst bijgewerkt: 14/05/12

Neus: Edmond Roudnitska (1947), François Demachy (2011)

On dit: toen Christian Dior in 1947 besloot om gelijk met zijn eerste couturepresentatie een parfum te lanceren, kon hij niet kiezen uit de twee voorstellen die hem werden gedaan. Hij schijnt vrouwen in zijn omgeving te hebben lastiggevallen om uit te vinden welk het meest in de smaak viel.

Eigenlijk was hij teleurgesteld dat de meeste kozen voor de geur die – dus – als eerste verscheen: Miss Dior. Hier zit wel wat in omdat het ‘afgewezen’ parfum – twee jaar later verschenen onder de naam Diorama – meer bij zijn persoonlijke lichtbloemige parfumvoorkeur paste. De naam is toepasselijk, afgaande op de letterlijke betekenis: kijkkast met een vaak museale opstelling waarbij voorwerpen zodanig staan gepresenteerd dat een indruk van een mogelijke werkelijkheid wordt getoond – alsof je eind jaren veertig voor Diors etalage aan de avenue Matignon staat.

De geur heeft zich in populariteit nooit kunnen meten met Miss Dior. Zowel in de beginjaren, zowel in de jaren daarna. De reden volgens mij: Diorama was voor zijn tijd te modern en werd daardoor nog niet begrepen. Toen eigentijds en daarom wel begrepen was Miss Dior – die net zoals alle belangrijke parfums uit die jaren (en ook uitgroeiden tot klassiekers) werd gekenmerkt door de sterk leerachtige chyprenoot. Zoals: Femme van Rochas, Bandit van Robert Piguet (beide 1944), Vent Vert van Pierre Balmain (1945) en het nu niet meer verkrijgbare Le Roy Soleil van Schiaparelli en L’Heure Attendue van Patou (beide 1946).

In vergelijk met deze ‘wild-animale’ parfums was Diorama een fragiel wonder van licht, een wonder van lucht, een wonder van transparantie dat goed werd verbeeld door de ‘huisillustrator’ van Dior, René Gruau: een in een bloem slapend nymfengezicht, een gedrapeerde handschoenen plus een fragiele mousseline couturecreatie op een Louis XVI-stoel.

Ik heb eind jaren tachtig begin een paar keer aan de originele versie van dit wonder geroken in de boetiek aan de avenue Montaigne. De kennismaking was verwarrend: je bent even van de wereld, je treedt in contact met een kunstwerk waarvan je de importantie nog niet direct van begrijpt en die ik op moment technisch nog niet kon verklaren.

Wat ik wel wist: Diorama is een ‘hors concours’-parfum dat boven zoveel andere geuren zweeft. Om me er in te verdiepen, ben ik een paar keer teruggegaan, en terugkijkend is dit eigenlijk het parfum geweest dat me deed besluiten me professioneel te gaan verdiepen in geuren omdat het nóg meer dan mijn toenmalige favorieten de (verbeeldings)kracht van parfum symboliseerde.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Inmiddels kan ik Diorama wel technisch verklaren. Het is voor mij het hoogtepunt van de klassieke Diorparfums (dat eindigde met Dioressence in 1979) en het hoogtepunt in het oeuvre van de schepper, Edmond Roudnitska. Het is de zon waar zijn andere klassiekers als planeten in verschillende banen omheen draaien: Rochas’ Femme, Eau d’Hermès (1951), Diorissimo (1957), Diorling (1964) en Diorella (1973) – zelfs Diors Eau Sauvage (1966) draait er in een grote ellips omheen.

Ze hebben allemaal iets van Diorama in zich. Femme en Eau d’Hermès de kruidigheid, Diorissimo de fris-waterige bloementoets, Diorling de leernoot, Diorella het ‘groenfruitige’, Eau Sauvage de citrusfrisheid. Maar wat het meest verwondert: het lijkt wel of de geur niet eind jaren veertig, maar midden jaren zestig werd ontwikkeld: zo licht, zo nieuw, die vermenging van fruitige, bloemige en animale noten. Diorama is een geur die niet zijn schaduw, maar zijn licht vooruitwerpt.

Er is wel een groot verschil in de vintage en de nieuwe versie die in de opening erg veel gelijkenis toont met Diorella. Pas als de nieuwe versie goed op gang is gekomen, merk je het verschil. Ik weet niet of François Demachy alle ingrediënten heeft opgegeven – lijkt onvoorstelbaar.

Maar mocht hij Diorama oproepen met slechts bergamot, jasmijn, roos, ylang-ylang, perzik en pruim, patchoeli en cederhout, dan is dat heel knap want ik ruik meer. Met name een peperachtige noot – opgeroepen met anjer, kruidnagel, nootmuskaat, peper – die zo kenmerkend is voor de vintageversie. Stel je hierbij niet te veel voor, het is een accent want het geheel van de nieuwe versie blijft toch een transparante bloemenwolk badend in de zon die op de eerste plaats niet sensueel wil verleiden, maar je wil laten lachen. De ‘intrincieke’ kruidige leernoot die de bloemen ondersteunt, voel en ervaar je als draagster eigenlijk alleen zelf.

Als Dior nu ook nog besluit om zijn minst begrepen parfum (Dior Dior uit 1976) in Les Créations de Monsieur Dior op te nemen, zijn alle ‘vergeten’ geuren weer op de kaart gezet. En dan… zou toch mooi zijn als er van deze geuren ook een eau de parfum, of nog beter, een parfumversie zou verschijnen. Dat is toch de meest aangenaamste manier om het wonder van geur te begrijpen. Zeker wat Diorama betreft.

RUIK & VERGELIJK

Een les in subtiliteit. Een les voor de fijne neus. Noem het variaties op een toen vernieuwend thema: de fris-fruitige bloemengeur op een licht animaal fond. Want er bestaat nog een dergelijke ‘Diorgeur’, het werd in de jaren zestig door Edmond Roudnitska gemaakt als privéparfum voor zijn vrouw en is door Frédéric Malle opnieuw op de markt gebracht.

Frédéric Malle Le Parfum de Thérèse (196?, 2000).

Dior – Les Créations de Monsieur Dior – Diorella (1972)

FRACAS ROBERT PIGUET

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 9, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET F, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, NICHE, VINTAGE. Getagd: fabrice fabron, geil, tuberoos. 2 reacties

TUBEROOS TOTAAL, TUBEROOS FATAAL

Jaar van lancering: 1949

Laatst bijgewerkt: 09/05/12

Neus: Francis Fabron

Nog even en niche en vintage worden in combinatie met parfum doodgewoon. Viel me afgelopen zondag 6 mei op (let op bovenstaande datum): kreeg een mail van de funshopafdeling van The New York Times.

Die afdeling heet The Sophisticated Shopper en attendeerde op Fracas. Het was geen redactioneel verhaal maar een advertentie begeleid met de tekst: ‘Devotees say Fracas is the ultimate love potion’. Leuk natuurlijk, alleen wens je soms graag dat een parfum in kleine kring geliefd blijft, dat niet iedereen er mee gaat lopen. Dan hebben we het nog niet eens gehad over het ‘inside barf’-cliché: love potion. Wel een mogelijk voordeel van deze ‘niche-becomes-just-nice’-ontwikkeling: dat mensen zich meer gaan verdiepen in de man achter dit parfum, dat er een boek en/of overzichtstentoonstelling verschijnt van Robert Piguet (1901-1953). Zie foto onder.

Zijn aandeel in de modegeschiedenis is bescheiden, maar belangrijk. Hij was een couturier die in de schaduw van zijn grote tijdgenoten leefde en werkte. Niet dat hij niet geliefd was: zijn elegante dag-ensembles en avondjurken werden gedragen door vele beroemdheden. Zijn stijl is in feite een voorbode van de extreem vrouwelijke en elegante haute couture die onder aanvoering van Christian Dior en Hubert de Givenchy na de Tweede Wereldoorlog zo populair zou worden.

Niet zo vreemd: beiden werkten in hun vroege jaren voor Robert Piguet. Voor de Tweede Wereldoorlog waren er honderden van dergelijke salons in Parijs. Toch is Piguet in tegenstelling tot veel van zijn collega’s niet helemaal in de vergetelheid geraakt. En het opvallende: dit dankt hij niet echt aan zijn couture, maar aan slechts twee parfums. Maar wat voor een parfums!

Zowel Fracas als Bandit (1944) zijn jarenlang omgeven geweest door geheimzinnigheid. Dat wil zeggen: nadat ze in de jaren zestig/zeventig geleidelijk van de markt verdwenen, nam hun roem eigenlijk alleen maar toe.

Zowel Fracas als Bandit (een klassieke dierlijke chypre) bleken achteraf binnen hun geurfamilie toonaangevend. Begin jaren negentig is de productie van dit duo (en andere Piguetparfums na zijn dood verschenen) weer gestart en beleven ze onder de noemer vintage een tweede jeugd. Ook opvallend: de geuren zijn qua samenstelling nauwelijks veranderd. Misschien alleen minder zwoel-dierlijk in de basis. Voor de rest: ouderwets genieten.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Fracas is Frans voor ‘drukte’ of ‘opzien baren’. Nou draag je hem, dan doe je dat zeker. Fracas is de geschiedenis ingegaan als ‘het beste tuberoosparfum ooit’. Maar je ruikt meer dan tuberoos. Om het tumultueuze effect ervan te versterken, wordt ze omringd door jasmijn (bloemig), gardenia (fluwelig-kruidig), lelietje-van-dalen (fris), narcis (zwoel) en iris (zacht).

En heel mooi: hierdoor blijft de geur, hoewel zwoel, helder en zonnig zonder te vervallen in diepe, oosterse sensualiteit. Tuberoos is altijd sensueel, maar kan zowel groen, fris als intens bloemig ruiken. De neus koos voor het laatste. De tuberoos wordt intens verleidelijk met name door narcis en gardenia. En de basis van sandelhout, vetiver en musk (die nu minder dierlijk-verslavend ruikt) garandeert dat het parfum zijn gevaarlijke spoor kan blijven verspreiden.

Donatella Versace was zo onder de indruk van Fracas dat ze haar broer Gianni vroeg – die bezig was een geur aan het ontwikkelen als ode op zijn zus – dit parfum als inspiratiebron te gebruiken. Blonde wordt, hoewel beduidend vlakker, als een redelijk geslaagde kopie van Fracas beschouwd. Madonna zei onlangs dat ze zich bij haar eerste geur heeft laten inspireren door het parfum dat haar moeder altijd droeg. Die rook altijd naar tuberoos en gardenia… ik vind het vreemd dat ze de naam niet meer kan herinneren – iedereen herinnert zich toch de fragrance favorites van hun moeders en vaders? Het was volgens mij Fracas. Kan niet anders.

RUIK & VERGELIJK

Niet iedereen is gecharmeerd van de tuberoos. Helemaal niet in zijn pure sensuele staat: zoet en bloemrijk, door liefhebbers omschreven als bedwelmend en overrompelend. Het is tevens de bloem met de meest verheven omschrijvingen: ‘koningin van de nacht’ en ‘parel onder de bloemen’, maar refereert eigenlijk aan de meeste basale gevoelens van de mens. Lust! Sterker, een parfum waarin de hoofdrol is weggelegd voor tuberoos werkt als een afrodisicum of love potion.

Niet verder vertellen: parfumhuis Annick Goutal promoot haar eigen tuberoosparfum als ‘de G-geur’, wat slaat op het beoogde effect op de hormonen voor zowel de draagster als de ontvanger. Niet zo vreemd als je bedenkt dat tuberoos bij de Mexicaanse indianenstammen (Mexico is de originele habitat van de bloem) eeuwenlang werd gebruikt als een soort viagra-pil avant la lettre en als remedie tegen frigiditeit…

Kortom, tuberoos is erotisch – lees: geil -, tuberoos is chic, tuberoos is couture. Breng je een ‘pure’ tuberoos op de markt, dan mik je hoog. Het is een soort bevestiging van je kwaliteit als superieur parfumeur. Heeft u even…

Creed Angélique Encens (1933)

Annick Goutal Tubéreuse (1984)

Versace Blonde (1995)

Serge Lutens Tubéreuse Criminelle (1998)

Jean Paul Gaultier Fragile (1998)

Frederic Malle Carnal Flower (2005)

Parfumerie Générale N°17 Tubéreuse Couture (2006)

Estée Lauder Private Collection Tuberose Gardenia (2007)

By Kylian Beyond Love (2007)

Thierry Mugler – Miroir Miroir – A travers le Miroir (2007)

Prada Infusion Tubéreuse (2010)

Histoires de Parfums Tubéreuse Trilogie (2010)

L’Artisan Parfumeur Nuit de Tubéreuse (2010)

Mona di Orio – Les Nombres d’Or – Tubéreuse (2011)

Madonna Truth or Dare (2012)

ORIGINAL SANTAL CREED

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 8, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET O, NICHE. Een reactie plaatsen

SANDELMAN

Jaar van lancering: 2005

Laatst bijgewerkt: 08/05/12

Neus: Olivier Creed

Hoeveel ‘origineel’ sandelhout – santalum album – uit India ruik je tegenwoordig nog in een geur met in de basis sandelhout of in een ‘puur’ sandelhoutparfum? Zit namelijk zo: door ongebreidelde wildkap en geen echte aanplantplanning van de Indiase overheid, schijnt er nog maar weinig over te zijn van de ooit zo uitgebreide sandelhoutplantages. Dus werd (midden jaren negentig van de vorige eeuw volgens mij) besloten dat het ‘heilige hout’ alleen nog maar voor religieuze doeleinden (tempelbouw, bij rouwrituelen) mag worden gebruikt.

Dat weet de industrie al langer, al was het alleen maar om de prijs van wat er resteerde. Dus werd voor natuurlijk sandelhout uitgeweken naar Australië en Hawai voor amyris (ook wel sandelhout west genoemd dat minder ‘warm’ is en sneller vervliegt).

Ook populair: santalum spicata (idem plus een bittere nasleep) en werden er in de laboratoria inmiddels synthetische alternatieven ontwikkeld, die vooral in de basis van geuren het echte romige, zonnige, melkachtige, bloemige ‘pure’ sandelhoutgevoel proberen na te bootsen. Denk aan het erg populaire cashmeran, en geuren waarin zogenaamde witte houtsoorten zitten verwerkt. De beste kwaliteit sandelhout vind je nog steeds in het Mysore-gebied dat wordt gewonnen uit de wortels en het kernhout van de boom. De essentiële olie hiervan is zoet, rijk, warm met een ongekend harmoniserende werking.

Niet alleen op de geest (als je er in gelooft), maar ook in een parfumcompositie: het neemt zeer makkelijk andere geuren in zich op zonder zijn eigen identiteit echt te verliezen. Dat kun je nog steeds goed ruiken in de klassieke attars: net zoals bij wijn, wordt ‘sandelhout-attar’ in de loop der jaren rijker, voller en rijper. Als je dat één keer hebt geroken, heb je het gevoel in de parfumhemel te verkeren – ongeëvenaarde non plus ultra verfijning. Van Creed is bekend dat het alleen de beste ingrediënten verkrijgbaar gebruikt voor zijn geuren. Het parfumhuis is hierin zo streng dat het zich af en toe verplicht voelt klassieke millésimes uit de collectie te halen omdat de oogst van sommige ingrediënten niet goed genoeg meer is.

Geldt in zekere mate ook voor Original Santal maar dan ‘andersom’ – het is namelijk een moderne interpretatie van Santal Impérial (foto) dat in 1850 op verzoek van keizer Franz-Jozef (1830-1916) van Oostenrijk (die vier jaar later zou trouwen met zijn nicht Elisabeth – beter bekend als Sissi) werd gecreëerd en nog steeds te koop is. Alleen weet ik bijna wel zeker dat de geur inmiddels wat samenstelling betreft is aangepast.

Het verschil: het sandelhout van nu is minder rijk sandelhout doordat de bomen door vroegtijdige kap niet de kans krijgen om te volgroeien. Original Santal is een typische, klassieke mannengeur van Creed die absoluut geen moeite doet om modern en hip te zijn. Stoer, mannelijk met een – gelijk alle Creedgeuren – ontzettend verfijnde en daardoor prettige basis. Nadeel alleen: dergelijke geuren zijn bijna standaard geworden voor een chique houtgeur geworden – ook in de ketenparfumerie – waardoor je de bijzonderheid ervan niet meer als zodanig ervaart.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Wel leuk: Creed gaat ook uit van het spirituele verrijkende en tegelijkertijd kalmerende effect van sandelhout. Wel waar: hoe langer je aan Original Santal ruikt, hoe meer de geur één wordt met de huid, hoe ‘tevredener’ je je voelt. Nou een beetje modern is Original Santal wel, maar je moet over een fijne en geoefende neus beschikken om de gember in de licht-frisse opening van mandarijn, lavendel en jeneverbes – ruik je goed en ‘hierachter’ de gember – te detecteren.

En veel tijd krijg je daar ook niet voor, aangezien de kruiden hun aandacht opeisen: kaneel en koriander… voorzien van een lichte bloemennoot van rozemarijn, lavendel en neroli. En dan natuurlijk waar ‘iedereen’ op zit te wachten: sandelhout uit het Mysore-district (zou het waar zijn gezien bovenstaande tekst?) gecombineerd met cederhout lichtjes overgoten met benzoïne, vanille en ambergris (de echte naar wordt beweerd).

Een aangename, prettige geur met een mooie overgang van fris, naar kruid, naar warm hout. Alleen voor Creed wel een beetje saai, braaf en ‘confectie’. Past goed bij een driedelig pak, smetteloos wit overhemd, perfecte geknoopte stropdas en gepoetste schoenen. Er ontbreekt een beetje de verrassing en het exclusieve gevoel, zoals je dat bijvoorbeeld wel in Bois du Portugal (1987) en in Silver Mountain Water (1995) ervaart.

RUIK & VERGELIJK

Een ‘pure’ sandelhoutgeur staat voor man en klassieke elegantie, maar nog meer voor niche én androgyn. Sommige geuren hebben echt alleen maar de vrouw in het vizier.

Sandelman:

Fragonard Santal  (xxxx)

Maître Parfumeur et Gantier Santal Noble (1988)

 

Sandelvrouw:

Guerlain Samsara (1989)

Keiko Mecheri Bois de Santal (2000)

Tom Ford Santal Blush (2011)

 

Sandel voor hem én haar:

L’Artisan Parfumeur Santal (1978)

Serge Lutens Santal de Mysore (2001)

Floris Sandelwood (2003)

Montale – Confidential Collection – Santal de Mysore (2007)

Hermès Santal Massoia (2011)

Le Labo Santal 33 (2011)

THE FLORA GARDEN GUCCI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 7, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET F. Een reactie plaatsen

GRACIOUS GUCCI

GLAMOROUS GUCCI

GORGEOUS GUCCI

GENEROUS GUCCI

GLORIOUS GUCCI

Laatst bijgewerkt: 07/05/12

Jaar van lancering: 2012

Neus: onbekend

Model: Abbey Lee Kershaw

Steeds meer luxemerken gedragen zich steeds meer als een echt parfumhuis. Dat wil zeggen: de collectie wordt zo uitgebreid dat, welke geurenvoorkeur je ook hebt, je die als fan van het merk er kunt vinden. Gucci doet het nu met The Flora Garden en haakt hiermee in op een andere trend: de ‘verniching’ van de ketenparfumerie. Want iedereen in het veld is er nu wel achter dat naast eco, niche het toverwoord is. Hoe exclusiever, hoe beter het verkoopt. Nu moet je het in de ketenparfumerie natuurlijk niet te gek maken: het moet wel betaalbaar blijven en de geuren zelf moeten niet te apart, te weird zijn. Het gaat vooral om de presentatie en het verhaal.

Gucci presenteert The Floral Garden met een geloofwaardig, authentiek – nog een trend! Want dit geurenkwintet is geïnspireerd op een sjaal – met de naam Flora – die Rodolfo Gucci in 1966 door illustrator Vittorio Accornero speciaal voor prinses Grace van Monaco liet ontwerpen, nadat zij tijdens een bezoek aan de Gucci-boetiek in Milaan, geen passende kon vinden bij de door haar gekochte bamboetas. Het gevolg: de sjaal groeide uit tot designklassieker en ‘moeders gaven hun passie voor Flora door aan hun dochters’. Bijvoorbeeld: prinses Grace aan dochter Carolina en – hoe toevallig  – de moeder van Gucci’s huidig creative director Frida Giannini aan haar.

Vreemd, maar waar: Flora raakte in vergetelheid tot dat in 2005 Giannini het patroon weer ontdekte in de archieven van het huis en besloot het opnieuw te gebruiken. Het gevolg: ‘Een nieuwe generatie raakte in ban van het patroon’. Niet alleen door jurken, sieraden en avondtasjes, maar ook door de gelijknamige ‘I feel love’-geur uit 2009, waarvan in 2011 een lichtere versie verscheen: Flora by Gucci Eau Fraîche. Ook toevallig: de vijf bloemen die met Flora Garden tot leven worden gewekt, sierden ook de originele versie van de Flora-sjaal in 1966. Niet echt origineel, maar de vijf geuren ‘vieren de veelzijdige manier waarop een Gucci-vrouw de vele (verborgen) facetten haar persoonlijkheid kan ontdekken, onthullen en tonen’ – aldus Frida Giannini.

‘Door het plukken van de bloemen uit deze geheime geurentuin toont zij haar ware ziel. En die is ‘jong van geest, mysterieus en verleidelijk’ en ondertussen ‘heeft ze respect voor het verleden’. Vergeet ook niet dat ‘er veel meer achter haar schuilt dan je op het eerste gezicht zou denken’. De Gucci-vrouw die Glamorous Magnolia selecteert, weet dat ‘ze fascinerend, zelfverzekerd, charismatisch en zeer aantrekkelijk is’. Sterker, ‘ze windt iedereen met gemak om haar vinger’. Plukt ze Gorgeous Gardenia dan laat ze zien dat ze ‘zwoel en superverleidelijk sensueel’ is die mannen aantrekt, zoals een bloem in bloei bijen weet te verleiden. Gracious Tuberose wordt gedragen door de vrouw die weet dat ze ‘van nature zelfverzekerd is die danst door het leven als een gracieuze ballerina en betovert met haar vrolijke karakter’.

Voor Generous Violet en Glorious Mandarin (alleen in 100ml) kan de Gucci-vrouw alleen terecht in de Gucciboetieks en enkele flagship stores. Maar zij die ‘mysterieus, romantisch, superelegant is en iedereen met haar genereuze uitstraling betovert’ heeft dat er wel voor over om deze viooltjesgeur te bemachtigen. En de ‘krachtige en energieke’ Gucci-vrouw met haar ‘besmettelijke positieve instelling’ die weet dat ze met een mandarijnmelange haar ‘inspirerende en adembenemende vrouwelijkheid’ kan benadrukken, hoef je dat ook niet twee keer te vertellen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Wat opvalt aan The Floral Garden, is de licht- en luchtigheid van toon, zelfs bij bloemen waarbij je het misschien niet zou verwachten. Neem Gracious Tuberose. Zijn geuren waarin tuberoos de hoofdrol speelt vaak sensueel overrompelend, in bloementuin van Gucci lijkt het of ze bloeit in op een schaduwrijke plek in de buurt van een sprankelend beekje. Dat komt vooral op het conto van viooltjesblad in de opening, dat verspreidt een enorm frisgroen parfum.

In het hart weet de tuberoos zich omringd door perzik (zacht), oranjebloesem (fris en bloemig) en roos (zacht, zoet en bloemig). En hoewel cistus labdanum de zwoelheid van de tuberoos lichtjes benadrukt, zorgt wit cederhout ervoor dat Gracious Tuberose zijn lichte toon behoudt. Gorgeous Gardenia is zoals gardenia moet zijn: zacht als fluweel, zacht als boter met een geelbloemige noot.

Maar ook hier: geen overvolle maar een zachte, transparante gardenia. Dat de geur helemaal nu is, ruik je direct in de opening: een gulle dosis rode bes gecombineerd met peer. Dus rood, zoet, fris (bes) en zacht, honingachtig (peer). Dit gaat elegant over in het gardenia-hart dat haar zoete zachtheid versterkt ziet door exotisch frangipani. De afronding met patchoelie en bruine suikert zorgt ervoor dat de gardenia haar koppig-fluwelen karakter kan bewaren en modern sensueel gemaakt ziet door bruine suiker.

De magnolia is licht, zoet, breekbaar, zonnig, bloemig met een hele lichte ‘waterige’ ondertoon. Al deze eigenschappen blijven in Glamorous Magnolia gewaarborgd. Het laatste door frisse fresia in de opening wat wat versterkt door ‘groene bladeren’ en citrusvruchten. Door in het hart naast de pioenroos te bloeien, weet de magnolia dat haar eigenschappen worden versterkt, met de nadruk op bloemig en zoet. De afronding is net zoals Gorgeous Gardenia modern sensueel, door niet te kiezen voor vanille maar voor een vleugje chocolade dat versmelt met sandelhout en musk.

Generous Violet en Glorious Mandarin heb ik nog niet geroken.

RUIK & VERGELIJK

Welke Gucci-vrouw ben jij?

Gucci – The Flora Garden – Gracious Tuberose

Gucci – The Flora Garden – Glamorous Magnolia

Gucci – The Flora Garden – Gorgeous Gardenia

Gucci – The Flora Garden – Generous Violet

Gucci – The Flora Garden – Glorious Mandarin

BLACK UNDERGREEN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 5, 2012
Geplaatst in: ECO, GEURENALFABET B, NICHE. Een reactie plaatsen

‘EEN POLITIEK INCORRECT PARFUM’

EN NOG ECO OOK

Jaar van lancering: 2011

Laatst bijgewerkt: 05/05/12

Neus: Fabrice Olivieri

Concept & realisatie: Jérôme Bonnet, Patrice Cardenoso

De moed zinkt me soms in de schoenen als ik me bedenk hoeveel nieuwe nichehuizen ik nog moet bespreken. En het vervelende: ze doen steeds minder wat ze volgens mij zouden moeten doen, namelijk: het leveren van parfums die zich echt, maar dan ook echt onderscheiden. Maar dat gebeurt bijna niet (meer).

Wat wel: elkaar in de gaten houden en copycats leveren. Na tientallen oud-geuren de afgelopen jaren, konden in 2010 Giorgio Armani (met Armani Privé Oud Royal), Thierry Mugler (met Miroir des Voluptés) jaren, vorig jaar Creed (met Royal Oud), Mona di Orio (met Oud) en Van Cleef & Arpels (met Precious Oud) en dit jaar Maison Francis Kurkdjian (met Oud) en Different Company (met Oud Shamash en Oud for Love) de verleiding van deze velvet gold mine in de parfumerie niet weerstaan. Ben er vast een paar vergeten.

Om als spiksplinternieuw niche parfumhuis nu direct een van je eerste geuren Oud te noemen… dan kun je volgens mij nu niet echt op een gunstig onthaal rekenen ook al is die eco. Wat te doen? Je gaat met oud spelen in de basis en omkleedt het met andere intense aroma’s en natuurlijk een soort van een hoe en waarom.

Undergreen (opgericht door Jérôme Bonnet en Patrice Cardenoso) wil een brug slaan tussen de kostbare, klassieke parfumerie (door die te respecteren zoals dat altijd gebruikelijk is in parfumpr-talk om de klassieke parfumfan niet af te schrikken) en de wens voor honderd procent natuurlijk groen genot (om de moderne smaakconsument naar je toe te trekken) met een elegante toets en moderne stijl. Het staat ook wel interessant om te zeggen dat je ‘the distance between our cities and imaginary paradises’ wil coveren, dat je geëffende paden verlaat om ‘the ultimate generation of perfumes’ te bereiken. Pfff. Toe maar!

Het resultaat van deze overpeinzingen: Black – hoe origineel – met als tegenhanger – juist! – White. Verder geen uitleg. Hoeft ook niet. Strakke flacon, met peerverstuiver en/of zware dop en klaar. En het werkt blijkbaar, gezien de enthousiaste ontvangst die mij wel enigszins verbaast, want…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… hoewel ik weet wel dat het steeds moeilijker wordt om een originele geur samen te stellen, blijkt Black toch niet meer en minder dan een aangename rokerige houtgeur. Maar om dit nou echt niche te noemen? Is het de prijs? Daar denkt Undergreen natuurlijk anders over, want die vindt de neus ‘een visionair, ongehoorzaam, die politiek incorrecte parfums creëert. Hmm, donker dat wel. De geur is als een intense, dreigende wolk vol van kruidige en zoete smaakmakers die in één keer losbarst. Na verloop van tijd kun je de verschillende druppels – opening, hart, basis – herkennen. Zoals gember, kaneel en peper in de opening.

In het hart: tonkaboon, koffie en zoethout (hart). Berkenteer, wierook, guaicac en… natuurlijk oud (foto)in de basis. Wat vooral de neus prikkelt is de peper die door tonkaboon (normaal gereserveerd voor de basis) en zoethout en zachtzalvende, sensuele ondertoon krijgt. Deze zoetheid zorgt ervoor dat de mannelijke nasleep – het is een androgyne geur – een zachte en warme ‘rokerige’ draai krijgt.

En wat het groene en eco van de geuren betreft: de ingrediënten werden geleverd door Chimie Naturelle die op basis van ‘high tech biotechnologie milieuvriendelijk moleculen isoleert van essentiële oliën’.

RUIK & VERGELIJK

Heb hem een tijdje geleden geroken, maar is me niet echt bij gebleven. Binnenkort nog een keer.

Undergreen White (2011)

CODE LUNA GIORGIO ARMANI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 3, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET C. Een reactie plaatsen

ZIE (EN RUIKT) DE MAAN SCHIJNT DOOR ARMANI CODE

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 03/05/12

Neus: Dominique Ropion

Model: Valeria Bilello

Fotografie: Paolo Roversi

In de collecties van Giorgio Armani zie je de maan regelmatig ‘schijnen’: je ziet haar terug in het kleurenpalet, als borduursel en  decoratie-element. Voor Armani staat de maan symbool voor dromen, het onderbewuste én… ultieme vrouwelijkheid. Nu kun je ‘via hem’ haar ook ruiken, want zijn nieuwste creatie voor de ketenparfumerie heet: Code Luna. De geur belichaamt voor hem de vrouw die elke vrouw eigenlijk zou willen zijn – is dat zo? -, ongrijpbaar dus moeilijk te vangen; voor je het weet is ze weer ‘weggeglipt in de nacht, ons in verwarring achterlatend, het enige wat van haar resteert is het  glinsterende spoor van haar provocerende parfum’.

Door haar intense en sensuele uitstraling belichaamt Valeria Bilello volgens Armani de Code Luna-vrouw perfect: ‘Betoverd door het witte maanlicht zit ze gevangen tussen het verlangen de hypnotiserende kracht ervan te weerstaan en de verleiding er toch voor te bezwijken’. Deze ‘verscheurende’ twijfel werd gefilmd en gefotografeerd door Paolo Roversi: het vervagende aura rondom Valeria Bilello vangt subtiel de frisheid, gratie en emotie van Code Luna.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Dominique Ropion omschrijft Code Luna als een frisbloemige én sensuele ‘vanille’-eau de toilette met een, gelijk de maan, hypnotiserende werking. Opvallend: in Code Luna speelt, net zoals in Armani Code (2006), oranjebloesem een belangrijke rol.

Ruik je direct in de groenachtige opening van bergamot, peer en bittere sinaasappel. Is dus oranjebloesem en ik vermoed dat gezien het frisse karakter petitgrain werd gebruikt, ofwel de essence afkomstig van de takken en het gebladerte.

Maar ook kondigt zich al de zoetheid van de basis aan. In het hart wordt eerst de ‘echte’ oranjebloesem (wil zeggen de bloesem met zijn zoet-zwoele maar toch frisse karakter) gelinkt aan de Selenicereus grandiflorus, die volgens Armani bloeit ‘op plekken van licht en schaduw’.

De legende wil dat deze zeldzame en mysterieuze cactus – bij ons bekend als koningin van de nacht – alleen opent tijdens volle maan en dan een volle, intense zoete geur verspreidt die neigt naar vanille. Maar geen enkele gespecialiseerde cactussite maakt hier melding van. Ook niet dat hij alleen tijdens volle maan zijn bloemen opent. Kwestie van ‘sfeermarketing’ moet je maar denken. Osmanthus geeft oranjebloesem als je heel goed doorruikt een vleugje leer en daardoor animale kwaliteit.

Vanille verleent samen met tonkaboon aan Code Luna zijn fijnzinnige sensualiteit. Cederhout garandeert dat dit alles beklijft. Het eindeffect volgens Giorgio Armani: onuitwisbare ultra-vrouwelijkheid.

Het eindeffect volgens Geurengoeroe: de oranjebloesem-vanillecombinatie werkt verrassend goed, zonder dat de cologne-achtige frisheid (eigen aan oranjebloesem) verloren gaat.

RUIK & VERGELIJK

Giorgio Armani heeft dit jaar meer in petto. Zo krijgt Acqua di Giò pour Homme (1996) een ‘parfumversie’, Emporio Armani’s Diamonds (2007) en Diamonds for Men (2008) baden dit jaar in de zomerzon en Acqua di Gioia (2010) geeft dit jaar de huid een mooi glansje met de Eau de Parfum Satinée-versie.

Voor we het vergeten: de Armani Privé-reeks wordt uitgebreid met Figuier Eden. En voor de limited edition-fans: voor de tweede keer stelde de ontwerper voor Armani Privé een parfum samen geïnspireerd op zijn voorjaarszomercollectie. De naam: Nacré. Aantal stuks: 1000.

THE ONE SPORT DOLCE & GABBANA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 2, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S, GEURENALFABET T. Een reactie plaatsen

MENS SANA IN CORPORE SANO VOOR DE MODERNE ‘GLADIATOR’

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 02/05/12

Neus: P&G Fragrance Team

Model: Adam Senn

Fotografie: Marciano Vivanco

Altijd leuk om te lezen hoe luxemerken die ‘in principe’ geen link hebben met sport deze ‘bezigheidstherapie’ interpreteren, om als het ware te verantwoorden waarom ze nu ook een sportgeur lanceren. Dit zeggen Dolce & Gabbana: ‘ Sport is jezelf uitdagen: een manier om fit te worden. Dit geldt voor onszelf als voor anderen. Sport is het evenwicht tussen lichaam en geest’. Kan ieder luxemerk zeggen. Dit niet: ‘Sport is een puur Italiaans ideaal, afkomstig van de oude Grieken en Romeinen: sport is competitie. Een prachtig moment en een uitdaging voor onszelf en onze tegenstanders’. Accepteren we. Maar kijkend naar het model, weet je direct waarom Domenico Dolce en Stefano Gabbana sport zo belangrijk vinden: als je het dagelijks beoefent, je ook nog eens jong bent, en een drop dead gorgeous gezicht hebt, dan levert dat veel kijkplezier op.

Tenminste als je houdt van gebeeldhouwde lichamen die met de juiste fotografie en belichting letterlijk beelden oproepen van ‘sportende’ oude Grieken en Romeinen. Zegt Domenico Dolce: ‘Vanwege zijn persoonlijkheid en atletische lichaam is Adam Senn de juiste man om The One Sport te vertegenwoordigen’. Ik zeg: Is het niet andersom? Zegt Stefano Gabbana: ‘Hij is de perfecte belichaming van kracht, vastberadenheid en het idee achter de geur. Zegt Adam Senn: ‘Ik denk dat ik op een spontane en natuurlijke manier The One Sport kan vertegenwoordigen. Sport hoort bij mijn dagelijks leven. Mijn lichaam, geest en imago heb ik helemaal aan de sport te danken’. Zeg ik: niet spontaan, maar eerder erg geposeerd – zie foto en ‘finale’ van de promotieclip. Die werd gedraaid door Marciano Vivanco, die eerder voor Dolce & Gabbana ‘van voetballers elegante en aantrekkelijke iconen maakte’ in boekvorm.

Zegt Stefano Gabbana: ‘We wilden de mythische betekenis van sport naar voren brengen, door gebruik te maken van de Olympische Spelen van de oude Grieken en te verwijzen naar het Romeinse gezegde mens sana in corpore sano’.

Zegt Domenico Dolce: ‘In feite draait de campagne om sport als gezonde levensstijl. Atletische bewegingen, discipline en een eerlijke strijd tussen sporters’. Dus belichaamt Adam Senn als een moderne gladiator in de vrijheid van de open lucht drie aspecten waarmee sporters hun talenten tonen: opoffering, devotie en passie’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Licht, luchtig, kruidig. The One Sport is als een mediterrane, verfrissende en ziltige golf vol kruiden. Opvallend: slechts een hele, hele lichte citrusopening.

Maar deze frisfruitige nuances liggen volgens mij eerder ‘opgeslagen’ in calone: een geurmolecuul uitgevonden in de jaren vijftig dat olfactorisch perfect de geuren van zeekusten imiteert: marine- en ozonachtige noten met een ziltig, algenrijk naspoor gecombineerd met een diffuse, maar sterke bloemennoot. Of de nieuwe, meer ziltige variant van dit zeebriesakkoord dat in 2011 werd gepatenteerd: cascalone. Dit wordt gecombineerd met rozemarijn in de opening en kardemon (foto) in het hart. Beide ruik je goed. Dit gaat vrijwel naadloos over in een houtigachtige, maar lichte basis van sequoiahout, patchoeli en musk. Laatste geeft met zijn katoen-pluizige noot de extreme frisheid van de opening een mooi, zacht katoenpluizig randje.

RUIK & VERGELIJK

2012 wordt in de categorie sportgeuren een strijd op olympisch niveau: welke halen de finaleplaatsen, welke kan zich sieren met een medaille?

Boss Bottled Sport (2012)

Chanel Allure Homme Sport Eau Extrême (2012)

Givenchy Play Sport (2012)

Kenzo Homme Sport (2012)

Issey Miyake Pour Homme Sport (2012)

ALIEN AQUA CHIC THIERRY MUGLER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 1, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET A. Een reactie plaatsen

ALIEN WORDT EEN CHIQUE ZOMERWATER

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 01/05/12

Neus: Dominique Ropion

Hydro-distillatie is volgens het persbericht van Alien Aqua Chic ‘een traditionele extractmethode’. Het werd als uitgangspunt genomen voor een innovatie van Thierry Mugler Parfums: ‘hydrolaat’ dat is afgeleid ‘van het distilleren van grondstoffen’. Ik weet dat de wereld van parfums voor velen nog is omgeven met veel mysteries, maar wat je hier leest is voornamelijk onduidelijk. Komt misschien door het feit dat het woord extractmethode in het Nederlands niet bestaat. Moet zijn: extractiemethode. En dan kom je ‘vanzelf’ terecht bij – inderdaad – een traditionele extractiemethode, want hydro-distillatie is niet meer en niet minder het proces dat een van de meest verfijnde parfums oplevert: attar.

Mocht je geïnteresseerd zijn: attar is een intens geconcentreerde olie van bloemen, kruiden, specerijen en harsen ‘opgeslagen’ in – meestal – sandelhoutolie. De fabricage is enorm arbeidsintensief. Kort door de bocht: een koperen ketel (deg) wordt gevuld met water en verse bloemen, kruiden en wat dies meer zij.

Die wordt afgesloten met een deksel met opening. Deze deg wordt via een bamboepijp verbonden met een andere koperen ketel (bhapka) gevuld met sandelhoutolie die in een waterbad staat. Dan wordt onder de deg een vuur aangelegd dat het destillatieproces in gang zet: de stoom vloeit via de bamboepijp van de deg naar de naar bhapka. De deg mag niet te heet worden (waardoor de bloemen/kruiden verbranden) en de bhapka moet koel blijven om de stoom goed te laten condenseren. Na vier uur wordt het proces herhaald en vervolgens een nacht afgekoeld. De volgende ochtend worden olie (die de geuren in zich heeft opgenomen) en water gescheiden waarbij het water weer teruggegoten wordt in de deg. Afhankelijk van de soort attar kan dit proces weken duren.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Ik weet niet hoe de innovatie precies werkt en – belangrijker – of je dat in Alien Aqua Chic kunt ruiken en/of het niet meer is dan een, het zij verwarrend gepresenteerd marketing-verhaaltje?

Want een hydrolaat werd tot voor kort gezien als een bijproduct van attar (ofwel hydro-distillatie), want het bronwater dat hierbij wordt gebruikt en waarop uiteindelijk de olie komt te drijven bevat een fractie van de geur van de gedistilleerde bloemen, wortels, bast, takken, hout, naalden, gebladerte, fruit en zaden. Het bekendste voorbeeld: rozenwater. Dus in feite is hydrolaat eeuwenoud en niet innovatief in de juiste zin van het woord.

Hoe dan ook, hydrolaat en/of hydrodistillatie: Alien Aqua Chic – leuke naam trouwens – wordt hierdoor niet verrijkt met rozenwater, maar met prikkelend gemberwater en meer. Het effect: het oorspronkelijke parfum van Alien – hout, amber en sambacjasmijn – krijgt hierdoor een vanzelfsprekend lichter, luchtiger en daardoor zomers karakter. En dat wordt ‘versterkt’ doordat de sambacjasmijn wordt omringd door fris en ‘waterig’ fresia (foto) en een voor mij moeilijk te detecteren verbena-noot. Licht, zonnig, ‘waterig’ en toch ruik je op de achtergrond nog steeds duidelijk de ‘alien’ geur van Alien.

RUIK & VERGELIJK

Kan er maar één zijn. En dit ‘Aqua Chic’-distillatieproces wordt dit jaar ook toegepast op Angel (1992).

Thierry Mugler Alien (2005)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....