Lang geleden dat ik zó enthousiast was over een geur, terwijl die niet tot mijn favoriete familie hoort: de gourmand. Delizia Oscura van Calaj. Gelanceerd in 2023. Het was een van de geuren die www.parfumaria.com voor me had klaargezet tijdens een parfumborrel waarop ik een vriend had getrakteerd. Over het merk had Maria me al de oren van het hoofd gepraat. Dit was nou eens een iemand die schijt aan alles had, niet nadacht over trends, modes en consumentengevlei. Zijn eigen smaak, zijn leidraad. Kom daar nog maar eens om!
Zo hoor ik het graag, ware het niet dat zoiets al behoorlijk marketing klinkt. Nu weet ik weer wat me toch tegenhield toen ik voor het eerst van Calaj hoorde: de namen – inmiddels meer dan twintig – van sommige van zijn geuren: Carmen, Gym Rat, Panther Fangs. Zwevend tussen cliché en camp. Kennen we nu wel. Voor ik het vergeet: Flavius Calaj komt uit Roemenië en gezien de naam van een van zijn geuren al Transilvsania heet, zal het me niet verbazen dat Dracula binnenkort aan de beurt komt, gevolgd door Garlic Fangs (kan interessante geuren opleveren wanneer je je als neus erin verdiept).
Teleurstelling bij nader onderzoek: ik dacht – achternaam in het Roemeens betekent volgens GoogleTranslate verstikking – dat Calaj ook de neus was. Maar nee hoor, weer iemand – ook wel creatieve kracht genoemd – die backers van zijn parfumdroom weet te overtuigen en die neuzen nodig heeft om die te realiseren.
Zijn filosofie in een notendop: het omarmen van de schoonheid van de menselijke ziel, kunst en creativiteit, aan hen die de moed hebben om te creëren en iets moois te brengen in deze grijze wereld. Inderdaad gaapgaap.
Flavius Calaj
Neemt niet weg dat Delizia Oscura een verpletterende indruk maakt. Wel een nadeel: door het overheersen van koffie en chocolade, ontgaan je de andere versierders – eigen aan gourmandgeuren. Want de gebrande koffie lijkt versgemalen, de chocolade is in feite een poederregen van stoffige cacao waarin de bloemen – ylang-ylang, viooltje en lelietje-van-dalen die de geur lucht geven – lijken te verdrinken.
Ga je naar zijn site, dan neemt de teleurstelling toe. Alle ‘weetjes’ van de klassieke parfumerie passeren de revue. Zoals: ambachtelijk, limited editions, samenwerking met wereldberoemde parfumeurs, op de meest artistieke wijze gepersonaliseerd, handgemaakt, lokaal, de beste ingrediënten. Inderdaad gaapgaap.
Dat dan weer wel: de andere gourmandnoten – hazelnoot, ‘melk’, karamel, vanille – versterken het patisserie-gevoel. Maar zonder ‘Margriet-tuttig’ en ‘Libelle-lekker’ te worden. Ik ben wel heel benieuwd naar de musk die hier aangenaam opdringerig is. Kan ik dit geval alleen maar een hele ‘vieze’ zijn. Want, raar maar waar: ik kreeg af en toe een poppers-gevoel door de scherpe, bijna elektriserende, ‘rioolachtige’ en ‘achterbuurt’ ondertoon.
Een soort samenballen van donkere diep-animale musksoorten. Fascinerend. Verwarrend. Ik weet alleen niet of de geur is samengesteld door Miguel Matos, door Sophie Behaghel of door Camile Chemardin – de favorieten van Flavius Calaj. Geeft niet, al was het alleen maar om het feit dat de diep-donkere basis van Delizia Oscura 24 uur na sprayen op mijn linkermouw nog aangenaam aanwezig was.
In een van de vorige posts beloofd: een verkenning / onderzoek naar de relatie tussen Tiktok en parfum. Niet echt zin in, gezien de hysterie waarmee alles wordt aangeprezen op dit kippenhokportaal: ‘OMG!’ dit, ‘OMG’ dat, ‘amazing’ en ander nietszeggend geheig dat doorgaan moet gaan voor wat. Ja voor wat eigenlijk?
Kennisoverdracht? Informatieuitwisseling? Kweenie. Door de überdrijving is het niet makkelijk de geurbespreking van een influencer te laten zinken als het bij esclamaties blijft, en by the way: geuren omschrijven is niet echt makkelijk tenminste als je verder wilt gaan dan adjectieven in overdrive met denkbeeldige uitroeptekens in drievoud.
Is het dan alleen infotainment die verkooppraatjes koppelt aan commercie wat TikTok zo populair maakt? Dat zeker. Maar hoe dat nu precies werkt, is me nog onduidelijk. Ik bedoel: als, let wel, áls Chanel je als influencer een doos geuren toestuurt wat doe je dan? Na eerst ‘the unpacking’ – evenaart vaak de spanningsboog van porno inclusief gegil; ‘what’s behind the zipper?’ – volgen the usual suspects van superlatieven.
De pech / het toeval / het lot wilde dat ik via een artikel in van Perfumer & Flavorist (een onlinevakblad over ontwikkelingen en trends in parfum en smaak) op de hoogte werd gebracht van de parfumpremière van Michelle Visage. Afgaande op de bijgeleverde foto dacht ik: travestiet die zijn beste dagen heeft gehad en met loads of make-up nog een beste überversie van zichzelf poogt neer te zetten. Waardoor ik níet direct doorklikte: het bijschrift van de geur, genaamd Monday, anti vanilla.
Benieuwd. Leuk. Michelle Visage googelen. Staat van dienst: vijftignogwat televisiepersoonlijkheid, zangeres, broadcaster, producer en actrice.
Ik zat er niet ver naast, haar naam en faam dankt ze grotendeels aan Ru Pauls Dragrace Show – Visage zat/zit in de jury. Nu ik een keer: ‘OMG!’ Als er iemand is die ik niet kan waarderen dan is ‘zij’ het wel. Hou me ten goede: ik heb niets-nada-niente tegen travestieten – heb zelf ook wel eens gezongen als Marlene Dietrich, in smoking welteverstaan – maar dat xxxl-en van alles bij Ru Paul (vooral dat valse-bitchy verondersteld lollige afzeiken) bezorgt me the creeps.
‘Geurengoeroe, zit je in neerwaatse spiraal? Kan het niet wat optimistischer, zo van ‘Jeetje, fantastic, wat fijn dat iemand de moeite doet om parfum op huis-, tuin- en keukenniveau uit te leggen, het te doen ontdoen van zijn ‘onbereikbare’ status?’
Spijt me, lukt me niet: ik wil niet door zo’n perfume personality geadviseerd worden. Blijkbaar honderduizenden anderen wel. Want Michelle Visage’s laatste bijdrage aan het economisch bestel: perfumeinfluencer op TikTok met 557,7 K volgers en 5,1 miljoen likes. I bow to her!
Haar eerste geur wordt echter nog niet echt über-bejubeld door anderen: 468, 964 en 3607 likes zie ik in de snelligheid. De laatste ‘shower’ is van Arielle Shoshana, eigenaar van nicheparfumerie Scented Luxuries in Washington (anno 2015) die ook de producent van de geur is die valt in een serie die de dagen van de week vult. Voor elke dag een ander parfum – Wednesday en Thursday zijn nog niet ingevuld.
Ik dus naar Michelle Visage op TikTok. Het eerste filmpje dat ik aanklik gebeurt volgens mij in samenwerking met Penhaligon’s. Geblinddoekt haalt ze een stopper omhoog, op het plateautje ligt… ‘pistachios, my god I love pistachios’. Ze zegt, schreeuwt dat ‘pistachios fragrances just have to smell like that!’ Gôh, wat toevallig Penhaligon’s Fortuitous Finley loopt ‘fortuitous’ over van pistache. Dus vraag ik op z’n Keuringsdienstvanwaarde-wantrouwig: heeft dit merk (dat goedkoop meelift op dierenkoppen-trend ingezet door Zoologist) haar de zijden blinddoek (Hermès?) voor of na het zien van de nu zo hippe, maar steeds duurder wordende noten omgedaan? Anyway: 195.6k keer geliket.
Volgende filmpje. Geurengoeroe in zichzelf: ‘No, amazing, this can’t be true!’ TikTok deelt mee dat Michelle Visage is overleden. Zou het echt? Ik vraag Google. AI antwoordt: ‘No, she’s is not dead; she is actively working as a judge on RuPaul’s Drag Race and posting on her social media, with her latest posts from late 2025 promoting Season 18 of Drag Race. Rumors of her death are false, likely confused with tributes she’s made for others in the Drag Race family.’
Gewoon verder: ‘Hé, babies, mama is here!’ – ik wil niet zo aangesproken worden. Visage is bezig met haar favorite thing: smelling perfume. Dat wisten we nog niet. Wederom mogelijk gemaakt door Penhaligon’s. Zo interessant: ze ontdekte de winkel toen ze een keer in Londen was. Vervolgens na veel promotieparfumgepruttel eindigend met dat ze verliefd is op het merk en het ging kopen. Ze heeft er al tien! ‘It’s so unapologetically Brittish’ – blablabla. 8205 likes.
Nog eentje. Drie geuren van Lush (waarvan de flacons wel érg lijken op ByRedo). Sticky Dates gaat Visage blenden met Brazilian Crush van Cheirosa 71(een mist van gekaramelliseerde vanille & macadamia). Haar conclusie: ‘That’s so good, that’s so delicious!’ Gevolgd door: ‘What a smart girl I am’, omdat ze het in een spray-flacon weet te gieten. 105.5K likes. Maar ze was toch anti vanilla?
Omdat het uit journalistiek oogpunt ( ;->) echt moet: toch maar naar haar eigen TikTok-pagina. Even scrollen: op de kapstoel – terwijl vloeibare pancake rijkelijk over haar gezicht wordt gesmeerd – bespreekt ze een geur, meegebracht door haar hairdresser Stephen – ‘Where did you get them, the Scent Room?’ En toen was ze weg. In ieder geval niets gezegd over de geur.
Nog een keer. 2755 likes dit keer. Terwijl ze weer wordt verzorgd door in dit geval twee ervaren make-upartiesten – lachen en gillen met elkaar, she’s so involved with the hairdressers community! – vindt Michelle Visage dat er een lekker ruikt. ‘You smell so good! It smells horny. And you know what it is? Chanel Le lion.’
Nu thuis in haar perfume closet: omdat ze een gek is, zoals ze zelf zegt, koopt ze nog steeds geuren die niet lang houden. Zoals Nightclubbing 200ml van Céline. Sigaretten, sigaren, alochol. ‘I like smelling like I’ve been partying all the time. It’s one of my favorite fragances of all time’ – hoe lang is die rij die dan wel niet? Ik ga het niet rechercheren – ik zelf kan er ook wel 200 noemen als het moet.
Anyway, het moet haar van het hart: ‘There’s no sillage, there’s no stay. But I’m obsessed with it.’ Niemand ruikt het op haar, ook zo iets, maar ze is zo stom om telkens weer een flacon te kopen. Ondanks dat ze weet dat By he Fireplace en Jazz Club (Replica Margiela) misschien beter zijn – they seem cliché but they are two of my favorites – komt ze steeds terug bij Nightclubbing.
Nu een openbaring met 3417 likes: ‘I think I’m a closeted rose fan!’ De geur in kwestie: Reine de Nuit van ByRedo. ‘Which I love. It’s a rose bomb. It’s a weird thing, this is the shocker of the day: I don’t hate it. It’s a dark rose. I even sprayed it on myself. It’s actually gorgeous! If you’re a rose lover, this is for you. If you’re a rose hater, like me, I love this – mind blown!’
Ik wou bijna afhaken, tot dat Visage vertelt dat ze proefjes heeft besteld bij Lucky Scent en dat ze van sommige merken de hype niet begrijpt en dat ze van andere juist direct een flacon wil kopen. Maar vermoeiend vind ik het wel om het allemaal aan te horen. Uiteindelijk is alles geweldig, buitengwoon, marvelous, one of my favorites of all the time en ga zo maar. Drie op een dag. Max. En dat beschouw ik als straf.
De pech / het toeval / het lot: door haar volgend, kom ik ook andere hysterische parfumpromoters tegen die, hoewel in eerste instantie weerstand oproepend, toch soort van prikkelen. Ben benieuwd of ik ooit nog een serieuze analist zie die zonder opgeklopte slagroomvlokken, ‘über-stated’ make-up en glitterregens, kan vertellen waarom een geur goed is, en mocht die slecht zijn, dan ook. Nou, zo kan-ie wel weer.
Ik had een paar jaar geleden wat betalende klanten die ik adviseerde over geuren. Kwam erop neer dat ik voorstellen gaf wat betreft hun formules in ontwikkeling: beetje meer van dit, beetje minder van dat. Het waren veelal jonge entrepreneurs die, als je ze dieper in hun ziel keek, dollartekens in hun ogen kregen. Mee gestopt toen ik erachter kwam dat ze ‘uiteindelijk’ kopieën wilden van succesnummers in de parfumerie. WTF! Teleurgesteld? Nee, want origineel zijn de meeste beginners – en ook arrivés – niet bepaald; ze doen exact wat de prestigemerken sinds jaar en dag als vanzelfsprekend zijn gaan beschouwen: copycatten.
Zodra er een weer nieuw parfum van een concurrerend luxeconglomeraat in de schappen ligt, koopt een producent een flesje – ‘Is het voor een cadeautje?’ – en laat die analyseren in zijn laboratoria. In no time heeft hij de lijst van gebruikte ingrediënten. Blijkt de aankoop ‘un succès fou’ (dus ‘het cadeautje’ doet het mondiaal niet verkeerd), wordt een vergelijkbare – maar nèt niet-identieke kloon geprepareerd. Het door de marketingpiepeltjes – ‘Doe maar iets met een verboden liefde en die andere iets met een oude bibliotheek’ – goedgekeurde eindresultaat kan dan in licentie worden gegeven aan een merk dat vaak onder de paraplu van hetzelfde luxeconglomeraat valt, hopende op dito succes.
Klonen is niets nieuws: Tosca (1921) van Muelhens werd beschouwd als de huishoudsterversie Chanel N° 5 (1921). Het beroemdste nummer werd vaker geïmiteerd, niet alleen in naam maar nog vaker in geur. Legendarisch voorbeeld: Arpège (1927) van Lanvin. Coco Chanels reactie hierop: ‘Gekopieerd worden is de mooiste vorm van vlijerij’.
Yves Saint Laurents Rive Gauche (1971) leek verdacht veel op Rabanne’s Calandre (1969) – grappig: gemaakt door dezelfde neus. Iets verderop: in 1980 klaagde Edmond Roudnitska dat parfums ‘schandalig en meerdere malen worden gekopieerd zodra ze op de markt komen’. Een van de redenen waarom het op steeds grotere schaal gebeurde: in 1975 oordeelde het Franse Hof van Cassatie (het hoogste rechtscollege) dat parfum, in tegenstelling tot muziek of literatuur, niet het werk is van een menselijke geest en dus niet onder het auteursrecht valt. Het gevolg: welkom in de wereld van vrije handel en jatterij: ‘Dit is onze Opium, dit is onze L’Eau d’Issey, dit is onze Pleasures’. Een tijdje ook wel een ‘me too’-er genoemd in vakkringen.
Ondertussen werden op parfumscholen leerlingen braaf getraind om klassieke parfums te recreëren. Vergelijkbaar met kunstacademiestudenten die je nog sporadisch in musea oude meesters ziet kopiëren om zodoende ‘het geheim van de meester’ te ontdekken. Maar toen GCMS (Gas chromatography–mass spectrometry) verscheen, dat een parfum kan opsplitsen in geurmoleculen en aangeven in een grafiek, was ontcijferen kinderspel; zo kon de sleutel van een formule in elk flesje worden gevonden. Het opsluiten in een kluis van je composities, zoals Jacques Guerlain begin van de twintigste eeuw deed, had geen zin meer.
Deze kopiedrift had/heeft ook een nadeel: de prikkel nieuwe en originele werken te creëren neemt af. Interessant in dit opzicht: veel geuren van Tom Ford lijken heredities van bij het grote publiek niet bekende niche avant la lettre geuren. Bij Gucci had hij er al last van. Op weg naar de lancering van Gucci’s Envy for Men (1999) vroeg de importeur aan mij: ‘Hoe denk je dat die zal ruiken?’ Ik antwoord: ‘Als hij slim is, heeft hij zich laten inspireren door Jicky van Guerlain. Zij verbaasd: ‘Hoe weet jíj dat?’ Ik: ‘Tja… inlevingsvermogen’.
Neem je nog de moeite iets grensverleggend te maken dan staat de concurrentie direct klaar met een door GCMS geduide versie. M7 van Yves Saint Laurent bijvoorbeeld was het tijdens de lancering. Bedacht door dezelfde Ford die weliswaar op zijn beurt het idee had afgekeken van oudhparfums uit Arabië, denk Montale.
Deze parfumpiraterij vindt niet alleen tussen de luxehuizen plaats, ook merken zelf – Armani, Gucci, Guerlain, Givenchy noem maar op – blijven aan de lopende band variaties op eigen succesnummers maken – en deze kopieën van kopieën van kopieën durven ze soms ook nog limited editions te noemen.
Dus de geur met de meeste hitpotentie is nu een kloon van een topper waaraan je je eigen toeters en bellen toevoegt die twee doelen dient. Ten eerste: het dient als vijgenblad om het plagiaat te verbergen. Ten tweede: het geeft de koper een reden jouw versie van dezelfde basisformule te kopen in plaats van het origineel omdat je nieuw in de parfumerie bent.
De prijs speelt natuurlijk ook een rol en de naam die de originele versie na-aapt. Koop je the real stuff of een dupe (die je toch echt vaak van de echte kunt onderscheiden) van Baccarat Rouge 540 uit 2015 van Maison Francis Kurkdjian? Deze geur is een treffend voorbeeld dat het echt de spuigaten uitloopt wat bootlegs betreft.
Google je ‘dupes Baccarat Rouge 540’ dan volgen er tientallen namaakgeurensites – instapprijs van een GCMS-parfumplagiaatapparaat is $ 30,000 – die je voorstellen doen. Waar ze het allemaal over eens om zijn: Cloud van Ariana Grande (2018) die is goed. Monte Carlo van Noted Aromas schijnt ook niet verkeerd te zijn. Maar als kopiëren fout is, is Cloud dan minder erg dan Monte Carlo? Neem in je oordeel mee dat Noted Aromas het jatwerk ruiterlijk erkent, Grande niet.
Niet vergeten: de klones die Zara en Lidl de wereld braaf instuurt. Je hebt nu een dagtaak aan om alle neppers met de echters te vergelijken. Je struikelt op Youtube over kanalen van die zich erin verdiepen. Mijn advies: koop direct het origineel – tijd is geld.
Het gevolg van dit alles: de creativiteit wordt niet meer uitgedaagd – zie mijn artikel Overwegingen. Naast lef zijn ideeën noodzakelijk en die zijn moeilijk te vinden, iets wat blijkt uit het enorme hoeveelheid parfums dat in de aanbiedingenbak verdwijnt.
Ook de kwaliteit neemt ‘zienderogen’ af (dito). Geen nieuws natuurlijk voor wie voor vintageparfums kent; moderne parfums lijken hiermee vergeleken vaak deodorantversies. De jus zelf vormt een steeds kleiner onderdeel van het budget, nu gemiddeld 1 dollar op een budget van 100. De resterende miljoenen geeft de luxebranche uit liever uit aan promotie: neem de mallotige commercial van Miss Dior. Natalie Portman vraagt de kijker: ‘What would you do for love?’ ‘Bemoei je met je eigen zaken, moppie!’
De parfumindustrie is verslaafd aan celebs. Als ik nu de nieuwe uit de duim gezogen, marketing-storytelling van Lancôme’s Trésor hoor word ik bijna kwaad – ‘moven bitch’ verzin eens wat anders! Jeetje wat origineel: Penolope Cruz haalt – blablaba – jeugdherinneringen op aan de geur uit haar jeugd en bejubelt ondertussen in een andere reclame ook de voordelen van vliegtuigmaatschappij Emirates.
En dat terwijl er bijna niemand meer interesse heeft in dit soort storytelling, iets wat bij de grote spelers maar niet schijnt door te dringen. Het levert natuurlijk veel likes op, maar of het de verkoop daadwerkelijk omhoogstuwt blijft de vraag gezien bijna ieder ‘zichzelf respecterend’ merk om het seizoen wel een aankomend of gearriveerde ster inhuurt voor de promotie. Kate Moss is net 50 geworden, welk parfum is er dit jaar ook 50 jaar jong…
Moraal van het verhaal: het idee is niet om een goede geur te maken, het idee is om goed geld te verdienen. Ook al doe je het zo bescheiden mogelijk – de indruk die nieuwe nichehuizen graag willen wekken – je hebt toch echt een goede backer nodig die gelooft in je tienjarenplan en alleen met je in zee gaat als je een variatie op een parfumhuis levert. En die vind je nog steeds gezien de potentie die het financieel heeft.
Daarom respect voor de makers die geuren maken uit ware bezieling – de indie-parfumeurs over het algemeen. Zolang ze het meest geërodeerde begrip in lifestylekringen – passie – maar niet in hun promotiepraatjes hanteren.
Bij deze, zich ook maar alsmaar uitbreidende, groep lijkt geld slechts bijzaak, maar ondertussen zij zullen ook moeten onderkennen dat bezieling geen garantie is voor originaliteit en creativiteit: mallotige storytelling gaat ook een keer vervelen.
Daarnaast zijn ze over het algemeen afhankelijk van dezelfde ingrediënten. Voor je het weet ga je als klant – helemaal doorgedraaid van alles – weer op safe en koop je in plaats van de indie-geur, L’ambre trouvé dans une Poubelle, toch maar L’Eau Ambre Extrême van L’Artisan Parfumeur.
Het grootste compliment dat je nu kunt krijgen als parfumhuis is natuurlijk dat je níet wordt gekopieerd. Kan liggen aan het feit dat niemand je kent, of wilt leren kennen of je geuren niet begrepen worden of gewoon niet goed genoeg – Tiktokwaardig – zijn.
Het zal de komende tijd, gezien de geplande bezuinigingen op het onderwijs en cultuur, niet gebeuren. Maar zou toch leuk zijn: wekelijkse les in parfum voor het voortgezet/secundair onderwijs. Niet facultatief, maar verplicht, net zoals filosofie dat eigenlijk zou moeten zijn. Dit is geen toppunt van decadentie, want net zoals wijsbegeerte leer je je zelf – als het goed is – beter kennen door parfum. Introspectie. Handig voor later. Je wordt er in ieder geval een plezieriger mens door als je ‘ervoor openstaat’.
Ik heb hiervoor een bewijs dat ik regelmatig opvoer: een zwager oprecht geïnteresseerd in geuren (hij was een van weinigen die door mijn geschonken geuren vaak teruggaf en kon uitleggen waarom hij ze niet lekker vond). Met Gucci Pour Homme zaten we eindelijk in de goede richting; we kwamen erachter dat hij van leergeuren hield. Hij draagt nu onder meer Knize Ten, Cuir de Russie en Oud Leather. Sindsdien is hij een gelukkiger mens. ‘Ik doe het ’s ochtends op; ik voel me prettig. Als iedereen dat zou doen, dan zou de wereldvrede een stukje dichterbij zijn’. Een leuke gedachte.
Ik wil maar zeggen: bij echte interesse, verdiep in je in geuren net zoals je dat ook met je favoriete hobby doet. Onderzoek, afvragen, verzamelen – je wordt een gelukkiger mens. Zolang het nog niet klassikaal verplicht wordt gegeven, volg dan een ‘masterclass’ bij een parfumeur. Kristof Lefebre – opgeleid aan de ISIPCA is volgens mij een geschikte docent. Hij is de man achter het parfumhuis Miglot (anno 2020) – een ‘verfransing’ van ‘my glow’. Want dat is de bedoeling: dat je door zijn geuren gaat glimlachen (iets wat volgens mij de meeste geuren doen, mits je ze aangenaam vindt).
De oprichter
Ik kreeg via via een perspakketje van hem en heb me er onlangs in verdiept. Ondanks de soms clichébenadering van zijn metier – ‘onze maisons zijn plekken om te ‘landen’, om de hectiek van de stad en de beslommeringen van alledag even te vergeten en je door je neus en je hart te laten leiden’ – vielen me twee dingen op.
Ten eerste: hij is opgeleid als apotheker. Nu wil het toeval dat ik me in de geschiedenis van de apotheker als parfumeur aan het verdiepen ben. Ik lees bijvoorbeeld op www.musee.info dat ‘de basisprincipes van de kunsten afhankelijk zijn van de farmacie, zoals de kunst van het banketbakken en die van geurwaters en tafellikeuren’, aldus Antoine Baumé in Elementen van de Farmacie (1795).
Ten tweede: Lefebre’s benadering. Volgens hem wordt één op twee parfums in België niet gedragen (Miglot is een Belgisch parfumhuis met vestigingen in Gent en Antwerpen). In Nederland zal het niet veel anders zijn. Hoe komt dat? Ik denk onder andere: geuren worden nog te veel als cadeau-artikel gezien (ben ik geen voorstander van mits je hem/haar begeleid tijdens de zoektocht) zonder met de voorkeuren van de ontvanger rekening te houden. De reden volgens Lefebre: ‘Bij veel parfumhuizen is de reden van bestaan onduidelijk. Waarom maken ze parfum? Wat is hun drijfveer? Ze hebben afstandelijke logo’s, het kloppende hart zijn geldmachines (een bestaansreden volgens mij). Emoties hebben plaatsgemaakt voor lege marketingverhalen’.
Miglot doet het anders. Dus: geen afstand creëren tussen maker en drager van het parfum. Het ingrediënt: menselijkheid. Maison Miglot is een ‘plek waar Kristof met zijn team klanten persoonlijk en in huiselijke sfeer ontvangt voor een boeiende geurreis’. Lefebre ligt toe: ‘Bij het kiezen is empathie even belangrijk als vakmanschap. Klanten bieden we als het ware een wit canvas aan. En alles begint bij luisteren. Ik begrijp dat een parfum kiezen moeilijk is. Samen gaan we op zoek naar wat de klant raakt. In alle openheid en zonder hokjesdenken. We zijn nieuwsgierig en geven oprecht om hoe iemand zich voelt bij het dragen van een parfum’.
Miglot-winkel
Origineel: om de klant nog dichter bij het vak van parfumeur te brengen, heeft Lefebre een Insiders-programma: tweemaal per jaar worden vijf personen geselecteerd, die gedurende vijf maanden aan vijf projecten binnen Miglot werken – een soort ‘open keuken’ – om het merk beter te leren kennen. Van nicheparfumkenners tot studenten; elke deelnemer is betrokken en geeft input wat betreft nieuwe formules tot feedback rond de verpakking.
Nu naar de geuren: in het kennismakingspakketje zitten 17 samples begeleid met kaartjes met ingrediëntenvermelding en op de voorkant een ‘sturende’ stemmingsfoto, katoenen proeflapjes (om de geuren op te spuiten) en categorie (green woody, fougère spicy, floral natural, floral musc, aquatic floral woody, balsamic woody enz. enz).
Het is niet onmogelijk, maar ik ga alle 17 niet per stuk behandelen. Ik pak er lukraak wat voor een algemene indruk. Formula 07 Floral. Een allerlieflijke bloemengeur. De citrus-intro is ingehouden, de iris, jasmijn, lelietje-van-dalen gaan gelijk op en de afronding is zacht-zalvend richting oosters door amber, cederhout, tonkaboon. Formula 08 Green Woody springt er direct uit en tintelt: je ruikt de komkommer goed die wiegend door citrusnoten mooi samengaat met de groene thee in het hart. Als je heel goed ruikt neemt je de galbnum waar. Koriander zorgt voor een kruidig randje zonder dat dat echt invloed heeft op het cederhout in de basis – strak-zonnig; een mooie bodem voor het groene geheel.
In het begeleidend boekwerk wordt iets dieper op elke geur ingegaan. Storytelling heet dat dan. Cliché ja of nee?Formula 28 Spicy Woody: ‘hiermee toon je je sterkste kant dankzij de kracht van peper en karaktervolle houtsoorten’. Meer voor mij. Een mooi-droge kruidige donkerte direct in de opening: inderdaad een flinke shot zwarte peper besprenkeld met kruidnagel. Snel dringt het hout zich op: oudh, kasjmier en cederhout sensueel gemaakt door labdanum, musk en tonkaboon.
Tien uur later, ik ruik nog een vaag-aangename nasleep van bovengenoemde geuren. Geen cleane finish gelukkig. Nog drie te gaan. Formula 16 Floral Musk. In alle opzichten elegant en sereen – zoals de groen-bloemige geranium zich door de heldere witte bloemennoot vlecht. Mooi zoet ondertoontje. Misschien is hier de lotus voor verantwoordelijk – meestal een synthetisch component met een aquatisch-zoete toon. Beetje verstilde Japan tuin, bepoederde geisha-impressie. Lefebre ziet het zo: ‘Een parfum dat de wereld van ballet oproept, vol gedrevenheid en elegantie met een vleugje poeder’.
Next: Formula 03 Balsamic Woody. Intrigerende opening van kruidige en ‘actuele’ frisheid: bergamot, kamille, gember en salie. Zomerse impressie, wandeling door een weide vrij van pesticiden waar kruiden en bloemen vrij spel hebben. Vooral de kamille springt eruit. Mooi om te ruiken hoe de iris dit alles in zich opzuigt en en daarna de oriëntaalse noten hun spel laten spelen terwijl de kruidigheid naresoneert.
De laatste: ik stop mijn hand in het door Miglot geleverde zakje en haal er – dat is toevallig – het hoogste nummer uit de collectie eruit: Formula 65 Citrus Floral Woody. Valt tegen in de zin dat ik dacht dat alles van Miglot erin samenkomt. Ook afgaande op de ingrediënten die hier in een soort niets verdwijnen. Het effect: een monotoon eindeffect die richting ambiancegeur gaat.
Dat is geen leuke afsluiting. Nog een dan. En het is… Formula 32 Woody Fruity Floral. That’s better. Sprankelende opening met direct een exotische twist. Tropisch fruit (ik meen ‘iets’ van passiefruit en vijg te bespeuren) versterkt door Europees fruit: nectarine en perzik die garant voor een zoet voluptueus maar zijdezacht effect. Heerlijk die bloemencombi van frisse fresia en zoete roos. Harmoniëren elegant met de ‘tropicana’. De basis: stoer-zwoel zou ik willen zeggen. Contrasterende noten gaan goed samen in deze fruitige chypre: eikenmos, leder, patchoeli ‘versus’ amber, musk, sandel- en cederhout.
Kristof Lefebre omschrijft zijn assortiment als affordable luxury. Ik denk ook: veilige chic, want de geuren zijn niet spectaculair, hebben geen pats-boem-effect en schrikken niet af. Eerder intiem en comfortabel. Toch mis ik er een die uitspringt – misschien zit die wel in nummers die ik niet heb besproken. Een meer uitdagende geur als statement dat je met een leuk verhaal naar de andere geuren leidt in het assortiment. Misschien kunnen nieuwe deelnemers aan het Insidersprogramma met wat extremere voorstellen komen. Niet tegenstaande: ik vind het knap dat iemand het in deze overvolle, door marketing verpeste markt toch nog een plek, een niche weet te creëren die mensen aanspreekt. Lefebre als rustpunt voor mensen nieuwsgierig en leergierig naar geuren en die niet willen afgaan op de cliché-glamour, cliché-verleiding en cliché-aanstellerigheid waarmee parfum meestal is omringd.
EN: NIEUWE KLANT BETAALT GRAAG EXTRA VOOR MEER MIDDELMATIGHEID
Grenzenloos geurplezier bij Parfumerie Die Grenze
Ik ben omringd door geuren. Sinds de poliepen in mijn neus noemenswaardig zijn geslonken, ruik ik voor twee. Elke dag weer. Een genot. Wat was het een gemis. Alleen lijkt het erop dat mijn olfactieve aandacht meer aan het verschuiven is richting culinair. Onlangs pruttelden geraspte citroenschillen (voor marmelade) en ‘home grown’ tamme kastanjes (voor kastanje-jam) in de pan. Deze twee smaken gebruikte ik als laagjes voor mijn basis vegancake (ik leef samen met een veganist; on s’adapte) voor Oudjaar.
Er kwamen nog twee laagjes bij. Eén met zelfgemaakte ’home grown’ zoete vijgenpickle (op basis van jalapeño-peper) en een met door onze Oekraïnse alleshulp gemaakte pompoenjam (‘home grown’ as well) met sinaasappel. Hij smaakte voortreffelijk volgens de gasten, maar ik dacht bij deze zoet-gepeperde fruitexplosie: kan altijd nog een dekkende laag cranberry’s bij (vergeten te koken tijdens de Kerst).
Marmelade, zoete kastanje, vijg, peper, pompoen, sinaasappel en cranberry ondersteund door een klodder met vanille geïnjecteerde musk en je krijgt, voor je het weet, een verdomde originele kijk op een geurende gourmand – werktitel, laten we gek doen: Grandma’s Failed Christmas Pudding. Kan ‘zomaar’ een parfumprijs kan winnen van een blog, een krant, vereniging, influencer of een door onbekende krachten aangestuurde kunstmatige intelligentie.
Laten we wel wezen: de wereld is in de war, de commercie is in de war, de luxe-industrie is in de war en de parfumindustrie is dat al veel langer. En net zoals bij zoveel menselijke activiteiten, keert ook deze in een verontrustende staat van ontkenning. Zou het komen doordat parfum ‘door de jaren heen’ een boodschap van positivisme, vreugde, blijdschap en (niet te vergeten) liefde heeft verkondigd, dat het daardoor geen rekening hoeft te houden, rekenschap hoeft af te leggen met klimaatverandering, voetafdrukken en ander door de mensheid veroorzaakt onheil… ‘Nee hè, pakken ze dit nu ook al van ons af!’ En: het is zo handig als Moeder- en Vaderdagscadeau!
Beyoncé CéLumière
Fascinerend: veel parfumbrands manifesteren zich als wereldverbeteraars en do-gooders die louter plezier brengen in dit aardse tranendal terwijl ze – klein of groot – toch onderdeel zijn van de mondiale marketingmachine met slechts een doel in het vizier: omzet. Niet erg. Het drijft de mens. Alleen: waarom verdrinken we in me too-ers (hoeveel nieuwe visies op een fruitgeur kan men verwerken) en worden deze als revolutionaire visies gepresenteerd. Er wordt zoveel (online) onzin verteld – onder het mom van storytelling – louter om de verkoop.
Neem deze: www.parfumerie.nl vertelt dat Blonde Amber (2022) van Clive Christian (onderdeel van de Noble Collection afdeling XXL Art Deco) maar liefst 219 zeldzame ingrediënten bevat. We gaan het rijtje af: rum, wierook, bittere sinaasappel, kardemom, roze peper, gember, bergamot, grapefruit, gedroogd fruit, witte tabak, sandelhout, tuberoos, saffraan, osmanthus, iris, jasmijn, tonkaboon, mirre, vanille, labdanum, patchoeli, ceder, musk en vetiver. En dan moeten de 219 zeldzame ingrediënten nog blijkbaar komen…
www.parfumerie.nl neemt deze toegestuurde facts & figures (allemaal in het Engels tegenwoordig; ook niet erg) voor lief en denkt dat het allemaal wel goed zal zijn; het komt per slotte van rekening van een chic merk. Verbeteren en/of becommentariëren helpt niet (meer). Er wordt zelden gereageerd door potentiële klanten of de verkopende partij negeert het of lacht het uit onwetendheid weg: ‘Die maar doen dan?’
Dieptepunt vorig jaar in deze was voor mij het duidelijk door AI geschreven persbericht van Diors j’adore waarin Rihanna als ambassadrice werd gepresenteerd. De keuze voor haar is ‘bedenkelijk’ – zij draagt niets van de ‘waarden’ van het couturehuis uit tijdens de promoclip: slecht lopend door ik neem aan de Spiegelzaal van Versailles gekleed in gouden feestwinkel-couture. Waarom? Alle merken zijn druk ik de weer om de afro Americans olfactorisch in hun tuintje te harken. Helemaal nu Beyoncé die, na de bagger die bij Coty onder haam naam verscheen, een serieuze parfumcomeback wil maken. Best wel met een moeilijke naam Cé Lumière. Echt wel: ‘gemaakt in Frankrijk omhuld door kunst, en vervaardigd en ontworpen door de zangeres’ herself in een art deco geïnspireerde flacon. Gelukkig pittig geprijsd: 50ml 160,00 dollar. Gôh, wat origineel er is inmiddels ook een donkere versie: Cé Noir. Geurengoeroe waar maak je je druk om? Het is maar een lekker luchie.
J’adore Rihanna
Iets anders: ik las onlangs een artikel in The New York Times dat beschreef dat de luxsector zijn reputatie niet meer waarmaakt (inclusief Dior). Kort door de bocht: verhoogde prijzen (tassen van Chanel bijna verdubbeld) tegenoven verlaagde kwaliteitsnormen (grappige bijwerking: fake is bijna niet meer te onderscheiden van echt) met het gevolg dat tassen en andere lederwaren, en dry only clean-kleren steeds vaker gerepareerd moeten. Alleen: eigenaren van ‘gouden scharen’ en ‘hakkenbars’ vinden vaak geen opvolgers: dus wat doe je dan? Ik kan het beamen: afgelopen zomer wou ik mijn veel gedragen Gucci’s (loafers 30 jaar geleden – ‘toen kwaliteit nog vanzelfsprekend was’ – gekocht in de opruiming in de PC Hooftstraat) voor de tweede keer in hun bestaan laten verzolen. Goddomme, blijkt mijn vaste adres in de Jordaan zijn deuren te hebben gesloten. Geen opvolger in de familie, geen vervanging gevonden.
Terug naar de ‘normvervaging’. Die vindt ook al lang in de parfumsector plaats. Ik werd me er van de week weer van bewust. Ik was in Coevorden in Die Grenze – winkelketen gespecialiseerd in ‘over de datum’-producten. Daar eindigen ook geuren die zelfs op onderste plank bij Etos en D.A. geen indruk meer maken. Zoals de zoveelste remake van Grès’ Cabochard: 100 ml € 7,95. Tester weliswaar maar toch. Ik rook eraan en het leek wel een deodorantversie.
Dat viel me des te meer op omdat ik een tijdje geleden ook een vintage parfumextract van dezelfde geur op de kop had getikt: een donkere chypre-bom die onder je neus explodeert. Niets proefpanels, marketingplanning, puur inspiratie, puur parfum. Maar terwijl de ‘deodorantversie’ op mijn polsen zijn werk bleef doen op weg naar huis, viel me iets anders op: zelfs deze verwaterde versie – voor mijn gevoel een mix van vage patchoeli, vage amber en vage musk – zou nu ook als niche kunnen worden verkocht.
Want: een ‘nieuwe’ generatie gebruikers herkent de essentie van een goed parfum niet meer en neemt door marketing en slimme pr-campagnes alles voor waar aan. Het maakt ook niet uit. Is het duur is, dan is het lekker. Na het horloge is het bij veel mannen een show off-accessoire geworden. En de producenten voelen dat aan: de prijzen in de (niche)parfumerie zijn stijgende. Een goed voorbeeld Parfums De Marly. Opgericht in 2009. Doet minder moeilijk en elitair dan Amouage, maar het zijn duidelijk presente geuren. Inmiddels meer dan 40. De meest recente: Perseus uit 2024: € 200.00 (75ml), € 265.00 (125ml).
Ingrediëntengraadmeter
Een van de excuses, behalve winstoogmerk: de alsmaar duurder wordende ingrediënten en grondstoffen. Geloof jij het? Ik heb alleen nog nergens gelezen dat door de verandering van het klimaat door wateroverlast of droogte, de oogst van populaire ingrediënten dramatisch is afgenomen (plus het feit dat 80 procent synthetisch wordt vervaardigd). Ik volg wat kleine parfumproducenten in India, en die hoor ik nooit klagen over misoogsten en meer parfumpech onderweg. Wat wel interessant is: veel parfums die nu worden gemaakt (ook niche) bestaan uit ingrediënten die eigenlijk het minst duur zijn en dat er – ook bij niche – minder wordt geëxperimenteerd. Dat blijkt uit een onderzoek (zie grafiek) van Fitz Chao Li (data en fragrance nerd op LinkedIn) over de populariteit van ingrediënten door de jaren heen. De parfumblogger – a hundred million bottles – trekt hier uit de conclusie dat ‘we leven in het tijdperk van de flanker, waarin herhalingen van beproefde formules de voorkeur krijgen boven nieuwe ideeën’. Onder andere namen schijnen er al 37 versions van La vie est belle in omloop te zijn. De dupes – mijn favo fragrances nu – niet eens meegerekend.
Ik sluit me hierbij aan. Alleen, niet zeuren, zo werkt de huidige markt nu eenmaal. Ik wil alleen aan toevoegen dat we ons zo langzamerhand moeten gaan realiseren dat de creativiteit aan het einde van zijn latijn is, want het aantal ingrediënten en de daarmee gemaakte combinaties niet oneindig. Elk parfum is een variatie op een thema, dat afhankelijk van een onverwachte combinatie op het juiste moment – ‘het hing in de lucht’ – een gevoelige snaar weet te raken (meestal niet). Eerst bij een kleine groep, dan langzaam doorsijpelend naar de massa.
Veel wordt er verwacht van AI, maar ik denk dat die ons wat creativiteit betreft niet echt kan helpen. Die mag dan sneller zijn in zijn voorstellen voor nieuwe geuren, maar loopt uiteindelijk tegen toch dezelfde grenzen op. Dat blijkt wel uit de kunst die AI tot nu toe heeft gegenereerd: more of the same.
Chyprevogeltje op basis van schetsen van Leonardo da Vinci
Stel je stapt Het Louvre in Parijs binnen om gebruiksvoorwerpen uit de Renaissance te bekijken. Je verbaast je over het vakmanschap, de inventiviteit, de juiste verhouding, de perfect kleurstelling, de ‘toch wel’ overdaad en meer van dit soort kwaliteiten. Wat ik me de laatste tijd vaker afvraag: waren er – toen deze artefacts werden gemaakt en gebruikt – ook mensen zoals nu uit het alternatief-progressief vooruitstrevende circuit, die niet onder de indruk waren en het allemaal te veel blingbling, overdreven en nouveau riche vonden?
Want wat wel eens wordt vergeten: ‘oude spullen’ waardig genoeg om toe te voegen aan museumcollecties, hoeven per se niet alleen bewonderd te worden. Hoewel dat door de imposante presentatie (less is more kan ook intimiderend werken) bijna onmogelijk. Wat we nu mooi, grensverleggend ‘voor die tijd’ of van deze tijd vinden, kan over honderd jaar liggen te verstoffen in museumkelders.
Deze overwegingen heb ik bij het zien van het ‘Chypre-vogeltje’. Waren er toen mensen die het maar opzichtige kitsch en uitermate decadent vonden? Anno 2024 denk ik: wat een vakmanschap, inventiviteit, wat een plezier en genot. Bij de eerste aanblik daalde terstond over mij een (geparfumeerde) wolk neder vol van gelukzalige tevredenheid.
Schets van Leonardo da Vinci
Maar dit bungelde ook tegelijkertijd door mijn gedachten: ondanks oorlogen, natuurrampen, akelige ziekten en ander trammelant, bestaat bij de mens de behoefte het dagelijkse te ontstijgen, zich te omringen met dingen die het leven veraangenamen, de fantasie prikkelen en je een blik gunnen op een ‘betere wereld’, een soort van paradijs binnen handbereik.
Dit escapismegevoel valt lately steeds vaker neer op mijn gemoed, met name nu als je ziet hoe stuitende rijkdom zich schaamteloos manifesteert. Tiktok geeft, als je ernaar zoekt, een hallucinante tip van deze met diamanten en parels hand bestikte sluier.
Het Chypre-vogeltje heeft geen link met de gelijknamige parfumformule. Het is, een assemblage van gegoten, geparfumeerde harsen in de vorm van een vogel die werd verbrand in een vaak rijk uitgevoerde vogelkooi die diende als ‘wierookvat’. Deze gekooide vogel symboliseert de deugden van de liefde en met het vermogen zieken te genezen met zijn blik.
De vogel op de begeleidende foto’s is ontworpen door – nu volgt een cliché; in dit geval wel passend gezien de naam van de maker – niemand minder dan Leonardo da Vinci waarvan de originele schetsen zich bevinden in de Codex Atlanticus. De bolvormige kooi kon in het interieur worden geplaatst, maar afhankelijk van de grootte, ook aan een ceintuur worden bevestigd.
De Vinci is trouwens niet uitvinder van deze geurdiffuser avant la lettre – het duikt eind Middeleeuwen begin Renaissance voor het eerst op. De oorsprong van de naam met betrekking tot parfum gaat nog verder terug: in de 14e eeuw werd de naam Chypre voor het eerst aan een parfum gegeven, bestaande labdanum, storax, en kalmoes vermengd met tragacanth (gedroogde gom, denk: mastiek) en daarna gegoten in de vorm van een vogel.
Waarom ontwierp Da Vinci het Chyprevogeltje? Nu betreden we het gebied van wishful thinking. Afgaande op de tentoonstelling ‘Léonard de Vinci et les parfums à la Renaissance’ – dit jaar te zien in Chateau du Clos Lucé (voormalige koninklijke zomerresidentie in de Loirestreek) waar deze l’uomo universalis van 1516 tot aan zijn dood in 1519 op uitnodiging van Francois I verbleef, was zijn moeder de reden.
Hij wou hiermee de wereld die zij als jonge vrouw had moeten verlaten, weer oproepen. Zit namelijk zo: oorspronkelijk afkomstig uit Circassia (regio ten westen van de Zwarte Zee), werd Caterina (voornaam moeder) ontvoerd en vervolgens als slaaf verkocht in Constantinopel. Ze kwam in Venetië en uiteindelijk Florence terecht, waar ze als vrijgelaten slaaf Leonardo’s vader ontmoette.
Rondom deze gedwongen reis werd een hele tentoonstelling opgetuigd. Verschillende thematische zalen tonen de handelscontacten tussen Constantinopel en met wat nu Italië heet…. Ik heb het niet bezocht, maar ik lees op de site: ‘Een multi-sensorische, reuk- en meeslepende reis naar de wereld van parfums en de historische reis van twee elkaar kruisende lotsbestemmingen, die van Leonardo da Vinci en zijn moeder. De tentoonstelling onderzoekt Leonardo’s interesse in parfums en het culturele erfgoed van Caterina’. Ik bespeur wat vleugjes woke versterkt door ‘in het eerste deel van de expo volg je de route van oosterse parfums van Constantinopel naar Venetië en Genua – identiek aan die van slaven’.
Dit wist ik niet: Leonardo da Vinci had een grote belangstelling voor geuren en parfums. Uit zijn geschriften blijkt de fascinatie voor ‘de wetenschap achter de reuk’ en zijn idee een wetenschap te ontwikkelen gelijkwaardig aan die van het zicht of het gehoor. Hij noteert recepten op basis van enfleurage, maceratie en destillatie. Voor een nader niet toegelicht ‘innovatief reukapparaat’ had hij verschillende composities: ‘Leg schilloze amandel tussen bloemens van oranjebloesem, jasmijn, liguster of andere geurige bloemen’. Of: ‘Verwijder de schil die de sinaasappel bedekt, destilleer het in een ketel totdat kan worden gezegd dat het extract perfect is’.
Veel van de voor de chyprevogeltjes noodzakelijke ‘klassieke’ ingrediënten – civet, ambergrijs, musk, wierook, mirre, hysop en specerijen (kaneel, peper, nootmuskaat) – vonden in de dogestad hun bestemming als laatste aanlegplaats van de Zijderoute. Maar ook de zogenaamde ‘Cypriotische poeders’ werden geïmporteerd: korstmossen voorkomend op bepaalde bomen als eiken, ceder en spar. Die poeders werden ook gestopt in geurzakjes om linnengoed, kleding, accessoires (handschoenen) in kisten opgeslagen te parfumeren. Zelfs paarden werden er mee besproeid wanneer hun (vanzelfsprekend rijke) eigenaren (vaak eveneens besproeid met) op bezoek gingen bij al even rijke zakenrelaties en familie.
En toen dacht ik: ‘Mooi, het verhaal zit erop’. Maar wat verder rechercherend, ging er nog een andere wereld voor me open – tweet, tweet, tweet. Cliffhanger: het Chyprevogeltje heeft zijn oorsprong in… Cyprus. Wordt vervolgd.