TWEE SLANGEN, DUS TWEE KEER ZO VERLEIDELIJK
Jaar van lancering: 1982
Laatst aangepast: 18/11/11
Neus: onbekend
Flaconontwerp: (inderdaad) Niki de Saint Phalle
Niki de Saint Phalle (1930-2002) is een van de eerste kunstenaars die haar naam koppelde aan een parfum. En wat voor een! Na haar volgden in 1984 Paloma Picasso (ook kunstenaar, toch?), in 1986 de toen meer op sterven na dood zijnde Salvador Dali en Catherine Deneuve (toch ook?) hetzelfde jaar.
Maar waarom werd Niki de Saint Phalle ook al weer beroemd? Niet door haar eerste werken in de jaren vijftig: ‘agressieve collages’ gemaakt van gevonden voorwerpen zoals geweren en pistolen. Wel door haar ‘Nana’s’, enorme, felgekleurde en vrolijke ‘oervrouw’-figuren in polyester die in de jaren zestig en zeventig in heel wat steden werden onthuld. Zelfs een soort themaparkje avant la lettre verscheen er van haar hand.
En met haar tweede echtgenoot, kunstenaar Jean Tinguely (1925-1991), ontwierp ze ook prachtige fonteinen. Een daarvan, bij het Centre Pompidou in Parijs, wordt nog steeds jaarlijks door miljoenen toeristen gefotografeerd. En terecht: wat een ‘deus ex machina’ vrolijkheid! Haar eerste (en enige) parfum werd, in tegenstelling tot de eerste geuren van Armani en Versace hetzelfde jaar, zonder veel toeters en bellen gelanceerd. Maar deze, zeg maar niche-introductie avant la lettre werd wel opgemerkt omdat… zie de flacon en het wordt direct duidelijk. Pure inspiratie ging hier voor marketing.
Wat ik me herinner is dat De Saint Phalle met deze geur terug wou gaan naar het oeridee van de oerliefde van de oerverleiding. En daarom, ze was toch een kunstenaar, nam ze geen genoegen nam met slechts één slang die Eva verleidde om van de verboden vrucht in het paradijs te eten. Ze vond dat Adam ook recht had op zijn eigen fatale vrucht – leve de emancipatie – en dat betekende volgens haar dubbel genieten van elkaar. En haar Adam en Eva werden zich door het proeven van de appel in het hof van Eden ook bewust van hun naaktheid, maar schaamden zich er niet voor – lekker juist! Deden de ‘echte’ Adam en Eva wel als je het oude testament moet geloven.
Wanneer precies weet ik niet meer, maar er verscheen ook een variatie, getiteld Zodiac Eau Defendue: vijftien flacons ieder beschilderd met een teken uit de dierenriem plus drie ‘extra’ tekens – paard, kat, vogel – die Niki de Saint Phalle als haar ‘beschermdieren’ zag.
Moet me wel van het hart, en ik geloof dat Niki de Saint Phalle zich bij me zou aansluiten, dat het parfum wel zijn ‘oerverleiding’ heeft verloren. Dat wil zeggen: de versie die nu wordt aangeboden is een ‘door-de-jaren-heen-steeds-meer-verwarde-en-verwaaide’-geur geworden. De krachtige signatuur is verdwenen. Wat resteert is een aangename bloemige chypre-cologne in plaats van een chypreparfum.
Ik ben daarom ook voor de oprichting van een parfum puur-club die zich als doel stelt weer te mogen genieten van de originele versies van klassiekers die je als ware geurengek gewoon geroken moet hebben.
Moet toch mogelijk zijn? Zie het als een luchtige versie op de restauratie van beroemde schilderijen die, na te zijn behandeld, je weer in volle glorie laten genieten zoals de kunstenaar het heeft bedoeld.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Opvallend: bij de eerste spray ruik je vage, maar aangename echo’s van beroemde chypre-klassiekers: Mitsouko van Guerlain (1919) en Femme van Rochas (1945). Zelfs Aromatics Elixir (1971) komt om de hoek kijken.
Wel jammer: Niki de Saint Phalle onderscheidde zich vooral door één bloem: het afrikaantje met zijn eigenzinnige kruidige, aardse en toch zonnige parfum. Het stak met kop en schouders uit boven de andere typische chypre-bloemen: anjer, roos, ylang-ylang, jasmijn en iris gecombineerd met een typische ‘chypre-vrucht’: perzik. Het afrikaantje ruik ik in de aangepaste versie in geen velden of wegen. Toch blijft het chyprekarakter gewaarborgd door de link met bergamot (met munt en ‘groene noten’) in de opening met eikenmos (foto) en patchoeli in de basis die extra gelaagd wordt door sandelhout, amber, musk en leer. En, helaas, het laatste ingrediënt ruik je ook niet echt (meer).
RUIK & VERGELIJK
1982 is het laatste jaar waarin de klassieke chypre zo vanzelfsprekend werd gepresenteerd. En door consumenten zo vanzelfsprekend werd geaccepteerd. Daarna is het echt zoeken; en dan kom je uit bij Parfum de Peau (1986) van Claude Montana – inmiddels ook aangepast. Maar er gloort hoop, waarvan getuigt (hoewel minder klassiek ‘chyprerig’): de eerste geur van Bottega Veneta (2011).
Giorgio Armani Giorgio (1982)
Shisheido Nombre Noir (1982)
Gianni Versace Gianni Versace (1982)

