WEER EEN 100 PROCENT DUTCH MADE PARFUM
‘DAT WAT NIET BESTAAT, MAAR ER TOCH IS’
Jaar Van Lancering: 2018
Laatst aangepast: 01/12
Neus: in samenwerking met Bram Niessink
Man en hoofddeksel: het blijft een moeilijke combi. Ik droeg een tijdje zo’n zwart gegleufde Borsalino tijdens mijn mid-thirties – werd ik af en toe uitgemaakt voor kinderlokker. Fijn. Daarnaast een schapenwollen muts afkomstig van een steppenvolk uit Mongolië – veel complimenten waren mijn deel. In Canada kreeg ik ooit een wasberen bontmuts inclusief bengelende staart – idem. Het voordeel van alle drie: mijn weelderige haardos kon ik er goed onder kwijt.
Een (baseball)cap heb ik ook een paar maal geprobeerd, maar die staat me niet. Ik heb me wel verbaasd over het fenomeen hoe deze Amerikaanse hoofdtooi bij uitstek (ook door diverse presidenten vanzelfsprekend gedragen) door luxemerken ineens werd ontdekt als gadget voor de catwalk – denk Chanel – en daarna, naast zonnebril en geur, een vast item werd van de goedkope accessoireslijnen.
De upgrading van de cap is dus mij een beetje is ontgaan: uitgevoerd in (bling-bling) luxe-edities die al naar gelang de wensen van de klant kan worden gecustomized. Louis Vuitton heeft volgens mij zo’n service. Je denkt dus dat die markt behoorlijk dichtgetimmerd is – moeilijk voor een nieuw merk om daar tussen te komen.
Tot dat ik onlangs Bram Niessink ontmoette. Zijn exclusieve en eigenwijze merk BYB Amsterdam maakt caps voor – ik citeer nu het persbericht – ‘wie zich niet wil mengen met de massa, maar individualiteit en exclusiviteit waardeert’. Zijn caps ‘worden duurzaam en met de hand vervaardigd in ‘s werelds oudste cap-werkplaats, die dateert uit de 18deeeuw’. Naam wordt niet vermeld, toch wel benieuwd. Niessinks unique selling point: ‘Het gebruik van de meest exclusieve en natuurlijke materialen geven elke cap zijn authenticiteit. Dit maakt elke cap uniek. Dit is wat ik wilde bereiken met BYB; hoge Nederlandse kwaliteit met ‘on-Nederlandse’ individualiteit en exclusiviteit’. Hij heeft veel succes (Justin Timberlake draagt er ook een naar ik heb begrepen), en het kon dus volgens hem niet uitblijven een geur te lanceren. Voor advies klopte hij bij mij aan, dat zich alleen beperkte tot de inhoud, de compositie. Niet wat betreft het verhaal en de presentatie.
NaamFugazzi Parfum 1. Het persbericht zegt: ‘Genderneutraal, maar dat is ook het enige neutrale aan deze mysterieuze, zinnenprikkelende verleider. Naast waardevolle oliën van onder meer kardemom, roze peper en sandelhout bevat Fugazzi Parfum 1 een geheim ingrediënt dat de werking van feromonen – onze menselijke ‘verleidingsstofjes’ – versterkt’.
Nu, geloof ik daar zelf niet in. Met dien verstande: wel in de natuurlijke, op onbewust niveau werkende feromonen, maar niet als ‘extra’ toegevoegd aan een geur. Volgens het persbericht heb je met een vleugje Fugazzi Parfum 1 ‘over aandacht niet meer te klagen… en alles wat daarop volgt. Je bent gewaarschuwd!’ Inderdaad want ‘elk flesje bevat vier procent van een geheim, natuurlijk ingrediënt dat de aanmaak van menselijke feromonen verhoogt: met wel 260%’.
Dan de de naam: Fugazzi. ‘Die prikkelt de nieuwsgierigheid, zoals de geur dat ook doet. Fugazzi is dat wat niet bestaat, maar er toch is. Wat een mens niet ziet, maar er toch is. Wat moeilijk te begrijpen is, maar er toch is. Wat niemand erkent, maar er toch is’.
WAT FUGAZZI PARFUM 1 IK EIGENLIJK?
Bram Niessink: ‘Een geur die jou laat zijn wie je bent (en dan een tikkeltje meer). Niet te beschrijven. We doen toch een poging. Fugazzi Parfum 1 is fruitig, kruidig en houtig. Rijk en aards. Zwaar en tegelijk sexy. Een geur niet specifiek mannelijk of vrouwelijk, maar die jou laat zijn wie je bent. En die je stemming, zelfverzekerdheid en aantrekkingskracht versterkt. Zodra de frisse topnoten de aandacht hebben getrokken, nodigen de mysterieuze hartnoten uit tot een dieper ‘gesprek’, waarna de donkere basisnoten de verleiding compleet maken – voilà!’
Bram Niessink vervolgt: ‘De frisse en zoetsappige topnoten met een licht houtige ondertoon trekken direct alle aandacht. Alsem (Atlasgebergte), groene munt (Azië), rood fruit, petitgrain (Paraguay), mandarijn (Italië), kardemom en nootmuskaat zorgen voor een ontmoeting om niet te vergeten. Een pure zinnenprikkeling. Het hart transformeert in een waar mysterie. Een lichte toon van olibanum (noordoostelijk Indonesië), roze peper, davana (India), eikenmos (Bosnië), cypriol (Egypte), kruidnagel (Madagaskar) en cistus labdanum (Spanje) monden uit in een pikant en vurig tussenspel’.
Bram Niessink: ‘Tal van houtsoorten als sandelhout (Egypte), guaiac (Paraguay) en cederhout (Virginia) geven de geur body en karakter. De patchoeli en vetiver (beide Java) blijven verleiden in de donkere, musk-aardse basis.
De indruk van Geurengoeroe. Vooropgesteld: ik vind het leuk en bewonderingswaardig dat, gezien het overaanbod van nieuwe niche-labels, iemand het nu nog aandurft om een geurlijn op te zetten. Ik geloof heel sterk in het feit dat een nichelabel met een bepaald specialisme (letterlijk een niche) dat gewaardeerd wordt door een sterke fan base ook met lijnextensies deze fans weet te verleiden. Een kwestie van doelgerichte aanpak en doorzetten.
Of een geur dan direct de eerste en de beste mogelijkheid is? Ik kan me andere accessoires indenken. Dan de geur: is goed. Want vol rijk, de volle laag. Voor mij een oriëntaalse houtgeur die zo gebalanceerd is dat hij ook aantrekkelijk is voor vrouwen. De opbouw: het klassieke traject volgend. Alleen minder klassiek citrus-fris in de opening dan normaal door de ‘groene’ en prikkelende kruidigheid. Langer op de huid een licht ijl spoor dat nijgt naar oudh maar door het overige hout (inclusief wierook) wordt getemperd. Vloeiend-sensueel en musky is de afronding door cistus labdanum, guaiac en sandelhout (die volgens mij alleen niet uit Egypte kan komen). Niet verkeerd voor een Hollandse jongensachtige première.
Ik ben trouwens benieuwd hoe Fugazzi Parfum 1 bij een blinde test ingeschaald zal worden – ik verwacht geen Ici Paris XL, eerder een bekend merk van de niche-afdeling van de Bijenkorf. Prijs: 50 ml € 120,00. Ook wanneer Fugazzi Parfum 2 wordt gelanceerd.



Pfff, wat moet ik hier nu van vinden? En nog wel gemaakt door een bevriende neus. Her vertegenwoordigt alles wat ik nu niet leuk vind – understatement du jour – aan de parfumbizz. Presentatie: bij elkaar gesprokkeld populair decoratiemateriaal van de concurrent. Want lint ‘gewikkeld’ om de verpakking: Viktor & Rolf. Flacon: verstuiver rechts, dan wel links van het midden geplaatst: Prada. Campagne: inspiratieloze herhalingsoefening van Burberry Brit (2003) met wat toefjes Jean Paul Gaultier (Madame uit weet ik wat wanneer, waarvan de inhoud ook door Francis Kurkdjian werd geleverd). En dan, en dan: de enorme hurly burly rondom Her opgezet. Dus een social media-campagne gesitueerd rondom de spokeswoman, of in dit geval is het wellicht beter te spreken van ‘spokesgirl’, Cara Delevigne.
En helemaal in sync met de huidige in- en verpakcodes: in sommige (Burberry)winkels kun je een bedeltje (vier opties) om de hals van de flacon laten bevestigen die je dan weer verder kunt personalizen, sorry Burberry spreekt van individualizen, met een lint (vijf opties).
Vind ik dan best wel raar. Op zoek naar wat meer achtergrondinformatie over deze vetiver-flanker, besluit ik naar
Dat is nu leuk in deze. Er bestaat de ‘Wet van Pascal’: de druk die op een vloeistof wordt uitgeoefend, plant zich in alle richtingen met dezelfde grootte voort. Vervang vloeistof door vetiver. Want dat is het effect van deze gedroogde wortel in Terre d’Hermès Eau Intense Vétiver. Want de vetiver gaat alle kanten op in deze geur. Bij de eerste spray: een en al vetiver zoals het hoort. Ofwel, droog-fris hout met een aardse en tegelijkertijd zonnige toets. Die verdwijnt vervolgens even achter een citrusmelange om vervolgens de kenmerkende noten van het door Iso E Super (synthetisch ambergris) aangestuurde Terre d’Hermès te ervaren om daarna in golven weer terug te komen. 
Ik verbaas me nog steeds over de hoeveelheid flankers die verschijnen. Ik vind ze vaak overbodig, voegen vaak niet veel toe aan de bedoeling van de oorspronkelijke geur. Dit vertelde ik onlangs ook toen ik voor werk op het hoofdkantoor van Coty in New York moest zijn. Werd me ter plekke door verschillende personen duidelijk gemaakt dat een flanker nog steeds een enorme verkoopboost laat zien van klassiekers, in de parfumwandelgangen ook wel key pillars genoemd (in Coty’s geval Calvin Kleins Eternity en bijvoorbeeld Daisy van Marc Jacobs). Ongelofelijk, maar point taken. Dit brengt met bij de key pillar voor mannen van Giorgio Armani:Acqua di Giò– alweer uit 1996. Deze geur is zo succesvol en zo vaak gekopieerd dat ik me vaak vergis als ik op straat iemand aanspreek en vraag of hij deze Armani draagt.
De compositie blijft interessant en geldt inmiddels als tijdloos. Terecht. Bij de flankers van deze geur gaat het voornamelijk om de verdieping. Dus minder de nadruk op fris, meer op de kruidige, sensuele en houtachtige noten. Ligt natuurlijk helemaal in lijn met de trend om populaire geuren een soort van niche-behandeling te geven, resulterend in voor het eerst ‘parfumextracten’ voor de man (die feitelijk eau de parfums zijn). Yves Saint Laurent deed het met L’Homme, Dior met Eau Sauvage, Hermès met Terre d’Hermès.
Mijn indruk. Let wel, dit is geen niche, maar een ketenparfumeriegeur, dus: door de op achtergrond ‘bewegende’ donkere houtlagen, herken je de algemene (bekende) charme van een oceanische geur. Mooi in dit geval de openingsmix van fruit en ‘oceaan’: de bittere zoetheid van grapefruit gecombineerd met bergamot en citroen ondergedompeld in de inmiddels klassieke waternoot – calone. Die vloeien mooi samen met peer en appel. In het hart voegen zich hierbij de meer kruidig-bloemige noten van lavendel en rozemarijn. Geranium (duidelijk waarneembaar) zorgt voor een lichtbloemige noot).


Who the fragrancef*ck is Jacques Fath? Olfactieve opa vertelt: Lieve parfumvrienden en geurvriendinnen, lang geleden toen haute couture nog vraiment haute couture was, en de ‘daaruit voortvloeiende’ parfums zonder tussenkomst van marketingafdelingdirectors en storytellingdepartementexecutives direct richting consument werden gestuurd, waren er naast de nu bij het grote publiek bekende huizen (Balmain, Chanel, Dior, Givenchy, Lanvin), een hele trits aan concullega-couturiers.
In zijn korte komeetachtige carrière (geboren in 1912 overleed hij in 1954 aan leukemie) werd hij, zoals dat heet, op handen gedragen vanwege zijn frivole, maar altijd smaakvolle stijl. Het leverde hem beroemde klanten op. In a way the usual suspects van Hollywood en omstreken – hij verzorgde ook de kostuums voor veel glamour-films: Greta Garbo, Ava Gardner en Rita Hayworth.
WAT GREEN WATER IK EIGENLIJK?
‘Grappig’ in deze: ik meen een bloemige noot te bespeuren die heel, heel, heel lichtjes aan ‘geklaarde’ tuberoos doet denken. Ik moet het anders zeggen: de nieuwe generatie tuberoosgeuren gedragen zich zo. Daarvan wordt nu de meer groenige noot benadrukt – chique gezegd: ‘a deconstructed tuberose’ – om de jonge consument maar niet de stuipen op het lijf te jagen. Men neme: Stella McCartney’s Pop (2016), men neme Miu Miu Eau Argentée (2018). Ik heb de nieuwe Maison Margiela – Mutiny (2018) – nog niet geroken waarin de tuberoos ook een discutabel procedé moet ondergaan om maar niet tuberoos-totaal-brutaal te worden.
Hoelang is het geleden dat ik in Keulen aan de Glockengasse was voor een bezoek aan 4711? Tien, vijftien jaar geleden? Wat me altijd is bij gebleven: wat ik al wist van het merk werd toen me ter plekke nog eens bevestigd. Wat een rijke geschiedenis en wat een potentie die niet voldoende werd gebruikt! Next thing you know (weliswaar een paar jaar later) zette de toenmalige eigenaar Proctor & Gamble in de etalage.
Helemaal leuk: een parfumfontein waar constant ’s werelds beroemdste eau de cologne zijn boeket verspreidt. Pas als je je handen ‘wast’ met 4711, dan begrijp je direct de essentie van de eau de cologne weer: klaterend ‘parfumplezier’ – opwekkend, verkwikkend en verfrissend.
Een ander aspect: door deze nieuwe versies komt 4711 als merk in de buurt van het merk dat – als je het goed bekijkt – aan de haal is gegaan met de erfenis van kölnisches Wasser: Atelier Cologne (anno 2010). Maar moet gezegd: de bedenkers van deze formule (inmiddels gekocht door L’Oréal) deden wat 4711 als huis naliet: eau de cologne, water uit Keulen, vanzelfsprekend 2.0 te maken. Het echte verschil natuurlijk: Atelier Cologne levert eau de cologne in eau de parfum-sterkte. Dus niet echt een eau de cologne.
Myrrh & Kumquat doet ook iets vreemds. Talloos zijn de geuren in het nichecircuit waarin van mirre de millenniumoude kwaliteiten – warm, kruidig, zoetig, rokerig met lactone-achtige nuances – van deze hars worden benadrukt. Denk: richting oriënt en vol.
U vraagt (marketing), wij (Thierry Wasser) draaien. Deze gedachte bekruipt me de laatste tijd wel vaker bij Guerlain. Zou Wasser zich hebben gerealiseerd, toen hij contract tekende dat hem tot hoofdparfumeur van Guerlain maakte, dat hij ook werd geacht om aan de lopende band variaties op oude en nieuwe klassiekers te leveren van het huis dat dit jaar zijn 190-jarig bestaan viert? Ik weet, je moet meedoen met de ratrace – na een lancering van een edp ‘verplicht’ volgen met een edt, eau florale, eau verte, eau rosée en dan – de uitdaging – het extract.