GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

TOEN WAS GEURGELUK HEEL GEWOON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 19, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET E, VINTAGE. Een reactie plaatsen

NÓG EEN NEDERLANDS EAU DE COLOGNEMERK

IEDERE STAD ZIJN EIGEN GEUR

OPIUM-DUPE VOOR DE DISCO

Kreeg ik vorige week cadeau van kennis uit het dorp op wiens hond – Rally, met de tred en de snuit van een vos – ik af en toe pas. Gekocht bij een tweedehands: Eau de Cologne Supérieure van het merk Valdelis. Slimme naam, want Frans ‘aan elkaar geplakt’: val de lis. Vertaald: dal der lelie. Helaas leeg.

Ik kwam wel leuke oer-Hollandse campagnes tegen van deze Eau de Cologne Supérieure. Lanceringsjaar: 1948. Wel wuft, zo vlak na de oorlog toen bijna alles op de bon was, aan nieuw Nederland werd gebouwd en geluk nog heel gewoon was. 

Ik had wel van het merk gehoord. Wist van de Nederlandse link. Dat Nederland ooit méér was dan Boldoot. Na intensief en gedegen Follow the Money-waardig speurwerk kom ik erachter dat het merk is opgericht in Schiedam. Oprichtingsjaar mij nog onbekend. Door de firma Janssen uit dezelfde plaats.

Dat internet, op zoek naar info, nog niet altijd voldoet aan de verwachtingen, en je daarvoor eigenlijk de archieven in moet, blijkt wel uit Valdelis: weinig concrete info present. Echt interessante achtergrondinformatie moet je bij elkaar harken uit berichten waarin miniem wordt gerefereerd aan het eau de cologne-merk (me ondertussen afvragend waarom ik dit soort lokale zijstraten van de parfumgeschiedenis zo interessant vind). 

Zoals deze scentimental herinnering van een vrouw (door mij ingedikt): ‘In de kapsalon van onze ouders aan de Korreweg in Groningen was een trapsgewijze stellage op een schoorsteenmantel. Hierop tal van producten voor de verkoop. Tabak, maar ook de nodige cosmetica. Valdelis was vooral belangrijk voor de verkoopcijfers. Soms waren er totaal nieuw artikelen. In 1959 een flesje met een roller erin: de introductie van Odorex (ook geproduceerd door Valdelis). 

De geur van je favoriete stad in je huis? De geurkaars is samengesteld door WIJCK. en bevat alle fijne geuren van de stad. Handgeblazen glas, 100% natuurlijke sojawas, tot wel 60 brandduur.

Volgend bericht kwam ik ook tegen – ik had ‘geur’ en ‘Schiedam’ ingetikt – heeft niets met Valdelis te maken, maar is een goed voorbeeld van citymarketing. Ofwel: iedere stad zijn eigen geur. Te bestellen bij www.wijck.com.

Daarna volgend bericht opgetekend door de kleinzoon van de man die een kwart eeuw meesterknecht was bij Valdelis. ‘Ondanks zijn voor de Rijnmond unieke stedenschoon is Schiedam een beetje grimmig. Dat geeft, om een drankterm te gebruiken, bouquet aan de weerspiegeling van de gevels in de havens. Anders zouden we hier maar een gesuikerd openluchtmuseum zijn en geen stad met een echt innerlijk leven. Die grimmigheid is een essentieel ingrediënt van ons collectieve karakter. Dat heb ik vrijdagavond geleerd. Ik werd met de neus op de feiten gedrukt’.



‘Daarvoor verantwoordelijk: twee studentes fotografie aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam, Maisey van Elmpt en Pamela van Rijswijk. Soms heb je buitenstaanders nodig om tot diepere inzichten te komen omtrent je geboortegrond. Ze werden door hun docenten naar Schiedam gestuurd om het wezen van onze stad in beeld te brengen. Toen ze door de straten liepen, kregen ze een beter idee. Wat je werkelijk intiem kent, kun je ruiken. Ze wilden de geur van Schiedam isoleren. Dan kom je al gauw bij ons beroemdste product uit: moutwijn’. 

Toen was geluk nog heel gewoon

‘Kun je op basis daarvan een parfum maken met de geur van Schiedam? Hier komt de grimmige Schiedammer naar voren die scherpte geeft aan het karakter van de stad. ‘Dat zal dan wel lekker stinken’, gromt hij. Zo niet Maisey en Pamela. Ze roken juist de charme. Ze schakelden jeneverexperts Rob van Klaarwater en Leo Fontijne in voor de broodnodige kennis en nog een parfumexpert. Ze voegden daar hun vrouwelijk (!) instinct voor het karakter en de kwaliteit van geuren aan toe. Daarmee bliezen zij een vergeten Schiedamse bedrijfstak een sprankje nieuw leven in: de distillatie van eau de cologne en aftershave. Het nog steeds bestaande Fresh Up – nu herinner ik me Valdelis weer! – is van oorsprong een Schiedams product’.


‘De dames ontwierpen geen eau de cologne, maar een parfum waaruit het karakter van Schiedam sprak. Het publiek mocht bij de presentatie de verschillende componenten ruiken voor ze het Schiedamse parfum onder de neus kregen. Allemaal scherpe geurtjes waarvan er een me terugbracht naar mijn jeugdjaren (opmerking Geurgoeroe: een keer wat anders dan de madeleine van Marcel Proust). Zo rook het als ik ‘s avonds van mijn schoolvriendje Bennie Beining naar huis liep over de Sint Anna Zusterstraat en de Noordvest. Zo roken de distilleerderijen’.

‘Toen kwam het echte parfum. Ik rook de totale stad: het verleden, het grimmige, het pittoreske, het graan, het gist, de herenhuizen en de branderijen, de afgebroken brandersknechtenwoninkjes van de Kinderbuurt en het Spinhuispad, het maanlicht dat glimt op natte keien, de minaretten onderaan de Vlaardingerdijk. Het was een krachtige combinatie dit parfum, verleidelijk voor wie karakter heeft. Deze geur trekt bijzondere mensen aan. Dat kan niet anders. Ik zou er wel mee over straat willen gaan. Je mag best ruiken dat ik afkomstig ben uit deze inspirerende stad. Ik ben er trots op’.

Jammer en merkwaardig dat over deze presentatie niets te vinden is op www. Zelfs niet op de Insta-pagina’s van deze twee ‘dames’. 

We zetten onze zoektocht naar de oorsprong van Valdelis voort, mocht ik er bij toeval op stuiten. Wel leuk, en soort van jeugdherinnering: Valdelis lanceerde in 1977 Fatal zo blijkt. De geur die ik – toen al – zag als een slechte dupe/fake van in hetzelfde jaar verschenen Opium (ik neem aan later). Fatal was volgens mij een slimme en bliksemsnelle reactie op het immense succes van Yves Saint Laurents schandaalparfum. Ik herinner me een ongepolijste kruidige en harde geur die eerder deed denken aan het een jaar later gelanceerde Magie van Lancôme.  

Heel veel meiden op de dansvloer in de lokale disco (Zodiac Enschede) roken ernaar. Dat het een nepper was, merkte je aan de Aziatische, meestal in een roes verkerende vaste bezoeker van dezelfde disco: het leek wel of hij zich overgoot met Opium-parfumconcentraat voor hij in ‘the best disco in Town’ ging dansen op Le freak c’est chic! Now freak! And freak!

NÉBLINA YVES ROCHER

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 12, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET N, MASSNICHE. Een reactie plaatsen

NICHE VERPAKT ALS MASSA

FRUITIG GROEN PARFUMPLEZIER

SOPHIA GROSJMAN DIE KAN HET 

Parfumcliché: geurgeluk ligt soms in een klein hoekje. In mijn geval letterlijk: gevonden tijdens de opruiming van mijn geuratelier: een mini-flaconnetje (toch nog 7,5 ml) van Yves Rochers Néblina (nu aangeboden voor rond € 15,00 op Etsy, 50ml voor rond € 100,00). Gelanceerd in 2000.

Mijn gevoel (en een soort van afgaande op de flacon; in de zin hier is aandacht aan besteed ook al valt over de esthetiek te discussiëren) zei: dit moet een goede geur zijn. Groen. Niet te veel fruit. Fris. Wat zoete bloemetjes op mooi, stabiel houten fond. Trouwens: Yves Rocher maakt sowieso goede geuren; perfecte kwaliteit-prijsverhouding.

Zit er niet ver naast blijkt. Ben eigenlijk met neus in de boter gevallen. Want de geur is gemaakt door niemand minder dan – dat zeg je dan – Sophia Grojsman. Introductie overbodig. Voor de onwetenden: zij is ook de vrouw achter – nu volgen een paar van mijn favorieten van haar hand: Prescriptives (nu Clinique) Calyx (1987), Estée Lauder Spellbound (1991), Yves Saint Laurent Yvresse (1993), Karl Lagerfeld Sun Moon Stars (1994), Céline Magic en Laura Biagiotti Soto Voce (beide 1996). Haar meest recente bijdrage: Outrageous Frédéric Malle (2007).

Nog een door mij gebezigd cliché: geuren gemaakt door het prestigesegment voor en rond 2000 hebben vaak een niche-allure zonder dat het de bedoeling was omdat niche nog niet tot deze afdeling was doorgedrongen. Uitgangspunt: mooie geuren maken zonder dat marketing en kostenexperts al te veel over de rug van de neus meekijken.

Grosjman beklaagde zich er eens in een interview over in 1992 (Women’s Wear Daily): ‘Vroeger was parfum maken een kunst, nu is het business. Iedereen wil direct succes. Geuren worden getest door focusgroepen, waardoor de kans op ongewone geuren kleiner wordt’. Ik geloof dat Grosjman het meest uit een idee/voorstel/opdracht wist te halen, ook al waren de financiële middelen (lees: ingrediëntenbudget) beperkt. Ze was van alle markten thuis. Van verfijnde niche tot massaentertainment. 

Néblina valt in laatste categorie maar kan ook doorgaan voor de eerste – waardoor het een ongewone geur is met die typische Grosjman-touch. Fruitige noten in de opening (abrikoos, sinaasappel), volle bloemenexplosie in het hart (orchidee, witte bloemen, viooltje), krachtige basis (groen gras, houtachtige noten, eikenmos).

Opvallend: het lijkt wel of de geur zich in eerste instantie omgekeerd manifesteert. Eerst ruik je groene noten (vers geknipt gras-effect) en houtachtige nuances voor het fruit zich meldt. In dit geval fluweelzachte abrikoos zoet gemaakt door sinaasappel die de witte bloemen streelt. Vervolgens gaan ze allemaal met elkaar spelen – telkens springt er weer een noot uit – om weer groen, coumarine-achtig te eindigen. Interessant: hoe duidelijk het eikenmos blijft resoneren. Ongewoon voor een massamarktgeur. 

Er verscheen ook een nachtversie: La Nuit de Néblina, merkwaardigerwijze een jaar eerder. In een flacon (foto hieronder) die iets meer tot de verbeelding spreekt. Néblina betekent trouwens mist. Hierdoor kun je de geur wéér anders ervaren.

Nachtmist

IRIS, TUBÉREUSE LE GALION

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op mei 8, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET I, GEURENALFABET L, GEURENALFABET T, MASSNICHE, VINTAGE. Een reactie plaatsen

VINTAGE SOLIFLORE: GEEN GARANTIE VOOR UITZONDERLIJKHEID

TE CHLOÉ- EN TE CÉLINE-ACHTIG

Waarom ik Le Galion zo’n prettig parfumhuis vind? A: de geschiedenis, b: de humor, c: de presentatie en d: de aan de naam gekoppelde faam. En niet te vergeten hun vroege slimme gevoel voor marketing (lees hier voor een aantal van mijn recensies op deze blog). Zo deed Le Galion tot mijn verbazing al in 1950 aan product placement.

In de nu nog steeds memorabele film All About Eve (1950) zie je de protagonisten – waaronder Bette Davis, Ann Baxter en Gary Merill – op een gegeven moment aan tafel in een chic nachtetablissement. Met op die tafel een sigarettenstandaard met daarop het logo van Le Galion. Zegt iets over de reputatie die het toen had – chic de Paris. 

Het huis sloot ooit zijn deuren, werd ooit heropend (zie mijn recensies). Blij mee! Alleen het ‘probleem’ in deze (iets wat eveneens geldt voor andere gereanimeerde huizen): het is moeilijker om voormalige soliflors uit de oorspronkelijke collectie in hun originele olfactiefe staat voor het voetlicht te brengen dan hun echte klassiekers van naam.

Want: onmogelijk. Redenen: sommige ingrediënten mogen niet meer gebruikt worden. Door de veranderende bodemgesteldheid, oogsttechnieken en verwerkingsprocessen (enfleurage toen, hydro-destillatie nu) ruiken ingrediënten anders dan voorheen, subtiel die verschillen daardoor maar toch. 

En, niet onbelangrijk, de ‘angst’ van de nieuwe eigenaren dat ‘een nieuwe generatie’ de oude formules niet begrijpt, ‘te moeilijk’, ‘te stoffig’ en ‘te oma-achtig’ vindt, waardoor die ‘aangevuld’ worden met ‘hippe’ en ‘eigentijdse’ ingrediënten.

Dat maakt Tubéreuse wel duidelijk. Ik kan me niet indenken dat de huidige versie (2014) enige overeenkomst vertoont met het origineel uit 1937. Die moet toen voller, ‘boteriger’ en geiler hebben geroken. Vergeet niet, parfum was toen echt nog een elitair ding en was een toonbeeld van smaak (hoe snob dan ook) als je een duidelijk, uitgesproken parfum droeg. Vergeet niet: de Chanel N° 5-versie uit 1921 ruikt echt anders dan wat je nu gewend bent. Ik denk dat de 1937-editie (wishful smelling) eerder lijkt op die van Annick Goutal (1986) – ook wel bekend als de G Spot-fragrance. 

Je ervaart de moderniteit, het nieuwe direct in de opening: je moet eerst door een groene plensbui op basis van mandarijn, galbanum, peer en roze peper heen. Leuk weetje: in 1937 werden de laatste twee nog niet gebruikt. Peer was toen nog niet synthetisch gekopieerd, roze peper nog niet ontdekt.

En dan ‘eindelijk’ iets dat op tuberoos lijkt, die zich alleen niet onderscheidt van de ‘getemde’ tuberozen die je de laatste jaren in het prestigesegment te veel kon ruiken. Met als ‘excuus’ dat een nieuwe generatie de ware aard van deze bloem te gevaarlijk, overrompelend vindt. Bla-bla-bla.

Hier wordt ze getemd door oranjebloesem, roos en framboos (dat toen als geur ook nog niet bestond). De afronding: tja. Braaf-sensueel een beproefde combi van cederhout, amber en musk. 

Dan Iris. Ook in 2014 opnieuw in de markt gezet. De homesite schrijft: ‘In 1937 was Le Galion een reeds gevestigd huis, waardoor Paul Vacher (de neus en een van de oprichters én maker van Arpège en Miss Dior) meer experimentele ideeën kon uitproberen. Hij begon te werken aan soliflore-variëteiten. Als knipoog naar de art-decoperiode, beeldhouwde Vacher deze iris in een symmetrie van mimosa en galbanum’. Oké.

Niet oké de uitsmijter: ‘Le Galion werd daarmee een referentie in de Franse parfumerie, met oog voor kunst en een tijdsgeest’. Snap ik niet. Ik krijg het gevoel dat er te veel op de productiekosten is gelet, dan de ambitie een fotokopie van het origineel te maken.

Als je over iris als soliflore praat, dan raken Serge Lutens met Iris silver Mist (1992) en Hiris van Hermès (1999) eerder de essentie van deze gefermenteerde wortel: aards, groen, fris met een moeilijk te definiëren, raadselachtige bloemigheid die zich lijkt te verstoppen in zijn poederigheid. 

Voorwaar, de symmetrie van Iris is aantrekkelijk. Wat een originele visie op ingrediënten! De poederige zonnigheid (met groene ondertonen) van mimosa en intens groen-prikkelend galbanum koppelen aan de klassiek-poederige noten van de iris, laat die anders resoneren. Maakt haar minder ‘vrouwelijk’, minder boudoir.

Maar had van mij wat sterker gemogen. En de klassieke spray in de opening van bergamot en citroen is eigenlijk onnodig; vraag me af of die te bespeuren was in de vintage-versie. Ook jammer: die niet-vrouwelijkheid wordt weer tenietgedaan door roos. Daarna wordt hoog opgespeeld met ambrette die ‘als musk werkt en een zijdezachte laag over de gehele geur legt’. Maar, dames en heren, wel een heel matte, brave ambrette. 

Eindconclusie: het was misschien beter geweest wanneer deze twee aangenaam-brave geuren als nieuw waren gelanceerd. De verwachtingen waren hierdoor minder hoog geweest omdat het referentiekader van de geschiedenis en storytelling ontbreekt. Wat me ook stoort is de prijs. € 200,00 per 100ml. Daarvoor zijn ze te mainstream, te, hoe zal ik het zeggen, te Chloé- en te Céline-achtig.

Toch even naar de site gegaan. Inmiddels staat de teller op 30 en zijn de geuren in een nieuwe flacon gestoken. Geeft ze meer allure en standing. Sommige ‘nieuwe’ zijn voor mij wel erg nieuwsgierig makend: Brumes (mooie inspiratie en naam voor een geur), Chypre, Cuir en Vetyver (laatste drie zijn voor mij vaak de maat der dingen). 

AMBRE D’ALEXANDRIE BOUCHERON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 25, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET A, MASSNICHE, NEO NICHE. Een reactie plaatsen

EEN RIJKE AMBER ZOALS BIJNA ALLE ANDER (NEO)NICHE AMBERS

INWISSELBARE CHIC

De geschiedenis van amber is rijk, daarover zijn boeken vol geschreven. Waarom? Het komt natuurlijk door de herkomst, de mythologie, de magie en de schoonheid (zowel puur als bewerkt) waarmee het is omringd en de veronderstelde helende werking als je het als sieraad/amulet draagt.

En natuurlijk amber als geur. Amber Alert: dat laatste doet barnsteen (het Nederlandse woord voor amber) dus niet. De miljoenen jaren geleden versteende hars van naaldbomen verspreiden een niet noemenswaardige geur. Alleen verwarmd en dan alleen onder de juiste omstandigheden, verwordt de steen tot olie die dan gecombineerd met salpeterzuur tot een ‘kunstmatige’ musk-parfumsensatie leidt. Althans zo gebeurde het in het oude China. 

Nu wordt met een amberparfum een geur bedoeld die rijk, vol, warm, aards, houtachtig, zoetig, kruidig richting zwoel is. De bedoeling: comfort, openhaard, security blanket. En daarmee word je tegenwoordig als het ware doodgegooid. Diegene die de huidige amberparfums in het nichesegment blind van elkaar weet te onderscheiden, die krijgt van mij de prijs die zich op hetzelfde niveau begeeft als de Oscar. 

Grappig, of boeiend zoals de je wilt: ik ben pas in de loop der jaren amber gaan waarderen als parfum. Het begon in 2004 met Giorgio Armani’s Ambre Soie. Een van zijn eerste, en een van de eerste house hold names die niche aan het grote publiek presenteerde. Ik was onder de indruk. En daardoor kwam ik erachter dat velen Armani waren voorgegaan – de echte nichemerken dus: Dyptique en L’Artisan Parfumeur. Over doodgooien gesproken: ik zie dat Armani zijn Ambre Soie heeft uitgebreid met met Ambre Orient (2010) en Ambre Eccentrico (2015).  

gefossiliseerd amber

Ambergeuren in het (mass)niche-segment onderscheiden zich door het pure, zeg maar basic gevoel. Dus bijna geen citrusfrisse intro en weinig bloemetjes in het hart; de basis wordt direct opgesoupeerd. Dat onderga je dus ook in Ambre d’Alexandrie.

Die onderscheidt zich toch enigszins door zijn licht animale ondertoon – grijze amber, musk en een lichte leernoot (styrax?) – die mooi contrasteert met de zoet-kruidige noten. Beter gezegd: de vanille (in toom gehouden door benzoë) zuigt alle kruidige nuances – ik meen kruidnagel, tabak en nootmuskaat te bespeuren – in zich op. Een hoofdrol is weggelegd voor cistus labdanum (dat eigenlijk synoniem staat voor amber). Die is hier donker, kruidig en aards met die merkwaardige lichte bloemige ondertoon.  

Mooi en zo, maar zoals gezegd inwisselbaar. Dit blijkt wel uit mijn Google-zoekerij: ik bleef maar Van Cleef & Arpels invullen in plaats van Boucheron. En eveneens uit de alternatieven die www.wikiparfum.com voorstelt (zie foto onder). Wel weer grappig: hoe ik ook google – nergens een toelichting van het juweliershuis zelf te bespeuren – ook niet op www.boucheron.com. Ergens één zinnetje: ‘geïnspireerd door de stad Alexandrië, een flamboyant en weelderig kruispunt van handel en cultuur’. Dat kun je natuurlijk zeggen van elke stad met een groots verleden. Ambre d’Allepo?

Vreemd: alleen verkrijgbaar in 125ml. Best wel veel. Net zoals de andere geuren uit The Collection. Eveneens – hoe origineel, hoe chic – vernoemd naar historische steden: Oud de Carthage, Cuir de Venise en Neroli Isaphan.

LEGAL SALLE PRIVÉE 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 23, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET L, MASSNICHE, MASSTIGE. Een reactie plaatsen

BRAAF, BRAVER, BRAAFST

VEEL TE DUUR

SALLE PRIVÉE HOORT NIET IN SKINS

Van sommige merken begrijp ik het succes niet. Ik weet: ik ben geen maatstaf, en is de gemiddelde klant op zoek naar iets nieuws nóg braver en conservatiever dan ik dacht. Salle Privée bijvoorbeeld. Heb in een vorige post – uit 2017 ‘alweer’ – mijn ‘ongenoegen’ erover uitgesproken.

En teruglezende neem ik niets terug – mijn ‘ongenoegen’ blijft resistent: te duur in verhouding tot het gebodene. Kwalificatie: parfumketengeur schurend aan niche (lees net dat de oprichter ook de man achter Scotch & Soda en Marie Stella Maris is). 

Geldt ook voor Legal (2021). Een proefje kwam ik van de week tegen tijdens opruimwerkzaamheden in mijn parfumatelier. Wat is er leuk aan de naam? Nou, de meeste merken zouden Illegal hebben gebruikt, gezien de ‘historische’ link tussen parfum en verboden verlangens. Dat is dus positief. Maar dan, het verhaal achter Legal…

We lezen: ‘Dat het legaal is, wil nog niet zeggen dat je je er geen zorgen over hoeft te maken. Legal is je go-to overdaggeur; van Clark Kent tot Superman of van Diana Prince (die kent Geurengoeroe niet) tot Wonder Woman. Legal lijkt misschien benaderbaar en vriendelijk, maar een blik op de onderbroeken (zo vertaalt Googletranslate ‘briefs’) onthult een brutale kant. Legal is een sociale, toegankelijke en uitnodigende uniseksgeur die volledig tot zijn recht komt wanneer je de hoogste rechter bent. We denken dat je verliefd zult worden op de goede kant van de wet, maar we laten het aan jou over om te oordelen’. Van dat laatste snap ik echt niets. 

Verder: ‘Legal kan ertoe leiden dat anderen in de omgeving van de drager hen als engelachtiger en rechtvaardiger ervaren dan ze in werkelijkheid zijn. Dragers kunnen een bereidheid ervaren om eerlijker en altruïstischer te zijn dan normaal. Over het algemeen kunnen ethische neigingen aanzienlijk worden versterkt. Het is ook mogelijk dat na het aanbrengen van de Legal-geur elk zondig gedrag van de drager wordt verhuld of anderszins onopgemerkt blijft voor het grote publiek, en zelfs onzichtbaar wordt voor wetshandhavers’. 

Wat een bla-bla, wat een gelul, en in de laatste zin wordt Legal toch een soort van Illegal… (zie net dat Salle Privée ook een geur met deze naam heeft. Tja.)

Salle Privée timmert ondertussen behoorlijk aan de weg: ik zag onlangs een aankondiging van de opening van een parfumerie (pop up?) aan de Jacob Obrechtstraat in Amsterdam – op hetzelfde adres waar eerst het parfumhuis Monsieur Layer Perfumes (geleid door Monsieur Civette) zich in 2022 zou vestigen.

Het heeft eveneens de eerste geur van RVDK geproduceerd. Skins verkoopt ze nu ook, én ze hebben samen een geur gemaakt. Maar wat zegt dat over Skins? Toch een soort van degradatie in uitstraling maar verbreding van de clientèle. Nog even en Skins wordt wat het niet wou worden: een ketenparfumerie à la… vul maar in. 

Dan de geur. Ik ga erg aan mijzelf twijfelen. Ik spray, spray en spray maar er is geen magie. Ik ruik saaie middelmaat. De ingrediënten? Zal wel. Roze peper, grapefruit en sandelhout. Samen zijn die al een soort van ondeugend, want ‘het ondeugende karakter wordt versterkt door een sensueel en warm hart van kaneel, styrax en rozemarijn’. Eindconclusie aldus Salle Privée: ‘Legal is perfect voor overdag, op kantoor, bij sociale en casual gelegenheden’.

Eindconclusie aldus Geurengoeroe: Legal is confectie. Wil zeggen: alle kenmerkende olfactorische eigenschappen van een bepaald ingrediënt wordt in een getemde versie toegepast. Daarom is de geur inderdaad perfect voor overdag enz. enz. Niemand schrikt van deze schoongeboende geur. Want Legal  is eigenlijk een ‘non perfume’ dat een gevoel van verfijning, clean en ‘lekker’ wil oproepen. 

Ik wou het hierbij laten, maar wacht, zie ik dat goed? Op www.salle-privee.com lees ik 100ml € 220,00. Dat kan toch niet. De inhoud is het gewoon niet waard. Een aardig geurtje voor hem en haar, meer niet. Voor hetzelfde geld, zou ik eerder aankloppen bij www.pnicolai.com. Meer kwaliteit, meer finesse, meer ambacht, meer eigenzinnigheid. 100ml gemiddeld € 150,00. Ook een leuke reminder: 100ml N°5 kost op de officiële Chanelsite € 168,00).

ART BRÜT

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 18, 2025
Geplaatst in: MASSNICHE, NEO NICHE, NIEUW! NIEUW! NIEUW!. Een reactie plaatsen

WEER EEN NIEUW LABEL BIJNA VERDRINKEND IN MARKETING EN STORYTELLING

HOE RUIKT EEN ‘OUTSIDER ART’-GEUR EIGENLIJK?

CONVENTIONELER DAN JE DENKT

HOE RUIKT EEN ‘OUTSIDER ART’-GEUR EIGENLIJK?

Het wordt steeds moeilijker om met een open, vooroordeelvrije blik een nieuw merk te beoordelen. Wijt het aan leeftijd, wijt het aan ervaring, wijt het aan de pret om nieuw opgelaten luchtballonen (gevuld met goede bedoelingen verpakt in marketingbla-bla-bla) door te prikken. 

Tegelijkertijd kan ik soms een vleugje bewondering niet onderdrukken vanwege de schaamteloosheid waarmee als smaakvol en ‘exclusief’ veronderstelde onderwerpen ‘parfumwaardig’ (lees: salonfähig) worden gemaakt. Dus toen ik Art Brüt zag voorbijkomen, dacht ik: ‘WTF, moet dat nu?’, ‘Shit, is dan ook niets meer heilig?’ 

Voor de nog onwetenden: Art Brut (niet te verwarren met Art Brutalisme) is geen stijl, maar zijn niet aan een bepaalde periode gebonden werken van meestal autodidacten (waarvan sommigen in inrichtingen verbleven; nee, Vincent van Gogh is een geval apart) die de regels van de conventionele kunstwereld negeren of afwijzen en buiten de marges daarvan min of meer geobsedeerd hun eigen vormentaal en thematiek verbeelden. Een meer populaire classificatie nu: outsider art.

Het was wijnhandelaar-kunstschilder Jean Dubuffet die het begrip Art Brut in 1948 met zijn Compagnie de l’Art Brut introduceerde in de kelders van de Galerie René Drouin op de Place Vendôme Parijs. Zijn bedoeling: ‘kunst (tekeningen, schilderijen, haakwerken, gemodelleerde of gesculpteerde figuren) met een spontaan en inventief karakter, die zo weinig mogelijk afhankelijk is van de gewone kunst of van culturele voorschriften en die komen van duistere personen vreemd aan de professionele artistieke milieus’. 

Is dit ook het uitgangspunt voor een nieuw parfumlabel, dan: alle remmen los. Dat ervaar je dus op de site van Art Brüt. De ronkende intro: ‘Onze parfums zijn manifestaties van momenten, zowel vluchtig als onvergetelijk. Ze vangen de essentie van het leven in al zijn facetten – van diepe melancholie tot extatische vreugde. Onze parfums zijn er om de onuitgesproken gevoelens die ons definiëren sensueel te consolideren en de wereld in te brengen. Elke geur vertelt een verhaal en is een unieke creatie waarvan het idee diep in de menselijke ziel graaft. Het gaat om de vrijheid om jezelf te uiten, indien mogelijk zonder compromissen, om jezelf te vinden’.

Echt, nog nooit gehoord: ‘vluchtig als onvergetelijk’, ‘elke geur vertelt een verhaal en is een unieke creatie’ en – hou je vast, nu het cliché der clichés – ‘de vrijheid om jezelf te uiten’.

Als je je echt in deze wereld wilt storten, prijs je dan gelukkig. Art Brüt is een totaalconcept: dus je kunt AI-kunst kopen (wat volgens mij haaks staat op de filosofie van Art Brut), is er een blog, FAQ en kun je het muzikaal ondergaan: Art Brüt werkt namelijk samen met de popgroep Tocotronic. 

Dat wordt toegelciht met nog zo’n parfumcliché: ‘In de muziek, net als in de parfumerie, spreken we van noten, akkoorden en composities. Beide kunstvormen streven naar een harmonieuze balans – een melodie voor de neus, een geur voor de oren. Net zoals een liedje zich langzaam ontvouwt, van de eerste noot tot de laatste echo, ontwikkelt een parfum zich over uren en laat een spoor achter dat nog lang nagalmt’.

Dit klinkt wel heel erg seventies Yves Rocherparfumromantiek. Dus moet het wat meer hard core: ‘Elke geur heeft zijn eigen soundscape – daarom creëren we voor elke geur een unieke soundtrack – een echo van wat het oproept wanneer het gedragen wordt’. Tuurlijk. 

Vraag van Geurengoeroe: ‘Het is me niet allemaal helemaal duidelijk, kun je nog iets meer over je drijfveren vertellen?’ Hij leest in ‘Who we Are: ‘Onze parfums zijn het resultaat van een ongebreidelde, bijna kinderlijke nieuwsgierigheid ontsnapt aan de conventieregels. We flirten met dilettantisme, die wonderlijke onvolledigheid die ons bevrijdt. We willen grenzen verleggen, niet creëren.’

Verder nog iets? ‘Luxe is voor ons geen vies woord. Onze parfums zijn niet elitair en bedoeld om toegang te bieden – een open deur voor iedereen die erdoorheen wil stappen. We streven naar een zintuiglijke ervaring die zich openbaart aan onafhankelijke persoonlijkheden zonder hen te verstikken in gelijkvormigheid. Ons doel: niet de loutere bevestiging van het verwachte, maar de onverwachte verbazing – een meedogenloos spel met het denkbare’.

Pffffff… bla-bla-bla. Het zal allemaal wel. Wat mij irriteert is dat de geuren – Angst, Disko Disko, Chasing Ghosts, Weltschmerz en Am I Jesus, Eau My God – worden gemaakt met de klassieke, conventionele ingrediënten: ik heb bij geen enkele geur een vreemd, gek of maf aroma gezien. Niks ‘buiten de marges’ of ‘geobsedeerde vormentaal en thematiek’. Er wordt braaf binnen de lijntjes gecomponeerd door de parfumeurs van Flair Paris. Dat is niet zomaar een samenwerking maar een uit ‘echte passie’ en ‘wederzijds respect’ met als ‘doel het perfecte parfum te creëren door het samenspel van expertise, creativiteit en een diepgaand begrip van de kunst van het parfum maken’. Ja, zo kan-ie wel weer. 

Niet zo vreemd dat Art Brüt mij doet denken aan Der Duft en J.F. Schwarloze Berlin: allemaal afkomstig uit Duitsland, en alle drie heel erg arty-farty geïnspireerd dat bijna verdrinkt in de marketing en storytelling. Ben benieuwd wat het gaat doen. Tenslotte: is 50ml vanaf € 60,00 en 100ml vanaf € 120,00 niet elitair en toegankelijk? 

 

CUIR D’IRIS 14.1 PIERRE GUILLAUME

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 4, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET C, NICHE, NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN. Een reactie plaatsen

TERECHT EEN NIEUWE KLASSIEKER

MET TERUGWERKENDE KRACHT GENIETEN

IN 2007 VERNIEUWEND, NU COURANT DOOR UBER-NICHEAANBOD

Ik schaam me bijna dat ik deze geur niet eerder een blik waardig heb gegund – het proefje dan. Moet te maken hebben gehad met een tijdelijk geurgeheugen-verlies in combinatie met ‘geurmoe’. Terwijl leer en iris tot mijn favoriete (tegenwoordig zeg je fetish) ingrediënten behoren. 

Terzijde: ik ga eens een top tien samenstellen van mijn fetish ingrediënten. Die zal waarschijnlijk constant transformeren, gezien smaak en voorkeur bij mij niet in marmer is gebeiteld. Zo vind ik de laatste tijd lavendel weer mooi en interessant; een tijd lang kon ik dit Provence-cliché wel door de wc spoelen. Altijd present in hoogste regionen zal galbanum zijn: de echte dan, niet de synthetisch versie (erg mat en tam zonder sprankeling).  

Cuir D’iris 14.1 dus. Toont goed de verfijning aan die de klassieke parfumerie de laatste dertig jaar heeft ondergaan. Hiervoor verantwoordelijk natuurlijk de eerste lichting van nichemerken die de klassieke parfumerie naar een hoger niveau hebben getild – waaronder Pierre Guillaume. Een leergeur werd in dit umfeld lange tijd geassocieerd met stoer, mannelijk en overrompelend. Of als een gedurfd statement wanneer gedragen door een vrouw. Gedenk in deze de klassieker Knize Ten (1924) en de vintagegeur Cuir de Russie (óók 1924) van Chanel. Als je moeite en tijd neemt voor deze krachtpatsers, dan ruik je achter deze stoerheid ook subtiel-bloemig raffinement.   

Pierre Guillaume zegt over Cuir D’iris 14.1 (klinkt nogal statig, vaak eigen aan het Frans, dat opgeblazene – de overdrijving een poëtische schijn geven): ‘Een oud en voornaam leer, gepoederd met weelderige oude zwarte iris met tonen van druiven en pure chocolade. Dit ‘irispoeder’ met leer opstijgend in een amberkleurige en kruidige sluierdamp, is sinds de lancering in 2007 een klassieker in de leerfamilie en toont tevens de unieke savoir-faire van Maison Pierre Guillaume Paris’.

Eerst dit: ik geloof zelf niet dat de kleur van de iris een andere geurnuance  oplevert, dit ‘praatje’ is volgens mij onderdeel van de mystificatie van het vak en storytelling. Met andere woorden: zwarte iris ruikt niet anders dan de witte of blauwe, of alle andere kleurvariëteiten die je nu hebt. Ik zeg het nog maar een keer: de gefermenteerde en gedroogde wortel is verantwoordelijk voor de poederige noot, die afhankelijk van de omringende bloemen en harsen zowel intens koel als ‘zwoel boudoir’ kan ruiken.

Dan dat: is dit nu ‘wishful smelling’ dat ik in eerste instantie meer druif en chocolade ruik dan de hoofdrolspelers? Hoe krijgt Guillaume het voor elkaar om je zo duidelijk druif te laten ruiken die voor mijn gevoel de hele geur lang op de achtergrond schittert? Een zachte citrusnoot met wat nog meer… raadselachtig die fris-gele zonnige noot gelardeerd met groene accenten.

Nu heb ik het niet meer zo op gourmand en boudoir, daarom moet je Cuir D’iris 14.1 eigenlijk nu met terugwerkende kracht ervaren. Alsof het 2007 is. Toen was de geur echt vernieuwend, juist door leer en iris (deze combi was toen onbekend). Alsof het leer door het irispoeder suède-achtig wordt, en door de gourmandnoot soepel: warme chocolade en houtachtige accenten. Zeg maar een zoete patchoeli-feel; vergeet niet dat Angel van Mugler (1992) ook op basis van patchoeli en chocolade is.

Interessant: hetzelfde jaar verscheen in de L’Art et La Matière-serie van Guerlain Iris Ganache. In deze geur wordt ook gezocht om gourmand (in dit geval witte chocolade en kaneel) met iris en hout te linken. Hoewel hierin leer/suède ontbreekt geeft de som der delen – iris, patchoeli, cederhout, vanille, amber, witte musk – voor mij enigszins hetzelfde gevoel. 

En terwijl ik dit allemaal opschrijf, ruik ik nu nog een keer – het was een gul proefje – aan Cuir D’iris 14.1, en weer slingert weer de verrassende druif met smeltende chocolade door mijn neus. Het leer en de iris glorieert minder heftig dan de naam doet vermoeden. Had voor mij wat indringender mogen zijn. 

De parfumeur

‘COMPROMISLOZE TOEWIJDING AAN UITMUNTENDHEID’ 

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op april 1, 2025
Geplaatst in: GEURENALFABET M, NEO NICHE, NICHE. Een reactie plaatsen

MANDRAKE PARFUMS QUARTANA

BESCHEIDENHEID SIERT DE NEUS

FASCINEREND, ‘SCHEEL’, 

NICHE ZOALS NICHE NU HOORT TE ZIJN

Kan me niet herinneren dat ik deze geur eerder onder ogen heb gehad, maar kwam hem bij toeval tegen – op zoek naar een ander – proefje. Bij het bekijken van Parfums Quartana’s site vraag ik me inmiddels wel af: ben ik te oud en te wijs voor dit soort storytelling of is het narratief gewoon passé? Een serie ‘les potions fatales’ noemen, zet mijn gaapspieren direct in werking (twintig jaar geleden waarschijnlijk iets langzamer).

Want: hoezo cliché? Niet alleen in naam, maar eveneens in gedachte: het negental ‘fatale drankjes’ verkent aldus de oprichter ‘de verraderlijke schoonheid en intrigerende overlevering van ’s werelds giftigste bloemen. Verleidelijk en gevaarlijk, zijn ze door de geschiedenis heen voor duistere doeleinden gebruikt. Geef toe aan hun charmes, geef toe aan een geurige femme of homme fatale. Verleidelijk aan de buitenkant, maar uiteindelijk duister, sinister en dodelijk’.

Dat zijn dus volgens Parfums Quartana respectievelijk lelietje-van-dalen, alruin (mandrake), digitalis, wolfskers (belladonna), rode zijdeplant (bloodflower), wolfswortel of monnikskap (wolfbane), dolle kervel (hemlock), papaver (poppy) en datura. Ik heb ze allemaal wel eens voorbij zien komen, heb ze allemaal wel eens beschreven – in naam en in geur. 

Maar vergeet niet: het zijn het sap, de fijngewreven bessen, bladeren of wortels die de gevaarlijke stoffen bevatten met ieder zo hun eigen merkwaardige bijwerking (koeien lijken dronken na het eten van dolle kervel – ik gun ze deze afwisseling). Het is dus níet de geur; de meeste van deze giftige planten verspreiden sowieso geen of nauwelijks waarneembaar aroma. Dus wat krijg je? Negen fantasiegeuren die met een andere naam ook dezelfde olfactorische uitwerking zouden hebben gehad. Je vindt ze lekker, aangenaam, fascinerend, draagbaar of niet. 

Afgaande op site, kun je niet anders concluderen dat Parfums Quartana succesvol is, want overladen met prijzen en dus serieus genomen door de branche. De oprichter dwingt sowieso respect af door zijn nederigheid: ‘Na Six Scents, richtte ik in 2014 Parfums Quartana op voor het creëren van verbluffend unieke, meesterlijk gemengde conceptuele parfums van ’s werelds beste essentiële oliën en moleculen. Onze ethiek: eenvoudig en stevig. De parfumeur en ik brengen pas een geur uit wanneer die niet meer verder voor verbetering vatbaar is, of dat nu maanden of jaren duurt. Deze compromisloze toewijding aan uitmuntendheid heeft ons twee van prestigieuze awards opgeleverd: The Fragrance Foundation’s Perfume Extraordinaire (2017) voor Poppy Soma en de Art & Olfaction Independent Category Award voor Space-Age (2023)’.

Alruin in het wild

Jammer dan, en dus niet echt serieus te nemen (als grap vast niet bedoeld, gezien de ernst van de site) wanneer je op de ingrediëntenlijst van Mandrake onder meer een alruinbloem- én dodelijk verslavingsakkoord leest. Dat kan dus van alles zijn, of niets gezien deze twee akkoorden ‘stom’, reukloos zijn. En je weet dus niet wat deze twee toevoegen aan de verwerkte appel, berkenblad en -wortel, bergamot, patchoeli, rabarber, kardemom, suède, leer, vanille en sandelhout.

Neemt niet weg dat Mandrake fascinerend is. Ik noem het wel eens lekker scheel, wil zeggen de ingedriënten leveren een geur op die enigszins afwijkt van de norm. Niets hemelsbestormend, maar waarvan de doorsnee-ruiker toch even van opkijkt lijkt me. Scheel is hier volgens mij de combi van berkenblad en -wortel (zacht, zalvend, fris), appel (fris, zoet), rabarber (fris, zuur) en kardemom (fris groen). Ik wist niet dat berkenwortel iets olfactiefs oplevert, het zij zo.

Het geeft in ieder geval en groen-zurige opening die knispert en waar de zon overheen heeft geschenen. De overgang naar de basis is lekker langzaam en transformeert Mandrake tot een klassieke, ik zou bijna zeggen mannelijke houtgeur (een strakke patchoeli) met verzachtende ondertoon van suède, leer en sandelhout. Stoer-chique zonder testosteron-effect dankzij het achterwege blijven van welke synthetische variant op ambergrijs dan ook. 

In mijn achterhoofd ruik ik Mandragore (2004) van Annick Goutal. De Franse naam voor alruin. Die is voor mij – om maar een parfumcliché te gebruiken – mysterieuzer. Zonet ‘ter controle’ weer even geroken. Anders fris, anders luchtig, anders zoet – wrang, bitterzoet. Zonder grote woorden, zonder imponeren in alle bescheidenheid gelanceerd, maar vanzelfsprekend. Een prachtig parfum. Kan de maker van Mandrake, Joseph Quartana, nog wat van leren. 

De oprichter

GLYFOSAAT RUIKT LEKKER?

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 25, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, EDUCATIE, ENTERTAINMENT, MASSNICHE, MASSTIGE, Uncategorized. Een reactie plaatsen

TOM FORD IS OVERAL

#VERWENDEKUTKINDEREN

SLECHT WINKELADVIES

COSTA AZZURA TOM FORD

Het is not done om als eerlijke natuur- en landbouwliefhebber te constateren: glyfosaat ruikt best lekker. Toch zeg ik het. Natuurlijk moet je ook ‘geen gezicht’ zeggen die kale landbouwakkers aanschouwend – bezaaid met wortelrestanten van maïs en andere niet voor de menselijke consumptie gebruikte groenten – bij ons om de hoek die, as we speak, door glyfosaat nu verkleuren.

Maar als je in alles schoonheid kunt zien (kan ik), dan zeg je met optimistische BinnensteBuiten-verwondering: ‘Prachtig dat Van Goghgeel (links op de sfeervideo), hoe sfeervol dat Rembrandt-roestbruin’ (rechts op de feel good-video). En dan die geur dus: heeft iets. Terpentijn-achtige scherpte, met vleugjes ozon, beetje stro-achtig en onbestemde zoete noten. Bottel het, label het met Comme des Garçons, et voilà: ‘Un nouveau parfum disruptif est né’.

Ik weet niet of Tom Ford het aandurft zijn stempel op iets dergelijks te zetten, maar als hij het Fucking Fabulous Part II zou noemen: zeg nooit, nooit. Want bijna alles wat Ford nu in geuren omzet, wordt succesvol. En opvallender: hij bedient niet alleen meer de verfijnde niche-consument (die haalt inmiddels zijn neus voor hem op). Tom Ford is er voor iedereen. Voorbeeld 1: onze schoorsteenveger gebruikt Oud Wood. Hij vroeg mij onlangs waarom het zo duur is. Ik antwoordde: ‘Omdat u het wil’. Hij keek me vol verwondering aan.

Zelfde ervaring met een ‘aangetrouwde’ neef: ‘Erik raad eens welke geur ik draag?’ Nou, de harde houttonen van Oud Wood kondigden zich aan voor hij binnen was. ‘Duur hè!’ Zei het trots. Maar toch ook hier: ‘Waarom Erik?’ Hetzelfde antwoord. Een zoon (16) van een vriendin van me kreeg Vanille Tobacco voor zijn verjaardag omdat al zijn vriendjes ook Tom Ford hebben. De moeder: ‘Maar de geur is dan ook erg lekker.’ Volgens haar is – op mijn navraag – Neroli Portefino onder zijn klasgenoten het populairst, maar let wel: al die Tom Fords zijn er voor speciale gelegenheden (inclusief 1 Million van Paco Rabanne). Voor daags is er Acqua di Giò. Ze eindigt haar Signalbericht met #verwendekutkinderen.

En dan nog even Tom Ford op de winkelvloer: een vriend van me kocht een nieuwe flacon (zijn derde) van Lalique’s Encre Noire – een van de beste donkere vetivers die ik ken (en goedkoopste). Even tussendoor: hoe ooit een sportversie van deze geur verscheen… Doet onrecht aan het concept, weer een treffend voorbeeld van domme marketing. Maar het ‘probleem’ nu: de geur is wederom goed. Encre Noire Sport heeft niets fladderdeflats citrus-sportiefs (behalve een sprits in de opening). Het is gewoon een light-versie die een beetje doet denken aan de slechte, geflopte 1999 Vetiver-versie van Guerlain (indertijd serieus gepresenteerd als de nieuwe update-versie van de klassieker uit 1959).

In ieder geval, die vriend kreeg van de ‘beauty-assistant’ twee proefjes mee. Hij werd toen hij verslag deed weer kwaad. ‘Koop je een donkere geur, vertel je over je voorkeuren, krijg je Guilty pour Homme van Gucci en Costa Azzura van Tom Ford mee… dan heb je toch niet geluisterd, en zo maar wat gedachteloos uit de lade gepakt. Kun je het net zo goed online kopen.’ Guilty deed hem denken aan de wc-verfrisser die bij hem op het toilet staat (een Hugo Boss) en Tom Ford gaf hij aan mij ter beoordeling. Want hij heeft niets met citrusgeuren. Ik wel.

Met Costa Azzura is niets mis. De sfeer: een en al cliché. De geur zelf: mooie heldere zonnige noten, gelardeerd met aromatisch groen en warme houtachtige ondertonen – geen witte musk-frisheid. Het persbericht: ‘Een zeebriesje mengt zoute lucht met de geur van duinen – een knapperige melange van cipres, eik en aromatische kruiden. Als zonlicht op een natte huid fleurt citrus de dennenappels en -naalden van de geur op. De amberkleurige facetten van cistus-absoluut maken de Costa Azzurra-ervaring compleet’. Ford zelf aan het woord: ‘Ik heb altijd van geuren gehouden met een transportieve kwaliteit’. Transportief… dat klinkt chic. ‘Costa Azzurra vangt de ontspannen en sexy sfeer van de  Middellandse Zee – voor mij voelt het als de ultieme ontsnapping’.

Alleen is Costa Azzura voor mij geen niche, eerder massniche of anders masstige. Dit recept is al zó vaak gebruikt voor de middelste regionen van de parfumerie. De ene keer wat droger, de andere keer wat frisser, de andere keer wat groener en ga zo maar door (check double check: ik heb zelf voor mijn minimerk Re-Arrange een drieliterflacon met eaux de cologne die ik bijvul als de verkoop goed gaat met nieuwe versies die ik krijg/koop – het effect van deze transformatieve / transportieve Re-Cologne is navenant). 

De ingrediënten van Costa Azzura mogen dan misschien duurder en exclusiever zijn dan het middensegment – selderijzaad, zeewier, mirte, mastiek, eik, olijfboom, oudh, wierook, ambrette – de uitkomst ontstijgt door de andere aroma’s – citroen, kardemom, lavendel, drijfhout, vetiver, vanille – het middensegment niet. 

De echte niche-kenner zou met Costa Azzura geen genoegen – moeten – nemen. De prijs staat niet in verhouding tot de kwaliteit. Lange niet. Maar dat geldt inmiddels voor zoveel nichegeuren. De beginnende Tom Ford-fans zullen het hoogstwaarschijnlijk blind kopen. Tom Ford heeft een andere aantrekkingskracht: Tom Ford is vet duur, voor een nieuwe generatie vaak de enige aanleiding tot koop. En pa lijkt hierdoor een beetje zieliger, met wéér een fles van Sauvage – let’s go crazy Sauvage Elixir – die hij voor Vaderdag kreeg.

Ik vraag me af hoe ik toen was. Geuren bestonden, toen opa in zijn adolescente jaren was, gewoon niet op het schoolplein, ook niet op de werkvloer. Ik kreeg Antaeus van Chanel toen ik achttien was, de eerste indruk en daarna algemene ontvangst was bij mij verpletterend! Wat een volle geur, zo gelaagd, zo geraffineerd. Brutaal en toch chic. Eén van de redenen om me serieus in geuren te verdiepen. 

GEUR IN JE MOERSTAAL

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op maart 23, 2025
Geplaatst in: ACHTERGROND, TRENDS TOEGELICHT. Een reactie plaatsen

HEMA IN EEN POËTISCHE PARFUMSTEMMING

EN: EAU DE CAMION POUBELLE (‘DE BOLDOOTKAR’)

Geen zin in een linguïstieke overweging? Scroll twee alinea’s naar beneden. 

Het leidmotief van Boekenweek 2025 (en 1977): ‘in je moerstaal’. Dat is dus, als ik het goed heb begrepen, ‘de taal die je spreekt, waar je mee opgegroeid bent of de taal waar je je het meest thuis bij voelt. Een taal die je alleen thuis of bij je familie spreekt of een zelfverzonnen taal. De geheimtaal die je samen met je zus bedacht hebt of een taal van ver weg die je graag eens zou spreken of eentje die nog niet bestaat’. Lekker bezig zeg ik. Alle remmen los zeg ik.

Met terugwerkende kracht kun je je door dit boekenweekthema alsnog geslachtofferd voelen omdat je toen je klein was bijvoorbeeld thuis geen dialect mocht spreken (zoals bij ons). In het Algemeen Beschaafd Nederlands werd er ‘in den beginne’ nog gebeden ‘bie ons tuus’ voor het avondmaal. Maar als ik kwaad werd en ruzie kreeg met pa en/of ma, ik met Twentse tongval – vader was een Fries, moeder een Gelderlander – mijn frustraties uitschreeuwde: ‘Ik goa nie meer noar de kerk!’

Geuren in je moerstaal daar moeten we nog aan wennen. Een naam van een parfum in het Frans (denk Guerlain) geeft direct allure, in het Engels (denk Calvin Klein) geeft een vanzelfsprekende internationale feel. Maar die doen nu in ‘de nasleep van’ woke toch behoorlijk old school aan (even tussendoor: ben benieuwd of Donald Trump ook de omschrijving ‘beyond gender’ (‘woke’-aanduiding voor geuren voor haar en hem) gaat verbieden. 

Nederlands in dit geval, doet nog steeds vreemd aan: kaal en onpoëtisch. Baruti is een van de weinige nichemerken die het heeft gedaan met Onder de Linde. Ik weet niet meer of zijn limited edition geur geïnspireerd op Vermeers beroemdste schilderij Melkmeisje of Milkmaid heette. Hij heeft ook een geur met Duitse naam: Berlin in Winter. Hiermee loopt Burati in lijn met het nieuw leven ingeblazen J. F. Schwarzlose uit Berlijn. Viele Namen sind deutsch, einige davon werden auch auf Englisch verstanden wie Rausch und Zeitgeist. 

Parfumnamen in het Nederlands zijn ‘er altijd al geweest’, maar mikten nooit op het grote publiek. Mijn buurtkapper aan de Ferdinand Bolstraat rondde, toen ik er jaren tachtig, jaren negentig kwam, het knipritueel af met een haartonic genaamd Prettige Reis of Goede Vaart of zoiets. Ik herinner me een ronde halfliterflacon met een smaakvolle illustratie van twee personen die aan een waterkant zwaaien naar een bootje (eenvoudig van omvang; geen ‘Billionair Fair’-editie). Heb geen bewijs, het stamt uit de pre-smartphoneperiode. 

Maar er is verandering op til. Ik doe het zelf af en toe met mijn mini upcycle parfummerk Re-Arrange. Eén van mijn melanges heet Oud Amsterdam (melange van diverse oudh-geuren) die knipoogt naar die mallotig-sentimentele kaas Old Amsterdam. En ik liep van de week de Hema binnen – dat sinds een paar jaren om de haverklap nieuwe geurconcepten presenteert – en werd wat ‘ik hou van Hollands / in je moerstaal’ betreft op mijn wenken bediend. Drie geurlijnen – onder meer geurkaars, bodybutter, bodyscrub, bodylotion, handcrème – waar in het Nederlands parallel loopt met ‘la plus belle langue’. En, zoals dat heet: voor de prijs hoef je het niet te laten.

Zoals:

even het bos in                              fraîcheur de sous-bois

in de frisse lucht                           se ressourcer 

je hoofd                                          dans l’air frais 

helemaal leeg                                de la forêt

Ruikt naar: ‘bosrijk, met tonen van dennennaalden en cederhout’

Of:

tussen de bloemen                                   parmi les fleurs

in een fleurig                                             s’emerveiller

bloemenveld                                             dans un champ 

even opladen                                            de fleurs odorantes

Ruikt naar: ‘tonen van oranjebloesem en jasmijn’

Of: 

een hele dag strand                                  une journée à la plage 

met je tenen                                             se détendre

in het zand                                     les pieds

alles loslaten                                             dans le sable

Ruikt naar: ‘zwoel met tonen van peer en amandel’

Je kunt natuurlijk gaan kissebissen over de vertaling. Even het bos in wordt vrij vertaald met fraîcheur de sous-bois dat letterlijk eigenlijk ‘frisheid van kreupelhout’ is; se ressourcer letterlijk herbronnen. Maakt niet uit, want het idee overtuigt, is origineel en toont maar weer eens aan dat je als Hollandsche Eenheidsprijzen Maatschappij Amsterdam ook geuren met een niche-toets kunt produceren. Ik bedoel: dit is echt iets voor Hermès. Want om de indruk te maskeren dat het luxemerk feitelijk ook een massaproducent is, kan het wellicht een keer geuren in verschillende talen in een limited edition aanbieden. Ik bedoel maar: een tuin in hartje Amsterdam, un jardin au cœur d’Amsterdam. 

Iets anders. Taboe: de fascinatie die we voor stank hebben, maar het niet hardop durven te uiten. Als de gelegenheid zich voordoet, dan pakt de pers altijd breed uit met vette koppen bij ‘stankgerelateerde’ onderwerpen. Ik hou een lijst bij, wanneer er poep in een kop wordt vermeld; groeit de laatste tijd gestaag. En omdat we er uit ‘schaamte’ er lachering over doen, brengt ironie altijd uitkomst. Zo heette in die goed oude tijd de strontkar (die in de pre-rioleringsperiode menselijk uitwerpselen – ook zo’n lekker woord – op geregelde tijden kwam ophalen) de Boldootkar. Een verwijzing naar het gelijknamige én beroemdste (van oorsprong Amsterdamse) parfumhuis dat Nederland heeft voorgebracht. 

Van deze ‘geurhinder’ – vaak in ambtelijke stukken een eufemistische omschrijving voor stankoverlast – hebben we nu gelukkig geen last meer. Wat tegenwoordig nog wel de neuzen doet optrekken zijn vuilniswagens. De Volkskrant boog zich in een nieuwe wetenschapsrubriek – Altijd al willlen weten – over de lezersvraag waarom alle vuilniswagens hetzelfde ruiken. Wat een vraag en ik zou eerder zeggen stinken. Ik mag het dan fascinerend vinden wanneer bij parfums ‘mmmm lekker’ overgaat in ‘gadverdamme’ en andersom, de stank van vuilniswagens heeft mij nog nooit in vervoering gebracht. 

Eindconclusie van de Volkskrant: ‘de studie van het RIVM betrof als gezegd composteerbedrijven, en je kunt één opsomming op één pagina in een rapport van 73 kantjes niet veralgemeniseren naar alle vuilniswagens in de wereld. Maar een mengsel van rotte kool, een vleug knoflook, bijtende azijnlucht en een soort dikke grondtoon van zoete alcohol komt aardig in de richting van wat we hier toch maar samenvatten als ‘vuilniswagengeur’. En dat klinkt in Frans toch weer aangenamer, plus agréable: Eau de Camion Poubelle.

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....