DE MAN DIE NEE ZEGT TEGEN HUGO BOSS-GEUREN
EEN COLOGNE DIE ZIJN TIJD VER VOORUIT IS
Jaar van lancering: 2001
Laatst bijgewerkt: 29/01/13
Neus: Jean Marc Chaillan, Pierre Wargyne
Model: Charles Shumann
Art director: Werner Baldessarini
Mannen op de hoogte van wat er in al zo ‘in de mode’ gebeurt, weten dat Baldessarini de luxelijn is van Hugo Boss. Genoemd naar de achternaam van de ontwerper die Hugo Boss in de loop der jaren heeft ontdaan van het ‘brede-schouder-zakenman-makelaar-jaren-tachtig’-imago en ontwikkelde tot lifestylebrand met kosmopolitische uitstraling.
Baldessarini – hier volgt een persberichtcitaat – ‘staat voor de passie voor de mooie dingen van het leven, dat zich uit in een verfijnde collectie waarin alleen met de mooiste materialen wordt gewerkt en de beste kleermakerstechnieken worden toegepast’. Om te onderstrepen dat Baldessarini zich onderscheidt van de andere Boss-lijnen wordt de collectie gepromoot door Charles Shumann.
Weet je wel (of niet) die gerimpelde, toen al duidelijk niet meer piepjonge eigenaar van een hippe, door nog hippere mensen bezochte bar in München – waar dan ook de lancering van Baldessarini plaatsvond. Een keer wat anders dan al die jonge en iets oudere broekies. De flacon is een moderne interpretatie van een eau de cologne-flacon – de inhoud trouwens ook – die Werner Baldessarini tijdens een verblijf in Singapore vond. Vooral de navulbare luxe-editerie is helemaal in lijn met de exclusieve uitstraling van Baldessarini: in een leren coffret zit een flacon uitgevoerd in zwaar zilverachtig metaal.
WAT RUIK IK EIGENLIJK?
Hoewel omschreven als cologne is Baldessarini geen fris en onschuldig watertje, maar een volwassen, aardse en kruidige geur met karakter. Je zou het een intense cologne kunnen noemen. Achteraf gezien kun je stellen dat de geur zijn tijd ver vooruit was, hoewel dat in parfumkringen een zeer relatief begrip is. Pas sinds een paar jaar is ook de cologne door de massaconsument ontdekt, zij het nog steeds mondjesmaat. Vroeger voor jan en alleman, heeft cologne nu nog steeds een nichetoets.
De opening is traditioneel fris: bittere sinaasappel en mandarijn gecombineerd met een moderne groene noot: munt (foto). Het hart toont eveneens aan dat het een ‘zijn-tijd-ver-vooruit’-geur is door de ruime hoeveelheid komijn (met zijn stroeve en droge noot nog steeds een ‘niche’-kruid) versterkt door kruidnagel en de patchoeli-bloem (maar scheidt die een geur af we asked ourselves?). De afronding is vol van hout (sandelhout, ‘Canadese hars’, patchoeli) verzacht door amber en musk, vermannelijkt door tabak. Mooi gedaan en met een heel natuurlijk effect. In 2003 lanceert Hugo Boss een intensere versie waarin de nadruk op de basistonen ligt.
RUIK & VERGELIJK
Dit schreef ik in 2001: na een golf van water- en ozongeuren gaan mannen weer dieper en warmer ruiken. Wat opvalt: de vaak intense en houtachtige basis. Bewijzen ook in hetzelfde jaar verschenen geuren, waarvan er trouwens geen enkele is uitgegroeid tot nieuwe klassieker:
Chaumet Homme (2001)
Escada Sentiment for Men (2001)
Givenchy Pour Homme (2001)
Lancôme Miracle pour Homme (2001)
Helmut Lang Cuiron (2001)
Van Cleef & Arpels Zanzibar (2001)
Nina Ricci Mémoire d’Homme (2001)
Yves Saint Laurent M7 (2001)

