GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

EAU OCEANE BIOTHERM

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 28, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET E. Een reactie plaatsen

ZEE, ZILT, ZOUT, ZOET

BLOEMEN ONDERGEDOMPELD IN ZEEWATER

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 28/04/12

Neus: Fabrice Pellegrin

In de jaren zestig van de vorige eeuw werd calone – ontwikkeld door Pfizer – geïntroduceerd: een geurmolecuul dat olfactorisch perfect de geuren van zeekusten imiteert: marine- en ozonachtige nuances met een ziltig, algenrijk naspoor gecombineerd met een diffuse, maar sterke bloemennoot.

Opvallend: eind jaren tachtig werd dit zeebriesakkoord akkoord pas echt opgepikt door de parfumindustrie. Wat vrouwengeuren betreft nog iets later: Christian Diors Dune, Escape van Calvin Klein, L’Eau d’Issey van Issey Miyake, Ralph Laurens Sport Woman, Davidoffs Cool Water Woman, Kenzo’s L’Eau par Kenzo en Aquawoman van Rochas zouden zonder calone heel anders hebben geroken. De industrie staat niet stil en zo werd door geurenproducent Firmenich een, zoals Biotherm het omschrijft, ‘een verbeterd derivaat’ ontwikkeld dat in 2011 werd gepatenteerd: cascalone.

Het verschil in geur: nog meer wordt de geur van het zilte van de oceaan benadrukt – denk aan algen. Een geschikt uitgangspunt voor Eau Océane dat een olfactieve reis verbeeldt langs de kusten van de Noordzee: ‘Hoge golven, zoute lucht, de kracht van de natuur’. Maar het is vooral het gevoel dat je ervaart als je in deze zee zwemt dat de geur wil oproepen: ‘Binnen elke golf die breekt worden duizenden negatief geladen ionen verspreid, die in tegenstelling tot hun naam, juist een gevoel van welzijn oproepen en het eeuwenoude gezegde – frisse zeelucht is goed voor je – verklaart’. Het effect: ‘De oceaan tinkelt in je gezicht, je haren waaien in je gezicht, de smaak van zout op je lippen, Biotherm maakt een droom waar, Eau Océane hult het lichaam in het levendige gevoel van zee en strand’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Nu moet je Eau Océane letterlijk met slechts een korreltje zout nemen, want de geur is niet zo zout als die pr-wise wordt opgediend. Het zijn vooral de bloemige noten die op de voorgrond treden, weliswaar gewiegd in zoet én zout water.

Eau Océane is weer een mooi voorbeeld van een geur die om een zo natuurlijk mogelijk resultaat te bereiken gebruik maakt van grotendeels synthetische ingrediënten. Want niet alleen cascalone bepaalt de toon, ook transluzone ‘doet mee’ (ook ontwikkeld door Firmenich); een eveneens nieuw geurmolecuul dat het gevoel van stromend, helder fris water omzet in geur.

De opbouw is verder klassiek: eerst de frisfruitige en citrusachtige noten van bergamot en citroen ondergedompeld in transluzone die in het hart van de geur samenstromen met sambacjasmijn (ondergedompeld in cascalone) waardoor er een licht ziltig effect ontstaat. Maar het ruikt volgens mij meer naar waterjasmijn, ofwel hedione (foto): wéér zo’n klassiek synthetisch ingrediënt.

Dat werd in de jaren zestig van de vorige eeuw eveneens ontwikkeld door Firmenich en laat jasmijn als het ware in water wiegen dat wordt beschenen door een opkomende voorjaarszon. Al deze noten worden in de basis niet alleen vastgehouden door de ‘klassiekers’ musk, mos en cederhout, maar ook door een algenextract. ‘Verkregen langs de kust van Bretagne’, zegt Biotherm. Maar neem ook dit met een korreltje zout, want dat is een feite de essentie van cascalone. Het effect is er niet minder om: Eau Océane is zoals je de verkoelende Noordzee tijdens de zomer niet ‘proeft’, maar je in je fantasie voorstelt: fris en verkwikkend met toch dat prettige, beetje jeukende ziltige spoor in de lucht en op je huid.

RUIK & VERGELIJK

Als je bovenstaande gelezen hebt, onderga je onderstaande geuren wellicht anders (als je ze nog op je badkamerplankje hebt staan). Er is trouwens één geur die wat ziltigheid zijns gelijke niet heeft: Eau de Fier (2000) van Annick Goutal.

Christian Dior Dune (1991),

Calvin Klein Escape van (1991)

Issey Miyake L’Eau d’Issey (1992)

Ralph Laurens Sport Woman (1996)

Davidoffs Cool Water Woman (1996)

Kenzo L’Eau par Kenzo (1996)

Rochas Aquawoman (2002)

IMPERIAL MILLESIME CREED

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 27, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET M, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN KEIZERLIJK WATER VOOR HEM

EEN KEIZERLIJK WATER VOOR HAAR

Jaar van lancering: 1995

Laatst bijgewerkt: 27/04/12

Neus: Olivier Creed

Midden jaren negentig was de parfumwereld in de ban van een trend die parfumhistorisch in feite zo oud als de weg naar Rome was: uniseksgeuren. Want tot de commercie en marketing er zich mee gingen bemoeien waren in feite alle geuren geslachtsloos. Was puur een kwestie van lekker vinden of niet. Maar toen kwam in 1992 Bvlgari met Eau de Cologne au thé Vert – de zoveelste naoorlogse poging om een geur sekseneutraal te presenteren. Die poging was zeer geslaagd dus werden ook andere marktspelers wakker geschud. In 1994 lanceerde Calvin Klein cK One: een andere groene geur voor jonge meisjes en voor jonge jongens.

Het succes was zo overweldigend dat het de toenmalige directeur van Unilever (waar Calvin Klein ‘via’ Elizabeth Arden toen onder viel) verleidde tot de opmerking dat waar Chanel N°5 (1921) meer dan zeventig jaar voor nodig had, Calvin Klein binnen tien jaar was gelukt: de best verkochte geur aller tijden…

Discutabel, want is er ooit bijvoorbeeld bijgehouden hoeveel flacons er over de toonbank zijn gegaan zijn van 4711 van Müelhens – dé uniseksgeur avant la lettre uit 1792… Anyway: bijna elk parfumhuis wou ook wel uit deze zeer profitabele, geslachtsvervagende bron drinken. Van laag tot hoog. En nog hoger: Creed dus, het parfumhuis dat sowieso al tig geuren in zijn collectie had zonder specifieke geslachtsaanduiding, maar het een goede gelegenheid vond zich op deze manier als klassiek, maar ook modern huis te presenteren bij een publiek dat zocht naar een meer verfijnd thema op het uniseks-concept. En zo zag Impérial Millésime het licht.

Het werd het – conform de filosofie van het huis – gepresenteerd in een très chique setting, zoals je kunt lezen op de Creed-site: ‘Soms de gouden standaard van geur genoemd, werd Impérial Millésime gecreëerd op verzoek van een soeverein (die anoniem wenst te blijven) die zocht naar een lichte geur ideaal tijdens de warme dagen en koele nachten in zijn koninkrijk. De geur moest veelzijdig genoeg zijn voor zowel de mannelijke als vrouwelijke hovelingen. Uiteindelijk gaf de heerser Creed een gouden staaf ter inspiratie voor de flacon’. Lijkt wel een sprookje.

Hoe het ook zij: Olivier Creed (foto) stelde een geur samen die sinds de lancering een van de populairste in het Creed-assortiment is door ‘zijn romantische charme’ een daardoor geliefd bij mensen die er voor kiezen ‘hun succes subtiel met een zeldzaam elan te communiceren’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Millésime is een term afkomstig uit de oenologie waarmee een bepaald oogstjaar van een wijn of champagne wordt bedoeld. Creed heeft deze terminologie overgenomen om de bijzonderheid van zijn geuren te formuleren. Simpel gezegd: een sterkte die zweeft tussen een eau de toilette en eau de parfum. Maar voor mij balanceert Impéral Millésime eerder tussen een eau de toilette en een eau de cologne.

Opmerkelijk is dat Creed de nieuwe smaak van toen – zoutachtige nuances, zeebries, ozon, marinenoten – in deze geur goed heeft geïncorporeerd: het is één en al wiegen van citrusvruchten die groeien aan kusten waar de oceaan zijn zoutige golven op beukt.

Creed geeft zelfs een exacte geografische positie: zonnig Sicilië. Prettige opening: fruitige noten ondergedompeld in zeewater waarin bergamot (tekening), mandarijn en sinaasappel vrolijk en opperbest gestemd spartelen…. samen gaan ze diepte in en treffen op de zeebodem aan: intense houtnoten en nog intenser musk. Laatste is zo musky en zo typisch Creed, dat je bijna gaat geloven dat het de echte is, iets wat het ‘parfumhuis van vader op zoon sedert 1760’ beweert. Aangenaam, verfrissend en ‘plezant’, maar Impéral Millésime is niet beter en niet minder dan zoveel andere citruscolognes in het prestigesegment, maar dan wel voorzien van een koninklijk zegel.

RUIK & VERGELIJK

De meeste androgyne geuren die snel na ck One verschenen, verdwenen even snel. Sommigen hebben het overleefd, toevallig de ‘androgyners’ van de nichemerken. Moet toch een kwaliteitskwestie zijn:

Etienne Aigner XXL (1995)

Comme des Garçons White (1995)

Gianfranco Ferré Giefeffe (1995)

Caron Eau Pure (1996)

Salvador Dali Dalimix (1996)

Diptyque Philosykos (1996)

Escada Country Weekend (1996)

Escada Sport Spirit (1996)

Annick Goutal Eau du Sud (1996)

Calvin Klein cK be (1996)

L’Artisan Parfumeur Thé pour un Eté (1996)

SIGNATURE CELINE DION

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 27, 2012
Geplaatst in: CELEB FRAGRANCES, GEURENALFABET S. Een reactie plaatsen

EEN HANDTEKENING IN GEUR

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 27/04/12

Neus: Ilias Ermenidis

Model: viva la diva Dion

Fotografie: onbekend

Ik heb een love-hate-verhouding met Celine Dion. ‘Wat interesseert mij dat!’, kun jij je als lezer terecht afvragen. Maar het maakt misschien duidelijk waarom ik haar op geurengebied niet echt serieus neem. Komt met name door haar zelfverheerlijking, die als inspiratiebron dient voor haar geuren.

Ook met Signature is het weer raak, want ‘werd ontwikkeld als ode aan het bijzondere vermogen van Celine om verbondenheid te creëren en te inspireren met haar muziek’. Ja dat weten we nou wel, Celine! En ook dat de geur een symbool is ‘voor de blijvende verbondenheid die de artieste voelt met haar trouwe fans’.

Zouden we bijna vergeten dat voor Celine muziek een echte creatieve uitlaatklep is: ‘Ik gebruik het om mezelf te uiten en mijn gevoelens met mijn fans te delen. Met Signature kan ik mijn fans op een geheel andere, zeer persoonlijke manier bereiken’. En laten we niet vergeten dat ‘door haar kracht om te verbinden en te inspireren zij een bijzondere plek in het hart van haar fans in neemt en dat komt tot uiting in haar klassieke nieuwe parfum’ waarvan de flacon ‘is voorzien van het silhouet van de diva Celine in reliëf: een overweldigende visuele signatuur die staat voor haar onuitwisbare aantrekkingskracht’.

En: ‘De verpakking vertegenwoordigt Celine’s eigen klassieke elegantie’. Dat moet dan inhouden dat de buitenkant meer belooft dan het kan waar maken: in het doosje passen bijna twee flacons. Iets wat ze trouwens gemeen heeft met de mannencolognes van Dior. Nog zoiets: de nachtegaal van Canada en omstreken doet alsof haar geuren dezelfde kwaliteit hebben van bijvoorbeeld het huis dat je ‘bijna’ als haar achternaam schrijft en waar ze ook af en toe in gesignaleerd wordt: Dior. Echte vrienden en echte vijanden die een beetje kijk hebben op geuren, moeten dan toch in alle eerlijkheid constateren: not!

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het parfum is ‘even tijdloos als de zangeres zelf’ en dat komt omdat de neus ‘een fan van Celine Dion in hart en nieren’ is. Ilias Ermenidis werd geïnspireerd door het idee van verbondenheid en deed zijn uiterste best om het vrolijke, hartelijke en gepassioneerde karakter van Celine in dit signatureparfum te verwerken’. Celine’s karakter is dus fruit-bloemig en sensueel en opent met een sprankelend-sappige explosie van guave en een appel genaamd Pink Lady – een kruising van Golden Delicious en Lady Williams – begeleid door zacht honig mimosa die zich in het hart linkt aan ‘een verfijnd bloemig boeket’ van stralend jasmijn, zoeter roos en de tedere magnolia.

Het effect volgens Dion: ‘tijdloze verleiding’. De basis van musk, amber- en sandelhout zorgen voor aantrekkingskracht en het geheel vormt ‘een klassieke geur net zo onvergetelijk als Celine Dion en haar muziek’. Het effect volgens geurengoeroe: een diffuus fris-fruitige geur die ruikt naar bloemen, maar die je stuk voor stuk niet echt kunt waarnemen. Ik heb het al vaker geschreven en doe het weer: ik ben benieuwd hoe dit recept zal ruiken wanneer er kwalitatief voor betere ingrediënten was gekozen. Misschien had Celine dan zonder problemen de laatste letter van haar achternaam kunnen veranderen in een r.

RUIK & VERGELIJK

Ondanks de premièreparfums van Madonna en Lady Gaga dit jaar, zijn volgens mij celebgeuren over hun hoogtepunt heen. Maar toch:

David Beckham Instinct Sport (2012)

Beyoncé Pulse Summer Edition (2012)

Selena Gomez Selena Gomez (2012)

Paris Hilton Dazzle (2012)

Eva Longoria EVAmour (2012)

Jennifer Lopez Glowing (2012)

Donald Trump Success (2012)

Kate Walsh Billionaire Boyfriend (2012)

AUBE PASHIMA – HUITIEME ART – PARFUMERIE GENERALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 26, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET A, NICHE. Een reactie plaatsen

OCHTENDGLOREN IN EEN KRUIDENTUIN

Jaar van lancering: 2010

Laatst bijgewerkt: 26/04/12

Neus: Pierre Guillaume

Bij pashima denken volgens mij de meeste mensen aan een warm-behaaglijke ‘grand foulard’ of  ‘petit foulard’ (gemaakt van wol nog fijner dan kasjmier afkomstig van de gelijknamige geit die zijn habitat heeft op de Himalaya) veel gedragen door royalty, celebs en gewone fashionable peopletjes. Stylingtechnisch natuurlijk gechaperonneerd door de juiste schoenen, de juiste tas als standaardoutfit. Denk: heure keunikleuke heugheid Máxima, Prinses der Nederlanden, denk sterrenmoeder Angelina Jolie. Er bestaat zelfs een blog die adviseert hoe een pashimashawl het beste te knopen: http://www.sjaalknopen.wordpress.com.

Link je pashima aan parfum, dan denk ik aan een security blanket-geur. Dus een warme, zachte ambergeur die aanvoelt – inderdaad – als pashima. Niet Pierre Guillaume. Aube Pashima, roept geen dageraad ergens in de hooglanden van Nepal, India en Pakistan op, maar is een olfactorische impressie van een ochtendwandeling door een goed onderhouden (volgens mij Franse) kruidentuin: rozemarijn, basilicum en vers tomatenblad sieren dit groene stilleven. Guillaume: ‘Bedekt met dauw reiken de kruiden, omringd door zwarte bes en geranium, uit naar de opkomende zon – dit alles gadegeslagen door een anonieme voorbijganger die gezeten op een oude houten bank, getuige is van het begin van de dag’.

Je hebt weinig fantasie nodig om dit pastorale en vreedzame tafereeltje voor je te zien. Als je aan de geur ruikt, wordt dit beeld alleen maar sterker. Mooi, fris, groen, zoetig, strak. Een cologne en toch weer niet. En chypre en toch weer niet. Een achtste kunstvorm en toch weer niet. Hoe aangenaam ik Aube Pashima ook vind, de associatie dringt zich direct op met groene klassiekers: Vent Vert van Balmain, Chanels N°19, Eau de Campagne van Sisley en Jacomo’s Silences.

Alleen weet Guillaume niet over deze ‘schaduwen’ heen te springen. Aube Pashima blijft in dezelfde stemming; wordt niet gesublimeerd tot een groen parfum dat al zijn voorgangers overbodig maakt. Een ander probleem: de lichtheid… de geur vervliegt sneller dan verwacht waardoor Guillaume’s andere ‘groene’ – 24 Papyrus de Ciane uit 2009 – het wint voor mij.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Let wel: Aube Pashima is knap gemaakt omdat hij, in tegenstelling 24 Papyrus de Ciane, geen galbanum opvoert als groene frismaker, terwijl met name de opening herinneringen oproept aan geuren die dat in overdosis hebben/hadden: de hierboven genoemde geuren maar ook Vol de Nuit (1933) van Guerlain en Christian Diors Miss Dior (1947).

En Pierre Guillaume kent zijn klassiekers: de eerste fris-groene noot die je ruikt – tomatenblad – doet denken aan Eau de Campagne. En die geeft hij een kruidige ondersteuning met rozemarijn en basilicum, met op de achtergrond een mooie mentholachtige nuance. Komt volgens mij op conto van geraniumblad. De bloemig-zoete noot is een melange van zwarte bes en wat Pierre Guillaume ‘satijnhout’ noemt (een concentraat van jasmijn en sinaasappel). Inderdaad samen een elegante evocatie van een kruidentuin tijdens het ochtendgloren. Alleen jammer dat het (voor mij) niet lang genoeg blijft hangen en dat komt door het ontbreken van een stevige basis. Denk mos, denk patchoeli.

RUIK & VERGELIJK

Voor mij geen achtste kunst, maar Aube Pashima past perfect in de rij van klassieke groen-groener-groenste geuren:

Balmain Vent Vert (1945)

Lancôme Ô (1969)

Chanel N°19 (1970)

Estée Lauder Private Collection (1973)

Sisley Eau de Campagne (1974/75/76?)

Jacomo Silences (1978)

MOUSTACHE ROCHAS

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 25, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET M, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Een reactie plaatsen

SNORREMANS!

L’AUTRE EAU SAUVAGE

Jaar van lancering: 1949

Laatst bijgewerkt: 25/04/12

Neus: Thérèse en Edmond Roudnitska

Ben me ‘mentaal’ aan het voorbereiden op de parfumversie van Diors Eau Sauvage (2012). Vraag me af of het eigenlijk nodig is klassiekers als deze op te waarderen. En wat de maker ervan gevonden zou hebben, had hij nog geleefd: Edmond Roudnitska, volgens velen de grootste neus van de twintigste eeuw.

Ik weet ook wel waarom Dior het doet: om de eau de toilette-versie weer in het bewustzijn te brengen van consumenten die de geur kennen maar misschien niet meer gebruiken – een nieuwe koopprikkel. Ook voor vaste gebruikers. Daarom mag van mij om deze reden ook een parfumversie verschijnen van ‘die andere Eau Sauvage’ die in de reguliere parfumerie allang uit de roulatie is: Moustache van Rochas. Of beter gezegd: uit de gratie is.

Dat heeft te maken met het zwevende beleid van het merk doordat het vaak van eigenaar wisselde waardoor er vanaf eind jaren negentig een stroom aan geuren verschenen die de status van het huis als gerenommeerd Frans parfumhuis – met klassiekers als Femme (1944), Madame (1961), Mystère (1978), Macassar (1983) – steeds verder uitholde. Rochas was natuurlijk niet de enige die zich steeds meer door marketing liet leiden. Andere ‘maisons renommées’ – Dior, Givenchy, Guerlain – hebben in dezelfde periode ook geuren met twijfelachtige allure gelanceerd, maar kwamen op het juiste tijdstip weer tot inzicht. En dat is met Rochas nog niet echt gebeurd, alhoewel vorig jaar een voorzichtig begin werd gemaakt met Muse de Rochas.

Moustache. Spitsvondige naam en gecreëerd in een tijd dat het dragen van een snor in betere kringen nog steeds als chic werd gezien. Je moest het natuurlijk niet overdrijven zoals Salvador Dali of het dragen als herkenningsteken in de obscure wereld van zeeman-, homo- en motorclubkroegen.

Die laatste underground-link heeft de snor in feite de das omgedaan. Terwijl een ander anarchistisch symbool – de tattoo – de laatste jaren juist als spannend en erg fashionable wordt gezien: ziet en ruikt Diesels Only The Brave Tattoo (2012). Maar om als een man een snor te cultiveren wordt nu in feite nog steeds erg fout gezien, ook in modieuze kringen. En vol bebaard gezicht, prima. Solo snor, no way.

Interessant om te lezen is dat het recept niet werd bedacht door Edmond Roudnitska, maar door zijn vrouw Thérèse. Op een van de meest interessante parfumblogs – www.perfumeshrine.blogspot.com – wordt daar in ieder geval melding van gemaakt. Het mooie aan Moustache is dat het een soort een ruwe handtekening is van Roudnitska’s parfumstijl dat hij in de loop der jaren via Eau d’Hermès (1951), Diors L’Eau Fraîche (1953), Eau Sauvage (1966) en Diorella (1973) steeds meer verfijnde. Zijn schrijfwijze: helder, simpel en ‘strak’. Geurtechnisch betekent dat een voorliefde voor ‘gefermenteerd’ fruit, heldere bloemnoten, mosvochtige en bosachtige ondertonen verfijnd door het ‘urine-aroma’ van animale noten: civet, leer, ambergris en bevergeil. Dat laatste schijnen ‘we’ niet meer lekker te vinden. Dus daarom zijn deze ‘geilmakende’ toevoegingen in de nieuwe formules er uit helaas uitgezeefd.

Elegant en verfijnd-humoristisch is de oorspronkelijke presentatie. Duidelijk nog geen massavermaak. Iets wat je tegenwoordig niet meer ziet – zelfs niet in de nichesector. Wel een van de eerste mannengeuren met een uitgebreide groominglijn – wat Estée Lauder ook moge beweren. We zien een man opgebouwd uit geribbeld karton (waarin de geur ook zat verpakt) die met een leren handschoen de flacon (geïnspireerd op de ronde vormen van Femme) oppakt en met monocle aan een onderzoek onderwerpt. In de jaren zestig werd gekozen voor een geribbelde, mannelijker flacon (op internet nog te koop) die midden jare negentig werd vervangen door een wel erg saaie, niet-geraffineerde, gladgestreken standaardflacon (zie onder) waarin alle Rochas-klassiekers voor de man vanaf dat moment zitten. Gelukkig heeft de geur zelf niet veel van zijn oorspronkelijke pittige charme verloren.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Moustache heeft door de droge, kamferachtige en kruidige indruk iets – aangenaams – mannelijk ouderwets in die zin dat het minder luchtig en stralend is dan Eau Sauvage, en nu door nichemerken wel als soort van inspiratiebron wordt genomen.

Wat in de wereld van parfums toen revolutionair was: de overdosis aan limoen (omringd door bergamot) in de opening begeleid door veel ‘strakke’ groenigheid: basilicum en verbena. Vervolgens in het hart een opvallende lavendelnoot omringd door een krans van bloemen vaak gebruikt in chypre-achtige geuren: op de eerste plaats anjer en geranium, op de tweede plaats roos en jasmijn (geen ‘waterjasmijn’ of hedione zoals bij Eau Sauvage). Maar door de kruidig- en houtigheid van het geheel zijn de laatste bloemen moeilijker te onderscheiden.

De afronding geeft Moustache zijn krachtige status: musk, mos en cederhout met een verzachtende bijdrage van honing. Hoewel de compositie is aangepast, ‘schoongepoetst’, houdt de geur wel een zekere dierlijke ondertoon die mij aan civet doet denken.

RUIK & VERGELIJK

Heel voorzichtig verschijnen droog-kruidige geuren voor de man weer – in het nichesegment dan.

Lancôme – Maison Lancôme – Balafre (1967, 2011)

Histoires de Parfum 1828 (2001)

Parfum d’Empire Eau de Gloire (2004)

Etat Libre Orange Je suis un Homme (2006)

Abaci Abaci (2011)

HOMME L’EAU BOISEE GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 25, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET H. Een reactie plaatsen

GUERLAIN GOES ECO!

HOMME GOES ‘VETIVER’!

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 25/04/12

Neus: Thierry Wasser

Flaconontwerp: Pininfarina

In vergelijk met vrouwen komen mannen bij Guerlain er eigenlijk bekaaid vanaf. Is dat erg? Ik zeg: ‘Volmondig ja!’ Van de verfijning en ‘verniching’ van het parfumhuis kan de man met smaak minder genieten. Ja, ik weet dat de lijnen Art & La Matière en Un Parfum, Une Ville voor zowel mannelijke als vrouwelijke fijnproevers is gemaakt en dat in 2010 de twee Arsène Lupin-geuren verschenen, maar daar staat tegenover dat de Acqua Allegoria-serie steeds vrouwelijker is geworden. En ondertussen deelt Thierry Wasser allerlei nieuwe geurbonbonnetjes uit aan haar: Floral Romantique en La Petite Robe Noire 2 (beide 2011) een nieuwe versie van de eerste La Petite Robe Noire (2009). Niet vergeten: Idylle: Jasmin-Lilas (2012).

En de man: moet het dit jaar alleen doen met een variatie op Homme (2008): Homme L’Eau Boisée. Het is wel een mooie ‘stoer-elegante’ variatie, want gebaseerd op één van de fetish-ingrediënten van Guerlain: vetiver, sowieso een van de populairste ingrediënten bij mannen. Thierry Wasser kwam tot deze variatie tijdens een bezoek aan India. Om preciezer te zijn deelstaat Tamil Nadu, daar ontdekte hij in de omgeving van Coimbatore een vetiver-soort die anders rook dan de bekende variaties uit Haiti en Java. Toeval: ik heb hetzelfde gebied met Anita Roddick (oprichter van de The Bodyshop) eind jaren negentig bezocht, en ontdekte daar toen naast roos, jasmijn en patchoeli ook een vetiveressence (en gekocht) op een lokale markt in Chennai. De charme ervan: de geur was houtig, ‘verbrand’, rokerig met een fluwelen afronding. Misschien ruikt de vetiver die Wasser ontdekte anders, wel deed hij hetzelfde als Roddick waarmee ze beroemd werd: think global, act local.

Hij zette er een fair trade-plan op dat de lokale bevolking de kans geeft deze vetiver op een eco-vriendelijke te verbouwen. Een bewonderingswaardig initiatief, al was het alleen maar om het effect dat deze vetiver heeft op Homme L’Eau Boisée. Het geeft Homme een gelaagdheid, intensiteit, warmte en tegelijkertijd de chique toets die je van Guerlain verwacht. Het zal met niet verbazen dat deze versie het origineel in populariteit zal voorbijstreven.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

In de opening herken je Homme: limoen en munt, maar nu gecombineerd met een verkwikkende grasnoot. Het gevoel: alsof je  blootvoets door een pas gemaaid, ‘bedauwd’ weiland wandelt. Maar du moment de vetiver (tekening) zich aandient, vindt de transformatie plaats. Alles wat deze wortel charmeert én chic maakt, ruik je in Homme L’Eau Boisée: een aardsfrisse sensatie dat zich ontwikkelt tot een houtig, droog-zonnig aroma met als finishing touch een soort rokerigheid: verbrand hout dat doet denken aan wierook zonder het verstikkende effect. Ook ruik je een peperige nuance die zweeft tussen jeneverbes en karwei. Ik zou zeggen: Thierry Wasser ontwikkel voor volgend jaar een Homme Boisée L’Eau Intense-versie of bijvoorbeeld Vétiver Vermeil in de Art et La Matiére-reeks waarmee je Vetiver Oriental van Serge Lutens (2004), Chanels Sycomore (2008) en Grey Vetiver van Tom Ford (2009) het nakijken geeft.

RUIK & VERGELIJK

Ik mag het misschien niet zeggen, maar Homme Boisée komt mij voor dichter in de buurt van de ‘vintage’-versie van de eerste mannengeur die Jean-Paul Guerlain bedacht, dan de vernieuwde versie uit (2000) en zijn extreme variant.

Guerlain Vetiver (1959)

Guerlain Vetiver Extrême (2008)

LOULOU CACHAREL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 24, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET L, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. 2 reacties

‘OUI, C’EST MOI’

A PERFUME YOU LOVE TO HATE

A PERFUME YOU HATE TO LOVE

Jaar van lancering: 1987

Laatst bijgewerkt: 24/04/12

Neus: Jean Guichard

Model: onbekend

Flaconontwerp: Annegret Beier

Fotografie: Sarah Moon

‘Terugruikende’ kun je constateren dat Loulou een van de laatste geuren in de ketenparfumerie is geweest waarin de kracht en de filosofie ‘achter het parfum’ sterker was dan het (logische) verlangen om zoveel mogelijk flacons ervan te verkopen. Kan me bijna niet voorstellen dat de geur in zijn ontwikkelingsfase is voorgelegd aan een proefpanel, want dan zou de uitkomst waarschijnlijk teleurstellend zijn geweest en er direct aan gesleuteld zijn. Want: Loulou doet niet echt zijn best direct te charmeren.

Ook nu nog verbaast hij: vreemd, ‘viezig’, ruig, vol, mysterieus en zelfs sinister als je dat van een parfum kunt zeggen. Maar ook een decadente geur vol verlangen en ‘nieuwe’ oosterse charme die je pas later – na veel proberen – leert waarderen om je er vervolgens aan over te geven. Zo verliep althans mijn ‘acceptatiefase’. De geur moest natuurlijk ook zo zijn door de inspiratiebron: de Amerikaanse actrice Louise Brooks (1907-1985) die beroemd (of eerder berucht) werd door haar provocerende rollen in voornamelijk – stomme – Duitse films. Hoogtepunt: Pandora’s Box (1928) waarin voor het eerst op het witte doek lesbische scènes te zien waren. De naam van de persoon die ze speelde: Lulu. Het wordt beschouwd als een van ‘s werelds beste acteerprestaties ooit.

Interessant om te zien dat Cacharel in het begin van zijn parfumcarrière subtiel, maar bewust voor een erotische (is wat anders dan sexy) ondertoon koos met – als je het zo wilt zien – een lichte lesbische connotatie: zie ook de eerste foto’s en video’s van Anaïs Anaïs (1978) gemaakt door Sarah Moon. De wereld die met Loulou wordt opgeroepen is de ‘broeierige’ wereld waarin Louise Brooks leefde en die nu door ons als toppunt van frivool en smaakvol vermaak wordt gezien: the gay twenties – in Frankrijk les années folles genoemd – toen alles wat God verboden had en het daglicht niet verdroeg beleefd kon – ‘ervaren’ zeg je nu – worden in Berlijn. Maar niet alleen Berlijn, ook Parijs, eigenlijk alle hoofdsteden van Europa kenden vele ‘boites’ waar bovenwereld, demi-monde en onderwereld elkaar ontmoetten om zich te vermaken om de verwoestende herinneringen van de Eerste Wereldoorlog te vergeten.

De introductie was goed en groots georkestreerd. Moest ook wel: er stond veel op het spel: kon Cacharel voor een tweede keer een geurengekte veroorzaken? Voor het eerst werd – ook in Nederland – Loulou eveneens op de televisie grootschalig gepromoot. En zó vaak, dat er op een gegeven moment grappen over werden gemaakt – althans in mijn vriendenkring. Als je melig was, dan antwoordde je op elke vraag die je gesteld werd met ‘Oui, c’est moi’. Het antwoord dat het model in de promotieclip gaf op de voice over-vraag ‘Loulou?’

De flacons zijn vaak als kitsch afgedaan. Over smaak valt natuurlijk niet te twisten, zegt men, maar ik heb dat ‘rare’ blauw en ‘rare’ rood altijd een goede vertaling gevonden van de art deco-esthetiek van de jaren twintig van de vorige eeuw die ook vaak zweefde tussen kunst en kitsch. En dat hard plastic (of vergis ik me nu?) werd gebruikt en geen glas vond ik weer een goede vertaling van bakeliet – ook populair in die jaren.

Ik kan me niet herinneren – ik zat toen nog niet echt professioneel in parfum – of de geur direct met open neus ontvangen werd. Wel dat Loulou, zoals ook andere parfums, in tegenstelling tot nu toe de kans kreeg zich waar te maken. En deed het ook en bleef jaren een succesnummer. De geur is zoals zoveel andere ‘klassieke eighties’ in vergetelheid geraakt, maar Cacharel geeft hem de laatste jaren weer enige aandacht door Loulou in 2011 onderdeel te laten zijn van Le jardin de Cacharel.

Dat was een collectie populaire Cacharelgeuren (in 20ml-formaat) in 2012 omgetoverd tot Le paradis de Cacharel (nu 25ml-formaat – zie foto onder). In het begeleidende persbericht wordt Loulou nu omschreven als ‘Zij is een vrouw en tegelijkertijd onvolwassen. Zij wordt aangetrokken door magie en is zich bewust van die gevaren die er achter schuilen. Ontroering, mysterie en betovering spelen de hoofdrol.’ Als ik Cacharel was zou ik deze geur nu groots herlanceren. Het past perfect in de vintage-trend, want Loulou is dubbel vintage.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Loulou is een meesterwerk! En om verschillende redenen. Op de eerste plaats wordt een bloem en een ‘houtsoort’ geïntroduceerd die toen nog vrijwel onbekend waren en waarmee nu je wordt ‘doodgegooid’: tiaré (foto) en zoethout. Op de tweede plaats door de gewaagde combinatie van pruim, tuberoos en vanille.

Het is alsof de neus drie klassiekers door elkaar heeft gemengd. Mitsouko (1917) van Guerlain met zijn legendarische pruimnoot, Shalimar van Guerlain met zijn beroemde vanille-overdosis en Robert Piguets Fracas (1949) – het non plus ultra-tuberoosparfum. Hierdoor vindt een eerst een ontploffing plaats, alsof je de doos van Pandora opent: talloze geuren gevangen in een dreigende, donkere wolk maken zich vrij. Laat je hierdoor niet intimideren, geeft Loulou kans zich te ontwikkelen en je ondergaat weldra de genoegens van een volle oriëntaalse bloemengeur.

In de opening omringd door citrusachtige nuances (mandarijn, bergamot) word je getrakteerd op zwarte bes, pruim en zoethout – hoe origineel: ze versterken elkaars zoetigheid en die ‘plakt’ ook heel mooi op de bloemen in het hart: tiaré en tuberoos versterkt met ylang-ylang, oranjebloesem en jasmijn. Voor ik het vergeet: je ruikt in de opening ook een soort bloemige kruidigheid geleverd door goudsbloem. Het effect: oosters-klassiek bloemengenot dat verwart door de dissonante tonen van de ‘nieuwe ingrediënten’.

In de basis wordt dit alles opgezogen – verzwolgen lijkt het wel – door de balsemachtige noten van sandelhout, vanille, tonkaboon en musk die een droog-poederige uitwerking hebben door iris, heliotroop en zelfs een nuance van mimosa vermengd met een soort rokerigheid die ruikt naar wierook. Gewaagd in zijn verwarrende volheid, futuristisch in zijn fuseren van nieuwe en oude ‘smaken’.

RUIK & VERGELIJK

De jaren tachtig mogen dan ‘stijltechnisch’ herontdekt zijn, de parfumklassiekers die deze periode hebben begeleid, lijden een kwijnend bestaan of zijn verdwenen.

Laura Biagiotti Roma (1987)

Joop! Femme (1987)

Nina Ricci Nina (1987)

Prescriptives Calyx (1987)

Rochas Byzance (1987)

MANGUIER METISSE – HUITIEME ART – PARFUMS GENERALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 24, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET M. Een reactie plaatsen

MANGO BEDOLVEN ONDER POEDERSUIKER

Jaar van lancering: 2010

Laatst bijgewerkt: 24/04/12

Neus: Pierre Guillaume (foto onder)

Ik ‘moet’ er nog zeven doen. En maar hopen dat hij ondertussen geen nieuwe kunstwerken lanceert. Zou ze het liefst allemaal achter elkaar recenseren, want als je parfum tot achtste kunstvorm bevordert, lijken veel andere lanceringen overbodig te worden. Scheelt weer in werk, maar die moeten toch ook behandeld worden. Ik vind de opstelling van Pierre Guillaume lekker en aangenaam arrogant.

Door parfums als (achtste) kunstwerken te lanceren, daagt hij andere merken uit, maar hij stelt zich hierdoor ook makkelijker bloot aan kritiek. Stel, dat die nichehuizen vinden (en bloggers zoals ik) dat de lat die hij gelegd heeft, bij sommige exercities toch iets te hoog is, dat de kunstwerken niet beantwoorden aan de verwachtingen. Ik heb het – had het niet voor mogelijk gehouden – met Manguier Métisse. 

De reden: omdat ik niet ruik, wat ik hoopte te ruiken: voor het eerst een geur die de essentie van een rijpe mangovrucht overtuigend weet te vangen – voor mij een van de mooist ruikende exotische vruchten: vol, fluwelig, honingachtig, zon, zoetsappig met op de achtergrond een lichtbloemige toets.

Om tot deze achtste kunstvorm te komen, heeft Pierre Guillaume een ‘nieuwe’ extractiemethode ontwikkeld: phytoperfumery. Kort door de bocht als ik het goed begrepen heb: in plaats van de klassieke parfumpiramide wordt de compositie lineair ‘neergezet’: in één stroom geven alle ingrediënten hun geuren prijs, ze wiegen samen zonder dat er één de hoofdrol kan opeisen. Het gevolg in dit geval van de mango: die gaat voor mijn gevoel toch kopje onder in de overheersende frangipani die extra zoet wordt gemaakt door een ‘suikernoot’.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Het kan aan mij liggen, maar ik ruik de ‘gedroomde’ versie van mango en frangipani niet. Ben Manguier Métisse nu al een paar dagen aan het detecteren, maar ik kan deze twee ingrediënten niet echt solo en niet echt in duet waarnemen. Ook geen thee. Eerst een opening die je als fris kunt omschrijven. Misschien dan heel even iets dat op mango lijkt. Wat ik eigenlijk direct waarneem is suiker in al zijn gezoete diversiteit: ‘bepoederd’, ‘gefruit’ en gesmolten. Het laatste bewerkstelligt ook een zekere karamel- en vanillenoot. Maar wat fruit betreft moet ik moet eerder aan een rijpe zoete meloen denken – heeft misschien dezelfde geurmoleculen als mango. Kortom, een warrig, diffuus gevecht tussen zoete, fruitige en bloemige noten die voor mij het effect hebben van een monoï-geur. Ik kan er helaas geen (achtste) kunst in ontdekken.

RUIK & VERGELIJK

Manguier Métisse is verwarrend, aangezien onderstaand ‘tussendoortje’ voor mij bijna hetzelfde gevoel oproept, terwijl een andere exotisch bloem wordt ‘bepoederdsuikerd’: tiaré.

Dior Sweet Sun (2004)

SHALIMAR PARFUM INITIAL L’EAU GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 23, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET S. Een reactie plaatsen

‘EEN LICHTE VEER, OPWAAIEND MOUSSELINE’

Jaar van lancering: 2012

Laatst bijgewerkt: 23/04/12

Neus: Thierry Wasser

Model: Natalia Vodianova

Shalimar Parfum Initial werd vorig jaar gelanceerd om een nieuwe generatie, niet echt gewend aan indringende oosterse melanges, ‘indirect’ kennis te laten maken met hét oriëntaalse parfum van de 20ste eeuw: Shalimar (1925). Deze versie is volgens Guerlain ‘een nieuwe inleiding tot sensualiteit en onschuld met frissere, zachtere fluweelachtige accenten’. Het parfumhuis staat hierin niet alleen: ook andere huizen leveren geen lichtere, maar eerder moderne variaties op hun klassiekers. Estée Lauder deed het in 2005 met Youth Dew (1953): Tom Ford transformeerde het tot Youth Dew Amber Nude. Chanel volgde met N°5 uit 1921, werd in 2007 voor een nieuwe generatie gepresenteerd als N°5 Eau Première. Ook Yves Saint Laurent zag zich ‘verplicht’: Opium (1977) werd lichter en transparanter met Belle d’Opium (2011). Zelfs Thierry Mugler ging mee in deze verlichting: Angel (1992) werd Angel Eau de Toilette (2012).

En dat terwijl van sommige van deze geuren ook al zomervariaties waren verschenen, waarin juist de licht-frisse kant werd benadrukt en dus verondersteld toegankelijker werden ‘verklaard’. Geldt ook voor Shalimar. Kreeg de afgelopen jaren drie keer een mooie, elegantie en lichtere versie: in 2003 Shalimar Eau Légère Parfumée, in 2005 en 2008 Eau de Shalimar. Nu het opvallende: Guerlain introduceert dit voorjaar Shalimar Parfum Initial l’eau begeleid met volgende leidraad: ‘Op een subtiele manier verandering aanbrengen zo licht als een lichte veer of opwaaiende mousseline’.

En als je je afvraagt waarom Guerlain zich zo bezighoudt met Shalimar, hier het antwoord: ‘Een geschiedenis kan lang of kort zijn; het belangrijkste is dat ze mooi is, dat zij vol met verrassingen, fantasie en beloftes is… en een blijvende indruk nalaat’. Ik ben in ieder geval benieuwd naar de volgende variatie op Shalimar, en die mag van mij ook heel intens en ‘harsen-verslavend’ – opoponax, Peru-balsem and benzoïne in overdosis – zijn.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

De verandering onderga je in de opening met een subtiele, maar flinke uitbarsting van citrusnoten: ‘Een iets groener dan normaal bergamot, een discreet accent van grapefruit vermengd met neroli’. Ofwel een cologne-belevenis (met name door neroli) die je tijdens het hele ‘traject’ van Shalimar Parfum Initial l’eau aangenaam blijft ruiken.

In het hart een nieuwe invulling van de Guerlinade – een melange van de ‘fetish’-ingrediënten van Guerlain: het bovengenoemde bergamot plus iris, damascena-roos (foto), jasmijn, vanille en tonkaboon die Wasser ook in Shalimar Parfum Initial verwerkte. En op achtergrond ruik je de typische noten van Shalimar Parfum Initial: gekonfijt fruit, karamel en hedione.

Er is wel een typisch verschil met Shalimar Eau Légère Parfumée (die ik nog in mijn parfumotheek heb): minder zwoel, minder tonkaboon, minder vanille en daardoor meer Shalimar. En dat geldt ook voor Eau de Shalimar. Hierdoor is Shalimar Parfum Initial l’eau een op zichzelf staande geur met bestaansrecht. Ben alleen wel benieuwd welke de klant kiest, als je ze aan beide versies laat ruiken. Dan blijkt misschien dat ze Shalimar Eau Légère Parfumée (ik geloof dat deze versie niet meer te koop is) en Eau de Shalimar ook een hele mooie en toegankelijke introductie vinden tot Shalimar.

RUIK & VERGELIJK

Van intense naar speelse verleiding: diverse (om)wegen leiden naar Shalimar:

Guerlain Eau de Shalimar (2008)

Guerlain Shalimar Parfum Initial (2011)

En er is naast het parfum en eau de parfum ook een extreme variant – het zij eenmalig – verschenen:

Guerlain Shalimar Ode à la Vanille (2010)

ISLAND KISS – THE BEST OF 20 YEARS OF SUMMER FRAGRANCES – ESCADA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 23, 2012
Geplaatst in: GEURENALFABET I. Een reactie plaatsen

HET PARADIJS ZIEN

Jaar van lancering: 2004/2012

Laatst bijgewerkt: 23/04/09

Neus: Philippe Romano

Samen met Sexy Graffiti (2002) en Rockin’Rio (2005) wordt Island Kiss eenmalig opnieuw gelanceerd. De reden: deze drie waren de geliefdste (en dus best verkochte) van de 20 zomergeuren die Escada tot nu toe lanceerde. Stel je dit voor als je Island Kiss gebruikt: ‘Je flirt, je laat een spoor van lippenstift achter. Als een uitnodiging naar jouw wereld. Je houding straalt zelfvertrouwen uit, je bent ontspannen, ongeremd en super en sexy. Je bent hip en je weet het; je krijgt alle aandacht’.

En wat vind dat het prettig, want: ‘Iedereen kijkt op wanneer je ergens binnenkomt. Verdomd, het lijkt wel alsof je de hoofdrol speelt in een girly glossy! Vooral als je het volgende leest: ‘Je volgt trends en het houdt van het goede leven, je danst de hele nacht en wekt altijd verlangen naar meer. Al feestend ga je van het ene eiland naar het andere. Je strandwandelt in het maanlicht. Je voelt het zand tussen je tenen. Je lacht. Je maakt muziek. Je laat los (heel goed als je dat kunt). Je danst met bloemen in je haar. Dit is je wereld… welkom in het paradijs van Island Kiss’.

Mocht je de geur kopen, dan raad ik de 100ml versie aan, die is in verhouding tot de 50ml, bespottelijk goedkoop. Volgens de officiële verkoopprijs scheelt dat maar 16 euro!

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Island Kiss komt tot leven met een tropische cocktail van superzachte en superrijpe mango, exotisch-zwoel passievrucht en friszonnige sinaasappel omringd door een wolk van citrusnoten. Samen heel ‘vruchtrijk’, heel zoet, heel fris.

In het hart is er een geurfeest van niet nader genoemde ‘transparante bloemen’ met als hoofdrolspeelster de tedere en fragiele magnolia (foto) die heel elegant wordt begeleid door witte perzik. Het effect: fluweelzachte sensaties. De afronding is eerst fruitig (rode vruchten versmolten met hibiscus – die niet ruikt, maar dit terzijde) vervolgens sensueel (blank hout en musk).

RUIK & VERGELIJK

Magnolia is zeer geliefd in parfums. Niet alleen om de naam – staat chic – maar ook omdat magnolia een rijk, sensueel maar bescheiden aura aan parfums geeft. Ruik je ook in:

Guerlain L’Instant de Guerlain (2003)
Giorgio Armani Armani Mania (2004)
Paul Smith Floral (2006)
Jil Sander Style (2006)
Chanel Cristalle Eau Verte (2009)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....