IS DIT WEL EEN PATCHOELIPARFUM?
Jaar van lancering: 2005
Laatst bijgewerkt: 11/04/10
Neus: Gérald Ghislain
Hoe meer patchoelie-geuren in het niche-segment verschijnen, hoe moeilijker het wordt te determineren wat nu werkelijk een echte patchoeli is. Noir de Patchouli (onderdeel van de Parfum de Couleurs-serie van Histoires de Parfums) maakt het niet makkelijk(er). Een ding is zeker: de geur is goed, maar de patchoelie wordt in dit geval gemaskeerd door een bloemenboeket met de nadruk op (een zoete) roos. Aangenaam, that’s for sure… maar ik heb niet het gevoel dat ik puur patchoeli ruik. Dat krijg ik wel bij Patchouli van Reminiscence (‘the one and only’ uit 1970).
In een iets mindere mate bij Etro’s Patchouly (1989): toch ruik je bij deze geuren dat aangename pure, donkere, aardse en bijna ‘muffige’. Alsof je ruikt aan een oud kledingstuk jarenlang verborgen in een reiskoffer op zolder. Gérald Ghislain omschrijft Noir Patchouli als volgt: ‘De patchoeliebloem gekweekt in het Verre Oosten verspreidt met zijn bladeren een intens en betoverend parfum. Deze bos-chypre is als een elixer dat de zintuigen stimuleert. Een vleugje mysterie zo donker als het zwart dat het licht absorbeert’.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Wat mij betreft: Noir Patchouli vind ik geen patchoeligeur, eerder een chypre. En zeker geen zwarte patchoeligeur. Het kruid laat Gérald Ghislain hechten aan een pergalo waaraan hij andere ingrediënten laat groeien. Niet dat de geur niet goed en elegant is. Het tegendeel: bij de opening ruik je direct de patchoeli snel gevolgd door een ‘onbestemde’ volbloemige noot met roosaccent.
Dit alles sierlijk omringd met kruidige noten – koriander, kardemon, jeneverbes – in de basis goed opgevangen door ‘zwarte’ patchoeli. En – ook wat mij betreft – door de duidelijke chyprenoten als vetiver en mos. De toevoeging van vanille (ruik je goed) en vooral leer (idem) versterkt het chyprekarakter. De musknoot ontgaat me een beetje.
RUIK & VERGELIJK
Pure patchoeli:
Reminiscence – The Classics – Patchouli (1970)
Etro Patchouly (1989)
Serge Lutens Borneo 1834 (2005)
Gekleurde patchoeli:
Tom Ford – Private Blend – Purple Patchouli (2007)
Tom Ford White Patchouli (2008)
En ruik voor de lol ook eens aan, als je hem nog kunt vinden, wat klassieke chypre-bloemen-patchoeli-combi betreft:
Rochas Mystère (1978)








Wanneer spreek je anno 2010 van een goed parfum? Voor mij: als je het qua sensatie en gevoel terugbrengt naar de periode toen het samenstellen van parfums werd gezien als een kunstproces en gevrijwaard was van marktconforme wetten: de jaren dertig, veertig en vijftig van de vorige eeuw. Creativiteit, fantasie en vakmanschap stonden toen in dienst van een hoger doel: het vervaardigen van parfums die minder inspeelden op het snobappeal van de koper, maar des te meer op zijn olfactieve behoefte. Kortom: parfums die emoties oproepen die nauwelijks onder woorden kunt brengen. Gewoon ‘stil genieten’.
Deze roos is ‘ruw’ en elegant tegelijkertijd. Komt – na de opening van bergamot, citroen en clementine – door de fusie van een chypre (ongepolijst groen) en een oriental (zacht, fluwelig) die een originele koers neemt door de verwerking van laurier, kaneel en geranium met roos in het hart. De eerste maakt haar donker, de tweede zoet en de derde groen. En al deze facetten worden versterkt door de basis van patchoeli (donker), cistus labdanum (aards-dierlijk) en vanille (zoet), eikenmos en vetiver (groen, aards).