GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

Z-14 HALSTON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 24, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET Z, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Een reactie plaatsen

ROBUUSTE CHIC

Jaar van lancering: 1976

Laatst aangepast: 24/05/12

Neus: Max Gavary, Vincento Marcello

Flaconontwerp: Elsa Peretti

Mooie herinnering: ik was een tiener in de jaren zeventig met toen al een meer dan gemiddelde interesse voor geuren. Om een beetje op de hoogte te blijven van wat er in Amerika gebeurde, kocht ik af en toe Interview, de op krantenpapier gedrukte ‘glossy’ van Andy Warhol (die ook dit portret van Halston maakte), want die zat altijd bomvol met advertenties van geuren van bekende en onbekend merken.

En zo ontdekte ik ook Z-14 van Halston (wil je meer weten over deze moderne dandy-ontwerper, zie Halston) die werd gechaponeerd door 1-12. Niet meer verkrijgbaar, dacht ik. Maar een bezoeker van geurengoeroe meldde dat de geur nog te koop is via http://www.fragrancexc.com: 124 ml voor nog geen tien euro.

De reden waarom Halston twee mannengeuren tegelijk lanceerde, kwam omdat hij maar niet kon beslissen welke hij prefereerde, dus zei hij: ‘Launch both’. De namen Z-14 en 1-12 hebben trouwens niets mysterieus, ze waren plain and simple codenummers van de geuren. En toch, juist daardoor, werd het mysterie verhoogd. Wat nog eens werd versterkt door de advertentie. Geen verleidelijk ‘too good to be true, too true to be a god’-model die de geuren ‘manifesteert’, maar een artistieke interpretatie die erg lijkt op de stijl van Warhol. En wist je dat de vorm van de flacons was geïnspireerd op het effect wanneer je zachtjes met je vingers in een bolvorm knijpt?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

De inhoud van de flacon die ik nu heb, ruikt nog precies zo als mijn – via veel omwegen aangeschafte eerste flacon. Prachtig die opening, alsof je Yves Saint Laurents Ligne pour Homme (1973) ruikt. Maar als deze ‘droge’ citrus-groene golf van bergamot, citroen, basilicum en cipres is verdwenen, openbaart zich het wonder van Z-14. Je krijgt een fusie van een chypre en oriental, die eerst heel lichtjes bloemen prijsgeeft (gardenia en jasmijn) die een kruidige injectie krijgt van koriander en kruidnagel die steeds donkerder en houtiger wordt door geranium, vetiver (foto) en patchoeli. En dan werpen zich de mannelijke-oosterse smaakmakers in het geheel: wierook en leer, zacht en sensueel gemaakt door bezoine, musk en tonkaboon. En ondertussen blijft de houtige sfeer gehandhaafd door cederhout en eikenmos. Kortom: Z-14 is een prachtig vintageparfum waarvan je hoopt dat ook een nieuwe generatie er de robuust-chique charme van ontdekt.

RUIK & VERGELIJK

Z-14 is van grote invloed geweest. Parijs volgde met een aantal, wellicht nog meer indringender houtig-sensuele geuren voor de man.

Azzaro Pour Homme (1978)

Van Cleef & Arpels Pour Homme (1978)

Dior Jules (1980)

Rochas Macassar (1980)

COOL WATER SENSUAL ESSENCE DAVIDOFF

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 24, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET C. Een reactie plaatsen

‘ALS HET LIED VAN DE ZEEMEERMIN’

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 24/05/12

Neus: Nathalie Lorson

Model: Bianca Balti

Artistic direction: Steven Klein

Dit is typisch een voorbeeld van wat ik een ‘warmhoudertje’-geur noem: met een nieuwe variatie vaste gebruikers van een geur – in dit geval Cool Water Woman – laten weten dat hun favoriete geur terecht een moderne klassieker is die de producent nog steeds inspireert tot nieuwe olfactorische uitdagingen. Het is niet de eerste keer dat Davidoff dit doet, afgezien van de zomerse variaties die vanaf 2005 verschenen – dit jaar Cool Water Woman Pure Pacific. Twee jaar daarvoor was er een eau de parfum-versie in 2007 gevolgd door Cool Water Wave. Nu Cool Water Sensual Essence. Stel je dit er bij voor: ‘Warme zonnestralen spelen met de golven en creëren miljoenen gouden fonkelingen.

Ze strelen de huid, de druppels van de oceaan drogen langzaam op, een verleidelijk zilt laagje achterlatend op haar warme huid’. En wie verschijnt daar tussen de golven om vervolgens op het strand te gaan liggen genietend van de zon? Het is een ‘glamorous, verleidelijke en sexy zeemeermin die van nature al het licht naar zich toe trekt, die haar sensualiteit inzet om te verleiden’.

En wat je allemaal niet in een flacon kunt zien: ‘De glamoureuze, goudachtige kleur doet denken aan de laatste minuten van de dag waarin warme zonnestralen flirten met de huid. De flacon herinnert aan de slanke, sensuele vormen van een vrouwenlichaam. En de verpakking niet direct weggooien, ‘want het goudkleurige spiegeleffect bootst de reflectie van de zon op het zeewater na’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het idee van Cool Water Sensual Essence: warm, sensueel omgeven door een schitterend aura van glamour. Ofwel een sensueel water dat volfruitig opent rode vruchten. Denk aan een cocktail van framboos, aardbei, rode bes, kers, braam enzovoort.

Deze vruchten ruik je niet stuk voor stuk, wel de melange… die direct een sensuele behandeling krijgen door een vanille. Zoet dus. Deze rode zoetheid hecht zich in het hart aan frangipani (zwoel, volbloemig, exotisch) en een orchidee-akkoord. Voor extra sensualiteit staat in de basis witte musk garant.

Ben benieuwd wat deze transparante geur ondanks de sensuele injectie gaat doen, of de vaste Cool Water Woman-fan zich ook op deze manier wil laten verleiden. Je kunt hem natuurlijk altijd gaan layeren met…

RUIK & VERGELIJK

… en dat is een:

Davidoff Cool Water Woman (1996)

En dat is twee:

Davidoff Cool Water Woman Pure Pacific (2012)

Nog niet tevreden, en dat is dan drie:

Jil Sander Sun Sorbet (2012)

ORIENT EXTREME MONTALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 24, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET O, NICHE. Een reactie plaatsen

ZWEVEND TUSSEN EEN CHYPRE EN EEN ORIENTAL

OFWEL, AROMATICS ELIXIR IN DISGUISE

Jaar van lancering: 20??

Laatst bijgewerkt: 24/05/12

Neus: Pierre Montale

Hoewel sinds het nieuwe millennium in Parijs gesitueerd is voor mij Montale toch echt een Arabisch parfumhuis. En dan alleen zuiver wat de inhoud betreft, want qua presentatie is het allemaal wel erg sec en ‘sprookjesloos’. In ieder geval in vergelijk met huizen uit dezelfde contreien zoals Amouage en Al Haramain. Ook de namen nodigen niet echt uit tot dromen: Montale noemt zijn geuren gewoon bij de naam: what you read, is what you get, is what you smell. Dus wat krijg je als een geur Orient Extreme wordt genoemd? Juist, het Nabije Oosten in de meest overweldigende parfumvorm denkbaar. Zwelgen, jezelf verliezen in, je overgeven aan. Yves Saint Laurents Opium (1977) in de overtreffende trap of een rozenattar dat niet drie jaar maar tien jaar op vat heeft liggen rijpen en waarbij vergeleken Montale’s Aoud Queen Roses een onschuldige eau fraîche is. Not dus. Orient Extreme is voor Montale een tamelijk brave en getemde geur. En als het dan oriëntaals is, dan eerder Europees oosters, dan oosters oosters. Snapt u het?

Zit zo: de geur heeft een chypre-achtige opening. Dat is Europees. De manier waarop de roos verwerkt wordt mag dan Arabisch zijn, toch blijft de geur door zijn bosachtige toets Europees. Ook Arabisch: het ontbreken van een zachte, fluweelachtige sillage in de basis – het kenmerk voor het verfijnde Europese parfum. En: Orient Extreme lijkt, net zoals zoveel Montale-parfums, opeens te stoppen; je verwacht als Europeaan nog een staart – de sillage dus – maar die is er eigenlijk niet. Het effect: een zekere ruw- en puurheid die ik zeer aangenaam vindt en dat komt voor een groot gedeelte op conto van…

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

… inderdaad, u als Montale-adept weet het, oud. Daar opent de geur ook mee heel even als een bliksemschicht omringd met volgens mij bergamot. In ieder geval iets citrusfris-achtigs. In het hart bloeit een mooie, maar très arrogante roos die of van zichzelf fruitig is of fruitig is gemaakt door toevoeging van framboos- en aardbeiachtige nuances. En dan komt het oud (denk ik, ‘voel’ ik) weer om de hoek kijken.

Dat kringelt eigenlijk heel zachtjes door de hele geur heen, wordt nu alleen wat zoeter door sandelhout, musk en benzoïne (denk ik), en lijkt zelfs het (eiken)mos, zo noodzakelijk voor een chypre, overbodig te maken terwijl ik dat toch ruik. Ook in de basis die er eigenlijk niet is… Let wel: ik kan er geuranalytisch helemaal naast zitten. Montale geeft bijna geen ingrediënten prijs. Ik ben puur op mijn gevoel en ervaring afgegaan… kan er helemaal naast zitten.

Maar waar ik volgens mij niet naast zit en wat tegelijkertijd het meest merkwaardige aan Orient Extreme is: de geur lijkt als twee druppels lijkt op Aromatics Elixir van Clinique.

Maar die druppels zijn in dit geval eigenlijk parels, glinsterende edelstenen. Alsof je kennismaakt met een veredelde versie, of de originele ‘vintage’-partituur van deze klassieker.

RUIK & VERGELIJK

Doe de test:

Clinique Aromatics Elixir (1972)

8 88 COMME DES GARCONS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 22, 2012
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, NICHE. Een reactie plaatsen

HET IS NIET ALLES GOUD WAT ER BLINKT

Jaar van lancering: 2008

Laatst bijgewerkt: 22/05/12

Neus: Antoine Lie

Ik ben best wel een slimme jongen, maar kan iemand me in hemelsnaam uitleggen wat de link is met goud en het getal 8 88. Ik kan beter schrijven getallen, aangezien je geen drie keer acht achter elkaar schrijft, maar twee keer. Dus acht en achtentachtig. Dat klinkt heel mysterieus, maar ik kan er echt niets mee. Toch is het, zo blijkt, goud vertaald in een geur.

Niet de eerste keer dat zoiets gepoogd wordt dit voor elkaar te krijgen, en ik vind het eerlijk gezegd een beetje burgertrutti(g) voor een avant garde-merk als Comme des Garçons om dit ook te ondernemen. En waarom het dan gewoon geen Gold of Or noemen? Of is dat dan weer te gewoontjes?

Wel verrassend, maar niet echt origineel om hiervoor saffraan als uitgangspunt nemen. Want deze specerij kun je met een beetje fantasie goud noemen, gezien de prijs die je er voor betaald: het is bijna zijn gewicht waard in dit edelmetaal. Ook begrijp ik niet waarom de geur op de diverse parfumblogs zo enthousiast wordt onthaald: één en al hulde. Het lijkt wel of ze er moeite hebben om bij een nicher dan nicher-huis zich af te vragen of het werkelijke idee achter de geur (wel zo) goed is vertaald. Alsof een nichehuis af en toe geen uitglijder kan maken, of een doodgewone geur mag maken – iets wat ze trouwens steeds meer doen: het is niet alles goud wat er blinkt.

Ik heb met 8 88 ongeveer hetzelfde als mijn recente ervaring als met Manguier Métisse (2010) uit de Huitième Art-serie van Parfums Générale: wat het wil oproepen onderga ik voor mijn gevoel niet echt. Wel weer ‘grappig’: de geuren overlappen elkaar wat zoetheid betreft. De oplossing: de geur wellicht een andere naam geven, waardoor je het idee wel (direct) begrijpt. Maar misschien, begrijp ik gewoon, zoals gezegd, de naam 8 88 niet.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Als je niet oppast ga je naast de eerste geïnhaleerde snif van 8 88 direct niezen: d’r zit namelijk nogal veel peper in de opening die wordt strak begeleid door geraniumblad en het droog-kruidige en stroevige koriander (mooi gedaan by the way). Zo omschrijf ik ook wel eens saffraan (foto) die de gouden rol speelt in de geur. Maar heel eerlijk gezegd neem ik die slechts in een gematigde dosis waar.

En om het idee van goud te versterken wordt kurkuma toegevoegd. En dat heeft geurtechnisch bijna hetzelfde effect als saffraan maar dan meer ‘mosterdachtig’.

Maar echt intens ruiken doe ik dat niet omdat 8 88 leunt op een sterke amberbasis (met patchoeli op de achtergrond). Zacht, zoet en zwoel, en mooi begeleid door een wierookwalmpje, maar heel gedoseerd waardoor het effect ontstaat van een ‘huideigen’ parfum – de laatste jaren erg populair.

Nog even wat betreft de pepernoot in de opening: ‘officieel’ wordt pepperwood opgevoerd, alleen heb je je die in drie soorten: Umbellularia californica verspreidt een geur die lijkt op laurier. Zanthoxylum clava-herculis doet dat niet (er werd vroeger wel op de zaden gekauwd om kiespijn te verzachten). En dan is er nog Pseudowintera: als je dáár weer op kauwt komt er een geur vrij die lijkt op peper. Ik ga dan maar van de laatste uit, alhoewel mij niet bekend is of deze struik hiervoor in de parfumwereld wordt gebruikt.

RUIK & VERGELIJK

Gouden geuren…. rijkdom, overvloed dus, een exclusief olfactorisch welbehagen. Vaker omgezet in parfums dan je denkt… alleen al ‘op z’n Engels’:

Lenthéric Gold (1977)

Avon Rare Gold (1995)

Salvador Dali Dali Gold (1997)

Valentino Valentino Gold (2002)

Chopard Casmir Gold Edition (2003)

Burberry Brit Gold (2005)

Donna Karan Gold (2007)

Montale Pure Gold (2009)

Dior J’adore L’or (2010)

RED FERRARI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 21, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET R. Een reactie plaatsen

ROOD IS DE KLEUR VAN…

Jaar van lancering: 1996

Laatst bijgewerkt: 21/12/12

Neus: onbekend

Ik las tot mijn stomme verbazing dat Ferrari vorig jaar op het Layali-strand bij hotel Mina A’Salam in Dubai Oud presenteerde. Stomverbaasd, want Ferrari als parfumlabel associeer ik niet direct met al te heftige en al te moeilijke geuren. Want in tegenstelling tot de auto’s gaan die heel vriendelijk en geleidelijk door de bocht. Heeft Ferrari met Oud gekozen voor een koerswijziging – een soort upgrading van het merk? En zou dat een van de redenen zijn waarom de bestaande parfumcollectie sinds een tijdje in de aanbiedingenbak is beland? Zoals Red – genoemd naar de (inderdaad) ‘fetish-kleur’ van het in 1927 door Enzo Ferrari opgerichte raceteam dat pas twintig jaar later ook dromen op wielen voor het gewone straatverkeer ging ontwikkelen die – hoe zou dat toch komen? –  trouwens vaker dan gedacht bij auto-ongelukken betrokken zijn.

Het is met Red zoals met zoveel geuren van merken die ‘eigenlijk’ geen link hebben met geur: ze worden niet echt gedreven door een artistieke noodzaak of kracht. Het zijn vaak licenties en zo lang de producent niet al te ver verwijderd raakt van de uitstraling van het merk en er jaarlijks in de winst wordt gedeeld, prima. Ferrari ‘zelf’ zal ook dan niet echt vreemd opkijken van de karakteromschrijving van de drager die ik las: ‘Rood, de kleur van het succes… hij heeft gemerkt dat rationaliteit en emotionaliteit elkaar niet wederzijds uitsluiten, maar dat ze de basis voor succes vormen… beleef zelf de opwindende geur van Ferrari’s Red’. Tja, sinds wanneer is rood de kleur van succes, sinds wanneer zijn rationaliteit en emotionaliteit van elkaar losgekoppeld? In Amerika wordt de geur wordt als ‘office wear’. Met andere woorden: het is een ‘veilige’ en ‘autogordelvrije’ geur , die je ook heel bescheiden waarneemt ook al breng je hem in grote hoeveelheden aan.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Wanneer een Ferrari door de straat rijdt dan hoor je dat direct: de van testosteron ronkende motor zorgt ervoor dat je in ieder geval even omkijkt om je vooroordeel wel of niet bevestigd te zien. Wanneer Red door de straat rijdt, grote kans dat je dat niet doet want daar is de geur niet naar. Hoewel omschreven als een ‘refreshing, oriental, woody fragrance’, ervaar ik iets anders. Voor mij is het een eerder frisbloemige geur op een licht houtfond ondersteund door musk.

Dat ruik je direct in de frisse opening: bergamot en sinaasappel ondersteund door het verkwikkende, beetje aardsgroene effect van geraniumblad (foto) en munt. Het hart is tot aan de rand gevuld met jasmijn (besprenkeld met nootmuskaat). Of beter gezegd: hedione, dat het effect heeft van jasmijn in water gewiegd. Dit alles wordt vastgehouden door lichte houtsoorten (sandel- en cederhout) die ‘katoenzacht’ worden ondersteund door witte musk. De opgevoerde eikenmos ruik ik niet.

RUIK & VERGELIJK

Ook autogeuren bevinden zich in een democratiseringsproces. Van uiterst exclusief worden ze steeds meer ‘C-klasse’. Waarvan de eerste geur van Mercedes getuigt. Nog even en Opel en Lada… zal toch geen realiteit worden.

Bugatti Homme (2007)

Porsche Design The Essence (2008)

Jaguar Fresh Verve Man (2011)

Mercedes Mercedes (2012)

SABLES ANNICK GOUTAL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 20, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, NICHE. Een reactie plaatsen

LE SABLE CHAUD SOUS MES PIEDS

Jaar van lancering: 1985

Laatst aangepast: 20/05/12

Neus: Annick Goutal

Soms zijn geuren zo vanzelfsprekend – staan gewoon op je badkamerplankje – dat je vergeet ze te beschrijven. Zoals Sables. Wat een verschil met de eerste drie die Annick Goutal maakt voor de man: Eau de Monsieur (1981), Eau de Lavande (1981) en Vetiver (1985). Deze zijn niet echt spectaculair. Wel: zeer klassiek en gracieus. Met nummer vier slaat ze in andere weg in. Met Sables interpreteert ze het niche-concept anders: met nieuwe ingrediënten nieuwe geurervaringen creëren. Ze komt op het idee voor Sables tijdens een bezoek aan Île de Ré voor de Atlantische kust van Frankrijk. Hierdoor ontdekt Goutal de zoete, bijna gourmandsensatie van strobloem (foto) groeiend langs de kust en daardoor omringd met een ziltige toets. Ze is direct enthousiast. Haar man ook, cellist Alain Meunier, aan wie ze de geur opdraagt. De verbazing bij de lancering is groot. Oriëntaals, maar niet zoals de man met smaak gewend is – denk Habit Rouge (1965) van Guerlain. Sables is warmer, voller, zoeter en toch ook aardser en droger. Kortom vernieuwend. Langzaam, maar gestaag stijgt de populariteit. Inmiddels geldt Sables als een klassieker die veel invloed heeft gehad. Alleen járen later.

Pas vanaf het nieuwe millennium maakt de strobloem zijn opwachting in geuren en is inmiddels – zoals dat heet – niet meer weg te denken. En dan de naam. Zeker voor toen anders en dus nieuwsgierigmakend en tot de verbeelding sprekend. Met een beetje fantasie voel je bij het ruiken van Sables de onverdraaglijke hitte van zand op een zonovergoten strand onder je voeten. Je hinktstaptspringt snel richting zee op zoek naar verkoeling. Om daarna toch weer die ‘best wel’ prettige kwelling te ondergaan.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Zo omschrijft http://www.annickgoutal.nl de geur: ‘Warm en sensueel, geschikt voor mannen die houden van een oriëntaals en kruidig aroma met een fluweelzachte ondertoon’. Klopt. Als je ooit aan gedroogde strobloem (helichrysum italicum) hebt geroken, dan weet je hoe intens de geur is en blijft: een bombardement aan zoete, likeur- en balsemachtige akkoorden: warm, gesmolten vanille, geblakerd caramel, balsamico en drop gecombineerd met een licht-groenige anijstoon.

Zo complex dat je eigenlijk weinig meer nodig hebt. Heeft Annick Goutal ook niet. Geen frisse opening, je wordt direct de smeulende diepte ingegooid. Ze voegt slechts aan de strobloem (foto) toe: Indonesische peper (die een soort van droogte aan de compositie geeft), sandelhout (idem), vanille (foto) en een ambernuance van benzoïne. Mooi is ook het ‘droog-zoete’ kaneel ter versterking van de ‘zoet-houtige’ noot van het geheel. En ook ruik je door dit alles een licht-ziltige noot. Ik weet niet of die in deze strobloem-essence zit of als extra werd toegevoegd.

RUIK & VERGELIJK

Hoe anders lekker zwoel de strobloem is, ruik je ook in:

Lolita Lempicka L (2006)

L’Atelier Bohème Immortelle pour Femme (onbekend)

Histoires de Parfums Trilogie Tubéreuse Tubéreuse Animale (2010)

DIA AMOUAGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 19, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET D, NICHE. Een reactie plaatsen

VAYA CON DIA

Jaar van lancering: 2002

Laatst bijgewerkt: 19/05/12

Neus: Jean-Claude Ellena

Soms is een geur een goede aanleiding om iets te schrijven over de neus die het samenstelde vooral wanneer het verhaal achter de geur niet zo heel veel voorstelt. Want Dia is niet meer dan het woord veronderstelt: dag. Niet van toedeloe, maar een dagversie van het ‘nachtparfum’ van Amouage dat inmiddels als een van de grootste geuren van de afgelopen decennia wordt gezien: Gold (1983).

Jean-Claude Ellena (1947) is voor mij de intellectueel onder de neuzen door zijn filosofische en minimalistische benadering. Voor hem is een parfum geen optelsom van een aantal ingrediënten, maar een zoektocht naar een beleving en een emotie die hij wil vangen. Daarnaast is zijn technische kennis ongeëvenaard: zijn creaties ‘lezen’ vaak als wiskundige rekenmodellen.

Hij heeft het meestal niet over bloemen en planten maar over de moleculen en hoe je die door toevoeging van nieuwe synthetische formules kunt verrijken. Het gevaar: de geuren kunnen voor de niet echt geoefende neus als saai overkomen – het is geen vuurwerk, het zijn geen show off-exercities. Zijn kracht: hij laat geuren zo natuurlijk mogelijk ruiken, terwijl dat tegenwoordig bijna onmogelijk (en vaak ook niet de bedoeling) is. In zijn geuren zie je als het ware altijd wolken, voel je de wind waaien, zie je de zon schijnen.

Ellena heeft het trouwens niet van een vreemde: zijn vader was parfumeur te Grasse die werkte voor de ooit grootste producent van geuren ter wereld: Chiris. Zijn broer is trouwens ook neus, en dat geldt ook voor zijn dochter. Zijn debuut: Eau de Campagne van Sisley (1976). Een klassieker. Daarna Van Cleef Arpels’ First (1976). Een klassieker. Gevolgd door een stroom aan geuren voor diverse merken waarvan er eigenlijk geen een echt geflopt is.

In 2001 richtte hij met Thierry de Baschmakoff The Different Company op: een, gelijk zijn filosofie, ‘sober’ niche parfumhuis dat vooral in het begin de essentie van één ingrediënt centraal stelde. Sinds 2004 is hij ‘in-huis’-parfumeur bij Hermès dat hierdoor zijn omzet als een raket omhoog zag schieten. Dat hij gevraagd werd voor Dia, mag een verrassing heten. Ellena heeft het eigenlijk niet zo op overrompelende oosterse elixers – het kenmerk van Amouage. Dat hij toch volle en ronde parfums kan samenstellen bewijst – weer een klassieker – L’Artisan Parfumeur L’Eau Ambre (1976). En trouwens, Dia ligt niet echt zwaar op de pols, is eerder in de lijn met First en door de opvallende aldehydentoets dringt de vergelijking zich op met Chanel N°5 (1921). Maar dat doen bijna alle geuren waarin aldehyden zitten.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

In vergelijk met Gold is Dia een toonbeeld van zachtbloemige en elegante verfijning. Komt onder meer omdat de dierlijke noten ontbreken. Achter de ronde en ‘vettige’ wolk van aldehyden wachten vriendelijke, tedere en fragiele noten. Dia is eigenlijk een ‘Hermès’-geur, maar dan vol en fluwelig. En de typische Ellena-toets ruik je vervolgens overduidelijk: een fruitige, groenige diffuse noot opgeroepen bergamot, vijg (foto), salie, dragon en viooltjesblad. En hierachter wacht een guirlande die gemaakt lijkt van suiker: cyclaam, perzikbloesem, oranjebloesem, pioenroos en roos. En dat is toch het knappe: net zoals met de groene noot, zijn ook deze bloemen diffuus, abstract – niet één eist de hoofdrol op.

Hoewel Dia wordt geschraagd door een veel hout – ceder, sandel, guaiac – heeft de geur geen ‘droge toets’. Daarvoor is de bijdrage van met name heliotroop, vanille en musk verantwoordelijk. Dit trio maakt van de geur een satijn en poederige belevenis.

RUIK & VERGELIJK

Mijn favorieten van Jean-Claude Ellena in de ‘gewone’ parfumerie:

Sisley Eau de Campagne (1976)

Bvlgari Eau de cologne au Thé Vert (1992)

Yves Saint Laurent In Love Again (1998)

Cartier Déclaration (1998)

Hermès Un Jardin sur le Nil (2005)

ENCHANTED CHOPARD

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 18, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET E. Een reactie plaatsen

STAIRWAY TO THE STARS

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 18/05/12

Neus: Jean Christophe Hérault, Dominique Ropion

Model: onbekend

Fotografie: onbekend

Toch knap hoe Chopard het weer doet: een geur zo presenteren dat je bijna gaat geloven dat het de allereerste keer is dat zoiets gebeurt. En dat terwijl de Zwiterse juwelier met Enchanted wederom het boek der parfumclichés wijd openslaat. Dit keer het hoofdstuk parfum als toverdrank. En dat gepresenteerd in een ‘duizelingwekkende’ sfeer. Lees maar: ‘Er was eens een getalenteerd juwelier en parfumeur die een geheime toverdrank bedacht waarmee hij de grootste wens van iedere vrouw in vervulling kon laten gaan: haar in een prinses veranderen. Hij noemde het Enchanted’. Waarom deze invalshoek? Chopard zegt: ‘Elke vrouw verdient een sprookje. Niemand weet dit beter dan Chopard’.

Want: ‘al 50 jaar (ik dacht een ietsiepietsie langer) dromen, bedenken en creëren de ontwerpers van het bedrijf de meest extravagante en oogverblindende juwelen die het creatieve verbeeldingsvermogen weerspiegelen: onverwachte juwelensets, loepzuivere diamanten hangers, wonderlijke edelsteencombinaties. Uit deze uiterst vruchtbare geest kwamen ook bijzondere parfums voort: Casmir (1991) en Wish (1997) – nu klassiekers. Dit succes leidde vanzelfsprekend naar een parfum als symbool voor de romantische kant van het merk’.

Nu even de keiharde realiteit… Chopard heeft de laatste jaren moeite gehad om de juiste romantische toon aan te slaan in zijn parfums. Met veel bombarie en grootse verwachtingen gelanceerd, maar niet echt warm onthaald: Madness (2001), Infinement (2004), Happy Spirit (2007) en Cascade (2009). Zou het kunnen zijn dat de vrouw iets te clichématig wordt gepresenteerd, iets te ver van het echte leven, dat vrouwen tegenwoordig – ook met parfums – anders, dus eigentijds willen worden aangesproken. Of is het de inhoud geweest… Enchanted zal het uitwijzen en ‘toont een belangrijk moment in de mythologie van geuren: een eindeloze wenteltrap reikt tot aan een sterrenhemel. Als de klok middernacht slaat, daalt een prinses de trap af gevolgd door haar prins onweerstaanbaar aangetrokken als hij is door haar geurspoor dat zich met de sterren lijkt te vermengen…

… gehypnotiseerd staart hij naar haar en plotseling voelt ze zijn aanwezigheid. Ze blijft staan, haar hart maakt een sprongetje. In een paar seconden zal hij bij haar zijn’… en als het goed is leefden ze nog lang en gelukkig! Over de sprookjespompoenflacon, ‘die herinnert aan hét magische symbool van magische metamorfoses’, zegt Chopard: ‘Draagt de traditionele Chopard-signatuur: een Happy Diamonds-dop met drie stenen in een goudkleurige ring. In de traditie van het huis slaat dit ontwerp een brug tussen traditie en moderniteit, tussen magie van vervlogen tijden en de verfijnde elegantie van het moderne leven’. En: ‘De champagnekleurige vloeistof van het unieke elixer onderstreept het wonderlijke, luchtige en onbezorgde karakter van Enchanted’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Nu de geur die bovenstaande tot leven moet wekken. Veel verheven woorden. Tenminste ik ga er altijd vanuit dat ‘de ontwikkeling tijd en vakmanschap vergde’ en ook dat de twee parfumeurs ‘alchemistische processen in gang zetten die uitnodigen tot dromen en geleidelijk akkoorden onthullen van een prachtig gecomponeerde geursymfonie’ – prima, past bij het sprookje van ‘dit unieke parfum’.

Ruik je tegenwoordig niet vaak meer in geuren: pruim (foto). Zoet, zacht met volgens Chopard een likeurachtige noot die – hierin heeft Chopard helemaal gelijk – perfect combineert sambacjasmijn. Mooi: de neuzen benadrukken niet de frisse en zonnige kant ervan, maar de dierlijke noot (indole) die deze bloem ook heeft. En dat wordt nog eens versterkt door de patchoeli in de basis vermengd met een ondefinieerbare kruidige noot… kasjmierhout zorgt ervoor dat de compositie blijft hangen en tegelijkertijd voor een superzachte finish zorgt.

Enchanted bezorgt me trouwens een vreemde gewaarwording: bij de eerste paar keer snuiven moest ik constant denken aan een iets vertrouwds en iets klassiek… na lang doorruiken kwam ik er achter: zowel Guerlains Mitsouko (1917) door de geprononceerde pruimnoot, zowel Shalimar (1925) door de zwoele jasmijnnoot.

RUIK & VERGELIJK

Chopard is niet de eerste en zal ook niet de laatste zijn die het ‘boek der parfumclichés’ heeft geraadpleegd om tot een nieuwe geur te komen. Het wordt nog steeds gezien als sleutel tot succes. Opvallend: bij onderstaande toverdranken sloeg de magische vonk niet echt over en leidde dus niet tot een nieuwe klassieker. Misschien brengt Enchanted hierin verandering…

Parfum als toverdrank in de vorm van een pompoenflacon:

Rochas Alchimie (1998)

Een klok die twaalf uur middernacht slaat:

Dior Midnight Poison (2007)

Een trap die voert naar magie:

Guerlain L’Instant Magic (2008)

LES MAITRESSES DE LOUIS XIV ROMEO D’AMEOR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 17, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET L, NICHE. Een reactie plaatsen

VERSAILLES REVISITED

Jaar van lancering: 2007

Laatst aangepast: 17/05/12

Neus: Pierre Bourdon

Concept: Annie Vannier

Geschiedenis: een dankbare inspiratiebron in de parfumwereld. Sinds een aantal jaren, zijn er neuzen die er hun specialiteit van hebben gemaakt. Sterker, ze richten er een parfumhuis voor op. Histoires de Parfum (anno 2000) en Parfum d’Empire (anno 2003) kruipen in de huid van historische personen en/of duiken onder in een roemruchte periode om vandaar uit ‘historisch getrouwe’ parfums te destilleren. In 2007 volgt Roméa d’Améor, een huis dat via zeven geuren je ‘de geheimen laat ontdekken van heldinnen die geschiedenis geschreven hebben’. Met één verschil: Roméa d’Améor (beetje gekunstelde naam) neemt het niet zo nauw met de feiten, wat voorop staat: het oproepen van een sfeer en een gevoel. Erg? Nee, maar wel als je bij een geur een verhaal vertelt dat niet recht doet aan de historische overlevering.

Lees de verantwoording van Les Maîtresses de Louis XIV: ‘Juni 1668, Versailles, het kasteelpark. Bij ontwaken, negeert de Zonnekoning uitzonderlijk de regels van het protocol. Hij houdt van het rustig ontwaken van de natuur en het overzien van zijn tuinen en fonteinen. Met half gesloten ogen snuift hij de geuren van de lente op. Hij beslist dat van al zijn courtisanes één zijn geliefkoosde zal zijn. De vrouw die het meest opmerkelijke, onweerstaanbare parfum draagt op zijn volgende feest in de Spiegelgalerij. Het moet een parfum zijn dat hem doet denken aan zijn aangename en onweerstaanbare park…’

Lodewijk XIV had, volgens bronnen, meer dan 16 maitresses. Waaronder Louise de la Vallière, Marie Angélique de Fontanges, Madame de Montespan en Madame de Maintenon. De laatste had het meeste geluk. Ze begon in 1669 als nanny voor zijn kinderen (van Montespan), werd zijn geliefde rondom 1680 en trouwde met hem in het geheim in 1683.

Hoewel op de homesite Roméa d’Améor ‘dieper’ op deze gelegenheid wordt ingegaan, plaats ik toch kanttekeningen: in 1668 is Lodewijk 30 jaar en geeft dan opdracht tot de spectaculaire uitbreiding van Versailles. Vanaf dat moment krijgt het paleis langzamerhand de pracht en praal die we nu associëren met de Zonnekoning. Ik had het hem ook gegund om in 1668 zijn ‘parfumparty’ in de spiegelzaal te geven, ware het niet dat de bouw daarvan in 1678 werd gestart.

Heb ik het nog niet eens over de persoonlijke parfumvoorkeuren van Lodewijk XIV (daar zijn verschillende studies aan gewijd), het geloof in de werking van geuren tijdens de 18de eeuw (hier zijn boeken over vol geschreven) en het feit dat de strakke, symmetrische en ‘getailleerde’ tuinen van Versailles de natuur als het ware verbande. Genoeg gezeurd. Nou vooruit, nog een laatste opmerking. Ruikend aan Les Maîtresses de Louis XIV, was het volgens mij wijzer geweest de geur te vernoemen naar de vrouw van Lodewijk XVI – Marie-Antoinette (1755-1793). Zij wordt beschouwd als diegene die Versailles bevrijdde van de zware, dierlijke geuren in zwang tijdens Lodewijk XIV en zijn kleinzoon Louis – le bienaimé – XV. Deze ‘Laura Ashley avant la lettre’ propageerde – conform het Verlichtingsidee – het genieten van het ongekunstelde, van de natuur in al haar simpele rijkdom.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Want dat is wat ik ruik: ongekunsteldheid opgeroepen met een doordachte compositie. Les Maîtresses de Louis XIV is een zachtbloemig boeket waarin de frisheid en lichtheid van roos, jasmijn, lelietje-van-dalen en narcis (foto) wordt benadrukt. En dat op elegante wijze. Want heel mooi: hoewel de bloemenfontein direct begint te spuiten, ruik je heel subtiel de fris-sensuele noot van galbanum begeleid door de zoete frisheid van zwarte bes en meloen. Het is vooral de combinatie van jasmijn en lelietje-van-dalen die de partituur van deze compositie bepaalt.

De afronding is als een barokke poederdoos die je opent: noten van talk (opgeroepen met iris), een hele zachte musk ondersteund door nectarine, amber, ‘hout- en bostonen’. Wat ik alleen niet ruik: de gloriosa superba. Grappig: hoe ik ook goochel op google met deze lelie, het brengt me telkens bij de beschrijving van Les Maîtresses de Louis XIV.

RUIK & VERGELIJK

Hoewel in het begin minder groen en krachtig, doet deze geur heel sterk denken aan:

Dior Diorama (1949)

Dior Diorella (1972)

En dan kom je automatisch ook terecht bij:

Frédéric Malle Le Parfum de Thérèse (2000)

BAL A VERSAILLES JEAN DESPREZ

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 17, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET B, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, PIEDESTAL POUR DES PARFUMS, VINTAGE. Getagd: BOUDOIR, LODEWIJK XIV, LODEWIJK XV, MARIE-ANTOINETTE, VERSAILLES. Een reactie plaatsen

VERSAILLES FOREVER

Jaar van lancering: 1962

Laatst bijgewerkt: 17/05/12

Neus: Jean Desprez

Fotografie: anoniem, Jean Paul Goude, Sarah Moon

Hier volgt een lange introductie voor het parfum dat voor mij symbolisch is voor ouderwets, Frans raffinement en elegantie. Heeft u even… antwoordt onlangs een Brusselse kennis van me die helemaal idolaat is van de brievenroman Les Liaisons Dangereuses van Chloderos de Laclos op mijn opmerking dat in paleis Versailles, waar tijdens de regeerperiode van Lodewijk XIV meer dan 20.000 mensen woonden, zich helemaal geen toiletten vonden: ‘Maar die had je nergens in Frankrijk’.

Zo had ik er nog nooit naar gekeken. En hierdoor begreep ik nog beter de grap in de comedyserie Let them eat Cake (1999) waarin Jennifer Saunders als Comtesse de Vache in haar appartement te Versailles in bijzijn van haar hulp in de huishouding Lisette (gespeeld door Dawn French) in vol ornaat even door de knieën gaat om haar behoefte te doen…

Sommige historici zien in het ontbreken van sanitaire voorzieningen in Versailles (en omstreken) als verklaring waarom hovelingen zich zo zwaar parfumeerden. Alleen verschilde het volgens mij ‘per Lodewijk’ met welke geuren de lichaam- en omgevingsstank werd gemaskeerd. Maar dat het er echt meurde, blijkt uit diverse getuigenissen.

En vergeet ook niet dat parfum toen eigenlijk als een medicijn werd gezien dat je beschermde tegen (veronderstelde) bacillen die in de lucht hingen en dus werd gebruikt om ziekten te bestrijden. Toen Lodewijk XIV – bijgenaamd ‘le doux fleurant’ – in 1686 last had van een tumor behandelde zijn arts hem met pleisters die waren geïmpregneerd met een mengsel van galbanum, mastiek, mirre, opopanax en wierook – alsof je aan een modern nicheparfum ruikt. Hij schijnt zich zoveel geparfumeerd te hebben dat hij er allergisch voor werd – behalve voor oranjebloesem. Die groeide dan ook in grote hoeveelheden zijn orangerie te Versailles.

Tijdens de regering van zijn kleinzoon Lodewijk XV, toen Versailles in Europa bekendstond als ‘le cour parfumé’, verloor parfum steeds meer zijn medicinale belang en werd het puur een olfactief genoegen. Maar stinken deed Versailles nog steeds, zoals blijkt uit een brief van Denis-Laurian Turmeau de la Morandière in 1764: ‘Le parc, les jardins, le château même font soulever le cœur par leurs mauvaises odeurs. Les passages de communication, les cours, les bâtiments, les corridors sont remplis d’urine et de matière fécales’.

Parfums waren toen over het algemeen erg animaal – civet, musk, ambergris. Pas met het verschijnen van Marie Antoinette – een fervent aanhangster van Jean-Jacques Rousseau’s terug-naar-de-natuur-filosofie – aan de zijde van Lodewijk XVI worden parfums lichter en bloemiger, en begint eau de cologne aan haar zegetocht door Europa. Een van haar grootste aanhangers: Napoleon I.

Daar staat dan weer tegenover zijn eerste vrouw – Josephine de Beauharnais – zoveel musk en civet gebruikte dat de Versaillesvertrekken waarin ze tijdelijk resideerde 60 jaar naar haar vertrek er nog naar zouden hebben geroken. Kortom, vele manieren om Versailles als parfum te interpreteren. Als tiener zag ik voor het eerst een advertentie van Bal à Versailles en was gebiologeerd. Logisch, de naam roept een wereld op van luxe en verfijning van een voorbije wereld die nog steeds tot de verbeelding spreekt – zie alleen maar hoe Dior (en Guelain for that matter) het zich als imago heeft toegeëigend.

Vooral het ‘tafereeltje’ in het midden van de flacon trof me: een romantisch drievrouwenportret à la Ingres waarvan een met een ‘Jezusachtige’ gelaatsuitdrukking (en dan weer à la Raphael) een boeket rode rozen in haar linkerarm houdt.

Ik ging er dus vanuit dat de inhoud lieflijk en onschuldig zou zijn, à la Marie Antoinette. Wat was de verrassing groot toen ik een paar jaar later de geur voor het eerst rook. Een bombardement aan sensaties die ik in eerste instantie niet begreep, maar naarmate mijn parfumkennis toenam des te meer ik Bal à Versailles begon te waarderen.

Het werd gecreëerd door een legendarische neus uit de vorige eeuw: Jean Desprez. Hij werd precies een eeuw oud (1899-1999) en ontdekte in de parfumfabriek van zijn vader – die deze had overgenomen van Felix Millot – dat hij over een uitzonderlijke goede neus beschikte. Het eerste resultaat: Crêpe de Chine uit 1925. Hierna besluit hij zijn eigen huis te beginnen en opent Desprez zijn deuren aan de rue de la Paix in Parijs.

In deze kleine, maar luxueuze boetiek verschijnen in de etalage Votre Main, Etourdissant en Bal à Versailles. De laatste gold trouwens, meer nog dan Chanel, samen met Patou en Worth in de Verenigde Staten als het summum van Parijse chic… ook nog in de jaren tachtig: zo bedankt Krystle met haar bescheiden glimlach in een aflevering van Dynasty haar Blake dat hij persoonlijk speciaal voor haar Bal à Versailles als cadeau uit de Lichtstad had meegenomen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Zo worden ze tegenwoordig nog maar zelden gemaakt: geuren met een vanzelfsprekende klassieke allure. Niet bedacht door een marketingteam, maar door de inspiratie van een neus die ‘gewoon’ een stijlvol en tegelijkertijd overrompelend parfum wou maken.

In Bal à Versailles worden louter rijke ingrediënten in hun meest pure en zuivere vorm aaneengerijgd. Alleen rest de vraag of de huidige formule exact hetzelfde is als de oorspronkelijke versie. Want echte musk, echte ambergris en echt civet – opgevoerd in de opening basis van deze geur – is midden jaren zeventig uit diervriendelijke en prijstechnische overwegingen bijna niet meer voorhanden en verboden. Ze zijn vervangen door natuur-identieke ingrediënten. Toch overtuigt het parfum in zijn huidige versie.

Het eerste wat opvalt: het schuwt de klassiek-frisse opening; geeft direct zijn dierlijke aard prijs door een pittige dosis civet – uitzonderlijk (nu) en het geheim van de geur. Hoewel bergamot, citroen en oranjebloesem daarna worden opgevoerd, ruik je die nauwelijks doordat het wordt begeleid door hetzelfde civet: animaal, vet en ‘vies’ door zijn lichte feacesnuance.

Daarna volgt een zoet spoor van bloemen. In alfabetische volgorde: jasmijn, lelie, mimosa, neroli, roos, sering en ylang-ylang. Hoe meer je je in het parfum verdiept, hoe duidelijker je al deze bloemen er uit weet te pikken ook als de basis zich heeft aangediend. Een volle fusie van vetiver, patchoeli, iris en cederhout die verdrinkt in overdosis van tolubalsem, benzoïne, musk – samen goed voor het poedereffect – ambergris en wederom civet voorzien van een zachte vanilletoets.

Bal à Versailles is donker dat je beter niet kunt dragen tijdens een sollicitatiegesprek, of je interviewer moet een parfumkenner zijn. Wel een voor een gemaskerd bal of andere speciale gelegenheid. Als je dan helemaal in sync wil zijn met de geurcodes van het Versailles van weleer, zorg dan dat je je niet hebt gewassen waardoor het parfum zich nog beter mengt met de ‘zweetgraad’ van je huid.

Is dat vies? Nee. In Frankrijk hebben mannen (en vrouwen) het heel lang lekker gevonden dat je als vrouw (en man) rook naar het bed waarin je slaapt twee weken niet was verschoond. Dan pas ruik je op intieme wijze en in alle facetten je object van verlangen. Was het niet Napoleon die tijdens een veroveringstocht aan Josephine schreef dat hij weldra weer thuiskwam, en dat zij zich dus niet mocht wassen.

RUIK & VERGELIJK

Versailles: voor velen het summum van Franse smaak en allure. Ook voor de Fransen zelf. Zie de recente verfilmingen over de vrouw waarmee we deze meest luxueuze vierkante meters van de wereld toch voornamelijk associëren: Marie Antoinette. Wapperende waaiers, linten, korsetten, Watteau-plooien, bepoederde pruiken, cascades, fonteinen… een parfum kan het allemaal nog steeds oproepen, vroeger maar ook in ‘onze’ tijd. Ga maar na: het upcycle parfumhuis van de auteur van deze blog heet niet voor niets Le Bienaimé, bijnaam van Lodewijk XV.

Guerlain Rococo à la Parisienne (1887)

Bourjois Louis XV (1891)

Houbigant Mon Boudoir (1918)

Les Parfums de Marcy Le Collier Miraculeux (1927)

Helena Rubinstein Baroque (1936)

Schiaparelli Le Roy Soleil (1946)

Guerlain Jardins de Bagatelle (1983)

Jean Desprez Revolution à Versailles (1989)

Yardley Baroque (1996)

Vivienne Westwood Boudoir (1998)

Joop! Rococo (2000)

Francis Kurkdjian Sillage de la Reine (2005)

Roméa d’Améor Les Maîtresses de Louis XIV (2007)

 

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....