GEURENGOEROE

P.O.P: POPE OF PERFUMES

  • Home

ROYAL BAIN DE CARON

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 28, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET B, GEURENALFABET R, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. 1 reactie

VOORHEEN BEKEND ALS BAIN DE CHAMPAGNE

Jaar van lancering: 1941

Laatst aangepast: 28/11/11

Neus: Ernest Daltroff

Flaconontwerp: Felicie Bergaud

Lees je niet vaak: parfums met een echt origineel ontstaansverhaal. Sinds de afgelopen dertig jaar is en blijft het toch voornamelijk het bezingen van de romantiek in al zijn gedaantes. Soms wordt er een tuin bezocht, of een verweg-eiland. Soms vindt de romantiek aldaar plaats. Dan, Bain de Champagne. Er schijnt een – helaas – anonieme milliardaire uit Carlifornië te hebben bestaan die gewend was om champagnebaden te nemen. Die vroeg Ernest Daltroff of hij een parfum kon samenstellen dat hetzelfde sprankelende en rijke gevoel opriep. Want elke dag zoveel flessen te laten leeggieten in haar ligbad, vond ze tijdens een vlaag van verstandsverheldering en/of verstandsverbijstering toch teveel rieken naar, zeg maar een beetje ordinair ‘millionair-fair’-gedrag. Een milliardaire die op haar uitspattingen moet letten, lijkt wel 2011!

Daltroff nam de uitdaging in ieder geval aan. Maar hij interpreteert bubbels niet zoals je het misschien zou verwachten. Geen ‘plop-plop-plop-up’-explosie, geen kristalhelder, geen licht mousserend en sprankelend gevoel met die ‘vage’ alcoholische druivengeur. Wel een vol-warme, duidelijk als androgyn geafficheerde geur met een soort van sensuele (nu erg hippe) ‘huideigen’ toets, maar die ‘all over’ eerder doet denken aan mengsel tussen calvados en cognac.

Echte ‘leuke-weetjes’-parfkumkenners hoef je niet te zeggen dat Caron net zoals Yves Saint Laurent (die de naam champagne van Caron schijnt te hebben gekocht) in 1996 op straffe van flinke boetes door de ‘verenigde champagneboeren’ werd gesommeerd de naam te veranderen.

De kans dat domme mensen Bain de Champagne en Champagne (1994) aan hun mond zouden zetten in plaats van the real stuff, achtte de champagnelobby te groot en daardoor te gevaarlijk… Terwijl Caron toch duidelijk op de flacon had vermeld for the bath only en for external use. En champagne koop je gewoonlijk inderdaad bij de parfumerie. Het parfumhuis koos voor Royal Bain de Caron, de couturier veranderde zijn succesparfum in Yvresse: het effect van iets te diep en te lang in je coupe kijken.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Een van de weinige geuren die ik in mijn gedachten ruik als ik er aan denk. Ik heb nog een flacon met de oude naam, dus vintage. En de inhoud hiervan is volgens mij ook complexer door de mooie opeenvolging van de harsen die van kruidig, pikant overloopt naar zacht en sensueel – zoals je die ook zo mooi ervaart in de parfumversie van Guerlains Shalimar (1925) – dan de versie die Caron nu als Royal Bain de Caron aanbiedt. Wat de bloemen betreft die ruiken vanaf de opening erg zacht er zeperig.

Caron maakt op de site alleen melding van sering, maar er was en is meer volgens mij: ik ruik in ieder gevel een zachte roosnuance. Maar die gaat snel onder in het ‘champagnebad’ van het hart: een mix van de lekkerste harsen denkbaar: oppoponax (ook wel bekend als bisabol-mirre en zoete mirre, – zie foto)
, benzoïne, wierook en mirre) die in de nieuwe versie eerder een warm ‘melkachtig’ bad opleveren en ook minder vol, rijker en oosters overkomt.

Het sierlijk, balsemachtig effect van het hart wordt versterkt door de afronding. En die is wel des Carons: intens deze combinatie van ceder- en sandelhout, ambergris, musk en vanille. Maar toch, vlakker en minder geschakeerd en minder mysterieus dan de vintage-versie. Komt volgens mij door iets te veel nadruk op de vanille die de overige medespelers maskeert.

RUIK & VERGELIJK

Een geur waarin je kortstondig, maar zeer effectief de geur van champagne opsnuift is:

Joop! Muse (2003)

Sonia Rykiel Not for Men! (2003)

Parfum d’Empire Ambre Russe (2004)

NAIVIRIS – HUITIEME ART – PARFUMS GENERALE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 23, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET N, NICHE. 1 reactie

EEN ‘RODE IRIS’ UIT AFRIKA

Jaar van lancering: 2010

Laatst aangepast: 23/11/11

Neus: Pierre Guillaume

Jammer: ik kon niet naar de onlangs gehouden soirée bij Tanja Deurloo’s Annindriya Perfume Lounge met Pierre Guillaume in Amsterdam. Had hem wel de oren van zijn hoofd willen vragen. Twee prangende ‘kwesties’: waarom hij zoveel geuren lanceert – bijna onmogelijk om als gemiddelde geurengek alle 32 te ruiken, te analyseren en te kopen – en in het verlengde hiervan: waarom ook nog eens de lancering van Huitème Art Parfums?

Heb me voorgenomen me de komende tijd meer in hem te verdiepen. Want zijn creaties zijn excact zoals nichegeuren nu moeten zijn: klassieke concepten nieuw leven inblazen met de beste kwaliteit aan ingrediënten. Neem 24 Papyrus de Ciane (2010): een nieuwe ontmoeting met galbanum. Ook leuk: Guillaume doet mee met trends, maar behandelt die eigenzinnig. Neem de gourmandgeur: met 04 Musc Maori (2005) toont hij hoe diep, vol en exotisch die kan ruiken. Ook boeiend: zijn zoektocht naar ‘nieuwe’ aroma’s, zoals de Afrikaanse rode iris in Naïvirus.

Zijn site maakt geen melding van Huitième Art Parfums. Daarvoor heeft hij een ‘aparte’ geopend. Hierop legt hij uit dat vanaf eind 18de eeuw als kunst werd beschouwd: architectuur, schilderkunst, muziek, dans, poëzie (en dus literatuur). In de 20ste eeuw kwam daar film bij. Parfum ontbreekt nog steeds ‘officieel’ in deze rij. Dus besloot hij in samenwerking met Octavian Coifan, de über-kritische en über-betweterige ‘uitbater’ van http://www.1000fragrances-blogspot.com – als hij een geur niet lekker of goed genoeg vindt, wordt die direct ondergebracht in de shampoo-categorie – parfum als achtste kunstvorm naar voren te schuiven. Ik sluit me bij ze aan, met dien verstande dat humor dan de negende wordt.

Denk niet alleen ‘puur natuur’. Ware parfumcreatie komt vanaf het begin van de 20ste eeuw uit de laboratoria waar moleculen werden ontdekt die de neus een nieuw palet gaven. Chanel N° 5 (1921) had anders geroken zonder aldehyden, Guerlains Shalimar (1925) anders zonder vanillin, Diors Eau Sauvage (1966) anders zonder hedione en Fahrenheit (1988) anders zonder Iso E Super, Aramis’ New West (1988) anders zonder calone en Angel (1992) van Thierry Mugler anders zonder ethyl maltol. Al deze geuren maakten de weg vrij, zo zegt Guillaume, voor nieuwe olfactorische belevenissen. Ik sluit me bij hem aan.

Alleen, zo vraagt hij zich af, waarom wordt er nauwelijks aandacht besteed aan de biotechnologie die het mogelijk maakt ‘fotografische footprints’ te maken van planten, bloemen en hout. Huitième Art Parfums neemt deze ‘technische’ parfumbereiding (ofwel phytoperfumery) nu als uitgangspunt voor acht kunstwerken die ‘resoluut natuurlijk zijn met de nadruk op originaliteit en finesse’ en ieder een geheel ‘nieuwe’ plant vangen of een natuurlijk, organisch ingrediënt in de etalage zetten. Wat ik me afvraag, beoogt de aroma scope-, headspace-, nature print- en scenttrecktechnologie niet hetzelfde?

Ambre Céruléen, Aube Pashmina, Ciel d’Airain, Fareb, Manguier Métisse, Naïviris, Sucre d’Ebène en Vohina zitten in ‘objecten’ die door Guillaume – beetje vreemd – cyclopen worden genoemd en doen denken aan een talisman, een oog (één oog, cycloop dus) die kijkt naar de toekomst, eens ster als symbool van geluk, een kompas de weg wijzend in geurenland.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Detail: Guillaume geeft geen geurpiramide prijs in deze exclusieve serie, slechts twee à drie hoofdingrediënten. Hierdoor ben je als gebruiker ‘vrij je eigen olfactorische reis te beleven’… ik ervaar in Naïviris eerst een korte zoetbloemige opening (beetje viooltjesachtig) waarachter de iris zich schuilhoudt. Geen gewone iris. Guillaume gebruikte de Afrikaanse rode iris (kigelia africana, zie foto) die feitelijk geen iris is, want de geur (’s nachts het sterkst om insecten aan te trekken) is niet afkomstig van de wortel, maar van de bloem van deze boom die lokaal ook wordt gebruikt tegen allerlei ziekten en als smaakmaker in bier.

De geur ervan is misschien iets kruidiger en stroever dan de iris pallida, maar dat kan ook door toevoeging van kruiden komen – ik meen een lichte noot van komijn te herkennen. En verrassing, vervolgens lijkt Naïviris – naïeve iris? – weer even terug te komen bij de zoetige opening. Wellicht geholpen door roze peper, om vervolgens het houtaccent van de Afrikaanse rode iris te versterken in de basis met een essence van ‘animaal’ zebrano-hout dat qua geur dezelfde nuance heeft als wengé en door Estée Lauder al werd verwerkt in Beyond Paradise (2003).

Naïviris is hierdoor houtiger en daardoor donkerder en intenser dan de gemiddelde irisgeur uit het (neo)nichecircuit. Ook mooi, de fluweelzachte eindtoets die beklijft (ik vermoed een witte musk-vanille combi) waardoor de geur ook een soort van vintage Caron-kwaliteit krijgt. Ruik maar eens aan Royal Bain de Champagne uit 1941, iets waar Tanja Deurloo van Annindriya Perfume Lounge me eveneens op wees.

Alleen, eerlijk gebied te zeggen: net niet onderscheidend genoeg om de geur een ‘achtste kunst’-kwalificatie te geven. Daarvoor ontbreekt voor mij het wondereffect waarvan je als doorgewinterde neus toch direct en zonder voorbehoud plat gaat. Zoals ik onlangs beleefde bij parfumerie Place Vendôme in Welvegem (België) met de limited edition van Gardénia (1925) van Chanel – een parfumextract rondom de 4000 euro.

RUIK & VERGELIJK

Bijna een onmogelijke opgave om Naïviris te vergelijken met alle irisgeuren uit het (neo)niche-circuit. Ik zou zeggen: sterkte. Dit zijn de geuren die ik tot nu van Pierre Guillaume heb besproken, gevolgd heel snel door andere ‘generalissmo’-geuren:

Parfums Générale 04 Musc Maori (2005)

Parfums Générale 05 L’Eau de Circe

Parfums Générale 06 L’Eau Rare (2005)

Parfums Générale 10 Aomassai (2006)

Parfums Générale 20 L’Eau Guerrière (2008)

Parfums Générale 24 Papyrus de Ciane (2010)

IDYLLE EAU SUBLIME GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 21, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET I. Een reactie plaatsen

EEN IDYLLE TUSSEN EEN PARFUMEUR EN EEN ROOS

EEN IDYLLE VOOR JONGE MEISJES

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 21/11/11

Neus: Thierry Wasser

In mijn recensie van Idylle (2009), merkte ik al op hoe retro de geur eigenlijk is qua inhoud. En dat wordt in Idylle Eau Sublime nog eens onderstreept. Want Guerlain haalt een bijna vergeten ‘recept’ uit zijn archieven: rozenwater, dat aan de ‘basisgeur’ van Idylle wordt toegevoegd.

Rozenwater is nog steeds populair in Arabische contreien en kun je in simpele vorm ook bij ons bij ‘de Turk’ kopen. Zo betaalde ik ooit een paar euro voor Rossen Wasser (niet genoemd naar de hoofdneus van Guerlain) van het merk Gülce Gülsuyu in een goedkope plastic 290ml-flacon waarin ter verduidelijking dat het toch een écht rozenwater betrof, een kermisroos zat.

En waar ruikt het naar? Inderdaad heel lichtjes naar roos, plakband-plakkerig en met een enorme zepige ondertoon.

Bij Guerlain is dit rozenwater van een beduidend betere kwaliteit vanzelfsprekend. Rozenwater, zo legt Guerlain uit, wordt verkregen door distillatie: een minutieus proces dat lijkt op distillatie van fijne alcohol en alle geurfacetten van de roos bewaart. De tot het kookpunt gebrachte waterdamp zit vol van geurmoleculen van de roos en passeert door de spiraalbuis van de distilleerkolf. Tijdens het afkoelen wordt de waterdamp opnieuw vloeibaar. Deze vloeistof wordt opgevangen in een Florentijnse fles. Aan de oppervlakte van deze vloeistof (water) drijven de essentiële oliën die de rozengeur geven: licht, zoet, zepig en vooral sprankelend.

Dit rozenwater nu verenigt Thierry Wasser in het hart van Idylle Eau Sublime met zuivere Bulgaarse rozenessence waardoor alle facetten van de Bulgaarse roos worden geaccentueerd: ‘Een uniek duo in de parfumerie, een combinatie van traditie en innovatie, dat is als een sensuele streling van fijne waterdruppels’. En, opvallend, Guerlain is de eerste die dit ouderwetse rozenwater weer nieuw leven in blaast, want er zijn al andere geuren aangekondigd die het ook van plan zijn, waaronder een van Chloé.

Voor mij is Idylle Eau Sublime toch weer een poging van Guerlain om meer jonge gebruiksters naar zich toe te trekken. Hoe subliem ook, ik vind het eindresultaat wat vlakker en minder gelaagd en iets te fruitig – iets waarvan ‘jonge meiden’ in de parfumerie maar geen genoeg van schijnen te krijgen.

Je krijgt een soort welgevallige mix van Estée Lauders Pleasures (1995), Stella (2003) van Stella McCartney en Flower Essentielle (2009) van Kenzo voorzien met het sierlijke Geurlain-zegel. En ook hier: net zoals London (2011) uit de Une Ville, Un Parfum-serie komt Idylle Eau Sublime voor mij nu dichter in de buurt van de ‘Guerlain voor Beginners’-serie: Aqua Allegoria. Hoop van ganser harte dat ‘jonge meiden’ na deze Idylle Eau Sublime ook een keer aan Rose Barbare uit 2005 (uit de L’Art et La Matière-serie) gaan ruiken: voor mij wat roos en parfum betreft de essentie van Guerlain.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Niet dat ik niet van Idylle Eau Sublime geniet. Mooi is vooral de musk- en aldehyde-achtige en pure ondertoon van het geheel. En voorwaar de Bulgaarse roos (foto) ruikt ook hier zeer geschakeerd.

De ‘frambozige’ fruitigheid ervan wordt in de opening benadrukt door een vol en rijp lychee-akkoord. Dat ruik je! Zoet, maar niet te, zodat het de Bulgaarse roos niet in de weg zit, en overschaduwt. De bloemigheid wordt versterkt door een spankelend, beetje groenige jasmijn, de zachtheid door een subtiele perziknoot. En door de in dit geval ‘warme ’patchoeli in de basis blijft het chypre-akkoord van Idylle toch overeind.

Maar het mooiste is toch dat door de verfijnde witte musk Idylle Eau Sublime een ouderwetse cosmetica-feel heeft van bodylotions gebaseerd op rozenwater. En het leuke: dat was nu precies de bedoeling!

RUIK & VERGELIJK

Vijf manieren om je meest idyllische variatie te ontdekken:

Guerlain Idylle Eau de Parfum (2009)

Guerlain Idylle Eau de Toilette (2010)

Guerlain Idylle Duet (2011)

Guerlain Idylle Extrait (2011)

SIGNATURE DAVID YURMAN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 21, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET S, GEURENALFABET Y. Een reactie plaatsen

SMELLS SO MONEY, SMELLS SO EIGHTIES

Jaar van lancering: 2008

Laatst aangepast: 21/11/11

Neus: Harry Fremont

Flaconontwerp: David Lipman

Model: Amber Valetta

Fotografie: Peter Lindbergh

Toen ik een paar jaar geleden weer eens in Amerika was – Los Angeles to be specific – zag ik op enorme billboards Kate Moss me vaag en mysterieus aankijken. Ze modelde voor een Amerikaans merk waarvan ik nog nooit gehoord had: David Yurman. Ben er nog steeds niet achter op wat voor een niveau deze juwelier – die nog leeft en werkt – zich nu precies bevindt en hoe zijn werk wordt gezien in Amerika – gelijk of net onder Tiffany en Harry Winston? En hoe hij zich verhoudt ten op zichte van al die Europese huizen die zich hebben verzameld om, nabij en op Place Vendôme in Parijs.

Wat ik wel weet: David Yurman (anno 1942) groeide op op Long Island en was als teenager geïnteresseerd in beeldhouwen. Zo verkocht hij al op de high school kleine sculpturen. Vervolgens werd hij leerling bij een aantal beroemde beeldhouwers: Jacques Lipshitz en Theodore Rozack (die had gewerkt met Picasso en Modigliani). Ondertussen had hij genoeg van de hogeschool en ging liftend door Amerika om te eindigen in de beatnic-kolonie van Big-Sur in Californië. Kwam weer terug in New York en ging in Greenwich Village werken bij beeldhouwer Hans Van de Bovenkamp. Hier ontmoette hij de schilderes Sybil Kleinrock, die zijn vrouw werd en nog steeds is.

Zijn eerste claim to fame was een sieraad dat hij voor Sybil had gemaakt en door een galeriehouder werd gekocht. Volgden een paar jaar van het verkopen van hun werken (hij sieraden, zij schiderijen) op jaarmarkten en braderieën. Midden jaren tachtig nam de zaak een serieuze wending doordat Yurmans juwelen steeds beter verkochten, met name zijn ‘cable bracelet’ – dat nu geldt als zijn ‘signature’ (zie foto). Door Women’s Wear Daily werd zijn keten – achttien boetieks in Amerika, vier boetieks overzee – in 2005 omschreven als ‘arguably the cash cow of American jewelry retailing’ die naast sieraden ook accessoires voor mannen, brillen en horloges verkoopt.

En sinds 2008 ook een geur: David Yurman Signature (in samenwerking met Clarins) die inmiddels met drie variaties werd aangevuld: Essence Delicate, Essence Fresh en Essence Exotic. En wat is-ie Amerikaans jaren tachtig.

Dat wil zeggen: geen ruimte voor ‘moderne’ ingrediënten, geen plaats voor subtiel raffinement en ontwikkeling. Wat je krijgt, is direct wat je ruikt. Pats, boem. Een sterk, stralend en zonnig bloemenparfum.

Je ruikt geld, je ruikt rijkdom. Parfum-powerdressing voor powervrouwen die eigenlijk nu niet meer populair zijn – de carièrrebitches van uit de tv-series Dallas, Dynasty en Falcon Crest – maar waar veel Amerikaanse vrouwen in het diepst van hun gedachten misschien van dromen: ‘Als ik dat toch kon zijn…’

David Yurman Signature is eigenlijk een perfecte vertaling van de juwelen die de Yurmans verkopen. En dat is ook de bedoeling. Want David wou geen aardbeiengeur, Sybille geen vanille- en gourmandparfum. Sybil: ‘There is a femininity to it, like people describe our jewelry to be – masculine and feminine. In fact, the fragrance’s structure was inspired by one of our designs, a bouquet of stones. You don’t really see one individual color, you see an essence of color with the mix. This fragrance is similar, it isn’t about a top note, middle note. It’s about a bouquet that you smell at the same time. We didn’t want the fragrance to be defined by any one note. We didn’t want it to be just a light, happy moment. We wanted more complexity’. Duidelijke taal.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

En dat spreekt het parfum ook. Opvallend in deze als bloemige chypre omschreven en mooi opgebouwde geur, is het juist ontbreken van bloemen die vaak voor een overrompelend effect zorgen: over-sensuele tuberoos en de volle lelie in combinatie met jasmijn waarvan de dierlijke noot wordt benadrukt. Als je de ingrediënten leest, dan ruik je eigenlijk een lichte, subtiele en transparante bloemensluier.

En toch ruik je een vol en rijk bloemboeket – ik vermoed een synthetishe ‘enhancer’ op de achtergrond. De mandarijn op een bedje van ‘groene blaadjes’ neem je heel even waar. Het is eerder de zoete frisheid van zwarte bes die je bespeurt. Maar dan ook heel even.

Het zijn de bloemen in David Yurmans Signature ‘die kleuren als verschillende edelstenen’ die je samen en niet ieder apart ruikt: kruidig-zoete pioenroos, tederzachte waterlelie en volzoete roos. De afronding zorgt er natuurlijk ook voor dat het boeket aan kracht wint: een volle dosis aardse patchoeli, ‘exotische’ houtsoorten overgoten door zachte musk. Die maken van de compositie een zeer aanwezig parfum. Maar dat mag ook wel voor een Amerikaanse juwelier die niet understated wil stralen, wel bling-bling.

RUIK & VERGELIJK

Ruik ik aan David Yurman Signature, dan moet ik direct denken aan vrouwen die onderstaande geuren vol overgave dragen: de geur kondigt ze al ruim van tevoren aan, eer je ze ziet…

Giorgio Beverly Hills Giorgio (1981)

Emanuel Ungaro Diva (1983)

Givenchy Ysatis (1984)

Cartier Panthère (1986)

Estée Lauder Spellbound (1991)

NEW YORK PARFUMS DE NICOLAÏ

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 20, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET N, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, NICHE. 1 reactie

AUTUMN LEAVES FALL IN CENTRAL PARK DURING INDIAN SUMMER

Jaar van lancering: 1989

Laatst aangepast: 20/11/11

Neus: Patricia de Nicolaï

Te koop bij: www.perfumelounge.nl

New York was de eerste geur die ik lukraak – zoveel aangenaams om uit te kiezen – van Parfums de Nicolaï kocht toen ik midden jarig negentig een keer in Parijs was en door puur toeval een winkel van haar aan de linkeroever van de Seine binnenliep.

Hoe ik over haar geuren en de presentatie ervan denk, dat heb ik al in diverse recensies duidelijk gemaakt. Kort door de bocht, wat het eerste betreft: niets dan hulde. Wat het tweede betreft: doet helaas geen recht aan de inhoud.

Zoals ik onlangs bij London (2011) van Guerlain beschreef: tricky om je door een stad te laten inspireren. En: is er sprake van pure marketing of pure parfumcreatie? Want één ding is zeker: noem een geur naar een wereldberoemde stad… bewoners (en toeristen) raken in ieder geval getriggerd. Voor de eersten: leuk om op je ‘plankje’ te hebben. Voor de toeristen: leuk om als herinnering naar huis te nemen. Maar wat wil je oproepen?

Zeker met New York. Zo groot, zoveel te ruiken: het grootstedelijke (Manhattan), de ‘lifestyle’ (tig keer gedaan door Donna Karan en Carolina Herrera), de haven, de talrijke ‘subculturen’ (Chinatown, Little Italy, Brighton Beach), The Met, de lommerrijke parken?

Dat bijna elke beroemde straat en wijk een geur waard is, bewijst wel Bond N° 9 New York, sinds de oprichting van dit parfumhuis in 2003 bottelde het al meer dan 30 keer the big apple.

Voor mij is New York een wandeling door Central Park tijdens Indian Summer in september, die periode van ‘onverwachte’ laatste warme dagen voor koning winter de scepter van hertog herfst definitief overneemt. En dat komt door de warme kruidigheid met zalvend effect van de geur, die in de opening de zon nog even laat schijnen over de reeds verkleurende en vallende bladeren op de mossige ondergrond.

Interessant is dat Patricia de Nicolaï zich voor New York liet inspireren door twee van haar favoriete mannengeuren, de klassiekers Habit Rouge van Guerlain (1965) en Pierre Cardins Men’s Cologne die ook verkocht wordt onder de naam Pour Monsieur (1972). Beide heb ik jarenlang intensief gebruikt.

De eerste verleidde met de voor zijn tijd vernieuwende, ultra-sensuele karakter, de tweede door zijn chique, kruidig-mossige stoerheid. Heb ze beide nog steeds op mijn Brusselse badkamerplankje staan, samen met onder meer – in chronologische volgorde: Peau d’Espagne (1901) van Santa Maria di Novella, Knize Ten (1924), Eau Fraîche (1953) van Dior, Bois du Portugal (1987) van Creed, Annick Goutals Mandragore (2005), Tom Fords Neroli Portofino (2007), 31 Rue Cambon van Chanel en… New York. Toeval?

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Voor mijn ‘wint’ de kruidige geur van Pierre Cardin het in New York. Alleen is New York, zachter en subtieler. Prachtige opening doordat citroen, bergamot en petitgrain niet als felle, scherpe lichtflitsen de geur openen. Daarvoor is de kwaliteit te uitgelezen: zacht, rond, zoet en zonnig, en omdat het wordt vermengd met lavendel en alsem (foto). Laatste geeft een mooie warm-bittergroene ondertoon.

Dit alles gaat naadloos over in het hart opgebouwd uit piment, een lichte pepernoot (nee niet die van Sinterklaas), cederhout en patchoeli. In de basis ruik je met een beetje fantasie de vintage-versie van Habit Rouge.

Maar dan ontdaan van zijn prominente leer- en vanilleakkoord, hoewel nog steeds present. Het is vooral het amber dat een warme, sierlijke, lichtzwoele en behaaglijk-warme toets garandeert. Ook mooi: New York eindigt, ongewoon voor een mannengeur, poederig. Maar dan niet klassiek-vrouwelijk en ook niet dandy-esk.

Voor mij is New York een klassieker die helaas te onbekend is. Maar als geurenliefhebber ben je verplicht die eens goed te ondergaan: parfum noblesse oblige. En probeer dan tegelijkertijd Vie de Chateau (1992) van haar. Zelfde sfeer en gevoel, alleen zoeter en rijker.

RUIK & VERGELIJK

Nou, logisch:

Guerlain Habit Rouge (1965)

Pierre Cardin Men’s Cologne (1972)

POTION FOR MAN DSQUARED2

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 19, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET P. Een reactie plaatsen

DE KWINTESSENS VAN VERLEIDING

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 19/11/11

Neus: Annick Menardo

Model: Diego Miguel

Artistic direction: Maria Sorrenti

Beetje raar verhaal. Of beter gezegd: heel erg ingewikkeld doen om een geur anders en dus interessant te maken, meer diepgang en ‘historie’ te geven. Zit zo: Dean en Dan Caten hebben voor hun nieuwe mannengeur de ‘eeuwenoude alchemistische kwintessens-formule’ toegepast.

Met andere woorden: ‘verwerk je een elixer vijf keer dan kom je tot de pure essentie van parfum’. Maar volgens het Nederlands woordenboek betekent het letterlijk ‘etherische olie waaruit de wasachtige bestanddelen zijn afgesplitst’ of op een meer filosofisch niveau: ether. Na aarde, vuur, water en lucht het vijfde element dat door ‘oude Grieken’ in alle dingen latent aanwezig werd geacht.

Daarbij moet je niet vergeten het te combineren met ‘de huidige wetenschap’. Hoe Dean en Dan Caten dat doen, wordt niet uitgelegd. Het effect in ieder geval van deze ‘vijffasentechnologie’: Potion for Man, een aromatische houtgeur op sterke ambermusk-basis.

Dsquared2 ziet de geur als ‘een project geïnspireerd door de laboratoria van het verleden waar jaren van onderzoek en zintuiglijke evaluatie’ aan voorafging’. Geloven we. Dsquared2 ziet de geur als ‘een elixer vol ingrediënten met een rijk erfgoed’. Wat dat ook moge betekenen.

Dsquared2 ziet de geur als ‘een kunstige combinatie van ruwe, verfijnde materialen die het beste van ieder ingrediënt naar bovenhaalt’. Gaan we vanuit. Dsquared2 ziet de geur ‘als door en door sterk, sensueel-magisch, een bron van emotionele belevenissen’. Hopen we, want dat kan iedereen op zijn tijd gebruiken. In wat voor ‘essence’ dan ook.

Het amberkleurige parfum zit in een kloeke flacon met zijdelings geslepen groeven. De voorzijde is versierd met drie labels (zie je ook terug op de verpakking) van verschillend materialen waarop respectievelijk naam en makers van de geur (in zwartwit), ingrediëntenlijst (goud op wit) en inhoudsmaat (zwart op goud) staat vermeld. En vergeet de achterzijde niet. Hierop staat het logo gegraveerd: Dsquared2 1964. Ten slotte: de zwart gegroefde dop is van zama; een rijk en zwaar materiaal dat dit ‘project waarin traditie, tijdloze kwaliteit en mannelijke aantrekkingskracht fuseren’, afsluit.

De foto van Maria Sorrenti verbeeldt een ‘fataal en magisch moment voor een meester der verleiding – Diego Miguel – die een vrouw ontmoet. Het parfum komt tot leven, omhult hem, versterkt zijn zelfvertrouwen en verleidingskracht, bevestigt zijn bewustzijn dat hij verlangen bij haar oproept. Zij bezwijkt voor hem; want zijn Potion for Man is een innige omhelzing vol verleiding die alles overlaat aan de fantasie…

WAT RUIG IK EIGENLIJK?

Het recept voor deze geurige verleiding: pluk bij zonsopgang twee blaadjes ‘rode munt’ en voeg hierbij twee snufjes engelwortel plus een twijgje tijm in een koperen ketel. Dompel dit onder in drie kopjes puur bronwater. Breng aan de kook en laat tien minuten pruttelen. Laat het elixer afkoelen. Blaas negen keer over het mengsel en laat verder af koelen.

Voeg ‘s middags zes versgeplukte rozenblaadjes, vier pittige peperkorrels, twee druppels bittere gentiaan en anderhalf kaneelstokje (foto) toe. Weer aan de kook brengen.

Laat het elixer rusten tot zonsondergang en verrijk het met een handvol kasjmierhout, twee scheutjes patchoeli, een halfkopje verleidelijk amber en tien ml musk.

Roer het negen keer met een houten lepel, zeef het, laat uitlekken en schenk het brouwsel in een flacon. Gebruik Potion for Man telkens als je in de stemming bent voor verleiding.

RUIK & VERGELIJK

Nu hoef je niet naar de markt om al deze ingrediënten te kopen en zelf aan het brouwen te slaan. Gelukkig deed Annick Menardo het al – is gewoon kwestie van naar de parfumerie stappen. En voor de echte, maar dan ook echte mannen is er een intense parfumolie.

Moet wel zeggen: door het al gemarketing heen, ruik je tenminste een geur. Niet luchtig en snel vervliegend vermaak. Warm, houtig en zwoel. En valt wat betreft qua beleving in dezelfde Italiaanse houtig-sensueel categorie als:

Dolce & Gabbana The One Gentlemen (2010)

Gucci Guilty Intense Pour Homme (2011)

L’ESSENCE BALENCIAGA

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 19, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET L. Een reactie plaatsen

GROEN ALS HET GERUIS VAN KNISPERENDE BLADEREN

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 19/11/11

Neus: Oliver Polge

Model: Charlotte Gainsbourg

Fotografie: Steven Meisel

Nicolas Ghesquière zegt over L’Essence: ‘Het vervolg en een nieuw begin. Ik wil de essentie, het karakter van Balenciaga Paris naar voren brengen. Als een modesnit, je kunt er eeuwig over nadenken. L’Essence onthult een nieuw verhaal. Om iets nieuws te ontdekken moet je altijd terugkeren naar het verleden’.

Nou, dit lijkt me een beetje overdreven: ‘er eeuwig over nadenken’ en ook dat je voor iets nieuws altijd moet terugkeren naar het verleden. Anyway, L’Essence is een variatie die ‘alle elementen van Balenciaga Paris, de geur verbonden met de ziel van het modehuis bevat’.

Alleen is L’Essence geconcentreerder maar anders, duidelijk anders… L’Essence is de essentie en toch een vloeibaar raadsel. L’Essence is groen’.

Maar nu komt het: ‘Ghesquière koos bewust om met de regels die gelden voor parfums te spelen en het begrip dat zowel bij mannen als vrouwen over een groene geur heerst, wakker te schudden’. Want: ‘Groene geuren zijn traditioneel mannelijk, zoals eau de cologne. Echter, het belangrijkste ingrediënt van Balenciaga Paris is het groene blad van het viooltje. Ik wilde uit deze bijna tegenstrijdige inspiraties, iets voor vrouwen creëren.’

Klinkt mooi, maar klopt niet helemaal: eau de cologne is per definitie niet mannelijk, zeker niet groen. En groene geuren zijn helemaal niet mannelijk en mocht het zo zijn (geweest), al lang geleden ‘ontmachoot’. Balmain deed het in 1945 met Vent Vert. En ruik voor de lol eens aan de geurengolf die eind jaren zestig, begin jaren zeventig door de parfumerie waaide: groener dan groen maar nog steeds op en top vrouwelijk. En van iets recentere datum: (untitled) van Martin Margiela (2010).

Nieuwsgierig? Hier de reden waarom Ghesquière ook koos voor Charlotte Gainsbourg als boegbeeld voor L’Essence: ‘Haar recente keuzes voor indringende films. Haar album. Haar optredens. Ik kende deze kant van Charlotte niet’. Vreemd.

Daarom creëerde hij een geur ‘die de meest persoonlijke kant van haar vangt, die zo dicht mogelijk bij haar uitzonderlijke uitstraling komt’. Want ‘dicht bij Charlotte komen, betekent deel worden van haar mysterie. Ze houdt vast aan haar geheimen’.

‘Toch is Charlotte open, maar rebels. Ze is een schoonheid die niet strookt met de tijd. Ze is één van die mensen die, door hun zachte, raadselachtige wijze, een bepaalde timiditeit uitstralen. Ze is oprecht zonder compromissen, haar uitdrukking spreekt boekdelen. Het is een oprechte uitdrukking, net als een spiegelbeeld. Een uitdrukking die hunkert naar veranderingen, maar die altijd haar innerlijke stem volgt. Dit is de essentie van Charlotte. Dit is L’Essence van Balenciaga’. Zo, nou jij weer!

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Maakt deze verkeerde constatering van Ghesquière de geur zelf minder interessant? Nee. Opvallend is dat het zoete viooltje van Balenciaga Paris (2010) zijn plaats heeft moeten afstaan aan het groene blad van het viooltje. Die tegenwoordig zo worden gekweekt: zie foto. Het effect: de geur is minder bloemig en poederig.

Viooltjesblad is een nu erg populair ingrediënt omdat het geuren een dauwachtige en intens frisse groenheid geeft. En dat ruik je, door Balenciaga omschreven als ‘een frisse wind uit het bos die op huid een jeugdige energie onthult – feilloos eerlijk en authentiek’.

Om deze groenheid te versterken werd vetiver toegevoegd. Ook fris en groen, maar dan meer aards. En om dat laatste weer te versterken werd vetiver gekoppeld aan patchoeli.

En toch: echt aards wil het niet worden, daarvoor is de geur te opgepoetst, te clean. Hij lijkt wel of de vetiver en de patchoeli naar de stomerij zijn geweest en daar ontdaan van hun ruwe en aardse sporen. Zelfs de suggestie van leer, die wordt aangegeven, ervaar ik niet als zodanig.

Verwarrend is ook het feit dat van L’Essence verder wordt vermeld dat het ‘door het accent van naaldbomen herinnert aan de bemoste geur die op bepaalde momenten van de dag door het bos wordt afgegeven’. Dat deed toch de geur van het viooltjesblad, want de hars van naaldbomen ruik ik niet.

RUIK & VERGELIJK

Hopelijk leest Nicolas Ghesquière dit ook, dan leert hij dat groene geuren au contraire typisch mannelijk zijn. Ik noem slechts:

Klassiek groen:

Balmain Vent Vert (1945)
Estée Lauder Private Collection (1974)
Sisley Eau de Campagne (1975)

Nieuw-groen klassiek:

Annick Goutal Folavril (1981)
Etro Palais Jamais (1989)

Nieuw groen:

Mono di Orio Amytius (2008)
Byredo Green (2008)
Guerlain – Un Parfum, Une Ville – Tokyo (2009)
Issey Miyake A Scent (2009)
Annick Goutal Nimfeo mio (2010)

LONDON – UN PARFUM, UNE VILLE – GUERLAIN

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 18, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET L, NEO NICHE. Een reactie plaatsen

LONDENSE LUCHT OPGESNOVEN DOOR EEN PARIJS PARFUMHUIS

Jaar van lancering: 2011

Laatst aangepast: 18/11/11

Neus: Thierry Wasser

Flaconontwerp: Serge Mansau

Tekening op de flacon: Serge Mansau

Londen is de nieuwe bestemming in de exclusieve Un Parfum, Une Ville-collectie. ‘Iedere reis nodigt uit nieuwe werelden te ontdekken door sprekende geuren, in de geest én met de signatuur van Guerlain’. Zegt het parfumhuis. Persoonlijk vind ik het altijd een hachelijke onderneming om de geur van een stad te vangen. Wat wil je vangen? Je persoonlijke impressies, of wat je denkt als neus wat de meeste mensen associëren met een stad in combinatie met geur. Ik associeer ‘geurtechnisch’ de Engelse hoofdstad met cliché’s, kan er niets aan doen: troebel water van de Theems, de mist die vaak als een deken over de stad hangt, thee (earl grey met zijn bergamot-essence), scones (zoet, zacht en citrus vermengd) die je besmeert met bitterzoete marmelade.

Maar ook met degelijkheid en oude chic: een leren clubfauteuil waarin een every inch a gentleman zit die een sigaar rookt, maar ook met groen: de parken. En dan laten we de fish & chips maar achterwege, de geuren van exotische kruiden van Indiase en Caribische winkels en het ontegenzeggelijke moderne aspect van de metropool.

Guerlain ziet Londen als ‘een bijzonder verinnerlijkte interpretatie: zowel excentriek als klassiek met tradities, altijd weer verrassende conventies, urbanisme afgewisseld met landelijkheid’. Dat wat het ‘zicht’ betreft. Londen olfactorisch verklaard: ‘Wind en water, gesluierde bloemen, gazons en rook’.

Ter gelegenheid van de lancering van London, is de 250 ml-flacon van de Un Parfum, Une Ville-serie (gelukkig zou ik zeggen) vervangen door een 100ml-formaat. Waardoor aanschaf bij weifelaars minder moeilijk wordt dan voorheen.

Op de voorzijde van de flacon staat nu een nummer ‘overeenkomstig’ de reis. 04 voor London (met op de achterkant een schets van de Tower Bridge), 03 voor Tokyo (hier een schets van de wolkenkrabbers van Shinjuku), 02 voor New York (met een schets van Manhattan) en 01 voor Moscow (met een schets van Het Kremlin).

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Voor mij zweeft London tussen een Aqua Allegoria-geur en een Petite Robe Noir-creatie. Aqua Allegoria door zijn fruit-bloemige luchtigheid, Petite Robe Noir door zijn verfijnde snoepjes- en lichte gourmand-effect. Alle ingrediënten volgen elkaar trouwens mooi op en gaan vervolgens met elkaar spelen, zo lijkt het wel.

Eerst een enorme explosie van zoetzurig rabarber (versterkt door grapefruit en bergamot) die tot bedaren wordt gebracht door kardemon en een wolk van ‘rozenolie en puur rozenextract’ die een zure zweem blijft houden, maar de rabarber verdwijnt wel zachtjes naar de achtergrond.

Bij deze bloemenweelde voegt zich het viooltje ‘dat in de lente het gras bezaait van Kensington Gardens’. Dit keer niet suikerzoet, maar ‘zo zoet als een zuurtje, zo teder als een plagerig Londens meisje, een tikkeltje losbandig, in feite heel Liberty’.

Dat laatste had van mij niet gehoeven, deze zogenaamde romantische en ‘kindvrouwtje’-link, daar heeft Guerlain toch de La Petite Robe Noire-serie voor. Het maakt de geur onnodig vrouwelijk, terwijl London toch uitgesproken androgyn is.

Heel mooi is de omlijsting van dit alles door kardemon – anders groen, anders fris – die je ook al een beetje bij de rabarber rook. London verankert zich in een elegante, typische Guerlain-basis waarin klassiek samensmelt moderniteit: vetiver uit Haïti en wit cederhout uit Texas vermengd met zwarte thee. Dat laatste moet voor een rokerig effect zorgen. Ik ruik het alleen niet zo goed. Wel de houtachtige noten: cederhout geeft London een warme, houtige zonnigheid, vetiver een meer aardse ondersteuning.

Maar onder ons gezegd en gezwegen: als Guerlain de geur Stockholm of Berlin had genoemd, dan had ik de geur niet minder aangenaam gevonden.

RUIK & VERGELIJK

Wat zal Sir Paul Smith hiervan vinden? Hij had ‘zijn’ stad toch al gebotteld? Niet in één, maar in twee geuren. Wat zal Burberry hiervan vinden? Die had ‘zijn’ stad toch al gebotteld? Niet in één, maar in twee geuren.

Paul Smith London for Him (2004)

Paul Smith London for Her (2004)

Burberry London for Him (2006)

Burberry London for Her (2006)

NIKI DE SAINT PHALLE NIKI DE SAINT PHALLE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 18, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET N, KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN, VINTAGE. Een reactie plaatsen

TWEE SLANGEN, DUS TWEE KEER ZO VERLEIDELIJK

Jaar van lancering: 1982

Laatst aangepast: 18/11/11

Neus: onbekend

Flaconontwerp: (inderdaad) Niki de Saint Phalle

Niki de Saint Phalle (1930-2002) is een van de eerste kunstenaars die haar naam koppelde aan een parfum. En wat voor een! Na haar volgden in 1984 Paloma Picasso (ook kunstenaar, toch?), in 1986 de toen meer op sterven na dood zijnde Salvador Dali en Catherine Deneuve (toch ook?) hetzelfde jaar.

Maar waarom werd Niki de Saint Phalle ook al weer beroemd? Niet door haar eerste werken in de jaren vijftig: ‘agressieve collages’ gemaakt van gevonden voorwerpen zoals geweren en pistolen. Wel door haar ‘Nana’s’, enorme, felgekleurde en vrolijke ‘oervrouw’-figuren in polyester die in de jaren zestig en zeventig in heel wat steden werden onthuld. Zelfs een soort themaparkje avant la lettre verscheen er van haar hand.

En met haar tweede echtgenoot, kunstenaar Jean Tinguely (1925-1991), ontwierp ze ook prachtige fonteinen. Een daarvan, bij het Centre Pompidou in Parijs, wordt nog steeds jaarlijks door miljoenen toeristen gefotografeerd. En terecht: wat een ‘deus ex machina’ vrolijkheid! Haar eerste (en enige) parfum werd, in tegenstelling tot de eerste geuren van Armani en Versace hetzelfde jaar, zonder veel toeters en bellen gelanceerd. Maar deze, zeg maar niche-introductie avant la lettre werd wel opgemerkt omdat… zie de flacon en het wordt direct duidelijk. Pure inspiratie ging hier voor marketing.

Wat ik me herinner is dat De Saint Phalle met deze geur terug wou gaan naar het oeridee van de oerliefde van de oerverleiding. En daarom, ze was toch een kunstenaar, nam ze geen genoegen nam met slechts één slang die Eva verleidde om van de verboden vrucht in het paradijs te eten. Ze vond dat Adam ook recht had op zijn eigen fatale vrucht – leve de emancipatie – en dat betekende volgens haar dubbel genieten van elkaar. En haar Adam en Eva werden zich door het proeven van de appel in het hof van Eden ook bewust van hun naaktheid, maar schaamden zich er niet voor – lekker juist! Deden de ‘echte’ Adam en Eva wel als je het oude testament moet geloven.

Wanneer precies weet ik niet meer, maar er verscheen ook een variatie, getiteld Zodiac Eau Defendue: vijftien flacons ieder beschilderd met een teken uit de dierenriem plus drie ‘extra’ tekens – paard, kat, vogel – die Niki de Saint Phalle als haar ‘beschermdieren’ zag.

Moet me wel van het hart, en ik geloof dat Niki de Saint Phalle zich bij me zou aansluiten, dat het parfum wel zijn ‘oerverleiding’ heeft verloren. Dat wil zeggen: de versie die nu wordt aangeboden is een ‘door-de-jaren-heen-steeds-meer-verwarde-en-verwaaide’-geur geworden. De krachtige signatuur is verdwenen. Wat resteert is een aangename bloemige chypre-cologne in plaats van een chypreparfum.

Ik ben daarom ook voor de oprichting van een parfum puur-club die zich als doel stelt weer te mogen genieten van de originele versies van klassiekers die je als ware geurengek gewoon geroken moet hebben.

Moet toch mogelijk zijn? Zie het als een luchtige versie op de restauratie van beroemde schilderijen die, na te zijn behandeld, je weer in volle glorie laten genieten zoals de kunstenaar het heeft bedoeld.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Opvallend: bij de eerste spray ruik je vage, maar aangename echo’s van beroemde chypre-klassiekers: Mitsouko van Guerlain (1919) en Femme van Rochas (1945). Zelfs Aromatics Elixir (1971) komt om de hoek kijken.

Wel jammer: Niki de Saint Phalle onderscheidde zich vooral door één bloem: het afrikaantje met zijn eigenzinnige kruidige, aardse en toch zonnige parfum. Het stak met kop en schouders uit boven de andere typische chypre-bloemen: anjer, roos, ylang-ylang, jasmijn en iris gecombineerd met een typische ‘chypre-vrucht’: perzik. Het afrikaantje ruik ik in de aangepaste versie in geen velden of wegen. Toch blijft het chyprekarakter gewaarborgd door de link met bergamot (met munt en ‘groene noten’) in de opening met eikenmos (foto) en patchoeli in de basis die extra gelaagd wordt door sandelhout, amber, musk en leer. En, helaas, het laatste ingrediënt ruik je ook niet echt (meer).

RUIK & VERGELIJK

1982 is het laatste jaar waarin de klassieke chypre zo vanzelfsprekend werd gepresenteerd. En door consumenten zo vanzelfsprekend werd geaccepteerd. Daarna is het echt zoeken; en dan kom je uit bij Parfum de Peau (1986) van Claude Montana – inmiddels ook aangepast. Maar er gloort hoop, waarvan getuigt (hoewel minder klassiek ‘chyprerig’): de eerste geur van Bottega Veneta (2011).

Giorgio Armani Giorgio (1982)

Shisheido Nombre Noir (1982)

Gianni Versace Gianni Versace (1982)

REFLECTION MAN AMOUAGE

Geplaatst door Erik Maarten Jeroen Zwaga op november 17, 2011
Geplaatst in: GEURENALFABET R, NICHE. Een reactie plaatsen

EEN VOLLE HOUTGEUR. MACHO IS EN TOCH VERFIJND

Jaar van lancering: 2007

Laatst aangepast: 17/11/11

Neus: Lucas Sieuzac

Flaconontwerp: Asprey of London

Artistic direction: Christopher Chong

De lancering van Reflection Man (en Reflection Woman) viel samen met de make over van het in Oman in 1983 opgerichte parfumhuis. De reden? Raad eens? Natuurlijk om het merk internationaal beter op de kaart te zetten door een nog meer exclusieve uitstraling die in gang werd gezet door een nieuwe creatieve directeur: Christopher Chong. Dat had, merkwaardigerwijze, dan wel tot gevolg dan vanaf dat moment alle geuren in de collectie werden aangeboden in een gestroomlijnde standaardverpakking.

Het huis legt de bedoeling van de geur niet uit, behalve dat het ‘de belichaming is van verfijning’ en daarnaast ‘aangrijpend, ontroerend, hartveroverend’. Hoe origineel. En to top it off: ‘onderscheidend en mannelijk’. Dat laatste is boven alle twijfel verheven, zegt Amouage.

En klopt. Maar er is meer aan de hand, want Reflection Man is zo’n geur die je niet een, twee, drie bij iedere man ruikt. Daarvoor is Reflection Man te uitgesproken en ‘onmodern’. Want de geur is niet luchtig, valt buiten het standaardrepertoire van de laatste jaren in de ketenparfumerie: geen lichte citrus-houtige geur dus.

Ik heb niet vaak dat ik geuren associeer met kleur. Met Reflection Man wel. Ik denk aan grijs. Ik heb niet vaak dat ik geuren associeer met stof. Met Reflection Man wel. Ik denk aan het zuiverste scheerwol mogelijk die een beetje ruw gekamd is. Geen kasjmier, daarvoor is de geur te ‘stoer’. Ik heb niet vaak dat ik geuren associeer met een type man. Met Reflection Man wel. Een 40-plusser, klassiek pak, perfect verzorgd van teen tot top en met grijze slapen.

WAT RUIK IK EIGENLIJK?

Reflection Man is krachtig en dat heet dan meestal ook mannelijk. Maar het opvallende: het is niet cliché-mannelijk, daarvoor is de geur toch te verfijnd. Heeft Amouage toch nog gelijk. Althans als je deze omschrijving associeert met een volle geur die is als een dikke wolk waarin weinig lucht en transparantie zit door het ontbreken van een citrusopening.

Daardoor worden de kruiden – rozemarijn, rode peper en oranjebloesemblad (petitgrain) – in de opening ‘stroperig’, en hierdoor de bloemen in het hart (neroli, jasmijn, ylang-ylang, iris) donker en het hout in de basis warm en eveneens ‘stroperig’ – je voelt als het ware de essence van vetiver, patchoeli, sandel- en cederhout als balsem uit de nerven sijpelen (foto) die ondanks de sensuele en rokerig gepolijstheid toch een volle, bijna overrompelende indruk achterlaten.

RUIK & VERGELIJK

Qua houtsterkte en volheid, zeg maar vette houtgeur, moet ik erg denken aan:

Boucheron Jaîpur Homme Eau de Parfum (1999)

Victor & Rolf Antidote (2006)

Berichtennavigatie

← Oudere inzendingen
Nieuwere berichten →
  • Meest recente berichten

    • N° 64 PIERRE ROBERT 
    • SYNTHETIC NATURE FRÉDÉRIC MALLE
    • L’HOMME DE COEUR DIVINE 
    • MARIA CALLAS THE MERCHANT OF VENICE
    • OVER EEN ONTVOERDE KANARIE
    • LEEFTIJDSDISCRIMINATIE VERPLICHT?
    • NILA DOUCE ORENS
    • GEURVERSTERKERS BY SKINS 
    • DARK VINYL MUSK BOHOBOCO
    • GIFTIGE GEUREN
  • Archief

  • Categorieën

    • AANBIEDINGENBAK
    • ACHTERGROND
    • CELEB FRAGRANCES
    • ECO
    • EDUCATIE
    • ENTERTAINMENET
    • ENTERTAINMENT
    • GEUR IN DE MEDIA
    • GEURENALFABET A
    • GEURENALFABET B
    • GEURENALFABET C
    • GEURENALFABET CIJFERS
    • GEURENALFABET D
    • GEURENALFABET E
    • GEURENALFABET F
    • GEURENALFABET G
    • GEURENALFABET H
    • GEURENALFABET I
    • GEURENALFABET J
    • GEURENALFABET K
    • GEURENALFABET L
    • GEURENALFABET M
    • GEURENALFABET N
    • GEURENALFABET O
    • GEURENALFABET P
    • GEURENALFABET Q
    • GEURENALFABET R
    • GEURENALFABET S
    • GEURENALFABET T
    • GEURENALFABET U
    • GEURENALFABET V
    • GEURENALFABET W
    • GEURENALFABET X
    • GEURENALFABET Y
    • GEURENALFABET Z
    • IL GIARDINO PROFUMATO
    • IN MEMORIAN
    • INTERESSANTE EN TIJDLOZE COLUMNS VAN ERIK ZWAGA 2005
    • KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • KLASSIEKERS IN DE AANBIEDINGENBAK
    • KLASSIEKERS OPNIEUW GEROKEN
    • KLASSIEKERS VAN DE TOEKOMST
    • LIMITED EDITION
    • MASSNICHE
    • MASSTIGE
    • MOET JE ECHT RUIKEN
    • NEO NICHE
    • NICHE
    • NICHE IN DE PARFUMERIEKETEN
    • NIEUW! NIEUW! NIEUW!
    • NIEUWE KLASSIEKERS DIE JE GEROKEN MOET HEBBEN
    • NOSE JOB: PERFUMERS THAT MATTER(ED)
    • OPVALLEND PARFUMNIEUWS
    • OUDE FILMS MET PARFUMINFO
    • PARFUM = PARFUN
    • PARFUM IN DE MEDIA
    • PIEDESTAL POUR DES PARFUMS
    • PORTET
    • PORTRET
    • TAX FREE
    • TRENDANALYSE
    • TRENDS TOEGELICHT
    • Uncategorized
    • VINTAGE
    • WAT RUIK IK EIGENLIJK?
    • ZOU VERBODEN MOETEN WORDEN OF NIET?
  • Meta

    • Account maken
    • Inloggen
    • Berichten feed
    • Reacties feed
    • WordPress.com
Blog op WordPress.com.
GEURENGOEROE
Blog op WordPress.com.
  • Abonneren Geabonneerd
    • GEURENGOEROE
    • Voeg je bij 125 andere abonnees
    • Heb je al een WordPress.com-account? Nu inloggen.
    • GEURENGOEROE
    • Abonneren Geabonneerd
    • Aanmelden
    • Inloggen
    • Deze inhoud rapporteren
    • Site in de Reader weergeven
    • Beheer abonnementen
    • Deze balk inklappen

Reacties laden....