GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

OLFACTORISCH WONDER N0 1

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 29, 2024
Geplaatst in: KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

OLFACTORISCH WONDER N0 2

NAHEMA GUERLAIN

Waarschuwing: niet geïnteresseerd in een medisch relaas op privé-niveau? Scroll door naar Olfactorisch wonder no 2.

Olfactorisch wonder no 1: sinds een paar jaar hapert mijn neus. Te vaak verstopt. Ik ruik niets tot nauwelijks iets. Deze dysosmie komt in golven. Otrivin bracht vaak uitkomst (advies: niet te vaak gebruiken vanwege kans op ‘Otrivinitus’, ofwel eraan verslaafd raken terwijl de werking verloren gaat). Tot deze zomer. Gecombineerd met een eveneens bij vlagen voorbijkomende moeheid, dacht ik aan een milde vorm van long covid – door mij tot slow covid verbasterd. Onze Oekraïnse ‘major domus’ vergastte me op de ene na de alternatieve geneeswijze: voeten met mosterd insmeren, hete aardappelvocht inhaleren, een door midden gesneden ui onder je hoofdkussen. De biologische varkensteler in het dorp adviseerde de neus voor het slapen in te smeren met roomboter (haar dochter knikte instemmend). Niets hielp.

Het vreemde: ik miste geur eigenlijk niet zo. Misschien kwam dit op onderbewust niveau wel door mijn groeiende aversie tegen het doorgedraaide parfumcircus, het verlagen van de artistieke en kwalitative lat van de grootspelers. Ook niet uitnodigend tot een frisse blik: het aanstellerige zichzelf aanprijzende karakter van – nieuwe – nichemerken. 

Toch maar naar de dokter. Gaf me een spray. En verdomd: de reukzin kwam weer terug om… even snel weer te verdwijnen. Nog een keer naar dezelfde dokter, die ik tevens wou wijzen op een huidallergie. Een andere spray (met hogere concentratie ‘hulpmiddelen’ vergezeld van een crème (tegen de allergie). Plus bloedprik plus afspraak met kno-arts. 

Moet gezegd: door de sprays krijg ik weer lucht, beide luchtwegen zitten niet meer potdicht. Maar ruiken… ho maar. Wat blijkt uit de bloedtest: ik heb een allergie van a: hond (hoogst), b: pollen/hooi (gemiddeld) en c: huismijt (te verwaarlozen). Vandaar ook de allergie. Maar toch: de spray en crème (inmiddels vervangen door een tablet) beginnen te werken. Maar ruiken… ho maar. 

Op naar het ziekenhuis: de arts onderzoekt mijn neus met een spiegeltje en cameraatje en zegt droog alsof hij het elke dag meemaakt:  ‘Oh ik zie het al: poliepen. Ik geef je een kuur van twee weken,1 pilletje per dag, en zie je over een maand terug. Over een paar dagen kun je weer ruiken’. 

Zal me benieuwen. En verdomd: woensdag eerst vaag, donderdag duidelijker en sinds vrijdag ruik ik weer als vanouds…. de rijpe kweepeer in de tuin, de geur van herfst, aangebrande uien, de openhaard. En de (herfst)depressie is ook in lucht opgegaan. Nu check ik elke ochtend mijn olfactorische wedergeboorte met één geliefd, vertrouwd parfum: Nahéma. Ik dacht dat ik die al had besproken. Twee jaar geleden kreeg ik zelfs een ‘vintage’ parfum de toilette-versie ervan cadeau uit een erfenis: Nahéma van Guerlain. Nu de allergie nog definitief oplossen (wellicht  verantwoordelijk voor de voorholteonsteking) dan hoeven honden (inmiddels drie) de deur niet uit. 

Olfactorisch wonder no 2: Guerlains Nahéma dus. 

Ik ga naar de site van Guerlain. De wervende online teksten tonen maar weer eens aan hoe de parfumwereld veranderd is. Waren de omschrijvingen ooit subtiel, ingetogen en soort van poëtisch, nu is het overdrijving in overdrive en het teveel benadrukken van de historie van het huis, hier door mij enigszins ingedikt: ‘Nahéma maakt deel uit van Guerlain’s patrimoinecollectie: emblematische geuren samengesteld door vijf generaties parfumeurs. Deze mythische pioniersparfums vormen een unieke bibliotheek, die het huis Guerlain tracht te bewaren’. Patrimoine, emblematisch, mythisch, pionier, uniek… ik bedoel maar (ik dacht altijd dat het niet benoemen van vanzelfsprekende kwaliteit chic was). En: tracht te bewaren? Zo moeilijk is dat toch niet? Gewoon doen en volhouden.

Nahéma is de naam van een prinses uit de Vertellingen uit duizend en een nacht die samen met haar zus Mahané is ontvoerd. Ik ben de namen zelf nooit tegengekomen, of vergeten, in de diverse vertalingen die ik nog heb – even checken binnenkort. De inspiratiebron is eigenlijk niet zo interessant – de verhalen van Sheharazade hebben sowieso veel neuzen aangezet tot parfums. Wél de mare dat Jean Paul Guerlain Catherine Deneuve in gedachten had bij de creatie. Gefascineerd als hij door haar was. En nóg meer na het zien van de film Benjamin ou les Mémoires d’un Puceau uit 1968. Met name de beelden van Deneuve in een gouden volière met fladderende duiven. 

‘De geur verbeeldt het vurige karakter en de dualiteit van de vrouw. Nahéma is een fictieve heldin geregeerd door passie’ – Jean Paul had een nogal klassieke kijk op de vrouw die toen als leidend kon worden gezien, maar waar de laatste tijd steeds meer vragen bij gesteld worden (en die voor een gedeelte ‘onze’ cultuuroorlog verklaart’). 

Nu de geur. Gelanceerd in 1979. Ik blijf ‘wow!’ zeggen. Volgens www.guerlain.com kostte het de schepper (weer die overdrijving) vier jaar om deze weelderige geur te ontwikkelen. Je ruikt met terugwerkende kracht waarom het zijn tijd ver vooruit was (maar binnen het Guerlainrepertoire nooit zo succesvol is geworden). Je ruikt so to speak de toekomst van fruitige chypres (met een overload aan zoete rozen) die vanaf de jaren negentig succesvol zijn. Ik moet denken aan Lancôme’s Trésor (1990), Saint Laurents Champagne / Yvresse (1993), Ricci’s DeciDela (1994). 

Onder een sterrenregen van flitsende aldehyden bloeit een enorme rijk geschakeerde roos (volgens de originele formule een melange van rose de mai-absoluut en essentiële olie, Bulgaarse roosabsoluut en essentiële olie en damascenonen (toen net ontdekt; natuurlijke isolaten van de roos, die haar die echte rozige smaak geven). Vervolgens ruik je ‘iets’ van groene noten. Onbestemd maar present. Een groene border langs een rozenperk.

Om deze ‘spectrumroos’ meer glans te geven, wordt je onthaald op een boeket van ylang-ylang, jasmijn, lelietje-van-dalen en hyacint. Altijd fascinerend hoe deze beproefde combinatie altijd weer verschillend uitpakt. Ik ruik met name de laatste twee, maar nog meer de zoete weelde van perzik en passiefruit (het startschot voor de fruitige chypres die extra gevuld met rood fruit nu de toon bepaalt bij succesparfums, zoals Sì van Giorgio Armani). 

Niet brutaal en patsboem in het gezicht, maar chic en ingetogen. Zoals ook de langzame landing in de basis: sandelhout en vanille met een lichtkruidige ondertoon dankzij Perubalsem. Elegant en vloeiend – ben benieuwd naar het parfumextract.

Je zou kunnen zeggen dat Nahéma voor die tijd misschien te gestyleerd en te tuttig is – de wereld zit op dat moment nog in de nasleep van Saint Laurents Opium-roes (1977). En heeft pas tijd voor een zoete rozenweelde met Saint Laurents ultra-klassieke en burgertruttige vakantiesouvenir Paris (1983).

Wat ik niet snap is dat deze geur wordt geassocieerd met de Oriënt. Nahéma mag dan ‘dochter van het vuur heten’, ik moet eerder denken aan een zomernacht, zwoel dat wel maar eerder aan de Middellandse Zee, dan langs de stranden van het nieuwe nouveau riche new place to be vakantie-adres: Abu Dhabi en omstreken. 

Volgens mij is de omschrijving van de flacon op de Guerlain-site incorrect: ‘De flacon met een omgekeerd hart, ontworpen door Raymond Guerlain, wordt geaccentueerd met sierlijke krullen typisch voor art nouveau’. Ik zie althans Chamade voor me. Het parfum van Jean Paul Guerlain uit 1969 genoemd naar het gelijknamige boek La Chamade van Francoise Sagan, met, daar is ze weer, Catherine Deneuve in de hoofdrol van de gelijknamige film. 

‘WANT HIJ KLOPT EN HIJ VEEGT EN HIJ RUIKT’

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op oktober 2, 2024
Geplaatst in: ENTERTAINMENT, ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?. Een reactie plaatsen

PARFUMS IN DE PERIFERIE

STOFZUIGERGEUREN

Het is maar wat je hindert: de geur vrijkomend bij stofzuigen. Wij hebben zo’n semiprofessioneel geval van Nilfisk. Míj́ hinderen meer de decibellen van dit zich overal tegen opstotend monster en het te lange snoer dat zich niet automatisch terugtrekt na een druk op een daarvoor bestemde knop. Mijn partner daarentegen ergert zich meer aan de stoffige geur die zich vrijmaakt na het starten: muffig richting vies (zou zo maar de nieuwe geur van Balenciaga kunnen zijn). 

Dankzij onze fantastische consumptiemaatschappij heeft de industrie een oplossing bedacht voor dit olfactorisch euvel – wanneer de eerste het daglicht zag weet ik niet: anti-stank ‘geurkussentjes’ voor stofzuigers. Voorheen hadden we er een ruikend naar lelietje-van-dalen. Ik was niet onder de indruk. Voor mij toch eerder categorie ‘overbodige luxe’. Vooral vanwege het tijdelijke karakter van de ondervonden ergernis. 

Mijn partner denkt daar echt anders over: hij heeft volgens mij een stankfobie. Wij verschillen nogal van mening over wat lekker of vies ruikt – kaas bijvoorbeeld. Als hij het gevoel heeft dat er al een tijdje een lijk in de bijkeuken ligt, dan weet ik dat de natuurlijke opwaardering van mijn uitgezwete camembert zijn voltooiing heeft bereikt. Van nietszeggende plofcamembert van de buurtsuper naar schimmelschuimende Fauchon-delicatesse   

Pas op: lijken op mints

In ieder geval: hij wou een nieuw setje ‘geurzakjes’ voor de stofzuiger. Alsof de winkel het wist: bij het Onderdelenpaleis in Emmen pronkten op de toonbank ‘scented pellets’, ofwel ‘duftgranulat, ofwel ‘granulés parfumés’. Geen Nederlandse benaming. Google translate je het, dan krijg je geurkorrels. We kochten de citrusvariant.

Vervolgens even www-ent, ging er een wereld voor me open. Ik had het kunnen weten. Wat een über-aanbod aan stofzuigerparfumkorrels. De mooiste, de ‘lifestylste’, zo niet de geilste: het merk SøckMyBallz. Doet eerder denken aan een very niche kinky pornosite. Maar dit terzijde. Het beweert: ‘Met fijne geuren uit je stofzuiger wordt het schoonmaken weer een stukje leuker. We gebruiken gerecycled papier en verpakkingen’. 

Volgt nu een aanbeveling of een waarschuwing? ‘De ballz in Nederland zijn met de hand geproduceerd door mensen met een beperking’. Ik bedoel maar: wat voor een beperking (of uitdaging) wordt bedoeld? Anosmie? Afsluitend: ‘In de verpakking vind je 30 ballen, genoeg om heel erg lang van te genieten. Past in elke stofzuiger ook stofzakloze. Je zuigt een balletje op en de geur zal ontsnappen’.

Onderdelenpaleis Emmen

En wat een niche-aandoende variaties: ‘Black Tea een heerlijke oriëntaalse melange met tonen van hout, zwarte peper, luxe musk en jasmijn. Beleef een poederig zacht en schone omgeving’.

‘Happy spices: een ingetogen bloemige opening van Damascusroos met een hint van lavendel. Daarna in het hart een exclusieve warme kruidenmix van kaneelbast, kardemom en zwarte peper’. En ga zo maar door. Prijs: €18,95.

Ik eindig flauw. We wachten op de eerste stofzuigergeurzakjes van Hermès, Louis Vuitton, Prada, Fendi en vul uw ontbrekende favo luxelabel maar in. Remember: White Linen van Estée Lauder was ooit ook eenmalig te koop als waspoeder – vond ik toen een geweldige marketingstunt. Weliswaar met gevaar. Een luxeproduct degraderen tot huishoudartikel/schoonmaakmiddel kan door de ‘serieuze’ consument als belediging worden opgevat. Dat was in de jaren tachtig van de vorige eeuw, maar anno nu is het toch wel opvallend dat veel geuren uit de luxesector qua geursensatie inmiddels zijn verworden tot schoonmaakmiddel. Vooral sommige verkrachtingen – chique herinterpretaties genoemd – van eens populaire geuren. 

Maar… Océan Mystique Granulés Parfumés wordt vast en zeker nóg een verkoopsucces voor Dior. Het zal in ieder geval veel likes genereren op social media. En dat is nog het enige dat tegenwoordig telt zo lijkt het wel – sprak de oude geurzeur. 

BELANGRIJK PARFUMINGREDIËNT IN GEVAAR

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 29, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENET. Een reactie plaatsen

MERKWAARDIG TOEGELICHT IN EEN RADIOPROGRAMMA

KRUIDNAGEL

Door klimaatsverandering wordt het voor de parfumindustrie moeilijker verzekerd te blijven van constante aanvoer van natuurlijke ingrediënten. Vandaar de zoektocht naar synthetische vervangers (al rond 1880 ingezet; alhoewel toen nog niet vanwege de verwachte schaarste) en nieuwe ‘oogsttechnieken’ (nu hoopgevend: met behulp van gist en schimmels). 

Daarnaast speelt er nog een andere factor. Zoals vorige week te lezen in een Volkskrantartikel over kruidnagelteler-problemen op de Molukken: ‘Boeren verkopen land om hun kinderen een hogere opleiding te kunnen bieden; zonen bedanken vriendelijk voor de plantage van hun ouders. Ze werken liever in een supermarkt of in een nikkelmijn dan te zwoegen in de zon voor een onzeker inkomen’.

Dit artikel werd opgepikt door het populaire radioprogramma Nieuwsweekend (gepresenteerd door Mieke van der Wey en Pieter van der Wielen). Logisch: de kruidnagelcrisis combineert ‘onze’ geschiedenis en cultuur met culinair. Zoiets doet het des zaterdagochtends altijd goed tijdens het scrollen/doorbladeren van je uitgebreide (digitale) krantje en (bijna niet van echt te onderscheiden) vegan croissantje. In ieder geval bij mij. Ben een ‘vast’ en enthousiast luisteraar die af en toe wel moe wordt, dus afhaakt vanwege het ons kent ons-circuitje en vaak politiekcorrecte gebabbel. Maar dat is een ander onderwerp.

Neerlandica en diëtiste Marleen Willebrands kwam het probleem toelichten. Een slimme keuze? Ze verwarde volgens mij tijdens haar kruidnagelmini-exposé de Middeleeuwen met de Renaissance (die in Italië rond 1300 begon). Tenminste Willebrands heeft het over het eerste Nederlandstalige kookboek: ‘Een notabel boecxken van cokeryen’. Gedrukt in 1514 in Brussel (toen de Renaissance al lang de Nederlanden had bereikt; ‘onze’ Erasmus was toen 46). Hierin worden 36 recepten vermeld met kruidnagel als smaakmaker én kleurmiddel zegt Willebrands.

Handmatige pluk

Zo kwam ze een gelei tegen bij vis: ‘Gelukkig staan er geen hoeveelheden in het recept’. Buitengewoon voorzichtig als ze is paste ze de receptuur aan naar ‘de smaak van nu’. Kruidnagel wordt voor de gelei vemengd met saffraan. Willebrands: ‘Die je er ook in moet gooien’. Terzijde: alsof je saffraan in een pan kiepert, meer een kwestie van voorzichtig doseren geziende fragiliteit van de gedroogde stampers. Ze vervolgt: ‘Dan wordt die saus bruinig-geel, want ‘de Middeleeuwen zijn buitengewoon kleurrijk, beetje oranje-achtig’. Ben benieuwd wat Johan Huizinga (schrijver van het vermaarde Herfstij der Middeleeuwen) van deze clichétypering zou vinden.

Maar: kleurrijk is wat anders dan ‘smaakrijk’ of ‘geurrijk’. Kruidnagel overmatig gebruikt, maskeert alle andere smaakmakers, wat trouwens voor alle overdosisen aan specerijen betreft. Saffraan heeft zijn eigen ‘straf-droge’, lichte zoete geur die bij teveel aan kruidnagel in hetzelfde recept kopje ondergaat.

Hierop werd in het nieuwsitem niet verder ingegaan, maar wel – en ja hoor, gaan we weer – op het feit dat kruidnagel ook werd gezien als afrodisiacum. Dat doet het nog steeds altijd goed. Maar dat gold ‘toen’ voor alle exotische, moeilijk te verkrijgen producten die meestal via de Zijderoute werden aangevoerd, eindigend in het Europese distributiecentrum van die tijd Venetië (inclusief saffraan). Het is meer een kwestie van schaarste, dus exclusief, dus duur, dus omringd met mysterie en geheim, dus vaak een seksuele connotatie.  

Interessant in dit geval: kruidnagel wordt tijdens het interview vanuit ‘ons’ perspectief benaderd, vanuit onze Gouden Eeuw, sorry Fouten Eeuw dus. En dat terwijl ver voor ‘onze’ overzeese veroveringstochten, kruidnagel buiten Europa al als een belangrijk product/geschenk werd beschouwd. Opgetekend: in 200 v.Chr. namen gezanten van Java naar het hof van de Han-dynastie in China kruidnagel mee; als geschenk en om de adem te parfumeren tijdens audiënties bij de ‘heilige’ keizer.

Hier wordt duidelijk dat kruidnagel toen ook als ‘schoonheidsgeheim’/geneesmiddel bekendstond. Interessant: kruidnagel verlichtte verondersteld eveneens het leed bij kiespijn; een nagel paste als het ware precies in een holle kies. Zit een kern van waarheid in, in de zin dat eugenol (naam voor de etherische olie onttrokken aan de kruidnagel) kalmeert. Het wordt tegenwoordig verwerkt in (zonnebrand)crème, balsem, was-  en reinigingsmiddelen, en – nu komen we bij de parfumlink – in wierook en etherische olie.

Daar eindigt ook het interview mee. Marleen Willebrands: ‘Nog een leuk ding. Wat ik toevallig gister las. Ook in parfums worden specerijen gebruikt, bijvoorbeeld, in parfum, moet misschien ook een beetje lustopwekkend zijn, je kunt het uitproberen. In Calvin Kleins Obsession daarin zit kruidnagel en nootmuskaat’. Gaan we weer. Mieke van der Wey: ‘Dat is een ontzettend leuk detail. Dat pikken we nog even mee, daarom alleen al zou de kruidnagelteelt overeind moeten blijven’.

Je voelt’m al aankomen: Marleen Willebrands, kruidnagel zit in heel, maar dan ook heel veel parfums. Als licht ondersteunend element van de compositie, of als belangrijke speler. Anjer geldt nog steeds als een onmisbaar ingrediënt in oosterse composities en is een melange van kruidnagel en roos. Duidelijk te ervaren in vintage Opium (1977) van Yves Saint Laurent. Grappig: in het Russisch is het woord een homoniem: dus hetzelfde woord voor anjer als kruidnagel.

Marleen Willebrands mag er dan ‘toevallig’ achtergekomen zijn: maar googelt zij ‘kruidnagel’ en ‘parfum’, dan zal zich voor haar een wereld ontsluiten. Ik weet niet of Mieke van der Wey van geuren houdt – iets zegt me van wel, en misschien wel van kruidnagel, dus oosterse parfums. Wat weliswaar tegen de ‘klassieke’ regel indruist (maar waar aan tijdens het interbellum nog werd gehecht): donkerharigen prefereren oosters, blondharigen witte bloemengeuren. Of zou ze geen natural blond zijn? Dan moet ze kennismaken met de volgende, in ieder geval mijn favoriete, parfums met overtuigende kruidnagelinjectie. Met dien verstande dat recente lanceringen zijn uitgesloten. Allemaal beschreven op deze blog.

Toevoeging, schoot me net te binnen: ook in het debuutparfum van Ronald van der Kemp, The Mind Machine, zit kruidnagel. Als een herinnering aan de gestoofde rode kool die zijn moeder of oma vroeger maakte – ach gossie.

Fougère Royale Houbigant (1882)

Tabac Blond Caron (1919)

Coco Chanel (1984)

New York Nicolaï (1989)

Jungle (Elephant) Kenzo  (1996)

Musc Ravageur Frédéric Malle (2000)

Black Dianthus Il Profvmo (2014)

SCHRALE OOGST

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op augustus 12, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND. Een reactie plaatsen

PARIJS = PARFUM, PARIJS = OLYMPISCHE SPELEN: 1 + 1 = 2?

PLUS: GEBAKKEN LUCHT OP EEN POSTZEGEL

De Olympische Spelen waren fantastique, incroyable, une merveille de temps en temps. Mais… het was ook extraordinaire, dans un sens négatif wat mij betreft. Ik bedoel: jaar in jaar uit zoveel onzin limited editions lanceren en nu zich een ‘uitzonderlijke’ gelegenheid voordoet laat de parfumwereld niets van zich horen, of op heel bescheiden, belachelijk aandoende wijze. Meer weten: ga naar de webpagina van Annick Goutal. 

Hoe simpel kan het zijn? Een gelegenheidsgeur met als thema Olympische Spelen. Parijs is parfum, Parijs huist dit jaar voor de derde keer de Olympische Spelen. 1 + 1 = 2. 

Mais non! Je suis stupéfait. Parfum is 90 procent marketing en dat weet LVMH als geen ander dat nota bene de hoofdsponsor – betaalde 175 miljoen euro – van het vierjaarlijkse sportevenement was. Dior valt daar onder, Givenchy ook. En Kenzo. En Céline. En Guerlain (dat een reputatie heeft betreffende speciale gelegenheidsgeuren). En Francis Kurkdjian. En inderdaad Louis Vuitton. Laten we Sephora niet vergeten. 

Je repète: hoe simpel kan het zijn. Zelfs Yves Rocher gedenkt niet mee, terwijl het dat wel bij vorige Belangrijke Jaren deed. Zoals bijvoorbeeld met Eau de Juillet – lekker zwoel-warme citrusgeur by the way op Parfums de Nicolaï-niveau – dat in 1989 stilstond bij de herdenking van de bestorming van de Bastille. 

Kat in het bakkie zou je denken bij Rabanne’s mallotige kermistractie-presentatie Invictus (2013). Invictus, the way to Victory. Of: Invictus, Citius, Altius, Fortius. Mais non, rien, niets, nada, niente. En what’s in a name Rabanne? Olympéa (2015). Zelfs het dit jaar gelanceerde extract refereert er niet aan. 

Een beetje verder googelen, leverde toch een echt Olympische geur op. Zelfs drie geproduceerd door Le Coq Sportif. In de kleuren van de Franse vlag. Rouge staat voor energie, Bleu voor optimisme, Blanc voor ontspanning. 

Laatste gunde Jean Patou de arbeidersklasse ook in 1936. Toen lanceerde deze couturier een van de meest vreemde ‘stilstaan-bij’-geuren ooit: Vacances vierde de door de vakbonden bedongen doorbetaalde vakanties van werknemers. Dit soort commitment is tegenwoordig bij de luxe merken ondenkbaar, die ondersteunen voornamelijk fotogenieke doelen die het op social media goed doen. Me like! You too?

Dat dan weer wel: zoekende naar olympisch waardige geurinformatie, kwam ik wel iets anders ‘typisch Frans’ tegen. De Franse post bracht afgelopen mei hulde aan het stokbrood door een postzegel naar brood te laten ruiken. En wel op 17 mei Sint-Honorédag.

En dat blijkt de patroonheilige van de bakkers te zijn. De zegel werd onthuld in drukkerij Philaposte in Boulazac (Dordogne). Oplage: 594.000 stuks. De pr-technische reden aldus de La Poste: ‘La baguette is een internationaal icoon, symbool van de Franse gastronomie, een juweel van onze cultuur en de belofte van een verrukkelijke zintuiglijke ervaring’. 

Nu herken ik de heerlijke overdrijving weer – de Fransen vaak eigen als ze hun geschiedenis, hun cultuur aan de wereld in volle glorie presenteren. Chapeau! Ook zo mooi en elegant gedaan tijdens de openings- en sluitingsceremonie. Lady Gaga en Tom Cruise hadden voor mij niet gehoeven. Maar wie is Geurengoeroe? Inderdaad!  

RUSSISCHE REVOLUTIE (DIE ANDERE)

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 12, 2024
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENT. Een reactie plaatsen

VAN OUDE COUTUREHUIZEN

& GEUREN DIE VOORBIJGAAN

DE ERFENIS VAN CHANEL WORDT MINDER BIJZONDER

Maison Irfé

Ik woonde een tijdje vanwege werk in Brussel. Door een rijkere ‘levenscultuur’ aldaar (ook wel Bourgondisch genoemd), wordt daar meer aandacht besteed aan dingen die het leven schoner en ‘plesanter’ maken – waaronder parfums.

Dat viel me niet alleen op tijdens gesprekken – geur & herinnering; bij gebrek aan beter altijd leuke social talk tijdens social events – maar ook in het aanbod van (tweedehands) boeken over parfum: talrijk. Bij inzage van sommige ging ik zelfs aan mijn kennis en inzicht twijfelen. Fact of life: hoe meer je weet, hoe minder je weet.  

Zo kocht ik ooit het fascinerende Beauty in Exile van Alexandre Vassiliev (gepubliceerd 2000). Kort door bocht: Russen op de vlucht voor de chaos volgend op de revolutie van 1917 namen een stijl mee die leidde tot een rage in West-Europa voor oosters-exotische kleding en design, overvloedig gedecoreerd met parels, pailletten, zijde, brokaat en borduur.

Deze overdadige kijk – in feite een artistieke Russische revolutie – beïnvloedde de westerse cultuur enorm. Niet alleen in de haute couture, maar ook in kostuums gedragen door kunstenaars afkomstig uit het ballet, dans en theater (denk aan de impresario Sergej Diaghilev die de gordijnen van de theaters waar zijn Ballets Russes optrad besprenkelde met Guerlains Mitsouko).

Alexandre Vassiliev, historicus en kostuum- en decorontwerper, brengt de geschiedenis en de invloed van de Russische émigrés – textiel-, decor en modeontwerpers, ambachtslui, grafische ontwerpers, aristocratie én Russische modellen in kaart. Niet alleen die van Parijs, maar ook van Russen uitgeweken naar Istanbul, Berlijn, New York, Sjanghai en de Oost-Russische havenstad Harbin. 

Ik had het boek eigenlijk alleen doorgebladerd (het lot van menig koffietafelboek) en gescand op illustraties. Onder de indruk was ik zeker bij de eerste kennismaking én nog meer toen ik het onlangs weer terugzag bij het afstoffen. 

Ik vraag me wel eens af: waar komt mijn fascinatie en die van anderen voor oude, vergeten parfumhuizen vandaan? Omdat ze in een notendop de essentie van een cultuur tot op een statige dan wel frivole en tongue in cheek tot uitdrukking brengen? Parfum is vaak, of beter gezegd was ooit, een heraut van een idee, een gedachte, een gecultiveerde en gepolijste manier om de l’air du temps van een tijdperk te sealen.

Wat had ik veel over het hoofd gezien! Met name mijn fetish: parfum. Fascinerend om te lezen dat veel ontheemde Russen een couturehuis openden – alsof tussen tijdens het interbellum de concurrentie op dat gebied al niet moordend genoeg was. En die Russische huizen brachten ook ‘gewoon’ parfums op de markt – alsof de concurrentie op dat gebied niet moordender was. 

Het schijnt dat Chanel via grootvorst Dimitri Pavlovitsj Romanov (een van haar lovers) in Biarritz (anderen beweren Grasse) werd voorgesteld aan de eveneens gevluchte neus van Russische oorsprong – Ernest Beaux – verantwoordelijk voor de interbellumparfums van Chanel. Trouwens, grootvorst Dimitri’s zus, grootvorstin Marie Paulowna Romanova, runde tot 1929 in Parijs een borduurstudio – Kitmir – en had Chanel als klant; veel van haar collecties toonden overduidelijk slavische invloeden. Hoe groot de Russische invloed op Chanel letterlijk in dit geval was, daarvan getuigt natuurlijk haar Cuir de Russie (1924). 

Mijn fantasie slaat op hol, zo vreemd is het eigenlijk niet, maar ik durf bijna te beweren dat al die gevluchte Russen die in no time een couturehuis met parfumlijnen wisten op te richten, haast wel contact met Ernest Beaux moeten hebben gehad – die emigranten kenden elkaar natuurlijk allemaal en hielpen natuurlijk elkaar daar waar het kon. Tenminste daar gaat mijn ‘Gutmensch’-kijk vanuit. 

My Own Valentina

Iets anders wat uit het boek naar voren komt: het monopolie dat Chanel zich door een exquise en uitmuntende marketing de afgelopen decennia op het gebied van mode, haute couture, levensfilosofie (wat het uitdragen van haar leven betreft afgezien van een paar flinke misstappen) heeft opgeëist, wordt al lezende dit boek twijfelachtiger. Hier is ze een van de vele bijzondere vrouwen (waarvan velen nog bij het grote publiek nog onbekend) die een succesvolle carrière in de modewereld wisten op te bouwen – Chanel was wel diegene waarin alle verworvenheden van de nieuwe moderne vrouw samenkwamen en dit in haar public relations uitmuntend wist uit te buiten.

Aanvulling 15 juli: ik heb toch een soort van aangevoeld wat Chanels ‘tanende’ invloed betreft. Ik lees gister toevallig een artikel in Le Monde over Augusta Bernard – onderdeel van een serie over vergeten vooroorlogse couturiers. Had ook nog nooit van haar gehoord; kende haar alleen van een beroemde foto van een jurk van haar hand.

De Russische couturehuizen en hun parfums die ik via Beauty in Exile heb ontdekt zijn: YTEB aan 14 de Rue Royale in Parijs. Maison Irfé – afkorting voor prinses Irina en prins Félix du Youissoupoff – was gevesigd 19 Rue Duphot (ook Parijs). Hun twee overgeleverde parfums heetten Blonde en Brunette – die de oude geurfilosofie aanhangen dat blondharige vrouwen andere soort parfums prefereren dan donkerharige. Vanuit New York opereerde couturier Valentina (Nicholaevna Sanina) – ik wist van haar bestaan. Juicy: haar man had een affaire met Greta Garbo (klant van haar en in hetzelfde appartementencomplex wonende). Haar parfum: My Own.

Moet gezegd: ik doe de bovengenoemde Russische couturehuizen en hun scene eigenlijk te kort; als je je erin verdiept val je van de ene verbazing in de andere. Maar dit is een parfumblog. 

Beauty in Exile

GAAP & GAAP

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juli 4, 2024
Geplaatst in: NIEUW! NIEUW! NIEUW!. Een reactie plaatsen

LANGS DIEPE UITGESLETEN & PLATGETREDEN PARFUMPADEN 

DANKZIJ BRANDED CONTENT IN DE NRC

NRC had vorig jaar een quasi-intellectuele special over geur. Wie dat heeft gelezen én iets heeft opgestoken van de sort of voorspelbare verhalen, zal schrikken van het ‘branded content’ parfumartikel getiteld De Franse finesse van Sophie van Balen. Nu in dezelfde kwaliteitskrant te lezen. 

Naast een portie inwisselbare KI-aandoende zelfpromotie van Van Balen wordt tegelijkertijd promotie gemaakt voor DS – ‘het luxe automerk dat voor Franse stijl, schoonheid en elegantie staat’. Twee vliegen in één klap waar DS voor betaalt en waar Van Balen mee profiteert. Je kunt je afvragen wat de lezer aan deze opeenstapeling van parfumclichés heeft? Ook waarom de ‘redactie’ niet voor een origineler narratief heeft gekozen die auto en parfum met elkaar verbinden.

Ik heb het artikel letterlijk overgenomen – hoop dat je er doorheen kunt komen. Courage! 

‘Alles begon te leven toen ik lavendel toevoegde. Daarna bergamot. Die topnoten zorgden ervoor dat ik ineens weer terugreisde naar Daumazan-sur-Arize. Lavendel heeft iets warms, kruidigs. Terwijl bergamot meer groen, citrus geeft. Ik dacht: dit is de herinnering die ik heb.’

‘Het eerste parfum dat ik zelf heb gemaakt, is geïnspireerd op dat dorpje in het zuiden van Frankrijk, aan de voet van de Pyreneeën. Ik kwam daar sinds mijn geboorte. Mijn opa en oma hadden een vakantiehuisje en de zus van mijn oma woonde er ook. Het voelde altijd als een verlaten plek, alsof de tijd er stilstond. Oude mensen die jeu de boules spelen. Een beekje, een houten bruggetje. Oude winkeltjes zoals een bakker, kapper en supermarktje. Een oude bar waar altijd dezelfde mensen zitten. Een restaurantje, La tomate du jardin, waar de kok af en toe de keuken uit kwam om rozemarijn of tijm uit de tuin te pukken. Karakteristieke, maar vervallen gebouwen.’

‘Fransen staan erom bekend dat ze wat bonkig kunnen zijn. Maar ik zag daar ook lieve, elegante, oude mensen die hun laatste dagen aan het spenderen zijn. Die opgedoft naar de weekendmarkt gaan. Op zaterdag is er een markt waar de lokale boeren hun producten verkopen. Kruiden, planten, vruchten. En ik herinner me een kraampje met etherische oliën in geknutselde potjes, een soort mini-parfumerie, maar dan allemaal lokaal gemaakt.’

‘Er wonen misschien zevenhonderd mensen, bijna allemaal grijs, maar ze zien er elegant uit. En ze leven van het land waar ze op wonen. Dat vind ik heel inspirerend uit het leven van mijn oma’s zus; ze was redelijk zelfvoorzienend, met een moestuin, boomgaard en kippen. Pruimen had ze ook altijd.’

‘Tijdens mijn studietijd aan de Amsterdamse mode-academie Amfi en de Universiteit van Amsterdam raakte ik geïntrigeerd door parfums. Ik vond dat parfummerken een heel onrealistisch beeld verkopen. Het gaat om statusmodellen, een perfect plaatje dat wordt neergezet.’

‘Toen ik dat ging onderzoeken, merkte ik dat ik wel geïnspireerd werd door het product zelf. Geur is zo sterk verbonden met herinnering, dat is een heel krachtige emotie. Ik wilde van een parfum weer een persoonlijke ervaring maken. Juist omdat geur altijd herinneringen ophaalt. Anderen zullen er iets anders bij voelen. Ik vind het belangrijk dat het merk je niets oplegt. Dat je de ruimte krijgt om je gedachten de loop te laten. Hoe vaak sta je eigenlijk stil bij wat je echt ruikt? Terwijl geur zo belangrijk is voor je ervaring, je herinnering.’

‘Daumazan-sur-Arize herinner ik me als oud, afgebrokkeld. Het dorpje is ook niet per se schoon. Dat verlaten aspect, dat onverfijnde, dat wilde ik ook vangen. Het moest rauw binnenkomen. In mijn parfum komt dat tot leven in een heftig eerste gevoel. Direct daarna wilde ik een balans of zelfs frictie creëren. Dat onafgemaakte werd gebalanceerd door het elegante Franse. De charme van de imperfectie. Al snel wordt de ervaring aromatisch, kruidig, meer lavendelveld. Dat aardse, dat groenige, maar ook het citrusachtige. Ik wilde traditionele Franse producten naar boven laten komen. Natuurlijk denken mensen dan aan lavendel, maar ik ruik ook oneindige grasvelden. En bergamot dus, voor de citrus. Daarna tonen van hout.’

Tijdens mijn afstudeeronderzoek was ik voor de laatste keer in Daumazan-sur-Arize. Daarna is het vakantiehuis verkocht. Het parfum werd een soort ode aan die herinnering. Aan de ene kant het verlaten dorp, de eenzaamheid, het verlangen naar nostalgie. Aan de andere kant ook de warme herinnering, het mooie Franse leven.’

Als ik dit parfum nu ruik, loop ik weer over dat Franse bospaadje. Ik zie groen, veel bos. Maar ook regen, asfalt dat opdroogt. Als je iets verder doorloopt, dat houten bruggetje en het bergbeekje, een rimpeling in het water. Iets verderop zit een oude man. Hij zat daar altijd, die oude man.’

‘Wanneer we de Pyreneeën in gingen, kwamen we langs eindeloze velden waar koeien stonden, gewassen groeiden, waar het rook naar hooi. Die geur is groenig. Afgewisseld met de geur van warm hout. De laatste keer dat ik er was, was op 13 mei 2021. Het was warm, maar ook nat. De zon brak af en toe door en overal rook je hoe de natuur opbloeide, hoe het hout opdroogde. Dat heb ik heel diep beleefd. Mijn ervaring van mijn jeugd zit daarin.’

Toevoeging van DS: ‘Geur en DS zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het luxe automerk staat voor Franse stijl, schoonheid en elegantie. Met Frankrijk als thuisbasis en inspiratie, heeft parfumeur Antoine Lie een exclusief huisparfum ontwikkeld. De subtiele geur op basis van sandelhout en iris geeft de bezoeker van de DS-showrooms een extra dimensie. Geur is naturellement een persoonlijke beleving, maar het effect is hoe dan ook een warm, luxe welkomstgevoel met de belofte verrast te worden door de betoverende ambiance van de DS-collectie, zoals de DS 7 Antoine de Saint Exupéry.’ 

Ik beperk me tot één opmerking. Marketeers all over the world: laat Saint Exupéry een keer met rust. Die man is commercieel nu wel genoeg mishandeld. 

Meer weten? Bekijk DS Dialogues op www.

BEL REBEL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op juni 4, 2024
Geplaatst in: MASSNICHE, MASSTIGE, NIEUW! NIEUW! NIEUW!. Een reactie plaatsen

THE COMPUTER SAYS NO

LEKKER GELIKT

Alvast anticiperend op mijn gisteren aangekondigde artikel over AI (deel 2 blijkt nu): ik hoop bijvoorbeeld dat ná de aan een kunstmatige intelligentie voorgelegde opdracht – creëer een parfum dat alle typische smaakmakers combineert van de moderne klassiekers tussen 1992 en 1996 – ‘the computer says no’. Want: dierbare geurgenieters u kent mijn mening inmiddels: er worden te veel parfums geproduceerd, veels te veel. Is iets om óók in deze door (cultuur)oorlogen geteisterde tijden depressief van te worden. 

Heel irritant: waar het de een van de meest lucratieve industrieën aan ontbreekt is zelfreflectie. Acht op de tien geuren flopperdefloppen. Maar er worden nauwelijks vragen gesteld over het hoe en waarom. Het is eerder een kwestie van: volgende geur.

Dat levert heel wat ‘afval’ op. Neem, afgezien van het footprint-unfriendly productieproces, ook mee: de vaak te duur betaalde fotograaf, dito regisseur, dito model en weet ik wat meer. Het houdt de creatieve sector in ieder geval aan het werk – maar ook hier ligt AI op de loer. 

Wat ik ook weet: voor de grote geurproducenten – Symrise, Givaudan, IFF, Takasago – geldt: u betaalt, wij produceren. Dat snap ik: ‘It’s the economy stupid!’ Ik zou, als virtuele én als levend adviseur/consultant van zo’n producent Bel Rebel – dat via een persbericht tot mij kwam – adviseren nog eens heel goed na te denken, want het concept rammelt nogal. 

De introductie en de naam: ‘Gemaakt in een rebellenstad door een rebellenpersoon met een rebellenteam. In Londen maakt het geuren net zo gedurfd en uniek als de stad die Bel Rebel inspireert. Duurzaamheid is hun credo, waarbij geüpcyclede materialen worden gebruikt voor papieren verpakkingen. De geuren bestaan ​​uit zowel organische als synthetische materialen om de hulpbronnen te compenseren’. 

Okidoki 1: ik kan het woord rebel niet meer horen. Maar doe je het, en je komt uit Londen, waarom David Bowie er niet bij gepakt? Zijn hit Rebel Rebel (1974) is helemaal nu, helemaal woke: ‘You’ve got your mother in a whirl. She’s not sure if you’re a boy or a girl’. Okidoki 2: met organisch wordt hopelijk natuurlijke materialen gebruikt, want organisch is: afgestorven materiaal van biologische oorsprong onderhevig aan verteringsprocessen.

Okidoki 3: ‘De krachtige geuren, gevuld in op maat gemaakte flessen van 69 ml, ontstonden tijdens pandemieën’. Dat flessen op maat gemaakt worden lijkt me meer dan logisch. Maar waarom gekozen voor 69ml, en geen courante maten? Markteting? 69, soixante neuf, oh la la? En hoeveel pandemieën zijn er recent over ons gekomen? 

Je moet dit maar van jezelf durven te beweren: ‘Het heeft alle verwachtingen overtroffen’. Met dien verstande dat je verwachtingen heel klein kunt houden. Gevolgd door wat marketingblablabla: ‘Ons ethos weerspiegelt een onbevreesde benadering van metamorfose, waarbij we voortdurend grenzen verleggen en normen verbreken’. Toe maar, go go go girl!

Nog wat clichés: ‘Durf, creativiteit, gedurfd, onbeschaamd, persoonlijk gebruik makend van een onderscheidend gevoel voor esthetiek bij gastronomische geuren – vaak tot buitengewone niveaus versterkt’. Pfff… 

Maar waarom werd Bel Rebel in gelanceerd? The answer: ‘In de hoop persoonlijk impact te maken op het publiek. Alles doet het met het principe van ondermijnende schoonheid, niveaus die gaandeweg worden bepaald’. Laatste vijf woorden: come again? 

De geuren: een sextet dat ‘grenzen opzoekt en overschrijdt, de norm verplettert en durf en creativiteit ademt’: Born to Rebel (doet denken aan van Zaldig & Voltaire’s Girls can do Anything), … & The Pea (doet denken aan Marc Jacobs Green), Bubble Gum, Peach Me, Stunned, Unrequited. ‘De norm verplettert’… wat is dat toch met die ‘rebellen’ die denken dat je met parfum de wereld op zijn kop kunt zetten, veranderingen kunt aanjagen, disruptief kunt zijn… 

Eerlijkheid gebied te zeggen: ik heb ze niet geroken; ga puur af op de ingrediënten. Maar bij alle zes moet ik denken aan reeds bestaande geuren (drie schoten me er direct binnen). Tuurlijk, er zitten interessante combi’s tussen, maar die ruik je tegenwoordig overal en nergens. 

Wel interessant om te zien is dat ‘vreemde’ interpretaties mainstream zijn geworden. Neem, Unrequited. Dat stelt ‘zich’ de vraag ‘hoe een roos zou ruiken als deze op plastic was geteeld?’ Uitzwaaiend met een waarschuwing: ‘Als we de natuur vernietigen, verdienen we dan haar geuren wel?’ Dit is dus een ‘klassieke’ Comme des Garçons kijk op het metier, en bij de ingrediënten ruik ik in de opening Yves Saint Laurents Parisienne (2009) met die eigenaardige metallic opening van roos met aldehyden. 

Jammer deel 1. Ik had graag geweten wie erachter dit concept zit, welk ‘rebellenpersoon’ met welk ‘rebellenteam’? Zou me niets verbazen dat Kate Moss in het idee heeft geïnvesteerd of die succesvolle, goedlachse alphaman van Obvious. Jammer deel 2: dat ook Bel Rebel vemeldt dat de geuren cruelty-free en overwegend vegan zijn. Iedereen tiktokt-kip-zonder-kop elkaar na.

Alle maar dan ook alle geuren zijn cruelty, behalve dan misschien die paar die het internationale IFRA-toezicht weten te ontwijken: civet van de civetkat wordt in Azië en Afrika verhandelt – kijk maar eens op YouTube als je durft.

Overweged vegan… vegan is nu hip dus noem je het maar voor de zekerheid, het suggereert betrokkenheid en ‘we  care’. Maar hier had ik graag geweten welke ingrediënten als niet vegan worden beschouwd. Gebrande karamel? Room? Deze twee worden ook synthetisch samengesteld.

De prijs is natuurlijk niet rebels, eerder pittig: 69ml 189,00 euro – Londen is afgezien van rebellenstad een van de duurste steden om te wonen – vandaar? 169,00 had ik passender gevonden. 69,00 nóg leuker, ‘toegankelijker’ en meer in verhouding tot het gebodene. 

NUIT D’EGYPTE CHLOÉ

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 17, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET N. Een reactie plaatsen

GROETEN UIT EGYPTE

EEN MODERNE KYPHI 

Wanneer ‘in vroeger tijden’ parfum werd gelinkt aan Egypte dan werd je meestal ondergedompeld in de wereld in van piramides, hiëroglyfen, goden, papyrus, de Nijl, de lotus en ‘De vloek van de Farao’. Eén al mystiek en de daaraan gelinkte parfums waren in negen van de tien gevallen pittig oosters. 

Dat Chloé deze link maakt verbaast misschien in eerste instantie. Weet je dat de oprichtster, Gaby Aghion, van het chique prêt-à-porterlabel in Alexandrië is geboren, dan makes it sense. Vandaar de naam: Nuit d’Egypte. Tenminste dat denk ik. Klinkt in ieder geval lekker, en zo’n topografische aanduiding zie je niet vaak in de masstige parfumsector. Is meer van iets niche. Valt op. Vind ik leuk. 

Dit schijnt Gaby Aghion gezegd te hebben en vormt als het ware de storytelling achter de geur: ‘De kleuren die ik in voor mij zie, zijn allemaal tinten uit Egypte. Egypte is voor mij een kleur. Het heeft het mooiste zand, het krijgt een beige-roze tint en vloeit als zijde tussen de vingers. Ik heb de kleuren van Egypte meegenomen’.

Nog iets waarmee het oude Egypte wordt geassocieerd: kyphi. Volgens het persbericht wordt Egypte ‘erkend als de geboorteplaats van de parfumerie, werd het eerste parfum dat de mensheid kent, in Egypte gecreëerd: kyphi’. Daar heb ik zo mijn twijfels over gezien er ‘over het algemeen’ steeds meer bekend wordt over vergeten parfumculturen van andere oudere beschavingen zoals die van Azië en die van Zuid, Midden en Noord Amerika.

En het is een beetje vreemd geformuleerd: het door de priesters uit de oudheid bereide kyphi vond plaats in tempels en die hadden niets vandoen met een parfumerie zoals we die nu kennen. Én kyphi werd niet voor persoonlijk genot gebruikt maar om de god Ra en gestorven farao’s te vereren – het was louter een heilige aangelegenheid. Kyphi werd dus niet geleverd in een eau de toilette- of parfumvariant maar als wierook: de slierten rook stegen omhoog naar de hemel ter meerdere glorie van de overledenen. Chloé beweert dat het deze ‘alchemistische’ kyphi-kunst herinterpreteert. Foutje: alchemie is van oorsprong de ‘wetenschap’ die zocht naar formules om goud te maken – is wat anders. 

Nu de geur. En daar is iets vreemds mee aan de hand. Ik zeg dit à titre personnel. Zit zo: ik heb Nuit d’Egypte sinds ontvangst al tig malen geprobeerd. En telkens vraag ik me af: ‘Wat ruik ik nu eigenlijk?’ Heel veel en tegelijkertijd niets. Ligt het nu aan mijn, zo lijkt het wel, door ‘slow covid’ bij tijd en wijle gehandicapte reukorgaan? Ik weet ookdat het een trendje is: parfums die bewust bijna na niets ruiken. Maar dit? 

Als je je er vervolgens in gaat verdiepen onderga je meer. Moet je wel heel goed ruiken. All over impression: Nuit d’Egypte: zacht hout met kruidige, rokerige en zoete toetsen. Inderdaad ik ruik mirre – heb om te checken Myrrhe Ardente van Annick Goutal erbij gepakt – zacht, zoetig bijna fluwelig. De kaneel (met voor mijn gevoel met een vleugje nootmuskaat) haal ik er ook uit, maar gember? Not.

En ik had het zo graag willen ruiken, want onze tuin staat er nu vol mee: de bloesems van de brem. Die ik associeer met een soort van ruige, houtachtige geur. Cypriol (ofwel, nagarmothe, ofwel moerasgras), opopanax (geurige mirre) en vanille ronden het geheel af. Chloé zegt: ‘Afkomstig uit velden die langs de Nijldelta en die zijn karakteristieke zachte maar toch diepgaande verbuigingen uitstralen, legt absoluut van oranjebloesem zijn meest weelderige facet bloot’. Dit ruik ik met heel moeite, en je zou verwachten dat oranjebloesem samen met brem voor een meer opvallende bloemen zou zorgen.

Ook opvallend aldus het persbericht: ‘Om Nuit d’Égypte te componeren, heeft parfumeur Juliette Karagueuzoglou kyphi opnieuw bekeken met een moderne, verfijnde aanpak. Opgebouwd rond een selectie van basisingrediënten die worden genoemd in oude recepten voor kyphi. Ik zeg: lees het volgende en oordeel.

Nuit d’Egypte gaat het volgens mij heel goed doen, als je het in de buurt van de piramides als souvenir aanbiedt – niet het eerste wat Chloé verkooptechnisch in gedachten heeft volgens mij. In ieder geval dan een very special ‘local’ stand in de taxfreeshops van Egypte. 

ENCOUNTERS FRANCESCA BIANCHI

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 19, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET E, MOET JE ECHT RUIKEN, NICHE. Een reactie plaatsen

CLOSE ENCOUTERS OF THE IRISISTIBLE KIND

‘AFWIJKEND WONDER’

Een christen en een moslim die schaken, illustratie uit het Boek der Spelen van Alfonso X (1221-1284)

Alhoewel kunstmatige intelligentie pas ‘onlangs’ zijn intrede heeft gedaan, lijken too many persberichten al jaren geïnfecteerd door deze ‘dooddoener’. Wat een partij slaapverwekkende onzin wordt er toch uitgekraamd zonder te bezuinigen op de inmiddels plat geslagen wegen der clichés: ‘uniek’, ‘respect voor de geschiedenis’, ‘traditie’, ‘handwerk’, ‘de beste ingrediënten’, ‘zorgvuldig geselecteerd’. En nieuw in deze  verleidings-bla-bla-vocubalaire: ‘vegan’ en ‘cruelty free’. 

Op Encounters kun je ook AI loslaten, en die zal dan het persbericht waarschijnlijk in de relationale sfeer ‘oplossen’. Romantiek alom: die ene blik in de metro, die glimlach tijdens het popconcert van Taylor Swift, die knipoog gedurende een wandeling door Paris (‘Als ik je zie krijg ik de bibbers in mijn knie’).

Ontmoetingen/Encounters tussen culturen is natuurlijk vaker gedaan, maar als je het persoonlijk maakt en dicht bij jezelf blijft – dit klinkt ook behoorlijk sleets – dan overtuigt het en wordt het geen marketingjargon. 

Het bewijs wordt geleverd d Francesca Bianchi: ‘Ik ben altijd gefascineerd door ‘besmettingen’ – GoogleTranslate heeft moeite met het woord contaminated; ik hou het maar even op bevruchtingen – uit verschillende culturen, waardoor nieuwe vormen ontstonden. Zoals het in elkaar opgaan van religies – syncretistisch en eclectisch genoemd, ik zie het als een nieuw ‘afwijkend wonder’.

En verder: ‘Ik herinner me mijn fascinatie voor de exotische en mysterieuze pseudo-Arabische schriften in de halo’s van een renaissanceschilderij: in wezen christelijk, maar bevrucht door Arabische invloeden’ – zie ook bovenstaande afbeelding.

Hetzelfde doet Francesca Bianchi met Encounters: ‘East meets West’. Ofwel, ‘het fascinerende contact tussen culturen waar diversiteit een nieuwe taal voortbrengt. Iconische materialen uit het Oosten en het Westen – oudh en iris – versmolten tot een nieuw mysterieus en wellustig wezen’.

Ik zeg: wat een prachtcombi; was er zelf niet opgekomen ;-> En is voor mij weer eens een bevestiging dat creativiteit met name bij de kleine, onafhankelijke merken gezocht moet worden. Hoewel ik nog zit met de nasleep van een corona-gerelateerde neusverstopping, komt Encounters desondanks goed binnen.

Encounters Francesca Bianchi Review ~ Fragrance Reviews

De opening doet erg jaren zeventig vintage aan (me like!) door aan de ‘klassiekers’ bergamot en sinaasappel een bloemig-fruitige noot toe te voegen – zwarte bes en lavendel; op zichzelf al interessant voor een Aqua Allegoria bedenk ik me net.

De koriander ontgaat me eerlijk gezegd. Heb ik eigenlijk ook geen tijd voor omdat de zalige irisboter voorbij komt glijden: ssssmmmmmeuïg én aards voor mijn gevoel. Fijn: ik ruik tussendoor de musky engelwortel die met kaneel aan de iris een subtiel-kruidige gourmandtoets geven. 

Ja en dan de basis, hè. Fascinerend om te ruiken hoe ‘dirty’ de iris de oudh als het ware opzuigt – gul en vol overgave, maar zonder dat de oudh te cliché oudh wordt. Hiervoor zorgen sandel- en cederhout, want die brengen de ‘muf-viezige’ oudh in een soort van strak-sensuele houtbalans zonder boring te worden – denk Acqua di Parma.

Nog een cliché: Francesca Bianchi zal Francesca Bianchi niet zijn, als ze geen ruimte biedt om het diep-sensuele vermogen van parfum te versterken: de ‘ambassadeurs’ die ze hiervoor in stelling: grijze amber en bevergeil… die kietelen de iris-oudh-combi. Een beetje vies – het kan voor mij nooit vies genoeg zijn – maar dat hoort bij chique geuren in de ware zin van het woord – nóg zo’n jaren zeventig-associatie die ik met Encounters heb. 

DUSITA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op januari 27, 2024
Geplaatst in: GEURENALFABET D, MASSNICHE, MASSTIGE, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN THAISE IN PARIJS

CHIC-KLASSIEK DAARDOOR BRAAF-SAAI

‘AMBASSADEURS-LUXE’

The Art of Gifting. Als ik zoiets lees dan haak ik meestal af. Zo’n typische nietszeggende marketingkreet: alsof iemand iets schenken, iemand een kdo(tje) geven een ‘kunstaangelegenheid’ is. Alsof het merk het voor jou alleen doet, gratis en voor niets. Voor mij blijft schenken – als ik het doe zijn de ontvangers zijn meestal bovengemiddeld blij. Niet dankbaar, want dat is tegenwoordig ook bijna iedereen – gewoon een kwestie van doen zonder artistieke bijbedoeling. 

Maar we zijn vandaag zeer positief gestemd, want mijn reukvermogen zit weer bijna op het oude niveau. Oók als ik weer eens rosé/witte wijn/bubbles drink – zoals afgelopen zaterdag tijdens een herinneringsbijeenkomst. Normaliter, loopt mijn neus dan ‘s nachts dicht, verstopt en kan dan next day bijna tot niets ruiken – en te veel Otrivin gebruiken schijnt ook niet echt goed te zijn. Maar sinds ik van de huisarts Budesonide heb gekregen, haal ik mijn neus weer op dat het een aard heeft. Wat ben ik blij zeg!

The Art of Gifting is in ieder geval de slogan van Dusita (anno 2001, boetiek in Parijs 2016). Weer wat geleerd: Dusita betekent paradijs in het Thais. Veel over gehoord. En aangezien een ‘amateur’-parfumkenner, die ik ken èn me een proefpakketje gaf, heb ik me erin verdiept. Ga dus naar de site, waar ik welkom word geheten in het Dusita-universum, en lees dat ‘alle geuren een olfactorisch eerbetoon zijn aan de poëzie van Montri Umavijani (1941-2006), de vader van de huidige neus Pissara – Ploi – Umavijani’. 

Pissara – Ploi – Umavijani

Blablabla 1: ‘Montri Umavijani hield ervan om de wereld rond te reizen om te communiceren met mensen van verschillende nationaliteiten en achtergronden’.

Blablabla 2: ‘Zowel poëzie als parfum zijn ideale middelen om verbinding te maken met anderen; ze prikkelen de verbeelding, verheffen de geest en doen een beroep op zowel de zintuigen als het intellect’. Dat laatste is natuurlijk waar, maar als je het opschrijft klinkt het zo parmantig.

Blablabla 3 (en het idee achter de naam): ‘Geïnspireerd door Montri Umavijani’s levenslange zoektocht naar de vreugde en gemoedsrust die het hemelse paradijs Dusita belooft, roepen de parfums werelden van aards geluk en verhevenheid op’.

Blablabla 4 (tevens de filosofie van de oprichter): ‘Stralend mooie, onvergetelijke geuren creëren waarin grondstoffen van de allerhoogste kwaliteit excelleren. Parfums met een echte en diepgaande emotionele impact, waar eeuwig jonge Franse verfijning en traditionele Siamese elegantie samenkomen’. Siam – zo heette Thailand tot 1939.

Hier moet je van houden: ‘Elke geur gaat vergezeld met een tekening gemaakt door Pissara Umavijani die ze tekent met potloden en waterverf waarbij het hoofdidee van de geur wordt benadrukt’. Fragrantica meldt 15 geuren, waarvan Oudh Infini (2016) is gediscontinueerd. Laat ik dat nou net ‘weer eens’ een goede oudh vinden. Onlangs besproken. Wat me nú opvalt: krachtig met een etherisch randje en een leuke hoofdrol in het begin weggelegd voor (sensuele) oranjebloesem, en goed op gang komt met roos, zacht landt door sandelhout en met een aangenaam stinkertje in the end (civet).

Bij Cavatina (2021) – korte aria, zonder herhaling, in het bijzonder aan het slot van een recitatief – zet het lelietje-van-dalen direct de toon, omringd met bloemen die zijn frisse toon verzachten, sensueler maken. Denk aan tuberoos en ylang-ylang. Met de afronding is ook niets mis, het geheel wordt nog zachter en sensueler door ambrette, vanille, musk en sandelhout. Toch blijft alle zeer beschaafd.

Issara (2016), zette mij eerst op het verkeerde been. Ik rook in eerste instantie meer de donkere basis (eikenmos, hout, amber en musk) dan de bittergroene noten van het hart: salie, vetiver, dennennaald en een lichte, tabak-achtige hooinoot. De geur heeft iets eigenzinnigs – niet typisch vrouwelijk, niet typisch mannelijk. Maar ook hier weer verzorgd, niet schokkends. 

Le Sillage Blanc by PARFUMS DUSITA on SCENTISSIME | Complimentary shipping  and return

Geldt eveneens voor Le Sillage Blanc (2017). Soort klassieke niche in een notendop; een mooie neo-chypre knipogend naar de groene chypres van de jaren zeventig. Dus groene noten met galbanumtoetsen, verstevigd door alsem, leer en tabak. Maar dan minder krachtig en duidelijk, en meer met nadruk op poederige musktonen, in plaats van op eikenmos en cistus labdanum. Vreemd, waarom de geur in dit geval niet Le Sillage Vert wordt genoemd.

Ruikend aan de geuren, denk ik ‘ambassadeursmerk’ en ‘smaakvolle truttigheid’ – zoals Annick Goutal in het begin van haar carrière ook werd gezien. ‘Een keer wat anders dan Guerlain en Chanel. De schenker heeft echt aandacht aan het cadeau besteed wat attent’. De kunst van het schenken. Zoiets. Tuttigheid in overtreffende trap deze naam: Mélodie de L’Amour (2016) en wel heel erg mid price-parfumromantiek (daar staat dan het ‘onbegrijpelijke’ Erawan (2018) tegenover – ‘fictieve olifant’).

Dit wordt bevestigd door Rosarine uit 2023 (en de flawless foto’s van de oprichtster): een geur die meegaat in de roodfruit rozengeuren-trend. Je betreedt een keurig aangeharkt rosarium. Rijpe lychees en frambozen vallen op de rozen in de perkjes geflankeerd door jasmijn en iris. En op het wandelpad, snuif je nuances op van patchoeli, vetiver, zoetigheden en een lichte cacao-noot. 

Nou, nog eentje dan: Fleur de Lalita. Overweldigende bloemengeur. Eén en al overvloed: full blast witte lelie, jasmijn, magnolia, ylang-ylang en meiroos met groene galbanumtoetsen, die in het hart worden opgezogen door eveneens overvloedige ambrette die de bloemen een warm-musky ondertoon geven. Mooi is ook dat in de hoewel erg zoete basis van tonkaboon, vanille en sandelhout, ambergris voor een donkere ‘tegentoon’ zorgt.  

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • Layton Exclusif Parfums de Marly
    • Cerana Nectar Olfactive
    • Walk like a Man (to Man)
    • Rose du Désert Houbigant
    • Orchidée Yves Rocher 
    • Cavort Fragrance du Bois
    • Beat Café Jusbox
    • Gold Fair in Mayfair Atkinsons
    • À l’Ombre d’Artémis Hellenist
    • Tryst Hiram Green
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    GEURENGOEROE
    Voeg je bij 125 andere abonnees

    Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.

  • GEURENGOEROE
    Site in de Reader weergeven
    Beheer abonnementenAanmeldenInloggen
    Deze inhoud rapporteren
    Deze balk inklappen
Reacties laden....